Bijlage 2 - DF Akte van oprichting Coöperatie DataFryslân U.A.
Tekst van het document
Blad 1 115252 Tijdhof Daverschot De Jong Posthumus Notarissen
Ontwerp
Noordersingel 45 9401 JW Assen 0592 – 336666
Bij onjuistheden gelieve u vóór het passeren van de akte contact op te nemen.
Stationsstraat 18 7901 AB Hoogeveen 0528 – 264841
Versiedatum: 1 september 2021
AKTE VAN OPRICHTING COÖPERATIE DATAFRYSLÂN U.A.
Heden, (datum), verschenen voor mij, mr. Arie Jacobus van Bekkum, notaris te Assen: 1. Provincie Fryslân, hierna ook te noemen: oprichter 1; 2. Gemeente Leeuwarden, hierna ook te noemen: oprichter 2; 3. Gemeente Súdwest-Fryslân, hierna ook te noemen: oprichter 3; 4. Gemeente Smallingerland, hierna ook te noemen: oprichter 4; 5. Rijksuniversiteit Groningen, hierna ook te noemen: oprichter 5; 6. Stichting NHL Stenden Hogeschool, hierna ook te noemen: oprichter 6; 7. Stichting Fries Sociaal Planbureau, gevestigd te Leeuwarden, hierna ook te noemen: oprichter 7. Oprichter 1, oprichter 2, oprichter 3, oprichter 4, oprichter 5 oprichter 6 en oprichter 7 hierna tezamen ook te noemen: de oprichters. De oprichters verklaarden bij dezen over te gaan tot oprichting van een coöperatie en daarvoor de navolgende statuten vast te stellen: STATUTEN HOOFDSTUK I. BEGRIPSBEPALINGEN, NAAM EN ZETEL. Begripsbepalingen. Artikel 1. 1. In deze statuten wordt verstaan onder: a. "afgevaardigde": een natuurlijke persoon die door de algemene ledenvergadering als afgevaardigde is verkozen tot lid van de Programma Advies Commissie; b. de “algemene ledenvergadering” de vergadering van alle leden van de coöperatie; c. het "bestuur": het wettelijke bestuur van de coöperatie; d. "bestuurder": een lid van het bestuur, tenzij het tegendeel blijkt; e.
de "coöperatie": Coöperatie Data Fryslân U.A., gevestigd te Leeuwarden; f. de "ledenovereenkomst":
Blad 2 115252 de overeenkomst tussen onder meer de coöperatie en de leden, waarin de onderlinge verhouding tussen de coöperatie en haar onderscheidenlijke leden nader wordt vastgelegd; g. een “lid”: een lid van de coöperatie; tenzij het tegendeel blijkt, is daaronder zowel begrepen elk PODIUM-lid als elk LAB-lid als elk HUB-lid; h. de "Programma Advies Commissie”: het orgaan van de coöperatie dat bestaat uit afgevaardigden van de leden die als zodanig door de leden zijn verkozen en die als adviescommissie namens de leden het bestuur bijstaat, onder meer met betrekking tot het formuleren van beleid en de opstelling en de realisatie van een uitvoeringsprogramma; i. "schriftelijk": bij brief, e-mail, of door een op andere wijze langs elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht, mits de identiteit van de verzender met afdoende zekerheid kan worden vastgesteld; 2. Indien aan woorden in de meervoudsvorm een gedefinieerde betekenis wordt toegekend, wordt daaronder mede de enkelvoudvorm begrepen en vice versa. 3. Verwijzingen naar artikelen verwijzen naar artikelen van deze statuten, tenzij het tegendeel blijkt. Naam en zetel. Artikel 2. 1. De coöperatie draagt de naam: Coöperatie DataFryslân U.A. 2. De coöperatie heeft haar zetel in de gemeente Leeuwarden. HOOFDSTUK II. DOEL EN MIDDELEN. Doel. Artikel 3. De coöperatie heeft ten doel: a.
het bevorderen van een hoge kwaliteit van leven, goed bestuur en de economische ontwikkeling van Fryslân, met behulp van het veilig delen van data en microdata, alsmede het datagedreven maken van de organisaties van de leden, de provinciebrede coördinatie van datavraagstukken, één en ander in de ruimste zin van het woord; b. het bevorderen van samenwerking tussen de verschillende leden, alsmede de bevordering van de multidisciplinaire samenwerking tussen overheden, kennisen onderwijsinstellingen, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven, waarbij gestreefd wordt naar het bevorderen van maatschappelijke innovatie, alsmede het stimuleren van de kennisontwikkeling en innovatie, zodanig dat daarmee (economische) meerwaarde wordt gecreëerd, waarvan het startpunt en de oorsprong zich bevindt in Fryslân; c. al datgene wat met het vorenstaande in direct of indirect verband staat, zonder winstoogmerk, alles in de meest ruime zin van het woord. Middelen. Artikel 4. De coöperatie tracht haar doelstellingen als bedoeld in artikel 3 te bereiken door: a. het verzamelen en beschikbaar maken van gevalideerde Friese data en het begeleiden van organisaties bij de inzet van data in hun organisatieprocessen; b. het functioneren als vertrouwde adviseur en onafhankelijke autoriteit op het gebied van data en datagedreven werken ten behoeve van de Friese publieke zaak;
Blad 3 115252 c. het ondersteunen van leden bij hun streven om te komen tot een groei en ontwikkeling door het verlenen van advies en bemiddeling in de breedste zin van het woord, alsmede door het sluiten van contracten met de leden en het in staat stellen van de leden tot het mogelijk maken van diverse projecten; d. onderzoek naar de mogelijkheden tot en het tot stand brengen van samenwerking van de leden met externe partijen, waar dit tot voordeel of ondersteuning van de betrokken leden kan leiden; e. het aangaan van overeenkomsten met andere organisaties, inzake (onder meer) het verlenen van diensten van uiteenlopende aard ten behoeve van de leden; f. het deelnemen in of samenwerken met andere organisaties of samenwerkingsverbanden met eenzelfde of soortgelijk doel; g. het uitvoeren van projecten of deze laten uitvoeren door derden of in samenwerking met leden of derden; h. het verrichten van alle handelingen die met het vorenstaande in direct of indirect verband staan alles in de meest ruime zin van het woord. HOOFDSTUK III. ORGANEN. Organen. Artikel 5. De coöperatie kent de volgende organen: a. de algemene ledenvergadering; b. de Programma Advies Commissie; c. het bestuur;. HOOFDSTUK IV. LIDMAATSCHAP. Leden. Artikel 6. 1. De coöperatie kent PODIUM-leden, LAB-leden en HUB-leden. 2.
