Bijlage 1 - 09 Objectgerichte welstandscriteria Modulaire woningbouw
Tekst van het document
Modulaire woningbouw
09
09 MODULAIRE WONINGBOUW Objectbeschrijving De laatste jaren wordt er steeds meer modulaire (verplaatsbare) woningbouw ontwikkeld. Vaak gaat het om projecten in de huursector met als doel om studenten of starters op de woningmarkt te huisvesten. Dergelijke projecten vormen vaak een invulling van een gebied dat al langer braak ligt, of wacht op een toekomstige invulling. Door de stijgende bouwkosten kan modulaire woningbouw (door de efficiënte, relatief voordelige bouwmethode) ook een uitkomst bieden voor specifieke projecten en locaties. Modulaire woningbouw kent diverse verschijningsvormen. Over het algemeen gaat het om standaard (prefab) eenheden die worden geschakeld/gestapeld tot een groter geheel zoals een wooncomplex. Door de modulaire opbouw kan flexibel en snel worden gebouwd en zijn aanpassingen/uitbreidingen in de loop van de tijd ook nog mogelijk. De ruimtelijke kwaliteit wisselt sterk en hangt in veel gevallen samen met de gewenste/noodzakelijke verplaatsbaarheid van de eenheden. Omgebouwde gestapelde zeecontainers, speciaal ontworpen verplaatsbare units en complexen die ogen als (sobere) reguliere woningbouw komen voor. De vormgeving is overwegend eenvoudig, waarbij in de meeste gevallen alleen de gevels die grenzen aan een openbare weg of openbare ruimte extra aandacht hebben gekregen.
De overige gevels zijn meestal gesloten of hebben juist een meer technische uitstraling door de toepassing van stalen galerijen.
Slachthuisterrein in Eindhoven
Antillenstraat Groningen
Voorbeeld met inpandige buitenruimte
Voorbeeld geïntegreerde buitenruimte
Spaceboxen Eemhaven
Diemen
De verwachting is dat bovengenoemde ontwikkelingen ook in Smallingerland zullen gaan voorkomen. Omdat modulaire woningbouw een zekere verscheidenheid in verschijningsvorm kent, zal in overleg met de gemeente per ontwikkeling een stedenbouwkundige afweging gemaakt moeten worden of de ontwikkeling passend is op de beoogde planlocatie. De voorliggende welstandscriteria zijn ondersteunend in de stedenbouwkundige afweging.
Beleid, waardebepaling en ontwikkeling In overleg met de gemeente moet bepaald worden of een locatie geschikt is voor modulaire woningbouw. Indien met de gemeente overeenstemming wordt bereikt, gelden voorliggende objectgerichte criteria voor de welstandstoetsing. De gebiedsgerichte criteria zijn dan niet van toepassing. Voor tijdelijke, niet seizoensgebonden, bebouwing (max. 10 jaar) geldt geen verplichte welstandstoetsing. De welstandscriteria kunnen in dergelijke gevallen worden benut als inspiratiebron om te komen tot een goede inpassing. De te plaatsen eenheden moeten in alle gevallen de functie ‘Wonen’ kennen. De plaatsing van losse eenheden, of slechts enkele geschakelde eenheden is niet mogelijk. Een seriematige opzet in gestapelde vorm van enige omgang is uitgangspunt. Het beleid is gericht op het handhaven en/of versterken van de bestaande situatie. Het is niet toegestaan om modulaire woningbouw te plaatsen in de directe omgeving van een Rijksmonument of een Gemeentelijk Monument of in een gebied dat is aangewezen als beschermd stads- of dorpsgezicht. De aanwezigheid van modulaire woningbouw in de omgeving van een beschermd monument of in een beschermde omgeving kan het aanzicht en de waardering van dergelijke monumenten en gebieden in negatieve zin beïnvloeden.
