CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

4c1 5 Bijlage 4 Bodemonderzoek.pdf

Besluitvormende Raadsvergadering 7 juli 2021, gemeente SoestBij agendapunt: Bestemmingsplan Verkeersplan Soest-Zuid 1 (Pimpelmees) vaststellen?26.123 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

RAPPORT MILIEUKUNDIG ONDERZOEK STATIONSOMGEVING TE SOEST ZUID

PROJECT: 17959

VERANTWOORDING Titel

MILIEUKUNDIG ONDERZOEK STATIONSOMGEVING TE SOEST ZUID

Opdrachtgever

Megaborn Traffic Development bv Postbus 56 4180 BB Waardenburg

Rapportnummer

17959

Datum

Projectleider

mevrouw J.P.E.E. van Kempen- Autorisatie

28 januari 2020

de heer J.B.P. van der Stroom

Mesterom

handtekening

Boormeester

handtekening

de heer R. Reinders

handtekening

NIPA milieutechniek b.v. Landweerstraat – Zuid 109 5349 AK Oss

tel. +31 (0)412 – 65 50 58 www.nipamilieu.nl info@nipamilieu.nl

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/2

INHOUDSOPGAVE VERANTWOORDING ________________________________________________________________ 2 1

INLEIDING _____________________________________________________________________ 5

2

LOCATIEGEGEVENS _____________________________________________________________ 6

3

4

5

6

2.1

ALGEMEEN __________________________________________________________________ 6

2.2

VOORONDERZOEK _____________________________________________________________ 7

2.2.1

Omgeving _____________________________________________________________ 7

2.2.2

Bodemgebruik _________________________________________________________ 7

2.2.3

Uitgevoerde bodemonderzoeken ___________________________________________ 8

2.2.4

Bodemopbouw en geohydrologie __________________________________________ 8

2.3

DOELSTELLING _______________________________________________________________ 9

2.4

HYPOTHESE ________________________________________________________________ 10

UITGEVOERD BODEMONDERZOEK ________________________________________________ 11 3.1

WERKZAAMHEDEN ASFALTONDERZOEK CONFORM CROW210 ______________________________ 11

3.2

WERKZAAMHEDEN FUNDERINGSONDERZOEK ONDER ASFALTVERHARDING _______________________ 11

3.3

WERKZAAMHEDEN FUNDERINGSONDERZOEK ZANDPAD ___________________________________ 12

3.4

WERKZAAMHEDEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK CONFORM NEN 5740 WEGTRACÉ ____________ 12

3.5

WERKZAAMHEDEN VERKENNEND BODEMONDERZOEK CONFORM NEN 5740 RIOOLTRACÉ ___________ 13

3.6

VELDWERKZAAMHEDEN ________________________________________________________ 13

3.7

LABORATORIUMWERKZAAMHEDEN _________________________________________________ 13

WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE ______________________________________ 14 4.1

ASFALT ___________________________________________________________________ 14

4.2

ASBEST IN PUIN ______________________________________________________________ 14

4.3

VERKENNEND BODEMONDERZOEK _________________________________________________ 14

RESULTATEN __________________________________________________________________ 17 5.1

ASFALT ONDERZOEK ___________________________________________________________ 17

5.2

FUNDERING ONDER ASFALTVERHARDING _____________________________________________ 17

5.3

FUNDERING ONDER ZANDPAD ____________________________________________________ 17

5.4

BODEM ___________________________________________________________________ 18

5.5

ANALYSERESULTATEN EN BODEMKWALITEIT ___________________________________________ 18

5.6

INTERPRETATIE ______________________________________________________________ 21

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ________________________________________________ 25

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/3

7

REFERENTIES _________________________________________________________________ 29

Bijlage 1 2 3 4 5 6 7

Situering in de regio Kadastrale gegevens Locatieoverzicht Boorprofielbeschrijvingen Analysecertificaten grond en grondwater Toetsingstabellen Gegevens vooronderzoek

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/4

1

INLEIDING Megaborn Traffic Development bv te Waardenburg heeft, in verband met een besteksvoorbereiding voor de reconstructie van de Stationsomgeving te Soest Zuid, aan NIPA milieutechniek b.v. te Oss opdracht gegeven voor het uitvoeren van een milieukundig bodemonderzoek. NIPA milieutechniek b.v. te Oss is een ISO 9001:2015 gecertificeerd onderzoeksbureau. Tevens is NIPA milieutechniek b.v. op grond van artikel 12 van het Besluit bodemkwaliteit erkend voor de werkzaamheid “Veldwerk”. Deze erkenning geldt voor de volgende protocollen: 

2001 – Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen

2002 – Het nemen van grondwatermonsters

2003 – Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek

2018 – Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem

NIPA milieutechniek b.v. verklaart dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de eisen van BRL SIKB 2000 en de daarbij horende protocollen. De contactpersoon van de opdrachtgever is de heer S. van Dijk. De werkzaamheden bij NIPA milieutechniek b.v. zijn gecoördineerd door mevrouw J.P.E.E. van Kempen-Mesterom.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/5

2

LOCATIEGEGEVENS 2.1

Algemeen

De onderzoekslocatie betreft de Stationsomgeving te Soest Zuid. De onderzoekslocatie betreft enkele wegen met fietspaden en trottoirs, een zandpad en een parkeerterrein in de omgeving van het stationsgebied van Soest Zuid. Het te onderzoeken gebied is aangegeven op de onderstaande afbeelding.

Het betreft de volgende straten: 

Koningsweg vanaf de spoorwegovergang tot aan huisnummer 75;

Inrit Nieuweweg - Koningsweg;

Bosstraat tot aan kruising Pimpelmees;

Ossendamweg van de spoorwegovergang tot aan kruising Schoutenkampweg;

Noordelijk deel Schoutenkampweg;

Buntweg;

Eikenlaan tot aan Verlengde Kolonieweg. 2

Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 28.585 m², waarvan circa 16.765 m uit asfalt bestaat 2

2

en waarvan 11.195 m verhard is met elementverharding en 625 m in gebruik is als zandpad. Het wegdek is verhard met asfalt en grotendeels gefundeerd op puin. De trottoirs zijn verhard met tegels en gefundeerd op zand. Het parkeerterrein is verhard met klinkers en gefundeerd op zand.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/6

Ten behoeve van de wegreconstructie wordt de bodem tot 1,0 meter –mv ontgraven. Ter plaatse van de wegen Ossendamweg, Eikenlaan en de Buntweg wordt het riooltracé vervangen. De graafwerkzaamheden vinden plaats tot een diepte variërend van 1,5 tot 3,0 meter -mv.

Bij de uitvoering van de reconstructie komen diverse grond- en materiaalstromen vrij. Ter voorbereiding van de besteksfase is een milieukundig onderzoek van grond, fundering en wegverhardingen gewenst. De situering van de onderzoekslocatie in de regio is weergegeven in bijlage 1. Het locatieoverzicht is opgenomen als bijlage 3. 2.2

Vooronderzoek

Voorafgaand aan het bodemonderzoek is een vooronderzoek uitgevoerd conform hoofdstuk 6 van de NEN 5725. In bijlage 7 zijn de relevante kopieën vanuit het vooronderzoek opgenomen. 2.2.1 Omgeving De onderzoekslocatie is gelegen in het zuiden van de kom van Soest in de directe omgeving van het treinstation. In het plangebied liggen hoofdzakelijke woningen met tuin en kleine bedrijven en het treinstation. 2.2.2 Bodemgebruik Uit historische informatie is gebleken dat binnen het onderzoeksgebied in het verleden verdachte activiteiten (tankstation, chemische wasserij, autosloperij en diverse ondergrondse tanks) plaatsvonden.