PODIUM-leden zijn die leden die zich krachtens een met de coöperatie gesloten overeenkomst hebben verbonden tot die rechten en plichten die behoren bij het PODIUM-lidmaatschap. 3. LAB-leden zijn die leden die zich krachtens een met de coöperatie gesloten overeenkomst hebben verbonden tot die rechten en plichten die behoren bij het LAB-lidmaatschap. 4. HUB-leden zijn die leden die zich krachtens een met de coöperatie gesloten overeenkomst hebben verbonden tot die rechten en plichten die behoren bij het HUB-lidmaatschap. 5. De voorwaarden voor het betreffende lidmaatschap (PODIUM, LAB en HUB) worden door de algemene ledenvergadering vastgesteld en vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement. 6. Het lidmaatschap van de coöperatie is persoonlijk en derhalve niet voor overdracht vatbaar. 7. Het lidmaatschap van een rechtspersoon die door fusie of splitsing ophoudt te bestaan, gaat, mits het bestuur hieraan haar goedkeuring verleent, over op de verkrijgende rechtspersoon onderscheidenlijk overeenkomstig de aan de akte van splitsing gehechte beschrijving over op één van de verkrijgende rechtspersonen. Lidmaatschap. Aanvraag, toelating en aanvang. Artikel 7. 1. Rechtspersonen die voldoen aan de in deze statuten opgenomen eisen, als hierna vermeld, kunnen zich als aspirantlid bij het bestuur aanmelden.
Blad 4 115252 Als aspirantleden kunnen zich slechts aanmelden: a. overheden en regionale ontwikkelmaatschappijen die hun werkgebied mede in Fryslân hebben; b. zorginstellingen, zijnde organisaties die zorg aanbieden bestaande uit de nulde- tot en met de derdelijnszorg dis hun werkgebied mede in Fryslân hebben; c. woningbouwcorporaties en welzijnorganisaties die hun werkgebied mede in Fryslân hebben; d. kennis- en onderwijsinstellingen die hun werkgebied mede in Fryslân hebben; e. bedrijven, ondernemingen en andere rechtspersonen die een bijdrage kunnen leveren aan de realisatie van het doel van de coöperatie en hun werkgebied mede in Fryslân hebben. 2. Omtrent de toelating van de aangemelde aspirantleden als leden wordt beslist door een besluit van het bestuur van de coöperatie, genomen met volstrekte meerderheid in een (bestuurs)vergadering waarin ten minste de helft van het aantal bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. Tegen het besluit van het bestuur van de coöperatie om het desbetreffende aspirantlid als lid toe te laten respectievelijk af te wijzen staat beroep open bij de algemene ledenvergadering. 3. Het bestuur deelt ieder aspirantlid schriftelijk mede of hij als lid is toegelaten of geweigerd.
In geval van toelating wordt hem tevens medegedeeld wanneer het lidmaatschap een aanvang neemt en onder welk nummer hij of zij als lid in de boeken van de coöperatie is ingeschreven. 4. Indien een lid ophoudt te voldoen aan de vereisten van dit artikel is het lid verplicht hiervan onverwijld kennis te geven aan het bestuur. 5. Ingeval van aanmelding als aspirantlid zal het desbetreffende aspirantlid, voor zover het betreft een rechtspersoon, aan het bestuur van de coöperatie kenbaar maken welke vertegenwoordigingsbevoegde persoon het lid zal vertegenwoordigen gedurende het lidmaatschap van de coöperatie, indien en zodra het aspirantlid als lid van de coöperatie zal worden toegelaten. Einde lidmaatschap. Artikel 8. Het lidmaatschap van de coöperatie eindigt: a. door opzegging door het lid, overeenkomstig het bepaalde in artikel 9; b. door opzegging door het bestuur, overeenkomstig het bepaalde in artikel 10 lid 1; c. door ontzetting, overeenkomstig het bepaalde in artikel 10 lid 5 en 6; d. door ontbinding van het desbetreffende lid. Opzegging door het lid. Artikel 9. 1. Opzegging van het lidmaatschap door het lid moet schriftelijk uiterlijk zes maanden vóór het einde van het boekjaar geschieden, waarbij het lidmaatschap eindigt aan het einde van het boekjaar. 2.
