Bijlage 2 - Begroting GR 2023 dd 2022.03.10
Tekst van het document
GR SW ''FRYSLÂN''
Begroting 2023
Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE
2
1.
INLEIDING
3
2
PERSONELE BEZETTING
4
3.
BATEN EN LASTEN IN DE BEGROTING
5
3.1
Bijdrage GR-gemeenten
5
3.2
Doorbelasting naar Caparis
5
3.3
Lonen en sociale lasten Sw
5
3.4
Vervoerskosten Sw
5
3.5
Overige cao-gerelateerde kosten Sw
6
3.6
Doorverdeling BW-subsidie naar uitvoeringsorganisatie
6
3.7
Overige kosten GR
6
3.8
Rente
6
4 4.1
BALANSPROGNOSE Toelichting balansprognose
7 8
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
2/8
1. Inleiding Voor u ligt de begroting 2023 van de Gemeenschappelijke Regeling Sociale Werkvoorziening Fryslân (hierna: GR). Als gevolg van de gemaakte afspraken in de fairdeal tussen de 8 gemeenten en Caparis NV is de relatie tussen de GR en de 8 gemeenten sterk veranderd. Dit komt sinds 2020 tot uitdrukking in de begroting van de GR.. Met interesse volgen we de (politieke) ontwikkelingen rondom de sociale werkvoorzieningen. Er is sprake van de motie van SP en CDA aangaande sociale ontwikkelbedrijven en de motie van CU en CDA om sociaal ontwikkelbedrijven meer ruimte te geven in de ontwikkeling naar re-integratie taken. In het regeerakkoord zijn bovendien afspraken gemaakt over de herziening van de arbeidsmarkt. Effecten daarvan zullen ook zeker op gebied van participatie en Sociale Werkvoorziening betrekking hebben. In dit veld van wijzigingen, blijft het bestuur ernaar streven om onze werknemers een goede en passende werkomgeving te bieden. Drachten,
A. Reitsma Voorzitter
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
3/8
2 Personele bezetting In onderstaand overzicht is de begrote/geraamde personele bezetting voor de jaren 2023 tot en met 2026 opgenomen. De gerealiseerde aantallen van 2021 zijn meegenomen en deze zijn geactualiseerd met de huidige kennis en ontwikkelingen. Omdat de verrekeningen tussen Caparis NV en de GR alleen gaan over de loonkosten van de SW medewerkers, is in onderstaand overzicht ervoor gekozen om vanaf 2020 alleen de fte’s te vermelden. Daarnaast worden de BW medewerkers benoemd. Dit wordt alleen getoond, omdat deze medewerkers een terugkeergarantie hebben. Feitelijk worden deze BW medewerkers door Caparis NV betaald.
Bezetting
Begroting Begroting Realisatie 2023 2022 2021
Sw-medewerkers in dienst fte SE Aantal begeleid werken
Fte SE
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
1.261 1.353
1.303
1.356 1.457
1.223 1.313
1.164 1.252
1.105 1.191
106 117
112
110 121
105 116
104 115
103 114
In 2020 tot en met 2022 is er in de begroting enkel uitgegaan van fte’s en zijn er geen SE’s (standaardeenheden) begroot. In maart 2021 kwam de wens naar voren ook de SE’s weer op te nemen in de begroting. Daarmee ontstaat weer aansluiting met de financieringssystematiek bij gemeenten. Daarom is vanaf 2023 ook het aantal SE’s weer opgenomen in de begroting. De bezetting van het aantal Sw-medewerkers in dienst van de GR zal jaarlijks dalen door natuurlijk verloop (o.a. pensionering). Als gevolg van de wetswijzigingen in 2015 vindt er geen nieuwe instroom van Sw-medewerkers meer plaats. Naast het verloop als gevolg van pensionering is in de begrote/geraamde bezetting rekening gehouden met een additioneel verloop van voorzichtigheidshalve 1,5% per jaar voor niet voorzienbaar verloop zoals overlijden, ontslag (op staande voet), vrijwillige beëindiging van het dienstverband door de medewerker zelf en beëindiging dienstverband na 2 jaar ziekte. In aantallen medewerkers zal de feitelijke uitstroom hoger zijn, omdat niet alle Sw-medewerkers fulltime werken. In deze begroting is geen rekening gehouden met uitstroom door eventuele indiensttreding bij één van de gemeenten. Vanaf 2022 zijn er regelingen opgenomen in de cao om voordelig minder te gaan werken vanaf 64 jarige leeftijd of om maximaal twee jaar voor de AOW-gerechtigde leeftijd te stoppen met werken.
