CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel - Vervolgproces Ruimtelijk Ontwikkelperspectief (ROP)

Het Debat 2 december 2025, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Vervolgproces Ruimtelijk Ontwikkelperspectief (ROP)3.324 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de gemeenteraad Onderwerp: Vervolgproces Ruimtelijk Ontwikkelperspectief Behandelend ambtenaar:

Anco Hoen

Portefeuillehouder:

Robin Hartogh Heys van de Lier

Beleidsterrein:

Ruimtelijke Ordening

Voorstel 1. Geen wensen en bedenkingen kenbaar te maken voor het vervolgproces van het ROP. 2. De gemeenteraad besluit een voorbereidingskrediet van € 400.000 beschikbaar te stellen voor de gebiedsontwikkeling Boornbergum. 3. De financiële effecten in de 24e begrotingswijziging 2025 te verwerken. Samenvatting In de raadsvergadering van 7 januari 2025 heeft de gemeenteraad besloten dat het gesprek met inwoners over het concept-Ruimtelijk Ontwikkelperspectief (hierna: ROP) kon worden gestart. In het ROP beschrijft de gemeente hoe zij voornemens is om te gaan met de grote ruimtevraag op het gebied van wonen, werken en energie. In het afgelopen half jaar zijn circa twintig bijeenkomsten georganiseerd voor zowel inwoners als andere belanghebbenden over het concept-ROP. Deze bijeenkomsten waren erop gericht om inwoners te informeren over wat het ROP is, én om wensen en bedenkingen bij het concept-ROP te inventariseren. Om te komen tot een definitieve versie van het ROP is de gemeente verplicht onderzoek te doen naar de omgevingseffecten van de voorgenomen keuzes in het vervolgproces. In de reactienota (bijlage 1) staat beschreven welke voornaamste wensen en bedenkingen de gemeente heeft gehoord in het afgelopen half jaar én hoe deze wensen en bedenkingen worden meegenomen in het vervolgproces.

In bijlage 2 is vervolgens de notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) van het onderzoek naar de omgevingseffecten in het vervolgproces opgenomen. De NRD dient beschouwd te worden als het plan van aanpak voor het onderzoek, genaamd het OER (OmgevingsEffectRapport). Een OER geeft niet alleen inzicht in de milieueffecten, maar ook in de sociaal economische effecten zodat inzicht wordt verkregen in hoeverre de keuzes bijdragen aan de brede welvaart in Smallingerland. De raad wordt gevraagd een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen om parallel aan het onderzoek naar de omgevingseffecten te kunnen starten met de voorbereidingen van de gebiedsontwikkeling in Boornbergum. Tot slot wordt de Raad gevraagd geen wensen en bedenkingen uit te spreken bij de inrichting van het vervolgproces én in te stemmen met voorstel een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen (bijlage 3). Dit stelt de gemeente in staat een volgende procesmatige stap te zetten om uiteindelijk te kunnen komen tot een Ruimtelijk Ontwikkelperspectief dat vastgesteld kan worden als Omgevingsprogramma. Inleiding Er is een grote vraag naar woningen, een niet afnemende vraag naar locaties voor bedrijfsontwikkeling, de wens om de natuurkwaliteit en landschapswaarden te vergroten én een grote opgave vanwege de energie- en de landbouwtransitie. Al deze opgaven vragen

-2-

ruimte. Omdat ruimte schaars is zijn we als gemeente genoodzaakt om voortdurend na te denken over locatievragen, zowel voor de korte als de middellange en lange termijn. Het combineren van functies op hetzelfde stukje grond is bovendien lang niet altijd mogelijk. Dit maakt dat ruimtevragers steeds vaker met elkaar concurreren. Terugblik Begin 2024 zijn we daarom als gemeente Smallingerland gestart met het opstellen van een Ruimtelijk Ontwikkelperspectief (hierna: ROP) voor het hele gemeentelijk grondgebied. Enerzijds omdat we voorzagen dat bovengenoemde opgaven ons met een steeds ingewikkelder puzzel confronteren. Anderzijds omdat het de gemeente ontbrak aan een afwegingskader. De door u vastgestelde Omgevingsvisie geeft weliswaar voor de lange termijn richting aan onze ruimtelijke ambities (het 'wat'). Maar op de vraag; waar willen we het, hadden we nog onvoldoende kader. Met het ROP wordt dit hiaat ingevuld en wordt de noodzakelijke strategische vertaalslag gemaakt ten behoeve van de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van onze gemeente. Na publicatie van het concept-ROP eind 2024 heeft uw raad in de raadsvergadering van 7 januari 2025 besloten dat het gesprek met inwoners over het concept-Ruimtelijk Ontwikkelperspectief (hierna: ROP) kon worden gestart. In april van dit jaar is uw raad middels een brief geïnformeerd over de opzet van het participatietraject.