Opzegging vindt plaats door, hetzij een per aangetekende post verstuurde afzonderlijk opzeggingsbrief gericht aan het bestuur, hetzij een daartoe strekkende, gedagtekende en door het uittredende lid ondertekende verklaring bij diens naam in het ledenregister. 3. Het lid dat de opzegging doet ontvangt binnen veertien dagen een schriftelijke bevestiging van het bestuur van de gedane opzegging.
Blad 5 115252 4. Door opzegging van het lidmaatschap wordt de toepasselijkheid van besluiten waarbij de verplichtingen van de leden van geldelijke aard of tot levering van diensten of producten worden gewijzigd, ten opzichte van dat lid niet uitgesloten. Opzegging door het bestuur. Ontzetting. Artikel 10. 1. Opzegging van het lidmaatschap door het bestuur van de coöperatie kan geschieden indien: a. een lid heeft opgehouden aan de vereisten van de statuten en/of het huishoudelijke reglement en voor het lidmaatschap gesteld, te voldoen; b. een lid zijn verplichtingen tegenover de coöperatie niet nakomt; c. een lid de belangen van de coöperatie schaadt; d. redelijkerwijs van de coöperatie niet verlangd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren; e. een lid surséance van betaling is verleend of indien het faillissement van een lid is aangevraagd. 2. In alle gevallen als bedoeld in lid 1 kan de opzegging met onmiddellijke ingang geschieden. 3. De opzegging geschiedt door het bestuur en wel per aangetekende brief met vermelding van redenen. Tegen het besluit tot opzegging staat beroep open op de algemene ledenvergadering binnen een maand na mededeling van het besluit. 4. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
De schorsing ontslaat het betreffende lid niet uit zijn verplichtingen jegens de coöperatie, noch jegens de namens hem door de coöperatie met derden gesloten overeenkomsten. Het geschorste lid heeft enkel toegang tot de vergadering waarin de schorsing wordt behandeld en is bevoegd daarover het woord te voeren, doch is niet bevoegd een stem uit te brengen. 5. Ontzetting kan slechts worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de coöperatie handelt, of de coöperatie op onredelijke wijze benadeelt. 6. Ontzetting kan slechts door het bestuur worden uitgesproken. Nadat het bestuur, na het desbetreffende lid in de bestuursvergadering in de gelegenheid te hebben gesteld zich te verdedigen, tot ontzetting heeft besloten, wordt het desbetreffende lid onverwijld door middel van een aangetekend schrijven van het besluit, met opgave van redenen, in kennis gesteld. Het desbetreffende lid is bevoegd binnen een (1) maand na ontvangst van deze kennisgeving schriftelijk in beroep te gaan bij de algemene ledenvergadering, die in haar eerstvolgende vergadering met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen beslist.
Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande dat het desbetreffende lid voor het voeren van verweer toegang heeft tot de algemene ledenvergadering en bevoegd is aldaar het woord te voeren. Het desbetreffende lid is bevoegd om zich in bedoelde vergadering door een raadsman te laten bijstaan. Rechten van de leden. Artikel 11. De leden hebben het recht: a. om gebruik te maken van de faciliteiten van de coöperatie, onder gehoudenheid om de daaraan gekoppelde verplichtingen voor hun rekening te nemen en contributie te voldoen;
Blad 6 115252 b. deel te nemen aan projecten van de coöperatie, zulks op basis van daaraan ten grondslag liggende overeenkomsten en daaraan gekoppelde verplichtingen tussen de coöperatie en de leden die deel wensen te nemen aan een of meer van deze projecten; c. om mee te werken en deel te nemen aan het delen van kennis en ervaring binnen de door de coöperatie geïnitieerde projecten; d. om gebruik te maken van alle (mantel)overeenkomsten, welke de coöperatie namens en ten behoeve van haar leden met derden heeft afgesloten onder de verplichting de hieraan verbonden verplichtingen na te komen; e. om voorstellen in te dienen ter behandeling in de algemene ledenvergadering en aan de aldaar plaatshebbende besprekingen, stemmingen en verkiezingen deel te nemen; f. inzage te nemen in het ledenregister, in de notulen van de algemene ledenvergaderingen en van de Programma Advies Commissie, in de rekening en verantwoording van het bestuur en in de daarbij behorende bescheiden en daarvan desgewenst en op hun kosten een afschrift of uittreksel te krijgen. Verplichtingen van de leden. Artikel 12. De leden hebben de plicht: a. de statuten, het (eventueel vast te stellen) huishoudelijke reglement, de (eventueel vast te stellen) lidmaatschapsovereenkomst en besluiten van de coöperatie na te komen en haar belangen naar vermogen in acht te nemen; b.
