CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Speelnota "Speels genoeg"

Het Debat 19 januari 2021, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Speelnota "Speels genoeg"11.677 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2020

Speels genoeg?

Schmitz, Frank Gemeente Smallingerland 30‐11‐2020

Voorwoord Voor u ligt de speelnota "Speels genoeg?". Een nieuwe beleidsnota als opvolger van de speelnotitie 2008. Het nieuwe beleidsplan richt zich op het in standhouden en faciliteren van de speeltoestellen en speeltuinverenigingen, zoals in de laatste jaren gedaan is. Voor de komende jaren worden de accenten verbreed, waarbij ingezoomd wordt op de beweegvisie: "Een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag.". Een visie die samen met verschillende beleidsterreinen ontwikkeld is. Spelen is één van de kaders waarbinnen beweegaanbod wordt gerealiseerd. Het beleidsveld spelen kenmerkt zich vandaag de dag steeds meer door het leggen van dwarsverbanden en integrale aanpak met andere terreinen als sport, gezondheid, onderwijs, groen en openbare ruimte. Samen zijn we op allerlei gebieden in beweging om deze dwarsverbanden zichtbaar(der) te maken en elkaar aan te vullen in de uitvoering. Spelen zorgt voor ontmoeten, stimuleert om te ontdekken en nodigt uit om te (gaan) spelen en bewegen. De titel van de nieuwe speelnota 'Speels genoeg?' geeft de centrale vraag weer in hoeverre inrichting van de gemeenschappelijke speelvoorzieningen en speelaanleidingen uitdagend en speels genoeg zijn in onze gemeente en of het (nog) voorziet in de behoefte.

Tegelijkertijd biedt de speelnota kansen om samen een efficiëntieslag te maken om de inwoners een leven lang in beweging te krijgen en te houden, in welke vorm dan ook. Sporten, spelen en bewegen moet voor iedere inwoner in de gemeente Smallingerland mogelijk zijn, zodat heel Smallingerland Beweegt. Felix van Beek (wethouder)

1

Inhoud Voorwoord .............................................................................................................................................. 1 Inleiding ................................................................................................................................................... 3 Hoofdstuk 1:

Samenvatting speelnota "Speels genoeg?" ................................................................. 4

Hoofdstuk 2:

Algemeen ..................................................................................................................... 5

Trends en ontwikkelingen ................................................................................................................... 6 Beweegaanbod ontwikkelingen .......................................................................................................... 9 Rolverdeling ....................................................................................................................................... 11 Hoofdstuk 3:

Conclusie terugblik "Notitie Speelbeleid 2008" ........................................................ 12

Hoofdstuk 4:

Missie, visie en ambities ............................................................................................ 13

Hoofdstuk 5:

Beleidskaders "Speels genoeg?" ............................................................................... 14

Hoofdstuk 6:

Financieel kader......................................................................................................... 18

Hoofdstuk 7:

Wat gaan we doen? ................................................................................................... 20

Bronnen ................................................................................................................................................. 22

2

Inleiding Lange tijd is de "Notitie speelbeleid 2008" leidend geweest in hoe invulling is gegeven aan het speelbeleid in Smallingerland. Landelijk is steeds meer aandacht voor verschillende manieren van bewegen en hoe sport en gezondheid aan gemeenschappelijk beweegbeleid gekoppeld wordt. Spelen is ook een manier om aan bewegen te doen. In december 2019 is door 14 organisaties (waaronder VNG en Jantje Beton) een SamenSpeelAkkoord ondertekend om Nederland samen sterker te maken voor een inclusieve speelstructuur, waarin meer samengespeeld wordt. Met extra aandacht voor het medegebruik door en kennis over het gehandicapte kind. Hoog tijd om de "Notitie speelbeleid 2008" te actualiseren. Het nieuwe speelbeleid is in het verlengde van de sportnota "Beweeg je mee?" vormgegeven, waarbij in de uitvoering samen opgegaan wordt met het gezondheidsbeleid. Om tot nieuw speelbeleid te komen, is in kaart gebracht wat de huidige stand van zaken is, wat de afgelopen jaren gebeurd is, en is gekeken naar waar de raakvlakken liggen met andere beleidsterreinen. Hiervoor zijn oude beleidsstukken doorgenomen, gesprekken gevoerd met betrokken collega's en extern met de speeltuinverenigingen, enkele buurtbudgetaanvragers en het onderwijs. Op 12 november 2018 is invulling gegeven aan een bijeenkomst waar het speelbeleid gezamenlijk geëvalueerd is.

De bijeenkomst is breed bezocht door raadsleden, jeugdraad, speeltuinverenigingen, onderwijs, kinderdagverblijf, Sportbedrijf Drachten, M.O.S., dorpsbelangen en openbaar gesteld voor belangstellende inwoners. De input is zoveel mogelijk meegenomen. Leeswijzer In de voetnoten wordt de verwijzing naar de bronnen weergegeven. Het speelbeleid start met een samenvatting. Vervolgens wordt in hoofdstuk 2 eerst een algemeen beeld uiteengezet wat het speelbeleid behelst, wat de trends en ontwikkelingen zijn, aangevuld met een rolverdeling wie zich bezighouden met spelen. In hoofdstuk 3 wordt een conclusie weergegeven van wat de afgelopen jaren gedaan is. De gehele terugblik is weergegeven in bijlage 1. In hoofdstuk 4 komen de missie, visie en de ambities aan bod, gevolgd in hoofdstuk 5 met de beleidskaders die we hanteren voor de speelnota "Speels genoeg?". In hoofdstuk 6 wordt uiteengezet wat het financiële kader is voor de uitvoering van het speelbeleid. Afgesloten wordt in hoofdstuk 7 welk gewenste effect we voor ogen hebben van het speelbeleid en wat in uitvoering wordt gebracht.

3

Hoofdstuk 1:

Samenvatting speelnota "Speels genoeg?"

De gemeente Smallingerland heeft als missie opgenomen in de sportnota "Beweeg je mee?" om de mensen in Smallingerland een leven lang dagelijks aan het bewegen te brengen en voor een sterke en gezonde (vitale) samenleving te zorgen. Onze visie is hierbij is dat de motivatie en het besluit om te gaan sporten en bewegen in eerste instantie een eigen verantwoordelijkheid is van mensen. De gemeente ziet haar taak vooral om de juiste randvoorwaarden te creëren om aan sporten, spelen en bewegen te kunnen doen. Daarom hanteren we in de gemeente een beweegvisie: "een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag." Deze beweegvisie is ook uitgangspunt in het gezondheidsbeleid. De gemeente Smallingerland wil een toonaangevende Friese gemeente zijn, waar het fijn leven is en mensen trots op zijn. De gemeente wil toonaangevend zijn door in onderzoeken rondom sporten, spelen en bewegen boven het Friese gemiddelde te scoren. Om hier invulling aan te geven is in het verlengde van de ambities van het sportbeleid 2017‐2021 "Beweeg je mee?" een vertaalslag gemaakt voor de speelnota "Speels genoeg?". In hoofdstuk 4 wordt dit weergegeven.

Waar gaan we o.a. op inzetten?  Wij vinden het doén aan bewegen erg belangrijk, in welke vorm ook. Op deze manier draagt sport en spelen als middel zowel direct als indirect bij aan doelstellingen van andere gemeentelijke beleidsterreinen als sport en gezondheid. Inrichtingsvraagstukken rondom nieuwbouw, groenbeheer, waterberging, verkeer en openbare ruimten worden gezamenlijk opgepakt vanuit onze beweegvisie;  We sluiten aan op de samenwerking met gezondheidsbeleid en haar uitvoeringsprogramma. In het bijzonder met de wijkgerichte aanpak van Gezond In (GIDS);  We sluiten aan op het landelijk SamenSpeelAkkoord door bij renovaties van speelvoorzieningen te kijken naar gebruikswensen en mogelijkheden voor het gehandicapte kind;  Natuurlijk spelen krijgt vorm aan de randen van de wijk bij (her)inrichtingsvraagstukken van het groen en/of haakt in bij de waterberging aanpak, en/of als speelaanleiding om de beleving van (bestaande) speelplekken te vergroten en/of bij (gedeeltelijk) uitdagende groene schoolpleinen;  Schoolpleinen zijn, waar mogelijk, openbaar gesteld, i.c.m. het vandalisme protocol vanuit onderwijsbeleid;  We doen de jaarlijkse inspectie van alle openbare speeltoestellen die in de gemeente staan: in de openbare ruimte, bij de speeltuinverenigingen, op de schoolpleinen en op de sportparken.