De afstand tussen de betreffende activiteiten en het wegtracé is, met uitzondering van de chemische wasserij, zodusdanig dat het niet aannemelijk is dat de activiteiten de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van het wegtracé negatief beïnvloed hebben. De aangetroffen verontreinigingen ter plaatse van de chemische wasserij bevinden zich wel binnen de onderhavige onderzoekslocatie, echter op dusdanige diepte dat geen invloed te verwachten valt op de voorgenomen werkzaamheden. Derhalve ook niet is opgenomen in het onderhavig onderzoek.

Voor zover bekend hebben zich geen calamiteiten voorgedaan die een mogelijke bodemverontreiniging hebben veroorzaakt.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/7

2.2.3 Uitgevoerde bodemonderzoeken Binnen het plangebied zijn diverse bodemonderzoeken en saneringen uitgevoerd waaruit gebleken is dat de boven- en ondergrond (plaatselijk) licht tot plaatselijk sterk verontreinigd zijn met zware metalen, PAK en minerale olie. Het grondwater is plaatselijk licht tot sterk verontreinigd met zware metalen, minerale olie, BTEXN en VOCl. In bijlage 8 is een overzicht opgenomen van de uitgevoerde bodemonderzoeken en de resultaten. Aangezien de afstand tot de onderhavige onderzoekslocatie wordt niet verwacht dat de aangetroffen verontreinigingen van invloed zijn op de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie. 2.2.4 Bodemopbouw en geohydrologie Voor de bodemopbouw en de geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de grondwaterkaart van Nederland van de Dienst Grondwaterverkenning TNO, kaartblad Utrecht 31 oost, 32 west, 38 oost, 39 west (ten noorden van Lek en Neder-Rijn) uitgave 1978. Uit deze kaart zijn de volgende regionale gegevens samengevat.

De onderzoekslocatie in de gemeente Soest. De maaiveldhoogte op locatie is circa 3 meter +NAP. Plaatselijk kan de bodemopbouw afwijken van onderstaande gegevens.

Regionale geohydrologie De onderzoekslocatie wordt aan de westzijde begrensd door de Utrechtse Heuvelrug. Het eerste watervoerend pakket reikt tot aan het maaiveld en heeft een dikte van ± 15 m. Het bestaat uit fijnzandige, overwegend eolische afzettingen van de Formatie van Boxtel. Hieronder bevinden zich kleien behorend tot de Drenthe Formatie. In totaal heeft dit scheidende pakket een dikte van ± 20 m. Aan de onderzijde wordt de formatie begrensd door gestuwde afzettingen. Het tweede watervoerend pakket bestaat voornamelijk uit grofzandige rivierafzettingen, behorend tot de Formaties van Sterksel en Peize/Waalre. Dit tweede watervoerend pakket heeft een dikte van ± 90 m en wordt aan de onderzijde begrensd door een compacte kleilaag, eveneens behorend tot de Formatie van Peize/ Waalre (figuur 1). Het freatisch grondwater stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO westelijke richting.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/8

Figuur 1: Schematische voorstelling van de regionale bodemopbouw

2.3

Doelstelling

De algemene doelstelling van het onderzoek is om vast te stellen of uit te sluiten dat op de locatie bodemverontreiniging aanwezig is die een belemmering vormt voor het voorgenomen gebruik van de bodem of de geplande activiteiten. De bijkomende doelstellingen ten aanzien van grond, grondwater en vrijkomende materialen zijn weergegeven in de onderzoeksvraag van de opdrachtgever, namelijk: 

Asfaltonderzoek o

Vaststellen constructieopbouw en laagdikte

o

Vaststellen teerhoudendheid doormiddel van PAK-marker en DLC-methode

Funderingsonderzoek o

Vaststellen of de wegfundering asbesthoudend is

Verkennend bodemonderzoek o

Vaststellen van de milieutechnische kwaliteit van de bodem (ten behoeve van eventuele afvoer)

o

Vaststelling van de voorlopige veiligheidsklasse conform CROW 400

o

Vaststellen of op de locatie een verontreiniging met PFAS aanwezig is

Grondwateronderzoek o

Vaststellen grondwaterstand

o

Vaststellen kwaliteit grondwater

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/9

2.4

Hypothese

Op basis van de beschikbare gegevens is de hypothese gesteld dat: 

het een uniforme asfaltverharding betreft aangelegd voor 1995;

de fundering verdacht is met betrekking tot de aanwezigheid van asbest;

de onderzoekslocatie verdacht is met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging met zware metalen, PAK en/of minerale olie in de bovengrond en plaatselijk in de ondergrond;

de ondergrond ter plaatse van de te vervangen riooltracés is niet verdacht met betrekking tot de aanwezigheid van bodemverontreiniging.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/10

3

UITGEVOERD BODEMONDERZOEK 3.1

Werkzaamheden asfaltonderzoek conform CROW210

In de onderzoekstrategie is ervan uitgegaan dat het asfalt dateren van vòòr 1995. Verdeeld over de 2

onderzoekslocatie (asfalt) met een oppervlakte van 16.765 m zijn conform de CROW210 twintig constructieboringen uitgevoerd.

Van de twintig asfaltkernen is de laagopbouw beschreven en is indicatief de teerhoudendheid bepaald met behulp van een PAK-marker. Opgemerkt dient te worden dat, in verband met de niet homogene samenstelling van het asfalt binnen het plangebied, 2 kernen meer geanalyseerd zijn dan in de CROW 210 voorgeschreven worden.

Op basis van de kernboringen is de gemiddelde asfaltdikte vastgesteld op circa 16 centimeter en uitgaande van een soortelijk gewicht van 2,5 kg/dm³ zal in totaal circa 6.706 ton asfalt vrijkomen. Op basis hiervan zijn zes DLC-analyses uitgevoerd. 3.2

Werkzaamheden funderingsonderzoek onder asfaltverharding

Tijdens de uitvoering is niet onder de gehele asfaltverharding een puinfundering aangetroffen. Aangezien de puinfundering wisselend voorkwam, was het niet mogelijk om een aangesloten oppervlakte te onderzoeken conform de strategie voor afgedekte funderingslagen vanuit de NEN 5897. Om toch een uitspraak te kunnen doen over het voorkomen van asbest is besloten om de betreffende boringen om te zetten in inspectiegaten. In totaal zijn dertien inspectiegaten door het asfalt geboord met een diameter van 35 cm. Het betrof de volgende wegdelen: 

Koningsweg, inspectiegaten 04 t/m 11;

Eikenlaan tot kruising met de Buntweg, inspectiegat 12;

Buntweg, inspectiegaten 15 en 16;

Kruispunt Bosstraat met Pimpelmees, inspectiegat 18.

