CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Bijlagenrapportage

Het Debat 19 april 2022, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Gebiedsontwikkeling Hegewarren33.664 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bijlagenrapport: Co-creatie Hegewarren

Bundel achtergrondmemo’s Onderdeel van rapportage Co-creatie Hegewarren nov. 2021

2

Bijlagenrapport: Co-creatie Hegewarren

Bijlagenrapport: co-creatie Hegewarren Bundel achtergrondmemo’s Onderdeel van rapportage Co-creatie Hegewarren nov. 2021

3

Toelichting In dit bijlagenrapport zijn de memo’s te vinden ter onderbouwing van de hoofdrapportage “Eindrapport co-creatieproces Hegewarren”. De memo’s zijn ter onderbouwing opgesteld door de bij het proces betrokken experts en bureaus en zijn in dit bijlagenrapport opgenomen zoals ze gedurende het rapport zijn aangeleverd. De informatie is niet altijd op dezelfde wijze in het hoofdrapport gepresenteerd. Soms zijn bijvoorbeeld scores toegekend, terwijl later in het proces besloten is dat een kwalitatieve beschrijving passender is. Voor de memo’s die de scores in het afweegkader onderbouwen is de volgorde van het afweegkader gehanteerd. Niet voor alle aspecten is een bijlage opgesteld.

4

Bijlagen Memo’s behorende bij hoofstukken: •

7

Hoofdstuk 2. Opdracht »

•

B1 Memo Vergunningenscan

Hoofdstuk 6. Perspectief op de Inpassing van een vaarweg »

B2 Memo Zuiging

»

B3 Memo Inpassingsstudie vaarweg

»

B4 Memo Voortoets doorsnijden Natura 2000-gebied

Memo’s behorende bij aspecten afweegkader: •

p.6

13

p.44 45

Gebruikswaarde »

B1 Memo Natte teelten, waterpeilen en snelheid van vernatting

»

B2 Memo Ontwikkeltermijn van het voorgestelde grondgebruik in de alternatieven (tempo vernatting)

•

109

Vermindering CO2-uitstoot »

B3 Memo Vermindering CO2-uitstoot a. Broeikasgasemissie Hegewarren b. Aangepaste berekening broeikasgasemissie Hegewarren (i.v.m. fasering en bijstelling peilen)

•

» •

•

•

138

»

B5 Memo Financiële haalbaarheid

»

B6 Memo Inpassingsstudie zonne-energie

»

B7 Memo Inpassingsstudie (recreatie)woningen 226

Reductie kosten waterbeheer B8 Memo Reductie kosten waterbeheer

230

Veiligheid op het water »

•

B4 Memo Recreatie

Financiële haalbaarheid

» •

123

Recreatie- en belevingswaarde

B9 Memo Veiligheid op het water 251

Natuurwaarde »

B10 Memo Natuurwaarde

»

B11 Memo Weidevogels

»

B12 Memo Blauwgrasland 291

Vermindering depositie stikstof »

B13 Memo Vermindering depositie stikstof

5

Memo’s behorende bij hoofstukken:

6

B1 Memo - Vergunningenscan

Projectnr: BH5526 Datum: 19-10-2021 Status: Definitief Auteur: F.B. Tweede lezer: H.W. en M.S.

Vergunningenscan Hegewarren

Nr. Wet/regelgeving

Beschikking / Toestemming (Vergunning, ontheffing, melding, etc.)

Proceduretijd 1.

2.

3.

3b. 4a. 4b. 4d.

Benodigde documenten

Besluit MER

MER-plicht

n.t.b. n.t.b. Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Milieueffectrapport

Besluit MER

MER-beoordelingsplicht

Ja

Ja

Ja*

Ja*

Ja*

Ja*

Ja*

m.e.r.-beoordeling

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

- Inrichtingsplan. - Diverse onderzoeken (stikstofdepositie, natuur, bodem, water, externe veiligheid, geluid, luchtkwaliteit, archeologie). - Inzicht in gevolgde participatie omgeving.

Omschrijving Activiteit

De winning van oppervlaktedelfstoffen uit de landbodem over meer dan 25 hectare (hoe ondiep ook) (nog niet duidelijk voor varianten 1 en 2).

- Notitie Reikwijdte en detailniveau: 6 weken. - MER: gekoppeld aan procedure besluit waaraan het MER gekoppeld is. - M.e.r.-beoordeling: de aanleg van een 6 wk binnenvaarweg groter dan 25 hectare (varianten 3b en 4b). - M.e.r.-beoordeling: de aanleg en wijziging van waterkeringen (onduidelijk). - M.e.r.-beoordeling: landinrichtingsproject groter dan 25 ha (alle varianten). - De aanleg van een jachthaven (onduidelijk). - Vormvrije m.e.r.-beoordeling: De aanleg van een camping (varianten 3, 3b, 4a, 4b en 4d). - Vormvrije m.e.r.-beoordeling: De aanleg van recreatiewoningen (varianten 3, 3b, 4a, 4b en 4d). - Vormvrije m.e.r.-beoordeling: stedelijk ontwikkelingsproject (varianten 1, 3 en 3b).

Bedenkingen-/ Bezwaar-/ Beroepperiode

Bevoegd gezag

Actiehouder Opmerkingen

- Notitie - MER bij Reikwijdte en bestemmingsplan: detailniveau: 6 Gemeente weken. Smallingerland. - MER: - MER bij gekoppeld aan ontgrondingsvergu procedure nning: provincie besluit waaraan Fryslân. het MER gekoppeld is. n.v.t. - m.e.r.beoordeling bij bestemmingsplan: Gemeente Smallingerland. - m.e.r.beoordeling bij ontgrondingsvergu nning: provincie Fryslân.

Het MER hoort bij de besluiten bestemmingsplan en ontgrondingsvergunning (indien deze aangevraagd wordt, zie opmerking onder 13).

- Omdat er een MER opgesteld dient te worden kunnen genoemde activiteiten meegenomen worden in het MER en is het niet nodig een separate (vormvrije) m.e.r.beoordeling op te stellen. Het MER dient in dat geval wel alle categorieën waarvoor een (vormvrije) m.e.r.-beoordeling geldt te behandelen. - De (vormvrije) m.e.r.-beoordeling hoort bij de besluiten bestemmingsplan en ontgrondingsvergunning (indien deze aangevraagd wordt, zie opmerking onder 13) en het peilbesluit. - Of een m.e.r.-beoordeling of vormvrije m.e.r.-beoordeling nodig is voor de aanleg van een jachthaven hangt af van de omvang.

Wro 1

Wet ruimtelijke ordening Provinciaal Inpassingsplan, bestemmingsplan, wijzigingsplan of uitwerkingsplan

- Bouwen en gebruiken nieuwe - wijzingsplan: 6 wk tervisie gebouwen buiten bestaande erven circa 26 wk ontwerp voor (varianten 1, 3 en 3b). zienswijzen - Nieuwe recreatiewoningen (varianten bestemmingspla + 6 wk tervisie 3, 3b, 4a, 4b en 4d). n/ provinciaal vastgesteld - Nieuwe natuur (voor zover gelegen inpassingsplan: voor beroep binnen de bestemming 'Agrarisch met circa 32 wk waarden - Open gebied' (alle varianten). - Camping (varianten 3, 3b, 4a, 4b en 4d). - Nieuwe vaarweg (varianten 3b en 4d). - Jachthaven (onbekend in welke variant(en) deze opgenomen is).

wijzigingsplan / bestemmingsplan: Gemeente Smallingerland provinciaal inpassingsplan: provincie Fryslân

De provincie Fryslân kan er voor kiezen het planologisch kader te vervatten in een eigen plan indien er sprake is van een duidelijk provinciaal belang (bijvoorbeeld de waterweg). Dit is echter niet verplicht. Het lijkt logischer de gehele ontwikkeling in één ruimtelijk plan (zijnde het bestemmingsplan of wijzigingsplan) te vervatten. Indien alleen nieuwe natuur gerealiseerd wordt kan volstaan worden met een wijzigingsplan. In alle andere gevallen is een herziening van het bestemmingsplan of een provinciaal inpassingsplan noodzakelijk. Indien nieuwe kades worden aangelegd als waterkering, wordt geadviseerd deze waterkering tevens te bestemmen.

Wabo 2

Wabo (handelen in strijd Omgevingsvergunning (handelen in strijd met regels ruimtelijke met regels ruimtelijke ordening) ordening) Uitgebreide procedure (Artikel 2.1 Wabo)

Nee* Nee* Nee* Nee* Nee* Nee* Nee*

8 + mogelijke 6 wk verlenging van 6 wk

7

Gemeente Smallingerland

Nee, indien het bestemmingsplan herzien wordt.

Projectnr: BH5526 Datum: 19-10-2021 Status: Definitief Auteur: F.B. Tweede lezer: H.W. en M.S.

