CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Toelichtingen voorstellen meerjarenbegroting

Ronde Tafel 7 december 2021, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Meerjarenbegroting6.610 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE: TOELICHTING VOORSTELLEN MEERJARENBEGROTING 2022-2025

Inhoud Toelichtingen knelpunten....................................................................................................... 1 Nieuwe bezuinigingsvoorstellen ............................................................................................ 9 Geamendeerde bezuinigingen 2021 .....................................................................................13 Inkomstenverhogingen/Financiële techniek ..........................................................................14 In deze bijlage worden alle knelpunten en bezuinigingen toegelicht die in het proces om te komen tot het raadsvoorstel Meerjarenbegroting 2022-2025 zijn afgewogen.

Toelichtingen knelpunten • Implementatie omgevingswet (€ 78.000) De gemeenteraad heeft op 25 mei jl. de startnotitie Omgevingsplan 2.0 vastgesteld, waarbij de ambitie (stapsgewijs) als uitgangspunt is genomen. Voor de uitvoering van de Startnotitie Omgevingsplan is voor 2022 e.v. een structureel budget nodig van € 389.000,- voor: ▪ Jaarlijkse plankosten voor het opstellen/bijhouden van de kerninstrumenten Omgevingsplan en Omgevingsvisie. Deze plankosten zijn nodig voor de externe inhuur van stedenbouwkundige bureaus en adviseurs voor het daadwerkelijk opstellen van het Omgevingsplan en wijzigen van de Omgevingsvisie waarvoor intern de benodigde kennis en capaciteit ontbreekt. Benodigde onderzoekskosten zijn inbegrepen. ▪ Uitbreiding bijbehorende interne formatie voor de ontwikkeling en begeleiding van omgevingsplannen/-visie. ▪ Jaarlijkse deelname aan het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) voor het functioneel beheer. In de begroting wordt 80% van de geraamde lasten opgenomen om een sluitende jaarschijf te kunnen realiseren. In dit tweede spoor nemen we de resterende 20% op. • Begroting Carins 2022 (€ 60.000) Carins en de gemeente Smallingerland hebben begin dit jaar de uitvoeringsovereenkomst vastgesteld. De prestatieovereenkomst is eveneens vastgesteld. Beide hebben invloed op de benodigde financiële middelen van Carins.

Bij het opstellen van de voorliggende kadernota heeft de raad nog geen besluit genomen over deze begroting. In de begroting wordt 80% van de geraamde lasten opgenomen om een sluitende jaarschijf te kunnen realiseren. In dit tweede spoor nemen we de resterende 20% op. • Vroegsignalering Schulden (€ 162.000) De meeste mensen met schulden kloppen niet aan voor hulp. Ze zijn bij gemeente onbekend. Met vroegsignalering krijgen gemeenten wel zicht op deze onbekende schuldenaars. Er wordt zo vroeg mogelijk een hulpaanbod gedaan aan inwoners waarvan bij de gemeente bekend is dat zij beginnende betalingsachterstanden hebben. Hierdoor komen minder inwoners in grote financiële problemen, waardoor problemen voor de schuldenaar, de omgeving, de gemeente en de maatschappij minder voor zullen komen. Vroegsignalering is een wettelijke taak. In 2021 is de uitvoering in pilot vorm gestart aan de hand van de outreachende aanpak. De inzet bedraagt 2 fte en kosten voor een applicatie. We willen deze aanpak structureel maken maar gezien het financiële perspectief is in de

1

begroting gekozen voor een verlenging van de pilot en is dit knelpunt incidenteel opgenomen. In dit tweede spoor nemen we in 2023 € 162.000 structureel op. •

Opgave energie programma duurzaamheid (€ 100.000 en € 200.000 incidenteel; ) De duurzame doelen vanuit de Routekaart Duurzaam Smallingerland en het Klimaatakkoord vragen om een stevige inzet op zowel de energieopwek (elektra/zon en (collectieve)warmte) alsook de transitie van aardgas naar duurzame energie. In 2022 moeten WijkUitvoeringsPlannen gemaakt worden vanuit de TransitieVisieWarmte die eind 2021 gereed is. Uit landelijke onderzoek is duidelijk geworden dat de inzet van de gemeente in de toegewezen taken uit het Klimaatakkoord veel capaciteit gaat vragen. Voor zowel duurzame energieopwek en de WijkUitvoeringsPlannen en de bijbehorende communicatie is uitbreiding van de huidige capaciteit noodzakelijk. De gevraagde uitbreiding van capaciteit (totaal 3 fte) is, zeker gezien de opgave waar we voor staan, minimaal. De huidige capaciteit van 1 fte vaste formatie op energietransitie is onvoldoende om de lopende en aankomende activiteiten rondom zon (elektra), warmte (geothermie, restwarmte etc.) en de WijkUitvoeringsPlannen met de bijbehorende omgevingsgerichte werkwijze uit te voeren. We hebben in het tweede spoor 1 extra fte structureel (€ 100.000) opgenomen en de andere 2 fte's incidenteel (€ 200.000) voor twee jaar. • Fries taalbeleid (€ 31.000) In 2019 is het beleidsplan Friese taal vastgesteld, en er is een actieplan opgesteld.

Wij sluiten aan bij het provinciaal beleid en bij de Lange Termijn Agenda van de provincie. De provincie en gemeente stellen gezamenlijk een werkplan op waarin zij haar ambities en lange termijn doelen voor het Fries vastleggen. Startpunt voor dit plan is het huidige beleidsplan Fries. In 2025 en 2030 wordt dit plan geëvalueerd. Het betreft een veelomvattend plan met een verplicht wettelijk karakter dat organisatie breed gevolgen heeft en veel inspanning vraagt gedurende de komende 10 jaar. Het beschikbare budget van € 15.000 is hiervoor ontoereikend •