 De faciliteiten waar aan sporten en spelen gedaan kan worden, zijn veilig, toegankelijk, functioneel en nodigen uit om elkaar te ontmoeten en te bewegen;  De spreiding van het sport‐ en beweegaanbod is met ons digitale systeem Playmapping in kaart gebracht en geldt als richtlijn bij inrichtingsvraagstukken;  Er wordt gecommuniceerd over wat waar te vinden is via websites, sociale media en persberichten. De website www.bewegenindrachten.nl wordt geactualiseerd in de "Omgevingsverkenner" en ondergebracht bij het Sportbedrijf Drachten;  We stimuleren het beter benutten van bestaande sport‐, speel‐ en beweegruimten en koppelen de inzet van de lokale Coaches Sport & Bewegen;  Speeltuinverenigingen onderscheiden zich met het eigen speelvoorzieningen en aanbod vergeleken met wat inwoners in de openbare ruimte vinden;  Samen met de speeltuinverenigingen wordt een meerjarenplanning opgesteld;  Innovatie en digitalisering van speelaanbod wordt gestimuleerd (,mits haalbaar), waardoor meer diversiteit wordt gerealiseerd in de gemeente en het innovatieve karakter van de gemeente wordt gepromoot;  Samen met cultuur gaan we onderzoeken of en hoe we samen beeldbepalende kunst in Smallingerland kunnen ontwikkelen met speelwaarden;

4

Hoofdstuk 2:

Algemeen

De gemeente Smallingerland heeft in totaal zo'n 56.000 inwoners, verspreid over 14 dorpskernen. Drachten is de grootste dorpskern in de gemeente met ongeveer 45.000 inwoners. Andere kernen in de gemeente zijn: Boornbergum, De Tike, De Veenhoop, De Wilgen, Drachtstercompagnie, Goëngahuizen, Houtigehage, Kortehemmen, Nijega, Opeinde, Oudega, Rottevalle en Smalle Ee. De gemeente telt 1162 objecten, waarvan 174 op schoolpleinen, 4 speeltuinverenigingen, 185 openbare speelplekken, 20 openbare schoolpleinen, enkele grotere centrale sport‐ en speelplekken en verspreid in de gemeente verschillend beweegaanbod in de openbare ruimte als een skatepark, multifunctionele sportvelden, fitnessaanbod, interactief waterspeeltoestel en enkele natuurlijke speelplaatsen als een 'blote voetenpad'.

Raakvlakken andere beleidsterreinen De beleidsterreinen die raakvlakken hebben met het spelen zijn heel divers als gekeken wordt waar aan vormen van bewegen gedaan wordt ('sport als middel'). De afgelopen jaren heeft de gemeente Smallingerland veel geïnvesteerd in integrale beleidsontwikkeling en integraal werken (gezondheid, sport, spelen, Wmo, verkeer, groen, ruimtelijke ordening). Dit vanuit het inzicht dat bepaalde problemen alleen kunnen worden aangepakt op basis van een gezamenlijke agenda en plan van aanpak. De gezamenlijk aanpak kenmerkt zich door een beweegvisie die de gemeente hanteert: "Een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag".

Gezondheidsbeleid Het gezondheidsbeleid van de gemeente heeft tot doel om een gezonde leefstijl bij de bevolking te stimuleren. "Maak de gezonde keuze de makkelijker keuze." Deze leefstijl draagt in belangrijke mate bij aan de gezondheid van de bevolking en is van groot belang voor een gezonde, vitale gemeente. Het gezondheidsbeleid richt zich onder andere op bewegen, gezonde voeding en het voorkomen van overgewicht. Met de programma's De Gezonde School, De Gezonde Buurt, Gezond In… Smallingerland (GIDS) en Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) geeft de gemeente hieraan invulling. Actueel is dat de definitie van gezondheid meer verandert van 'gezondheid als afwezigheid van ziekte' naar 'gezondheid als het vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren, in het licht van de sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven' 1. Positieve gezondheid gaat uit van wat mensen wél kunnen in plaats van wat zij niet kunnen. Dit sluit aan op het (sociaal) beleid van de gemeente Smallingerland, dat gericht is op het versterken van de eigen kracht. Daarnaast richt het beleid zich ook op de fysieke en sociale omgeving, omdat het belangrijk is de omgeving zo in te richten, dat het maken van gezonde keuzes gemakkelijker wordt. In het beleid staat het individu in relatie tot zijn omgeving centraal2.

Binnen gemeente is veel aandacht rondom de ontwikkelingen vanuit het Sociaal Domein en de rol die gemeente daarin speelt.

1

http://www.ipositivehealth.com/, Machteld Huber, 2011

2 http://www.nwci.ie/download/pdf/determinants_health_diagram.pdf (schema van Dahlgren & Whitehead)

5

Trends en ontwikkelingen Demografische ontwikkelingen We krijgen te maken met enkele demografische ontwikkelingen. Het jeugdaantal in de leeftijd van 0‐12 jaar daalt. Het jeugdaantal tussen de 12‐18 jaar stijgt licht. Het aantal in de leeftijd tussen de 19‐64 jaar blijft redelijk gelijk. In de leeftijdscategorie van 65 jaar en ouder neemt het aantal inwoners toe. In een wijkgerichte aanpak houden we rekeningen met deze ontwikkelingen. In de volgende figuur is de prognose weergegeven van het aantal basisscholieren per kern. Voor de scholen in Drachten waren vooralsnog geen gegevens beschikbaar. Figuur 6.1: Prognose aantal basisscholieren per kern 2016‐2023

Uit deze figuur blijkt dat de verwachting is dat het aantal basisscholieren de komende zeven jaar zal afnemen in de om Drachten liggende kernen. Bij een gelijkblijvend of afnemend aantal nieuwvestigers in deze kernen zal dit betekenen dat de bevolkingsomvang van deze kernen zal gaan krimpen. Het ene dorp zal een grotere krimp op zich af zien komen dan het andere dorp. Maar over de hele linie zien we een dalende trend van het aantal basisscholieren in de omliggende kernen.

Onderwijs De gemeente heeft te maken met een krimp van het aantal leerlingen op de basisscholen en een toename van het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs. De komende jaren zullen in het primair onderwijs enkele Integrale Kind Centra ontstaan en wordt de (manieren van) invoering van continuroosters onderzocht. De Gezonde School aanpak wordt voortgezet. Vanuit de integrale wijkaanpak wordt, waar nodig, geanticipeerd op de gevolgen van de krimp.

6

Global Goals3 De gemeente Smallingerland is een Gemeente4GlobalGoals, wat inhoudt dat zij bezig is met het implementeren van de 17 duurzame ontwikkelingsdoelen. Deze ontwikkelingsdoelen zijn er om te helpen de wereld tot een betere plek te maken en zijn gericht op een rechtvaardige, eerlijke en duurzame wereld. Daarnaast helpen ze om de verbindingen tussen thema's zichtbaar te maken, en deze relaties te benutten. De ontwikkelingsdoelen helpen zo ook om keuzes te optimaliseren. Uiteindelijk draait het om een balans tussen en een integratie van milieu, maatschappij en economie. Het (sociaal) beleid van de gemeente Smallingerland is gericht op het versterken van de eigen kracht, en de individu in relatie tot zijn omgeving. De ontwikkelingsdoelen kunnen helpen om die eigen kracht te versterken, doordat het inzichtelijk maakt waar mogelijkheden liggen. Zo draagt een natuurlijke leefomgeving bij aan een goede (positieve) gezondheid, wat op haar beurt weer een positief effect heeft op de eigen kracht van een individu. In het concept concernplan van de gemeente zijn de kerndoelen4 van Global Goals opgenomen

Omgevingswet5 Vanaf 2022 treedt de wet in werking. De Omgevingswet bundelt en moderniseert in één wet alle wetten voor de leefomgeving en zorgt voor: ‐ Samenhang tussen gezondheid, milieu, veiligheid en ruimtelijke ordening en leefomgeving te vergroten en in een vroeg stadium mee te nemen bij planvorming; ‐ De Wet publieke gezondheid (artikel 2c en 16), Omgevingswet en ‐visie en Wmo te verbinden door bijvoorbeeld rekening te houden met de invloed van groen op het welbevinden van inwoners en met mogelijkheden tot bewegen en ontmoeten. Voor ouderen voldoende bankjes, goede wandelpaden, voldoende verlichting; ‐ De instrumenten die uit de omgevingswet volgen te verbinden aan het concept positieve gezondheid omdat zelfredzaamheid, veerkracht en adaptief vermogen bij de doelstellingen van de Omgevingswet passen.

