GR6. Begroting GR Sw Fryslan 2025
Tekst van het document
Gemeenschappelijke Regeling Sociale werkvoorziening ''FRYSLÂN''
Begroting 2025
Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE
2
1.
INLEIDING
3
2
PERSONELE BEZETTING
4
3.
BATEN EN LASTEN IN DE BEGROTING
5
3.1
Bijdrage GR-gemeenten
5
3.2
Doorbelasting naar Caparis
5
3.3
Lonen en sociale lasten Sw
5
3.4
Vervoerskosten Sw
6
3.5
Overige cao-gerelateerde kosten Sw
6
3.6
Doorverdeling BW-subsidie naar uitvoeringsorganisatie
6
3.7
Overige kosten GR
6
3.8
Rente
6
4 4.1
BALANSPROGNOSE Toelichting balansprognose
7 8
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
2/8
1. Inleiding Voor u ligt de begroting 2025 van de Gemeenschappelijke Regeling Sociale Werkvoorziening Fryslân (hierna: GR). De begroting betreft de financiering van de kosten die binnen de GR worden gemaakt. Dat betreft met name de loonkosten, daaraan gerelateerde overige personeelskosten, sociale lasten en de organisatiekosten die binnen en ten behoeve van de GR gemaakt worden. We spreken ten aanzien van de uitvoeringsorganisatie van de GR (Caparis NV) meer en meer over de ontwikkeling in de richting van een sociaal ontwikkelbedrijf. Daarover komt vanuit Den Haag op dit moment enig perspectief. De onderzoeken naar de toekomstige SW-infrastructuur zijn afgerond en hebben geleid tot een brief van de minister aan de Kamer in december 2023. Hierin wordt bevestigd dat sociaal ontwikkelbedrijven blijvend noodzakelijk zijn voor een grote groep mensen die daar waardevolle invulling van de dag kunnen vinden en een belangrijke waarde ervaren door onderdeel te zijn van het werkproces en daar een bijdrage aan leveren. Vanuit de GR volgen we deze ontwikkelingen nauwgezet. Dit doen we omdat het bestuur er continu naar streeft om onze werknemers een goede en passende werkomgeving te bieden. Drachten, Abel Reitsma Voorzitter GR Sw ‘Fryslân’
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
3/8
2 Personele bezetting In onderstaand overzicht is de begrote/geraamde personele bezetting voor de jaren 2025 tot en met 2028 opgenomen. De gerealiseerde aantallen van 2023 zijn meegenomen en deze zijn geactualiseerd met de huidige kennis en ontwikkelingen Daarnaast worden de BW medewerkers benoemd. Dit wordt alleen getoond, omdat deze medewerkers een terugkeergarantie hebben. Feitelijk worden deze BW medewerkers door Caparis NV betaald. Bezetting
Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting Raming Raming Raming 2025 2026 2027 2028
Sw-medewerkers in dienst
fte SE
1.118 1.201
1.217 1.307
1.074 1.155
1.027 1.107
978 1.055
945 1.020
Aantal begeleid werken
fte SE
105 116
107 118
96 106
95 105
95 104
94 103
De bezetting van het aantal Sw-medewerkers in dienst van de GR zal jaarlijks dalen door natuurlijk verloop (pensionering), de effecten van de cao-sw. Als gevolg van de wetswijzigingen in 2015 vindt er geen nieuwe instroom van Sw-medewerkers meer plaats. Naast het verloop als gevolg van pensionering is in de begrote/geraamde bezetting rekening gehouden met een additioneel verloop van voorzichtigheidshalve 2% per jaar voor niet voorzienbaar verloop zoals overlijden, ontslag op staande voet, vrijwillige beëindiging van het dienstverband door de medewerker zelf en beeindiging dienstverband na 2 jaar ziekte. In aantallen medewerkers zal de feitelijke uitstroom hoger zijn, omdat niet alle Sw-medewerkers fulltime werken. In deze begroting is geen rekening gehouden met uitstroom door eventuele indiensttreding bij één van de gemeenten. Vanaf 2022 zijn er regelingen opgenomen in de cao om voordelig minder te gaan werken vanaf 64 jarige leeftijd of om maximaal twee jaar voor de AOW-gerechtigde leeftijd te stoppen met werken. Deze mensen zijn nog wel in loondienst bij de GR in deze periode en zijn daarom wel volledig meegenomen in de bezetting. De gerealiseerde bezetting in 2023 was al lager dan opgenomen in de begroting 2024. De realisatie van 2024 zal dus ook lager uitkomen dan begroot.