Vergunningenscan Hegewarren

Nr. Wet/regelgeving

3

Beschikking / Toestemming (Vergunning, ontheffing, melding, etc.)

Wabo (handelen in strijd Omgevingsvergunning (handelen in strijd met regels ruimtelijke met regels ruimtelijke ordening) ordening) (Artikel 2.1 Wabo) Reguliere procedure

4

Wabo (sloop) (Artikel 2.1 Wabo)

5

6

Proceduretijd 1.

2.

3.

Ja

Ja

Ja

3b. 4a. 4b. 4d.

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Wabo (bouw) (artikel 2.1 Wabo)

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Wabo (uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde of van werkzaamheden) (artikel 2.1 Wabo)

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Omgevingsvergunning (sloop)

Benodigde documenten

Omschrijving Activiteit

- Bouwplan. - Bouwen nieuwe gebouwen op - Ruimtelijke onderbouwing. bestaande erven (alle varianten). - Bewijs dat bebouwing past v.w.b. ontsluiting en milieukundig. - Landschappelijk inpassingsplan. - Indien van toepassing een Wnb-vergunning. - Archeologisch onderzoek ter plaatse van het zuidelijk deel van erf Sytebuorren.

Bedenkingen-/ Bezwaar-/ Beroepperiode

8 + mogelijke 6 wk verlenging van 6 wk

- Bouw nieuwe gebouwen (alle varianten). - Bouw bruggen (varianten 4a, 4b en 4d). - Bouw gemalen (onbekend in welke variant(en)). - Kaart met werkzaamheden op een 6 wk - De aanleg en/of aanpassing van 8 + mogelijke maatvaste ondergrond (inclusief relevante paden en wegen (alle varianten). verlenging van 6 K&L, profielen e.d.). wk - Aanleg van dagrecreatieve - Uittreksels kadastrale gegevens. voorzieningen (alle varianten?). - Lijst van eigenaren & andere zakelijk - Aanbrengen oppervlakteverhardingen gerechtigden, incl. gebruikers van percelen. met een opp. groter dan 100 m2 buiten - Inrichtingsplan waaruit blijkt dat geen bouwvlak (alle varianten?). onevenredige afbreuk gedaan wordt aan het - Het ophogen, afgraven en afschuiven gebruik van landbouwgronden voor de van gronden (alle varianten). agrarische productie, de - Het kappen en rooien van gebruiksmogelijkheden van aangrenzende beplantingselementen (onbekend). gronden, de milieusituatie, het straat- en - Het dempen, verbreden en/of graven bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheid, de van watergangen en het wijzigen van waterbergingscapaciteit en de waterkwaliteit de waterhuishouding, voor zover en de cultuurhistorische, landschappelijke en gelegen ter plaatse van de bestemming 'Natuur' (varianten 2, 3, 3b, 4a, 4b en natuurlijke waarden. 4d).

- Archeologisch onderzoek ter plaatse van - Het scheuren en frezen van de zode, het zuidelijk deel van erf Sytebuorren. anders dan ten behoeve van graslandverbetering, ter plaatse van de bestemming 'Natuur' (onbekend). - Het ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur, de bodemsamenstelling of de bodemopbouw, ter plaatse van de bestemming 'Natuur' (varianten 3, 3b, 4a, 4b en 4d).

Waterwet

8

Actiehouder Opmerkingen

Gemeente Smallingerland

Extra bebouwing op bestaande erven kan (onder voorwaarden) gerealiseerd worden indien dit toebehoord aan de bestaande grondgebonden agrarische bedrijven en de bouwvlakken maximaal 2,5 ha groot worden. Indien het bestemmingsplan herzien wordt, kan ook voorzien worden in deze afwijking en is deze vergunning niet meer nodig.

6 wk 8 + mogelijke verlenging van 6 wk 8 + mogelijke 6 wk verlenging van 6 wk

- Bouwtekening. - Beschrijving uiterlijke kenmerken (materiaalgebruik en kleuren). - Eventueel constructie/stabiliteitsberekeningen.

Bevoegd gezag

Gemeente Smallingerland Gemeente Smallingerland

Gemeente Smallingerland

Indien het bestemmingsplan herzien wordt, kunnen werkzaamheden overeenkomstig het inrichtingsplan vrijgesteld worden van deze omgevingsvergunningplicht en is deze vergunning niet meer nodig.

Projectnr: BH5526 Datum: 19-10-2021 Status: Definitief Auteur: F.B. Tweede lezer: H.W. en M.S.

Vergunningenscan Hegewarren

Nr. Wet/regelgeving

Beschikking / Toestemming (Vergunning, ontheffing, melding, etc.)

Proceduretijd 1.

2.

3.

3b. 4a. 4b. 4d.

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Benodigde documenten

Omschrijving Activiteit

Bedenkingen-/ Bezwaar-/ Beroepperiode

Bevoegd gezag

Actiehouder Opmerkingen

7

Waterwet

Watervergunning Uitgebreide procedure

8

Waterwet

Watervergunning Reguliere procedure

Nee

8 + 6 wk

6wk

Wetterskip Fryslân

Zie watervergunning uitgebreide procedure.

9

Waterwet

Melding

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Inrichtingsplan - DO/bestek - Beschrijving werkzaamheden

- Alle werkzaamheden aan het watersysteem waarvoor geen vergunningplicht geldt (alle varianten).

2 wk

n.v.t.

Wetterskip Fryslân

Gezien de omvang van het project kan er voor gekozen worden alle werkzaamheden aan het watersysteem aan te vragen in de vergunning (zie 7). In dat geval is een melding niet nodig.

- Aanpassen van het peil (alle varianten).

- Opsomming werkzaamheden. - Werkzaamheden in, op, boven, over 26 wk - Inrichtingstekening (op besteksniveau). of onder waterstaatswerken en - Dwarsprofieltekeningen (om 100 meter) met beschermingszones, in dit geval daarop zichtbaar: veranderingen van nieuwe regionale of lokale waterkeringen, profiel t.o.v. huidige leggerprofiel, hoofdwateren, KRWbodemhoogte, bodembreedte, talud, 1/1000Q oppervlaktewaterlichamen en peil huidig vs toekomstig (GLG), 1/4Q peil boezemoppervlaktewaterlichamen (alle huidig vs toekomstig (GHG) en T=1 huidig vs varianten). toekomstig (jaarlijks hoogwater). - Versneld afvoeren van hemelwater - Afmetingen kunstwerken en indien complex indien de oppervlakteverharding met kunstwerk: detailtekening. meer dan 200 m2 toeneemt (varianten - Effectbeschrijving op evt. verandering 1, 3, 3b, 4a, 4b en 4 d, 2 is onbekend). grondwaterstanden. - Brengen of onttrekken van water aan - Effectbeschrijving op evt. verandering oppervlaktewaterlichamen (onbekend). inundaties (toets aan wateroverlastnormen). - Onttrekken of infiltreren van - Beheer en onderhoudsdocument (of grondwater aan de bodem (onbekend). aangeven wie verantwoordelijk is voor dit - Wijziging peil van de waterstand van document). oppervlaktewateren. - Afspraken over aanleveren revisiemetingen na afsluiting project.

6 wk

Wetterskip Fryslân

10

Waterwet

Peilbesluit

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

52 wk

n.v.t.

Wetterskip Fryslân

11

Besluit lozen buiten inrichtingen

Melding Besluit lozen buiten inrichtingen

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

n.v.t.

n.v.t.

Wetterskip Fryslân

12

Besluit ontgronden in Rijkswateren

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

- Inrichtingsplan. - Hydrologisch onderzoek.

Bodem wet- & regelgeving

9

Projectnr: BH5526 Datum: 19-10-2021 Status: Definitief Auteur: F.B. Tweede lezer: H.W. en M.S.

Vergunningenscan Hegewarren

Nr. Wet/regelgeving

Beschikking / Toestemming (Vergunning, ontheffing, melding, etc.)

Proceduretijd 1.

2.

3.

3b. 4a. 4b. 4d.

Provinciale Ontgrondingsvergunning Omgevingsverordening

n.t.b. n.t.b. Ja*

14

Provinciale Ontgrondingsmelding Omgevingsverordening

15

Besluit Bodemkwaliteit

BBK-Melding voor aanbrengen van grond ter plaatse van gebiedsontwikkeling en toepassen van grond elders

- Indien het aanleggen of wijzigen van 2 wk n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - De locatie van de ontgronding. waterstaatswerken een vergraving (van - De hoeveelheid vrijkomend materiaal. welke omvang dan ook) omvat (alle - De kwaliteit van het vrijkomend materiaal. varianten). - De bestemming van het vrijkomend materiaal. 5 werkdagen n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Oriënterend milieukundig bodemonderzoek. Aanbrengen grond - Nader milieubodemonderzoek. - Partijkeuring conform Bbk. - Kwaliteitcertificaten van bouwstoffen.