Inmiddels zijn er tot 3 september 2025 circa twintig bijeenkomsten georganiseerd en presentaties verzorgd voor zowel inwoners als andere belanghebbenden over het conceptROP. In totaal 13 bijeenkomsten zijn gehouden in de dorpen van Smallingerland waar in gesprek is gegaan met onze inwoners. Deze bijeenkomsten waren erop gericht om inwoners te informeren over wat het ROP is, én om wensen en bedenkingen bij het concept-ROP te inventariseren. Op basis van alle binnengekomen reacties is een reactienota opgesteld waarin het college van B&W de rode draad beschrijft van hetgeen is gehoord tijdens het participatieproces. Ook geeft de reactienota aan hoe deze input wordt meegenomen richting het vervolgproces. In een bijlage van de reactienota zijn alle participatieverslagen gebundeld. Schematisch overzicht van proces tot nu toe en de vervolgstappen Het proces vanaf 7 januari tot nu én voor de komende periode is weergegeven in Figuur 1. Hierin is ook aangegeven hoe de bijlagen bij dit raadsvoorstel daarin passen. We benadrukken dat er in deze fase nog geen inhoudelijke besluitvorming over ruimtelijke keuzes wordt gevraagd. De gevraagde besluiten in dit raadsvoorstel en de onderliggende stukken zijn hoofdzakelijk procesmatig.

-3-

Figuur 1. Vervolg Ruimtelijk Ontwikkelperspectief Smallingerland

Inhoudelijke toelichting op vervolgproces Het vervolgproces bestaat uit twee onderdelen die parallel worden doorlopen: 1. Onderzoek omgevingseffecten ROP 2. Voorbereiding voor het Masterplan Boornbergum We geven hieronder een toelichting op beide onderdelen. 1. Onderzoek omgevingseffecten ROP Het Ruimtelijk Ontwikkelperspectief dient uiteindelijk te worden vastgesteld als (vrijwillig) Omgevingsprogramma. De procedure voor het vaststellen van een omgevingsprogramma bestaat op hoofdlijnen uit een tweetal onderdelen: het participatieproces en een merprocedure. De mer is de wettelijke procedure met als hoofddoel het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van een plan of project. Gelet op de aard van het ROP is gekozen het MER onderzoek uit te breiden en het brede welvaartsperspectief als uitgangspunt te nemen. In de praktijk betekent dit dat naast milieuaspecten, in het onderzoek ook gekeken wordt naar het effect van het ROP op aspecten zoals sociale veiligheid van onze inwoners, gezonde leefomgeving en de sociale cohesie. Het resultaat van de mer-procedure is daarmee een OmgevingsEffectRapport (OER) dat inzicht geeft in de mogelijke effecten op de omgeving en onze inwoners in brede zin.

Dit inzicht is nodig om in het vervolgproces, vanuit een integrale afweging, te komen tot een voorkeursscenario dat maximaal bijdraagt aan de brede welvaart van onze inwoners. Hiermee voorkomen wij dat optimalisatie op één dimensie van brede welvaart (bijv. woningproductie), leidt tot negatieve effecten op leefbaarheid, mentale gezondheid of draagkracht van voorzieningen. Op 29 oktober is de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD, zie bijlage 2) gepubliceerd en ter inzage gelegd. De NRD is ook voorgelegd aan de commissie-mer met het verzoek de gemeente te adviseren over in de NRD voorgestelde aanpak. Het vragen van advies aan de commissie-mer is niet verplicht, maar vonden we als college van B&W wel wenselijk met oog op het doorlopen van een zorgvuldig proces. Zienswijzen die zijn ingebracht op de NRD evenals de adviezen van de commissie-mer zullen door de gemeente worden gewogen en