Het aantal Sw-medewerkers geplaatst in een Begeleid Werken (BW) contract, zal eveneens de komende jaren gaan dalen. De exacte omvang van deze daling is niet te bepalen omdat uiteindelijk de werkgever – waar een Sw-medewerker is geplaatst – bepaalt of het contract met de Sw-medewerker wel of niet wordt verlengd. In de begrote en geraamde BW-plaatsingen is verondersteld dat de werkgevers de dienstverbanden zullen voortzetten tot het moment van pensionering van de desbetreffende Sw-medewerker.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
4/8
3. Baten en lasten in de begroting
x € 1.000 Baten Bijdrage GR-gemeenten Doorbelasting aan Caparis Totaal baten Lasten Lonen en sociale lasten Sw Vervoerskosten Sw Overige CAO gerelateerde kosten SW Overige kosten GR Totaal lasten
Begroting Begroting 2024 2025
Raming 2026
Raming 2027
Raming 2028
30 43.240
125 44.193
128 44.219
131 43.992
134 44.223
43.270
44.318
44.347
44.123
44.357
42.449
42.822
43.052
42.847
43.140
574 217 30 43.270
1.228 244 125 44.418
1.083 184 128 44.447
1.036 209 131 44.223
987 197 134 44.457
0 -105 -105
0 0
0 -100
0 -100
0 -100
0 -100
0
-100
-100
-100
-100
0
0
0
0
0
0
Realisatie 2023
22 44.000 44.022
43.353 537 215 22 44.127
Financieringsfunctie Rente en overige kosten Doorbelasting rente naar Caparis Totaal financieringsfunctie Resultaat
3.1 Bijdrage GR-gemeenten
Zoals in de fair deal afgesproken worden alleen de overige kosten GR naar de 8 deelnemende gemeenten doorbelast en als bijdrage gezien in deze begroting.
3.2 Doorbelasting naar Caparis Alle kosten die door de GR worden gemaakt en direct samenhangen met de loonkosten voor SW medewerkers worden aan Caparis NV doorbelast (in rekening gebracht).
3.3 Lonen en sociale lasten Sw In de begroting 2025 is gerekend met de laatst geldende cao voor de SW-medewerkers. Daarnaast is rekening gehouden met een loonstijging van 2,5% per 1 januari en 1 juli per jaar. Met betrekking tot de sociale lasten en pensioenen is uitgegaan van de geldende percentages in 2024 en is met betrekking tot de pensioenlasten een aanpassing gemaakt op de franchise gelijk aan de procentuele stijging van 2,5%. In de loonkosten is tevens rekening gehouden met het ontvangen ziekengeld, begroot op 2,65% van de totale loonkosten. Met ingang van 2025 vervalt het lage inkomensvoordeel (LIV). Dit is dus niet meegenomen in de begroting van 2025 en de ramingen van 2026 t/m 2028. In 2026 en 2028 valt op dat de lonen en sociale lasten hoger zijn geraamd dan het jaar daarvoor. Dit komt doordat in 2026 en 2028 de percentuele uitstroom lager dan de percentuele CAO-verhoging.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
5/8
3.4 Vervoerskosten Sw
Vervoerskosten Sw betreft de woon-werkvergoeding die uit hoofde van de cao moet worden betaald aan de Sw medewerkers. Deze kosten worden doorbelast aan Caparis NV. Per 2024 is de vergoeding verhoogd van €0,10 naar €0,21 per km. Hier is rekening mee gehouden in de begroting van 2025 en ramingen van 2026 t/m 2028.