om mee te werken aan het delen van kennis en ervaring binnen de door de coöperatie geïnitieerde projecten; c. de verplichtingen voortvloeiend uit de (mantel)overeenkomsten, welke de coöperatie ten behoeve van haar leden met derden heeft afgesloten na te komen, doch slechts voor zover het individuele lid daarmee heeft ingestemd; d. het eenmalige entreegeld als bedoeld in artikel 13 en de jaarlijkse contributie als bedoeld in artikel 14 te voldoen. Entreegeld. Artikel 13. 1. Rechtspersonen die na de onderhavige oprichting lid worden van de coöperatie, kunnen door de coöperatie, krachtens een daartoe door de algemene vergadering op voorstel van het bestuur genomen besluit, worden verplicht om bij toetreding als lid een eenmalig bedrag aan entreegeld te voldoen. De hoogte van het entreegeld, alsmede de aanwending daarvan wordt jaarlijks voor het eerstkomende boekjaar vastgesteld door de algemene ledenvergadering, zulks op voorstel van het bestuur van de coöperatie. 2. Het lidmaatschap, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, kan niet aanvangen voordat het entreegeld op een door de coöperatie aangegeven wijze integraal is voldaan. 3. Het entreegeld zal onder andere worden aangewend ter dekking van de entreekosten en komt niet voor restitutie in aanmerking. Contributie. Artikel 14. 1.
De leden zijn verplicht een jaarlijkse contributie te voldoen, welke contributie wordt vastgesteld door de algemene vergadering en afhankelijk is van het soort lidmaatschap van het betreffende lid. De algemene vergadering kan besluiten dat de verplichting tot het betalen van contributie in natura (‘in kind’) kan worden voldaan aan de hand van vooraf opgestelde objectieve criteria.
Blad 7 115252 2. De contributie dient – voor zover deze in geld dient te worden voldaan jaarlijks bij vooruitbetaling vóór één januari van enig kalenderjaar ineens te worden voldaan. 3. Het lidmaatschap kan niet aanvangen voordat de contributie op een door de coöperatie aangegeven wijze integraal is voldaan. 4. De hoogte van de contributie is gebaseerd op de begrote kosten van de exploitatie van de coöperatie en wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering. 5. Het staat het bestuur van de coöperatie vrij om, eenmalig dan wel periodiek, een desbetreffend lid, geheel of gedeeltelijk, te ontslaan van diens verplichting tot betaling van de contributie en/of het in artikel 13 bedoelde entreegeld. Het bestuur zal van deze dispensatiemogelijkheid alleen in voorkomende gevallen gebruik maken. Zodra het bestuur van de coöperatie hiervan gebruik heeft gemaakt, zal zij in de eerstvolgende algemene ledenvergadering de leden hierover informeren. 6. De contributie zal worden verhoogd met eventueel van toepassing zijnde omzetbelasting. 7. Bij toetreding gedurende het kalenderjaar is over het jaar van toetreden een contributie verschuldigd naar rato van de resterende periode(s) van zes maanden van dat kalenderjaar, waarbij een deel van de periode van zes maanden als een gehele periode van zes maanden wordt beschouwd. Aansprakelijkheid leden. Artikel 15.
ledere verplichting van de leden of oud-leden van de coöperatie om in een bij de ontbinding van de coöperatie blijkend tekort bij te dragen, is uitgesloten. HOOFDSTUK V. PROGRAMMA ADVIES COMMISSIE. Programma Advies Commissie. Artikel 16. 1. De Programma Advies Commissie bestaat uit een aantal van ten minste acht (8) personen die worden benoemd door de algemene ledenvergadering. 2. De leden van de Programma Advies Commissie vertegenwoordigen de leden en de samenstelling van de Programma Advies Commissie vormt voor zover mogelijk een afspiegeling van de leden. In ieder geval worden de in deze akte vermelde soorten lidmaatschap vertegenwoordigd. 3. Elk lid van de Programma Advies Commissie wordt benoemd voor de periode van twee jaar en is na afloop van deze termijn herbenoembaar. 4. Een lid van de Programma Advies Commissie kan te allen tijde worden geschorst en ontslagen door de algemene ledenvergadering, al dan niet op voorstel van het bestuur. 5. De Programma Advies Commissie wijst uit zijn midden een voorzitter en een secretaris aan. 6. De Programma Advies Commissie komt ten minste tweemaal per jaar bijeen. 7. De Programma Advies Commissie kan slechts besluiten tot het geven van een advies, indien ter vergadering ten minste de helft van het zittend aantal leden aanwezig is. 8.
De taak van de Programma Advies Commissie is het geven van advies met betrekking tot de onderwerpen waar de coöperatie zich mee bezig houdt, waarbij nadrukkelijk gestreefd wordt naar een programma waarbij partijen optimaal samenwerken op het gebied van datagedreven werken.
Blad 8 115252 9. de adviezen van de Programma Advies Commissie worden schriftelijk vastgelegd. HOOFDSTUK VI. BESTUUR. Bestuur. Artikel 17. 1. Het bestuur bestaat uit een oneven aantal van ten minste vijf (5) en ten hoogste negen (9) bestuursleden. Slechts natuurlijke personen kunnen tot bestuurslid worden benoemd. Ingeval van vacatures stelt het bestuur een profielschets op voor de samenstelling van het bestuur, daarbij uitdrukkelijk rekening houdend met: i. het uitgangspunt dat de samenstelling in het bestuur zodanig is dat het bestuur een afspiegeling is van de leden; ii. de aard van de coöperatie; iii. de activiteiten van de coöperatie en iv. de gewenste deskundigheid van de bestuursleden. 2. Bestuursleden worden, met inachtneming van de in lid 1 genoemde profielschets, benoemd, geschorst en ontslagen door de algemene ledenvergadering. Een besluit tot schorsing respectievelijk ontslag behoeft een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Elke schorsing kan één of meer malen worden verlengd, maar in totaal niet langer duren dan zes maanden. Is na verloop van die termijn geen beslissing genomen tot opheffing van de schorsing of tot ontslag, dan eindigt de schorsing. Een geschorste bestuurder wordt in de gelegenheid gesteld zich in de algemene ledenvergadering te verantwoorden en zich door een raadsman te laten bijstaan. 3.
