CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

notitie Bron- of nascheiden PMD

Commissie Ruimte/AB 7 september 2021, gemeente SluisBij agendapunt: Notitie inzake voorstel om het bronscheiden van PMD voort te zetten.2.565 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie voor Commissie Ruimte/Algemeen Bestuur Pag. 1/5

Datum vergadering

7 september 2021

Omschrijving agendapunt

Voorstel om het bronscheiden van PMD voort te zetten.

Portefeuillehouder

M.P.E. de Feijter

Samenvatting Het restafvalverwerkingscontract van O.L.A.Z. met AVR biedt de mogelijkheid voor de Zeeuwse gemeenten om te kiezen voor bronscheiden PMD of nascheiden van PMD uit het restafval met ingang van 1 januari 2023, voor een periode van 5 jaar. De gemeenten moeten hun keuze kenbaar maken in de vergadering van het algemeen bestuur van O.L.A.Z. op 9 december 2021. In opdracht van het dagelijks bestuur van O.L.A.Z. heeft IPR Normag een adviesrapport opgesteld om de gemeenten te ondersteunen bij het maken van hun keuze. Het gestelde in het rapport houdt voor de gemeente Sluis het advies in om het bronscheiden inzamelen van PMD voort te zetten en niet te kiezen voor het nascheiden van PMD uit het restafval. Na beoordeling van het rapport, de uitvoering van het Grondstoffenplan en de resultaten van de inzameling van PMD in het 1e kwartaal van 2021 zijn wij tot de conclusie gekomen het bronscheiden inzamelen van PMD voort te zetten.

Aan de commissie, Inleiding De gemeenschappelijke regeling O.L.A.Z. heeft ten behoeve van alle 13 Zeeuwse gemeenten voor de verwerking van het huishoudelijk restafval (en eventueel het nascheiden van het PMD uit het restafval) een verwerkingscontract met afvalverwerk er AVR (Botlek, Rotterdam) afgesloten. Dit restafvalverwerkings contract loopt tot en met 31 december 2022 en kent de volgende opties tot verlenging:  Uitsluitend restafvalverwerking: 3 opties volgtijdelijk 2 x 2 jaar + 1 x 1 jaar (eenzijdig);  Nascheiding PMD + restafvalverwerking: 1 optie, 1 x 5 jaar (tweezijdig te accorderen). Indien O.L.A.Z. gebruik wil maken van een optie tot verlenging, dan dient dit uiterlijk 31 december 2021 te worden geëffectueerd. Dit houdt in dat de gemeenten voor die tijd dienen aan te geven aan O.L.A.Z. of zij kiezen voor bronscheiden of nascheiden van hun PMD (plastic-, metalen verpakkingen en drankenkartons ). Het betreft een collectief contract. Dit betekent dat als één van de 13 Zeeuwse gemeenten restafval wilt la ten nascheiden, het gehele verwerkingscontract met 5 jaar wordt verlengd. Dit betreft een O.L.A.Z. besluit. Voornoemde keuze heeft echter wel gevolgen voor de inzamelsystemen van de individuele gemeenten binnen het O.L.A.Z. Het dagelijks bestuur van het O.L.A.Z.