Het funderingsmateriaal is uitgeharkt en de grove fractie (> 20 mm) is geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Hierbij zijn zintuiglijk geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Van de uitgeharkte fijne fractie zijn twee mengmonsters samengesteld en op de aanwezigheid van asbest geanalyseerd.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/11

3.3

Werkzaamheden funderingsonderzoek zandpad

Om een indicatie te verkrijgen over het voorkomen van asbest in de aanwezige puinfundering in het zandpad zijn twee inspectiegaten (42 en 43) gegraven. De inspectiegaten hadden een afmeting van 0,3 x 0,3 meter en zijn gegraven tot onderzijde puinfundering circa 0,05 à 0,13 meter –mv. Het funderingsmateriaal is uitgeharkt en de grove fractie (> 20 mm) is geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Hierbij zijn zintuiglijk geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Van de uitgeharkte fijne fractie is één mengmonster samengesteld en op de aanwezigheid van asbest geanalyseerd. 3.4

Werkzaamheden verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 wegtracé

Verdeeld over de onderzoekslocatie met een oppervlakte van circa 28.585 m² zijn afgeleid van de strategie voor een verdachte locatie met betrekking tot het voorkomen van een heterogeen verspreide bodemverontreiniging van de NEN 5740 (VED-HE) de volgende boringen verricht: 

47 boringen tot 1,0 à 1,25 meter -mv (01 t/m 47)

Opgemerkt dient te worden dat 9 boringen zijn gecombineerd met de boringen ten behoeve van het riooltracé en derhalve dieper zijn doorgezet dan 1,25 meter –mv. De betreffende boringen worden vernoemd onder paragraaf 3.5. Tevens zijn een aantal van de boringen gecombineerd met de inspectiegaten van het asbestonderzoek van paragraaf 3.2.

Conform de onderzoeksstrategie dienen tenminste vijf grondmengmonsters geanalyseerd te worden op het standaardpakket voor grond. In verband dat het verschillende straten betreft en het voorkomen van bijmengingen met bodemvreemd materiaal is in overleg met de opdrachtgever besloten om van het onderzoekstracé tien grondmengmonsters te analyseren op het standaardpakket voor grond. Om een indicatie te verkrijgen van de afzetmogelijkheden van de vrijkomende grond zijn zes grondmengmonsters geanalyseerd op PFAS.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/12

3.5

Werkzaamheden verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 riooltracé

De riool wordt niet overal binnen het plangebied vervangen maar ter plaatse van een aantal wegstukken. De betreffende wegstukken hebben in totaal een lengte van 1.055 meter. Verdeeld over de lijnvormige onderzoekslocatie met een lengte van 1.055 meter zijn, afgeleid van de strategie voor een onverdachte lijnvormige locatie (ONV-L) van de NEN 5740, de volgende boringen verricht: 

3 boringen tot 2,0 meter -mv (15 t/m 17)

3 boringen tot 3,0 meter -mv (12 t/m 14)

2 boringen tot 3,5 meter -mv (26 en 27)

1 boring tot 1,5 meter onder het grondwaterniveau en afgewerkt met peilbuis (25)

Drie ondergrondmengmonsters zijn geanalyseerd op de parameters van het standaard pakket voor grond vanuit de NEN 5740. Voor de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden zijn van de mengmonsters tevens de percentages aan lutum en organisch stof bepaald. Het grondwatermonster is geanalyseerd op het standaard pakket voor grondwater vanuit de NEN 5740. 3.6

Veldwerkzaamheden

De veldwerkzaamheden, te weten het uitvoeren van de boringen en de inspectiegaten, het plaatsen van de peilbuis, het bemonsteren van de grond en van het grondwater en de zintuiglijke beoordeling van de grond- en grondwatermonsters, zijn uitgevoerd volgens de methoden zoals aangegeven in de relevante NPR- en NEN-normen zoals beschreven in de beoordelingsrichtlijn “Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodemonderzoek” [2]. De situering van de boringen is opgenomen in bijlage 3. Alle boringen zijn op 2 t/m 4 en 17 december 2019 met handkracht uitgevoerd. Het grondwater is op 17 december 2019 bemonsterd. De troebelheid (NTU), pH en de geleidbaarheid (Ec) van het grondwater zijn in het veld bepaald. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat VB-002. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de heer R. Reinders. 3.7

Laboratoriumwerkzaamheden

De chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters zijn uitgevoerd door een door de Raad voor Accreditatie erkend laboratorium. Voor de toegepaste analysemethoden wordt verwezen naar bijlage 5.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/13

4

WIJZE VAN BEOORDELING EN INTERPRETATIE

4.1

Asfalt

Bij een PAK-gehalte van meer dan 250 mg/kg d.s. geeft de PAK-marker een positieve uitslag, wat aangeeft dat het asfalt teerhoudend is. Asfalt is herbruikbaar als het PAK-gehalte minder is dan 75 mg/kg d.s. Om vast te stellen of het asfalt herbruikbaar is, dient als de PAK-marker geen uitsluitsel geeft, aanvullend een DLC- of HPLC-analyse uitgevoerd te worden. Het aantal te analyseren monsters is afhankelijk van het af te voeren tonnage. Het tonnage wordt geschat op basis van oppervlakte en te frezen diepte / op te breken dikte. Het aantal te analyseren monsters per partij wordt volgens onderstaande tabel bepaald. Tabel 1: onderzoeksopzet DLC-analyses Tonnage van de te onderzoeken partij

Minimum aantal uit te voeren analyses

0 – 25 25 – 100 100 – 500 500 – 1000 tot elke 1000 ton meer

PAK-marker onderzoek voldoet* 1 analyse** 2 analyses** 3 analyses** 1 analyse** extra

* Partij kleiner dan 25 ton (ca. 12 – 15 m³, ca. 1 volle vrachtwagen), afkomstig van één werk en aantoonbaar teervrij (PAK (10 VROM) < 250 mg/kg d.s.). ** DLC- en/of HPLC-analyse

Hierbij worden mengmonsters van boorkernen samengesteld van gelijksoortige teervrije lagen. Hoe uniformer de constructie is, hoe meer boringen tot één mengmonster kunnen worden samengevoegd 4.2

Asbest in puin

Voor asbest in puin geldt een maximale samenstellingswaarde van 100 mg/kg d.s. (Regeling bodemkwaliteit, 13 december 2007). Het betreft een gewogen norm (concentratie serpentijn asbest + 10 x concentratie amfibool asbest). Het betreft hierbij puin waaraan niet opzettelijk asbest is toegevoegd, anders geldt een norm van 0 mg/kg d.s. 4.3

Verkennend bodemonderzoek

De verontreinigingsituatie van de vaste bodem kan worden beoordeeld door toetsing van de gemeten gehaltes aan de achtergrond- en interventiewaarde [3 & 4]. De streefwaarden voor grond zijn per 1 oktober 2008 vervangen door de achtergrondwaarden (AW2000), deze zijn vastgesteld in de Regeling bodemkwaliteit [5]. De achtergrondwaarden zijn landelijk vastgesteld en worden in het Besluit bodemkwaliteit als volgt gedefinieerd:

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/14

Achtergrondwaarden: bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehaltes aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. In gemeenten die beschikken over een bodemkwaliteitskaart kan bij een overschrijding van de achtergrondwaarde getoetst worden aan de P90-waarde. Deze geeft een regionaal vastgestelde verhoogde achtergrondwaarde aan. Het grondwater wordt getoetst aan de streef- en interventiewaarden. De streef- en interventiewaarden voor grondwater zijn vastgelegd in de Circulaire bodemsanering 2013 [3]. De streefwaarden geven het niveau aan waarbij sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. In het bodembeschermingsbeleid geven zij het te bereiken en te behouden kwaliteitsniveau voor de bodem aan. De interventiewaarden geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de vaste bodem en het grondwater hebben voor mens, dier en plant ernstig zijn of dreigen te worden verminderd. Om van een “geval van ernstige bodemverontreiniging” te spreken dient voor ten minste één stof het gemiddelde gehalte van minimaal 25 m³ grond of 100 m³ grondwater hoger te zijn dan de interventiewaarde. In bijzondere situaties, zoals bij volkstuinen en bij kruipruimten, kan reeds bij een geringere omvang en bij gehaltes beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige bodemverontreiniging.

Op grond van de daadwerkelijk optredende blootstelling aan de verontreiniging dient bekeken te worden of onaanvaardbare risico’s voor mensen en/of ecosystemen optreden.

Uit de NEN 5740 [1] kan het volgende worden afgeleid. De interpretatie van de onderzoeksresultaten en de noodzaak tot het uitvoeren van vervolgonderzoek hangen voor een belangrijk deel af van de aanleiding en doelstelling van het onderzoek en de ‘gevoeligheid’ van het gebruik en de bestemming van de locatie. Ook de onderzoeksinspanning van het vervolgonderzoek wordt voor een belangrijk deel hierdoor bepaald. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de spoedeisendheid te bepalen.

De achtergrond- en interventiewaarden voor de vaste bodem zijn gerelateerd aan het lutum- en/of organisch stofgehalte van de bodem. Bij de berekening van de gestandaardiseerde meetwaarden voor de vaste bodem is uitgegaan van gemeten lutum- en organisch stofgehaltes. De gestandaardiseerde meetwaarden zijn bepaald met behulp van BoToVa. De gestandaardiseerde meetwaarden en de toetsing aan de achtergrond- en interventiewaarden zijn opgenomen in bijlage 6.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/15

Bij de interpretatie van de toetsingsresultaten is uitgegaan van de BodemIndex (BI) BodemIndex (BI) = (gestandaardiseerde meetwaarde - AW) / (IW - AW) AW = achtergrondwaarde (grond) of streefwaarde (grondwater) IW = interventiewaarde BodemIndex < 0:

gestandaardiseerde meetwaarde < AW

BodemIndex = 0:

gestandaardiseerde meetwaarde = AW

0 < BodemIndex < 0,5:

gestandaardiseerde meetwaarde > AW maar < Tussenwaarde

BodemIndex = 0,5:

gestandaardiseerde meetwaarde = Tussenwaarde

0,5 < BodemIndex < 1:

gestandaardiseerde meetwaarde > Tussenwaarde maar < IW

BodemIndex = 1,0:

gestandaardiseerde meetwaarde = IW

BodemIndex > 1:

gestandaardiseerde meetwaarde > IW NB: De BodemIndex heeft geen wettelijk kader en heeft slechts de functie van hulpmiddel bij de interpretaties van de toetsingsresultaten. De Tussenwaarde heeft eveneens geen wettelijk kader, maar wordt veelal toegepast als een signaalwaarde om tot aanvullend onderzoek over te gaan

De BodemIndex per analyseresultaat is eveneens weergegeven in de tabellen in bijlage 6.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/16

5

RESULTATEN 5.1

Asfalt onderzoek

Het asfalt heeft een gemiddelde laagdikte van 160 mm. Uitgaande van een oppervlakte van 2

3

16.765 m zal in totaal 2.682 m asfalt vrijkomen (circa 6.706 ton). De opbouw van het asfalt is weergegeven in bijlage 5. De kernen zijn in eerste instantie met de PAK-marker getest op teerhoudendheid. Hierbij zijn bij de kernen van de boringen 19 en 20, gesitueerd in de Bosstraat, fluorescerende gebieden waargenomen. Aangezien niet mogelijk is om gescheiden te frezen wordt de gehele laag als teerhoudend beschouwd. Op basis van de resultaten kan er vanuit gegaan worden dat het gehele traject van de Bosstraat, vanaf de kruising met de Pimpelmees tot aan het parkeerterrein, teerhou2

dend asfalt bevat. In totaal zal uitgaande van een oppervlakte van 855 m , met een gemiddelde laag3

dikte van 79 mm, 68 m teerhoudend asfalt vrijkomen (circa 169 ton).

Bij de kernen van de boringen 1 t/m 18 zijn geen fluorescerende gebieden waargenomen. Van de kernen zijn 6 mengmonsters samengesteld en op teerhoudendheid onderzocht met behulp van Dunne Laag Chromatografie (DLC). Hierbij is eveneens geen fluorescentie waargenomen waardoor het asfalt, met uitzondering van de Bosstraat, niet als teerhoudend beschouwd kan worden. 5.2

Fundering onder asfaltverharding

Tijdens de uitvoering van het veldwerk is, bij de inspectie van het vrijkomende puin uit de inspectiegaten, geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Voor de bepaling van het asbestgehalte in de fijne fractie (Cf: fractie < 20mm) zijn van het uitgeharkte puin uit de inspectiegaten twee mengmonsters (MMA1 (04 t/m 08, 10 en 18) en MMA2 (11, 12 en 15 t/m 17)) samengesteld. Uit de analyseresultaten is gebleken dat in de fijne fractie van beide mengmonsters geen asbest is bevat. 5.3

Fundering onder zandpad

Tijdens de uitvoering van het veldwerk is, bij de inspectie van het vrijkomende puin uit de inspectiegaten, zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal geconstanteerd. Voor de bepaling van het asbestgehalte in de fijne fractie (Cf: fractie < 20mm) is van het uitgeharkte puin uit de inspectiegaten één mengmonster (MMA3 (42 en 43)) samengesteld. Uit de analyseresultaten is gebleken dat in de fijne fractie van het mengmonster geen asbest is aangetoond.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/17

5.4

Bodem

Voor de boorprofielbeschrijvingen wordt verwezen naar bijlage 4. De bodem is vanaf het maaiveld tot een diepte variërend van circa 1,90 tot 2,70 meter –mv, opgebouwd uit zeer fijn tot matig fijn zand. Hieronder is tot circa 3,00 meter –mv een zwak zandige leemlaag aanwezig. Hieronder is de bodem minimaal tot het diepste punt van de boringen, circa 4,80 meter –mv, opgebouwd uit matig fijn zand, met plaatselijk een dunne zwak zandige leemlaag. Tijdens de uitvoering van het veldwerk zijn bij een aantal boringen bijmengingen met bodemvreemde materialen aangetroffen. Hierbij is ook gelet op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. De betreffende boringen en bijmengingen zijn opgenomen in tabel 2.

