Raadsvoorstel - Weigering vaststelling bestemmingsplan Loswal 12 in Drachten
Tekst van het document
Aan de gemeenteraad
Onderwerp:
LOSWAL 12 WEIGERING VASTSTELLING BESTEMMINGSPLAN
Beh. ambt: Tel/kamer:
Harm de Muinck +31512581558/ 2.3
Voorstel 1. de aanvraag van 24 augustus 2020, om opheffing van de in het van toepassing zijnde bestemmingsplan opgenomen verbod op zelfstandige kantoren te laten vervallen, te weigeren; 2. de aanvrager te informeren door middel van het toezenden van het raadsvoorstel en raadsbesluit. Beleidsterrein Ruimtelijke ordening Inleiding Op 24 augustus 2020 hebben wij een verzoek ontvangen om aanpassing van het bestemmingsplan voor het perceel Loswal 12 in Drachten. Verzocht wordt het verbod op ‘zelfstandige kantoren’ te laten vervallen. Dit verzoek hangt samen met een eerder door ons ingezet handhavingstraject. Door middel van een raadsbrief met 100482 d.d. 19 januari 2021 bent u geïnformeerd over de stappen die wij destijds hebben gezet en vanaf januari zouden gaan zetten. Hierbij is aangegeven dat wij verwachtten dat wij u een raadsvoorstel konden aanbieden voor behandeling medio juni – juli 2021. Argumenten/beoogde effecten In het onherroepelijke bestemmingsplan Industrieterrein De Haven (vastgesteld op 3 april 2012) is een verbod op ‘zelfstandige kantoren’ opgenomen (artikel 5.4 sub c van de regels). Het verbod op ‘zelfstandige kantoren’ is vanwege twee redenen opgenomen. Ten eerste vanwege het voorkomen van een toename van een overschot aan kantoorruimte in de gemeente Smallingerland. Daarnaast is het gewenst om de mogelijkheden op het industrieterrein De Haven te gebruiken c.q.
te reserveren voor zware en industriële bedrijvigheid. De aanvrager heeft gesteld dat dit een zelfstandig verbod in strijd is met de Dienstenrichtlijn. Kort en goed komt het erop neer dat de Dienstenrichtlijn strekt tot de bevordering van vrije vestiging en verkeer van diensten. Inperking hiervan door middel van bijvoorbeeld een bestemmingsplan is slechts onder voorwaarden mogelijk. Bestemmingsplannen moeten voldoen aan de eisen die de Dienstenrichtlijn stelt. Op grond van een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtsprak van de Raad van State betreffende de Dienstenrichtlijn (ECLI:NL:RVS:2020:2863) wordt duidelijk dat het in de eerste plaats aan de gemeenteraad is om met specifieke gegevens te onderbouwen waarom de in het plan neergelegde beperkingen (het verbod op ‘zelfstandige kantoren’) gerechtvaardigd zijn. Zoals eerder aangegeven hebben wij onderzoek laten verrichten. Conform de Dienstenrichtlijn mag er geen beperking plaatsvinden van het vrij vestigen van ‘diensten’, tenzij voldaan wordt aan artikel 15 lid 3 van de Dienstenrichtlijn. Hierin wordt aangegeven dat vestigingsbeperkingen niet mogen tenzij:
-21. geen sprake is van discriminatie (naar land); 2. de beperking (aantoonbaar) noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang (het doel); 3. de maatregel (aantoonbaar) evenredig is: a. de maatregel is geschikt en effectief voor het beoogde doel; b. de maatregel op coherente en systematische wijze wordt uitgevoerd; c. maatregel gaat niet verder gaat dan nodig; d. hetzelfde doel kan niet met andere en/of minder beperkende middelen worden bereikt. Wij hebben extern onderzoek laten verrichten om de opgenomen beperking specifiek te onderbouwen. Voor dit onderzoek zijn de volgende vragen gesteld: 1. Is de door ons gestelde beperking noodzakelijk als bedoeld in artikel 15, derde lid onder b van de Dienstenrichtlijn? 2. Is de door ons gestelde beperking evenredig als bedoeld in artikel 15, derde lid onder c van de Dienstenrichtlijn? 3. In hoeverre zijn algemene tendensen en inzichten toepasbaar op de specifieke situatie? In het rapport is de volgende conclusie opgenomen: Sinds de vorige crisis is er in Friesland samengewerkt om de vraag- en aanbodsituatie in de kantorenmarkt beter op elkaar af te stemmen. Hiertoe heeft een harde sanering van het aantal vierkant meters plaatsgevonden. De situatie is sindsdien, met een leegstandscijfer van 5% en een gelijkmatige opname, gezond te noemen. Drachten vervult met name een lokale functie op de kantorenmarkt.