-4-

beoordeeld. Indien dit leidt tot materiële wijzigingen van de NRD dan zullen wij uw raad hierover informeren. Door de MER-procedure (waaronder ook het opstellen van de NRD) te starten ná de participatiebijeenkomsten was er gelegenheid om alternatieve scenario’s op basis van voorkeuren van inwoners in het MER te onderzoeken. Zo kunnen de voorlopige ruimtelijke keuzes van de gemeente in het concept-ROP worden afgezet tegen alternatieven die door inwoners en andere belanghebbenden zijn ingebracht. Hoe de inzichten uit het participatieproces tot uitdrukking komen in de NRD en de scenario's die straks in het OER worden meegenomen is beschreven in de Reactienota. (zie bijlage 1). NB. In de NRD worden ook zoekgebieden voor zon en wind meegenomen, terwijl de gemeente op dit moment nog niet beschikt over een vastgestelde bronnenstrategie die aangeeft hoe zij in 2050 op klimaatneutrale wijze wil voorzien in de totale energiebehoefte. Dit maakt dat de ontwikkelgebieden in het concept-ROP voor zonneweides, maar vooral voor windenergie, een andere status hebben dan voor de thema's Werken en Wonen. Het ontbreken van een uitspraak over de wenselijkheid van windturbines op het grondgebied van Smallingerland neemt niet weg dat het van belang is om zicht te krijgen op de mogelijke (leefomgevings)effecten van zon en wind binnen de gemeente.

De OER biedt de kans om meer inzicht krijgen in de omgevingseffecten. We willen de OER in deze fase van de beleidsvorming daarom gebruiken om zicht te krijgen op die omgevingseffecten rekening houdend met de locaties in overeenstemming met de huidige wet- en regelgeving überhaupt duurzame energie kan worden opgewekt. De afweging waar en langs welke strategie (bijvoorbeeld zoveel mogelijk geclusterd in een energieland-schap en op bedrijventerreinen of juist verspreid) de gemeente uiteindelijk de realisatie van duurzame opwek van energie wenselijk acht, wordt mede op basis van dit inzicht uit het OER, op een later moment, en buiten het ROP om, gemaakt. 2. Voorbereidingen voor het Masterplan Boornbergum Het tweede onderdeel van het vervolgproces richt zich specifiek op Boornbergum, het deelgebied waar de impact van het ROP groot is. Parallel aan én in samenhang met het onderzoek naar de omgevingseffecten van het ROP starten we vervroegd met de voorbereidingen voor het Masterplan Boornbergum. Zo anticiperen we op de oproep van inwoners van Boornbergum tijdens de participatiebijeenkomsten om gezamenlijk met ons en andere belanghebbenden een integraal planproces op te starten voor het hele deelgebied. Een planproces waarin volop aandacht kan zijn voor sociale en fysieke infrastructuur, verkeersveiligheid, leefbaarheid en energievoorziening.

Het Masterplan Boornbergum wordt middels een integraal en participatief ontwerpproces opgesteld. Het Masterplan Boornbergum wordt vervolgens betrokken in de integrale gemeente brede afweging van de verdeling van de uiteindelijke ruimtevraag die wordt opgenomen in het ontwerp ROP. Hierover zal naar verwachting rond de zomer van 2026 besluitvorming plaatsvinden. Het Masterplan Boornbergum dient vervolgens ook als stedenbouwkundig plan voor de gebiedsontwikkeling, als basis van het omgevingsplan en als toetsingskader bij initiatieven van derden. Voor het opstellen van het Masterplan en andere voorbereidende werkzaamheden voor de gebiedsontwikkeling Boornbergum is een voorbereidingskrediet nodig. Voor het bepalen van de plankosten en de VTU-kosten (kosten van voorbereiding en toezicht op de uitvoering) voor de gebiedsontwikkeling Boornbergum is een plankostenscan