Implementatie gedragscode soortbescherming (€ 21.000 en € 60.000 incidenteel) Het is een wettelijke verplichting vanuit de Wet natuurbescherming om bij voorbereidende en uitvoerende werkzaamheden zorgvuldig te handelen op plaatsen met beschermde plant- en diersoorten. Hiertoe is een gedragscode opgesteld gebaseerd op de Wet natuurbescherming en is voorbereid op de aankomende Omgevingswet die deze per 1 januari 2022 zal vervangen. De gedragscode is bedoeld voor alle Nederlandse gemeenten. Voor de gemeente Smallingerland dient dit specifiek te worden gemaakt om gebruik te kunnen blijven maken van de ontheffingsplicht die de gedragscode biedt. Zo moet er een gemeente brede inventarisatie worden uitgevoerd om de beschermde plant- en diersoorten op basis van de Wet natuurbescherming binnen de gemeente in beeld te brengen. Deze gegevens worden betrokken bij werkprotocollen (plan van aanpak) om negatieve effecten op (lokale) populaties van beschermde dieren en planten te voorkomen of te beperken. De financiële impact is gebaseerd op jaarlijkse onderzoekskosten en een abonnement op de databank Flora en fauna. • Aanpak overlast door groen en fauna (€ 27.000) Inwoners ervaren diverse soorten overlast van fauna in het openbaar groen. Dit leidt tot meldingen, klachten en gevolg zoals aansprakelijkheidstellingen.

Er is versnipperd beleid, op verschillende soorten/type overlast zoals eikenprocessierups, roeken, luizen, etc. Doordat beleid en budget versnipperd zijn geeft dit beperkingen in de mate van de te nemen maatregelen. Met dit aanvullende budget en de huidige budgetten te bundelen geeft 2

flexibiliteit in de oplossing naar onze burgers en op termijn een kostenbesparing doordat de oorzaak beter aangepakt kan worden. • Installatieverantwoordelijkheid openbare verlichting (€ 24.000) In het kader van wettelijke verplichtingen is het noodzakelijk dat de gemeente Smallingerland als eigenaar van ca.12.500 lichtmasten en ca. 14.000 lampen een installatie verantwoordelijke aanwijst welke de verantwoordelijkheid en zorg draagt voor de elektrotechnische toestand en het werken aan deze verlichtingsinstallaties. In het verleden was Netbeheerder Liander eigenaar van de gemeentelijke verlichtingsinstallatie in Friesland en werd het IV-schap door Liander ingevuld. Na overdracht van de openbare verlichtingsmasten en armaturen (rond 2007) naar de gemeentes is daarmee ook de elektrotechnische verantwoordelijkheid voor deze delen bij de gemeente te komen liggen. Gemeentes waren echter niet op de hoogte van deze verantwoordelijkheid op het gebied van openbare verlichting en is om deze reden nooit geformaliseerd. Voor elektrotechnische installaties van gemeentelijke gebouwen, civiele kunstwerken, markten havenvoorzieningen en rioolgemalen is het IV-schap van oudsher al wel geformaliseerd. Het IV-schap kan door een externe partij worden ingevuld of de gemeente kan ervoor kiezen een werknemer aan te wijzen als installatieverantwoordelijke.

Voor de installatieverantwoordelijkheid voor civiele kunstwerken en rioolgemalen is intern een IV-er aangewezen. Voor gemeentelijke gebouwen en markt-, en havenvoorzieningen is een externe partij aangewezen. Binnen de gemeentelijke organisatie is de benodigde capaciteit en kennis om invulling te geven aan het IV-schap voor openbare verlichting in onvoldoende mate beschikbaar. Het advies is het IV-schap extern in te vullen. Deze wijze van invulling geeft de minste belasting op de gemeentelijke organisatie, is bedrijfszeker, onpartijdig en flexibel. • Structurele subsidiering aanbod buurtgezinnen (€ 80.000; ) Er is de afgelopen twee jaar in de vorm van een pilot geïnvesteerd om dit project een goede plek te geven binnen onze gemeente. Het voorziet in een grote behoefte en de resultaten zijn zeer positief. De aanpak van Buurtgezinnen is gebaseerd op de gedachte dat we opvoeden samendoen. Gezinnen die het zwaar hebben worden gekoppeld aan een stabiel gezin in de buurt. Op laagdrempelige, gelijkwaardig en alledaagse wijze krijgen kinderen wat extra liefde en aandacht en worden ouders ontlast. Doordat de ouders weer op adem komen en sterker worden, kunnen de kinderen veilig en gezond blijven opgroeien in hun eigen gezin. Met de inzet van Buurtgezinnen wordt bijgedragen aan een gemeenschap waar mensen meer onderling contact hebben en zich samen bekommeren om opgroeiende kinderen.

Dit zorgt ervoor dat minder kinderen jeugdhulp nodig hebben. Een bijkomend effect is dat hierdoor kosten worden bespaard. Gezien deze positieve ervaringen met de inzet van Buurtgezinnen in onze gemeente wordt voorgesteld om de inzet van Buurtgezinnen in ieder geval tot 2024 te continueren op basis van 20 uren coördinatie per week. Hiervoor kunnen per jaar 20-25 nieuwe koppelingen worden gerealiseerd en bestaande koppelingen worden onderhouden. • Fietssnelweg Heerenveen Drachten (€ 63.000) Vorig jaar was aangegeven door de andere gemeenten dat ze in verband met het slechte financieel perspectief geen middelen in de begroting hadden opgenomen. Deze lijn hebben wij ook gevolgd. De wens van een fietssnelweg Heerenveen Drachten wordt ook door de andere deelnemende gemeenten onderschreven. Deze gemeenten hebben weer budget opgenomen om zo ook de provinciale subsidie veilig te stellen. In de jaarschijf 2023 is het aandeel van de gemeente opgenomen.

3

• Verkeersveiligheid (€ 100.000) De doelstellingen uit het gemeentelijke verkeer- en vervoersplan mbt minder ongevallen worden niet gehaald. Al jaren schommelt het aantal verkeersslachtoffers (gewonden en doden) in onze gemeenten tussen de 12 en 16 per kwartaal. Op dit moment is er geen enkel budget om verkeersonveilige situaties op te lossen. Terechte klachten van bewoners over bijvoorbeeld te hoge snelheid zijn nu niet op te lossen. Verplichte risico-analyse en uitvoeringsprogramma De stagnatie in de daling van verkeersslachtoffers is een landelijk beeld. Daarom heeft het Rijk samen met het IPO en VNG het Strategisch Plan Verkeersveiligheid gelanceerd. Op basis van dit strategisch plan verkeersveiligheid is elke gemeente verplicht om een risicoanalyse verkeersveiligheid met daarbij een uitvoeringsprogramma te hebben. Aan deze risicoanalyse en uitvoeringsprogramma wordt momenteel gewerkt. Voor 2022 zijn nu al wel een aantal concrete locaties bekend waar verkeersveiligheidsmaatregelen gewenst zijn. Voor de jaren 2023 en verder worden de concrete maatregelen gebaseerd op de risicoanalyse en uitvoeringsprogramma. Kans op subsidie Vanuit het Rijk komt een subsidieregeling beschikbaar voor verkeersveiligheidsmaatregelen, waarbij het Rijk een maximale bijdrage van 50% doet.