Omgevingsvisie6 De Omgevingsvisie is één van de nieuwe verplichte gemeentelijke instrumenten onder de Omgevingswet (inwerkingtreding 2022). De Omgevingsvisie bevat de strategische visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving. De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om het thema gezondheid en (fysieke) veiligheid te betrekken bij ruimtelijke planvorming en beslissingen.

3

Eind september 2015 is er door de Verenigde Naties een nieuwe mondiale agenda (Global Goals) aangenomen die een eind moet maken aan armoede, ongelijkheid en klimaatverandering. Het zijn zeventien doelen om de wereld tot een betere plek te maken in 2030. De doelen behandelen een breed scala aan thema's, van armoede en klimaatverandering, tot gendergelijkheid en sociale inclusie en duurzame energie. 4 https://vng.nl/artikelen/de‐17‐global‐goals 5 https://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/omgevingswet/ 6 https://www.dwjm.nl/ditissmallingerland/

7

SamenSpeelAkkoord7 Ieder kind moet kunnen spelen, samen met andere kinderen. Daarom ondertekende de VNG op 3 december 2019 in het stadhuis van Den Haag ‐ omringd door spelende kinderen ‐ samen met 13 andere initiatiefnemers het SamenSpeelAkkoord. Samen spelen moet voor álle kinderen mogelijk zijn, dus ook voor kinderen met een beperking. Dat is waar de organisaties, waaronder ook het ministerie van VWS, Minister van Gehandicaptenzaken Rick Brink en Jantje Beton, zich de komende twee jaar voor inzetten. In het SamenSpeelAkkoord zijn de ambities van de organisaties vastgelegd. Deze zijn: 1. Een inclusieve speelcultuur. Kinderen met en zonder handicap, hun ouders en de mensen in hun omgeving vinden samen spelen vanzelfsprekend; 2. Meer samenspeelplekken. Ieder kind met een beperking kan in de eigen woonomgeving met andere kinderen spelen; 3. Meer en beter toegankelijke kennis over samen spelen. In 2020 opent het SamenSpeelLoket: dé plek waar alle lokale initiatiefnemers kennis en inspiratie kunnen vinden om aan de slag te gaan. Het ministerie van VWS belooft zich in te zetten voor het SamenSpeelAkkoord met de volgende acties: 1. Meer aandacht voor SamenSpelen door: in onze uitingen rondom het programma ‘Onbeperkt meedoen!’ het thema ‘spelen’ expliciet te benoemen; 2.

Meer Samenspeelplaatsen door: Challenges binnen het Landelijke Sportakkoord in te zetten voor innovatieve ideeën om meer inclusieve speelplaatsen mogelijk te maken; Spelen en specifiek SamenSpelen als mogelijk thema op te nemen in de ‘sportdeelakkoorden’ die op gemeentelijk niveau worden opgesteld en de sportformateurs hiervoor te trainen. 3. Meer kennisdeling door: Het initiatief voor een Samenspeelloket financieel te ondersteunen, zodat kennis en informatie gebundeld en makkelijk beschikbaar wordt voor betrokken overheden, organisaties en ouders; SamenSpelen als onderwerp toe te voegen aan het lopende onderzoek naar de bevordering van sport en bewegen.

Lokaal Sportakkoord Landelijk is in 2018 een Nationaal Sportakkoord8 gesloten die regionaal een vervolg krijgt in een Lokaal Sportakkoord. Doel van het sportakkoord is om de organisatie en financiën van de sport toekomstbestendig te maken. En daarbij er voor te zorgen dat iedereen in een veilige, gezonde (rookvrije) omgeving, met plezier kan sporten en bewegen. Aan de hand van een 6‐tal thema's wordt lokale samenwerking gestimuleerd. De thema's zijn: 1. Inclusief sport en bewegen 2. Duurzame sportinfrastructuur 3. Vitale sport‐beweegaanbieders 4. Positieve sportcultuur 5. Vaardig in bewegen 6. Topsport die inspireert In het Lokaal Sportakkoord wordt de link gelegd met het SamenSpeelAkkoord en het Nationaal Preventie Akkoord9.

7

SamenSpeelAkkoord, http://www.samenspeelakkoord.nl/nl Nationaal Sportakkoord, https://www.allesoversport.nl/sportakkoord/het‐nationaal‐sportakkoord/ 9 Nationaal Preventieakkoord, https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/gezondheid‐en‐preventie/nationaal‐ preventieakkoord 8

8

Beweegaanbod ontwikkelingen In het verlengde van alle trends en ontwikkelingen zien we dat op het terrein van sport, spelen, bewegen en de voorzieningen verschillende ontwikkelingen zichtbaar worden. In Smallingerland werken we hier ook naartoe: ‐ Spelen wordt breder benaderd onder de noemer van beweegvriendelijke openbare ruimten voor jong en oud als een plek om elkaar te ontmoeten en om te bewegen. Hier zijn landelijke verschillende voorbeelden van, vooral in stedelijk gebied, als bijvoorbeeld de Beweegvriendelijke Stad10 en het noordelijke platform BIOR11 waar voorbeelden in het noorden onder de aandacht wordt gebracht waar Bewegen In de Openbare Ruimte (=BIOR) inspirerend is vormgegeven; ‐ Mensen sporten en bewegen steeds meer individueel en in ongeorganiseerd verband (fietsen, hardlopen, skaten, outdoor fitness, etc.). Wat maakt dat het realiseren van verbinding met andere terreinen als de openbare ruimte noodzakelijker wordt; ‐ Sporten en bewegen worden meer ingezet als middel ten behoeve van gezondheidsbevordering, participatie, sociale cohesie, leefbaarheid, inburgering, citymarketing, economie, etc.;

‐

Aandacht voor basisvormen van spelen in een avontuurlijke en natuurlijke omgeving. Het gaat hier niet om speeltoestellen met natuurlijke materialen, maar om de natuurlijke inrichting van de omgeving en de routes in parkranden van wijken of bosranden. Een natuurlijke speelplek is bij uitstek een plek waar kinderen met zand en water kunnen kliederen, kikkers en padden bekijken, bruggen en hutten bouwen en nog veel meer. Het is dus een speeltuin met grond, hout, heuvels, water, zand, bloemen, stenen, vruchten.”;

‐

Meer aandacht voor het gebruik van duurzame materialen bij het inkopen van speeltoestellen. In de vorm van hoe toestellen circulair geproduceerd worden, de garantie die wordt gegeven op de toestellen, de hoeveelheid nabestellen van losse onderdelen en het onderhoud dat toestellen en valondergronden vraagt; Het openbaar stellen van schoolpleinen en daarmee meer speelplaatsen beschikbaar te stellen voor gebruik en mee te nemen in de spreiding van het aanbod van speelruimten; Meer aandacht voor speel‐ en beweegroutes met bijvoorbeeld gekleurde stapstenen als oversteek of verminder tussen verschillende speelplekken;

‐ ‐

10

Beweegvriendelijke Stad Amsterdam, https://www.amsterdam.nl/bestuur‐organisatie/volg‐beleid/bewegende‐stad/inspiratieboek/ 11 https://www.kennislabbiornoord.nl/openbaar‐groen/

9

‐

Meer sport‐ en beweegaanbod voor de oudere jeugd tot aan senioren. Bewegen is belangrijk voor jong en oud. Sporten wordt 4x meer gedaan in ongeorganiseerd verband in de openbare ruimte. De markt speelt hierop in met verschillende mogelijkheden, zoals: outdoor fitness mogelijkheden die modulair uit te bouwen zijn, (tijdelijke) sportcontainers, beweegtuinen voor ouderen, 3‐tegen3 basketbalveldjes (wat zelfs een Olympische sport wordt), multifunctionele sportcourts waar lessen bewegingsonderwijs op gegeven kan worden, etc.;

‐

Digitalisering van speelaanbod en speeltoestellen. In de vorm van een interactieve voetbalwand, led‐lights verwerkt in speeltoestellen die je aan moet raken (wie is de snelste?), etc.;

‐

Meer aandacht voor minder validen in een wijkgerichte aanpak. Iedereen moet kunnen meedoen. Bij het inrichten van (nieuwe) beweeglocaties wordt gekeken naar de behoefte van minder validen en de toegankelijkheid van de beweeglocatie (zie ook SamenSpeelAkkoord).

‐

In 2019 is er een enquête geweest onder gemeenten gericht op de speel‐ en beweeginfrastructuur. Hieruit bleek dat beleid meer gericht is op minder formele speelplekken om meer geld voor minder plekken te realiseren.