heeft gezien bovenstaande, onderzoeksbureau IPR Normag de opdracht gegeven om voor de Zeeuwse gemeenten een advies te geven over de keuzeopties in het contract voor restafvalverwerking. Hierbij hebben zij de O.L.A.Z- gemeenten onderverdeeld op inzamelsysteem: 1.) Diftar (Goes, Kapelle, Middelburg, Schouwen-Duiveland, Veere per 01-01-2022); 2.) Laagfrequent, 4wekelijkse inzameling van het restafval (Hulst, Sluis, Tholen); 3.) Nascheiding van het PMD uit restafval (Borsele, Noord-Beveland, Reimerswaal, Terneuzen); 4.) Een variant op omgekeerd inzamelen (Vlissingen). IPR Normag heeft de onderzoeksresultaten in bijgevoegd rapport opgeleverd aan het dagelijks bestuur van O.L.A.Z. Het dagelijks bestuur van O.L.A.Z. verwacht met bijgaande onderzoeksresultaten de gemeenten te kunnen ondersteunen met de te maken keuze voor bronscheiding of nascheiding van PMD uit het restafval. Het rapport van IPR Normag ‘Onderzoek inzamelsystemen Zeeuwse gemeenten’ d.d. 12 april 2021, is als bijlage bij deze notitie gevoegd. De keuze van de gemeente Sluis moet voor de vergadering van het algemeen bestuur van het O.L.A.Z. op 9 december 2021 gemaakt zijn. Op die manier kan het dagelijks bestuur van O.L.A.Z., per gemeente de definitieve keuze aan afvalverwerker AVR kenbaar maken.

Notitie voor Commissie Ruimte/Algemeen Bestuur Pag. 2/5

Inhoud van het rapport van IPR Normag IPR Normag geeft op pagina 5 t/m 10 een bestuurlijke samenvatting van hun bevindingen weer. Hierin is puntsgewijs het volgende opgenomen: Verlenging van het huidige contract met AVR is in elk geval het advies, vanwege het gunstige tarief voor de verwerking van restafval. Hierbij dient nog wel per gemeente de keuze worden gemaakt of dit met of zonder nascheiden van het PMD uit het restafval is. (Hierbij kan worden opgemerkt dat beide opties geen mogelijkheid is: het huidige contract biedt geen mogelijkheid om het reeds ingezamelde restafval zonder het PMD nog na te scheiden op ‘restanten’ PMD). Iedere Zeeuwse gemeente tracht de doelstellingen zoals geformuleerd in het VANG- programma van 100 kilo (tot zelfs 30 kilo) per inwoner per jaar te behalen, alsook een afvalscheidingspercentage van minimaal 75%. De invoering van een verbrandingsbelasting bovenop de verwerk ingskosten van € 33 per ton, is daarbij een extra stimuleringsmiddel. Verwachting is dat deze belasting verder zal stijgen en zal worden uitgebreid met een CO 2- heffing voor verbrandingsinstallaties. Het inzamelsysteem van de gemeenten is slechts één middel om de VANG-doelstellingen te behalen en het gedrag van de inwoners te beïnvloeden.

Er is een pakket van maatregelen nodig om de inwoners te sturen, te noemen: 1.) Overtuigen/communicatie 2.) Vergroenende prijsprikkels (Diftar), 3.) Handhaving, 4.) Verleiden/faciliteren/realiseren voorzieningen voor de recyclebare stromen. In Zeeland is er sprake van verschillende beleidskeuzes. De keuzes zijn grofweg op te delen in Diftar: Kapelle (2016), Schouwen- Duiveland (2018), Goes (2019), Middelburg (2021), Veere (vanaf 2022), Laag Frequent (4-wekelijks inzameling restafval): Tholen (2017), Hulst (2019) en Sluis (2021), Nascheiding PMD: Terneuzen, Borsele, Noord- Beveland, Reimerswaal (2020). Gemeente Vlissingen heeft nog geen duidelijke beleidskeuze gemaakt. In het onderzoek staat de vraag centraal tot het wel of niet nascheiden van het PMD uit het restafval. De contractoptie tot nascheiding heeft namelijk enkel betrekking op het nascheiden van PMD uit het restafval. Het is nog niet mogelijk om de andere recylebare stromen na te scheiden. Voor deze stroom blijft het scheiden aan de bron dan ook de norm.