Deze mensen zijn nog wel in loondienst bij de GR in deze periode en zijn daarom wel volledig meegenomen in de bezetting. Het aantal Sw-medewerkers dat is geplaatst in een Begeleid Werken (BW) contract, zal eveneens de komende jaren gaan dalen. De exacte omvang van deze daling is niet te bepalen omdat uiteindelijk de werkgever – waar een Sw-medewerker is geplaatst – bepaalt of het contract met de Sw-medewerker wel of niet wordt verlengd. In de begrote en geraamde BW-plaatsingen is verondersteld dat de werkgevers de dienstverbanden zullen voortzetten tot het moment van pensionering van de desbetreffende Sw-medewerker.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
4/8
3. Baten en lasten in de begroting x € 1.000
Begroting Begroting Realisatie 2023 2022 2021
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
Baten Bijdrage GR-gemeenten Doorbelasting aan Caparis Totaal baten
30 43.045 43.075
30 45.283 45.313
18 45.611 45.629
30 41.863 41.893
30 39.877 39.907
30 37.766 37.796
Lasten Lonen en sociale lasten Sw Vervoerskosten Sw Overige CAO gerelateerde kosten SW Overige kosten GR Totaal lasten
42.281 572 192 30 43.075
44.350 605 328 30 45.313
44.805 606 200 18 45.629
41.094 556 214 30 41.893
39.098 529 250 30 39.907
37.112 502 152 30 37.796
Financieringsfunctie Rente- en overige kosten Doorbelasting rente naar Caparis Totaal financieringsfunctie
0 0 0
0 0 0
18 -18 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
Resultaat
0
0
0
0
0
0
3.1 Bijdrage GR-gemeenten Zoals in de fair deal afgesproken worden alleen de overige kosten GR naar de 8 deelnemende gemeenten doorbelast.
3.2 Doorbelasting naar Caparis Alle kosten die door de GR worden gemaakt en direct samenhangen met de loonkosten voor SW medewerkers worden aan Caparis NV doorbelast (in rekening gebracht).
3.3 Lonen en sociale lasten Sw Met de laatst geldende cao voor de SW-medewerkers is rekening gehouden in de begroting 2022. Daarnaast is rekening gehouden met een loonstijging van 1,2% per 1 januari en 1 juli per jaar. Met betrekking tot de sociale lasten en pensioenen is uitgegaan van de geldende percentages in 2022 en is met betrekking tot de pensioenlasten een aanpassing gemaakt op de franchise gelijk aan de procentuele stijging tussen 2021 en 2022. In de loonkosten is tevens rekening gehouden met de LIV, begroot op 1,04% van de totale loonkosten en ontvangen ziekengeld, begroot op 1,59% van de totale loonkosten. Het ziekengeld en de LIV zijn beide niet meegenomen in de begroting 2022, waardoor de loonkosten daar aanzienlijk hoger zijn. In de ramingen 2024 tot en met 2026 is uitgegaan van dezelfde uitgangspunten als 2023.