Vanuit gemeentelijk beleid wordt ingezet op twee aantrekkelijke en vitale locaties: het Centrum en het Kantorenpark. Landelijke trends geven aan dat dit ook de meest toekomstbestendige locaties zijn. Eventueel toenemende vraag kan hier voldoende worden opgevangen. In het centrumgebied komen naar verwachting ook voldoende panden beschikbaar voor kantoorvestigingen als gevolg van de coronacrisis en de algemene tendens van een afname van vierkante meters voor detailhandel. Beperkingen aan zelfstandige kantoorruimtes buiten deze locaties is hiermee noodzakelijk en evenredig. De beperking is bewezen effectief ter bescherming van de vitaliteit van de aangewezen kantoorlocaties en het voorkomen van leegstand aldaar. Doordat er minder concurrentie is, zal opname hoger zijn. Bovendien zijn eigenaren in centrumgebieden en op specifieke kantorenlocaties bereid eerder te investeren in vernieuwing en dat zorgt voor een gezonde dynamiek en voor extra vitaliteit. De gestelde beperking aan de Loswal 12 is ook evenredig, omdat dit industrieterrein is gereserveerd voor bedrijven. Mogelijke leegstand van kantoorruimte op of rondom deze bedrijfsruimten, doen niet af aan het functioneren hiervan. Bovendien kan het toestaan van vestigingsmogelijkheden voor zelfstandige kantoorruimte tot gevolg hebben dat concurrentie met andere locaties ontstaat en met vestigingsmogelijkheden voor bedrijven.
Hierdoor komt er minder industrieterrein beschikbaar. Deze inperking wordt bovendien coherent en systematisch toegepast. Vanuit het beginsel van coherente en systematische toepassing van een maatregelen, zou een ongewenste toename van plancapaciteit ontstaan en mogelijk verplaatsing vanuit bestaande aangewezen kantoorlocaties in gang worden gezet. Vandaar dat bij deze eerste aanvraag al afwijzend moet worden beschikt. Hiermee is de beperking ook toepasbaar op de locatie Loswal 12. Uit dit onderzoek volgt dat handhaving gericht tegen de aanwezige zelfstandige kantoorvestiging op Loswal 12 en dat het tegenhouden van verruiming van de gebruiksmogelijkheden in de vorm van het toestaan van zelfstandige kantoorvestiging noodzakelijk en evenredig is zoals bedoeld in artikel 15, derde lid onder b en c van de Dienstenrichtlijn. Uit dit onderzoek volgt dat handhaving gericht tegen de aanwezige zelfstandige kantoorvestiging op Loswal 12 en dat het tegenhouden van verruiming van de gebruiksmogelijkheden in de vorm van het toestaan van zelfstandige kantoorvestiging noodzakelijk en evenredig is zoals bedoeld in artikel 15, derde lid onder b en c van de Dienstenrichtlijn.
-3Voor het daadwerkelijke onderzoek wordt verwezen naar de bijlage. Onder verwijzing naar deze motivering wordt u voorgesteld de aanvraag te weigeren. Nadat u de aanvraag om het bestemmingsplan aan te passen, heeft geweigerd, blijft de formele grondslag om zelfstandige kantoren op het bedrijventerreinen te weren, behouden. Vervolgens wordt het handhavingstraject door ons weer opgepakt, met als doel om zelfstandige kantoren op het perceel Loswal 12 te beëindigen en beëindigd te houden. Kanttekeningen/overwogen alternatieven Geen. Financiën Omdat in dit geval de onderzoeksplicht bij ons rustte, komen deze kosten ook voor onze rekening. Tijdpad 1. Nadat u een besluit heeft genomen en deze is bekendgemaakt, kunnen belanghebbenden bezwaar indienen. Bij een eventueel bezwaarschrift tegen de weigering om het bestemmingsplan vast te stellen, is uw raad uitsluitend zelf bevoegd om op het bezwaarschrift te beslissen. 2. Vervolgens kunnen belanghebbenden rechtstreeks beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtsspraak van de Raad van State.
Drachten, 11 mei 2021 Burgemeester en wethouders van Smallingerland, Jan Rijpstra
voorzitter.
Jelmer Mulder
secretaris.