16

Besluit Bodemkwaliteit

BBK-Melding voor afvoeren van grond ter plaatse van gebiedsontwikkeling (afhankelijk van uitkomsten bodemonderzoek)

17

Wet bodembescherming BUS-melding Besluit uniforme saneringen (Wbb)

18

Wet bodembescherming Melding bodemverontreiniging (Wbb) en/of -sanering

Ja

Ja*

Ja

Ja*

Ja

Ja*

Omschrijving Activiteit

13

n.t.b. n.t.b. Ja

Ja*

Benodigde documenten

Ja

- Nauwkeurige beschrijving van de terreinen - Natuurbouw, indien dieper dan 2 26 wk of wateren waarop de aanvraag betrekking meter onder maaiveld of bij het heeft, met een duidelijke plaatsaanduiding op ontgronden van meer dan 10.000 m3 een overzichtskaart van tenminste 1:25.000. bodemmateriaal (varianten 3, 3b, 4a, - Een tekening met een uittreksel uit de 4b en 4d, 1 en 2 onbekend). kadastrale legger, waarop zijn aangegeven - Aanleg, wijziging of verwijdering van de kadastrale nummers en secties van de kaden, indien dieper dan 2 meter onder percelen, waarop de aanvraag betrekking maaiveld of bij het ontgronden van heeft en de aangrenzende percelen. meer dan 10.000 m3 bodemmateriaal - Een opgaaf van de naam en het adres van (onbekend). de aanvrager, de namen en adressen van de eigenaren, erfpachters, vruchtgebruikers, opstalhouders of gebruikers van de percelen, waarop de aanvraag betrekking heeft en de namen en adressen van de eigenaren van de aangrenzende percelen. - Een opgaaf van de redenen van de ontgronding, de bestemming en de hoeveelheid van het vrijkomende bodemmateriaal, de bestemming van het te ontgronden terrein en de overblijvende terreinen na afloop van de ontgronding en de diepte van de ontgronding. - Een opgaaf van de wijze waarop de ontgronding zich verhoudt tot het geldende bestemmingsplan of tot een in voorbereiding zijnd bestemmingsplan.

- Een werkplan volgens hetwelk de ontgronding zal worden uitgevoerd.

Bevoegd gezag

Actiehouder Opmerkingen

6 wk

Provincie Fryslân

n.v.t.

Provincie Fryslân

n.v.t.

Gemeente Smallingerland

n.v.t.

Gemeente Smallingerland

5 wk Saneren van verontreinigde grond, indien het een standaard saneringsmethode betreft, bij een klein oppervlak en een eenvoudige verontreiniging.

nvt

Provincie Fryslân

Afhankelijk van uitkomsten verkennend bodemonderzoek.

15 wk

6 wk

Provincie Fryslân

Afhankelijk van uitkomsten verkennend bodemonderzoek.

- Oriënterend milieukundig bodemonderzoek. Afvoeren grond - Nader milieubodemonderzoek. - Partijkeuring conform Bbk. - Kwaliteitcertificaten van bouwstoffen.

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Meldingsformulier. - Milieukundig bodemonderzoek (verkennend). - Nader bodemonderzoek (verdachte locaties). - Kadastrale kaart. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Saneringsplan. - Milieukundig bodemonderzoek (verkennend). - Nader bodemonderzoek (verdachte locaties). - Kadastrale kaart.

Bedenkingen-/ Bezwaar-/ Beroepperiode

Saneren van verontreinigde grond, indien niet volstaan kan worden met een BUS-melding.

Verkeerswetten

10

5 werkdagen

Indien een bestemmingsplan wordt opgesteld waarin de ontgronding geregeld wordt, is het niet nodig separaat een ontgrondingsvergunning te verkrijgen. Het bestemmingsplan dient dan wel duidelijk te zijn in de locatie en omvang van de ontgronding.

Projectnr: BH5526 Datum: 19-10-2021 Status: Definitief Auteur: F.B. Tweede lezer: H.W. en M.S.

Vergunningenscan Hegewarren

Proceduretijd

Nr. Wet/regelgeving

Beschikking / Toestemming (Vergunning, ontheffing, melding, etc.)

19

Wegenverkeerswet

Verkeersbesluiten

n.t.b. n.t.b. Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

- Wegontwerp. - Bebordingsplan. - Omleidingsroutes. - Faseringsplan.

20

Algemene Plaatselijke Verordening (APV)

Verkeersbesluiten

n.t.b. n.t.b. Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

- Wegontwerp. - Bebordingsplan. - Omleidingsroutes. - Faseringsplan.

21

Algemene Plaatselijke Verordening (APV)

In- en uitritvergunning

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Nieuwe in-/uitritsituatie. - Foto bestaande situatie.

1.

2.

3.

3b. 4a. 4b. 4d.

Benodigde documenten

Omschrijving Activiteit

Bedenkingen-/ Bezwaar-/ Beroepperiode

Bevoegd gezag

Actiehouder Opmerkingen

- Aanleg wegen en fietspaden (nog niet 8 wk duidelijk in varianten 1 en 2). - Verwijderen wegen. - Wegverkeer, plaatsing tijdelijke borden e.d. ten behoeve van fasering verkeer tijdens uitvoering. - Aanleg of verandering van wegen en 8 wk fietspaden (nog niet duidelijk in varianten 1 en 2). - Verwijderen wegen. - Wegverkeer, plaatsing tijdelijke borden e.d. ten behoeve van fasering verkeer tijdens uitvoering. - Maken of veranderen van een uitweg.

6 wk

Gemeente Smallingerland

6 wk

Gemeente Smallingerland

Div. beheerders kabels en leidingen

Kabels en leidingen Wet- & Regelgeving Klic-meldingen

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Klic-melding. - Kabels & leidingen verlegplan.

voor het (ver)leggen en rooien van kabels en leidingen in openbaar gebied.

16 wk

n.v.t.

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Flora- en faunaonderzoek. - Indien nodig, goedgekeurd werkprotocol.

Maatregelen ter bescherming van bedreigde flora & fauna.

13 wk

6 wk

Flora- en faunaonderzoek moet uitwijzen of een ontheffing nodig is.

Maatregelen ter bescherming van 13 wk habitats van beschermde flora & fauna.

6 wk

Onderzoek moet uitwijzen of een vergunning nodig is.

22

Wet info-uitwisseling ondergrondse netwerken (WION)

23

Wet Natuurbescherming Ontheffing (Vml. Flora- & Faunawet- Ter bescherming van beschermde Flora & Fauna deel)

24

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Natuurtoets. Wet Natuurbescherming Vergunning - Voortoets NOx-depositieberekeningen. 1) Instandhoudingsdoelstellingen (Vml. Nb-wet-deel) - Hydrologisch onderzoek. Natura 2000 gebieden - Mogelijk Passende Beoordeling. 2) Depositie van NOx in nabijgelegen natuurgebieden

Wet- & regelgeving t.b.v. Natuurbescherming

25

Wet Natuurbescherming Kapmelding Kappen houtopstanden (Vml. Boswet)

Nee

26

Algemene Plaatselijke Verordening (APV)

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Bomen-inventarisatie. - Herplantplan.

Omgevingsvergunning (kappen)

Nee

n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. - Bomen-inventarisatie. - Herplantplan.

6 wk Kappen van houtopstanden in een samenstelling groter dan 10 are of een rijbeplanting bestaande uit minimaal 21 bomen.

n.v.t.

Kappen van houtopstanden in een 8 + mogelijke 6 wk samenstelling groter dan 10 are of een verlenging van 6 rijbeplanting bestaande uit minimaal 21 wk bomen.

EINDE

Varianten: 1. Polderaquarel 2. Hoogwaterpolder 2.0 3. Zicht op 2 landschappen 3b. Zicht met vaarweg 4a. Open en natuurlijk minder water 4b. Open en natuurlijk meer water 4.d Open en natuurlijk met vaarweg

11

Met ingang van 1 juli jl geldt de zogenaamde bouwvrijstelling. Zolang deze vrijstelling van toepassing is, hoeft enkel gekeken te worden naar de gebruiksfase. In die gevallen dat een (vaar)weg wordt aangelegd of verlegd en in die gevallen dat er 'rode' functies worden toegevoegd is de kans groot dat er sprake zal zijn van een toename van stikstofdepositie, waardoor een vergunningplicht kan ontstaan. (varianten 1, 3, 3b, 4a, 4b en 4d). Definitief ontwerp moet uitwijzen of een vergunning nodig is.

Definitief ontwerp moet uitwijzen of een vergunning nodig is.

Projectnr: BH5526 Datum: 19-10-2021 Status: Definitief Auteur: F.B. Tweede lezer: H.W. en M.S.

Vergunningenscan Hegewarren

Nr. Wet/regelgeving

Beschikking / Toestemming (Vergunning, ontheffing, melding, etc.)