-

-

De 4 gemeenten die het PMD uit het restafval laten nascheiden, hebben hier in 2020 gemiddeld 16kg per inwoner uitgehaald. De overige gemeenten komen gemiddeld uit op 21 kg PMD per inwoner per jaar. Er heeft binnen O.L.A.Z. in 2020 geen afkeur van het brongescheiden PMD plaatsgevonden, de bronscheidende gemeenten hebben dan ook over het volledige ingezamelde tonnage de vergoeding van Nedvang ontvangen. Het totaal recyclebare kilo ingezamelde PMD is in beide systemen gelijk: 16 kg. Op basis van diverse landelijke onderzoeken blijkt dat als gemeenten er in slagen om aan de bron het PMD gescheiden in te zamelen (zoals bij de bronscheidende gemeenten in Zeeland het geval is) leidt tot een grotere beleidseffectiviteit dan enkel het nascheiden van PMD.

Notitie voor Commissie Ruimte/Algemeen Bestuur Pag. 3/5

-

-

-

-

-

-

-

Prijsprikkel, serviceprikkel en communicatie kunnen zuiver en helder effectief worden ingezet omdat het bronscheiding ook fysiek het verschil tussen restafval en de recyc lebare stromen duidelijk maakt voor de inwoners. Voorwaarde hierbij is wel dat bronscheiding mogelijk is. In grote steden (Amsterdam, Rotterdam, Leiden) blijkt het rendement met nascheiding groter. Daarnaast is het politieke component te noemen: het kan een keuze zijn om inwoners de service te bieden het PMD niet apart te hoeven laten scheiden van restafval. Als het PMD niet meer gescheiden van het restafval wordt ingezameld, moet worden gerealiseerd dat een aantal andere instrumenten niet meer goed (effectief) toepasbaar is. Hierbij wordt gedoeld op Omgekeerd Inzamelen, of het laagfrequent inzamelen van het restafval (+PMD) vanwege het volume van de afvalstroom die dan ontstaat. De perspectieven voor gemeenten die het PMD aan de bron gescheiden inzamelen betreft het invoeren (of verder optimaliseren) van een prijsprikkel op het restafval (Diftar), het (nader) sturen op de inzamelfrequentie van het restafval en het (nog beter) faciliteren/accommoderen van de inzameling van de recyclebare stromen. Onderstaande afbeelding geeft met de groene balkjes het (verdere) perspectief weer voor bronscheiding.

Conclusie voor de bronscheidende gemeente is om de sets van mogelijkheden te combineren: Diftar met laagfrequent of Diftar met omgekeerd inzamelen. Referentiecijfers laten zien dat prikkels op tarief onontbeerlijk zijn voor een restafvalprestatie van 100 kg of zelf 30 kg restafval per inwoner per jaar. Het continueren van het bronscheiden van PMD is dan ook gezien de keuze in het contract voor restafvalverwerking de beste keuze voor deze gemeenten en biedt de meest gunstige perspectieven naar de toekomst. Stoppen met bronscheiding zou voor deze gemeenten betekenen dat het combineren van opties niet mogelijk (meer) is waardoor het perspectief op het gebied van kosten en milieu voor deze gemeenten zou verminderen. Voor de gemeenten die reeds nascheiden wordt rekening gehouden dat de huidige prestatie van de afvalverwerker van 16 kg per inwoner per jaar zal verbeteren, gezien de prestatie van sorteerinstallaties (Omrin, Friesland) die al langer het PMD nascheiden uit het restafval. Zonder extra maatregelen zou dit neerkomen op een aanvullende reductie van het restafval van 49 kilo. Omdat nascheiden van het PMD het stapelen van andere instrumenten bemoeilijkt, is het perspectief voor de nascheidingsgemeenten voornamelijk te vergroten met het invoering van Diftar op gewicht.

In deze optie wordt de aangeboden hoeveel restafval, inclusief het PMD, gewogen per keer dat deze afvalstroom wordt aangeboden. Deze aanvullende optie zou een extra reductie van 70 kg per inwoner per jaar opleveren waardoor er naar verwachting een hoeveelheid van 125 kg tot 180 kg per inwoner overblijft. Ook het stoppen van nascheiding en omschakelen naar bronscheiding is een optie voor de nascheidingsgemeenten. In dat geval gelden de perspectieven zoals geschetst bij bronscheiding.

