CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

d. zienswijze aanvrager

Raad 2 november 2023, gemeente SluisBij agendapunt: Voorstel tot afwijzing verzoek tot herziening van het bestemmingsplan 'Buitengebied Sluis (2de herziening) voor het perceel Kanaalweg ong. te Retranchement'.3.513 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

From: Theo Moggré <Theo.Moggre@mobosch.nl> Sent: maandag 31 juli 2023 10:52:00 To: Bestuurssecretariaat gemeente Sluis Cc: Marian van Oostenbrugge-Bertou; Marnix den Boeft Subject: Zienswijze bp Kanaalweg nav SAB rapport Attachments: Zienswijze bp kanaalweg nav SAB rapport 31072023.pdf

Geachte mevrouw, mijnheer, Zie svp de bijlage. Graag ontvang ik uw ontvangstbevestiging. Bij voorbaat dank. Met vriendelijke groet, Theo Moggré

Zienswijze BP Kanaalweg (ong.) naar aanleiding van SAB rapportage Geacht college, Het Stedenbouwkundig bureau SAB uit Amsterdam heeft op uw verzoek een advies/rapport opgemaakt, gedateerd 14 juli 2023, met het onderwerp: “advies woningbouw Kanaalweg ong. Retranchement”. Dank voor de gelegenheid die u biedt om te reageren op het rapport middels een zienswijze! U geeft daarvoor een termijn van 14 dagen te rekenen vanaf 21 juli. Daaraan wordt hierbij voldaan, zodat deze zienswijze alleszins tijdig is ingediend. Allereerst: Op 7 juli ontving ik uw mailbericht waarin u zei dat het advies van dat Amsterdamse bureau daags ervoor (op 6 juli) door u was ontvangen. Op maandag 10 juli berichtte u, dat het externe bureau negatief had geadviseerd over ons ingediende bestemmingplan met als globale hoofdreden: “open landschap wordt aangetast; niet voldoende ruimtelijke kwaliteitswinst”, waarop ik vroeg dat rapport te mogen ontvangen. U hebt mij dat op 19 juli toegestuurd, met het aanbod hierover een zienswijze in te dienen. Dit rapport bleek echter gedateerd 14 juli 2023, dus 8 dagen later dan 6 juli toen u het ontving. Hoe kan dat? Zijn er 2 rapporten? Eén van 6 juli en één van 14 juli? Of is het oorspronkelijke rapport van 6 juli gewijzigd? Nu inhoudelijk: Het rapport (SAB noemt het “memo”) kent 2 conclusies.

De eerste conclusie van SAB is dat niet voldaan wordt aan criteria voor de Ruimte voor Ruimte regeling. Het argument is dat deze wijzigingsregeling slechts kan worden toegepast indien er sprake is van ruimtelijke kwaliteitswinst. En daaraan zou het in ons plan aan ontbreken. Toevoeging van woningen (dus verstening) gaat ten koste van het open landschap en het als bijlage ingediende landschappelijke inpassingsplan, komt eveneens de openheid van het landschap niet ten goede, aldus en volgens SAB. De tweede conclusie van SAB, vermeld dat er aan het vastgestelde gemeentelijke beleidsnotitie “Verplaatsen bouwtitels buitengebied gemeente Sluis” is getoetst. Vervolgens wordt hetzelfde geconcludeerd als in de eerste conclusie, aangevuld met dat ook de “Rood voor Rood” regeling, niet van toepassing zou zijn op ons ingediende bestemmingsplan. Hierna zal ik ingaan op alle genoemde aspecten van de beide conclusies van SAB. Deze kan ik -op basis van relevante en vastgestelde beleidsdocumenten- onderbouwd met steekhoudende argumenten en feiten, weerleggen: Ruimtelijke kwaliteitswinst. Wat is de definitie hiervan? Hoe en door wie wordt bepaald of sprake is van ruimtelijke kwaliteitswinst. Welke criteria gelden? Het antwoord hierop valt uiteen in 2 delen: Deel 1.