Voorwaarde hierbij is dat aanvragers een budget voor verkeersveiligheid in de begroting hebben opgenomen welke (op termijn) gebaseerd is op de risicoanalyse. • Reparatie Simmerdeis (€ 80.000) We vinden het jaarlijkse festival Simmerdeis, als onderdeel van het cultuuraanbod in Smallingerland, van grote maatschappelijke waarde. Door de bezuinigingen van de afgelopen twee jaar zijn er niet voldoende middelen om dit festival structureel te blijven financieren. Bovendien loopt de financiering vanuit de provincie tot en met 2024. Uit de door de fracties ingevulde schema's blijkt voor het oorspronkelijke voorstel geen meerderheid in de raad. Daarom hebben we nog eens kritisch naar de beschikbare middelen voor culturele ontwikkelingen gekeken. Uit dit budget financieren we het Van Doesburg Rinsemahuis, de energiekosten Slingerpark en de Gemeentedichter voor in totaal circa 20 duizend euro. Daarnaast is er voor Simmerdeis 135 duizend euro nodig. En tot slot willen we ruimte houden voor 25 duizend euro per jaar voor incidentele culturele initiatieven. In totaal is er dan 180 duizend euro nodig. In de begroting is er structureel 100 duizend euro beschikbaar. We stellen daarom voor nu 80 duizend euro op te nemen vanaf 2023.

• Huisvesting museum Smallingerland (€ 200.000) Er zijn onderzoeken uitgevoerd naar de toekomstbestendigheid / (financieel) perspectief van het museum en naar de huisvesting van het museum. Conclusie: op inhoud, kwaliteit en ontwikkelmogelijkheden heeft het museum een terechte plek in de culturele infrastructuur van Smallingerland en omstreken en heeft het museum potentieel. De huisvesting is niet meer adequaat. Het huidige pand is te klein, moet gerenoveerd worden om te voldoen aan de huidige bouwkundige en museale eisen. De uitkomsten van het huisvestingsonderzoek en de besluitvorming over de huisvesting zullen in 2022 aan de raad worden voorgelegd. Voor het vernieuwen van de huisvesting van het MuseumDR888 is in 2024 € 200.000 opgenomen. We leggen aan de raad in 2022 scenario's voor deze verbouw/nieuwbouw voor. • Prijsstijgingen materiaalkosten IBOR (€ 11.000) De grondstoffen stijgen en daarmee stijgen materiaalkosten met 15% tot 20% door onder andere de coronapandemie en de toenemende vraag op de wereldmarkt. Tegelijk zijn de indexeringen op de onderhouds- en vervangingsbudgetten op 0% gezet voor 4 jaar, in het kader van de herschikkingen . Deze beide gegevens gecombineerd leidt tot een versterkte afname van het aantal werkzaamheden dat nog kan worden gedekt uit de beschikbare middelen. De prijsstijging van de materiaalkosten voor 2021 worden gecompenseerd zodat 4

het geplande onderhoud en vervanging kan worden uitgevoerd. De kapitaallasten van de geplande investeringen vragen een aanvullende budget. • Verbouw en energielabel gemeentehuis (€ 250.000) Eerder zijn plannen ontwikkeld voor het aanpassen van de gemeentelijke huisvesting. De aanleiding was tweeledig: enerzijds het vernieuwen van het kantoorconcept en anderzijds de klimaatinstallatie vervangen om een optimaal binnenklimaat te realiseren en te voldoen aan het verplichte energielabel. Daarnaast is huisvesting nodig voor Carins. De huur van het pand waarin Carins nu gehuisvest is, is per 1 augustus 2022 opgezegd. Het college heeft in 2020 een voorstel gedaan om een en ander te combineren – aanpassen installaties, bouwkundige aanpassingen en huisvesting Carins in het gemeentehuis – waardoor er een financieel haalbaar plan lag. Bij het vaststellen van de begroting 2020 heeft de raad besloten het budget voor de bouwkundige aanpassingen in het gemeentehuis niet beschikbaar te stellen. Per brief informeren we binnenkort de raad over de consequenties van dit besluit en de richting die wij adviseren voor het vervolg. Wij adviseren om alsnog het oorspronkelijke plan uit te voeren. Daarvoor is het bedrag van € 250.000 structureel nodig. Het bedrag is iets hoger dan oorspronkelijk geraamd om mogelijke prijsstijgingen te kunnen opvangen.

• Investeren in de organisatie (€ 700.000) In 2019 was onze start van de nieuwe organisatie. Het was de start van een noodzakelijke transitie van een beheerorganisatie naar een moderne ontwikkelende gemeente. Rond 2010 is er, vanwege onder meer de recessie, bewust de keus gemaakt voor een organisatie die met name faciliteert. Er werd niet gewerkt vanuit integrale visies en beperkt vanuit beleid. Er was geen sprake van organisatieontwikkeling en geen gericht programma voor de ontwikkeling van medewerkers. De organisatie was intern gericht en er was sprake van passieve communicatie naar de buitenwereld. Regionale samenwerking of samenwerking met partners binnen de gemeente werd afgehouden. Binnen het sociaal domein was de rol van de gemeente nog beperkt en vooral gericht op rechtmatigheid. De ruimtelijke ordening richtte zich op faciliteren en beheer. Er werd weinig positie gepakt in de ontwikkeling van ruimtelijke plannen en als dat wel zo was, ging dit langzaam. Tussen 2017 en 2018 kantelde dit. Er was sprake van een toenemende onvrede bij burgers en externe partijen, bij het bestuur en binnen de organisatie. De decentralisaties maakten het noodzakelijk om de transformatie in het sociaal domein vorm te geven. De economie trok aan waardoor een faciliterende overheid niet meer passend was.