10

Rolverdeling De gemeente De gemeente heeft zowel een voorwaardenscheppende rol in wat we willen bereiken met elkaar, als een regisserende rol in het realiseren van de doelstellingen van het beleid. Dit doet de gemeente door te verbinden, te faciliteren en de juiste randvoorwaarden te creëren om sport, spelen en bewegen mogelijk te maken in (beweegvriendelijke) openbare ruimtes (hardware). Hiernaast heeft de gemeente ook een regisserende rol door gericht inzet te realiseren om manieren van sporten en bewegen (software) te stimuleren en een verbindende rol om de organisaties die het sport‐, speel‐ en beweegaanbod kunnen realiseren (orgware). Wij dragen zorg voor veilige sport‐, speel‐ en beweegplekken.

Sportbedrijf Drachten en Maatschappelijke Onderneming Smallingerland (M.O.S.) Het Sportbedrijf Drachten is in opdracht van de gemeente uitvoerder van het sport‐ en beweegbeleid. De inzet van de Coaches Sport & Bewegen vindt sinds januari 2018 plaats in het onderwijs, de sport en in de wijken. In de wijkgerichte aanpak is het Sportbedrijf een directe partner. De M.O.S. is een partner in de uitvoering van het gezondheidsbeleid met de inzet van onder anderen jongerenwerkers. Zij staan het dichtbij de inwoners en geven ondersteuning aan inwoners als de speeltuinverenigingen.

Speeltuinverenigingen De speeltuinverenigingen zijn belangrijke partners op het gebied van ontmoeten, spelen, bewegen en gezondheid. Ieder heeft haar eigen rol in het realiseren van de gewenste effecten en resultaten van het gemeentelijke beleid en de (gemeenschappelijke) doelstellingen om ervaringen, kennis en kunde mee te gegeven aan de jeugd, waardoor de kans groter wordt dat steeds meer mensen een leven lang een actieve gezonde levensstijl er op nahouden. Jong geleerd, is oud gedaan. Speeltuinverenigingen maken hun eigen keuzes in hoe zij de speeltuinen exploiteren.

Onderwijs Het onderwijs is dé basis waar jeugd dagelijks wordt begeleid en een gezond beweegklimaat aangeboden wordt, zodat de jeugd maximaal positieve ervaringen op kan doen en de nodige kennis en kunde meegegeven wordt om er een leven lang een actieve gezonde levensstijl op na te houden. Het onderwijs maakt zelf haar keuzes in hoeverre deze inhaken, direct of indirect, op de doelstellingen van gemeentelijk beleid. Het onderwijs maakt haar eigen keuzes in hoe zij invulling geeft aan een gezond beweegklimaat op en om de school.

Wooncorporaties Waar mogelijk zien we graag samenwerkingsverbanden in de gemeente (ontstaan), wat bijdraagt aan het verhogen van een beweegvriendelijke inrichting van onze gemeenschappelijke openbare ruimte. Wooncorporaties maken hierin hun eigen keuzes hoe zijn naast hun kerntaak ('vastgoed vullen') invulling geven in het leefbaarder en beweegvriendelijker maken van de openbare ruimte.

Sport Fryslân Sport Fryslân12 is een organisatie, het kennis‐ en expertisecentrum, die vanuit het provinciale beleid ondersteuning en advisering biedt aan sportbonden, sportverenigingen, maar ook aan gemeenten. Het doel van Sport Fryslân is zoveel mogelijk Friese inwoners te stimuleren voldoende en verantwoord te sporten en te bewegen. Zij richten zich op alle doelgroepen en werken hierbij samen met welzijnsorganisaties, zorgverzekeraars en revalidatiecentra. Sport Fryslân maakt onderdeel uit van het noordelijk platform Bewegen In de Openbare Ruimte (BIOR) en deelt deze kennis met gemeenten.

12 http://www.sportfryslan.nl/

11

Hoofdstuk 3:

Conclusie terugblik "Notitie Speelbeleid 2008"

In dit hoofdstuk wordt alleen de conclusie weergegeven van een terugblik. De gehele terugblik is te vinden in bijlage 1.

Conclusie De gemeente heeft voldoende speel‐ en sportvoorzieningen. Deze zijn goed in beeld bij wijkbeheer, de speeltoestellen staan er allen veilig en functioneel goed bij en zijn voorzien van de jaarlijkse inspecties en onderhoud. De invoering van het nieuwe digitale beheerssysteem 'Playmapping' ondersteunt hierbij en is een hele verbetering gebleken. Inwoners zijn over het algemeen tevreden over het aanbod en de kwaliteit van de speeltoestellen. Wel ziet men graag meer diversiteit, meer fysiek uitdagend aanbod, combinaties met speelse kunstobjecten en innovatief aanbod in de openbare ruimte. Aangegeven is dat onvoldoende zichtbaar is wat aan beweegaanbod voor inwoners waar staat en daarmee of het de moeite waard is een andere locatie op te zoeken. Gebleken is dat niet overal even duidelijk is wat de afspraken zijn rondom inspecties, onderhoud, het vandalisme protocol en vervanging van speeltoestellen op schoolpleinen en sportparken. Samen met de speeltuinverenigingen is invulling gegeven aan een impuls met hulp van een Meerjaren Investeringsplan. Het is aan te bevelen hier een passend vervolg aan te geven. De speeltuinverenigingen kunnen meer onderscheidend zijn in hun aanbod, door beter in te spelen op wat er aan sport‐ en speelvoorzieningen in de openbare ruimte te vinden is.

Door bijvoorbeeld meer het accent te leggen op 'ontmoeten' van jong en oud en dagdeel vullend aanbod voor jonge gezinnen (met kinderen jonger dan 4 jaar). De speeltuinverenigingen zijn hierin zelf aan zet om hier goed op in te spelen. Gebleken is dat ondersteuning hierbij wenselijk is.

12

Hoofdstuk 4:

Missie, visie en ambities

De gemeente Smallingerland heeft als missie opgenomen in de sportnota "Beweeg je mee?" om de mensen in Smallingerland een leven lang dagelijks aan het bewegen te brengen en voor een sterke en gezonde (vitale) samenleving te zorgen. Onze visie is hierbij is dat de motivatie en het besluit om te gaan sporten en bewegen in eerste instantie een eigen verantwoordelijkheid is van mensen. De gemeente ziet haar taak vooral om de juiste randvoorwaarden te creëren om aan sporten, spelen en bewegen te kunnen doen. Daarom hanteren we in de gemeente de beweegvisie: "een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag." De gemeente Smallingerland wil een toonaangevende Friese gemeente zijn, waar het fijn leven is en mensen trots op zijn. De gemeente wil toonaangevend zijn door in onderzoeken rondom sporten, spelen en bewegen boven het Friese gemiddelde te scoren. Om hier invulling aan te geven is in het verlengde van de ambities van het sportbeleid 2017‐2021 "Beweeg je mee?" een vertaalslag gemaakt voor de speelnota "Speels genoeg?". Deze zijn:

1. Bewegen en Gezondheid

In Smallingerland is voor iedereen beweegaanbod te vinden dat stimuleert, uitnodigt, uitdaagt en voorziet om een leven lang dagelijks aan manieren van sporten en bewegen te kunnen (blijven) doen, die bij hen passen.

Deze ambitie heeft het grootste raakvlak met spelen en de beweegvisie: "Een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag." In de vertaalslag voor het nieuwe speelbeleid is deze ambitie daarom leidend. 2. Bewegen en maatschappelijke participatie

Smallingerland heeft een rijk sportverenigingsleven, waarin sportverenigingen voorzien in traditioneel sportaanbod en waar mogelijk hun rol oppakken en meebewegen in het realiseren en ontwikkelen van vernieuwingen in het beweegaanbod voor verschillende leeftijden en doelgroepen.

Deze ambitie heeft in de vertaalslag betrekking op de vier speeltuinverenigingen de die gemeente telt. 3. Sport en Onderwijs

Onderwijs is dé basis waar jeugd op alle dagen verschillende manieren van sporten en bewegen aangeboden wordt door bevoegd en kwalitatief (bekwaam) kader.

De verbinding die hier gelegd wordt, is gericht op wat er op en om de schoolpleinen aan sport‐ en speelaanleidingen te vinden is en hoe deze gebruikt worden. In combinatie met hoe schoolpleinen openbaar toegankelijk gesteld zijn, gedeelten groener gemaakt zijn en welke afspraken hierover gemaakt zijn.