In het vigerende bestemmingsplan “2e herziening Buitengebied Sluis” zijn criteria bepaald welke leiden tot ruimtelijke kwaliteitswinst en die zijn in artikel 28.6.2 lid A, benoemd en gespecifieerd:

Pagina 1 van 10

Ruimtelijke kwaliteitswinst moet dus blijken uit (een van) de bovenstaande 4 punten. Ons plan voldoet daaraan; dit zal hierna worden aangetoond. Het behoud van open landschap, wat voor het Amsterdamse stedenbouwkundig buro SAB als belangrijkste criterium lijkt te gelden, wordt niet eens genoemd in bovenstaande opsomming…. Deel 2: Er is relevante jurisprudentie van de Raad van State over wat in ieder geval tot ruimtelijke kwaliteitswinst leidt. En dat is de mate van ontstening in het buitengebied: ECLI:NL:RVS:2022:1302:

De Raad van State geeft hiermee in ieder geval een heldere, verifieerbare en controleerbare tool om te bepalen of er sprake is van ruimtelijke kwaliteitswinst. In ons ingediende bestemmingsplan wordt onderbouwd dat er per saldo een ontstening in het buitengebied plaatsvindt van minimaal ca. 2.100 m2. Dit feit is dus volgens geldende jurisprudentie van de Raad van State, de ruimtelijke kwaliteitswinst. Dit aspect is bijzonder relevant, maar wordt in het geheel niet genoemd door buro SAB in hun memo. In het memo wordt feitelijk een “open landschap” betiteld als zijnde ruimtelijke kwaliteit. Dit is echter een selectieve perceptie die misschien vanuit Amsterdamse ogen enigszins begrijpelijk kan zijn, maar die in geen van de relevante beleidsdocumenten wordt genoemd. Het buitengebied van de gemeente Sluis is per definitie “open landschap”. Het heet niet voor niets: “buitengebied”. Amsterdam (en een groot deel van de Randstad) kent geen “buitengebied”, laat staan “open landschap”. In het eigen vigerende bestemmingsplan, “2e herziening Buitengebied Sluis”, wordt in artikel 28.6.2 lid A sub 4 bepaald wat ruimtelijke kwaliteitswinst is of hoe dat ontstaat, nl: “de mate waarin voorzien wordt in natuurontwikkeling of het herstel of herkenbaar maken van cultuurhistorische waarden”. Het behoud van open landschap wordt ook hier niet genoemd.

Integendeel zelfs: het is natuurontwikkeling of herstel daarvan wat leidt tot ruimtelijke kwaliteitswinst volgens het geldende bestemmingsplan. Daaraan wordt voldaan: aan het Dijkske komt bos (conform doelstelling Zeeuwse Bosvisie) en aan de Kanaalweg worden de woningen landschappelijk zorgvuldig ingepast met Pagina 2 van 10

toevoeging van natuurontwikkeling met o.m. streekeigen landschapselementen alsmede wordt extra natuur aangelegd op ca. 40 % van het totale perceel. Het stedenbouwkundig buro SAB slaat derhalve met hun conclusie (de realisatie van de compensatiewoningen gaat ten koste van het open landschap en daardoor is er geen sprake van ruimtelijke kwaliteitswinst) evident de plank mis. Op basis vastgestelde beleidsdocumenten i.c.m. geldende jurisprudentie, kan de conclusie niet anders zijn dan dat Ruimtelijke Kwaliteitswinst gerealiseerd wordt door enerzijds de mate van ontstening van het buitengebied en anderzijds door de mate waarin voorzien wordt in natuurontwikkeling of herstel daarvan in het buitengebied. Aan beide criteria wordt aantoonbaar voldaan in ons ingediende bestemmingplan. En wat is nu een goede ruimtelijke ordening in dit verband? In de genoemde RvS uitspraak wordt ook dat door de Afdeling benoemd:

Verstening van het buitengebied is in strijd met een goede ruimtelijke ordening. Hieruit volgt ontegenzeggelijk dat ontstening van het buitengebied bijdraagt aan een goede ruimtelijke ordening. Ons ingediende bestemmingsplan (met een saldo van ontstening in het buitengebied van minimaal 2.100 m2) sluit perfect aan bij de doelstelling van de Omgevingsverordening. Ook dit punt wordt niet benoemd door SAB. Wat nog niet benoemd is maar niet onbelangrijk: na het vaststellen van het ingediende bestemmingsplan zal een rotte kies in het landschap bij Eede na tientallen jaren, eindelijk worden opgeruimd. Dit feit alleen al zorgt voor een ruimtelijke kwaliteitswinst. Dit wordt nog eens versterkt door de aanleg van dat bosje, zodat terecht gesproken kan worden van “aanzienlijke ruimtelijke kwaliteitswinst”. Of dat bos nu groot of klein is; doet niet ter zake; elke boom is er één. Ook een ruimtelijke inpassingplan (zoals bedoeld in het bestemmingsplan), komt het open landschap niet ten goede volgens SAB, wat feitelijk hun hoofdreden is om tégen te zijn. Zoals eerder aangegeven, is dit een eigen perceptie die niet valt te verdedigen met de vastgestelde en vigerende beleidsdocumenten in de hand, zoals hierboven uitvoerig uiteengezet. In de afgelopen periode zijn door uw raad meerdere vergelijkbare bestemmingsplannen vastgesteld welke inmiddels onherroepelijk zijn.