De voorbereidingen voor een organisatieontwikkeling werden gestart wat uitmondde in visies op de organisatie en het programma Dienstverlening. In juni 2019 is gestart met een nieuw management die de transitie vormgeeft. Naar een organisatie die omgevingsgericht werkt, denkt vanuit mogelijkheden, flexibel is, werkt vanuit de bedoeling en leert en experimenteert. Daarvoor is het werken vanuit visies en uitvoeringsprogramma's leidend. Zo zullen de Omgevingsvisie en de visie op het Sociaal Domein, uitgangspunt zijn voor integrale uitvoeringsprogramma's en gebiedsprogramma's. Programmatisch- en projectmatig werken is ingevoerd en wordt geprofessionaliseerd. Er worden teamplannen gemaakt en een modern HRM-instrumentarium. Vanuit het programma Dienstverlening wordt gewerkt aan een betere dienstverlening aan onze burgers en communiceren we actief. Er is sprake van een actieve samenwerking met partners in het sociaal en ruimtelijk domein zowel binnen onze gemeente als in regionaal verband. Samenwerkingsagenda's worden opgesteld. Een citymarketingcampagne is ontwikkeld. De P&C-cyclus wordt gemoderniseerd en daarmee de financiële sturing verbeterd. Er wordt gewerkt aan een actievere rol in de ruimtelijke ontwikkeling, met de implementatie van de omgevingswet, het grondbeleid en de ontwikkelstrategie.

Bij deze transitie lopen we tegen de grenzen van de oude organisatie aan, zoals die vanaf circa 2010 is vormgegeven. De huidige formatie is niet toereikend, zowel kwalitatief als 5

kwantitatief, om alle ontwikkelingen zoals hierboven aangegeven vorm te geven en te realiseren. Het onderzoek van Berenschot heeft hier ook op gewezen. Daarnaast doet de samenleving een steeds groter beroep op de gemeente vanwege diverse economische en sociale ontwikkelingen. Daarom is het op dit moment nodig om veel externe expertise in te huren. Daarvoor zetten we tijdelijke middelen in, waaronder het programma Dienstverlening, Actieagenda Economie of werkbudgetten. Dit is voor een beperkte periode logisch en verdedigbaar om kennis binnen te halen om de ontwikkelingen in gang te zetten, maar uiteindelijk moet de organisatie het grotendeels zelf kunnen. Het is daarom van belang in beeld te brengen wat dit betekent voor onze organisatie, zowel kwalitatief als kwantitatief. Dit zal consequenties hebben voor de gemeentebegroting. Om hier invulling aan te geven, willen we bij de personeelsbegroting gaan begroten op de maximale loonschaal. Op dit moment begroten we op de werkelijke trede van de loonschalen. Door te begroten op de laatste trede per loonschaal ontstaat er in de personeelsbegroting van de teams ruimte waarmee de teammanagers beter kunnen sturen op de noodzakelijke capaciteit en bijvoorbeeld vervanging ziekte. Deze maatregel kost 800 duizend euro structureel.

Daarnaast hebben we circa 8 fte extra nodig om op de meest onderbezette taakvelden de capaciteit op peil te brengen. Te denken valt aan beleidscapaciteit in de ruimtelijke ontwikkeling en het sociaal domein, het versterken van de frontoffice en projectleiderscapaciteit. De gevraagde investering van 1,4 miljoen euro vinden wij uiteindelijk noodzakelijk om onze organisatie kwalitatief en kwantitatief structureel op orde te brengen. Uit dit raadsvoorstel blijkt dat de financiële ruimte er niet is om dit bedrag in één keer beschikbaar te stellen. We stellen daarom voor om eerst voor de meest kwetsbare werkgebieden de formatie uit te breiden met 6 formatieplaatsen. Het gaat dan om de volgende werkgebieden: • Beleid ruimtelijke ordening en wonen (1 fte); • Grondbeleid en planeconomie (1 fte); • Strategisch beleid en vertaling naar uitvoering in het sociaal domein (2 fte); • Integrale projectleider (1 fte); • Klant Contact Centrum (1 fte) Ook is het nodig om structurele ruimte te hebben voor maatwerkregelingen voor het personeel. Het benodigde bedrag van 150 duizend euro, dat eerder als apart knelpunt was opgenomen, nemen we daarom mee in dit knelpunt. Om deze maatregelen te financieren is in totaal 700 duizend euro nodig.

De overige knelpunten en de maatregel begroten op maximale schaal kunnen dan vanaf volgend jaar opnieuw worden afgewogen en eventueel ook gefaseerd worden ingevoerd. • Basis op orde financiële functie (€ 2 x € 500.000 incidenteel) Het is noodzakelijk om te investeren in de basis op orde van de financiële functie. Het proces rond de jaarrekening(controle) heeft dit duidelijk gemaakt. Daarnaast is er tijdelijk expertise nodig om het financiële pakket beter te implementeren dan tot nu toe het geval is. Tot slot is voor de modernisering van de P&C cyclus tijdelijk extra mankracht nodig om de afspraken te implementeren. We verwachten dat met een tijdelijke inzet van € 500.000 per jaar tot en met 2023 we de noodzakelijke stappen kunnen zetten. • Terugdraaien herschikking niet indexeren subsidies (€ 250.000) Bij de herschikkingen 2020-2023 is de jaarlijkse indexering subsidies voor de gesubsidieerde instellingen voor 4 jaar geschrapt. Het niet indexeren heeft m.n. voor de grotere instellingen 6

impact om de jaarlijkse exploitatie in relatie tot de gemaakte prestatie afspraken sluitend te houden. Nu er iets meer financiële ruimte is kan de laatste jaarschijf niet indexeren vervallen. • Klimaatplan (€ 50.000 incidenteel) In 2018 is het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) toegevoegd aan het Nationale Deltaprogramma. Dit DP betekent dat vanaf 2020 bij iedere ruimtelijke ingreep rekening moet worden gehouden met weersextremen. In 2050 moet de aanpassing van de stedelijke omgeving op deze weersextremen volledig gerealiseerd zijn. Dit zal van iedere gemeente in Nederland een flinke inspanning vragen. Binnen het DPRA staan vier thema's centraal: wateroverlast, hittestress, droogte en overstroming. Om op die thema’s een klimaatbestendige en water-robuuste inrichting te verwezenlijken, werkt het DPRA met zeven ambities: 1. Kwetsbaarheid in beeld brengen 2. Risicodialoog voeren en strategie opstellen 3. Uitvoeringsagenda opstellen 4. Meekoppelkansen benutten 5.. Stimuleren en faciliteren 6. Reguleren en borgen 7. Handelen bij calamiteiten Vanuit de rijksoverheid wordt de verplichting opgelegd om in 2050 de infrastructuur zodanig ingericht te hebben dat deze aan de nieuwe eisen voldoet. Dit betekent dat we bij het uitvoeren van werkzaamheden in de openbare ruimte nu al rekening moeten houden met deze gestelde eisen.

