3 2 Bijlage 1 Begroting 2023 - 2026
Tekst van het document
Begroting 2023 Inclusief Meerjarenramingen 2024 - 2026
versienummer
INHOUDSOPGAVE LEESWIJZER .........................................................................................................................................................2 HOOFDSTUK 1 – BESTUURLIJKE INLEIDING ..........................................................................................................3 HOOFDSTUK 2 – FINANCIËLE POSITIE ................................................................................................................ 11 HOOFDSTUK 3 – BELEIDSBEGROTING ................................................................................................................ 21 PROGRAMMA 1 – BESTUURLIJKE OMGEVING ............................................................................................................ 21 DEELPROGRAMMA 1.1 BESTUUR ........................................................................................................................... 21 DEELPROGRAMMA 1.2 DIENSTVERLENING................................................................................................................ 28 DEELPROGRAMMA 1.3 VEILIGHEID ......................................................................................................................... 30 DEELPROGRAMMA 1.4 ACCOMMODATIES EN EIGENDOMMEN ......................................................................................
33 PROGRAMMA 2 – FYSIEKE LEEFOMGEVING ...................................................................................................... 37 DEELPROGRAMMA 2.1 WONEN ............................................................................................................................. 37 DEELPROGRAMMA 2.2 KLIMAAT............................................................................................................................ 44 DEELPROGRAMMA 2.3 ECONOMIE ................................................................................................................... 51 DEELPROGRAMMA 2.4 MOBILITEIT EN INFRASTRUCTUUR .................................................................................. 53 DEELPROGRAMMA 2.5 NATUUR EN LANDSCHAP ........................................................................................................ 56 PROGRAMMA 3 – SOCIALE LEEFOMGEVING...................................................................................................... 61 DEELPROGRAMMA 3.1 SOCIAAL DOMEIN ................................................................................................................ 61 DEELPROGRAMMA 3.2 ONDERWIJS ........................................................................................................................
71 DEELPROGRAMMA 3.3 SPORT, KUNST EN CULTUUR .................................................................................................... 73 OVERHEAD ........................................................................................................................................................ 80 ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN ...................................................................................................................... 83 PARAGRAFEN .................................................................................................................................................... 86 A WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING ..................................................................................................... 86 B FINANCIERING ............................................................................................................................................... 107 C BEDRIJFSVOERING .......................................................................................................................................... 113 D ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN, INCLUSIEF INVESTERINGSOVERZICHT ..................................................................... 119 E VERBONDEN PARTIJEN .....................................................................................................................................
131 F GRONDBELEID ............................................................................................................................................... 160 G LOKALE HEFFINGEN ........................................................................................................................................ 168 HOOFDSTUK 4 – BIJLAGEN .............................................................................................................................. 184 4.1 RECAPITULATIESTAAT ................................................................................................................................... 184 4.2 KERNGEGEVENS ......................................................................................................................................... 185 4.3 OVERZICHT RESERVES EN VOORZIENINGEN ........................................................................................................ 187 4.4 TOELICHTING MUTATIES RESERVES EN VOORZIENINGEN ........................................................................................ 189 4.5 OVERZICHT GERAAMDE INCIDENTELE BATEN EN LASTEN ........................................................................................ 193 4.6 OVERZICHT SUBSIDIES ..................................................................................................................................
194 4.7 EMU SALDO .............................................................................................................................................. 195 4.8 UITVOERINGSINFORMATIE (GEBASEERD OP TAAKVELDEN) ..................................................................................... 196
1
LEESWIJZER Voor u ligt de begroting 2023. Deze bevat: - De bestuurlijke inleiding; - Het financieel beeld. Hierin lichten we het financieel perspectief toe en bouwen we verder op de cijfers vanaf de kaderbrief 2023/voorjaarsnota 2022 en de junibrief 2022. In de raad van 7 juli jl. is de raad reeds geïnformeerd over het nieuwe coalitieakkoord en de adviezen van de taskforce Bouwen en wonen. In de voorliggende begroting is hieraan nadere uitwerking gegeven; - De drie hoofdprogramma’s bestuurlijke omgeving, fysieke leefomgeving en sociale leefomgeving. Elk hoofdprogramma hebben we uitgewerkt in deelprogramma’s; - Overzicht van overhead en algemene dekkingsmiddelen. Deze zijn ondersteunend; - In de paragrafen en bijlagen gaan we dieper in op de details uit onze begroting. Waar in de begroting wordt gesproken over Soest bedoelen we Soest en Soesterberg, tenzij uit de context anders blijkt.
2
Hoofdstuk 1 – Bestuurlijke inleiding Hierbij bieden wij u de begroting 2023-2026 aan, de eerste begroting in de nieuwe raadsperiode. We zijn er trots op dat we u een ambitieuze begroting kunnen voorleggen, waarin de opgaven en ambities uit het coalitieakkoord zo veel mogelijk - ook financieel - zijn vertaald. Dat neemt overigens niet weg dat bij een aantal onderwerpen nog wel nadere besluitvorming door uw raad noodzakelijk is. We presenteren deze begroting in onzekere en onstuimige tijden. De oorlog in Oekraïne, de hoge inflatie en met name de sterk gestegen energiekosten, ze komen boven op bestaande crises rond klimaat, stikstof en woningbouw. En ook corona is nog altijd niet de wereld uit. We zien dat het Rijk maatregelen treft om de negatieve effecten op de koopkracht te dempen. De vraag is of deze maatregelen voldoende zijn en of deze op tijd komen. Waar nodig en waar mogelijk zijn ook wij bereid als gemeentelijke overheid ondersteuning te bieden. Hierbij denken we niet alleen aan onze inwoners met (dreigende) financiële problemen, maar ook aan onze maatschappelijke partners die eveneens worden geconfronteerd met exorbitant gestegen energielasten. In de voorliggende begroting hebben we geen inschatting kunnen maken van de potentiële consequenties voor de begroting. We volgen de ontwikkelingen op de voet en komen zo nodig bij uw raad terug met concrete voorstellen.
Het coalitieakkoord 2022-2026 Bouwen aan de toekomst, samen aan de slag!, dat op 9 juni aan uw raad werd gepresenteerd, staat aan de basis voor deze begroting. ‘Samen’ is hierbij voor ons een leidend beginsel. Samen met inwoners, samen met ondernemers, samen met uw raad. Waarbij we het gesprek voeren op basis van kennis, inhoud en argumenten en rekening houden met belangen van minderheden. In de begroting laten we zien hoe we hieraan concreet uitvoering geven. Bijvoorbeeld door het organiseren van wijkbijeenkomsten om de resultaten van de burgerpeiling waarstaatjegemeente met inwoners te bespreken. De aanpak van het woningtekort heeft een grote prioriteit in het coalitieakkoord gekregen. Conform de hierin geformuleerde uitgangspunten leggen we de focus bij bouwen en wonen in eerste instantie bij de lopende grote projecten: Soesterberg-Noord, Dalweg en de Meent. Bij het project de Meent willen we in elk geval het woonwagencentrum brandveilig maken. Daar hebben we middelen in de begroting voor opgenomen. Bij particuliere initiatieven geven we waar mogelijk voorrang aan de grotere projecten. Voor de ontwikkelingen in Soesterberg ligt een keuze voor om hierin als gemeente actief grondbeleid te voeren of om een meer faciliterende rol aan te nemen. Deze keuze, die een grote financiële impact kan hebben, leggen we u in het eerste kwartaal van 2023 voor.
Alles wijst erop dat de woningnood ook op langere termijn zal aanhouden. Om daarop tijdig voorbereid te zijn, gaan we het komende jaar al het gesprek aan met onze inwoners over mogelijke woningbouwlocaties na 2030.