De algemene ledenvergadering is bevoegd iedere bestuurder te allen tijde te schorsen. Deze schorsing kan te allen tijde door de algemene vergadering worden opgeheven. 4. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere voorwaarden worden gesteld aan bestuursleden, waaronder begrepen het neerleggen van de verplichting tot het opgeven door de bestuursleden van hun nevenfuncties, commissariaten en adviseurschappen. 5. De algemene ledenvergadering stelt vast of en welke bezoldiging de leden van het bestuur ontvangen voor de werkzaamheden die zij verrichten ten behoeve van de coöperatie, daarbij rekening houdende met hetgeen daaromtrent in een (eventueel) vastgesteld huishoudelijk reglement is bepaald. 6. De leden van het bestuur worden benoemd voor de duur van vier (4) jaren en treden af volgens een rooster van aftreden. In tussentijdse vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Hij of zij, die tussentijds ter vervulling van een vacature wordt benoemd, treedt af op het tijdstip waarop ook degene wiens functie hij vervult, afgetreden zou zijn. Indien het aantal bestuursleden beneden drie (3) is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een algemene ledenvergadering te beleggen, waarin de voorziening in de open plaats of de open plaatsen aan de orde komt. 7.
De functies van voorzitter, penningmeester en secretaris worden door de bestuursleden in onderling overleg verdeeld. Een bestuurslid kan meer dan één functie bekleden. 8. Een niet voltallig bestuur blijft, zolang niet in de vacature(s) is voorzien, bevoegd. Het bestuur is alsdan gehouden zo spoedig mogelijk maatregelen te treffen waardoor in de vacature(s) kan worden voorzien.
Blad 9 115252 9. Bij ontstentenis of belet van één of meer leden van het bestuur nemen de overblijvende leden van het bestuur de volledige taken van het bestuur voor hun rekening. In geval van belet of ontstentenis van het gehele bestuur wordt het bestuur waargenomen door een door de algemene ledenvergadering aangewezen persoon. Degene die wordt aangewezen tot het verrichten van bestuursdaden, wordt voor wat betreft deze bestuursdaden gelijkgesteld met een bestuurder. 10. Het bestuur kan ten behoeve van haar taakuitoefening een of meer directeuren benoemen. 11. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door de hiervoor in lid 10 bedoelde directeur(en), alsmede door commissies, die door het bestuur worden benoemd en ontbonden. 12. Het bestuur behoeft toestemming van de algemene ledenvergadering voor besluiten tot: I. het vaststellen van een beleidsplan, begroting en strategische agenda van de coöperatie respectievelijk het substantieel afwijken van de door de algemene ledenvergadering vastgestelde beleidsplan, begroting en/of strategische agenda; II. a. het aangaan van nieuwe projecten, al dan niet met de coöperatie als penvoerder en ongeacht of deze projecten zullen plaatsvinden in een separate (aan de coöperatie gelieerde) entiteit als uitvoeringsorganisatie; b.
het sluiten van duurovereenkomsten met een looptijd van meer dan een (1) jaar, doch slechts indien en zolang nog niet is overgegaan tot benoeming van een of meerdere directeuren van de coöperatie. III. a. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de coöperatie een bankkrediet wordt verleend, zulks tenzij sprake is van een rekeningcourantkrediet, mits zulks is opgenomen in een door de algemene ledenvergadering goedgekeurd beleidsplan; b. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, anders dan het gebruikmaken van een aan de coöperatie verleend bankkrediet, als hiervoor onder a. genoemd; c. het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten; doch slechts indien en zolang nog niet is overgegaan tot benoeming van een of meerdere directeuren van de coöperatie. Op het ontbreken van deze toestemming kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan. 13. Indien en zodra is overgegaan tot benoeming van een of meer directeuren van de coöperatie en het bestuur de uitvoering van de hiervoor onder II en III genoemde (rechts-)handelingen heeft toegekend aan de directie, dan is de directie, in aanvulling op respectievelijk in afwijking van het bepaalde in lid 12 van dit artikel, slechts bevoegd hiertoe na voorafgaande verkregen toestemming van de zijde van het bestuur. 14.
De algemene ledenvergadering is bevoegd te bepalen dat nader vast te stellen bestuursbesluiten eveneens onderworpen zijn aan haar goedkeuring, die schriftelijk aan het bestuur zullen worden medegedeeld. Voorts is algemene ledenvergadering bevoegd te bepalen dat, indien en zodra sprake is van in functie zijnde directeuren, nader vast te stellen directiebesluiten onderworpen zijn aan de goedkeuring van het bestuur. Einde bestuurslidmaatschap. Periodiek aftreden.