Proceduretijd 1.

2.

3.

3b. 4a. 4b. 4d.

Benodigde documenten

Omschrijving Activiteit

Bedenkingen-/ Bezwaar-/ Beroepperiode

Bevoegd gezag

Actiehouder Opmerkingen

Voorgaande tabel geeft een overzicht van de benodigde vergunningen per alternatief. De genoemde proceduretijden zijn exclusief de voorbereiding van de (ontwerp)besluiten, waaronder het doen van onderzoek, het opstellen van rapportages en het verzamelen van informatie. De varianten zijn nauwelijks onderscheidend voor wat betreft de benodigde vergunningen/besluiten omdat voor alle varianten 'zwaardere' besluiten nodig zijn. Voor alle varianten zijn een bestemmingsplan of wijzigingsplan (vanaf 1 juli 2022 een omgevingsplandeel) en een peilbesluit noodzakelijk. Voor de varianten 3, 3b, 4a, 4b en 4d zijn een ontgrondingsvergunning (kan eventueel worden geregeld middels bestemmingsplan/omgevingsplandeel) en MER noodzakelijk, mogelijk ook voor varianten 1 en 2. Ter plaatse zijn de aanleg van nieuwe natuur, de bouw van nieuwe (recreatie)woningen, de aanleg van een jachthaven, de realisatie van een nieuwe camping en de aanleg van een nieuwe vaarweg niet (zondermeer) toegestaan. Gezien de omvang is voor alle varianten een ontgrondingsvergunning nodig, alleen is voor varianten 1en 2 nu nog niet duidelijk of een ontgrondingsvergunning nodig is. In alle varianten wordt het peil verhoogd, waardoor er een peilbesluit nodig is.

In verband met de enorme omvang van het winnen van oppervlaktedelfstoffen is voor alle varianten (varianten 1 en 2 moeten nader getoetst worden bij uitwerking van het plan) een MER noodzakelijk. Uit jurisprudentie is gebleken dat elke vorm van het roeren van de ondergrond (hoe ondiep ook) gezien moet worden als het winnen van oppervlaktedelfstoffen. De meest tijdrovende procedures die sowieso nodig zijn, zijn bestemmingsplan of wijzigingsplan (vanaf 1 juli 2022 een omgevingsplandeel), ontgrondingsvergunning, peilbesluit en MER. Voor elk van de varianten 3, 3b, 4a, 4b en 4d is minstens één MER-plichtig besluit nodig. Dit kan het bestemmingsplan of de ontgrondingsvergunning zijn. Voor de varianten 1 en 2 moet dit nog blijken. Vaak wordt gekozen om alle procedures gelijktijdig te doorlopen. De totale proceduretijden inclusief voorbereiding en opstellen van de benodigde stukken zullen naar verwachting minimaal 1,5 à 2 jaar in beslag nemen en langer als er ingewikkelde inhoudelijke discussies gevoerd moeten worden waar veel onderzoek voor nodig is. De belangrijkste risico’s voor zover in dit stadium in te schatten: - Het toevoegen van grote hoeveelheden ‘rode’ functies. Dit past niet binnen het huidige beleid, hierover zal zorgvuldig met betrokken overheden moeten worden overlegd. - De hydrologie.

Het wijzigen van peilen, en zeker ook het graven van nieuwe waterpartijen, heeft uitstralingseffecten naar de omgeving. Hier zal aan gerekend moeten worden, het mag bijvoorbeeld niet zo zijn dat agrariërs en bewoners in de omgeving wateroverlast krijgen. Wanneer de uitgangspunten van de berekeningen niet helder zijn of als er veel discussie is tussen partijen kan dit erg lang duren. - Het omgevingsproces. Wanneer een bezwaar wordt ingediend kost het al gauw 1 à 2 jaar extra. - De vaarweg is op zichzelf een risico vanwege beide bovengenoemde punten (de ontgraving is extra diep en kan dus meer effect hebben, plus het ligt gevoelig in de omgeving) maar ook vanwege de effecten op de Alde Feanen. Bij doorsnijding van het Natura 2000 gebied gaat het om directe effecten, maar ook wanneer geen doorsnijding plaatsvindt heeft de vaarweg indirecte effecten op Natura 2000 gebieden (stikstof, verstoring) en scoort op dat vlak slechter dan de andere alternatieven. - De inwerkingtreding van de Omgevingswet, zie hierna. Omgevingswet Vooralsnog treedt op 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking. Dit is relevant voor de volgende besluiten: - Het bestemmingsplan en het wijzigingsplan gaan op in het omgevingsplan(deel). - Het provinciaal inpassingsplan gaat in op het projectbesluit. - De omgevingsvergunning en de watervergunning gaan op in de omgevingsvergunning onder de Omgevingswet.

- Het peilbesluit gaat op in de omgevingsverordening. - Het MER gaat op in het MER onder de Omgevingswet. Ondanks dat de procedures ongeveer gelijk zullen zijn aan de huidige, dient hier opgemerkt te worden dat de overgang naar de nieuwe wetgeving het risico in zich heeft dat procedures meer tijd in beslag zullen nemen doordat de diverse bevoegde gezagen nog moeten leren werken met de Omgevingswet. Ontwerpbesluiten die voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet in procedure zijn gebracht kunnen onder de huidige wetgeving worden afgehandeld.

12

B2 Memo - Zuiging

Notitie / Memo Aan: Van: Datum: Kopie: Interne controle Ons kenmerk: Classificatie:

Provincie Fryslân Philip de Ruiter 7-10-2021 Jacco Valstar Gosse de Boer BH5662WMNT2110071519 Vertrouwelijk

Onderwerp:

Vaarweg Hegewarren - effecten van zuiging

HaskoningDHV Nederland B.V. Water & Maritime

Situatie en vraagstelling De provincie Fryslân is voornemens het gebied de Hegewarren te herinrichten. Onderdeel van de planvorming is de integratie van een vaargeul voor beroepsvaart door het gebied om de haven van Drachten te ontsluiten vanaf het Prinses Margrietkanaal (zie onderstaande afbeelding).

Figuur 1: Situatie

Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: 

 

De vaarweg wordt geschikt voor klasse Va schepen met een lengte van 110 meter, een breedte van 11,5 meter en een diepgang van maximaal 3,5 meter. Er wordt een enkelstrooks vaarwegprofiel gerealiseerd. In navolging van de bodemdiepte van de doorgaande vaarweg van het Prinses Margrietkanaal wordt aangenomen dat de vaargeul aangelegd zal worden op een diepte van 5,2 m. Gegeven het vaste peil van NAP -0,52 m ligt het ontwerpniveau van de bodem van de geul daarmee dus op NAP -5,72 m. De toegestane vaarsnelheid op de nieuwe vaarweg is nog niet definitief vastgesteld. In overleg met de provincie wordt ingestoken op dezelfde vaarsnelheden als op de bestaande vaarweg vanaf het Prinses Margrietkanaal naar Drachten:

7-10-2021

o

Beladen (diepgang tot 3,5 m): 8 km/uur

o

Onbeladen (diepgang tot 2,0 m): 10 km/uur

BH5662WMNT2110071519

1/4

Figuur 2: Vaarwegprofiel

In een eerdere verkennende studie van de veiligheid en nautische aspecten van deze vaarwegverbindingen (zie memo BH5526MANT2106281632, RHDHV, 28 juni 2021) is naar voren gebracht dat rekening moet worden gehouden met zuiging door scheepsbewegingen op de vaarweg. In navolging hiervan zijn de volgende onderzoeksvragen gesteld: 1 Is er sprake van significante effecten door golfslag/zuiging binnen het huidige ontwerp van de vaarweg? 2 Hoe kunnen de gevolgen van zuiging door beroepsvaart op de oevers van natuur/veengebieden, woonarken en kades worden verminderd of voorkomen om vaarweg en de gewenste moeras/veenontwikkeling in het gebied goed samen te laten gaan? In deze memo worden deze vragen beantwoord. Vraag 1. Effecten golfslag/zuiging door scheepsbewegingen Schepen veroorzaken in de vaarweg golfslag, zuiging (waterspiegeldaling) en (retour)stroming, die belastingen op de oevers veroorzaken en hinder kunnen veroorzaken voor de medevaarweggebruikers. Onderstaande figuur geeft hiervan een indruk.