3
In de begroting hebben we middelen geraamd om de komende jaren te investeren in de openbare ruimte van Soesterberg-Kom. Daarmee spelen we in op de plannen van Portaal om de bestaande woningvoorraad te vervangen door nieuwbouw en 100 extra woningen te bouwen. In 2022 evalueren we het Masterplan Wonen. Onderdeel van deze evaluatie is in elk geval het thema betaalbaar wonen. Als de evaluatie daartoe aanleiding geeft, komen we in 2023 met nadere voorstellen. Hierbij betrekken we ook nieuwe instrumenten, zoals de zelfbewoningsplicht en het voornemen van het Rijk om gemeenten de mogelijkheid te bieden een deel van de vrijgekomen koophuizen toe te wijzen aan eigen inwoners. Naast bouwen en wonen blijft ook het sociaal domein een eerste prioriteit van ons college. In 2023 werken we verder aan een nieuwe visie op het sociaal domein. Dit doen we samen met inwoners, professionals en uw raad. Bij de participatie zorgen we voor aansluiting op de trajecten voor de nieuwe cultuurnota en de nieuwe sportnota. Ook betrekken we hierbij de evaluatie van het project Smitsveen, dat formeel eind 2022 afloopt. Wat is er nodig om de leefbaarheid en veiligheid in Smitsveen ten minste op het huidige niveau te houden? En misschien zijn er delen van deze wijkaanpak bruikbaar voor andere wijken.
De nieuwe visie zal – kort samengevat - antwoord moeten geven op de vraag Wat voor een gemeente willen we zijn als het gaat om zorgen voor elkaar? Tegelijk zien we ontwikkelingen binnen het sociaal domein die nu al aanleiding zijn u een aantal aanvullende begrotingsvoorstellen voor te leggen: zo ramen we extra middelen voor het inlooppunt GOOS (Geld Op Orde Soest) en vroegsignalering (om problematische schuldensituaties te voorkomen). Wij zijn blij dat ons initiatief een sociaal-culturele voorziening in Soesterberg te realiseren, breed wordt gedragen. Dit moet leiden tot een concreet voorstel dat we u in 2023 ter besluitvorming voorleggen. In de begroting hebben we al rekening gehouden met de naar huidige inschatting benodigde budgetten. In overeenstemming met de afspraken uit het coalitieakkoord zetten we belangrijke stappen om de ambtelijke én bestuurlijke ‘basis op orde’ te brengen. Hiervoor treft u concrete voorstellen aan in de begroting. We lichten dit voornemen direct onder deze inleiding uitgebreid toe onder de titel Bouwen aan vertrouwen. In het overdrachtsdocument gaf het vorige college als motto mee alles moet, maar niet alles kan. Deze boodschap is nog onverminderd actueel. De tekorten op de arbeidsmarkt strekken zich inmiddels uit tot alle beroepsgroepen.
Voor de begroting betekent dit dat we een reëel risico lopen dat niet alle opgaven in het voorgenomen tijdpad kunnen worden uitgevoerd. Ondanks de vertaling van de ambities uit het coalitieakkoord en de verwerking van een aantal autonome tegenvallers (vooral vanwege de sterke prijsontwikkeling) zijn we erin geslaagd u een structureel sluitende begroting aan te bieden. Alle begrotingsjaren sluiten met een positief begrotingsresultaat.
4
Ook de algemene reserve ontwikkelt zich positief en bevindt zich nu ruim boven het afgesproken minimumniveau. Daarbij plaatsen we direct de kanttekening dat financiële ruimte noodzakelijk blijft, omdat nog niet alle opgaven en ambities in de begroting konden worden vertaald. In paragraaf 2.2 gaan we daar verder op in. Ook zullen we ruimte moeten houden voor onzekere ontwikkelingen en risico’s. In de aanhef van deze inleiding gaven we al aan dat de sterk gestegen prijzen en vooral die van energie tot aanvullende (begrotings)maatregelen kunnen leiden. Ook de recent sterk oplopende rentes op de kapitaalmarkt, die zeker op termijn een risico vormen voor onze financiële ruimte, illustreren deze noodzaak. Ondanks de geplaatste kanttekeningen, blijft de conclusie overeind dat de financiële positie van Soest gezond is. Dit biedt een solide basis om verder te bouwen aan een mooie toekomst voor Soest en Soesterberg!
Het college van burgemeester en wethouders Soest, 29 september 2022
5
Basis op Orde: bouwen aan vertrouwen “We streven naar een klantgerichte, efficiënte en informatieveilige dienstverlening. We zijn ons hierbij van bewust dat de samenleving steeds hogere eisen aan de gemeente stelt. Inwoners, ondernemers en gemeente hebben elkaar nodig. Wij willen inwoners en ondernemers dan ook in een vroeg stadium betrekken bij het maken van plannen en aan hen ruimte geven voor initiatieven. Dit vergt dat wij (organisatie en bestuur) openstaan voor de samenleving en de verbinding met inwoners en ondernemers blijven maken. Daar willen we snel en samen mee aan de slag”, een belangrijke doelstelling uit het coalitieakkoord. We hebben ook geconstateerd dat het piept en kraakt in de ambtelijke organisatie. Dat is de reden dat u ons, met de vaststelling van de voorjaarsnota/kaderbrief 2021, heeft gevraagd om ook hiervoor met voorstellen te komen zodat wij met elkaar onze ambities kunnen realiseren. Om tot die voorstellen te komen, hebben wij gebruik gemaakt van de uitkomsten en adviezen van de taskforce bouwen en wonen.
Taskforce bouwen en wonen Een belangrijke reden om in de zomer van 2021 een taskforce bouwen en wonen in het leven te roepen was de grote behoefte aan woningen en het feit dat woningbouw sterk verbonden is met en effect heeft op andere maatschappelijke vraagstukken. Dit was echter niet het enige. De toegenomen complexiteit en omvang van maatschappelijke vraagstukken de laatste jaren heeft geleid tot grote opgaven en de ambitie om die in samenhang op te pakken. Dit terwijl de ambtelijke organisatie niet evenredig is meegegroeid. Deze onbalans heeft geleid tot het stagneren van (woningbouw)projecten, een teruglopende dienstverlening (oplopende wachtlijsten), verminderde telefonische bereikbaarheid met name in de tweede lijn en een kwetsbaarder bedrijfsvoering. De taskforce heeft daarom voor de korte termijn (2022) ingezet op het vlot trekken van grote kansrijke woningbouwprojecten met de focus op Soesterberg (Noord). Mede door een subsidie van de provincie Utrecht voor het versnellen van woningbouw is met extra inzet in 2022 ook een aantal grotere particuliere initiatieven versneld opgepakt. Tegelijkertijd is, met ondersteuning van twee adviesbureaus, inzichtelijk gemaakt welke structurele oplossingen nodig zijn om de dienstverlening in de volle breedte weer op een gewenst niveau te brengen en zo te bouwen aan meer vertrouwen in ons als overheid en als werkgever.
6
De (tussen)resultaten hebben wij in mei dit jaar met u besproken. De definitieve rapportages hebben wij inmiddels ontvangen. Samengevat is de rode lijn in de constateringen van beide bureaus: •
•
•
• • •
Alles lijkt belangrijk, we hebben een korte termijn oriëntatie en zijn enorm gedreven. Dit kenmerkt ons hele systeem, bestuurlijk en ambtelijk. Hieraan verbonden: het ambtelijk bestuurlijk samenspel kan beter. Onvoldoende verbinding intern en onvoldoende vertaling van buiten naar binnen. Er wordt veelal vanuit de eigen vakdiscipline gewerkt en er is in de waan van de dag onvoldoende tijd om partners actief op te zoeken. Kaderstelling ontbreekt. Zo ontbreken een heldere ruimtelijke strategie en een integraal beleidskader voor de opgave bouwen en wonen en de daaraan gerelateerde opgaven, zoals Soesterberg Het tactisch beleid is grotendeels verouderd, zo ook het financieel beleid bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de sturing, aanpak en werkwijze zijn nog diverse professionaliseringsslagen te maken. De rek is uit de organisatie, er is geen denktijd en er is te weinig capaciteit om uitvoering te geven aan het werk. Dit is binnen het fysiek domein, maar ook bij ondersteunende taken zoals control. Er is sprake van onderbemensing en uitholling van taken.