Notitie voor Commissie Ruimte/Algemeen Bestuur Pag. 4/5

Voorstel nascheiden PD uit het restafval 2018 In het verwerkingscontract tussen O.L.A.Z. en AVR was het nascheiden van P(M)D aanvankelijk niet opgenomen. AVR heeft O.L.A.Z. in 2018 een aanbieding gedaan om binnen het verwerkingscontract voor het restafval (toen nog) PD na te scheiden van het restafval. Ook toen heeft O.L.A.Z. de deelnemende gemeent e in de gelegenheid gesteld hun standpunt kenbaar te maken. Wij hebben toen besloten niet over te gaan tot nascheiding van PD en het bron gescheiden inzamelen voort te zetten. Wij hebben daarbij tevens aangegeve n dat de wijze waarop invulling zou worden gegeven aan de bron gescheiden inzameling van PD uitgewerk t wordt in het toen nog op te stellen gemeentelijk grondstoffenbeleid. In de vergadering van 21 november 2018 heeft uw commissie het standpunt van ons college onderschreven. Grondstoffenplan 2019 -2023 Op 24 oktober 2019 heeft de raad het Grondstoffenplan 2019 – 2023 “Samen houden wij grondstoffen gescheiden” vastgesteld. Dat plan geeft de beleidskaders tot een verbetering van de afvalscheiding en daarmee tevens een vermindering van de hoeveelheid huishoudelijk restafval in de gemeente Sluis.

In het kader van de uitvoering van het Grondstoffenplan zijn per 1 januari 2021 de volgende maatregelen ingevoerd, die moeten bijdragen aan een betere afvalscheiding en minder huishoudelijk restafval: - 1 x per 4 weken inzamelen restafval met nieuwe containers met een tag; - 1 x per 2 weken inzamelen PMD-afval met transparante zakken; - 1 x per 4 weken inzamelen OPK met nieuwe containers met een tag. Resultaten gescheiden inzamelen huishoudelijke afvalstoffen 1 e kwartaal 2021 Hoewel de maatregelen nog maar kort geleden zijn ingevoerd zijn de resultaten van de gescheiden inzameling van huishoudelijke afvalstoffen over het 1e kwartaal van 2021 zeer bemoedigend. De resultaten zijn niet alleen positief voor wat betreft het Restafval, GFT, OPK en PMD. Ook bij de inzameling van glas en textiel zien we een positief resultaat. Zie onderstaand overzicht met een vergelijking tussen het 1 e kwartaal 2020 en het 1e kwartaal 2021. (hoeveelheden in ton)

Q1 2020

Q1 2021

2020-2021

Restafval

1.519,85

819,45

-46,08%

GFT

611,62

752,14

22,98%

OPK

358,41

412,81

15,18%

PMD

51,62

127,55

147,09%

Glas

139,43

176,92

26,89%

Textiel

20,00

23,38

16,89%

Totaal

2.700,93

2.312,25

-14,39%

Scheidingspercentage

43,73%

64,56%

20,83%

De resultaten van de gescheiden inzameling van huishoudelijke afvalstoffen zijn afhankelijk van de medewerking van de inwoners, want die moeten de diverse stromen gescheiden houden en aanbieden. Uit de resultaten blijkt dat de medewerking van de inwoners zeer goed is. De resultaten in bovenstaand overzicht betreft de inzameling in de kernen en het buitengebied. Daar zijn de eerdergenoemde maatregelen ingevoerd. In het kustgebied zijn nog geen maatregelen ingevoerd. Daar zal de gescheiden inzameling van het huishoudelijk afval met ondergrondse containers worden uitgevoerd. De invloed van de inzameling in het kustgebied op bovenstaande cijfers over het 1 e kwartaal 2021, zou betrekkelijk zijn. In het 1e kwartaal 2021 is in het kustgebied (slechts) 65,42 ton ongescheiden huishoudelijk afval ingezameld. In het 1e kwartaal 2020 was dat 117,26 ton.

