CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

4b 3 Bijlage 1 Was-wordt tabel versie 2016 - 2021.pdf

Besluitvormende Raadsvergadering 2 december 2021, gemeente SoestBij agendapunt: Invoering ja/ja sticker2.333 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Afvalstoffenverordening - wijzigingen 2016

2021

Paragraaf 1 ALGEMENE BEPALINGEN artikel 1 Sub a: Wet milieubeheer

Paragraaf 2 INZAMELING VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN artikel 2

Motivatie wijziging

Paragraaf 1 ALGEMENE BEPALINGEN artikel 1 a.

Dit begrip is geschrapt.

De begripsomgschrijving van 'wet' is geschrapt, omdat dat begrip als zodanig niet voorkomt in de verordening.

g.

perceel: perceel waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan;

Sub g: omschrijving van het begrip 'perceel' toegevoegd. Begripsomschrijving miste.

Paragraaf 2 INZAMELING VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN artikel 2 In de model verordening van de VNG is een aantal uitvoerende zaken aan het college gedelegeerd. Hier wordt het VNG model gevolgd.

Sub 4 bestond niet.

Sub 4: Het college kan nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt.

artikel 3

artikel 3

Sub 3 bestond niet.

Sub 3: Het college stelt regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel.

Deze tekst ontbrak. Is toegevoegd en daarmee wordt het VNG model gevolgd. College bepaald reeds de afvalinzamelstromen en in de praktijk ook de frequentie en locaties (middels het uitvoeringsbesluit). In de praktijk wijzigt er dus niets.

Sub 4: In ieder geval de volgende bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld:

Deze tekst ontbrak. Is toegevoegd en daarmee wordt het VNG model gevolgd. College bepaald reeds de afvalinzamelstromen en in de praktijk ook de frequentie en locaties (middels het uitvoeringsbesluit). In de praktijk wijzigt er dus niets.

Sub 4 bestond niet.

- bioafval (gft) - papier en karton - glas - textiel

artikel 6

artikel 6

Sub 2: Het verbod geldt niet voor de inzameldienst of andere inzamelaars.

Sub 2: Het verbod geldt niet voor de door het college aangewezen inzameldienst of andere door het college aangewezen inzamelaars.

Paragraaf 3 TER INZAMELING AANBIEDEN VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN artikel 10

Paragraaf 3 TER INZAMELING AANBIEDEN VAN HUISHOUDELIJKE AFVALSTOFFEN artikel 10 Sub 4: Het college kan nadere regels stellen omtrent de plaats en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten worden aangeboden. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van de verboden, bedoeld in de eerste twee leden van dit artikel.

Sub 4: Het college kan regels stellen omtrent de plaats en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten worden aangeboden.

Paragraaf 4 INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN artikel 14

Sub 3: Het is verboden de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met deze regels.

Paragraaf 4 INZAMELING VAN BEDRIJFSAFVALSTOFFEN artikel 14 Sub 2: Het college kan regels stellen omtrent de dagen, tijden, wijzen en plaatsen waarop de op grond van artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst ter inzameling kunnen worden aangeboden of overgedragen, of bij een inzamelplaats kunnen worden achtergelaten. Sub 3: Het is verboden om de op grond van artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden in strijd met de in artikel 14 lid 2 genoemde regels.

artikel 15

artikel 15

Sub 2: Het college kan regels stellen omtrent de dagen, tijden, wijzen en plaatsen waarop de krachtens artikel 13 aangewezen bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst ter inzameling kunnen worden aangeboden.

Sub 2: toegevoegd 'door het college aangewezen'. Dit is een nadere verduidelijking. Hier wijzigen geen bevoegdheden ten op zichte van de huidige situatie.

Sub 4: toegevoegd: 'Deze regels kunnen voor categorieen van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van de verboden, bedoeld in de eerste twee leden van dit artikel'. Hiermee wordt inhoudelijk het VNG model gevolgd.

Sub 2: teksttuele wijzigingen. Toegevoegd: '… of overgedragen, of bij een inzamelplaats kunnen worden achtergelaten'. Dit is een nadere verduidelijking, geen inhoudelijke wijziging.

Sub 3 bestond niet.

Sub 3: Het college kan regels stellen over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de bedrijfsafvalstoffen.

Deze tekst ontbrak. Is toegevoegd en daarmee wordt het VNG model gevolgd. College bepaald reeds de afvalinzamelstromen en in de praktijk ook de frequentie en locaties (middels het uitvoeringsbesluit). In de praktijk wijzigt er dus niets.