De aanbeveling is om de komende anderhalf tot twee jaar de basis op orde te brengen. De verwachting is dat als ons eigen huis beter op orde is, wij in staat zijn om de complexe maatschappelijke vraagstukken ècht samen met onze maatschappelijke partners en inwoners op te pakken. De basis op orde brengen Wij hebben in het verlengde van de adviezen drie pijlers geformuleerd om de komende twee jaar de basis pgavegericht besturen op orde te brengen. Dit zijn de opgavegericht werken pijlers besturen, sturing en asis op orde werkwijze en capaciteit. Samen vormen zij het fundament om op Sturing apaciteit esturen werkwijze verder te bouwen. ES
I
E I
S
E S E
De aanpak om deze drie pijlers goed neer te zetten, wordt nader uitgewerkt in een plan van aanpak. Wat we daarin uitwerken is nauw verbonden met de doelen die zijn gesteld in het coalitieakkoord.
7
We dragen er zorg voor dat uw raad in positie wordt gebracht en strategische kaders kan stellen. We actualiseren ons beleid op basis van een in 2022 uit te voeren inventarisatie en we dragen zorg voor de voortgang van de al lopende projecten (besturen). Bestuurlijk brengt uw raad met deze kaderstelling en middels de p&c-documenten focus en prioritering aan. We investeren in een integrale sturing en werkwijze in de organisatie (sturing en werkwijze) en we brengen deze formatief op orde om de basistaken te kunnen uitvoeren (capaciteit). Over het versterken van het bestuurlijk ambtelijk samenspel dat daarbij hoort, gaan wij graag met u in gesprek. Pijler 1: Besturen In het coalitieakkoord hebben wij al benoemd dat een aantal strategische kaders ontbreekt en dat wij veelal sturen vanuit verouderd beleid. In 2023 zullen wij u een aantal kaders voorleggen, in deze begroting leest u meer hierover. Ook zullen wij, in afstemming met u, beleid in samenhang actualiseren. Verder zullen voor enkele lopende projecten bestuurlijke keuzes worden uitgewerkt en aan u voorgelegd. Denk aan Soesterberg Noord, De Kom en De Meent. Ook zullen inwoners en ondernemers gaan ervaren dat de dienstverlening bij ruimtelijke (aan)vragen versterkt wordt. Met daarbij wel de kanttekening dat procedures soms lang kunnen duren en er piekmomenten kunnen zijn in het aantal (aan)vragen.
Pijler 2: Sturing en werkwijze ambtelijke organisatie De maatschappelijke vraagstukken zijn complex en niet meer los te zien van elkaar. Dat vraagt een andere manier van denken en een andere werkwijze van ons als bestuur en van de organisatie. Vragen van inwoners en vraagstukken in onze maatschappij raken in veel gevallen meer leefgebieden die met elkaar samenhangen. Dat vraagt in het ambtelijk bestuurlijk samenspel voortdurend aandacht voor prioritering en focus houden. En het vraagt een integrale aanpak en integrale sturing. Vanuit organisatorisch perspectief is het van belang dat professionals met elkaar samenwerken en dat processen, werkwijze en expertise op elkaar afgestemd zijn om gezamenlijk aan oplossingen/antwoorden te werken. Hier zetten wij stevig op in om na zo’n twee jaar een volgende stap te kunnen zetten naar ècht opgavegericht werken, een besturingsfilosofie waarbij de opgave, de bedoeling daarvan, voorop staat en niet de organisatie of organisatiestructuren. Wij komen hier graag op een later moment bij uw raad op terug. Wij gaan hier middelen voor vrij maken en vanuit een samenhangend plan aan de slag. De hierboven beschreven kaderstelling en actualisatie van beleid zijn ook onderdeel van het plan. Daarin zult u ook de verandering terugzien. Pijler 3: Capaciteit: kwalitatief en kwantitatief Het is al eerder gezegd.
Het piept en het kraakt in de ambtelijke organisatie. Daarom hebben wij in beeld gebracht wat nodig is om de basistaken op een verantwoorde wijze te kunnen uitvoeren. Basistaken gericht op beleid, uitvoering, onderhoud en beheer, en control.
8
Als u besluit om de basis op orde te brengen en de organisatie te versterken, is het vinden van mensen de volgende uitdaging. Mensen die de veranderingen die we beogen mede vorm kunnen geven. We hebben echter wel te maken met een ‘overspannen’ arbeidsmarkt. En het is niet alleen vinden, maar ook binden en blijven boeien. In het plaatje hieronder schetsen wij wat wij hierboven hebben toegelicht en wat dit aan investeringen vraagt.
eleid Dienstverlening wachtlijsten egroting
ormatie uitvoering basistaken op orde
ontrol
Eind
(pijler ) nderhoud en beheer Informatievoorziening
Investeren in basis op orde
In begroting oorstellen volgen
Implementatie H (vinden, binden en boeien) met
itgangspunten en financieringsmogelijkheden worden nader uitgewerkt vanuit principe dekking uit projectbegroting
uimtelijke projecten en programma’s Hierboven is toegelicht wat minimaal nodig is om de gemeentelijke basistaken op het gewenste niveau uit te voeren. Daarnaast hebben wij een groot aantal ruimtelijke projecten lopen. Wij willen de benodigde capaciteit voor deze projecten borgen en flexibel zijn in groei of krimp van de projectcapaciteit in relatie tot de bestuurlijke ambities. Daarom hanteren wij het uitgangspunt dat in iedere projectbegroting altijd de volledige uitvoeringskosten (capaciteit, onderzoek, advies) worden opgenomen en dat er voldoende dekking tegenover staat voordat wordt gestart. Dit kunnen baten zijn uit de exploitatie, subsidies of zo nodig gelden uit gemeentelijke reserves of de algemene middelen. Uiteraard leggen wij u dit bij nieuw te starten projecten ter besluitvorming voor. Voor de lopende projecten is dekking via een grondexploitatie of er zijn voorstellen voor financiering opgenomen in deze begroting (Soesterberg Noord, de Vliegbasis, De Meent en De Kom, zie de pagina’s 38 t/m 41 in deze begroting). In de junibrief 2022 hebben wij toegezegd de kostentoerekeningssystematiek binnen het ruimtelijk domein te herzien, conform de adviezen van de bureaus. De verwachting is dat hiermee ook een deel van de kosten voor de aansturing van projecten gedekt kan worden.
Met het aanbieden van de herziening van de kostentoerekeningssystematiek, zullen wij ook de bestuurlijke uitgangspunten voor programma’s en projecten waar nodig (her)formuleren. Nadere voorstellen hiervoor werken wij uit en volgen begin 2023.
9
Basis op orde brengen: stapsgewijs Met de vaststelling van deze begroting spreken wij uit gezamenlijk bereid zijn te investeren in het versterken van de ambtelijke organisatie, die ‘terwijl de winkel open blijft’ ook een stevige veranderopgave heeft. Het op orde brengen van de basis vindt stapsgewijs plaats. Een andere manier van werken en denken is niet van het ene op het andere moment gerealiseerd. Ook de overspannen arbeidsmarkt maakt dat wij niet meteen de juiste man/vrouw op de juiste plek hebben en soms nog met tijdelijke invulling werken. De verandering is niet los is te zien van het lopende werk. De winkel blijft immers open en dat betekent dat wij uitvoering geven aan wat wij met de vaststelling van deze begroting afspreken. Ook in die uitvoering zult u geleidelijk veranderingen zien, zoals meer integraliteit en eenduidigheid in kaderstellende voorstellen en optimalisaties in onze dienstverlening, met name bij ruimtelijke vragen. Wij werken de aanpak uit in een implementatieplan waarin wij voor de drie pijlers, besturen, sturing en werkwijze, en capaciteit de stappen voor de komende twee jaar uitwerken. Eind 2022 informeren wij u hier graag nader over.
10
Hoofdstuk 2 – Financiële positie 2.1
Van kaderbrief 2023 naar een sluitende begroting 2023-2026
In de junibrief 2022 hebben we een structureel meerjarenperspectief gepresenteerd die positief is, maar afloopt in 2026 naar 2,7 mln. in de plus.