Blad 10 115252 Artikel 18. Het bestuurslidmaatschap van een bestuurder eindigt: 1 door zijn overlijden; 2. door zijn vrijwillig aftreden; 3. doordat hij failliet wordt verklaard, surséance van betaling aanvraagt of verzoekt om toepassing van de schuldsaneringsregeling als bedoeld in de Faillissementswet; 4. door zijn ondercuratelestelling, alsmede door een rechterlijke beslissing waarbij een bewind over één of meer van zijn goederen wordt ingesteld. Bestuurstaak. Besluitvorming. Taakverdeling. Artikel 19. 1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de coöperatie. Bij de vervulling van zijn taak richt het bestuur zich naar het belang van de coöperatie en de met haar verbonden onderneming. 2. Het bestuur kan nadere regels vaststellen omtrent de besluitvorming en werkwijze van het bestuur. In dat kader kan het bestuur onder meer bepalen met welke taak iedere bestuurder in het bijzonder zal zijn belast. De algemene ledenvergadering kan bepalen dat deze regels en taakverdeling schriftelijk moet worden vastgelegd en deze regels en taakverdeling aan zijn goedkeuring zijn onderworpen. 3. Binnen het bestuur heeft iedere bestuurder één stem. 4.
Voor zover de wet of deze statuten geen strengere eisen stellen, worden alle besluiten van het bestuur genomen met meerderheid van stemmen, uitgebracht in een vergadering waar ten minste de helft van de in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. 5. Besluiten van het bestuur kunnen ook buiten vergadering worden genomen, schriftelijk of op andere wijze, mits het desbetreffende voorstel aan alle in functie zijnde bestuurders is voorgelegd en geen van hen zich tegen de desbetreffende wijze van besluitvorming verzet. Van een besluit buiten vergadering dat niet schriftelijk is genomen wordt door de voorzitter van het bestuur of een door hem aangewezen bestuurder een verslag opgemaakt dat door de voorzitter, alsmede één van de overige bestuursleden wordt ondertekend. Schriftelijke besluitvorming geschiedt door middel van schriftelijke verklaringen van alle in functie zijnde bestuursleden. 6. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming, indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de coöperatie en de met haar verbonden onderneming. Wanneer ten aanzien van alle bestuurders sprake is van een dergelijk persoonlijk belang, wordt het besluit genomen door de algemene ledenvergadering. Vertegenwoordigingsbevoegdheid bestuur. Artikel 20. 1.
Het bestuur is bevoegd tot vertegenwoordiging van de coöperatie in en buiten rechte. In aanvulling hierop kan de coöperatie tevens worden vertegenwoordigd door: a. de voorzitter respectievelijk secretaris enerzijds en de secretaris respectievelijk penningmeester anderzijds, gezamenlijk handelend; b. de voorzitter, secretaris respectievelijk penningmeester enerzijds en een (ander) bestuurslid anderzijds, gezamenlijk handelend.
Blad 11 115252 2. Het bestuur kan functionarissen met algemene of beperkte vertegenwoordigingsbevoegdheid aanstellen. leder van hen vertegenwoordigt de coöperatie met inachtneming van de begrenzing aan zijn bevoegdheid gesteld. Hun titulatuur wordt door het bestuur bepaald. 3. Het bestuur is bevoegd na verkregen toestemming van de algemene ledenvergadering tot het namens de coöperatie sluiten van overeenkomsten tot het verkrijgen, vervreemden of bezwaren van registergoederen en tot het aangaan van geldleningen. 4. Het bestuur is bevoegd, in door haar te bepalen aangelegenheden, een individueel bestuurslid of een door het bestuur van de coöperatie benoemd directeur schriftelijk te machtigen handelingen alsook rechtshandelingen voor of namens de coöperatie te verrichten. Het bestuur is te allen tijde bevoegd een verleende machtiging schriftelijk te beperken of in te trekken. Belet. Ontstentenis. Artikel 21. 1. In geval van ontstentenis of belet van een bestuurder zijn de overblijvende bestuurders of is de overblijvende bestuurder tijdelijk met het besturen van de coöperatie belast. In geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders is een door de algemene ledenvergadering te benoemen persoon of personen tijdelijk belast met het besturen van de coöperatie. 2.
Het bestuur dient in het reglement als bedoeld in artikel 19 lid 2 vast te leggen wanneer sprake is van ontstentenis respectievelijk belet. Algemene vergadering. Artikel 22. 1. Aan de algemene vergadering komen alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen. 2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar wordt een algemene vergadering, de jaarvergadering gehouden. Tevens wordt maximaal zes (6) maanden voorafgaand aan een boekjaar een vergadering gehouden waarin de begroting voor het komende boekjaar door het bestuur wordt voorgesteld en besproken. 3. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde: a. het bestuursverslag en de jaarrekening alsmede de begroting als hiervoor bedoeld; b. bestemming van de winst volgens de jaarrekening; c. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping tot de vergadering; d. décharge van het bestuur voor het gevoerde beleid over het betreffende boekjaar, voor zover dit uit de jaarrekening blijkt of anderszins aan de algemene vergadering kenbaar is gemaakt; 4. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur zulks wenselijk oordeelt. 5.