Om deze zeven ambities voor de klimaatbestendige en water robuuste inrichting mogelijk te maken, moet een Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie worden opgesteld. • Data Friesland (€ 56.000 incidenteel) DataFryslân werd begin 2019 opgericht als samenwerkingsverband van de Rijksuniversiteit Groningen, NHL/Stenden, het Fries Sociaal Planbureau, Provincie Fryslân en de gemeenten Súdwest Fryslân, Smallingerland en Leeuwarden. DataFryslân stimuleert het veilig delen van (micro)data en datagedreven werken binnen de eigen organisatie en die van de leden, bevordert de multidisciplinaire samenwerking tussen overheden, kennis- en onderwijsinstellingen, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven en propageert maatschappelijke innovatie en kennisontwikkeling om zo een meerwaarde te creëren voor Fryslân. In de afgelopen twee jaar heeft DataFryslân zich met succesvolle onderzoeksprojecten en data-evenementen een vaste positie verworven in de Friese dataecologie. DataFryslân heeft zijn bestaansrecht bewezen – zowel binnen het Friese openbaar bestuur als daarbuiten – en maakt zich op voor de volgende fase, waarin de doelstellingen verder worden uitgewerkt en het maatschappelijk draagvlak wordt verbreed.

Het oorspronkelijke samenwerkingsverband van zeven partijen heeft in dat kader besloten om verder te gaan als coöperatieve vereniging en nodigt maatschappelijke partijen in Fryslân uit lid te worden. We hebben het voornemen om met ingang van 1 januari 2022 te besluiten tot mede oprichten van Coöperatie DataFryslân U.A. Dit voornemen zal binnenkort aan de raad worden voorgelegd. Voor het volledig (hub)-lidmaatschap van Coöperatie DataFryslân U.A. is structureel € 56.000 benodigd. Voorgesteld wordt deze bijdrage voor 2022 eenmalig te dekken en de structurele dekking mee te nemen bij de integrale afweging in de kadernota voor 2023-2026. • Parkeerterrein VV Drachten (€ 150.000 incidenteel) De staat van onderhoud van het asfalt op het parkeerterrein is slecht. Hierdoor kunnen op termijn verkeersonveilige situaties ontstaan. Daarnaast wordt geklaagd over straatraces. Door onderhoud en herinrichting kunnen deze zaken aangepakt worden. Daarbij kan het terrein uitgebreid worden om de parkeerdruk, die ontstaat door ook betaald parkeren in te voeren op het Kiryat Onoplein, op te vangen. Aan de uitvoering wordt op dit moment geen prioriteit gegeven gelet op de andere prioriteiten. 7

8

Nieuwe bezuinigingsvoorstellen • Kostenneutraal maken fietspont Veenhoop - Headammen (€ 35.000 inkomst) De exploitatie kosten van de fietspont tussen De Veenhoop en Headammen is op dit moment ca. 20.000 – 25.000 negatief. (kosten minus opbrengst kaartverkoop) Per jaar worden er ca. 35.000 – 37.000 kaartjes verkocht. De kaartjes kosten nu 1,50 een verhoging van 0,50 per kaartje zal ca. 17.500 - 18.500 opleveren een verhoging van 0,75 per kaartje zal ca. 26.250 - 27.750 opleveren een verhoging van 1,00 per kaartje zal ca. 35.000 - 37.000 opleveren. •

Onkruid; Verlagen van budget voor het onkruid weg borstelen bestratingen (extra borstelronde centrum schrappen; € 43.000) Minder onkruid weg borstelen bestratingen. Industrieterreinen minder borstelen en met name extra rondes in en rondom het centrum vervallen door minder inhuur tijdens vakantieperiode (geen verplichting vanuit BKG). Opschalen in groeizame perioden en/of bij klachten niet meer mogelijk. Maatschappelijk effect: samen met de herschikking op fysiek wijkbeheer (minder zwerfvuil opruimen en schoonmaken bebording) zal de openbare ruimte versobering en meer vervuilen. In het algemeen: minder onderhoud aan de openbare ruimte, meer meldingen en klachten van inwoners/bedrijven, zeker centrumzone. Impact op (minder inzetten) medewerker(s) werkvoorzieningsschap en grotere risico's op o.a. wateroverlast door vuile waterafvoeren. • Subsidie Aanzet en Support Fryslân verlagen subsidiebedrag (€ 3.750-€ 15.000) Aanzet en Support Fryslân zijn samengegaan en heten nu Stjoer. Vandaar dat de subsidies samen worden behandeld. Stjoer staat voor eigen regie en het stuur in eigen handen nemen als je te maken hebt met een psychische- of sociale kwetsbaarheid.. Voorheen ontving Support Fryslân € 12.500. Het voorstel is en was om hier niet op te bezuinigen. Deze kleine investering heeft een groot effect op kwetsbare jongeren.