Figuur 3: Effecten water door scheepsbewegingen

7-10-2021

14

BH5662WMNT2110071519

2/4

Onderstaande tabel 1 geeft een indruk van de te verwachten effecten van zuiging en golfslag in het standaard vaarwegprofiel. Tabel 1: Effecten van zuiging en golfslag in het standaard vaarwegprofiel

Scenario

Golfhoogte

Waterspiegeldaling

Schepen 110x11,5 m, onbeladen (diepgang 2,0 m) Vaarsnelheid 10 km/u

0,1 m (boeggolf) 0,3 m (haalgolf)

0,2 m gedurende max. 40 seconden

Schepen 110x11,5 m, Beladen (diepgang 3,5 m) Vaarsnelheid 8 km/u

0,2 m (boeggolf) 0,4 m (haalgolf)

0,25 m gedurende max. 50 seconden

In antwoord op de 1e onderzoeksvraag kan worden geconcludeerd dat er met het voorliggende vaarwegontwerp inderdaad sprake is van een significant zuigingseffect en hinderlijke golfslag door passerende schepen. Deze effecten kunnen leiden tot hinder voor recreatievaart enerzijds en waterbewegingen die merkbaar kunnen zijn tot in de zijwatergangen van de vaarweg die negatief kunnen doorwerken op de gewenste natuurontwikkeling. Deze effecten spelen met name in de krappe delen van de vaarweg. Daar waar de vaarweg is gesitueerd in een groter wateroppervlak (in hoofdzaak bij de kruising met het te realiseren meer) zullen deze effecten kleiner zijn. Als referentie wordt verwezen naar een recente studie voor het Van Starkenborghkanaal in Groningen, die RHDHV heeft uitgevoerd naar aanleiding van klachten van recreatievaart en woonschepen over hinderlijke waterbewegingen in de zijkanalen. In deze studie zijn modellen ontwikkeld om de waterbewegingen te simuleren en zijn adviezen uitgewerkt om de hinder te beperken. Uit deze studie is gebleken dat de hinder werd gedomineerd door de waterspiegeldaling langs het schip, omdat deze relatief lang aanhoudt en het zijkanaal als het ware ‘leeg trekt’. Deze waterbewegingen zijn merkbaar tot enkele honderden meters vanaf de kruising met de hoofdvaarweg, waarbij waterspiegeldalingen tot 0,3 m voorkomen en tot circa 1 minuut kunnen aanhouden.

Vraag 2. Mogelijkheden tot vermindering van de effecten De omvang van de effecten door scheepsbewegingen worden primair bepaald door: a. Nat profiel Hoe krapper het vaarwegprofiel, hoe groter de effecten. Meer secundair geldt dat een smalle toegang tot zijwatergangen de effecten vanuit de vaarweg zelf kan minimaliseren, omdat er dan minder wateruitwisseling kan plaatsvinden. b. Vormgeving oevers Verticale oevers langs een vaarweg vergroten de effecten van golfslag omdat de golfwerking tussen de oevers reflecteert, waardoor de waterbewegingen langer aanhouden en zich over een groter gebied verspreiden. De toepassing van glooiingen/taluds in plaats van damwanden zal dus de effecten van golfslag beperken. In de regel levert een dergelijke oplossing een groter wateroppervlak en nat profiel van de vaarweg op, waardoor indirect ook wordt bijgedragen aan de vermindering van de effecten van waterspiegeldaling/zuiging. c. Waterverplaatsing van het schip Hoe groter de afmetingen en diepgang van het schip, hoe groter de effecten. Aangezien dit een gegeven is, kan hiermee niet worden gevarieerd om effecten te verkleinen. d. Vaarsnelheid Hoe hoger de vaarsnelheid, hoe groter de effecten.

7-10-2021

BH5662WMNT2110071519

3/4

Onderstaande voorbeelden in tabel 2 geven mogelijke oplossingsrichtingen door aanpassing vaarsnelheid en profielaanpassing om de hinder te beperken. De in oranje weergegeven aspecten zijn onderscheidend van de referentiesituatie zoals hierboven weergegeven. Tabel 2: Voorbeelden mogelijke oplossingsrichtingen Aspecten Scenario

Golfhoogte

Waterspiegeldaling

Vaarsnelheid

Profiel

Oever

1. Schepen 110x11,5 m Beladen (diepgang 3,5 m)

8 km/u

enkelstrooks

talud

0,2 m (boeggolf) 0,2 m (haalgolf)

0,15 m gedurende max. 50 s

2. Schepen 110x11,5 m Beladen (diepgang 3,5 m)

8 km/u

normaal

verticaal

0,2 m (boeggolf) 0,25 m (haalgolf)

0,2 m gedurende max. 50 s

3. Schepen 110x11,5 m, Beladen (diepgang 3,5 m)

6 km/u

enkelstrooks

verticaal

0,1 m (boeggolf) 0,2 m (haalgolf)

0,15 m gedurende max. 65 s

4. Schepen 110x1,5 m Beladen (diepgang 3,5 m)

6 km/u

enkelstrooks

talud

0,10 m (boeggolf) 0,15 m (haalgolf)

0,1 m gedurende max. 65 s

In antwoord op de 2e onderzoeksvraag kan worden geconcludeerd dat met name beperking van de vaarsnelheid en het realiseren van een vaarweg met flauwe taluds de effecten kan verkleinen. Daarbij geldt dat alle genoemde maatregelen extra positieve effecten op de gewenste ecologische doelstelling voor moeras-/veenontwikkeling. Golfslag en wisselingen in de waterstand kunnen leiden tot afslag en minder optimale groeiomstandigheden voor natte oevervegetatie.

16

7-10-2021

BH5662WMNT2110071519

4/4

B3 Memo - Inpassingsstudie vaarweg

Inpassingsstudie Vaarweg Opsteller: Erik Mateman (Projectteam Hegewarren) Afgestemd met: Hendrik Vries, Sonja Busch (Projectteam Hegewarren)

Inleiding Onderdeel van het co-creatie proces was het onderzoeken hoe de vaarweg als meekoppelkans kan worden meegenomen bij de toekomstige inrichting van de Hegewarren. Tijdens het co-creatieproces zijn meerderemogelijkheden in beeld gebracht en onderzocht op haalbaarheid. In deze memo worden de verschillende mogelijkheden beschreven en aangeven hoe vanuit deze mogelijkheden is getrechterd naar twee mogelijke varianten. Allereerst wordt ingegaan op de uitgangspunten die gehanteerd zijn tijdens het co-creatie proces. Vervolgens is in beeld gebracht welke mogelijkheden zijn beschouwd en hoe deze zijn beoordeeld. Vervolgens wordt toegelicht hoe is getrechterd naar de twee varianten bij Ie-sicht en bij de aansluiting op het PM-kanaal. Daarnaast is toegelicht waarom gekozen is voor een doorsnijding van de Hegewarren aan de noordzijde van de polder

Uitgangspunten Bij de uitwerking van mogelijke tracés zijn de volgende algemene uitgangspunten gehanteerd: • • •

• •

De vaarweg wordt geschikt voor klasse Va schepen met een lengte van 110 meter, een breedte van 11,5 meter en een diepgang van maximaal 4 meter; De vaarroute wordt gecombineerd met (substantiële) uitbreiding van de boezem zodat het aanleggen van kades (met relatief hoge aanleg- en onderhoudskosten) wordt voorkomen; Het bestaande klasse IV tracé tussen Drachten en de Veenhoop wordt opgewaardeerd naar een klasse Va vaarweg met dubbelstrooks krap profiel. Tussen De Veenhoop en het Prinses Margrietkanaal wordt een enkelstrook vaarwegprofiel gerealiseerd met één passeerstrook; Het nieuwe tracé wordt (zoveel mogelijk) ingericht conform de Richtlijn Vaarwegen 2020; Ter hoogte van Ie-Sicht liggen twee gasleidingen. Eén gasleiding (leidingnummer: A541) is alleen verdiept aangelegd ter hoogte van de Hooidamsloot en verlegging van deze leiding zal altijd nodig zijn. De kosten voor het verleggen van de gasleiding bedragen circa € 4 miljoen. De andere gasleiding (leidingnummer A652) is ter hoogte van Ie-Sicht verdiept aangelegd. Bij het uitwerken van mogelijke tracés is een tracé gekozen waarbij verleggen van deze leiding niet plaats vindt (kosten circa € 10 miljoen).

17

In onderstaand figuur is het tracé van de beide gasleidingen gepresenteerd inclusief het deel waar leiding A652 zonder problemen gekruist kan worden (groen gemarkeerd).

Figuur 1: situering gasleiding A652 en A541

In het ontwerpproces met het co-creatieteam zijn een groot aantal oplossingen en mogelijkheden de revue gepasseerd. Vanuit het co-creatieteam zijn de volgende wensen ingebracht ten aanzien van het tracé van een eventuele nieuwe vaarweg: • •

Beperk de doorsnijding van het natuurgebied de Burd; Zorg voor het zoveel mogelijk loskoppelen van recreatief vaarverkeer en beroepsvaarverkeer.

Bovenstaande wensen zijn meegenomen in het ontwerpproces. Daarnaast is geconstateerd dat het sparen van de locatie Ie-Sicht, de achterliggende camping en het woonhuis (dat omsloten wordt door de camping), gezien de grote impact, logisch is en daarom is gekeken naar mogelijkheden die Ie-Sicht en de camping sparen.