Voorts is het bestuur verplicht op schriftelijk verzoek van een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van één/tiende van het aantal stemmen dat in een voltallige algemene vergadering kan worden uitgebracht, tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek. Indien aan het verzoek niet binnen veertien dagen gehoor wordt gegeven kunnen de verzoekers zelf tot de bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig het hierna in artikel 26
Blad 12 115252 bepaalde. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen. Toegang tot en stemrecht in de algemene vergadering. Artikel 23. 1. Ieder lid is verplicht één natuurlijke persoon aan te wijzen die volledig bevoegd is het lid te vertegenwoordigen en alle handelingen als lid te verrichten, voor belet of ontstentenis kan één van haar andere bestuurders als plaatsvervanger worden aangewezen. Deze persoon dan wel plaatsvervanger is bevoegd de algemene vergadering bij te wonen. 2. Geen toegang tot de vergadering hebben bestuursleden en leden die zijn geschorst, met dien verstande dat een geschorst lid toegang heeft tot de vergadering waarin het besluit tot schorsing en/of opzegging of ontzetting wordt behandeld. Hij heeft tevens het recht in die vergadering het woord te voeren. 3. De bestuurders hebben als zodanig een raadgevende stem in de algemene vergadering. 4. Over toelating van andere personen dan vertegenwoordigers van de leden beslist de voorzitter van de vergadering. Bij niet-toelating kan de vergadering alsnog tot toelating besluiten. 5. Ieder lid dat kwalificeert als PODIUM lid en dat niet is geschorst, heeft het recht op het uitbrengen van een (1) stem. Ieder lid dat kwalificeert als LAB lid en niet is geschorst, heeft het recht op het uitbrengen van twee (2) stemmen.
Ieder lid dat kwalificeert als HUB lid en niet is geschorst, heeft het recht op het uitbrengen van drie (3) stemmen. Leden kunnen zich ter vergadering doen vertegenwoordigen door een ander persoon die de algemene leden vergadering kan bijwonen middels schriftelijke volmacht ten genoegen van de voorzitter van de vergadering. 6. Eén persoon kan ter vergadering ten hoogste twee leden bij volmacht vertegenwoordigen. Voorzitterschap, notulen. Artikel 24. 1. De algemene vergadering wordt geleid door de voorzitter van het bestuur en bij zijn afwezigheid door een door het bestuur in onderling overleg aangewezen bestuurslid. Zijn geen bestuursleden aanwezig dan voorziet de vergadering zelf in haar leiding. 2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gehouden. De notulen worden in dezelfde of in de eerstvolgende vergadering vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de secretaris van die vergadering ondertekend. Besluitvorming van de algemene vergadering. Artikel 25. 1. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen. 2. Ongeldige en blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. 3.
Indien bij een verkiezing van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming plaats. Heeft alsdan weder niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen
Blad 13 115252 (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen. 4. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen. 5. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks vóór de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt. 6. Een éénstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering. 7.
Zolang in een algemene vergadering alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen - dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding - ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen. Bijeenroepen algemene vergadering. Artikel 26. 1. De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur, onverminderd het bepaalde bij artikel 22 lid 5. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden volgens het ledenregister. De termijn voor de oproeping bedraagt ten minste twee weken, de dag van oproeping en die van de vergadering niet meegerekend. 2. Bij de oproeping worden plaats en tijdstip van de vergadering alsmede de op voorstel van het bestuur of haar leden te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het hierna omtrent statutenwijziging bepaalde HOOFDSTUK VII. JAARREKENING. CONTROLE. BATIG SALDO. GARANTIE VERMOGEN. LEDENREKENINGEN. Boekjaar. Jaarrekening. Artikel 27. 1. Het boekjaar van de coöperatie valt samen met het kalenderjaar. 2.
Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de coöperatie en van alles betreffende de werkzaamheden van de coöperatie naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de coöperatie kunnen worden gekend. 3. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn met ten hoogste vier maanden door de algemene vergadering op grond van bijzondere omstandigheden, maakt het bestuur een jaarrekening op
Blad 14 115252 en legt het deze voor de leden ter inzage ten kantore van de coöperatie. Binnen deze termijn legt het bestuur ook het bestuursverslag ter inzage voor de leden, tenzij de artikelen 2:396 lid 7, eerste volzin, of 2:403 van het Burgerlijk Wetboek voor de coöperatie gelden. De jaarrekening bestaat uit een balans en een winst- en verliesrekening met toelichting. 4. De opgemaakte jaarrekening wordt ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van één of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgave van reden melding gemaakt. 5. De coöperatie zorgt dat de opgemaakte jaarrekening, het bestuursverslag en de krachtens artikel 2:392 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek toe te voegen gegevens vanaf de oproep voor de algemene ledenvergadering bestemd tot behandeling van de jaarrekening, op haar kantoor aanwezig zijn en dat afschriften daarvan gelijktijdig met de oproeping aan de algemene vergadering ter beschikking worden gesteld. De leden kunnen de stukken aldaar inzien en er kosteloos een afschrift van verkrijgen. 6. De jaarrekening wordt vastgesteld door de algemene ledenvergadering in een vergadering die het bestuur uiterlijk een maand na afloop van de in artikel 22 lid 2 hiervoor genoemde termijn doet houden. Een besluit tot vaststelling van de jaarrekening behoeft een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen 7.
De algemene ledenvergadering kan volledige of beperkte decharge verlenen aan de bestuurders voor het gevoerde bestuur. 8. Het bestuur is verplicht de in artikel 22 lid 2 en 3 hiervoor bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren, onverminderd het hierna in lid 9 van dit artikel bepaalde. 9. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en winst- en verliesrekening, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgedragen en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave van de gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt. Controle jaarrekening. Artikel 28. 1. De coöperatie kan en, indien daartoe wettelijk verplicht, zal aan een accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek de opdracht verlenen tot onderzoek van de jaarrekening. 2. Tot het verlenen van de opdracht is de algemene ledenvergadering bevoegd. Gaat deze daartoe niet over, dan is het bestuur bevoegd. De aanwijzing van een accountant wordt door generlei voordracht beperkt. De opdracht kan worden ingetrokken door de algemene ledenvergadering en door degene die haar heeft verleend; de door het bestuur verleende opdracht kan bovendien door de algemene vergadering worden ingetrokken.