Tabel 2: Overzicht bijmengingen per boring boring 03 12 14 24 27 28 29 30 31 37 38 41 42 44 47

traject (m-mv) 0,19 – 0,40 0,52 – 0,90 1,30 – 1,50 0,50 – 1,00 1,00 – 1,25 0,05 – 0,30 0,00 – 0,50 0,50 – 1,00 0,00 – 0,50 0,50 – 1,00 0,00 – 0,50 0,50 – 1,00 0,50 – 1,00 0,05 – 0,50 0,50 – 1,00 0,50 – 1,00 0,00 – 0,60 0,00 – 0,25

samenstelling zand zand zand zand zand zand zand zand zand zand zand zand zand zand zand

bijmengingen sporen slakken matig baksteen en zwak metselpuin sporen baksteen zwak baksteen sporen baksteen zwak menggranulaat sporen baksteen en sterk kolengruis zwak baksteen zwak baksteen zwak baksteen sporen baksteen zwak baksteen en metselpuin sporen baksteen zwak asfalt sporen baksteen sporen baksteen zwak baksteen en kolengruis zwak slakken en sterk baksteen

Opgemerkt wordt dat de bijmengingen met baksteen, slakken, asfalt en kolengruis niet als asbestverdacht beschouwd hoeven te worden. De lokale bijmengingen met puin en menggranulaat hebben, in verband met lage gradatie, evenmin aanleiding gegeven voor het uitvoeren van een asbestonderzoek. Hierbij is ook gelet op de aanwezigheid van asbestverdachte materialen.

De grondwaterstand bevond zich tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden op een diepte van circa 2,95 meter –mv. 5.5

Analyseresultaten en bodemkwaliteit

De analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn opgenomen in bijlage 5; de analyseen toetsingsresultaten zijn samengevat in de tabellen 3 en 4.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/18

Tabel 3: Toetsingsresultaten grond monster

MM1 (Ossendamweg en Eikenlaan)

deelmonsters

03: 0.19 - 0.40 12: 0.52 - 0.90

traject meter -mv

bijmengingen

>achtergrondwaarde

>interventiewaarde

maatgevende gehaltes PFAS**

0,19 – 0,90

slakken, metselpuin en baksteen

barium (0,51)*** kobalt (0,03) nikkel (0,39) minerale olie (0,04) PAK (0,31) PAK (0,11)

-

-

MM2 (Ossendamweg en Koningsweg)

01: 0.23 - 0.50 0,17 – 1,00 02: 0.17 - 0.60 04: 0.41 - 0.70 05: 0.35 - 0.85 06: 0.40 - 0.90 07: 0.50 - 1.00 08: 0.34 - 0.60 09: 0.25 - 0.70 10: 0.40 - 0.90 11: 0.33 - 0.83 MM3 01: 0.50 - 0.90 0,40 – 1,25 kwik (0,10) (Ossendamweg 02: 0.70 - 1.20 PAK (0,04) en Koningsweg) 03: 0.40 - 0.90 04: 0.90 - 1.15 05: 0.90 - 1.25 06: 1.00 - 1.25 07: 1.00 - 1.25 08: 0.75 - 1.25 09: 0.75 - 1.25 10: 1.00 - 1.25 MM4 18: 0.42 - 0.90 0,25 – 1,25 (Bosstraat) 18: 0.90 - 1.25 19: 0.47 - 0.95 19: 0.95 - 1.25 20: 0.25 - 0.70 20: 0.75 - 1.25 21: 0.08 - 0.30 21: 0.30 - 0.60 MM5 13: 0.14 - 0.50 0,08 – 0,70 PAK (0,02) (Eikenlaan, 14: 0.10 - 0.50 Buntweg en 15: 0.18 - 0.50 Schouten16: 0.21 - 0.50 kampweg) 17: 0.23 - 0.70 22: 0.08 - 0.40 23: 0.08 - 0.50 24: 0.08 - 0.50 MM6 12: 0.90 - 1.40 0,40 – 1,40 (Eikenlaan, 13: 0.50 - 1.00 Buntweg en 14: 0.50 - 1.00 Schouten15: 0.50 - 1.00 kampweg) 16: 0.50 - 1.00 17: 0.70 - 1.00 22: 0.40 - 0.80 23: 0.50 - 0.90 MM7 42: 0.13 - 0.50 0,05 – 1,00 baksteen (zandpad) 42: 0.50 - 1.00 43: 0.05 - 0.35 43: 0.35 - 0.80 (xxx) bodemindex * geringe overschrijding ** gehaltes in µg/kg.ds *** gehalte overschrijdt voormalige tussenwaarde **** Indicatieve toetsing aan Regeling bodemkwaliteit: AW: voldoet aan Achtergrondwaarde, vrij toepasbaar Wonen: voldoet aan maximale waarde voor bodemkwaliteitsklasse Wonen Industrie: voldoet aan maximale waarde voor bodemkwaliteitsklasse Industrie

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

toets Rbk (indicatief)

**** Industrie (obv nikkel, minerale olie en PAK)

PFOAsom = 0,1 PFOSsom = 0,1

Wonen

-

Industrie

(obv PAK)

(obv kwik)

PFOAsom = 0,3 PFOSsom = 0,1

AW

PFOAsom = 0,1 PFOSsom = 0,1

Wonen

-

AW

PFOAsom = 0,6 PFOSsom = 0,1

AW

(obv PAK)

JvK/17959-2/19

Tabel 3: Vervolg toetsingsresultaten grond monster

deelmonsters

MM8 (stoep Ossendamweg) MM9 (stoep en groenstroken Koningsweg, Buntweg, Eikenlaan, Schoutenkampweg, Bosstraat en parkeerterrein) MM10 (stoep en groenstroken Koningsweg, Eikenlaan, Schoutenkampweg en Bosstraat)

25: 0.08 - 0.50 25: 0.50 - 1.00 26: 0.08 - 0.50 26: 0.50 - 1.00 28: 0.00 - 0.50 29: 0.00 - 0.50 30: 0.50 - 1.00 31: 0.50 - 1.00 37: 0.50 - 1.00 38: 0.05 - 0.50 41: 0.50 - 1.00 44: 0.00 - 0.50 47: 0.00 - 0.25

traject meter -mv

bijmengingen

>achtergrondwaarde

>interventiewaarde

maatgevende gehaltes PFAS**

0,08 – 1,00

-

PAK (0,02)

-

-

toets Rbk (indicatief)

**** Wonen (obv PAK)

0,00 – 1,00

baksteen, kolengruis, asfalt en metselpuin

kwik (0,00)* lood (0,10) minerale olie (0,02) PCB (0,35) PAK (0,30)

-

PFOAsom = 0,3 PFOSsom = 0,7

Industrie (obv minerale olie, PCB en PAK)