4. Sportaccommodaties en Openbare Ruimten

De sport‐ en beweegfaciliteiten in Smallingerland zijn divers en voorzien in traditioneel en ongeorganiseerd sport‐ en beweegaanbod en draagt bij aan (meer) multifunctioneel gebruik van beschikbare (openbare) ruimten, waarbij voor iedere inwoner sport‐ en beweegaanbod bereikbaar is in de directe, eigen omgeving.

Deze ambitie heeft betrekking op wat er aan sport‐ en speeltoestellen (=formeel) in de openbare ruimte staat en hoe speel‐ en beweegaanleidingen (=informeel) invulling krijgt bij invullingsvraagstukken van groen, water, verkeer en openbare ruimte. 5. Breedtesport‐evenementen en topsport

Smallingerland profileert zich met aantrekkelijke (sport)evenementen gericht op breedtesport en biedt ruimte voor haar sporttalenten.

Deze ambitie heeft in het speelbeleid geen vertaalslag. Bovenstaande geeft weer WAT we willen bereiken en wordt aangesloten op alle ontwikkelingen die benoemd zijn in hoofdstuk 2.

13

Hoofdstuk 5:

Beleidskaders "Speels genoeg?"

In de dit hoofdstuk wordt uiteengezet wat nodig is om onze ambities te realiseren.

Basis op orde De gemeente wil voorzien in goede speelvoorzieningen voor kinderen. De primaire basis hiervoor is gelegd in het verdrag van de Rechten van het Kind (1995 in werking getreden in Nederland). Hierin wordt in artikel 31 de nadruk gelegd op het recht van elk kind om te kunnen spelen. Buiten spelen draagt bij aan het ontwikkelen van verschillende vaardigheden waaronder, sociale, motorische, competitieve, en constructieve vaardigheden en kunnen kinderen grensverleggend bezig zijn. In 2006 heeft het rijk in het verlengde van de Rechten van het Kind aan gemeenten gevraagd om 3% van de openbare ruimte te bestemmen voor spelen (= sport‐, speel‐ en beweegruimte). Het gewenste effect in de uitvoering van het speelbeleid is dat het een impuls geeft aan een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag. Waarbij de leefomgeving voor alle inwoners in ontwikkeling is en blijft, waarbij voor alle inwoners binnen bereikbare afstand manieren van bewegen te vinden is en aanleiding geeft om elkaar te ontmoeten. Hierbij wordt gekeken naar wat er aan sport‐ en speeltoestellen in de gemeente aanwezig is (formeel) en wordt aanvullend op de formele speelplekken gekeken hoe bij (her)inrichtingsvraagstukken meer speel‐/beweegaanleidingen (informeel) toegevoegd kan worden. Sport‐, speel‐ en beweegvoorzieningen zijn essentieel om 'bewegen als doel' te faciliteren.

De redenen waarom voldoende bewegen belangrijk is, is verschreven in gemeentelijk gezondheids‐ en sportbeleid. Spelen op jonge leeftijd draagt bij aan de ontwikkeling van de voorkwab13 in onze hersenen waar de creativiteit wordt geprikkeld. Hoe meer we op jonge leeftijd spelen, des te creatiever zijn we op latere leeftijd. Hiernaast draagt spelen bij aan onze motorische en sociale ontwikkeling, doordat we elkaar ontmoeten en leren (om te gaan met) 'vallen en opstaan'.

Richtlijnen ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

Alle speel‐ en beweegplekken zijn rookvrij en voorzien van zitgelegenheid (voor begeleiders). Een speelplek heeft minimaal 3 toestellen Per 100 kinderen in de leeftijd van 5‐12 jaar is een speelplek bereikbaar waar mogelijk aangevuld met enkele (natuurlijke) speelaanleidingen in de omliggende omgeving / route er naar toe. Per 100 jeugdigen in de leeftijd van 12‐18 jaar is een sportieve beweegplek Waar mogelijk worden grotere centrale speelplekken gerealiseerd, in plaats van meerdere kleine speelplekken, om het ontmoeten te versterken voor verschillende doelgroepen en leeftijden (jong en oud). We sluiten aan op het SamenSpeelAkkoord waar, bij voldoende behoefte, speelruimten toegankelijk ingericht worden voor minder validen.

Doelgroepen Als richtlijn voor welke doelgroepen we formele speel‐ en beweegplekken inrichten hanteren we het volgende: Leeftijd Wat Spreiding (richtlijn) Kinderen kunnen zelfstandig de openbare beweegplekken bereiken en gebruiken. Kinderen onder de 4 jaar spelen kunnen meestal (nog) Niet aanwezig in de niet zelfstandig naar speelplekken toe en/of daar alleen spelen. openbare ruimte. Begeleiding en toezicht van een oudere is nodig. Kinderen in deze leeftijd spelen meestal in de meest directe omgeving als in de eigen Uitzonderingen is tuin (indien aanwezig). 0‐4 jaar eventueel maatwerk  In de basis richt de gemeente voor deze doelgroep geen speelplekken in en wordt verwezen naar de speeltuinverenigingen die zich voor deze doelgroep (kunnen) onderscheiden.

13

Aanbod bij speeltuinverenigingen

https://schooltv.nl/video/het‐klokhuis‐spelen‐1/ ('t Klokhuis, 19 februari 2019)

14

5‐12 jaar

12‐18 jaar

<18 jaar en minder validen

Kinderen leren basisvaardigheden op vooral motorisch en sociaal vlak.  De speelplekken dagen uit om te bewegen en prikkelen de fantasie. We streven naar een harmonie tussen de speeltoestellen zelf als van de inrichting van de omgeving, zodat deze uitnodigend is impuls geeft aan het ontmoeten van jong én oud. Vanaf ongeveer 10 jaar oriënteert de beweegbehoefte van spelen zich meer naar een fysieke uitdaging en meer sport georiënteerd.  Voor deze doelgroep zijn de grotere beweegplekken bedoeld waar jong en oud elkaar kan ontmoeten Bij de inrichting van de speel‐ en beweegplekken wordt rekening gehouden met de toegankelijkheid voor jong & oud en minder validen.  In de praktijk wordt hier invulling aan gegeven in een wijkgerichte aanpak om te voorzien in behoefte

Buurt‐ en wijkniveau 1 speelplek per 100 kinderen Boven wijkniveau 1 sportievere beweegplek per 100 jeugdigen

Maatwerk

NB. De richtlijn is sterk leidinggevend, maar niet maatgevend. Bij uitzondering kan hiervan worden afgeweken om maatwerk mogelijk te kunnen maken per locatie.

Uitgangspunten voor sport‐ en speeltoestellen: ‐ ‐ ‐

De sport‐ en speeltoestellen voldoen aan de geldende veiligheidsnormen (NEN –norm). We kiezen voor duurzame materialen om een zo lange mogelijke levensduur te realiseren. De huidige grote sportvoorzieningen (als het skatepark en de Krajicek Playground) zijn via separaat beschikbaar gestelde budgetten gerealiseerd. Groot onderhoud of eventuele vervanging wordt via een apart voorstel aan het college voorgelegd, en waar nodig aan de raad, om hier separaat middelen voor beschikbaar te stellen. Bij geen akkoord wordt overgegaan tot verwijdering.

Beheer en onderhoud: ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

Alle sport‐ en speeltoestellen in de openbare ruimte worden jaarlijks door de gemeente geïnspecteerd en om de drie jaar door een externe partij, bij voorkeur door een collega van een buurgemeente. Het onderhoud is de verantwoordelijkheid van de eigenaar van het sport‐ of speeltoestel. De valondergrond is voor diegene die het toestel in eigendom heeft. Alle speeltoestellen worden ingevoerd in een digitaal beheersysteem Playmapping. Per speelplek zoveel mogelijk 1 leverancier (= richtlijn).

Monitoring Om de twee jaar doet de gemeente onderzoek onder haar bewoners om in kaart te brengen wat de sociale kaart is van de wijk en hoe de wijk beoordeeld wordt op verschillende onderdelen. Hoe de leefbaarheid in de wijk is en hoe de speelvoorzieningen beoordeeld worden, zijn enkele vragen in de Wijkatlas14.

14 https://www.smallingerland.nl/Wijkatlas

15

Natuurlijk spelen Kinderen spelen niet alleen op de speeltoestellen zelf, maar vaak ook juist in de directe omgeving ervan. Bij de inrichting van speelplekken wordt daarom gekeken naar een harmonie van de speeltoestellen, naar de inrichting van de directe omgeving (speelaanleidingen) als de route er naartoe. Openbare routestructuren (wandel‐ en fietspaden) worden bij (her)inrichting bekeken in hoeverre een meer natuurlijk karakter uitnodigend gerealiseerd kan worden.