3.4 Vervoerskosten Sw Vervoerskosten Sw betreft de woon-werkvergoeding die uit hoofde van de cao moet worden betaald aan de Sw medewerkers. Deze kosten worden doorbelast aan Caparis NV.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
5/8
3.5 Overige cao-gerelateerde kosten Sw De overige cao-gerelateerde kosten Sw betreffen kosten die direct uit de cao Sw voortvloeien en hebben onder andere betrekking op jubilea en de vergoeding vakbondscontributie. Er is sprake van een relatief steeds ouder wordende groep Sw-medewerkers met langdurige dienstverbanden. In de begroting 2023 en de verwachtingen in 2024 en 2026 ligt het verwachte gemiddelde bedrag per jaar aan jubileumuitkeringen tussen de € 50.000- € 135.000. In 2022 is het berekende bedrag hiervoor aanzienlijk hoger dan de andere jaren. Dit komt omdat in 1998 de Wet sociale werkvoorziening is aangepast, waardoor er in 1997 veel meer medewerkers zijn ingestroomd in de SW. Deze medewerkers zijn in 2022 allemaal 25 jaar in dienst. Daarnaast valt op dat er in 2025 een groot aantal mensen een jubileum van 25 of 40 jaar bereiken en dit in 2026 juist weinig mensen zijn.
3.6 Doorverdeling BW-subsidie naar uitvoeringsorganisatie Alle BW-plaatsingen worden vanaf 2020 door Caparis NV betaald. Daarom worden de kosten daarvoor niet meer in de begroting van de GR meegenomen.
3.7 Overige kosten GR Onder de overige kosten GR vallen enkel de secretariskosten, accountantskosten, kosten voor de cliëntenraad, bankkosten en overige lasten. Deze kosten worden doorbelast aan de GR-gemeenten.
3.8 Rente Omdat er vanaf eind 2022 geen leningen meer zijn in de GR zijn, als gevolg van de fair deal, zijn de rentelasten op € 0 gewaardeerd. Gezien de lage rentestand zijn er nauwelijks rente baten te verwachten.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
6/8
4 Balansprognose x € 1.000 ACTIVA Vaste activa Financiële vaste activa - overige langlopende leningen Totaal vaste activa
Begroting Begroting Realisatie 2023 2022 2021
0 0
0 0
660 660
481 3.261 105 3.847
30 3.796 50 3.876
512 4.915 107 5.534
150 150
148 148
192 192
3.997
4.024
6.386
0
0
0
0
0
660
0
0
660
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een looptijd korter dan één jaar - overige schulden Totaal vlottende passiva
3.997 3.997
4.024 4.024
5.726 5.726
Totaal Passiva
3.997
4.024
6.386
Vlottende activa Uitzettingen met een looptijd korter dan één jaar - vorderingen op openbare lichamen - uitzettingen in 's Rijks schatkist (< 1 jaar) - overige vorderingen Totaal kortlopende vorderingen Liquide middelen - banksaldi Totaal liquide middelen Totaal activa PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar - onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Totaal vaste passiva
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
7/8
4.1 Toelichting balansprognose In deze begroting is naast de realisatie van 2021 de balansprognose opgenomen van 2022 en 2023. Er is rekening gehouden met de volgende ontwikkelingen in de balans: • Geen financiële vaste activa, aangezien er als gevolg van de fair deal geen leningen meer in de GR zijn vanaf 2022. • Veranderingen in de vlottende activa zijn: o Vorderingen op openbare lichamen betreft een vordering op de GR-gemeenten inzake de overige kosten en de vordering op het UWV voor de nog te ontvangen LIV. o Het saldo schatkistbankieren is in 2021 aanzienlijk hoger dan de begroting 2023. Dit als gevolg van het vooruit factureren van de doorbelasting van de loonkosten aan Caparis NV. In begroting 2021 een te hoog bedrag vooruit gefactureerd, wat bij afrekening begin 2022 weer is hersteld. Hier staat een hogere kortlopende schuld tegenover in 2021. o De overige vorderingen bestaan uit voorschotten met betrekking tot het fietsplan, FiscFree en de vervoersabonnementen bij Arriva. • Er zijn geen onderhandse leningen meer in de GR vanaf 2022. • De vlottende passiva betreffen hoofdzakelijk schulden aan de belastingdienst met betrekking tot BTW en loonheffing en een afrekening voor de loonkosten en doorbetaling van de LIV aan de NV.
__________________________________________________________________________________________ Begroting 2023 GR Sw 'Fryslân'
8/8