FMP Begrotingsuitkomsten 2023 - 2026 meerjarenraming 2023
2024
2025
2026
Meerjarenperspectief na Najaarsnota 2021
x€
;-=
/
2.536
2.514
3.606
3.606
Mutaties Voorjaarsnota 2022
-984
-962
-132
-172
Meicirculaire 2022
4.708
5.873
5.291
-515
Eerste start herstel balans
-180
-180
-180
-180
Begrotingssaldo na voorjaarsnota en junibrief 2022
6.080
7.245
8.585
2.739
Mutaties Junibrief 2022
Op 7 juli 2022 heeft uw raad de kaderbrief 2023/voorjaarsnota 2022 en de junibrief 2022 vastgesteld. De vermelde saldi in bovenstaande tabel zijn de begrotingsuitkomsten na vaststelling van deze documenten.
11
Tabel financieel meerjarenperspectief Financieel Meerjarenperspectief begrotingsuitkomsten 2023 - 2026 Meerjarenraming x€
;-=
/
2023
2024
2025
2026
A
Begrotingssaldo na Junibrief 2022
6.080
7.245
8.585
2.739
B
Vastklikken accres (2023 t/m 2025)
527
1.673
2.263
C
Verwerking motie Taakstelling Cultuur
-90
-30
< dekking coronamiddelen cultuur (najaarsnota 2022)
90
30
D
Begrotingssaldo vóór mutaties begroting 2023-2026
6.607
8.918
E
Aanvullingen Algemene uitkering
10.848
Aanvulling jaarschijf 2026
F
2.739
2.049
Mutaties Begroting 2023 Autonome ontwikkelingen Effect prijsstijging tlv begrotingssaldo
-1.252
-994
Effect loonstijging tlv begrotingssaldo
-786
-318
Overige autonome mutaties
-618
-855
-1.168
-1.096
3.951
6.751
9.055
3.692
-2.967
-2.120
-1.285
-2.454
G
Begrotingssaldo 2023-2026 bestaand beleid
H
Voorstellen coalitieakkoord/taskforce Coalitieakkoord en taskforce
I
(deel)programma
Bestuurlijke inleiding
-625
Aanvullende voorstellen Formatie griffie
1.1
-50
-50
-50
-50
Rechtspositie raadsleden
1.1
-41
-41
-41
-41
Adviesrecht raadsleden omgevingswet
1.1
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
Stelpost regionale samenwerking
1.1
p.m.
p.m.
p.m.
p.m.
Ambtelijke capaciteit Vliegbasis
2.1
-100
-100
-100
-100
Aanpak grondstoffenbeleid
2.2
-25
< dekking egalisatiereserve afvalstoffenheffing
2.2
25
Stelpost lasten Wegenbeheerplan
2.4
-200
-200
-200
Implementatie financieel pakket
Overhead
-190
Actieplan digitalisering
Overhead
-183
Taakstelling kleine subsidies
Algemene dekkingsm.
-40
-40
-40
-40
Terugval algemene uitkering 2026 (Ravijnjaar)
J
Begrotingssaldo 2023 - 2026 incl. coalitieakkoord en taskforce
p.m
380
4.200
7.339
807
12
Toelichting financieel meerjarenperspectief 2023-2026 A Begrotingssaldo na junibrief 2022 Dit betreft het laatst door de raad vastgestelde begrotingssaldo uit de junibrief 2022 in de raadsvergadering van 7 juli 2022 (zie ook junibrief 2022 pagina 8). B Vastklikken accres Tegen eerdere verwachtingen in heeft de VNG ingestemd met het voorstel van het Rijk om het zogenaamde volume-accres gemeentefonds voor 2022, 2023, 2024 en 2025 te bevriezen. Dat betekent dat de in de meicirculaire 2022 opgenomen verlagingen van de ramingen voor deze jaren wegens onderuitputting bij het Rijk gecorrigeerd moeten worden. Dit levert voor de jaren 2023, 2024 en 2025 een voordeel op. C Motie taakstelling cultuur In de raadsvergadering van 7 juli 2022 is de motie van D66, Groen Links en POS om de taakstelling cultuur een jaar uit te stellen aangenomen. Het budgettaire nadeel in de jaren 2023 en 2024 wordt gedekt uit de coronamiddelen Cultuur. D Begrotingssaldo vóór mutaties begroting 2023-2026 Dit betreft het beginsaldo vóór het opstellen van de begroting 2023-2026. E Aanvullingen algemene uitkering Het begrotingssaldo van de jaarschijf 2025 is gekopieerd naar jaarschijf 2026. In de doorberekening van de meicirculaire is de aanvulling van deze jaarschijf niet opgenomen. Dit wordt hier gecorrigeerd. F Mutaties begroting 2023-2026 Het gaat met name om de loon- en prijsstijgingen.
Uitgangspunt is de meicirculaire 2022. De loon- en prijsstijgingen zijn gekoppeld aan de economische situatie in Nederland en daarom ook aan Soest. Wat we hebben voorzien (ongewoon hoge inflatie) hebben we in de begroting meegenomen. Wij hebben de verschillende programma’s doorgenomen en waar nodig de budgetten daarop aangepast. Voorbeelden hiervan zijn: • prijsindexeringen voor maatschappelijk partners, • onderhoudsbudgetten zijn op niveau gebracht, • energiebudgetten gemeente accommodaties, straatverlichting en overige waar u in de voorjaarsnota budget voor heeft vrijgespeeld. Op bepaalde deelgebieden zijn we in afwachting van nadere informatie, zoals de budgetten uit het integraal huisvestingplan onderwijs (IHP) en bouwgrondexploitaties. Wat we nog niet kunnen voorzien, is vertaald in de risicoparagraaf. Sturen op risico’s zal in 2023 doorlopend plaatsvinden, indien nodig komen we hier op terug in de voor- of najaarsnota. G Begrotingssaldo 2023-2026 bestaand beleid Dit is het totale begrotingssaldo 2023-2026 bestaand beleid (inclusief de autonome ontwikkelingen). 13
H Voorstellen Coalitieakkoord en taskforce Dit is de financiële vertaling van het coalitieakkoord en de taskforce. De toelichting van het coalitieakkoord is vermeld in de (deel) programma’s en de toelichting van de taskforce is weergegeven in de bestuurlijke inleiding. In de tabel coalitieakkoord en taskforce (pagina 12 en 13) is een nadere specificatie gegeven van de voorstellen coalitieakkoord en taskforce. I Aanvullende voorstellen Dit zijn aanvullende voorstellen zijn opgenomen in deze begroting. J Begrotingssaldo 2023-2026 incl. coalitieakkoord en taskforce. Dit is het totale begrotingssaldo 2023-2026 na financiële verwerking van het coalitieakkoord en de taskforce.
14
Tabel Coalitieakkoord en taskforce Coalitieakkoord en taskforce
Deelprogramma
2023
2024
2025
2026
Coalitieakkoord Programma 1: Bestuurlijke omgeving Wijkbijeenkomsten
1.1
-60
Participatie - op hoger niveau brengen
1.1
-60
Participatie woningbouwlocaties
2.1
-120
Amersfoortsestraat/G&S deal/Defensie
2.1
-100
Amersfoortsestraat/G&S deal/Defensie, op termijn
2.1
De Meent, brandveilig maken (stelpost kapitaallasten)
2.1
Soesterberg-Kom, uitvoering
2.1
Soesterberg-Kom, stelpost
2.1
Reparatie bezuiniging NME
2.2
Grondstoffenaanpak > bij Taskforce
2.2
Mobiliteitsplan, uitvoeringskosten
2.4
Opstellen notitie stikstof
2.5
-100
Voorstellen sociaal domein
3.1
Dekking POK-middelen
1.1
Vrijvallende dekking sociaal domein Evaluatie en vervolg Smitsveen
Algemene dekkingsm. 3.1
Toekomstvisie zwembad
3.3
Taskforce
Bestuurlijke inleiding
Programma 2: Fysieke leefomgeving
-326
-100
-100
-100
p.m.
p.m.
p.m.