Bovendien worden de koppelingen verzorgd voor onze eigen inwoners. Aanzet ontving voorheen € 47.060 voor de uitvoering van de volgende werkzaamheden: - Deelname aan WijkGGD Uitvoering Maatjesproject voor kwetsbare inwoners - Steunpunt Zelfhulp - PC Probaat Deelname aan het preventieproject 'De verwardheid voorbij' - Opzet/ doorontwikkeling gezamenlijke inloopvoorzieningen - Computer spreekuur bij Sunenz - Ipad trainingen voor ouderen De herschikking richt zich op Aanzet en betreft het bijsturen van volume en kwaliteit. We vergoeden alleen nog de prestatie-uren. Dit zijn projecturen die fysiek op locatie in Smallingerland worden uitgevoerd. Aanzet is die uren dus in ieder geval aanwezig in Smallingerland. De prestatie-uren zijn (goedkope) hoeveelheid uren die op basis van berekening middels het toegekende subsidie-bedrag. worden vastgesteld. In 2020 waren de prestatie uren 35% van het subsidie bedrag. Als het aantal prestatie-uren wordt overschreden dan wordt die overschrijding in rekening gebracht. Dit is zichtbaar in de projectbegrotingen. Het aantal prestatie uren voor 2020 was 335 uren. In de komende jaren tot 2024 bouwen we het aantal prestatie uren op tot 600. Zodat er meer activiteiten ten behoeve van onze inwoners in onze gemeente worden uitgevoerd.

Daarnaast vergoeden we alleen de kosten die voor inwoners uit Smallingerland worden gemaakt zoals: de reiskosten en de verzekering van vrijwilligers uit Smallingerland en activiteiten en trainingen. Het resterend regulier subsidiebedrag wordt afgebouwd. Het betreft dan € 15.000. Dit bedrag zorgt er voor dat de organisatie kan draaien en dat zij projecten kunnen uitvoeren. Maatschappelijk effect: De kans bestaat dat de organisatie het hun schaarse professionals moet laten gaan. Hetgeen betekent dat er minder gedaan kan worden voor een van de meeste kwetsbare groepen in onze samenleving.

9

• Besparing op re-integratie (€ 80.000) Er is een aantal instrumenten die we gebruiken voor ons re-integratiebeleid. Die staan hieronder beschreven. We stellen voor op deze gezamenlijke maatregelen 80d euro structureel taakstellend te bezuinigen. Afschaffing van een re-integratie instrument "premie deeltijdwerk", hetgeen zich vertaalt in een financiële besparing. Dit is volledig lokaal beleid en kan afgeschaft worden. Het is een bezuinigingsmaatregel op uitvoeringsbeleid. Wel moet rekening gehouden moeten worden met klanten die zijn ingestroomd, want daar zijn verwachtingen die door gemeentelijk beleid zijn gewekt. Afschaffing van de premie deeltijdwerk brengt mee dat het negatieve effect gaat ontstaan dat de gemeente Smallingerland de wettelijke inkomensvrijlating niet (goed) hanteert binnen de gemeente. Dit is staande praktijk sinds enkele jaren. Afschaffing van de premie deeltijd werk zal dus betekenen dat we meer moeten voldoen aan de inkomensvrijlating. Het risico bij deze bezuiniging is dat er direct kosten moeten worden gemaakt om de bezuiniging op te vangen, wellicht van gelijke omvang. En dat de bezuiniging daarmee feitelijk niks oplevert. In totaal betreft dit 140 duizend euro. Maatschappelijk effect: De premie deeltijdwerk beloont uitkeringsgerechtigden die vanwege werk niet een volledige bijstandsuitkering ontvangen.

Ze krijgen 8% van de verdiensten belastingvrij en zonder gevolgen. Als dit afgeschaft worden dat zullen klanten minder bijverdienen zonder dat er gevolgen zijn. Afschaffing van een re-integratie instrument "werkvouchers", hetgeen zich vertaalt in een financiële besparing. De werkvoucher is binnen de arbeidsmarktregio Fryslân een uniform werkgeversinstrument dat lokaal is ingeregeld (beleidsvrijheid) en door de gemeente zelf wordt bekostigd. De subsidieregeling kan worden ingetrokken. Dit is een bezuinigingsmaatregel op uitvoeringsbeleid. Het effect van het afschaffen van de subsidie is dat er een instrument minder is om werkgevers te verleiden om een uitkeringsgerechtigde aan te nemen in een tijdelijke baan. Bij het volledig afschaffen van de subsidie betekent het voorts dat Smallingerland als enige gemeente binnen de arbeidsmarktregio Fryslân dit werkgeversinstrument niet meer aanbiedt. Dit laatste effect zou kunnen worden ondervangen de regeling niet volledig af te schaffen, maar een lager jaarlijks subsidieplafond vast te stellen (gemeentelijke beleidsvrijheid). Voorgaande zeker in de huidige landelijke ontwikkelingen t.a.v. de corona crisis. Het betreft 80 duizend euro.

Maatschappelijk effect: De Werkvoucher is een plaatsingssubsidie van € 2.000 die werkgevers ontvangen wanneer zij een inwoner van de gemeente Smallingerland die aanspraak maakt op ondersteuning bij arbeidsinschakeling op grond van de Participatiewet in dienst nemen voor minimaal 24 uur per week voor een periode van minimaal zes maanden • Tumba: bijsturen van de kwaliteit (€ 5.170) ; Tumba is een wettelijke taak voor voeren van antidiscriminatievoorziening. Op dit moment ontvangt Tumba voor de uitvoering dan deze wettelijke taak € 20.680. Bijsturen van de kwaliteit; omdat het om de uitvoering voor wettelijke taken gaat moeten deze werkzaamheden uitgevoerd worden. Er zijn verschillende scenario's denkbaar: - De hoogte van de subsidie kan heroverwogen worden. Dit wordt ingeschat binnen een bandbreedte van 10-25% van de subsidie. - Onderzocht kan worden of er andere partijen zijn die voor minder kosten deze werkzaamheden kunnen uitvoeren. - Onderzocht kan worden of wij deze taken zelf willen en kunnen uitvoeren en tegen welke kosten. Aangezien Tumba zeer ervaren is in dit veld en de werkzaamheden voor heel Friesland uitvoert, is op dit moment het eerste scenario het meest voor de hand liggend. Op basis daarvan wordt dan ook dit format verder ingevuld. Naast de uitvoering van de wettelijke taken ontvangt Tumba ook een extra bijdrage