18

De verschillende mogelijkheden op een rij Knooppunt Ie Sicht Bij knooppunt Ie Sicht zijn onderlangs Ie Sicht de volgende mogelijkheden beschouwd: a. Onderlangs Ie Sicht waarbij het vaarwegprofiel ter hoogte van Ie Sicht in damwanden wordt gezet zodat een zo smal mogelijk profiel ontstaat met een beperkt ruimtebeslag; b. Onderlangs Ie Sicht waarbij een talud van 1:3 vanuit de vaargeul wordt gehanteerd. Hierdoor is een breder profiel nodig. Bovenstaande mogelijkheden zijn in het onderstaande figuur weergegeven.

Figuur 2: mogelijkheden vaarweg zuidzijde Ie-Sicht

Ook is gekeken naar de mogelijkheden om de vaarweg ten noorden van Ie Sicht te projecteren. De mogelijkheden zijn beschouwd: c.

Bovenlangs Ie Sicht waarbij de bestaande brug over de Hooidammersloot vervalt en het gebied wordt ontsloten via een nieuwe brug ter hoogte van De Veenhoop; d. Bovenlangs Ie Sicht met behoud van de bestaande brug over de Hooidammersloot en een nieuwe brug ter plaatse van de nieuwe vaarweg; e. Vanuit het co-creatieteam is ook de optie voorgesteld om de bestaande brug te handhaven en het vaarverkeer (vanaf Drachten) na het passeren van de bestaande brug, direct naar het westen te laten afbuigen richting de Hegewarren, met een haakse bocht. Deze optie is niet ingetekend.

Figuur 3: mogelijkheden vaarweg noordzijde Ie-Sicht

In de onderstaande tabel zijn de voor- en nadelen van de verschillende mogelijkheden weergeven. De gepresenteerde mogelijkheden zijn uitgewerkt en getoetst op het aspect veiligheid (zie memoRoyal Haskoning-DHV met referentienummer: BH5525-RHD-ZZ-XX-NT-Z-001). Om te beschouwen of een doorsnijding van een Natura 2000 gebied realistisch is, is voor de variant bovenlangs Ie sicht een voortoets uitgevoerd om de effecten te bepalen. De uitkomsten hiervan zijn gepresenteerd in de rapportage van Royal Haskoning-DHV met referentienummer: BH5526WMRP2110041109

Mogelijkheden a. Onderlangs Ie Sicht, in de damwanden, ontsluiting Hegewarren via Hooidammerbrug en nieuwe brug

b.

Onderlangs Ie Sicht, natuurlijk talud, ontsluiting Hegewarren via Hooidammerbrug en nieuwe brug

Voordelen Beperkt ruimtebeslag en voldoende ruimte voor de camping en Ie Sicht

Nadelen Beperkte uitwijkmogelijkheden voor de recreatievaart Grotere zuiging

Geen of minimale aantasting Natura 2000 waarden Voldoende uitwijkmogelijkheden voor de recreatievaart.

Twee bruggen nodig Terrein direct ten zuiden van de camping verdwijnt Twee bruggen nodig

Minder zuiging ten opzichte van mogelijkheid a Geen of minimale aantasting Natura 2000 waarden Eén brug voor recreatievaart blijft over. Bestaande Hooidammer brug verdwijnt.

c.

Bovenlangs Ie Sicht, ontsluiting Hegewarren via De Veenhoop

d.

Bovenlangs Ie Sicht, ontsluiting Hegewarren via Hooidammerbrug en nieuwe brug

Voldoende ruimte voor de camping en Ie Sicht

Aantasting Natura 2000 waarden Twee bruggen nodig

e.

Bovenlangs Ie Sicht, ontsluiting Hegewarren via bestaande Hooidammerbrug

Voldoende ruimte voor camping en Ie-Sicht

Oplossing niet veilig vanwege onoverzichtelijke situatie (bocht voor en na de brug).

Bestaande brug blijft behouden

Aantasting Natura 2000 waarden

Huidige brug niet geschikt voor klasse Va schepen

Tabel 1: Voor- en nadelen onderlangs en bovenlangs Ie-Sicht

Door de Hegewarren Door de Hegewarren zijn de volgende twee mogelijkheden beschouwd: a. de vaarroute wordt gesitueerd bovenlangs de Hegewarren; b. de vaarroute wordt gesitueerd onderlangs de Hegewarren.

Figuur 3: Vaarweg door de Hegewarren

In de onderstaande tabel zijn de voor- en nadelen van de verschillende mogelijkheden beschouwd. De noordelijke route is uitgewerkt in het co-creatieproces.

Mogelijkheid a. Vaarroute bovenlangs Hegewarren

Voordelen Sytebuorren blijft grotendeels behouden Voldoende ruimte om ruim open water te realiseren met voldoende uitwijkmogelijkheden voor recreatievaart

Nadelen Beroepsvaart kruist recreatievaart Doorkruist het blauwgrasland binnen de Hegewarren

Eén van de twee gasleidingen moet verdiept aangelegd worden. b.

Vaarroute onderlangs Hegewarren

Blauwgrasland binnen Hegewarren blijft behouden

Sytebuorren wordt doorsneden Minder ruimte om open water te realiseren, daarmee is er beperkt ruimte om recreatie(vaart) en beroepsvaart elkaar in ruim water te laten kruisen. Deze ligging beperkt de recreatieve ontwikkeling van de Hegewarren: recreatie tegen De Alde Feanen aan (én in het nu diepste deel van de polder) leidt tot extra drukte in De Alde Feanen ipv het (beoogde) ontlasten van De Alde Feanen. Beide gasleidingen achter Is sicht moeten verdiept aangelegd worden.

Tabel 2: Voor- en nadelen boven- en onderlangs Hegewarren

Aansluiting op het PM kanaal Voor de aansluiting op het PM kanaal zijn de volgende mogelijkheden onderzocht. a. Vanaf de Hegewarren de nieuwe vaarweg recht doortrekken naar het PM kanaal b. Vanaf de Hegewarren de nieuwe vaarweg naar het noorden af laten buigen door en onder het eiland Trije Hûs langs De mogelijkheden zijn weergeven op de onderstaande kaartjes.

Figuur 3: Vaarweg door de Burd

In onderstaande tabel zijn de voor- en nadelen van de verschillende mogelijkheden weergeven. De onderste mogelijkheid is uitgewerkt en getoetst op het aspect veiligheid (zie rapportage Royal Haskoning-DHV referentienummer: BH5525-RHD-ZZ-XX-NT-Z-001).

21

Mogelijkheden a. Vaarweg rechtstreeks doortrekken naar het PM kanaal

b.

Vaarweg aansluiten bij het Trije Hûs op het PM kanaal

Voordelen Eenvoudig te ontwerpen aansluiting op het PM kanaal Betere scheiding beroepsen recreatievaart Beperkte doorsnijding van de Burd

Er kan een haakse aansluiting gemaakt worden op het PM kanaal. Tabel 3: Voor- en nadelen rechtstreeks doortrekken of aansluiten bij Trije Hûs

Nadelen Relatief grote doorsnijding van de Burd

Complexer te ontwerpen aansluiting op het PM kanaal Scheiding beroeps- en recreatievaart minder.

Voor variant b, die naar het noorden afbuigt, zijn twee mogelijkheden ontworpen: een variant ‘gesplitst’, waarbij het verkeer vanuit of naar het noorden de afslag door het eiland Trijehûs (noord-zuid) gebruikt en het verkeer vanuit en naar het zuiden de west-oost georiënteerde afslag door de Trijehûstersleat gebruikt, zodat de bocht makkelijker te nemen is. Een andere optie is de variant ‘gescheiden’. Daarbij neemt alle beroepsvaart de variant door het eiland Trije Hûs en het recreatieverkeer gebruikt de Trijehûstersleat (oost-west). Daarmee worden het recreatieverkeer en de beroepsvaart beter ontvlecht.

22

B4 Memo - Voortoets doorsnijden Natura 2000-gebied

RAPPORT Voortoets vaarwegtracé gebiedsontwikkeling Hegewarren In het kader van Wnb (onderdeel Gebiedsbescherming) Klant:

Provincie Friesland

Referentie: BH5526WMRP2110181432 Status:

S1/P01

Datum:

18 oktober 2021

Projectgerelateerd

HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.