32: 0.00 - 0.50 0,00 – 0,55 kwik (0,00)* 33: 0.00 - 0.50 PCB (0,02) 34: 0.05 - 0.50 PAK (0,06) 35: 0.00 - 0.50 36: 0.05 - 0.40 39: 0.05 - 0.35 40: 0.05 - 0.55 45: 0.08 - 0.50 46: 0.00 - 0.20 MM11 12: 2.40 - 2.80 1,00 – 2,80 (riool Eikenlaan 13: 1.50 - 2.00 en Buntweg) 14: 1.00 - 1.30 14: 1.50 - 2.00 15: 1.00 - 1.50 15: 1.50 - 2.00 16: 1.00 - 1.50 16: 1.50 - 2.00 17: 1.00 - 1.50 17: 1.50 - 2.00 MM12 25: 1.00 - 1.50 1,00 – 2,50 PAK (0,07) (riool Ossen25: 1.50 - 2.00 damweg) 25: 2.00 - 2.40 26: 1.00 - 1.50 26: 1.50 - 2.00 26: 2.00 - 2.50 MM13 27: 0.80 - 1.20 0,80 – 2,50 (riool Konings27: 1.20 - 1.70 weg) 27: 1.70 - 2.00 27: 2.00 - 2.50 (xxx) bodemindex * geringe overschrijding ** gehaltes in µg/kg.ds *** gehalte overschrijdt voormalige tussenwaarde **** Indicatieve toetsing aan Regeling bodemkwaliteit: AW: voldoet aan Achtergrondwaarde, vrij toepasbaar Wonen: voldoet aan maximale waarde voor bodemkwaliteitsklasse Wonen Industrie: voldoet aan maximale waarde voor bodemkwaliteitsklasse Industrie

PFOAsom = 02 PFOSsom = 0,8

Wonen (obv PCB en PAK)

-

AW

-

Wonen (obv PAK)

-

AW

Tabel 4: Toetsingsresultaten grondwater monster 25 (xxx) *

filterstelling pH m-mv 3,8 – 4,8 7,09 bodemindex geringe overschrijding

Ec in µS/cm 223

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

troebelheid (NTU) 58

>streefwaarde

>interventiewaarde

xylenen (0,00)*

-

JvK/17959-2/20

5.6

Interpretatie

Grond Opgemerkt dient te worden dat het niet mogelijk was om de mengmonsters per straat samen te stellen. Hierdoor komt het in de onderstaande interpretatie, welke per straat is opgesteld, voor dat mengmonsters van het wegtracé dubbel beschreven zijn. Resultaten van de trottoirs, groenstroken en het parkeerterrein zijn separaat beschreven.

Wegtracé Koningsweg Uit de resultaten blijkt dat in de zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding van de Koningsweg (MM2) een licht verhoogd gehalte aan PAK bevat. In de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv (MM3) zijn licht verhoogde gehaltes aan kwik en PAK aangetoond. In de zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM13) zijn geen van de geanalyseerde parameters verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. In het mengmonster (MM2) overschrijden de gehaltes aan PFAS de achtergrondwaarde niet.

De bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding (MM2) voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen. De bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone ondergrond (MM3) voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse industrie. De zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM13) is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Wegtracé Ossendamweg Uit de resultaten blijkt dat in de zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding van de Ossendamweg (MM2) een licht verhoogd gehalte aan PAK bevat. Op het westelijk deel van de Ossendamweg zijn bijmengingen met slakken-, metselpuin- en baksteen waargenomen in de bodemlaag onder de puinverharding (MM1). Hierin zijn licht verhoogde gehaltes aan barium, kobalt, nikkel, minerale olie en PAK gemeten. In de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv (MM3) zijn licht verhoogde gehaltes aan kwik en PAK aangetoond. In de zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM12) is een licht verhoogd gehalte aan PAK aangetoond. In het mengmonster (MM2) overschrijden de gehaltes aan PFAS de achtergrondwaarde niet.

De bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding (MM2) voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen. De bijmenginghoudende bodemlaag (MM1) voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse industrie. De

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/21

bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone ondergrond voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse industrie (MM3). De zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM12) voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Wegtracé Bosstraat Uit de resultaten blijkt dat in de zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding van de Bosstraat (MM4) voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde zijn gemeten. Het gehalte aan PFAS overschrijdt de achtergrondwaarde niet. De zintuiglijk schone bovengrond (MM4) is indicatief getoetst aan de Regeling Bodemkwaliteit vrij toepasbaar.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Wegtracé Eikenlaan Uit de resultaten blijkt dat in de zintuiglijk schone bodemlaag onder de verharding van de Eikenlaan (MM5) een licht verhoogd gehalte aan PAK bevat. Op het zuidelijk deel van de Eikenlaan is een slakken-, metselpuin- en baksteenhoudende bodemlaag onder de puinverharding (MM1) aangetroffen waarin licht verhoogde gehaltes aan barium, kobalt, nikkel, minerale olie en PAK zijn gemeten. In de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv (MM6) zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. In de zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM11) zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. In het mengmonster (MM5) overschrijden de gehaltes aan PFAS de achtergrondwaarde niet.

De bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone bodemlaag onder de verharding (MM5) voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen. De bijmenginghoudende bodemlaag (MM1)voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse industrie. Zowel de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv (MM6) als de zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM11) is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Wegtracé Buntweg en Schoutenkampweg

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/22

Uit de resultaten blijkt dat in de zintuiglijk schone bodemlaag onder de verhardingen (MM5) een licht verhoogd gehalte aan PAK bevat. In de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv (MM6) zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. In de zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM11) zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. In het mengmonster (MM5) overschrijden de gehaltes aan PFAS de achtergrondwaarde niet.

De bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone bodemlaag (MM5) onder de verharding voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen. Zowel de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv (MM6) als de zintuiglijk schone grond van het riooltracé (MM11) is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Zandpad Uit de resultaten blijkt dat in de zintuiglijk schone bodemlaag (MM7) voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde zijn gemeten. Het gehalte aan PFAS overschrijdt de achtergrondwaarde niet.

De zintuiglijk schone bodemlaag is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Trottoirs, groenstroken en het parkeerterrein van het gehele plangebied (uitgezonderd het zandpad) Uit de resultaten blijkt dat in de baksteen-, kolengruis, asfalt- en metselpuinhoudende bovengrond (MM9) licht verhoogde gehaltes aan kwik, lood, minerale olie, PCB en PAK zijn gemeten. In de zintuiglijk schone bovengrond (MM10) zijn licht verhoogde gehaltes aan kwik, PCB en PAK aangetoond. In de zintuiglijk schone bovengrond ter plaatse van het trottoir (MM8) is een licht verhoogd gehalte aan PAK aangetoond.

De bijmenginghoudende bodemlaag voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse industrie. De bodemkwaliteit van de zintuiglijk schone bodemlaag voldoet indicatief getoetst aan de Regeling Bodemkwaliteit aan klasse wonen.

De werkzaamheden kunnen worden uitgevoerd onder de basishygiëne volgens CROW 400.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/23

Opgemerkt dient te worden dat PFAS wel boven de rapportagegrens is aangetroffen waardoor er sprake is van een gebruikbeperking waardoor de grond niet toegepast mag worden in grondwaterbeschermingsgebied.