3.5 Overige cao-gerelateerde kosten Sw
De overige cao-gerelateerde kosten Sw betreffen kosten die direct uit de cao Sw voortvloeien en hebben onder andere betrekking op jubilea en de vergoeding vakbondscontributie. Er is sprake van een relatief steeds ouder wordende groep Sw-medewerkers met langdurige dienstverbanden. In de begroting 2025 en de verwachtingen in 2026 en 2028 ligt het verwachte gemiddelde bedrag per jaar aan jubileumuitkeringen tussen de € 83.000- € 144.000. Hierbij valt op dat er in 2025 een groot aantal mensen een jubileum van 25 of 40 jaar bereiken en dit in 2026 juist weinig mensen zijn.
3.6 Doorverdeling BW-subsidie naar uitvoeringsorganisatie
Alle BW-plaatsingen worden vanaf 2020 door Caparis NV betaald. Daarom worden de kosten daarvoor niet meer in de begroting van de GR meegenomen.
3.7 Overige kosten GR
Onder de overige kosten GR vallen enkel de secretariskosten, accountantskosten, kosten voor de cliëntenraad, bankkosten en overige lasten. En vanaf 2025 zijn hier ook kosten voor de inzet van structureel 1 fte van een financial controller van € 95.000 aan toegevoegd (rekening houdend met een loonstijging van 3% in de jaren 2026 t/m 2028). Deze overige kosten worden doorbelast aan de GR-gemeenten (zie ook 3.1).
3.8 Rente
Omdat er sinds eind 2023 geen leningen meer zijn in de GR zijn, als gevolg van de fair deal, zijn de rentelasten op € 0 gewaardeerd. Sinds eind 2022 is de rentestand weer hoger, wat rentebaten oplevert op de schatkistrekening bij de BNG. Feitelijk betreft dit het resultaat van rentebaten met middelen vanuit de NV die tijdelijk op de bankrekening van de GR worden ‘ gestald’ als voorloper op de loonbetaling. Dit voordeel wordt verrekend met de NV.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
6/8
4 Balansprognose Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
0 0
0 0
0 0
2.892 1.151 142 4.185
450 2.715 105 3.270
1.400 2.000 400 3.800
25 25
150 150
200 200
4.210
3.420
4.000
PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen
0
0
0
Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar - onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Totaal vaste passiva
0 0
0 0
0 0
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een looptijd korter dan één jaar - overige schulden Totaal vlottende passiva
4.210 4.210
3.420 3.420
4.000 4.000
Totaal Passiva
4.210
3.420
4.000
x € 1.000 ACTIVA Vaste activa Financiële vaste activa - overige langlopende leningen Totaal vaste activa Vlottende activa Uitzettingen met een looptijd korter dan één jaar - vorderingen op openbare lichamen - uitzettingen in 's Rijks schatkist (< 1 jaar) - overige vorderingen Totaal kortlopende vorderingen Liquide middelen - banksaldi Totaal liquide middelen Totaal activa
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
7/8
4.1 Toelichting balansprognose
In deze begroting is naast de realisatie van 2023 de balansprognose opgenomen van 2024 en 2025. Er is rekening gehouden met de volgende ontwikkelingen in de balans: Geen financiële vaste activa, aangezien er als gevolg van de fair deal geen leningen meer in de GR zijn vanaf 2022. Veranderingen in de vlottende activa zijn: o Vorderingen op openbare lichamen betreft een vordering op de GR-gemeenten inzake de overige kosten. o De overige vorderingen bestaan uit voorschotten met betrekking tot het fietsplan, FiscFree en de vervoersabonnementen bij Arriva. Er zijn geen onderhandse leningen in de GR vanaf 2023. De vlottende passiva betreffen hoofdzakelijk schulden aan de belastingdienst met betrekking tot BTW en loonheffing en een afrekening voor de loonkosten.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2025 GR Sw 'Fryslân'
8/8