-205
-205
-107
-70
-107
-135 -22
-22
-22
-22
p.m.
p.m.
p.m.
-1.500
-1.180
-880
-830
100
100
50
50
1.741
1.659
1.529
408
p.m.
p.m.
p.m.
Programma 3: Sociale leefomgeving
Actueel beleid/kaderstelling
-50
-550
-550
-550
-550
Gemeente in Control
-450
-450
-450
-450
Omgevingswet
-170
-170
Dienstverlening in de breedte
-580
-580
-580
-580
Beheer en onderhoud vastgoed
-250
-250
-250
-250
Informatievoorziening en - veiligheid
-170
-170
-170
-170
Implementatiekosten + kosten organisatieontwikkeling
-920
-920
leges
200
200
200
200
afvalstoffenheffing
50
50
50
50
middelen WOO
100
100
100
100
POK-gelden
100
100
100
100
middelen Omgevingswet
170
170
-2.967
-2.120
-1.285
-2.454
Dekking:
Voorstellen coalitieakkoord en taskforce
15
2.2 Duiding financiële positie De meerjarenbegroting sluit alle jaren met een positief begrotingsresultaat. Voor de jaren 2024 ( ,8 mln.) en 5 ( 8 mln.) zijn de budgettaire prognoses zonder meer florissant te noemen. Voor het jaar 2026 zien we echter, zoals al aangegeven in de junibrief, een forse terugval. Deze terugval wordt veroorzaakt door een aanzienlijke daling van het zogeheten accres in het Gemeentefonds. Gemeenten spreken daarom van het ‘ravijnjaar’. De verwachting is echter dat het Rijk, onder druk van de gezamenlijke gemeenten (VNG), met compenserende maatregelen voor het jaar 2026 (en verder) zal komen. Daarmee ontstaat structurele begrotingsruimte. Noodzakelijk omdat nog niet alle opgaven en ambities in de begroting financieel zijn vertaald. Denk hierbij aan uitvoeringsmiddelen die kunnen voortvloeien uit de verschillende vast te stellen visies en nota’s, zoals mobiliteit, wonen, werken, bossen, sociaal domein, cultuur en sport). Het is zeker denkbaar dat deze een grote financiële impact met zich mee kunnen brengen. Voor de beoordeling van de financiële positie is ook onze reservepositie en met name de algemene reserve van belang. Deze ontwikkelt zich gunstig. De algemene reserve kent nu een omvang van bijna 1 mln. (exclusief het verwachte positieve begrotingsresultaat 2022).
Indien uw raad instemt met de voorstellen uit de geactualiseerde nota Reserves en Voorzieningen stijgt de algemene reserve verder naar ruim 1 mln. Ook wordt voorgesteld het minimumniveau van de algemene reserve te verhogen van 6 mln. naar 7 mln. Het surplus van ruim 7 mln. is dan beschikbaar voor nog niet in de begroting geraamde ontwikkelingen en ambities. Aangezien het om incidentele middelen gaat, moeten we vooral denken aan incidentele bestedingen die nog niet in de begroting zijn geraamd. Enkele voorbeelden: de opgave woningbouw – waaronder Soesterberg-Noord (nog te maken keuze voor actieve dan wel passieve grondpolitiek), gemeentelijke inzet op dempen gevolgen energie- en koopkrachtcrisis, mogelijke herleving corona-epidemie, op termijn: investeringen in kapitaalgoederen (zwembad, Griftlandcollege, herijking IHP, wegen, openbare ruimte) en een huis van de samenleving. Voor een deel van deze onderwerpen verwachten we nadere voorstellen te doen bij de kadernota 2024/begroting 2024. Afhankelijk van de te maken keuzes van de raad kan dit significante impact hebben op de meerjarenbegroting vanaf 2024.
16
2.3
Financiële uitgangspunten 2023 – 2026
Zoals we in de kaderbrief 2023 hebben voorgesteld, hebben we bij de overige autonome aanpassingen de volgende uitgangspunten gehanteerd: Algemene uitkering gemeentefonds De algemene uitkering van het gemeentefonds hebben we (zoals elk jaar) gebaseerd op de meicirculaire. Inflatie/loonontwikkeling Ramingen over de te hanteren indicatoren voor prijs- en loonontwikkeling (inclusief de trendmatige verhoging van de gemeentelijke belastingen) zijn vooral gebaseerd op de informatie zoals deze via de meicirculaire naar ons is gekomen. De verwachte gemiddelde prijsinflatie voor 2022 wordt hierin gesteld op 3%. Door middel van een stelpost prijsontwikkelingen kunnen onontkoombare prijsstijgingen in beperkte mate worden opgevangen. Rente Het is gebruikelijk elk jaar renteaanpassingen door te voeren. Hierbij hebben we het (sinds begrotingsjaar 2018) door de commissie BBV geadviseerde renteschema toegepast. In de paragraaf financiering geven wij inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de gehanteerde rentepercentages en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden zijn toegerekend.
De belangrijkste toegepaste renteniveaus voor 2023 zijn: • Rente (nieuwe) investeringen: 1,0% (was 1,0% in 2022) • Rente boekwaarden grondexploitatie: 0,35% (was 0,50% in 2022) • Rente eigen financieringsmiddelen (reserves): 0,50% (was 0,75% in 2022) op basis van prognose inflatie zoals geschetst in de meicirculaire 2022 met uitzondering van de in de nota Reserves en Voorzieningen 2017 (blz. 13) beschreven uitzonderingen. Belasting/heffing en leges Bij de onroerendezaakbelastingen gaan we uit van een trendmatige tariefstijging (zie hiervoor bij inflatie). Bij de heffingen/rechten (zoals de afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges e.d.) wordt het principe van 100% kostendekking gevolgd. Rekening houdend met uitspraken en besluiten die daarover zijn genomen.
17
2.4
Voortgang lopende taakstellingen
Resterende taakstellingen Voor het beoordelen van de financiële positie is het belangrijk te weten of de opgelegde taakstellingen in het afgesproken jaar of tijdvak ook daadwerkelijk worden gerealiseerd, dan wel dat realisatie aannemelijk wordt gemaakt. Omdat er sprake dient te zijn van een reëel perspectief dat de nagestreefde financiële effecten zullen worden gehaald, wordt hierna de stand van zaken weergegeven over de belangrijkste nog openstaande taakstellingen. Conform de in de raadsvergadering van 7 juli 2022 aangenomen motie taakstelling cultuur is de effectuering van de taakstelling opnieuw een jaar uitgesteld. Dekking vindt plaats uit de gereserveerde coronamiddelen. In de voorliggende begroting wordt de invulling van de taakstelling op cultuur betrokken bij de op te stellen cultuurnota. Cultuur Jaar Bedrag
2023
2024 9 .
2025 1 .
2026 1 .
In 2020 hebben we een taakstelling opgenomen voor kostenbesparing op kleine subsidies. De gemeente geeft subsidie aan diverse lokale en bovenlokale organisaties. Periodiek houden wij deze subsidies tegen het licht en toetsen wij deze aan de vraag of de betreffende organisatie een bijdrage levert aan een of meer gemeentelijke doelstellingen. Een criterium dat leidend is voor het al dan niet toekennen van subsidie. Op basis hiervan zijn we tot het inzicht gekomen dat deze taakstelling voor slechts een gering deel is te effectueren. Dit vormt voor ons aanleiding om deze taakstelling vanaf 2023 niet meer in de begroting op te nemen.