Welstandsambitieniveau De welstandscriteria zijn gericht op het stimuleren/realiseren van een ruimtelijke aanvaardbaar en passend bebouwingsbeeld, met inachtneming van de bouwmethodiek. Voor modulaire woningbouw geldt een regulier welstandsniveau, waarbij de toepassing van de welstandscriteria wordt afgestemd op de ruimtelijke karakteristieken van de planlocatie (midden in woonwijk is bijvoorbeeld een ander beeld gewenst dan in gemengd gebied of een braakliggend terrein).
09
Modulaire woningbouw
Objectkenmerken en Criteria
Algemene Beleidsintentie
Plaatsing De situering van de bebouwing is afgestemd op de stedenbouwkundige en/of landschappelijk context.
RE
Losse, of enkele geschakelde units zijn niet mogelijk.
HH
De situering van de bebouwing is gericht op het realiseren van een samenhangend geheel met een seriematige opzet, in gestapelde vorm van enige omvang.
HH
De bebouwing is met representatieve voorgevels op de openbare ruimte/weg gericht.
HH
Indien op verdiepingen aan de voorgevelzijde(n) sprake is van buitenruimtes, deze binnen de voorgevel situeren. Op maaiveldniveau zijn terrassen aan de voorgevelzijde mogelijk.
RE
Hoofdvorm De maat en schaal van de bebouwing zijn afgestemd op de stedenbouwkundige en/of landschappelijk context.
HH
De hoofdvorm en de bouwmassa hebben een eenvoudige rechthoekige opzet.
HH
Indien sprake is van meerdere, geschakelde en/of in massacontour verschillende hoofdvormen, is sprake van een samenhangend geheel.
HH
Eventuele aan- en uitbouwen zijn ondergeschikt en in samenhang met de hoofdvorm.
RE
Bijgebouwen (zoals bergingen) zijn geïntegreerd in de hoofdvorm of staan op een ondergeschikte positie (ten opzichte van de openbare ruimte).
RE
Aanzichten De bebouwing is met representatieve voorgevels op de openbare ruimte/weg gericht. Deze gevels zijn niet gesloten, hebben geen technische uitstraling en kennen een evenwichtige compositie.
HH
Op hoeken is sprake van een tweezijdige gerichtheid.
RE
Overige gevels mogen gesloten zijn en/of een eenvoudige vormgeving kennen en een meer functionele, technische uitstraling hebben.
RE
Aan- en uitbouwen in/aan op de openbare ruimte/weg gerichte gevel zijn meeontworpen.
HH
Indien op verdiepingen aan de voorgevelzijde(n) sprake is van buitenruimtes, deze binnen de voorgevel en als samenhangend onderdeel van de voorgevel vormgeven. Een eenvoudige herhaling van uitkragende balkons is niet gewenst.
RE
Duurzaamheidsmaatregelen en technische installaties (zoals bijvoorbeeld zonnepanelen en airco’s) zijn niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte (nemen een ondergeschikte positie in) of zijn geïntegreerd in het ontwerp.
RE
Opmaak Het kleur- en materiaalgebruik van voorgevels is afgestemd op de stedenbouwkundige en/of landschappelijk context, maar hoeft niet gelijk te zijn aan het overheersende kleur- en materiaalbeeld. (Visueel) snel verarmende materialen zijn aan de voorzijde niet toegestaan.
HH
Achtergevels sluiten in kleur- en materiaalgebruik aan op voorgevels of zijn uitgevoerd in eenvoudige materialen in gedekte kleuren.
HH
In woongebieden, parkachtige omgevingen en op locaties grenzend aan landelijk gebied of andere open gebieden zijn felle kleuren niet toegestaan.
HH
Voorgevels (gevels zichtbaar vanuit de openbare ruimte) zijn zorgvuldig gedetailleerd. Details met een overwegend technische, functionele uitstraling zijn niet passend.
RE
Diversen Reclame-uitingen en naamsduidingen dienen te voldoen aan de Reclamecriteria.
HH HH = Handhaven / RE = Respecteren / IV = Incidenteel Veranderbaar