-5-

uitgevoerd. Dit is een rekenmodel vanuit het Rijk dat op basis van kenmerken van het project de plankosten becijfert. Deze komt uit op een bedrag van circa € 3,69 miljoen voor het gehele project. Rekening houdend met reeds aangevraagde en toegezegde subsidies vragen wij de raad om € 400.000 ter beschikking te stellen voor de eerste fase, te weten het opstellen van het masterplan, inclusief participatie, en de verwervingskosten voor grondaankoop/ontpachting (dit is exclusief de koopsom en eventuele schadeloosstelling). Indien de grondexploitatie uiteindelijk niet geopend kan worden, zullen de reeds gemaakte kosten worden gedekt uit de reserve grondbedrijf. De financiële effecten worden verwerkt in de 24e begrotingswijziging 2025. Subsidie Woningbouwimpuls Onlangs heeft het college een subsidieaanvraag in het kader van de Woningbouwimpuls (WBI) – 7e tranche voor de gebiedsontwikkeling Boornbergum ingediend. Bij toekenning dekt deze subsidie maximaal 50% van het publiek financieel tekort. De beslissing op de aanvraag wordt eind 2025/begin 2026 verwacht. Na toekenning worden de subsidie en bijbehorende voorwaarden verwerkt in de vast te stellen grondexploitatie.

Planning en processtappen De verwachte doorlooptijd van beide hierboven beschreven onderdelen (het onderzoek naar de omgevingseffecten én de uitwerking van de verschillende scenario’s voor Boornbergum in het Masterplan Boornbergum incl. participatie) wordt vooralsnog ingeschat op ruim een half jaar. Op basis van de uitkomsten van beide sporen, aangevuld met beleidsmatige ruimtelijke kaders die vanuit Rijk en provincie worden aangereikt (denk aan de Nota Ruimte en de POVI) en praktische overwegingen zoals grondposities, fasering en doorlooptijden formuleren wij het voorkeursalternatief en stellen wij het ontwerp-ROP op. Het voorkeursalternatief zal globaal begrensde locaties voor wonen, werken en zoekgebieden voor de opwek van duurzame energie bevatten. Het ontwerp-ROP wordt (conform de Omgevingswet) na besluitvorming in het College ter inzage gelegd. Conform de huidige planning zal deze besluitvorming rond de zomer van 2026 kunnen plaatsvinden. In de daaropvolgende periode van terinzagelegging wordt uw Raad in de gelegenheid gesteld om wensen en bedenkingen kenbaar te maken over het ontwerp-ROP. Ook inwoners van Smallingerland en overige belanghebbenden zal om een reactie worden gevraagd. Ten behoeve hiervan zullen opnieuw informatiebijeenkomsten worden georganiseerd.

In dezelfde periode zal conform de eisen van de Omgevingswet ook de Commissie mer gevraagd worden een advies uit te brengen over de kwaliteit van het onderzoek naar de omgevingseffecten. Op basis van de uitkomsten van bovenstaande kan vervolgens een definitief Omgevingsprogramma worden opgesteld en ter besluitvorming aan het College worden aangeboden. Conform de huidige planning zal dit naar verwachting eind 2026 kunnen plaats vinden.

Argumenten 1.1 De bevindingen uit het participatieproces worden op een zorgvuldige wijze meegenomen in het vervolgproces - De reactienota (bijlage 1) geeft duidelijkheid over wat de gemeente gaat doen met de informatie die is opgehaald tijdens de participatiebijeenkomsten over het concept

-6-

-

Ruimtelijk Ontwikkelperspectief. In de nota wordt aangegeven op welke wijze de veel gehoorde wensen en bedenkingen mee worden genomen in het vervolgproces waarin onder meer onderzoek wordt gedaan naar de omgevingseffecten. Verder wordt toegelicht waarom welke informatie wel, en welke informatie niet op een zinvolle manier kan worden meegenomen in het vervolgproces. Ook laat de nota zien dat de gemeente gehoorde zorgen serieus heeft genomen en in het vervolgproces daarop heeft geanticipeerd. De notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) van het onderzoek naar de omgevingseffecten is in bijlage 2 van dit voorstel opgenomen. De NRD dient beschouwd te worden als het plan van aanpak voor het onderzoek, genaamd het OER (OmgevingsEffectRapport). De NRD is opgesteld door het onafhankelijke onderzoeks- en adviesbureau Haskoning. Het bureau heeft voor de NRD gebruik gemaakt van de inzichten uit het participatieproces zoals beschreven in de reactienota.