Euvelgunnerweg 25A 9723 CV Groningen Water & Maritime Trade register number: 56515154 +31 88 348 53 00 T reception.grq.eg@nl.rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W

Titel document: Voortoets vaarwegtracé gebiedsontwikkeling Hegewarren Ondertitel: Voortoets Hegewarren Referentie: BH5526WMRP2110181432 Status: P01/S1 Datum: 18 oktober 2021 Projectnaam: Hegewarren Projectnummer: BH5526 Auteur(s): Jens Schepers

Opgesteld door: Jens Schepers Gecontroleerd door: Carolien van der Ziel Datum: 2 november 2021 Goedgekeurd door: Carolien van der Ziel Datum: 2 november 2021

Classificatie Projectgerelateerd

Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V. en dient voor publicatie of anderszins openbaar maken te worden geanonimiseerd. 18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

i

Projectgerelateerd

Inhoud 1

Inleiding

3

1.1

Aanleiding

3

1.2

Doel

3

1.3

Leeswijzer

3

2

Juridisch kader

4

2.1

Gebiedsbescherming (Natura 2000)

4

3

Methode

5

3.1

Methode

5

3.2

Toetsingskader

5

4

De situatie

6

4.1

Uitgangssituatie

6

4.2

Beschouwde situatie

6

4.3

Relevante Natura 2000-gebieden

8

4.3.1

Alde Feanen

8

5

Effectbeoordeling

11

5.1

Ruimtebeslag (1), versnippering (2) & verandering in populatiedynamiek (18)

12

5.2

Vermesting (3) & verzuring (4)

13

5.3

Verdroging (8)

13

5.4

Geluid (13) en optische verstoring (16)

13

5.5

Licht (14)

14

5.6

Trilling (15)

15

5.7

Mechanische effecten (17)

15

6

Cumulatie

16

7

Conclusie

17

7.1

Bevindingen

17

7.2

Doorkijk vervolgproces

17

25

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

2

Projectgerelateerd

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

De provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân en gemeente Smallingerland onderzoeken of het mogelijk is het gebied de Hegewarren in de toekomst anders in te richten. Onderdeel van de planvorming is de (eventuele) integratie van een vaargeul voor beroepsvaart door het gebied de Hegewarren om de haven van Drachten te ontsluiten vanaf het Prinses Margrietkanaal (zie Figuur 4-1). Dit vaarwegtracé loopt langs en deels door het Natura 2000-gebied Alde Feanen. Het huidige vaarwegtracé midden door De Alde Feanen vervalt voor wat betreft de beroepsvaart, maar zal wel toegankelijk blijven voor de recreatievaart.

1.2

Doel

Voorliggende rapportage maakt inzichtelijk of het beoogde vaarwegtracé van Drachten door de Hegewarren leidt tot conflicten met voor Natura 2000-gebieden geformuleerde instandhoudingsdoelstellingen. Deze rapportage heeft dan ook het karakter van een zogenoemde Voortoets. Hierin wordt aangegeven of (significant) negatieve effecten op voorhand met zekerheid kunnen worden uitgesloten.

1.3

Leeswijzer

In het tweede hoofdstuk wordt kort ingegaan op de Wet natuurbescherming (Wnb), gevolgd door een beschrijving van de methode in het derde hoofdstuk. In hoofdstuk vier wordt het project besproken en gaat nader in op het Natura 2000-gebied en de bijbehorende instandhoudingsdoelstellingen. Vervolgens wordt aan de hand van de effectenindicator 1 nagegaan welke effecten samenhangen met de vaarwegtracé en nader beschouwd dienen te worden, deze effectbeoordeling is terug te vinden in het vijfde hoofdstuk. In het zesde hoofdstuk is aandacht voor eventuele cumulatie en het zevende en laatste hoofdstuk bevat de conclusies van deze rapportage.

Disclaimer: De voorliggende rapportage betreft een voortoets voor het Natura 2000-gebied Alde Feanen op een nog vrij abstract niveau, waarbij een potentieel toekomstige situatie (de gebiedsontwikkeling van de Hegewarren zonder vaarweg) als referentiesituatie wordt gebruikt. De situatie die wordt getoetst is eveneens een potentieel toekomstige situatie van dezelfde gebiedsontwikkeling maar dan met vaarweg. In het co-creatieproces zijn er verschillende uiteenlopende varianten voor de gebiedsontwikkeling geschetst, daardoor zijn de precieze effecten op dit moment nog niet exact te bepalen. Deze rapportage is dan ook uitsluitend bedoeld als zijnde een hulpmiddel bij het besluitvormingsproces van de Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân en niet voor het aanvragen van een eventuele vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming. 26

1

https://www.synbiosys.alterra.nl/bij12/effectenindicator.aspx

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

3

Projectgerelateerd

2

Juridisch kader

De juridische kaders die volgen uit de Wnb vormen het toetsingskader. Met betrekking tot de voortoets is enkel het onderdeel Gebiedsbescherming (Hoofdstuk 2 van de wet) uit de Wnb van belang in het licht van de voorgenomen beoordeling en activiteit.

2.1 Gebiedsbescherming (Natura 2000) Natuurwaarden zijn op diverse manieren beschermd, via het wettelijk spoor en via de ruimtelijke ordening. Internationale richtlijnen, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn, hebben een vertaling gekregen naar Nederlandse wetten. De Wnb beschrijft in hoofdstuk 2 de juridische basis voor de aanwijzing van Natura 2000-gebieden en stelt de kaders voor de beoordeling van activiteiten die (mogelijk) negatieve effecten hebben op de instandhoudingsdoelstellingen van deze Natura 2000-gebieden. Op grond van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn moeten Natura 2000−gebieden aangewezen worden om habitatten en soorten van Europees belang te beschermen. De beoordeling van plannen, projecten is geregeld onder Wnb art. 2.7: 1. Een bestuursorgaan stelt een plan dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een Natura 2000-gebied, en dat afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, uitsluitend vast indien is voldaan aan artikel 2.8, met uitzondering van het negende lid. 2.

Het is verboden zonder vergunning van gedeputeerde staten een project te realiseren dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een Natura 2000-gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied. Dit betekent dat er een passende beoordeling opgesteld dient te worden en dat het bestuursorgaan de vergunning alleen af mag geven als de zekerheid is verkregen dat de natuurlijke kenmerken van een Natura 2000 gebied niet aangetast worden. Mochten er significante gevolgen zijn dan dient een ADC (alternatieve oplossingen, dwingende redenen van groot openbaar belang en compensatie) toetsing doorlopen te worden en kan vergunning alleen verleend worden als aan alle voorwaarden wordt voldaan (geen alternatieve oplossingen, dwingende reden van groot openbaar belang en compensatie). De voorwaarden staan vermeld in art 2.8 van de wet. Conform de EU-richtlijn kan gewerkt worden met een Voortoets in de oriëntatiefase. Een Voortoets kan twee mogelijke uitkomsten hebben: • Er is zeker geen negatief effect. Er is geen vergunning op grond van de Wnb nodig. • Significant negatieve effecten kunnen niet worden uitgesloten. Dit betekent dat vergunningverlening aan de orde is.

Omdat er een kans op een significant negatief effect bestaat, is een Passende beoordeling vereist, aanvullend op de Voortoets. Ook ontwikkelingen buiten Natura 2000-gebieden kunnen onder deze wet vergunning plichtig zijn; de wet kent namelijk de zogenoemde externe werking. Hierdoor moet ook worden bekeken of ontwikkelingen buiten een Natura 2000-gebied negatieve effecten kunnen hebben op de daarbinnen vastgestelde instandhoudingsdoelstellingen. De Wet natuurbescherming kent voor wat betreft externe werking géén grenzen en schrijft voor dat alle gebieden die mogelijk beïnvloed worden door een activiteit in de toetsing moeten worden meegenomen. Naast de wet vormen aanwijzingsbesluiten en de Natura 2000-beheerplannen het toetsingskader bij de vergunningverlening.

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

4

Projectgerelateerd

3

Methode

3.1

Methode

Om de effecten van de ingrepen op het Natura 2000-gebied inzichtelijk te maken, zijn voor alle effecten die genoemd worden in de effectenindicator van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) nagegaan of zij optreden en in welke mate. Hierbij is gebruik gemaakt van reeds bestaande documentatie over Natura 2000-gebieden. De storingsfactoren zijn de basis van de effectenindicator. Voor alle Natura 2000-gebieden en alle aangewezen soorten en habitattypen is bepaald wat de gevoeligheid van soorten voor deze factoren is. Het ministerie van LNV onderscheidt 19 mogelijke storingsfactoren op soorten en habitattypen 2. Om tot een duidelijke en objectieve beschrijving van de mogelijk optredende effecten te komen, is gebruik gemaakt van deze 19 storingsfactoren. Voor het Natura 2000-gebied wordt per storingsfactor besproken of de ontwikkelingen mogelijk leiden tot een (significant) negatief effect op het Natura 2000-gebied. In de voortoets zijn geen mitigerende maatregelen meegenomen, er is puur en alleen gekeken naar mogelijk optredende effecten van de ingreep, op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden binnen de invloedssfeer.