Grondwater In het grondwater ter plaatse van peilbuis 25 is een licht verhoogd gehalte aan xylenen aangetoond. Voor het voorkomen van xylenen kan niet eenduidig een bron aangewezen worden. Echter gezien de lage concentratie wordt herbemonstering van het grondwater niet zinvol geacht. De pH en de Ec hebben, voor deze regio, normale waarden. Tijdens de monsterneming van het grondwater is een troebelheid van het grondwater van 58 NTU gemeten. Verondersteld wordt dat het water in de bodem van nature een troebelheid van 0 – 10 NTU heeft. Een troebelheid hoger dan 10 NTU is niet bezwaarlijk maar kan bij de interpretatie van de analyseresultaten worden gebruikt. Een verhoogde NTU kan leiden tot een overschatting van organische parameters en zware metalen. De verhoogde troebelheid hangt waarschijnlijk samen met de aanwezigheid van onoplosbare bestanddelen in het grondwater. Aangezien maximaal een licht verhoogde gehalte is aangetoond, en de NTU van 10 geen normatieve grens is, bestaat geen aanleiding het grondwater opnieuw te bemonsteren.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/24

6

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Uit de resultaten van het milieukundig onderzoek uitgevoerd ter plaatse van Stationsomgeving te Soest Zuid, blijkt dat:

Koningsweg 

Het asfalt is niet teerhoudend is;

In de aanwezige puinfundering onder de asfaltverharding zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond;

De zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding van de Koningsweg licht verontreinigd is met PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen;

De zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv van de Koningsweg licht verontreinigd is met kwik en PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie;

In de zintuiglijk schone grond van het riooltracé van de Koningsweg zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. De vrijkomende grond is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar;

de baksteen-, kolengruis, asfalt- en metselpuinhoudende bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, licht verontreinigd is met kwik, lood, minerale olie, PCB en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie. De zintuiglijk schone bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, is licht verontreinigd met kwik, PCB en PAK en voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen;

Ossendamweg 

Het asfalt is niet teerhoudend is;

Onder de asfaltverharding is geen puinfundering aanwezig;

De zintuiglijk schone bodemlaag onder de puinverharding van de Ossendamweg licht verontreinigd is met PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen;

De slakken-, metselpuin- en baksteenhoudende bodemlaag op het westelijk deel van de Ossendamweg licht verontreinigd is met barium, kobalt, nikkel, minerale olie en PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie;

De zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv licht verontreinigd is met kwik en PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen;

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/25

De zintuiglijk schone grond van het riooltracé licht verontreinigd is met PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen;

De zintuiglijk schone bovengrond ter plaatse van het trottoir is licht verontreinigd met PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen.

Bosstraat 

De Bosstraat, vanaf na de kruising met de Pimpelmees tot aan het parkeerterrein, teerhoudend asfalt betreft. De betreffende laag is als oppervlakte laag aanwezig. In totaal zal uitgaande van 2

3

een oppervlakte van 855 m , met een gemiddelde laagdikte van 79 mm, 68 m teerhoudend asfalt vrijkomen (circa 169 ton); 

In de aanwezige puinfundering onder de asfaltverharding van het kruispunt Bosstraat met Pimpelmees zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond;

In de zintuiglijk schone bodemlaag, onder de puinverharding, zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. De zintuiglijk schone bodemlaag is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar;

de baksteen-, kolengruis, asfalt- en metselpuinhoudende bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, licht verontreinigd is met kwik, lood, minerale olie, PCB en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie. De zintuiglijk schone bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, is licht verontreinigd met kwik, PCB en PAK en voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen;

Eikenlaan 

Het asfalt is niet teerhoudend is;

In de aanwezige puinfundering onder de asfaltverharding zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond;

De zintuiglijk schone bodemlaag onder de verharding licht verontreinigd is met PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen;

De slakken-, metselpuin- en baksteenhoudende bodemlaag onder de puinverharding, op het zuidelijk deel van de Eikenlaan, licht verontreinigd is met barium kobalt, nikkel, minerale olie en PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie;

In de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv en in de zintuiglijk schone grond van het riooltracé voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde zijn gemeten. De beide bodemlagen zijn indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar;

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/26

de baksteen-, kolengruis, asfalt- en metselpuinhoudende bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, licht verontreinigd is met kwik, lood, minerale olie, PCB en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie. De zintuiglijk schone bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, is licht verontreinigd met kwik, PCB en PAK en voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen;

Buntweg en Schoutenkampweg 

Het asfalt is niet teerhoudend is;

In de aanwezige puinfundering onder de asfaltverharding zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond;

de zintuiglijk schone bodemlaag onder de verhardingen licht verontreinigd is met PAK en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse wonen;

In de zintuiglijk schone ondergrond tot 1,25 meter –mv en in het zintuiglijk schone riooltracé voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde zijn gemeten. De beide bodemlagen zijn indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar;

de baksteen-, kolengruis, asfalt- en metselpuinhoudende bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, licht verontreinigd is met kwik, lood, minerale olie, PCB en indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit voldoet aan klasse industrie. De zintuiglijk schone bovengrond, ter plaatse van de groenstroken, trottoirs en parkeerplaats, is licht verontreinigd met kwik, PCB en PAK en voldoet indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit aan klasse wonen;

Zandpad 

In de aanwezige puinfundering van het zandpad zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond;

In de zintuiglijk schone bodemlaag zijn voor de geanalyseerde parameters geen verhoogde gehaltes ten opzichte van de achtergrondwaarde gemeten. De zintuiglijk schone bodemlaag is indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit vrij toepasbaar.

Algemeen 

de werkzaamheden ter plaatse van de gehele locatie uitgevoerd kunnen worden onder de basishygiëne volgens CROW 400;

het grondwater licht verontreinigd is met xylenen;

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/27

Het gehalte aan PFAS overschrijdt op de gehele locatie de achtergrondwaarde niet waardoor de grond indicatief getoetst aan de Regeling Bodemkwaliteit ten aanzien van PFAS, met uitzondering van grondwaterbeschermingsgebied, vrij toepasbaar is.

Op basis van deze resultaten kan de hypothese, zoals verwoord in paragraaf 2.4, in principe worden aanvaard. De uitvoering van een aanvullend of nader onderzoek is, ons inziens, niet zinvol. Tegen de voorgenomen reconstructie van de onderzoekslocatie zijn, ons inziens, geen zwaarwegende milieuhygiënische bezwaren aan te voeren. Indien grond afgevoerd moet worden van de locatie, dient rekening gehouden te worden met gebruiksbeperkingen van de vrijkomende grond. Conform de Regeling bodemkwaliteit mag de grond slechts onder voorwaarden worden hergebruikt. Eventueel vrijkomende grond mag echter wel op de locatie worden hergebruikt. Grond die binnen de gemeente wordt hergebruikt kan, als de gemeente beschikt over een bodemkwaliteitskaart, op basis van dit rapport hergebruikt worden. Indien de gemeente niet over een bodemkwaliteitskaart beschikt of de grond buiten de grenzen van de bodemkwaliteitskaart toegepast zal worden, dient een partijkeuring conform het BRL SIKB 1000 VKB protocol 1001 uitgevoerd te worden. Opgemerkt wordt dat wij slechts een adviserende taak hebben en dat het bevoegd gezag de noodzaak tot de uitvoering van nader of aanvullend onderzoek vaststelt.