2.1 Plankostenscan als financiële onderbouwing - Voor de raming van het voorbereidingskrediet voor de gebiedsontwikkeling Boornbergum is gebruik gemaakt van de plankostenscan, een rekentool vanuit het Rijk. Van de resulterende raming zijn vervolgens uitsluitend de in deze fase relevante delen gebruikt (stedenbouwkundig plan, participatie en verwervingskosten). Daarmee vormt dit een proportioneel en onderbouwd deel van de totale raming van plankosten voor het project. 2.2 Subsidie-inzet - Er is reeds een provinciale subsidie van € 71.350 toegekend. Deze middelen worden doelmatig ingezet voor de externe projectleiding in 2025 en beperken de gemeentelijke voorfinanciering. 3.1 Voorbereiding grondexploitatie - Indien de grondexploitatie uiteindelijk niet geopend kan worden, zullen de reeds gemaakte kosten worden gedekt uit de reserve grondbedrijf. - Voor het opstellen van het masterplan en de verwervingen is nu echter tijdelijke financiering nodig. - Het voorbereidingskrediet maakt het mogelijk om deze kosten tijdig te dekken en later over te hevelen naar de nog vast te stellen grondexploitatie. Risico's De ontwikkelprincipes per deelgebied maken duidelijk waar op termijn bepaalde ruimtevraagstukken in Smallingerland kunnen landen. Dit kan grondspeculaties in de hand werken. Het risico hierop achten wij beperkt aanwezig.

Een verzachtende omstandigheid is dat veel van de gemaakte keuzes in het document, bijvoorbeeld woningbouw ten zuiden van de A7 of uitbreiding van het areaal bedrijventerreinen, direct zijn af te leiden vanuit reeds vastgestelde (en daarmee bekende) beleidsprogramma’s. Het expliciet maken van dergelijke keuzes kan bovendien helpen de markt te verleiden samen met ons een zelfde kant op te werken. Het beschikbaar stellen van het voorbereidingskrediet voor de gebiedsontwikkeling Boornbergum waarvoor de planvorming inclusief participatie nog doorlopen moet worden, is een aanzienlijke voorinvestering voor een gebiedsontwikkeling waarvan de uitkomst nog onzeker is. Hoewel het uitgangspunt is dat de grondexploitatie uiteindelijk sluitend wordt

-7-

opgesteld, bestaat altijd de kans dat externe omstandigheden, zoals stijgende bouwkosten, wijzigingen in de woningmarkt of het niet toekennen van subsidies, leiden tot een negatievere financiële uitkomst. Indien de grondexploitatie daardoor niet sluitend kan worden gemaakt, kunnen de reeds gemaakte voorbereidingskosten niet volledig worden terugverdiend, wat kan resulteren in een structureel financieel nadeel voor de gemeente. Om dit risico te beperken wordt alleen krediet gevraagd voor de eerste fase van de gebiedsontwikkeling, inclusief opstellen masterplan, participatie en verwervingskosten. Dit is een fase die noodzakelijk is om de haalbaarheid van de gebiedsontwikkeling en de verschillende varianten te onderzoeken. Latere investeringen worden pas gedaan wanneer de grondexploitatie definitief is vastgesteld. Om de financiële haalbaarheid van de grondexploitatie te vergroten, wordt uitgegaan van een minimaal aantal van 200 woningen in Boornbergum. Voor de nog vast te stellen grondexploitatie zal een risico-inventarisatie uitgevoerd worden voor mogelijke afwijkingen in kosten of opbrengsten en zullen hiervoor beheermaatregelen worden getroffen, waardoor financiële tekorten beter kunnen worden opgevangen.

Wettelijk of beleidskader - Gemeentewet - Omgevingswet - Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) Het Ruimtelijk Ontwikkelperspectief moet worden beschouwd als een programma onder de Omgevingswet. Na vaststelling van de definitieve versie (beoogd medio 2026) is het Ruimtelijk Ontwikkelperspectief zelfbindend. Dit betekent dat de ontwikkelprincipes alleen het bestuursorgaan binden dat het Ruimtelijk Ontwikkelperspectief heeft vastgesteld. Onder de nieuwe Omgevingswet is dit het college van B&W. Na vaststelling bevat het Ruimtelijk Ontwikkelperspectief geen regels voor burgers, bedrijven of andere overheden. Wel is het richtinggevend voor het ruimtelijk beleid dat de gemeente voert rondom wonen, werken en energie. Het ROP schrijft dus niet voor, maar geeft richting. Overwogen scenario's N.v.t. Financiën Het beschikbaar stellen van het voorbereidingskrediet van € 400.000 heeft tot gevolg dat de gemeente tijdelijk kosten moet voorfinancieren. Dit bedrag wordt naar verwachting gedekt uit de in de toekomst te openen grondexploitatie (naar verwachting eind 2026). Indien de grondexploitatie uiteindelijk niet geopend kan worden, zullen de reeds gemaakte kosten worden gedekt uit de reserve grondbedrijf. De financiële effecten worden verwerkt in de 24e begrotingswijziging 2025.