2.5
De stand en het verloop van de reserves en voorzieningen
In onderstaande tabel wordt de ontwikkeling van de vermogenspositie (het totaal van de algemene reserve, bestemmingsreserves, voorzieningen en het jaarresultaat) weergegeven over de perioden: • 19 t/m 2021 (volgens de jaarstukken) •
2 t/m 2026, begrotingen inclusief de voorgestelde beleidsintensiveringen
Vermogenspositie ultimo Algemene reserve Bestemmingsreserves Voorzieningen Totaal exclusief jaarresultaat Jaarresultaat Totaal inclusief jaarresultaat
2019
2020 Werkelijk 6.463 5.113 42.610 40.398 9.163 8.999 58.236 54.510 -1.208 1.781 57.028 56.291
2021
2022
2023
7.042 42.565 11.148 60.755 4.235 64.990
9.816 38.681 10.555 59.052 nvt 59.052
9.846 37.179 10.392 57.417 nvt 57.417
2024 Begroot 9.876 36.094 10.477 56.448 nvt 56.448
2025
2026
9.906 35.748 10.633 56.287 nvt 56.287
9.936 34.731 9.266 53.933 nvt 53.933
18
Algemene reserve In de periode van de meerjarenbegroting 2023-2026 is het verloop van de algemene reserve alleen het gevolg van een rentebijschrijving. Voor de standen en het verloop in de periode 2023 t/m 2026: zie hoofdstuk 4, bijlage 4.4 en 4.5. Toelichting verloop bestemmingsreserves In de periode 2023-2026 is er sprake van een afname met circa 2,4 miljoen. We lichten de omvangrijkste mutaties toe (bedragen vanaf circa ,5 miljoen) • De dekkingsreserve investeringen neemt in deze periode per saldo met circa , miljoen af. Zoals in de nota Reserves en voorzieningen 2017 aangegeven, is bij deze reserve sprake van een afnemende reeks kapitaallasten, waardoor deze op termijn (namelijk wanneer alle investeringswerken zijn afgeschreven) op 0 uitkomt. De afname met , miljoen is hiervan een logisch gevolg. • De afname van de reserve onderhoud gebouwen bedraagt circa ,9 miljoen in deze periode. Deze daling wordt veroorzaakt door actualisatie van het onderhoud aan de gebouwen en de stijgende bouwkosten en de bijdrage aan de investering van de nieuwe sporthal aan de Dalweg. • De reserve accommodatiebeleid neemt in de periode 20236 met circa ,8 miljoen toe. Zoals bekend is deze reserve bij de meerjarenbegroting 2013 (kerntakendiscussie) ingesteld. Daarbij is tevens de voeding geregeld. Over de aanwending van deze reserve zijn bij de voorjaarsnota 2016 spelregels vastgesteld.
Intentie is deze reserve in elk geval aan te wenden voor de uitvoering van het door uw raad vastgestelde Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP). Daarnaast is met ingang van 2022 een jaarlijkse oplopende storting opgenomen van . (kaderbrief). Toelichting verloop voorzieningen In de periode 2023-2026 is er een sprake van een afname van 1,3 miljoen van de voorzieningen. • De voorziening riolering volgt het vastgestelde Gemeentelijke water- en rioleringsplan waarin deze afname van 1, miljoen een gevolg van is.
19
2.6
Richtlijnen toezichthouder provincie Utrecht
Begroting structureel en reëel in evenwicht Om voor het begrotingsjaar 2023 voor het repressieve (terughoudende) toezicht in aanmerking te komen, gelden de volgende voorwaarden: • De begroting is structureel en reëel in evenwicht. De structurele baten dekken ieder jaar de structurele lasten en de ramingen zijn realistisch. Dit evenwicht geldt voor de begroting inclusief nieuw beleid. Als de begroting niet structureel en reëel in evenwicht is, dan dient aannemelijk te zijn dat het structureel en reëel evenwicht in de begroting in de eerstvolgende jaren tot stand zal worden gebracht. • De jaarrekening en begroting worden tijdig ingezonden aan de provincie. Om voor repressief toezicht in aanmerking te komen, mag er geen sprake zijn van verschuivend perspectief. Hiervan is sprake als een gemeente ieder jaar een meerjarenraming vaststelt waarbij uitsluitend het laatste jaar structureel en reëel in evenwicht is. De jaarschijf 2023 dient structureel sluitend te zijn. Onze meerjarenbegroting sluit in alle jaren met een structureel positief saldo. Hiermee voldoen we dan ook aan dit punt van toezicht.
20
Hoofdstuk 3 – Beleidsbegroting Programma 1 – Bestuurlijke omgeving Deelprogramma 1.1 Bestuur We streven naar: • • • • • • •
Plan- en beleidsvorming (en uitvoering) waarbij iedereen zijn inbreng kan leveren. Gespreksvoering op basis van kennis, inhoud en argumenten. Respect voor elkaars rollen en handelen vanuit vertrouwen. Transparantie in ons handelen. Rekening houden met de belangen van minderheden. Een organisatie die toegerust is om maatschappelijke opgaven en ontwikkelingen en gemeentelijke ambities het hoofd te bieden. Regionale samenwerking met voldoende grip op onze verbonden partijen.
We realiseren deze doelstellingen door in te zetten op: participatie, bestuurlijke vernieuwing, communicatie, samenwerking met partners en het adequaat toerusten van de ambtelijke organisatie.
Global goals Dit deelprogramma draagt bij aan de volgende duurzame ontwikkelingsdoelen:
Participatie, bestuurlijke vernieuwing en communicatie Bouwen aan de toekomst, samen aan de slag. Dat is de titel van het coalitieakkoord 2022-2026. Dat vertaalt zich in onze bestuursstijl en ambtelijke werkwijze. We staan open en nemen de tijd voor het goede gesprek met inwoners (waaronder zeker ook jongeren), ondernemers, partners en politiek. Onze aandachtspunten hierbij zijn:
Participatie: doorontwikkeling werkwijze De samenleving, uw gemeenteraad, de VNG, het Rijk, ons college en onze organisatie… allemaal zijn we ons ervan bewust dat het borgen van goede participatie van groot belang is. Door de kennis en kunde van de samenleving in te zetten kunnen we onze plannen én de leefwereld van onze inwoners echt beter maken. Hoewel we al veel aan participatie doen, hebben we de ambitie om dit naar een hoger niveau te tillen. aar wat verstaan we onder ‘een hoger niveau’? En wat is daar dan voor nodig?
21
We willen met uw raad, het college en de ambtelijke organisatie in gesprek om: - Samen te komen tot een visie met uitgangspunten waarin we ingaan op: o Wat willen we bereiken met participatie? Wat willen we betekenen voor inwonersinitiatieven? En wat is het doel van participatie van inwoners bij onze plannen? o Wie heeft welke rol in participatieprocessen en hoe geef je invulling aan de participerende, bestuurlijke en volksvertegenwoordigende/kaderstellende/controlerende rol? o Richtlijnen die houvast bieden om te bepalen wat voor soort participatie (denk hierbij bijvoorbeeld aan de trede op de participatieladder) past in verschillende situaties/beleidsvelden? - Te bepalen wat er nodig is om die visie te verwezenlijken. Daarbij kijken we ook naar de benodigde online en offline participatiemiddelen. De visie die we opstellen, vormt ook de basis voor de nieuwe participatieverordening die we nodig hebben als de Wet versterking participatie op decentraal niveau in werking treedt (nog niet bekend wanneer). Om de visie (en het uitvoeringsprogramma) op te stellen en het gezamenlijke proces te organiseren, hebben we extra capaciteit en deskundige ondersteuning nodig. Hiervoor vragen we uw raad een werkbudget van 6 . .
Inwonerinitiatieven en uitdaagrecht We treden initiatieven van (groepen) inwoners zo veel mogelijk open tegemoet. De meeste initiatieven zijn gericht op het ruimtelijk domein. Bij grotere initiatieven liepen we tegen de krapte in de organisatie en werkdruk aan. Nu we hopen hier een aanzienlijke verbetering in aan te brengen, verwachten we ook dat we inwonersinitiatieven beter van dienst kunnen zijn. Initiatieven met een beperkte budgetaanvraag handelen we snel af. Dit betekent een minimale bureaucratische belasting voor de aanvrager en de organisatie.
