5. Bijlage 3 Raadsbesluit sturingsfilosofie adviesrecht en participatie
Tekst van het document
k Kenmerk 146003
Agendapunt 5e De raad der gemeente Soest; gelezen het voorstel van de raadswerkgroep Omgevingswet d.d. 17 januari 2022;
b e s I u i t:
1.
2.
Als raad meer in de geest van de Omgevingswet te gaan sturen waardoor we meer ruimte bieden voor initiatief, maatwerk en participatie maar daarbij ook vanuit de raad waar nodig en wenselijk blijven sturen op ruimtelijke kwaliteit. De lijst van situaties waarbij bindend adviesrecht van de raad geldt vast te stellen en in werking te laten treden op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt;
Soort Ontwikkeling
Norm
Gemeentebreed geldende normering voor situaties waarvoor adviesrecht
geldt1
Het omvormen van recreatiewoningen voor permanente bewoning_____
Vanaf 1 woning
2.
Het plaatsen van antenne-installaties______________________________
Hoger dan 40 meter
3.
Het plaatsen van windmolens die niet passen binnen vastgesteld beleid (zoals het Uitnodigingskader grootschalige opwekking)._______________
Hoger dan 25 meter
4.
Het aanleggen van zonnevelden die niet passen binnen vastgesteld beleid
Groter dan 50m2________________________
5.
Vestigen of uitbreiden van bedrijfsactiviteiten naar een hogere milieucategorie
Indien de aard en invloed op de omgeving niet vergelijkbaar is met de in het Omgevingsplan rechtstreeks toegelaten bedrijfsactiviteiten.
6.
Bouwhoogte2__________________________________________________ a)
Het nieuwbouwen van hoofdgebouwen voor niet-woonfuncties
Hoger dan 13 meter
(zoals bijvoorbeeld bedrijfsgebouwen op bedrijventerreinen) b)
Het verhogen van hoofdgebouwen voor niet-woonfuncties
Uitbreiding van de bouwhoogte hoger dan de maximaal toegelaten bouwhoogte (maximale bouwhoogte + 10% afwijking) in het
Omgevingsplan.___________________________
c)
Bouwen/verhogen van grondgebonden woningen
Bij nieuwbouw van grondgebonden woningen die uit meer dan 3 bovengrondse bouwlagen
bestaan. En bij het verhogen van grondgebonden woningen boven de 3e
bovengrondse bouwlaag.___________________ d)
Bouwen/verhogen van woongebouwen (zoals appartementen)
Bij nieuwbouw van woongebouwen die uit meer dan 4 bovengrondse bouwlagen bestaan. En bij
het verhogen van woongebouwen boven de 4e bovengrondse bouwlaag.
1 Tijdelijke voorzieningen (met een vergunning voor maximaal 10 jaar) vallen niet onder het adviesrecht omdat deze onder de huidige wetgeving ook al met een vergunning door B en W kunnen worden geregeld. Uitzondering hierop is het bouwen van nieuwe tijdelijke woningen conform de normering in bovenstaande tabel (12 woningen of meer in stedelijk gebied en meer dan 1 in het buitengebied). 2 Met verhogen onder deze categorie wordt het verhogen met een bouwlaag op (een deel van) het gebouw bedoeld. Het verhogen van het dak voor bijvoorbeeld isolatie, het plaatsen van een schoorsteen, technische installatie of lifthuis valt hier niet onder.