Juridische consequenties De raad heeft op grond van de Gemeentewet de bevoegdheid om kredieten vast te stellen. De dekking van de plankosten en de verantwoording daarvan vindt plaats conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Daarnaast is de Omgevingswet het wettelijk kader voor de inhoudelijke planvorming: het masterplan vormt een bouwsteen voor de verdere uitwerking van het Ruimtelijk Ontwikkelperspectief. Er zijn geen juridische belemmeringen om dit besluit te nemen, mits de kosten conform BBV-regels worden verwerkt.

-8-

Participatie en Communicatie Op 28 oktober jl. is de NRD ter inzage gelegd voor een periode van zes weken. Via de reguliere communicatiekanalen van de gemeente hebben wij inwoners en overige belanghebbenden hierover geïnformeerd. Daarnaast is op 12 november een informatiebijeenkomst georganiseerd in De Lawei. Hier konden inwoners en andere belanghebbenden vragen stellen over de inrichting van het vervolgproces. Voor het opstellen van het masterplan Boornbergum is een Participatie- en communicatieplan opgesteld. Alhoewel het masterplan geen instrument onder de Omgevingswet is, is gekozen om voor het participatieproces aan te sluiten bij de verplichtingen voor een Omgevingsprogramma. We volgen daarbij het Participatiebeleid 1.0 en het bijbehorende afwegingskader zoals dat door uw gemeenteraad is vastgesteld. Het Participatie- en communicatieplan beschrijft hoe inwoners, het dorpsbelang, externe stakeholders en de gemeenteraad worden betrokken bij de ontwikkeling van het Masterplan Boornbergum. Het doel is om kennis, ideeën, zorgen en creativiteit van alle betrokkenen vroegtijdig mee te nemen, zodat het masterplan beter aansluit bij de behoeften van het dorp, de ruimtelijke opgaven en de bredere gemeentelijke strategie. Het participatieproces is afgestemd met Vereniging Dorpsbelang Boornbergum/Kortehemmen.

Het proces verloopt in meerdere fasen: voorbereiding, varianten, voorkeursvariant en uitwerking en vaststelling van het masterplan. In elke fase worden stakeholders actief betrokken (participatieniveau adviseren) via werkgroepen, enquêtes, ontwerpsessies, ambtelijke overleggen en consulterende bijeenkomsten. Inwoners kunnen zowel breed (via enquêtes) als diepgaand (via werkgroepen) participeren.

Uitvoering Zie Planning en processtappen.

Fatale termijn Een fatale termijn betreft de afloop van het voorkeursrecht op het Fries Congrescentrum Drachten op 12 december 2026. Het voorkeursrecht kan verlengd worden op basis van een vastgesteld planologisch kader en in dit geval, op basis van een vastgesteld Ruimtelijk Ontwikkel Perspectief (met daarin een bepaalde concreetheid voor de betreffende locatie). Aangezien het voorkeursrecht eind 2026 komt te vervallen, er nog geen minnelijke overeenstemming is bereikt én het willen behouden van het voorkeursrecht, is het wenselijk om vóór 12 december 2026 het Ruimtelijk Ontwikkel Perspectief definitief vast te stellen. Zodat het voorkeursrecht van rechtswege verlengd wordt. Achtergrondinformatie Nvt. Drachten, 28-10-2025 Burgemeester en wethouders van Smallingerland,

-9-

Fred Veenstra

voorzitter.

Siebren van der Berg

secretaris.

Bijlagen: 1. Reactienota (incl. gebundelde participatieverslagen) 2. NRD (Notitie Reikwijdte en Detailniveau) 3. Begrotingswijziging Masterplan Boornbergum

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16147439/2