Inbreiding, herontwikkeling, nieuwbouw en Beweegvriendelijke Openbare Ruimte Als gemeente hanteren we één gezamenlijk uitgangspunt als beweegvisie: "Een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag". Bij alle vormen van ontwikkeling in het openbaar gebied met openbare werken, riolering, waterberging en voor woningbouw wordt een integrale afweging te gemaakt waar de speeltoets een onderdeel van is. Bij projectontwikkeling worden gelden gereserveerd om speelvoorzieningen te realiseren. Na oplevering komen de toestellen aan de gemeente te vervallen. Het onderhoud en de inspecties wordt uit het gemeentelijk speelbudget gefinancierd. Waar wijkvernieuwing plaatsvindt, wordt samen breder gekeken in hoeverre in de buurt / wijk de beweegfaciliteiten aanwezig, ingericht en bereikbaar zijn en welke buurt/wijk extra aandacht nodig heeft, gekoppeld aan aangrenzende beleidsterreinen. In het bijzonder wordt hier de koppeling gemaakt met het gezondheidsbeleid en haar uitvoeringsprogramma Gezond in… Smallingerland (GIDS), Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) en voorbeelden als De Gezonde School en De Gezonde Buurt. Om de beweegvriendelijke openbare ruimte mogelijk te maken, worden in principe geen extra middelen beschikbaar gesteld. Maar wordt vanuit onze beweegvisie gekeken naar de wijkverbeterplannen hoe samen een 'plus' op het geheel gezet kan worden vanuit de bestaande budgetten.

Beeldbepalend voor Smallingerland? Samen met andere beleidsterreinen streven we naar typerende 'beeldbepalers' voor Smallingerland. Hierbij wordt gekeken naar een koppeling met water, innovatie, bewegen, en cultuur.

Participatie Participatie wordt in eerste instantie aangemoedigd en als middel ingezet om draagvlak te creëren. Hierbij gelden de volgende uitgangspunten. ‐ Alleen bij (her)inrichting van een complete speelplek wordt uitgegaan van de mogelijkheid tot inspraak. Hierbij werkt de gemeente omgevingsgericht; ‐ Bij vervanging van een enkel speeltoestel, met een bepalende speelwaarde van de plek, worden enkele voorbeeld voorgelegd; ‐ De gemeente houdt regie op voldoende diversiteit en spreiding van het aanbod; ‐ De kenbaar gemaakte wensen vanuit participatie zijn richtinggevend, niet leidend. De gemeente geeft opdracht voor de uiteindelijke inrichting en invulling van de speelplek.

16

Sponsoring en derde partijen ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

Het aanbieden en plaatsen van toestellen gaat altijd in overleg met de gemeente. De gemeente bepaalt of het toestel voldoet aan de gewenste speelwaardes en vastgestelde materiaaleisen. De gemeente bepaalt de uiteindelijke locatie van het toestel. Na plaatsing worden duidelijke afspraken gemaakt van wie het toestel eigendom is. Wanneer het toestel niet meer voldoet, wordt het verwijderd en niet vervangen. Na aanbieding van het toestel vervallen de rechten op het toestel van de partij die het heeft aangeboden.

Speeltuinverenigingen en Stichting BASS (Spijkerdorp) De gemeente huisvest een drietal speeltuinenverenigingen en stichting BASS die allen zelfstandig opereren. De speeltuinverenigingen zijn: De Draaikolk, De Wiken en Singelhof. Stichting BASS (Bouw‐ en Avonturen Speelplaatsen Smallingerland) is beter bekend als 'Spijkerdorp'. Zij ontvangen jaarlijks een exploitatiesubsidie voor de beheerskosten van hun accommodatie. Voor de vervanging van speeltoestellen is jaarlijks circa €26.610,‐ beschikbaar. De speeltuinen en het Spijkerdorp overleggen elk jaar met de gemeente over de verdeling hiervan. Na akkoord van de gemeente bestelt een speeltuin of het Spijkerdorp zelf bij een erkende leverancier van de gemeente.

Schoolpleinen De gemeente heeft enkele schoolpleinen die openbaar gesteld zijn voor de jeugd. Voordeel hiervan is dat deze schoolpleinen meegenomen kunnen worden in (betere) spreiding van de beweegplekken in de gemeente. De volgende scholen hebben hun schoolplein openbaar gesteld: Drachten - OBS De Tille - OBS De Meander Drait - OBS De Bolder, de Folgeren - OBS De Barte, Venen - OBS ‘t Tweespan, de Trisken - OBS De Kameleon Wiken - OBS De Swetten

- PCBO It Foarhûs, Trisken - PCBO Het Anker - PCBO De Mozaiék de Wiken - PCBO De Voorde Drait - PCBO It Ambyld - St Lucasschool, centrum - Montessorischool, de Drait

Andere dorpskernen - OBS De Wiksel" in Houtigehage - OBS Finneblom, Boornbergum - SWS De Diamant, Oudega - SWS De Frissel, Drachstercompagnie - SWS It Werflân, Rottevalle - SWS De Leister Igge, Opeinde - PCBO By de Boarne Boornbergum

De (directe) omgeving van scholen is een belangrijke plek voor het inrichten van de openbare ruimten met sport‐ en spel. Een school is vaak een centrale ontmoetingsplek voor de inwoners van een wijk of dorp. De schoolpleinen zijn een belangrijke plek om te spelen. Waar mogelijk ook na schooltijd.  Alle sport‐ en speeltoestellen wat openbaar is gesteld worden geïnspecteerd door de gemeente. Het onderhoud (inclusief valondergrond) is voor rekening van de wie het sport‐/speeltoestel in eigendom is. Vandalisme valt onder het vandalisme protocol.  Voor de vervanging van speeltoestellen is een bijdrage vanuit het buurtbudget mogelijk voor het onderwijs van maximaal €3.850,‐. Dit bedrag is enkel beschikbaar, mits: het toegekend wordt vanuit de totale aanvragen voor het buurtbudget (zie bijlage 2), het speeltoestel afgeschreven is en het schoolplein na schooltijd openbaar is.

17

Hoofdstuk 6:

Financieel kader

In opdracht van de gemeente Smallingerland heeft adviesbureau Antea in 2018 de budgetten berekend die zijn vereist om alle aanwezige speelvoorzieningen te inspecteren conform de wettelijke plicht hiertoe, en de toestellen in veilige staat te houden. De minimaal noodzakelijke norm is aangehouden bij de berekeningen. Uit het onderzoek van Antea is gebleken dat er geen sprake is van achterstallig onderhoud. De gemeente inspecteert alle openbare sport‐ en speeltoestellen bij de speeltuinvereniging, op de openbare schoolpleinen, op de sportvelden en in de openbare ruimte om zicht te houden op de veiligheid van de toestellen. Het onderhoud is voor diegene die het toestel in eigendom heeft. Voor de vervanging van de speeltoestellen is een budget beschikbaar (zie tabel Totaalbudget). Het vervangingsbudget voor speeltoestellen in de openbare ruimte en de speeltuinverenigingen is apart gelabeld. Voor de grotere sportvoorzieningen in de openbare ruimte (als het skatepark) is geen rekening gehouden in het vervangingsbudget. Deze worden wel onderhouden vanuit het onderhoudsbudget. Een aandachtspunt bij de vervanging van de grotere sportvoorzieningen is, dat zonder extra middelen deze niet vervangen kunnen worden.

Speeltuinverenigingen en BASS Het Spijkerdorp (Stichting BASS) heeft als enige alles zelf in eigendom. De andere drie speeltuinverenigingen hebben allen via een gebruiksovereenkomst de gebouwen om niet in beheer gekregen. Met de speeltuinen zijn afspraken gemaakt waarin de exploitatiesubsidie en de beheerkosten geregeld zijn. Voor de vervanging van de speeltoestellen is het laatste meerjarig investeringsplan eind 2019 afgelopen. De speeltoestellen staan er allen goed bij. Jaarlijks is €26.610,‐ beschikbaar voor de aanschaf of vervanging van speeltoestellen. Elk jaar vindt er overleg plaats met de gemeente over het beschikbaar stellen en verdelen van het vervangingsbudget. De bedoeling is dat de speeltuinverenigingen hun aanbod zich onderscheidt vergeleken met wat aan speelvoorzieningen in de openbare ruimte te vinden is.