Sub 4 bestond niet.

Sub 4: Het college kan nadere regels stellen voor het aanbieden, overdragen of achterlaten van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van een verbod inhouden.

Deze tekst ontbrak. Is toegevoegd en daarmee wordt het VNG model gevolgd. College bepaald reeds de afvalinzamelstromen en in de praktijk ook de frequentie en locaties (middels het uitvoeringsbesluit). In de praktijk wijzigt er dus niets.

Paragraaf 5 ONGEADRESSEERD DRUKWERK artikel 16 1.

In dit artikel wordt verstaan onder:

Geheel hieuwe paragraaf / artikel i.v.m. de invoering van de ja-ja sticker.

huis-aan-huisblad: ongeadresseerd blad dat met een vaste frequentie gratis huis aan huis wordt verspreid in een geografisch beperkt gebied, waarvan tenminste 10% van de inhoud bestaat uit informatie over en nieuws uit het eigen verspreidingsgebied, niet zijnde reclame; ongeadresseerd reclamedrukwerk: reclamedrukwerk of proefmonsters van producten die gratis huis aan huis worden verspreid zonder vermelding van naam, adres of postbus en woonplaats van de ontvanger, niet zijnde: a) een huis-aan-huisblad of andere informatie over werkzaamheden of activiteiten in de buurt die voor de bewoners of gebruikers van een woning, bedrijf of woonschip in die buurt van belang zijn om te weten;

2.

3.

b) drukwerk van vrijwilligers of niet-commerciële organisaties. Een huis-aan-huisblad mag worden bezorgd bij een perceel, tenzij de bewoner of gebruiker expliciet kenbaar heeft gemaakt geen prijs te stellen op het ontvangen ervan. Het is verboden ongeadresseerd reclamedrukwerk te bezorgen bij een perceel, tenzij de bewoner kenbaar heeft gemaakt prijs te stellen op het ontvangen ervan.

Door invoeging artikel 16 is de nummering versprongen tussen de beide versies. Paragraaf 5 ZWERFAFVAL artikel 16

Paragraaf 6 ZWERFAFVAL artikel 17

Sub 1: Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu.

Sub 1: Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu.

De 'Wet milieubeheer' is verwijderd, met het oog op de aanstaande wijzigingen in de wetgeving. Bovendien is het niet noodzakelijk om deze wet hier te benoemen.

Sub 4: Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Wet bodembescherming of het Bouwstoffenbesluit voorziet in de beoogde bescherming van het milieu.

Sub 4: Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit Bodemkwaliteit voorziet in de beoogde bescherming van het milieu.

De verwijzing naar de Waterwet ontbrak (vergelijking basistekst VNG).

artikel 17

artikel 18

artikel 18

artikel 19

artikel 19 (Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren)

artikel 20 (Afvalvakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren) Geheel artikel 20 is tekstueel gewijzigd met het oog op de inwerkingtreding van de Omgevingswet en het in artikel 27 opgenomen overgangsrecht. De VNG tekst is basis hiervoor. Inhoudelijk vergelijkbaar.

De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht:

a.

een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten;

b.

zorg te dragen dat deze afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd;

c.

zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk een uur na sluiting van de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de 2. naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd.

1.

3.

Degene die een inrichting drijft waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting van een steeds voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval.

Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen, die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd, binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting.

De vorige leden gelden niet voor situaties waarin wordt voorzien door het Activiteitenbesluit milieubeheer.

artikel 20

artikel 21

artikel 21

artikel 22

Paragraaf 6 OVERIGE ONDERWERPEN DIE DE VERORDENING AANGAAN artikel 22 (Verbod opslag van afvalstoffen)

Paragraaf 7 OVERIGE ONDERWERPEN DIE DE VERORDENING AANGAAN artikel 23 (Verbod opslag van afvalstoffen)

Sub 1: Het is verboden afvalstoffen op voor het publiek zichtbare plaats in de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben.

Sub 1: Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek zichtbare plaats in de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan het in overeenstemming met deze verordening aanbieden, achterlaten of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen.

artikel 23 (Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden)

artikel 24 (Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden)

Het is de eigenaar of kentekenhouder verboden zich te ontdoen van een autowrak, dat afkomstig is van een huishouden, anders dan door afgifte aan inrichtingen, genoemd in artikel 6 van het Besluit Beheer Autowrakken.

Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken.

1.

2.

3.

4. 5.