De opdracht kan enkel worden ingetrokken om gegronde redenen; daartoe behoort niet een meningsverschil over methoden van verslaggeving of controlewerkzaamheden. De algemene ledenvergadering hoort de accountant op diens verlangen omtrent de intrekking van een hem verleende opdracht of omtrent het hem kenbaar gemaakte voornemen daartoe. 3. De accountant brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur.
Blad 15 115252 4. De accountant geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring omtrent de getrouwheid van de jaarrekening. De accountantsverklaring wordt overeenkomstig artikel 27 lid 5 van deze statuten beschikbaar gesteld aan de leden. Bestemming batig saldo. Artikel 29. 1. De algemene ledenvergadering beslist, op voorstel van het bestuur, welke bestemming aan het batig saldo, blijkende uit de vastgestelde jaarrekening, wordt gegeven. Indien de algemene ledenvergadering niet voorafgaand aan of uiterlijk direct na het besluit tot vaststelling van de jaarrekening een besluit neemt tot bestemming van de winst, zal de winst worden gereserveerd. 2. Ten laste van de door de wet en statuten voorgeschreven reserves mag een tekort slechts worden gedelgd voor zover de wet of de statuten dat toestaan. Ledenrekeningen. Artikel 30. 1. De coöperatie kan in haar boeken voor ieder lid en/of voor categorieën leden gezamenlijk een ledenrekening aanhouden. Op deze ledenrekening worden bijrespectievelijk afgeboekt: a. de eventueel door de coöperatie gedane uitkeringen van de winst; b.
een jaarlijkse rente over het tegoed van een percentage van ten minste het op één januari van het desbetreffende boekjaar geldende twaalf maands euribor rente tarief (of een vergelijkbare rentemaatstaf) plus een door het bestuur vast te stellen opslag, welke zal worden bepaald aan de hand van onder meer de mate van achtergesteldheid van de ledenrekeningen en de daarmee verband houdende risico's; c. andere uitkeringen en boekingen krachtens besluit van de coöperatie; d. de boekingen gedaan door het betreffende lid danwel de betreffende leden zelf. 2. In geval van vereffening na ontbinding van de coöperatie worden tegoeden op de ledenrekeningen niet eerder aan de betreffende leden uitgekeerd dan nadat de vorderingen van alle overige schuldeisers van de coöperatie zullen blijken te zijn voldaan. HOOFDSTUK VIII. STATUTENWIJZIGING. ONTBINDING. Artikel 31. Statutenwijziging. 1. In de statuten van de coöperatie kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van de algemene ledenvergadering, op voorstel van het bestuur. Bij de oproeping voor de algemene ledenvergadering dient te worden medegedeeld dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld. De algemene ledenvergadering kan, krachtens besluit genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen, het bestuur verzoeken een voorstel tot wijziging van de statuten te doen. 2.
Zij die de oproeping tot de vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen vóór de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. 3. Een besluit tot statutenwijziging, fusie of (af)splitsing behoeft ten minste twee/derde van de stemmen, uitgebracht in een vergadering waarin ten minste twee/derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Is niet twee/derde
Blad 16 115252 van de leden aanwezig of vertegenwoordigd, dan wordt na die vergadering een tweede vergadering bijeengeroepen te houden binnen vier weken na de eerste vergadering, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, kan worden besloten, mits met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen. 4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van die akte is iedere bestuurder bevoegd. Ontbinding. Artikel 32. 1. De coöperatie kan worden ontbonden door een besluit van de algemene ledenvergadering. Het bepaalde in artikel 31 de leden 1, 2 en 3 van deze statuten is van overeenkomstige toepassing. 2. Na de ontbinding geschiedt de vereffening door de bestuurders. Het bestuur kan besluiten om andere personen tot vereffenaar te benoemen. 3. Hetgeen na de vereffening (waarvan het naar vermogen uitbetalen van de ledenrekeningen onderdeel uitmaakt) resteert van het batig saldo wordt overgedragen aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren van de coöperatie (ieder van hen voor een gelijk deel), tenzij de algemene ledenvergadering daaraan een andere bestemming geeft. 4.
Op de vereffening zijn voor het overige de bepalingen van Boek 2, Titel 1, van het Burgerlijk Wetboek van toepassing. Slotverklaringen. 1. De comparanten, handelend als gemeld, verklaarden dat voor de eerste maal tot leden van het bestuur worden benoemd: [nog nader in te vullen*]. 2. Het eerste boekjaar van de coöperatie eindigt op eenendertig december tweeduizend tweeëntwintig (31-12-2022). SLOT WAARVAN AKTE is verleden te Assen op de datum in het hoofd van deze akte vermeld. De comparanten zijn mij, notaris, bekend. De inhoud van de akte is aan hen opgegeven en toegelicht. De comparanten hebben verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen, van de inhoud van deze akte te hebben kennisgenomen en met de inhoud in te stemmen. Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna ondertekend, eerst door de comparanten en vervolgens door mij, notaris.