22
Burgerpeiling In 2023 willen we per wijk met inwoners in gesprek over de uitkomsten van de burgerpeiling waarstaatjegemeente.nl (2021/2022). Daarmee halen we bij inwoners op wat zij belangrijk vinden als het gaat om wonen in onze gemeente, voorzieningen, dienstverlening en de relatie met het gemeentebestuur. Voor het organiseren van deze extra gespreksavonden vragen we uw raad een budget van 60.000 beschikbaar te stellen. In 2024 staat de volgende burgerpeiling gepland.
Communicatie Bij alles wat we doen, staan onze inwoners en ondernemers centraal. We proberen daarbij zoveel mogelijk aan te sluiten bij hun leefwereld en niet bij onze systeemwereld. Ook in 2023 is heldere, transparante en betrouwbare communicatie een belangrijk uitgangspunt. We leggen daarbij de focus op: • Projectcommunicatie bij ingrijpende ontwikkelen zoals de energietransitie, de ontwikkelingen in Soesterberg, de visie sociaal domein en het Dalweggebied. We zetten hierbij veelal een combinatie in van online en offline communicatiemiddelen. • Begrijpelijke, heldere en bondige e-mails, brieven en andere teksten op B1-niveau1. Medewerkers worden hierbij ondersteund door het programma Klinkende Taal en de communicatieadviseurs. Iedere nieuwe medewerker krijgt een schrijftraining. • De actuele informatiebehoefte in de samenleving. Trends die we kunnen herleiden uit websitebezoek, telefonisch contact en sociale media vormt belangrijke input voor onze informatieverschaffing en communicatie.
Duurzame ontwikkelingsdoelen (global goals) Ook Soest omarmt de global goals. Daarom maken wij nog in 2022 een plan van aanpak waarin staat hoe wij als gemeente deze wereldwijde duurzame ontwikkelingsdoelen zullen inbedden in ons beleid, uitvoering en bestuur. Deze doelen spelen ook op lokaal niveau en we zorgen voor een goede verbinding met en invulling vanuit de behoeften van onze lokale samenleving. Een en ander zal naar verwachting in een werkbudget vergen van 5 . .
1
Iedere lezer heeft zijn eigen taalniveau. Er zijn in totaal zes niveaus. Van A1 met eenvoudige zinnen, tot C2 met de moeilijkste
teksten. 80 procent van de bevolking begrijpt taalniveau B1. Teksten op dit niveau kan het grootste deel van de bevolking lezen en begrijpen.
23
Gemeenteraad en griffie Om de inzetbaarheid van raadsgriffier, plaatsvervangend griffier/raadsadviseur en de strategisch communicatieadviseur voor uw raad te versterken, is het noodzakelijk de griffie uit te breiden met een ondersteunende medewerker. Hiervoor is in de begroting een budget geraamd van 5 . . Daarnaast is het gewenst om de rechtspositie van raadsleden te verbeteren door een verzekering af te sluiten voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden. Hiermee maken we gebruik van artikel 5 van het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Hiermee is een budget gemoeid van 1.000. Ten slotte voorzien we kosten voor de invulling van het adviesrecht voor de gemeenteraad in het kader van de Omgevingswet. De omvang van deze kosten kunnen we nu echter nog niet voorzien: veel is nog onbekend en we hebben geen ervaring met het aantal aanvragen dat de gemeente jaarlijks zal ontvangen, waar het adviesrecht van de raad op van toepassing is. Ook is niet duidelijk of de Omgevingswet per 1 januari 2023 in werking treedt. Om die reden vermelden we deze post als p.m.
Organisatie In paragraaf C Bedrijfsvoering zetten we in hoofdlijnen uiteen hoe onze gemeentelijke organisatie, meer in het bijzonder de bedrijfsvoering, is ingericht. In dit deelprogramma beperken we ons tot enkele hoofdlijnen.
Taskforce en ambtelijke organisatie In de bestuurlijk inleiding zijn we uitvoerig ingegaan op de voorstellen die ons college doet voor het op orde brengen van de ambtelijke organisatie.
‘Smarter’ maken van de p&c-documenten Bij de behandeling van de jaarstukken 2021 spraken enkele leden van uw raad de wens uit om de jaarstukken ‘smarter’ te maken. Wij onderschrijven deze oproep, met de kanttekening dat we bij de begroting zullen moeten beginnen. Ook zouden we een verbinding willen leggen met de aanpak van de global goals. Graag pakken we deze uitdaging gezamenlijk met uw raad op.
24
Wet open overheid Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo), een initiatiefwet uit 2012, in werking getreden. De wet heeft tot doel één transparante overheid en verantwoording van de overheden te bevorderen. Dit gebeurt door overheden te verplichten zo veel mogelijk informatie in een vroegtijdig stadium actief openbaar te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar en eenvoudig te ontsluiten is. De Woo vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De Woo bevat de volgende drie kernpunten: 1. Actieve openbaarmaking van documenten in 11 informatiecategorieën; dit is een uitbreiding ten opzichte van de Wob 2. Verplichte aanstelling van een Woo-contactpersoon om vragen van burgers te beantwoorden over de beschikbaarheid van overheidsinformatie. 3. Informatiehuishouding op orde hebben en houden om documenten openbaar te kunnen maken. De invoering van de Woo heeft een grote impact op de informatiehuishouding en op de werkzaamheden van gemeenten. In 2022 zijn de (basis)randvoorwaarden ingevoerd voor de implementatie van de WOO in Soest. Er is een contactpersoon WOO benoemd, informatie is beschikbaar en de ambtenaren zijn actief voorgelicht door het team juridische zaken.
In de komende jaren ligt het zwaartepunt op het optimaliseren van de informatiehuishouding: digitale aansluiting op het landelijk platform PLOOI (waarop actief gepubliceerd gaat worden), integratie van deze actieve openbaarmakingen in de besluitvormende werkprocessen, het duurzaam toegankelijk maken van digitale documenten, de ontwikkeling van formats voor het eenvoudig anonimiseren van documenten en het aanschaffen van anonimiseringssoftware.
25
POK-middelen De Toeslagenaffaire laat zien dat rechtvaardige dienstverlening en goede rechtsbescherming geen vanzelfsprekendheden zijn. Alle overheidsdiensten, zeker ook de gemeenten, voelen de urgentie om de dienstverlening aan mensen in kwetsbare posities te verbeteren en het geschade vertrouwen in de overheid te herstellen. Naar aanleiding van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) heeft het kabinet voorstellen gedaan en middelen beschikbaar gesteld om de dienstverlening vanuit de overheid fundamenteel te verbeteren. Voor Soest is, door een toevoeging aan het Gemeentefonds, tot en met 7 een jaarlijks bedrag van ongeveer . beschikbaar. Wij stellen voor om deze middelen aan te wenden voor: a) 1 . voor het sociaal domein, met in eerste instantie de volgende bestedingsdoelen - GOOS (Geld op Orde Soest); - extra inzet op begeleiding van de ontwikkelingen in de Jeugdwet. b) 1 . als gedeeltelijke dekking van de voorstellen taskforce ambtelijke organisatie. Argument hiervoor is dat we voorstellen doen die de dienstverlening kwalitatief op een hoger plan gaan brengen, mede in het belang van de primaire doelgroep. Hierbij kan worden gedacht aan formatie voor de frontoffice en de organisatieontwikkeling.
Overigens leggen we hier ook een verbinding met de aanbevelingen uit het recent uitgebrachte rapport van de rekenkamercommissie over de toegankelijkheid van de digitale dienstverlening.
Bestuurlijke samenwerking In de paragraaf Verbonden partijen treft u de gemeentelijke visie aan op de verbonden partijen (governance) en een overzicht van onze verbonden partijen, met per partij informatie over rechtsvorm, bestuurlijk belang en een aantal financiële gegevens. De beleidsmatige ontwikkelingen rond onze verbonden partijen treft u aan bij de desbetreffende deelprogramma’s.