Totaalbudget Onderdeel Budget* Inspecties €59.600,‐ Onderhoud openbare ruimte* €93.230,‐ Subsidie exploitatie en beheer gebouwen bij €66.850,‐ speeltuinverenigingen en BASS** Onderhoud speeltuingebouwen €6.190,‐ Vervanging speeltoestellen in openbare ruimte €78.450,‐*** Vervanging speeltoestellen bij de speeltuinen €26.610,‐ TOTAAL €330.930 * Onderhoud van alles wat in de openbare ruimte staat. Hieronder valt ook het onderhoud aan speeltoestellen, als de valondergronden (incl. vervanging valondergronden). ** Vanaf 2020 wordt de bijdrage van de gemeente niet geïndexeerd door bezuinigingen die doorgevoerd zijn. *** Budget is exclusief personele lasten (peildatum 2021) Buurtbudget (zie bijlage 2) Er kan een bijdrage worden gegeven voor een voorziening of een activiteit met als doel de vergroting van de leefbaarheid in een wijk of dorp en het stimuleren van burgerinitiatieven. Tot de aanvragers behoren het onderwijs, wijkraden of verenigingen van Dorpsbelang of inwoners van de wijk / het dorp. Een sport‐ of speeltoestel kan in aanmerking komen voor deze subsidie.

18

Subsidies en fondsen Iepen Mienskipfûns (Streekwurk) 15 Wanneer mensen met andere inwoners iets willen doen om hun wijk, dorp, regio of eiland vooruit te helpen, dan kan men terecht bij het provinciale Iepen Mienskipfuns. In Fryslân bruist het van de initiatieven! De provincie is op zoek naar initiatiefrijke inwoners die een goed idee hebben om de leefbaarheid in hun wijk, dorp of stad te verbeteren. Via het Iepen Mienskipsfûns stelt provincie Fryslân geld beschikbaar om de projecten van inwoners verder te helpen. Projecten die ervoor zorgen dat je prettig kunt wonen in jouw wijk, dorp of stad. Ideeën die je leefomgeving laten bruisen en bouwen aan de toekomst van Fryslân. Denk aan projecten op het gebied van leefbaarheid, kansen voor burgers en sociale innovatie. Maar ook gericht op cultuur, duurzame dorpen en cultuurhistorie en landschap. Een belangrijke voorwaarde is dat het idee niet alleen uitgevoerd wordt, maar samen met anderen. Voor inspiratie staat op de website van de provincie voorbeelden van eerder uitgevoerde projecten. Initiatiefnemers kunnen subsidie aanvragen op de volgende momenten: ‐ Van 9 januari tot en met 3 februari ‐ Van 1 mei tot en met 24 mei ‐ Van 18 september tot en met 13 oktober NB. Data veranderen iets per jaar. Zie voor exacte data de informatie op de website van Iepen Mienskipfûns zelf.

Andere fondsen Het zoeken en vinden van een geschikt fonds of subsidie is een uitdaging. MOS kan hierbij ondersteunen. Een overzicht van waar meer informatie te vinden is, is o.a. op https://www.fonds1818.nl/andere‐fondsen of https://www.sportknowhowxl.nl/sportknowhow/fondsen‐en‐goede‐doelen SamenSpeelAkkoord partners als: Jantje Beton, https://jantjebeton.nl/ik‐wil‐spelen/geld‐om‐te‐spelen

15 http://www.fryslan.frl/beleidsthemas/streekwurkloket_41333/item/iepen‐mienskipsfuns_3016.html

19

Hoofdstuk 7:

Wat gaan we doen?

In dit hoofdstuk wordt vanuit de ambities (zie hoofdstuk 4) aangegeven welke gewenste effecten en doelen we voor ogen hebben en hoe we dit willen realiseren in de uitvoering.

Gewenste effecten ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐

Uitdragen en meer bekendheid geven aan dé gemeentelijke beweegvisie: "Een omgeving die uitnodigt tot gezond (beweeg)gedrag"; Ondersteuning doelen sportnota "Beweeg je mee?" in het vergroten van het percentage dat voldoet aan de beweegrichtlijnen (NNGB), het verkleinen percentage inactieven en het doen aan sport (ongeorganiseerd); Stimuleren actieve leefstijl en opdoen van brede ervaring van divers sport‐ en beweegaanbod op en om de scholen, dat de kans op een leven lang bewegen vergroot; Stimuleren van de sociale cohesie en maatschappelijk participatie; Alle sport‐, speel‐ en beweegplekken zijn rookvrij; Het speel‐ en beweegaanbod in de openbare ruimte is diverser voor jonge jeugd, fysiek uitdagend voor de oudere jeugd en indien mogelijk innovatief en digitaal (ondersteund). Het speelaanbod bij de speeltuinverenigingen is toegankelijk voor jong & oud, validen & minder validen en onderscheidend vergeleken met wat in de openbare ruimte te vinden is; Alle schoolpleinen worden openbaar gesteld voor sport, spelen en bewegen na schooltijd Groen en openbare ruimten nodigen uit om te ontmoeten, te spelen en te bewegen; Bij vernieuwing in wijken, speelplekken, fusies van scholen, waterberging, aanlegsteigers, etc.

wordt samen gezocht in hoe integraal en financieel we aanvullend op elkaar kunnen zijn; Waar mogelijk worden verschillende beweegaanleidingen en elementen apart of multifunctioneler gecombineerd, zodat de aanwezige ruimten (diverser) benut worden; De routes door openbare ruimten krijgen waar mogelijk meer (bio)diversiteit en beweegaanleidingen om meer beleving en verbinding tussen de verschillende beweeglocaties te realiseren;

Uitvoering ‐

‐ ‐ ‐

‐ ‐

‐

‐

Alle speeltoestellen in de openbare ruimte, bij de speeltuinverenigingen, op openbare schoolpleinen en sportparken worden door de gemeente geïnspecteerd en opgenomen in het digitale systeem Playmapping om de regie op de veiligheid te verbeteren; Met het onderwijs gaan we het gesprek aan hoe alle schoolpleinen openbaar te stellen en te houden voor sport, spelen en bewegen na schooltijd, waarbij koppeling wordt gemaakt met het vandalisme protocol; Met het digitale beheersysteem Playmapping wordt in kaart gebracht hoe de spreiding is volgens de speelnorm; Er wordt een koppeling gemaakt met de wijkgerichte aanpak van het gezondheidsbeleid als Gezond In… (GIDS), Jongeren Op Gezond Gewicht (JOGG), De Gezonde School, De Gezonde Buurt en het Nationaal Preventieakkoord voor een rookvrije generatie; Bij vervanging van speeltoestellen wordt wijkgericht gekeken naar de diversiteit en spreiding van het aanbod en hoe participatie vorm te geven; De Coach Sport en Bewegen van het Sportbedrijf Drachten is als onderdeel van de wijkgerichte aanpak een aanjager om verschillende sport‐ en speelvormen in en om de school vorm te geven en aanwezige voorzieningen in de openbare beter te benutten (is onderdeel van sportnota "Beweeg je mee?"); We stimuleren de beweegdeelname door inzichtelijk(er) te maken waar welk beweegaanbod voor wie te vinden is in de gemeente via websites als

www.bewegenindrachten.nl en www.drachtenwiljemeemaken.nl. De website Bewegen in Drachten krijgt hierbij een upgrade en wordt de "Omgevingsverkenner"); Met de speeltuinverenigingen en Stichting BASS hebben we jaarlijks overleg over de verdeling van het vervangingsbudget voor speelvoorzieningen.

20

Wensen Naast het bovengenoemde onder 'uitvoering' zijn er nog een aantal wensen genoemd om op te realiseren met het nieuwe speelbeleid. Deze wensen zijn niet gedekt vanuit het reguliere budget. Om uitvoering te kunnen geven aan de wensen, is separaat een traject nodig om het budget hiervoor beschikbaar gesteld te krijgen. De wensen zijn: ‐ Renovatie en uitbreiding skatepark in het Slingepark; => De skatevoorziening dient gerenoveerd te worden. Hier is onvoldoende budget voor om dit goed te doen. Een renovatie, inclusief de uitbreidingswens, van de skatevoorziening is alleen mogelijk als er extra budget voor vrijgemaakt wordt. ‐ Plaatsen van zand‐ en waterspelen voor de jongste jeugd bij bestaande recreatieplaatsen; => Voor de jongste jeugd is spelen met zand en water de absolute basis. Een gezinsuitje naar een recreatieplaats wordt hiermee gestimuleerd. ‐ Aanleggen van extra steigers voor oudere jeugd bij bestaande recreatieplaatsen; => Er is een toename van overlast van oudere jeugd dat op ongewenste plekken in het water springt. Met de aanleg van enkele steigers kan in deze behoefte tegemoet gekomen worden. ‐ Ontwikkelen van een uniek kunstspeelobject16 samen met cultuur; => Met de realisatie van een iconisch en kenmerkend kunstspeelobject is het mogelijk iets onuitwisbaars in het geheugen van jong en oud te creëren.

