CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel - Wijziging Algemene plaatselijke verordening 2013 i.v.m. lachgas

Ronde Tafel 28 september 2021, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Tussentijdse wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Smallingerland 2013 i.v.m. lachgas707 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Concern

Aan de gemeenteraad

Onderwerp:

TUSSENTIJDSE WIJZIGING ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING SMALLINGERLAND 2013 IVM LACHGAS

Beh. ambt: Tel/kamer:

Hilde Vellema 0512 - 581 552 / 0.1

Voorstel Stel de tussentijdse wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Smallingerland 2013 vast. Beleidsterrein Openbare orde en veiligheid Inleiding Naar aanleiding van het initiatiefvoorstel van de ChristenUnie (19 april 2021), heeft het College (middels brief van dd 11 mei 2021) de toezegging gedaan om een lachgasverbod (m.b.t. gebruik en bezit) in de Algemene plaatselijke verordening Smallingerland 2013 (Apv) op te laten nemen. Daarnaast heeft de burgemeester in het Debat (22 juni 2021) een toezegging gedaan met betrekking tot het opstellen van een plan van aanpak tegen lachgas Argumenten/beoogde effecten De lachgas problematiek is al langere tijd onder de aandacht bij de burgemeester. In de brief van 11 mei 2021 heeft het College aangegeven dat er al verschillende stappen zijn gezet. In het bijgevoegde plan van aanpak wordt beschreven welke activiteiten worden ingezet m.b.t. het lachgasgebruik. Hierbij wordt onder andere ingegaan op preventie. Een lachgasverbod in de Apv is een goede aanvulling op de maatregelen die we al hebben genomen. Wel moet worden opgemerkt dat, gelet op de beschikbare capaciteit en de overige handhavingstaken op het gebied van openbare orde en veiligheid, er wellicht keuzes moeten worden gemaakt ten aanzien van de activiteiten waarop de handhavingscapaciteit wordt ingezet.

Het opnemen van lachgas in de Apv gaat op dit moment niet gepaard met uitbreidingscapaciteit bij de handhaving. Het gaat om de volgende te wijzigen bepalingen van de Apv: - Artikel 2:32 Handel binnen openbare inrichtingen Naar aanleiding van de modelbepaling van het VNG worden lid 1 en 2 samengevoegd tot het eerste lid. Daarnaast wordt een nieuw lid 2 toegevoegd, waarbij de burgemeester de mogelijkheid krijgt om tijdelijk een gebied aan te wijzen waar het verboden is om lachgas te verkopen vanuit een openbare inrichting (winkel/horeca). De burgemeester kan op deze manier overwegen om tijdens evenementen de verkoop van lachgas vanuit winkels/horeca te verbieden. De verkoop van lachgas vanuit openbare inrichtingen kan slechts voor enkele dagen worden verboden, gelet op de proportionaliteitsafweging. -

Artikel 2:48A Verboden lachgasgebruik (nieuw artikel)

-2Artikel 2:48A betreft een geheel nieuw artikel en is conform de modelbepaling van de VNG. Artikel 2:48A wordt toegevoegd naar aanleiding van het nieuwsbericht van 23 juli 2021 (op de website) van de VNG, waarin wordt aangegeven dat zowel artikel 2:48A (de lachgasbepaling), als artikel 2:74A (bepaling m.b.t. openlijk drugsgebruik) goede mogelijkheden biedt om te handhaven op het lachgasgebruik. Wij sluiten aan bij het standpunt van de VNG, dat een algemeen, voor de gehele gemeente geldend gebruiksverbod op belangrijke juridische bezwaren stuit en is vanuit oogpunt van proportionaliteit ook niet te verdedigen. Daarmee zou er geen evenredigheid meer zijn tussen middel en doel, en dat zou in strijd met artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom beperkt het verbod in het eerste lid zich tot concrete situaties van oneigenlijk lachgasgebruik, voorbereidingen of het bij zich hebben van hulpmiddelen voor dat gebruik, die gepaard gaan met verstoring van de openbare orde, nadelige beïnvloeding van het woon- of leefklimaat of anderszins hinder tot gevolg hebben. Bij de handhaving moet de gemeente kunnen aantonen dat genoemde situaties de oorzaak zijn van de overlast en dergelijke.

Op grond van het tweede lid kan het college openbare plaatsen aanwijzen waar het oneigenlijk lachgasgebruik, voorbereidingen of het bij zich hebben van hulpmiddelen voor dat gebruik op voorhand verboden is, los van de vraag of dat in de concrete situatie tot ordeverstoring en dergelijke leidt. In het aanwijzingsbesluit moet het college motiveren waarom het verbod in dat specifieke gebied geldt (het belang van de openbare orde of bescherming van het woon- of leefklimaat). Uit politierapportages kan bijvoorbeeld blijken dat op bepaalde openbare plaatsen sprake is van aantoonbare en structurele overlast door lachgas. Het college kan – als dat afdoende lijkt te zijn – in het aanwijzingsbesluit opnemen dat het verbod op bepaalde tijden geldt, bijvoorbeeld tijdens de uitgaansavonden (derde lid). Drachten, Burgemeester en wethouders van Smallingerland, Jan Rijpstra

voorzitter.

Jelmer Mulder

secretaris.

Ter inzage liggende stukken: 1. Wijzigingsverordening Algemene plaatselijke verordening Smallingerland 2013 2. Overzicht wijzigingen Algemene plaatselijke verordening Smallingerland 2013 3. Plan van aanpak m.b.t. lachgas

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10545422/1