10

van € 350 voor preventie en educatie ter voorkoming van discriminatie en het versterken van de sociale cohesie. Deze bijdrage zou beëindigd kunnen worden. Maatschappelijk effect: Het Anti Discriminatie Bureau van Stichting Tûmba voert voor alle Friese gemeenten, waaronder onze gemeente, al jaren lang de wettelijke taken uit in kader van de laagdrempelige antidiscriminatiewetvoorziening. Op het moment dat er veranderingen plaats vinden in de subsidie voor Tumba is het de vraag of Tumba dit nog voor de inwoners van gemeente Smallingerland kan uitvoeren en zo ja, welke invloed deze herschikking heeft op de kwaliteit van de dienstverlening van Tumba. Aangezien het een wettelijke taak betreft zal er uitvoering aan gegeven moeten worden aan deze taak. • Subsidie verenigingsgebruik gymzalen in 4 jaar afbouwen (€ 21.500 - € 86.000). Verenigingen gaan meer huur betalen voor gebruik gymzalen, gemiddeld per jaar €2,50 per uur erbij. In 2024 kost het huren van een gymzaal dus €10 per uur meer. Wanneer de organisatie de huurprijs niet wil verhogen dan zal de subsidieverlaging gevolgen hebben voor de kwaliteit van de accommodatie. Maatschappelijk effect: Sport wordt minder laagdrempelig omdat kosten toenemen. Bestaansrecht van sportverenigingen onder druk.

Minder sport en bewegen in georganiseerd verband, meer overgewicht en minder sociale samenhang Op termijn mogelijk faillissement "zelfstandige" binnensportaccommodaties (particuliere sporthallen). Op termijn verdwijnen van sportverenigingen die de huur niet meer kunnen betalen. •

De gebruiksvergoeding van buitensport accommodaties met 10% verhogen (€ 8.000) . De gemeente ontvangt in totaal circa €80.000,- aan inkomsten uit de gebruiksvergoeding die sportverenigingen betalen. Hiermee dekken wij ongeveer 8% van de totale onderhouds- en beheerkosten. We zitten hiermee vergeleken met buurgemeenten aan de hoge kant. Exploitant is gerechtigd om de vergoeding eenmaal in de vier jaar te herzien. De vergoeding zal nooit hoger worden dan een kostendekkend tarief. Exploitant zal als het gaat om herziening van de vergoeding de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht nemen. Als gebruiksvergoeding met 5% verhoogd wordt, dan levert dit een inkomstenverhoging op van € 4.000 per jaar. Maatschappelijk effect: De buitensportverenigingen zullen een lastenverhoging van de gebruikersvergoeding ergens moeten compenseren. Dit is denkbaar via een contributieverhoging. Ander effect kan zijn, dan de lastenverhoging leidt tot sluiten van verenigingen, omdat ze de lasten niet (voldoende) kunnen compenseren. • Sportbedrijf en combinatiefuncties (€ 163.000 (2024)) De social return on investment (SROI) op sport en bewegen bedraagt 2,5 (Bron: kenniscentrum sport 2019). Dat betekent dat iedere euro die geïnvesteerd wordt in sport&bewegen, de samenleving €2,50 oplevert.

Een herschikking staat haaks op "Beter voorkomen dan genezen" en zal leiden tot afbreuk van structuren en een groter beroep op de zorg/ sociaal domein. Samenvattend: het kost de samenleving op termijn meer dan het nu oplevert. Voor de volledigheid zijn de mogelijkheden toch in beeld gebracht. Subsidie Sportbedrijf: 1. Sport en bewegen ca €250.000 2. Combinatiefuncties ca €287.000 (waarvan €153.000 Rijksbijdrage) 3. Zwembad de Welle* ca €1,25 miljoen (waarvan €475.000 huur) 4. Sportaccommodaties ca €600.000 (waarvan €590.000 huur) Huurinkomsten komen weer ten goede aan de gemeente Twee richtingen: a. Afschaffen (of verminderen van het aantal) combinatiefuncties. Deze zijn in 2018 structureel gemaakt. Financieel effect pas vanaf 2023. NB. Ook de combinatiefuncties cultuur nemen we hierin mee. b. Taakstelling Sportbedrijf: om geen programma's te laten sneuvelen is het wenselijk om bij een mogelijke taakstelling in gesprek te gaan met het Sportbedrijf. Dit maakt het mogelijk om een integrale afweging in de gehele exploitatie te kunnen maken en zo de bezuinigingsopdracht te realiseren zonder gehele afbreuk van structuren. 11

Maatschappelijk effect: Mede afhankelijk van de taakstelling en keuzes. Combinatiefuncties: Minder sport- en bewegingsstimulering : stijging inactiviteit en overgewicht, vermindering geestelijk en fysiek welbevinden van inwoners. Groter beroep op zorg en individuele voorzieningen sociaal domein. Lagere kwaliteit bewegingsonderwijs De combinatiefunctionaris Lawei is voor organisatie doorgaande leerlijn cultuur basis- en voortgezet onderwijs en heeft een nauwe relatie met het KEK project waarvoor vanuit fonds cultuurparticipatie subsidie beschikbaar is gesteld. Taakstelling Sportbedrijf: Zwembad minder vaak open, slechtere kwaliteit en/ of hogere tarieven Binnensportaccommodaties minder vaak open, slechtere kwaliteit en/ of hogere tarieven In algemene zin zal sport en bewegen minder laagdrempelig worden, minder worden gestimuleerd met een negatief effect op de actieve en gezonde leefstijl van inwoners. Beleidseffect: Loslaten van ambities sport, bewegen, gezondheid en cultuur voor basis en voortgezet onderwijs. Afbraak van voorzieningenniveau in Smallingerland Taakstelling bij Sportbedrijf staat haaks op ambitie voor nieuwe zwemvoorziening Conflict met beleid sociaal domein: beter voorkomen dan genezen.