Versterking regionale samenwerking Binnen Nederland wordt steeds meer ingezet op regionale of bovenregionale samenwerking. En steeds vaker worden vraagstukken regionaal opgepakt, omdat de opgaven bovenlokaal zijn en/of om meer volume vragen (denk aan Ontwikkelbeeld en Woondeal). Stimulerings- en subsidietrajecten, nationaal en internationaal, vinden vaak alleen gehoor op ten minste regionale schaal. Om hier op een effectieve manier op in te kunnen spelen en om de kansen voor de regio optimaal te benutten, is een herijking van de visie, positionering en organisatie van de samenwerking binnen de Regio Amersfoort noodzakelijk. Hiervoor worden de komende maanden nadere voorstellen uitgewerkt. Onderdeel van de voorstellen betreft een formatieve versterking van het Bureau Regio Amersfoort. (Eerder gaven we al aan dat ook onze eigen organisatie versterking behoeft om de regionale kansen te benutten; zie hiervoor onder meer de recente junibrief).
26
Vooruitlopend op de nadere uitwerking heeft het BORA, het bestuurlijk overleg van de gezamenlijke burgemeesters van de regio Amersfoort, aan de deelnemende gemeenten gevraagd in hun begroting 2023 rekening te houden met een stelpost formatie-uitbreiding. Wij geven hieraan gehoor, maar volstaan voorshands met een p.m.-raming. Wij komen hierop terug nadat de voorstellen zijn geconcretiseerd.
Wetswijziging Wet gemeenschappelijke regelingen Op 1 juli 2022 is de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in werking getreden. De belangrijkste doelstelling is om de democratische legitimiteit van gemeenschappelijke regelingen te vergroten en de positie van de gemeenteraden in hun controlerende en sturende rol richting gemeenschappelijke regelingen te versterken. Enkele belangrijke wijzigingen zijn: - Gemeenschappelijke regelingen worden verplicht vast te leggen over welke onderwerpen een zienswijze moet worden gevraagd. Voorbeelden: besluiten met een aanzienlijk financieel belang en voorstellen met verstrekkende beleidsmatige keuzes. - Het recht voor gemeenteraden om bij een gemeenschappelijke regeling in de vorm van een openbaar lichaam een gemeenschappelijke commissie in te laten stellen, bestaande uit raadsleden. - De verplichting om in de gemeenschappelijke regeling vast te leggen of, en zo ja op welke wijze, burgers de mogelijkheid krijgen tot inspraak over bepaalde onderwerpen die bij de gemeenschappelijke regeling zijn belegd.
27
Deelprogramma 1.2 Dienstverlening We streven naar een klantgerichte, efficiënte (digitale) dienstverlening en een professionele afhandeling van aanvragen. Dit doen we op basis van onze visie op dienstverlening waarin vertrouwen centraal staat. Om dat vertrouwen te krijgen moeten we betrokken, transparant en beschikbaar zijn. Daarvoor blijven we ons ontwikkelen aan de hand van nieuwe oplossingen die zich aandienen in onze snel veranderende wereld. Wij ontwikkelen onze frontoffice voor het zo snel en compleet mogelijk beantwoorden van alle vragen van de inwoners en bedrijven. En we sluiten onze informatievoorziening daar op aan. Tegelijk besteden we ook aandacht aan dienstverlening in de breedte. Zie ook de voorstellen van de taskforce.
Global goals Dit deelprogramma draagt bij aan het volgende duurzame ontwikkelingsdoel:
Optimaliseren dienstverlening Persoonlijk contact met inwoners blijft bestaan voor inwoners die dat wensen. Bijvoorbeeld bij complexe aanvragen en voor inwoners die minder digitaal vaardig zijn. De Rijksoverheid legt in steeds meer taken bij de lokale overheid neer. Beide trends vragen belangrijke competenties en vaardigheden van de medewerkers, zoals flexibiliteit, inlevingsvermogen en snel schakelen.
Werken aan toegankelijkheid In 2022 heeft de Rekenkamercommissie een onderzoek uitgevoerd naar de toegankelijkheid van de digitale dienstverlening van de gemeente Soest. De aanbevelingen uit dit onderzoek hebben we overgenomen. Voor een betere toegankelijkheid gaan we inwoners met een beperking structureel betrekken bij digitale aanvragen producten en diensten en onderzoeken naar klanttevredenheid. Hiervoor schakelen we advies en hulp van deskundige organisaties en stichtingen. Hierbij betrekken we in elk geval de participatieraad Sociaal domein, die vanuit een inwonersperspectief mee kan denken en ons daarin kan adviseren.
28
Telefonische bereikbaarheid Door het onderzoeksbureau Telan is in december 2021 een onderzoek ingesteld naar de telefonische dienstverlening. Uit dit onderzoek blijkt dat we de bereikbaarheid in de tweede lijn moeten verbeteren. Daarvoor hebben we een verbeterplan vastgesteld waarin de aanbevelingen uit deze nulmeting worden meegenomen. Samen met de voorstellen van de taskforce verwachten wij dat we onze dienstverlening in de breedte kunnen versterken. In 2023 laten we een vervolgonderzoek uitvoeren naar de telefonische dienstverlening.
Aanvullende stappen In 2023 zetten we ook een aantal aanvullende stappen: • We bieden meer diensten aan via e-formulieren. • We zorgen dat via een mijn-omgeving inwoners veilig digitaal kunnen communiceren met de gemeente en de voortgang van hun zaken kunnen volgen. • We gaan de managementinformatie uit het zaaksysteem gebruiken om de dienstverlening te verbeteren. • We gaan meedoen aan het experiment Digitaal Aanvragen Rijbewijs (DAR).
Verkiezingen In 2023 staat de volgende verkiezingen op de planning: Provinciale Staten- en Waterschapsverkiezingen. Dit vraagt om een goede organisatie en planning. Het vinden van stembureauleden en voldoende toegankelijke stemlokalen vergt veel inspanning. We doen er alles aan om de stemlokalen zo toegankelijk mogelijk te maken, zoals het treffen van voorzieningen voor visueel gehandicapten. Hiermee voldoen wij aan Global goal 16.
29
Deelprogramma 1.3 Veiligheid We grijpen snel en op maat in op alle vormen van criminaliteit. We dringen allerlei vormen van overlast terug en pakken radicalisering aan. We ontwikkelen ons veiligheidsbeleid door, komen met passende interventies. Nieuwe fenomenen (zoals bijvoorbeeld de opkomst van cybercrime) worden op de voet gevolgd en van een passende aanpak voorzien. Op het moment van schrijven van deze tekst wordt hard gewerkt aan een geactualiseerd Integraal VeiligheidsPlan (IVP). De verwachting is dat we dit plan eind 2022 aan de raad aanbieden om vast te stellen. Uiteraard gaan wij de komende jaren bezig met de uitvoering van dit IVP. Hieronder wordt alvast een voorschot genomen op de onderwerpen die in dit IVP naar alle waarschijnlijkheid aan bod zullen komen. We realiseren deze doelstellingen door het uitvoeren van taken en besteding van het budget in het deelprogramma Veiligheid: • We werken aan het bestrijden van ondermijning • We werken aan het vergroten van zorg en veiligheid • We werken aan het verminderen van jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit • We werken aan het verminderen van cybercriminaliteit • We werken aan het verminderen van woonoverlast • Wij werken aan het verbeteren van de crisisorganisatie
Global goals Dit deelprogramma draagt bij aan het volgende duurzame ontwikkelingsdoel:
Ondermijning bestrijden In 2023 scholen we de medewerkers verder om de mogelijkheden van het in 2021 vastgestelde Bibob-beleid optimaal te benutten. Daarnaast maken we medewerkers bewust van ondermijningssignalen in hun dagelijkse werkzaamheden. Ook bewustwording van de ambtelijke integriteit is een belangrijk speerpunt. Samen met de politie voeren wij integrale controles uit op bedrijventerreinen. Juridische mogelijkheden als een vergunningsplicht voor bepaalde gebieden of gebouwen gaan wij meer inzetten. Hiermee willen we een voortdurende dreiging van de openbare orde of veiligheid blijvend een halt toe roepen.