Het is bij uitstek een manier om Smallingerland op de kaart te zetten en een stuk onderscheidende geschiedenis op te bouwen als gemeente. De wens komt voort uit de omgevingsgerichte aanpak. ‐ Het plaatsen van een meer digitale speeltoestellen; => Met de realisatie van een (uniek) digitaal sport‐ /speeltoestel is het innovatieve karakter van de gemeente te versterken. Deze wens komt voort uit de bijeenkomst over het nieuwe speelbeleid en is eventueel te koppelen aan een kunstspeelobject.

16

Deze wens komt voort uit de bijeenkomst over het nieuwe speelbeleid en is eventueel te koppelen aan een digitaal speelobject

21

Bronnen Literatuur: Gemeentelijke beleidstukken en voorgaande beleid Websites oa.: www.sportengemeenten.nl www.kenniscentrumsport.nl www.sportindebuurt.nl www.sportfryslan.nl www.sportbedrijf‐drachten.nl www.fryslan.frl www.rijksoverheid.nl www.scp.nl www.gezondeschoolfryslan.nl www.ggdfryslan.nl https://smallingerland.buurtmonitor.nl/ (Wijkatlas) https://aandeslagmetdeomgevingswet.nl/omgevingswet/ http://spelenenbewegen.nl/nieuws/ https://www.kennislabbiornoord.nl/openbaar‐groen/ https://schooltv.nl/video/het‐klokhuis‐spelen‐1/ ('t Klokhuis, 19 februari 2019) https://www.youtube.com/watch?v=wsKPz5pz9Mw ('t Klokhuis, 19 februari 2019)

22

Bijlage 1: Terugblik "Notitie Speelbeleid 2008" De "Notitie Speelbeleid 2008" is in het verlengde van de Notitie "Wijken voor spelen" uit 1997 vormgegeven aan de hand van een tweetal doelstellingen: A. Een bijdrage leveren aan de evenwichtige ontwikkeling van jeugdigen door samen me de direct betrokkenen te werken aan planmatige inventarisatie en beoordeling van speelruimte in de woonomgeving. Op basis van geconstateerde tekorten aanvullende voorzieningen te realiseren en te beheren. B. Het tot stand brengen van een integrale beleidsontwikkeling en een gecoördineerde beleidsuitvoering op basis van planmatige inventarisatie en beoordeling van de speelruimte in de gemeente, teneinde te komen tot een effectieve inzet van bestaande middelen van speelruimte en speelvoorzieningen binnen het kader van integraal wijkbeheer.

Huidige situatie Binnen de gemeente zijn in totaal ruim 1162 objecten aanwezig die als speelvoorziening fungeren. Hiervan staan 174 op schoolpleinen en de rest op 185 verschillende speelplekken. Deze verschillen onderling sterk in omvang van bijvoorbeeld een basket tot een complete skatebaan. Hieronder is in de tabel een overzicht van de aanwezige voorzieningen en het jaar van aanleg weergegeven. Som van Hoeveelheid Kolomlabels Rijlabels 1980 1990 1992 1993 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 Eindtotaal balanceertoestel 1 21 1 3 2 3 2 1 1 5 4 2 1 2 3 52 ballenvanger 1 4 1 6 basketbalpaal 3 3 2 2 7 1 2 20 basketbalveld 1 1 2 4 combitoestel 1 1 3 2 2 4 5 5 8 8 9 5 4 7 11 5 10 9 3 102 combitoestel 1 1 1 crossbaan 1 1 doel 3 1 6 4 2 3 4 11 9 2 23 4 4 2 4 82 draaitoestel 1 1 1 6 5 2 6 7 1 7 3 4 11 3 2 2 62 duikelrek 1 3 5 3 3 5 6 9 12 14 14 9 15 8 10 6 5 128 glijbaan 1 1 1 1 2 1 2 6 4 3 4 2 4 8 1 3 3 47 hekwerk 1 1 jeu de boules 1 1 2 3 1 8 kabelbaan 1 1 1 2 1 1 1 3 1 1 13 klimtoestel 1 1 1 4 3 1 3 2 5 6 5 6 3 2 10 3 3 2 61 klimtoestel 1 1 1 2 klimtoestel 2 1 1 knikkertegels 1 1 1 3 minigoal 2 2 2 2 3 3 6 3 2 2 27 overige/onbekend 1 1 3 4 4 1 1 15 pannakooi 1 2 4 1 1 2 11 pannakooi 1 1 1 2 pannakooi 2 1 1 pannakooi klaverweide 1 1 pannaveld 2 1 1 1 1 6 schommel 1 4 4 5 6 9 18 13 13 11 7 9 14 8 4 6 8 140

skatebaan 1 1 skeelerbaan 1 1 speelheuvel 1 1 2 speelhuis 1 3 2 2 1 3 3 1 3 4 3 4 5 35 speelhuis 1 1 1 speeltegel 1 2 1 4 speeltoestel (vast) 1 1 3 1 1 1 1 1 1 11 spelpaneel 1 1 2 stappaal 11 5 7 5 10 5 4 3 50 Steen (vast) 6 1 1 8 tafeltennistafel 1 4 2 3 7 2 7 7 3 36 tennisbaan 1 4 5 trimtoestel 1 4 1 1 7 1 1 9 25 trimtoestel 1 1 1 vlot 1 1 volleybalnet 1 1 volleybalveld 1 1 1 1 4 water 1 1 2 4 water 1 1 1 wip 4 1 1 3 3 4 3 4 7 7 1 6 10 2 4 3 63 wipveer 2 5 2 1 3 1 1 4 10 10 4 4 6 5 3 11 10 2 2 3 2 91 zandbak 1 1 1 2 1 1 1 3 3 14 zandtafel 1 1 1 1 4 Eindtotaal 4 1 1 1 1 20 6 5 23 9 60 41 69 52 68 75 101 89 54 87 186 37 59 47 64 2 1162

Bestemmingsplan Al het openbare groen in de gemeente Smallingerland biedt de mogelijkheid om speelvoorzieningen te realiseren.

23

Kwaliteit van de speeltoestellen Voor speeltoestellen geldt sinds maart 1997 het Warenwetbesluit attractie‐ en speeltoestellen of kortweg het WAS17. In het WAS staat dat speeltoestellen veilig geproduceerd en beheerd moeten worden. Richtlijnen hiervoor staan in de Europese normen voor speeltoestellen en waterglijbanen. De fabrikant moet ervoor zorgen dat het speeltoestel veilig ontworpen en gebouwd is. De beheerder moet ervoor zorgen dat het toestel veilig te gebruiken is. Dat wil zeggen dat het veilig geïnstalleerd en goed onderhouden moet zijn. Dit geldt ook voor het bodemmateriaal. Speeltoestellen die voor 26 maart 1997 in gebruik waren moeten wel veilig zijn maar hoeven geen certificaat van goedkeuring (typekeuring) te hebben. Elk speeltoestel moet een logboek of vormvrij dossier hebben. In dit logboek/dossier staan o.a. gegevens over de fabrikant/importeur, de installateur, eigenaar en beheerder. Tevens staan hierin gegevens over het toestel zelf, keuringen, inspecties, onderhoud en ongevallen. Op 25 mei 2016 is een wijziging in het WAS van kracht geworden, waarin er geen vormvereisten meer zijn aan het logboek – de beheerder is nu vrij zelf te bepalen hoe bijgehouden wordt dat inspecties, onderhoud e.d. zijn gedaan. Beheerders moeten dus nog steeds aantonen dat deze goed beheer plegen en er alles aan doen om hun toestellen veilig te houden.

De gemeente voldoet aan deze plicht. Er is jaarlijks onderzoek uitgevoerd naar de kwaliteit van de speelvoorzieningen. De kwaliteit is vastgelegd in de vorm van een beoordeling met een cijfer. Daarnaast is bijgehouden wat het aanlegjaar is en wanneer de laatste onderhoud is uitgevoerd. Tot kort geleden is gewerkt met een handmatig en analoog systeem waarin de inspectiegegevens zijn vastgelegd. Met ingang van 2019 werken we met een digitaal inspectiesysteem "Playmapping". Met de digitalisering is een efficiëntieslag gerealiseerd in hoe wij aan onze wettelijke verplichtingen volgens de WAS voldoen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9606001/1