In deze voortoets wordt geconcludeerd of de permanente situatie (de gebruiksfase) en de werkzaamheden tijdens de aanlegfase een significant negatief effect tot gevolg heeft en of een vergunningstraject dient te worden ingezet. In deze voortoets wordt ook bekeken of de werkzaamheden in samenwerking met andere planen (cumulatief effect) leidt tot een significant negatief effect.

3.2

Toetsingskader

In de effectenbeoordeling wordt onderscheid gemaakt tussen de aanlegfase en de gebruiksfase. De aanlegfase is de periode waarin de vaarweg aangelegd wordt, waarin de bouwwerkzaamheden worden uitgevoerd. Dit zijn altijd tijdelijke effecten welke, nadat het werk is gerealiseerd en de gebruiksfase in werking treedt, afgelopen zijn. De gebruiksfase betreft de permanente fase van het plan, nadat alle bouwwerkzaamheden uitgevoerd zijn en vaarweg is ontwikkeld en in gebruik genomen. Dit betreft de fase waarin de effecten permanent van aard zijn. De beoordeling of er sprake is van een mogelijk significant negatieve effecten, is afhankelijk van de instandhoudingsdoelstelling en de huidige oppervlakte van het habitat of leefgebied. Indien het instandhoudingsdoel gericht is op uitbreiding oppervlakte en kwaliteit dan leidt elke negatief effect tot een mogelijk significant negatief effect. In dit geval kan niet voldaan worden aan het instandhoudingsdoel; van verbetering kwaliteit is dan geen sprake.

28 2

In hoofdstuk 7.2.2 van het Natura 2000 beheerplan Alde Feanen (zie: https://www.natura2000.nl/gebieden/friesland/alde-feanen) staan de verstoringsgevoeligheid voor de 19 storingsfactoren van de effectenindicator voor de benoemde instandhoudingsdoelstellingen. 18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

5

Projectgerelateerd

4

De situatie

In de onderstaande paragrafen worden ten eerste de huidige situatie en de (eventuele) toekomstige situatie besproken. Vervolgens worden de Natura 2000-gebieden waar mogelijk verstoring optreedt beschreven. Tot slot volgt een uiteenzetting van de mogelijke effecten van de beschouwde situatie op de instandhoudingsdoelstellingen van de ‘getroffen’ Natura 2000-gebieden.

4.1

Uitgangssituatie

Normaliter wordt in een voortoets de uitgangssituatie, hoe het plangebied erbij ligt op het moment van schrijven van deze voortoets, beschreven. Op basis van die situatie wordt gekeken of de toekomstige/voorgenomen situatie mogelijk effect heeft op de instandhoudingsdoelstellingen van een Natura 2000-gebied binnen de invloedssfeer van het project. In dit specifieke geval is ervoor gekozen om als uitgangssituatie niet de huidige situatie te nemen maar de afgeronde gebiedsontwikkeling zonder vaarweg. De uitgangssituatie voor deze voortoets is dus het conceptontwerp gebiedsontwikkeling Hegewarren weergegeven in Figuur 4-1, maar dan zonder de vaarweg. De reden hiervoor is dat de gebiedsontwikkeling er sowieso gaat komen (met of zonder vaarweg). Op deze manier kan zo zuiver mogelijk naar het effect van alleen het vaarwegtracé op het N2000-gebied gekeken worden. Er is in de voortoets geen rekening gehouden met het feit dat beroepsvaart uit De Alde Feanen verdwijnt, dit wordt in een eventuele Passende Beoordeling wel mee genomen. Daarnaast is de daadwerkelijke uitgangspositie op het moment van schrijven nog niet vastgesteld. Op het moment van schrijven liggen worden twee conceptontwerpen voorbereid ter inzage voor de Gedeputeerde Staten van Friesland.

Dit maakt dat er nog onzekerheden zitten in de beschouwde effecten met betrekking tot bijvoorbeeld waterhuishouding (als gevolg van de hoeveelheid open water in het ontwerp).

4.2

Beschouwde situatie

In het co-creatie proces gebiedsontwikkeling Hegewarren zijn veel verschillende (concept) inrichtingsvarianten doorgenomen (zowel met als zonder vaarweg). In deze voorliggende rapportage wordt één variant getoetst. De getoetste variant betreft de inrichtingsvariant zoals afgebeeld in Figuur 4-1, dit is een van voorkeursvarianten uit het co-creatie proces, en tevens de variant met de meeste mogelijkheden voor natuurontwikkeling. Deze afbeelding laat het vaarwegtracé zien vanaf de Wijde Ee. Bij de insteek van het tracé naar de Hegewarren zijn op de afbeelding met een stippellijn twee opties weergegeven. In de voorliggende rapportage wordt de bovenste stippellijn beschouwd, een gedetailleerde weergave van het tracé is afgebeeld in Figuur 4-2. Waarbij ook gelijk is te zien dat deze optie ruimtebeslag heeft op het Natura 2000-gebied Alde Feanen. Vervolgens loopt het tracé over de Oude Hooidamslot om uit te komen in de noordoosthoek van de Hegewarren. Vanaf hier volgt het tracé de noordelijke grens van de polder de Hegewarren. Het vaarwegtracé is beschouwd tot het punt waar het vaarwegtracé de Hegewarren aan westelijke zijde verlaat.

29

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

6

Projectgerelateerd

Figuur 4-1. Conceptontwerp gebiedsontwikkeling Hegewarren met daarin weergegeven het beschouwde vaarweg tracé. In de tekening staan recht met stippellijn twee tracéopties weergegeven, voor deze voortoets is de optie door N2000-gebied Alde Feanen (de bovenste optie) beschouwd.

Figuur 4-2. Het vaarwegtracé (tussen de grijze onderbroken lijnen), ingezoomd ter hoogte van Ie-Sicht. In het groen is de begrenzing van het Natura 2000-gebied Alde Feanen weergegeven (alles boven de groene lijn maakt onderdeel uit van de Alde Feanen) en in het blauw het habitattype ‘Blauwgraslanden (H6410)’.

30

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

7

Projectgerelateerd

4.3

Relevante Natura 2000-gebieden

Figuur 4-3 laat zien dat “Alde Feanen” het Natura 2000-gebied is dat het dichtst bij de Hegewarren is gelegen; ze grenzen aan elkaar. Dit betekent echter niet direct dat “Alde Feanen” het enige Natura 2000gebied is dat relevant is voor deze rapportage. Immers, zoals in hoofdstuk 2 beschreven kent de Wnb het begrip externe werking, welke op grond van deze wet niet is begrensd. De Wnb schrijft daarmee voor dat alle gebieden die mogelijk beïnvloed worden door een ingreep in de toetsing moeten worden opgenomen. Zo bevindt zich op circa zeven kilometer zuidoostelijk van het plangebied Natura 2000-gebied “Van Oordt’s Mersken”. Afhankelijk van de reikwijdte van de te verwachten effecten kunnen gebieden die niet direct grenzen aan het plangebied toch relevant zijn voor onderhavige toetsing. Met betrekking tot de beschouwde situatie (zoals beschreven in paragraaf 4.2) zijn de enige storingsfactoren uit de effectenindicator die mogelijk effect hebben op Natura 2000-gebieden anders dan “Alde Feanen”: verzuring en vermesting door stikstof uit de lucht. Omdat er anders dan verzuring en vermesting geen mogelijke effecten worden verwacht op Natura 2000-gebieden anders dan “Alde Feanen” wordt in het vervolg van de deze paragraaf alleen de instandhoudingsdoelstellingen van “Alde Feanen” beschreven.

Figuur 4-3. De ligging van het plangebied de Hegewarren (met rood omlijnd) ten opzichte van Natura 2000-gebieden.

4.3.1

Alde Feanen

De Alde Feanen (Oude Venen) bij Earnewâld vormen het meest gevarieerde laagveenmoeras van Fryslân. Net als een aantal andere Nederlandse laagvenen in Nederland zijn ze ontstaan als hoogveen, vervolgens door bodemdaling verdronken, en hebben ze hun huidige gedaante te danken aan vergraving (vervening: turfwinning) en gedeeltelijke ontginning. De biologische kwaliteit van het gebied ligt vooral in het naast elkaar voorkomen van vele verlandingsstadia en natte graslanden. Grote en kleine plassen en watergangen wisselen af met rietlanden, moerasbos, blauwgrasland en boezemgrasland (zie Figuur 4-4 voor de begrenzing van het gebied met de habitattypen).

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

8

Projectgerelateerd

Voor het gebied zijn - op basis van het aanwijzingsbesluit - de volgende kernopgaven en instandhoudingsdoelstellingen geformuleerd (zie Tabel 4-1 en Tabel 4-2 hieronder): Tabel 4-1. Kernopgaven, ‘sense of urgency’ en wateropgave van het Natura 2000-gebied Alde Feanen (Bron: Ministerie van LNV 2006a).

32

18 oktober 2021

VOORTOETS HEGEWARREN

BH5526WMRP2110181432

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11380834/1