12

Geamendeerde bezuinigingen 2021 • Onderhoud fiets- en wandelpaden (€ 30.000) Verlagen van budget voor onderhoud aan alle (recreatieve) fiets- en wandelpaden van halfverharding zoals schelpen en granulaat door bij te sturen van het volume en kwaliteit. Minder service gericht; toename van meldingen en klachten over het onderhoud van de openbare ruimte, minder financiële mogelijkheden om klachten op te lossen/aan te pakken. Op termijn laten vervallen van (recreatieve) fiets- en wandelpaden in de bebouwde kom en het buitengebied. • Verminderen onderhoud wegmarkeringen (€ 16.000) Verlagen van budget voor het onderhoud aan wegen, bermen en wegmateriaal door bij te sturen van het volume en kwaliteit. Versobering van de openbare ruimte, minder onderhoud, meer meldingen en klachten van inwoners/bedrijven • Hanging baskets en kerstboom (€ 25.000) Verlagen van budget voor het onderhoud aan openbaar groen door bij te sturen van het volume en kwaliteit (o.a. omvormen van beheergroepen) Laten vervallen Hanging-baskets* en kerstboom Lawei rotonde. • Vervangingen speeltoestellen (€ 35.000) Verlagen van budget voor vervangingen speeltoestellen door bij te sturen van het volume (komende jaren worden minder speeltoestellen vervangen) Versobering van speeltuinen op de langere termijn

13

Inkomstenverhogingen/Financiële techniek • Verhoging OZB (meerdere opties) De raad heeft de mogelijkheid om de tarieven voor de OZB te verhogen om inkomsten te genereren. Hieronder krijgt u een beeld wat de verhogingen van verschillende percentage betekenen voor de lasten. In het invulschema hebben we een aantal mogelijkheden aangegeven met een doorgerekende opbrengst bij het telkens met 2% verhogen van het tarief. Door verschillende verhogingen op groen te zetten, wordt het tarief telkens met plus 2% verhoogd.

Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar

Waarde 2021 100.000 200.000 250.000 400.000 500.000

Tarief 2021 0,1325% 0,1325% 0,1325% 0,1325% 0,1325%

Aanslag 2021 132,50 265,00 331,25 530,00 662,50

Stijging 1% 1,33 2,65 3,31 5,30 6,63

Aanslag 2022 133,83 267,65 334,56 535,30 669,13

Woningen Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar

Waarde 2021 100.000 200.000 250.000 400.000 500.000

Tarief 2021 0,1325% 0,1325% 0,1325% 0,1325% 0,1325%

Aanslag 2021 132,50 265,00 331,25 530,00 662,50

Stijging 2% 2,65 5,30 6,63 10,60 13,25

Aanslag 2022 135,15 270,30 337,88 540,60 675,75

Woningen Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar Woning-eigenaar

Waarde 2021 100.000 200.000 250.000 400.000 500.000

Tarief 2021 0,1325% 0,1325% 0,1325% 0,1325% 0,1325%

Aanslag 2021 132,50 265,00 331,25 530,00 662,50

Stijging 8% 10,60 21,20 26,50 42,40 53,00

Aanslag 2022 143,10 286,20 357,75 572,40 715,50

Waarde 2021 100.000 200.000 250.000 500.000 1.000.000

Tarief 2021 0,3810% 0,3810% 0,3810% 0,3048% 0,6858%

Aanslag 2021 381,00 762,00 952,50 1.524,00 6.858,00

Stijging 1% 3,81 7,62 9,53 15,24 68,58

Aanslag 2022 384,81 769,62 962,03 1.539,24 6.926,58

Niet woningen Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Gebruiker Niet-woning: Eigenaar en gebruiker

14

Niet woningen Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Gebruiker Niet-woning: Eigenaar en gebruiker

Waarde 2021 100.000 200.000 250.000 500.000 1.000.000

Tarief 2021 0,3810% 0,3810% 0,3810% 0,3048% 0,6858%

Aanslag 2021 381,00 762,00 952,50 1.524,00 6.858,00

Stijging 2% 7,62 15,24 19,05 30,48 137,16

Aanslag 2022 388,62 777,24 971,55 1.554,48 6.995,16

Niet woningen Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Eigenaar Niet-woning: Gebruiker Niet-woning: Eigenaar en gebruiker

Waarde 2021 100.000 200.000 250.000 500.000 1.000.000

Tarief 2021 0,3810% 0,3810% 0,3810% 0,3048% 0,6858%

Aanslag 2021 381,00 762,00 952,50 1.524,00 6.858,00

Stijging 8% 30,48 60,96 76,20 121,92 548,64

Aanslag 2022 411,48 822,96 1.028,70 1.645,92 7.406,64

• Verhogen Parkeertarieven (€ 240.000 en € 60.000) Bij de herschikkingen 2021-2024 zijn de tarieven voor parkeren verhoogd. In 2021 zijn de tarieven met € 0,20 cent per uur verhoogd, in de drie daarop volgende jaren komt er steeds € 0,10 cent per uur bij. Het tarief stijgt zo van € 1,50 in 2020, maar € 2,00 per uur in 2024. Een extra verhoging van de parkeertarieven maaiveld met € 0,20 per uur geeft bij gelijkblijvende parkeerbewegingen een extra inkomst van € 240.000 per jaar. Het parkeertarief voor 2022 wordt dan € 2,00 per uur en per 2024 € 2,20 per uur. Daarbovenop geeft een verhoging van € 0,10 per uur een extra inkomst van € 120.000 per jaar. Het parkeertarief voor 2022 wordt dan € 2,10 per uur en per 2024 € 2,30 per uur. Verhoging van het parkeertarief voor de parkeergarages met € 0,20 per uur genereert een extra inkomst van € 60.000 per jaar. Verhoging van € 0,10 per uur € 30.000 per jaar. Gezien het winkelaanbod en de overige voorzieningen is deze verhoging verdedigbaar. • Extra toeristenbelasting (€ 50.000) Bij de vaststelling van de begroting 2021 is besloten dat de opbrengst voor de (nog in te voeren) toeristenbelasting volledig ten gunste komt van de sector. Deze toeristenbelasting kan worden opgehoogd en deze meeropbrengst kan alsnog ten gunste komen aan de algemene middelen.

De Toeristenbelasting is in beginsel een algemene belasting waarvan de opbrengst ten gunste van de algemene middelen van de gemeente komt en geen belemmering qua kostendekking kent. • Afschrijven naar restwaarde (€ 300.000) Binnen de gemeente worden momenteel alle activa afgeschreven tot € 0,-. Indien er bij een activum na het verlopen van de economische levensduur nog sprake is van een zekere restwaarde, mag hier bij de afschrijving rekening mee gehouden worden. Dit betekent een verlaging van jaarlijkse kapitaallasten. Voor gebouwen zou het invoeren van een dergelijke restwaarde reëel zijn. Naar verwachting kan dit vanaf 2023 een besparing opleveren van circa € 300.000.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10839621/1