g. Brief 26 maart 2026 van DB RUD aan college
Tekst van het document
Aan het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Sluis (per email verzonden)
Middelburg, 26 maart 2026
Onderwerp: Gewijzigde vaststelling Gemeenschappelijke Regeling
Geacht college van B&W van de gemeente Sluis, Met deze brief verzoeken wij uw college, mede namens alle andere deelnemers in de GR, dringend op zeer korte termijn het wijzigingsvoorstel voor de gemeenschappelijke regeling van de Omgevingsdienst Zeeland nogmaals ter goedkeuring aan uw raad voor te leggen. In de raadsvergadering van 4 juli 2024 heeft uw gemeenteraad een positieve zienswijze gegeven op het wijzigingsvoorstel voor de gemeenschappelijk regeling GR Omgevingsdienst Zeeland (voorheen GR RUD Zeeland). Naar aanleiding van de zienswijzen van alle dertien Zeeuwse gemeenten en provinciale staten hebben wij u op 27 januari 2025 verzocht de gemeenteraad om toestemming te vragen voor het wijzigen van de GR. Na de vereiste toestemming besluit uw college vervolgens tot definitieve wijziging van de GR. Helaas heeft uw gemeenteraad als enige de toestemming geweigerd en - zo is eind januari aangegeven door wethouder Van Assche - is de raad niet voornemens dit onderwerp op korte termijn opnieuw te agenderen. Het is ons als DB inhoudelijk niet duidelijk waarom toestemming door de raad is geweigerd; uw gemeenteraad heeft immers een positieve zienswijze ingediend op de ontwerp gemeenschappelijke regeling. Aan de door uw raad geplaatste kanttekening dat op een later moment een evaluatie van de stemverhouding plaats moet vinden, is voldaan.
Over de inhoudelijke vragen die leven bij uw raad aangaande de begroting in relatie tot de hoogte van de bijdrage van uw gemeente en stemverhoudingen tussen de deelnemers van de gemeenschappelijke regeling kan het volgende worden gezegd: •
de hoogte van de bijdrage is gebaseerd op het aantal milieubelastende inrichtingen/activiteiten en bepaalde kengetallen binnen uw gemeente. Deze gegevens hadden op een eerder moment al herijkt moeten worden. Als gevolg van verschillende oorzaken is dit de afgelopen jaren niet gebeurd. Overigens zou een dergelijke update tot een beperkte aanpassing kunnen leiden. Deze aanpassingen zullen nu meegenomen worden in het ontwikkelen van een nieuwe financieringsstructuur welke ingaat per begrotingsjaar 2028. Hierover is recent meerdere keren gecommuniceerd;
•
de stemverhouding blijft in de nieuwe GR ongewijzigd ten opzichte van de huidige regeling. Op basis van de kanttekening van o.a. uw raad bij de positieve zienswijze is een evaluatiebepaling opgenomen zodat twee jaar na inwerkingtreding van de gewijzigde GR een evaluatie zal plaatsvinden. Uitstel van het in werking treden betekent opschuiven van dit evaluatiemoment.
Het door de gemeenteraad weigeren van toestemming is een zeer zwaar middel en kan alleen ingezet worden wegens strijd met het recht of het algemeen belang (ex art. 51 jo. 73 Wgr en 10:32 lid 1 jo. 10:27 Algemene wet bestuursrecht). Het niet verlenen van toestemming om redenen van
ongenoegen ten aanzien van bijvoorbeeld de stemverhoudingen en begrotingsvraagstukken komt over als het inzetten van een middel waarvoor deze niet is bedoeld. Dit kan in juridisch perspectief geduid worden als ‘detournement de pouvoir’. Kortom; wij zien geen valide argumentatie voor de weigering door uw raad en het niet vaststellen door uw college. Zoals wellicht bij u bekend, treedt de gewijzigde GR pas in werking na vaststelling hiervan door alle deelnemers. Nu er vanuit uw gemeente geen akkoord gegeven wordt, kan de wettelijk vereiste gewijzigde vaststelling van de GR dan ook niet plaatsvinden en voldoen wij als GR niet aan de wettelijke eisen. Daarnaast vormt de actualisatie van de GR een randvoorwaarde voor meerdere lopende en geplande trajecten waarbij de deadline is gelegen op 1 mei a.s. Het meest in het oog springend is dat RUD Zeeland hierdoor mogelijk niet gaat voldoen aan de belangrijkste basisvereiste om door het ministerie van I&W als voldoende robuust gezien te worden voor een zelfstandig bestaan. Het onthouden van goedkeuring veroorzaakt het maken van extra kosten; een ongewenste situatie voor alle betrokkenen bij de GR. Het principe van een GR is immers gebaseerd op het solidariteitsprincipe, waarbij het individuele belang van een deelnemer ondergeschikt is aan het algemeen belang van alle deelnemers tezamen.
De handelswijze van uw raad heeft een impasse doen ontstaan die alle leden van de GR raakt. Nu ons niet duidelijk is waarom uw gemeenteraad alsnog toestemming onthoudt, zonder hiervoor een juridisch valide reden aan te dragen, verzoeken wij u nogmaals dringend, mede namens uw collega deelnemers in de GR, deze impasse op zeer korte termijn te beëindigen en de gewijzigde GR zo spoedig mogelijk nogmaals ter goedkeuring aan uw raad voor te leggen. Dit met als doel om: •
de robuustheidscriteria waaraan op 1 april as. dient te worden voldaan niet in gevaar te brengen en daarmee een eventuele ministeriële interventie af te wenden;
•
recht te doen aan de gelopen zienswijzeprocedure (ook bij de andere deelnemers van onze gemeenschappelijke regeling);
•
extra kosten als gevolg van het niet tijdig invoeren van de naamswijziging en de daarmee verband houdende kosten voor een juridisch valide workaround voor alle deelnemers te voorkomen. Deze situatie doet zich voor als er niet voor 1 mei a.s. een nieuwe regeling is vastgesteld;
•
te voldoen aan de wettelijke eisen van de Wgr en daarmee ook gehoor te geven aan de opmerking van de accountant dat de GR op dit moment niet voldoet aan de wet en daarmee een rechtmatigheidsrisico vormt.
Namens RUD Zeeland zal dhr. Jochems op 7 april a.s. aan de raadsleden van uw gemeente een nadere toelichting verschaffen. Met vriendelijke groet, Namens het Dagelijks Bestuur van RUD Zeeland,
Drs. J.G. Smit Voorzitter