6.

artikel 25 (Kadavers van gezelschapsdieren) Voor de toepassing van dit artikel wordt onder gezelschapsdier verstaan: een dier dat de mens in of rond het huis houdt en verzorgt, niet zijnde een hobby- of landbouwhuisdier. Burgemeester en wethouders kunnen een ondernemer aanwijzen die [tevens] belast is met de inzameling van kadavers van gezelschapsdieren. Van ingezamelde kadavers wordt aangifte gedaan bij Rendac Son B.V. De kadavers worden bewaard en overgedragen aan Rendac Son B.V. in overeenstemming met het bepaalde bij of krachtens artikel 3.1 van de Wet dieren. Uiterlijk op de eerste werkdag die volgt op de dag waarop het gezelschapsdier dood is aangetroffen, geeft de houder van het kadaver dit af aan de ondernemer, bedoeld in het tweede lid. Tot het tijdstip van afgifte bewaart de houder het kadaver zodanig dat er geen vermenging is met ander materiaal. Het vierde lid is niet van toepassing op het kadaver dat wordt begraven op een terrein dat ter beschikking staat van de houder van het kadaver of dat uiterlijk de eerste werkdag na overlijden wordt afgegeven aan een ondernemer die is erkend op grond van artikel 24, eerste lid, onder b, c of d, van de Verordening 1069/2009/EG.

Tekst is uitgebreid conform de VNG modelovereenkomst.

Dit artikel is tekstueel gewijzigd met het oog op de inwerkingtreding van de Omgevingswet en het in artikel 27 opgenomen overgangsrecht. Tekst VNG overgenomen. Geen inhoudelijke wijziging.

Er was geen artikel hiervoor in de verordening opgenomen. Tekst VNG overgenomen.

Paragraaf 7 SLOTBEPALINGEN artikel 24 (Strafbepaling)

Paragraaf 8 SLOTBEPALINGEN artikel 26 (Strafbare feiten)

Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 3º, Wet op de economische delicten:

Overtreding van hetgeen bij of krachtens onderhavige verordening is bepaald, met de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3 van de Wet op de economische delicten.

Tekst is aangepast met input VNG modelovereenkomst, juiste verwijzing naar artikelen doorgevoerd.

Lijst met strafbare feiten.

Lijst met strafbare feiten verwijderd.

In de oude versie was een opsomming opgenomen van strafbare feiten. Dit is dubbelop, derhalve geschrapt. Wijzigt niets aan de inhoud.

artikel 27 (Wijzigingen als gevolg van de Omgevingswet en overgangsrecht)

Geheel nieuw artikel, invoering Omgevingswet. Verwijzingen in het artikel zorgen ervoor dat na invoering van de Omgevingswet de verordening nog steeds klopt met de dan geldende wetgeving.

Op het tijdstip waarop de Omgevingswet in werking treedt, wordt deze verordening gewijzigd als volgt: a. in artikel 17, vierde lid, wordt “Waterwet” vervangen door “Omgevingswet”; b. in artikel 20 vervallen de aanduiding “1.” voor het eerste lid, en het tweede en derde lid; c. in artikel 23, eerste lid vervalt “en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer” en aan het artikel wordt een vierde lid toegevoegd inhoudende “Het verbod geldt niet als voor de opslag van afvalstoffen een omgevingsvergunning is afgegeven.”; d. in artikel 24 wordt “anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken” vervangen door “anders dan door afgifte aan de houder van een omgevingsvergunning voor het demonteren van autowrakken of wrakken van tweewielige motorvoertuigen”; e. in artikel 28 wordt na “Wet algemene bepalingen omgevingsrecht” ingevoegd “of artikel 18.6 van de Omgevingswet”. artikel 25 (Toezichthouders)

artikel 28 (Toezichthouders)

artikel 26 (Inwerkingtreding)

artikel 29 (Inwerkingtreding)

1.

Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

1.

Deze verordening treedt in werking zes weken na de dag waarop zij is bekendgemaakt.

2.

De Afvalstoffenverordening gemeente Soest van 28 oktober 2010 wordt ingetrokken.

2.

De Afvalstoffenverordening Soest 2016 van 26 november 2015 wordt ingetrokken op het moment van inwerkingtreding als bedoeld in het vorige lid.

artikel 27 (Overgangsbepaling)

artikel 30 (Overgangsbepaling)

artikel 28 (Citeerbepaling)

artikel 31 (Citeerbepaling) Wijziging van het jaartal van de verordening doorgevoerd.

Aangepast i.v.m. de Referendumverordening van Soest, die aangeeft dat bepaalde verordeningen pas 6 weken na bekendmaking in werking treden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=d84a00be-402e-43d1-9ded-1ebd0c15b410