Alhoewel het onderzoek met de grootst mogelijke nauwkeurigheid en conform de daarvoor opgestelde normen en richtlijnen is uitgevoerd dient opgemerkt te worden dat een bodemonderzoek slechts bestaat uit een steekproef waarbij een relatief gering aantal boringen en analyses wordt uitgevoerd. Niet geheel uitgesloten kan worden dat op de locatie een verontreiniging aanwezig is die bij dit onderzoek niet is aangetroffen.

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/28

7

REFERENTIES 1.

NEN 5740, januari 2009. Bodem, bodem- landbodem- strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en grond [13.080.05]. NNI, Delft

2.

Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, Beoordelingsrichting voor het SIKB procescertificaat Veldwerk bij Milieuhygiënisch Bodemonderzoek, BRL SIKB 2000, Gouda, 1 februari 2018

3.

Circulaire Bodemsanering per 1 juli 2013, 27 juni 2013, BWBR0033592

4.

Landelijke referentiewaarden ter onderbouwing van maximale waarden in het bodembeleid, RIVM rapport 711701053

5.

Regeling bodemkwaliteit, 13 december 2007, BWBR0023085

Milieukundig onderzoek Stationsomgeving te Soest Zuid

JvK/17959-2/29

Bijlage 1

Bijlage 2

Bijlage 3

Bijlage 4

01

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -23

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, beige, zwak roest , edelm an

A 50 B

-90 100

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, zwak roest , edelm an

C

-125

t ype g r on d b or in g dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

02

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor

A

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak grindig, licht bruin, edelm an

-17 50

-60

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an B

100

-125

t ype g r on d b or in g dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

03

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor

A

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, m at ig grindig, neut raal bruin, sporen slakken, edelm an

-19 50 B

100

-40

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, beige, edelm an -90

C

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an -125

t ype g r on d b or in g dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 1 va n 2 0

04

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -20

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, schep

50

A B

100

C

-41

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an -70

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, licht bruin, edelm an -90

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an, gest aakt ivm harde laag

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

-114

m eet punt 04 18509507

05

asfalt , m aaiveld

0

0

kernboor -18

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, schep

50

100

-31 -34

A

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an

B

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal bruin, edelm an

-90

-125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s m eet punt 05 18509508

m eet punt 05 18509509

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 2 va n 2 0

06

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -21

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, schep

50

-40 A

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, licht beige, edelm an

B

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, bruin, edelm an

100

-100

-125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s m eet punt 06 18509510

m eet punt 06 18509511

07

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -19

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, st erk zand, schep

50

-34 A

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, geel, edelm an

B

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, licht beige, edelm an

100

-100

-125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s m eet punt 07 18509516

m eet punt 07 18509517

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 3 va n 2 0

08

asfalt , m aaiveld

0

0

kernboor -21

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, st erk zand, schep

A

50

-34

100

zand, m at ig grof, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, geel, edelm an

B

-60

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, licht beige, edelm an -125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s m eet punt 08 18509514

m eet punt 08 18509515

09

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -21

50

A

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, riverside, niet bem onst erd ivm dunne laag -25

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an 100

B

-70

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, bruin, edelm an -125

t ype g r on d b or in g dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 4 va n 2 0

10

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -23

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, st erk zand, schep

50 A

-38

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, edelm an 100

-100

B

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, m at ig leem , edelm an -125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

m eet punt 10 18509512

m eet punt 10 18509513

11

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor

A

st erk puin, st erk asfalt , st erk bakst een, st erk grind, st erk zand, schep

-21 50

100

B

-33

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal beige, bruin, edelm an -125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 2 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s m eet punt 11 18509520

m eet punt 11 18509521

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 5 va n 2 0

12

asfalt , m aaiveld

0

0 Asfalt

kernboor -20

volledig m enggranulaat , schep -35 -35

50 A

brokken bakst een, brokken puin, st erk zand, schep

B

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, m at ig bakst een, m at ig m et selpuin, edelm an

-52 100

-90

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

150 C

-190 D

leem , st erk zandig, neut raal beige, grijs, edelm an

E

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, licht beige, edelm an

200

m eet punt 12 18509518 -240

250

-280

veen, st erk zandig, donker bruin, edelm an

F 300

-300

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

m eet punt 12 18509519

13 0

asfalt , m aaiveld 0

Asfalt

kernboor

A

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

-14 50

-50 B

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, edelm an

100 C 150 D 200 E 250 -270 F 300

leem , st erk zandig, neut raal beige, grijs, edelm an -300

t ype g r on d b or in g dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 6 va n 2 0

14 0

asfalt , m aaiveld 0

Asfalt

kernboor

A

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, bruin, edelm an

-10 50 B 100 C -130

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, sporen bakst een, edelm an

D 150

-150

E

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht beige, edelm an

200 F 250

-260

leem , st erk zandig, neut raal beige, grijs, edelm an

G 300

-300

t ype g r on d b or in g dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

15 0

asfalt , m aaiveld Asfalt

0

kernboor -4

A 50

brokken bakst een, brokken puin, st erk zand, m at ig m et selpuin, schep -18

B

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, donker bruin, edelm an -50

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

100 C 150 D 200

-200

m eet punt 15 18509524

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

m eet punt 15 18509525

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 7 va n 2 0

16 0

asfalt , m aaiveld Asfalt

0

kernboor -3

brokken bakst een, brokken puin, st erk zand, brokken st een, m at ig m et selpuin, schep

A 50

-21

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, edelm an

B

-50

100

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

C 150 D 200

-200

m eet punt 16, laag 3-21 18509528

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

m eet punt 16, laag 3-21 18509529

17 0

asfalt , m aaiveld Asfalt

0

kernboor -8

50

A

brokken bakst een, brokken puin, st erk zand, m at ig m et selpuin, schep -23

zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, edelm an -70

B

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

100 C 150 D 200

-200

m eet punt 17 18509522

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

m eet punt 17 18509523

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 8 va n 2 0

18 0

asfalt , m aaiveld Asfalt

0

kernboor -14

volledig m enggranulaat , schep -42 -42

50

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

A

100

B -125

t ype in sp e ct ie g a t dat um 0 3 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s m eet punt 18 18509526

m eet punt 18 18509527

19 0

asfalt , m aaiveld Asfalt

0

kernboor -10

m at ig zand, st erk st een, sporen bakst een, st erk kolengruis, uit erst grind, kernboor

50 A

-47

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an

100 B -125

t ype g r on d b or in g dat um 0 4 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code dat um get ekend conform pagina

Soe st 17959 2 0 -1 2 -2 0 1 9 N EN 5 1 0 4 9 va n 2 0

20 0

asfalt , m aaiveld Asfalt

0

kernboor -5

A

50

m at ig zand, st erk st een, sporen bakst een, st erk kolengruis, uit erst grind, kernboor -25

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, zwak roest , edelm an 100

B

-70

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an -125

t ype g r on d b or in g dat um 0 4 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

21

klinker, m aaiveld

0

0 A B

50

-8

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, grijs, edelm an -30

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, licht bruin, edelm an -60 100

C

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, edelm an -125

t ype g r on d b or in g dat um 0 4 -1 2 -2 0 1 9 boorm eest er R. Re in d e r s

22

klinker, m aaiveld

0

0 A

50 B

100

-8

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, grijs, edelm an -40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=5846fa4f-d39a-4e71-af63-6fac460124a4