Normering voor adviesrecht over ontwikkelingen binnen stedelük gebied3 7
Het bouwen van (tijdelijke en permanente) woningen in stedelijk gebied Transformeren van bestaande panden valt hier niet onder omdat dit onder de huidige regelgeving veelal al een bevoegdheid is van het college van B en W.___________________________________________________
12 woningen of meer
8
Aanleg of uitbreiding van infrastructurele of openbare voorziening binnen stedelijk gebied (bijvoorbeeld toiletgebouw, NUTS, parkeerplek)
Groter dan 150m2
9
Het wijzigen van gebruik van gronden al dan niet met oprichten van
Hoofdgebouwen groter dan 50m2 en wijziging
nieuwe hoofdgebouwen voor niet-woonfuncties binnen stedelijk gebied (denk bijvoorbeeld aan bedrijfsmatige en maatschappelijke functies)
grondgebruik groter dan 150m2
Normering voor adviesrecht over ontwikkelingen buiten stedelijk gebied 10
Het bouwen van (tijdelijke en permanente) woningen buiten stedelijk
Meer dan 1 woning, tenzij ruimte-voor-
gebied______________________________________________________
ruimteregeling________________________
a)
11
b)
Het uitbreiden van gebouwen, bouwen van bijbehorende
Meer dan 150m2 ten opzichte van de in het
bouwwerken en uitbreiden grondgebruik voor niet-
Omgevingsplan toegestane oppervlakte aan
woonfuncties buiten stedelijk gebied (denk bijvoorbeeld aan bedrijfsmatige en maatschappelijke functies) Nieuw vestigen van niet woon-functies buiten stedelijk gebied
woonfuncties.
Transformeren van bestaande panden valt hier niet onder omdat dit
bebouwing en grondgebruik voor niet-
Elke nieuw vestiging van niet-woonfuncties.
onder de huidige regelgeving veelal al een bevoegdheid is van het college van B en W. Uitzondering op 9a en 9b is nieuwbouw of uitbreiding van een
bijbehorend bouwwerk niet hoger dan 5 meter met een maximale oppervlakte van 150m2.__________________ _____________________ 12
Aanleg of uitbreiding van infrastructurele of openbare voorziening buiten stedelijk gebied (bijvoorbeeld toiletgebouw, NUTS, parkeerplek)
3.
Groter dan 50m2
De lijst van situaties waarbij participatie door initiatiefnemers verplicht is, vast te stellen en in werking te laten treden op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt;
Soort ontwikkeling_______________
Norm
1.
Het bouwen van nieuwe woningen_________________________________
2 of meer woningen______________________
2.
Het transformeren van bestaande bebouwing naar woningen
2 of meer woningen______________________
3.
Het gebruik van recreatiewoningen voor permanente bewoning_________
Voor elke woning________________________
4.
Het uitbreiden van gebouwen en bouwen van bijbehorende bouwwerken
Uitbreiding van meer dan 150 m2 ten opzichte van de maximaal toegestane oppervlakte in Omgevingsplan
voor niet-woonfuncties (denk bijv, aan bedrijfsmatige en maatschappelijke
functies)______________________________________________________
5.
Oprichten van nieuwe hoofdgebouwen (niet-woonfuncties)
6.
Het wijzigen van gebruik van gebouwen en gronden voor nietwoonfuncties^_________________________________________________
7.
Vestigen of uitbreiden van bedrijfsactiviteiten naar een hogere milieucategorie
8.
Het plaatsen van antenne-installaties____________________________
9.
Het plaatsen van windmolens__________________________________
Indien de aard en invloed op de omgeving niet vergelijkbaar is met de in het Omgevingsplan
rechtstreeks toegelaten bedrijfsactiviteiten.
10.
Het aanleggen van zonnevelden_________________________________
11.
Aanleg of uitbreiding van infrastructurele of openbare voorziening (bijv, toiletgebouw, NUTS, parkeerplek)
Meer dan 50m2
3 'Stedelijk gebied' is gedefinieerd in de provinciale verordening (voorheen rode contour). Zie de interim omgevingsverordening, artikel 9.15.
4.
Het adviesstelsel met ingang van de Omgevingswet omgevingswetproof in te richten door: a. De huidige Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) in te stellen als de verplichte adviescommissie; b. Naast de CRK ook de Adviescommissie Milieu en Ruimte in stand te laten onder de Omgevingswet.
Soest, 10 febri
de raaor voorrr de fori/fi&fr'
de voorz tl
drs. M.m.C. van E\erik
R.T. 14
I