Notitie voor Commissie Ruimte/Algemeen Bestuur Pag. 5/5

Conclusies gemeente Sluis op het rapport IPR Normag Bron gescheiden inzameling van recyclebare stromen maakt voor de inwoners fysiek het verschil duidelijk tussen (ongewenst) restafval en (waardevolle) recyclebare stromen. Nascheiding van PMD kan een negatief effect hebben op de welwillendheid van inwoners om de recyclebare stromen, zoals GFT, OPK, glas en textiel gescheiden te houden en ter inzameling aan te bieden. Met als gevolg dat er weer meer restafval komt. In de gemeente Sluis zamelen we het restafval laagfrequent in (1 x per 4 weken). Dit instrument is niet meer goed (effectief) toepasbaar indien wordt overgegaan tot nascheiding van PMD uit het restafval. Vanwege het volume van afval dat dan ontstaat in de restafvalcontainer, moet deze 1 x per 2 weken worden geleegd. Omdat de restafvalcontainer dan weer 1 x per 2 weken wordt geleegd wordt het weer aantrekkelijk recyclebare stromen in de restafvalcontainer te deponeren omdat de noodzaak (beperkte bergingscapaciteit in de container) om ze langer thuis te bewaren er niet meer is. De resultaten van het bron gescheiden inzamelen van PMD over het eerste kwartaal 2021 zijn goed en bevestigen het gestelde in het rapport van IPR Normag. Wij zijn dan ook van mening dat we niet moeten overgaan tot het nascheiden van PMD uit restafval en het bron gescheiden inzamelen van PMD moeten voortzetten.

Het rapport van IPR Normag biedt tevens een perspectief voor bronscheidende gemeenten die het restafval laagfrequent inzamelen. Voor gemeenten die sturen op de inzamelfrequentie van het restafval is het mogelijk dit te combineren met Diftar. Volgens het rapport laten referentiecijfers zien dat prikkels op het tarief voor restafval onontbeerlijk zijn voor het realiseren van de VANG-doelstellingen. Ten aanzien van het in het rapport gestelde perspectief merken wij het volgende op. Sinds 1 januari 2021 vindt de inzameling van restafval en PMD in de kernen en het buitengebied plaats overeenkomstig het Grondstoffenplan. Het Grondstoffenplan is vastgesteld voor de periode 2019 -2023. Nog niet alle in het Grondstoffenplan opgenomen maatregelen zijn uitgevoerd. De werkelijke effecten van de uitvoering van het Grondstoffenplan kunnen pas beoordeeld worden wanneer alle maatregelen zijn uitgevoerd. Wij hechten eraan het Grondstoffenplan volledig in uitvoering te nemen en voor het einde van de looptijd geen wijzigingen in het beleid aan te brengen. Een tussentijdse wijziging in het beleid houdt tevens in dat de inwoners op korte tijd weer met een wijziging in de inzameling worden geconfronteerd. In het belang van het behoud van draagvlak voor de gescheiden inzameling van huishoudelijke afvalstoffen is een tussentijdse wijziging niet wenselijk.

Het in het rapport gestelde perspectief nemen wij voorshands voor kennisgeving aan. Graag vernemen wij uw mening over het gestelde in deze notitie.

Oostburg, 1 juni 2021 BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN SLUIS, De secretaris,

De burgemeester,

S.I. de Kievit-Minnaert

mr. M.M.D. Vermue

Bijlage(n): a. Rapport IPR Normag

Ter inzage liggende stukken:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=18d3087e-ab09-4597-b904-ab423186e352