Dit zijn stuk voor stuk precedenten. Daar is er minstens één bij, waarvan inderdaad gesproken zou kunnen worden dat het open landschap wordt aangetast. Het gaat hier om een volledig open agrarisch gebied van tientallen hectaren waarin een groot bouwblok (inclusief een mooi landschappelijke inpassingsplan van buro Omna) voor een nieuw te realiseren compensatiewoning is vergund. Die compensatiewoning komt in een gebied die vele malen groter en wijdser is dan het stukje grond aan de Kanaalweg wat ingeklemd ligt tussen een woning en een recreatieterrein met een “achtertuin” van slechts enkele hectaren. In tegenstelling tot de bewering van SAB dat getoetst is aan “Verplaatsen Bouwtitels buitengebied gemeente Sluis” (recent herbevestigd middels amendement nr. 4 door uw Raad op 22 juni j.l.), blijkt dat feitelijk nergens uit. Men benoemd de juiste beleidsdocumenten, maar geeft daar vervolgens een geheel eigen subjectieve invulling en interpretatie aan, welke geen recht doen aan hetgeen beoogd met die beleidsdocumenten. Ons ingediende bestemmingsplan kan met succes langs “de meetlat van vastgesteld beleid” worden gelegd. Pagina 3 van 10

Aan het perceel Kanaalweg is geen sprake van een “open landschap” Vanaf half maart tot half november is de bestaande groengordel langs de Kanaalweg bladdragend en is er geen feitelijk zicht op het Belgische achterland. Gedurende half november tot half maart is er doorzicht mogelijk. Echter gedurende die periode is de streek uitgestorven en passeert er nauwelijks verkeer of passanten. Het zijn dan de weinige lokale bewoners van Retranchement en Cadzand die eventueel langskomen. Ook Knokke is in die periode relatief leeg. Vanaf april tot en met oktober is het toeristisch seizoen en is er verkeer en passanten, echter is er dan vrijwel geen doorzicht mogelijk vanwege de opgaande dichte groengordel van het Waterschap met o.a. hoge bomen. Om toch van het achterliggende gebied te kunnen genieten, is in het landschappelijke inpassingsplan speciaal een uitzichtpunt met zitelement voorzien waar voorbijgangers kunnen pauzeren en van de nieuw aan te leggen natuur of van het bestaande weiland en het daar achter gelegen Belgische achterland, zouden kunnen genieten. Een ander aspect van de SAB conclusie is dat de “Rood voor Rood” regeling niet van toepassing zou zijn omdat het gaat om verplaatsing van een voormalige (agrarische) bedrijfswoning. Dit is aantoonbaar onjuist. Sterker nog: het is zelfs in tegenspraak met hun eigen memo; op pagina 2 staat :

Het beleidsdocument “Verplaatsen Bouwtitels” bepaald dat de rood voor rood regeling toegepast wordt als de te verplaatsen bouwtitel een bestaande planologisch geregelde bouwtitel van een burgerwoning betreft. Zie pagina 2 van die beleidsnotitie:

De sloopwaardige woning Het Dijkske 1 is planologisch een gewone burgerwoning. Ten overvloede bijgaand screenshot van ruimtelijkeplannen.nl ter bewijs:

Dit leidt ertoe dat geen andere conclusie mogelijk is dan dat de Rood voor Rood regeling wel degelijk van toepassing is. De aan het Dijkske nieuw aan te leggen natuur (bos), is overigens conform de doelstelling van de Zeeuwse Bosvisie, en resulteert in aan aanzienlijke ruimtelijke kwaliteitswinst (zie Pagina 4 van 10

bijlage 2 bij de toelichting van het bp). Er wordt immers voorzien in natuurontwikkeling en het herstel daarvan. Hetgeen hierboven vermeld is eerder al in 2021 geconstateerd door uw RO beleidsmedewerker en -specialist, en door het vorig college verwoord in het principebesluit om -onder voorwaarden- medewerking te willen verlenen aan ons initiatief. Hieronder een paar quotes uit dat principebesluit:

Uit het vorenstaande volgt dat uw eigen RO afdeling, op 28 juni 2021 reeds concludeerde dat het initiatief in principe voldeed aan de gestelde beleidsuitgangspunten die worden gehanteerd voor verplaatsingen van bouwtitels in het buitengebied, mits voldaan wordt aan de voorwaarden, waaronder aan de eis voor een goede ruimtelijke ordening. Zowel het ingeschakelde RO adviesburo Adromi, alsmede de rapportages van de deskundigen (bijgevoegd als bijlage 1 t/m 5 bij de toelichting van het bestemmingsplan): ecoloog, landschapsarchitect en stedenbouwkundige tonen aan dat het voldoet aan die gestelde voorwaarden. Het zijn stuk voor stuk erkende deskundigen die allen, vaak en veel betrokken zijn bij “Sluisse bestemmingsplannen” die de afgelopen jaren voorlagen. Deze deskundigen zijn: Adromi BV, Ecoloog de heer Alex Wieland, Buro Omna ontwerpers van de buitenruimte (mevrouw Corinne Lecluyse), en Stedenbouwkundige Ir. Willem Stigter. SAB zegt: Realisatie van de woningen aan de Kanaalweg gaat ten koste van het open landschap. Kan een strook grond van 160 m lengte bij 70 meter diep, gelegen tussen 2 bebouwingsclusters beschouwd worden als open landschap? Gezien de kleinschaligheid ervan is geen sprake van open landschap.

Die 160 m is voorbij voordat het bemerkt wordt en daarbij geldt dat wat hier als open landschap wordt bedoeld, feitelijk België is; de grens ligt op 220 m afstand vanaf het perceel Kanaalweg. Nederlandse wet- en regelgeving kan niet wordt toegepast voor Belgisch grondgebied. Een open stuk agrarische grond met een diepte van slechts 220 m in het buitengebied kan onmogelijk gekwalificeerd worden als een open landschap. De “achtertuin” van het perceel aan de Kanaalweg welke buro SAB via Google Maps heeft gezien, is in hoofzaak Belgisch grondgebied. In theorie kan België/Knokke hun eigen grond, het zg. “open landschap” volgens SAB, achter de Kanaalweg volbouwen. Van een open landschap is sprake van minstens tientallen hectares aaneengesloten agrarisch bouwland. Dat is hier totaal niet aan de orde, het gaat om een klein gebiedje van maar enkele hectares. Toevoeging van woningen in het buitengebied gaat per definitie altijd ten koste van open landschap in het buitengebied. Desondanks voldoet de locatie aan de voorwaarden. Aangetoond is immers, door o.m. ecoloog de heer Alex Wieland, dat realisatie van die paar woningen aan de Kanaalweg geen nadelige effecten hebben op eventueel aanwezige landschapswaarden. Dit is een belangrijke voorwaarde voor het verplaatsen van bouwtitels Pagina 5 van 10

naar een locatie met de bestemming Agrarisch met waarden. In het beleidsstuk “Verplaatsen Bouwtitels is daarover het volgende opgenomen onder punt 2 op pagina 4 onder het kopje: “Geschikte locatie nieuwbouwwoning” …”Vanwege deze reden komen met één van de bestemmingen “Agrarisch met landschappelijke en/of natuurwaarden” in aanmerking voor de realisatie van een nieuwbouwwoning indien er middels een inrichtingsplan kan worden aangetoond dat het plan geen nadelige effecten heeft op deze waarden” In dit verband is relevant hetgeen GS van de provincie Zeeland reeds op 7 februari 1995 schreef in hun brief met kenmerk 951098/10:

Recent heeft ecoloog de heer Alex Wieland bovenstaande nog eens bevestigd, zowel mondeling tijdens de Commissie Ruimte AB vergadering van 24 januari jl. als in zijn quickscan Ecologie Kanaalweg (bijlage 3 van de toelichting bij het bestemmingsplan), dat er op het perceel aan de Kanaalweg geen landschapswaarden aanwezig zijn:

Buro Omna (landschapsarchitect) stelt in haar rapport (bijlage 1 van de toelichting bij het bestemmingsplan), dat er aan de Kanaalweg sprake is van een aanzienlijke ruimtelijke Pagina 6 van 10

kwaliteitswinst welke gerealiseerd wordt na uitvoering van de geplande toevoeging van verschillende streekeigen landschapselementen:

En verder:

Pagina 7 van 10

De nieuwbouw locatie aan de Kanaalweg is aansluitend aan de kern Retranchement. Ook dat aspect is relevant en wordt aan voldaan. In het beleidsstuk “Verplaatsen Bouwtitels” is bepaald:

De compensatiewoningen worden gebouwd op een afstand van minder dan 100 meter vanaf een burgerwoning in de bebouwde kom Retranchement. Het initiatief voldoet dus aan het criterium “aansluitend aan de kern tot maximaal 500 m” waarbij een landschappelijk inpassing gewaarborgd is. Het bord “Retranchement” staat op exact 60 meter afstand. Alleen al dat feit maakt dat op de planlocatie geen sprake kán zijn van “open landschap”. Om te voorkomen dat inderdaad “open landschap” zou worden aangetast is o.m. die 500 m regel door uw Raad vastgesteld “Het landschappelijk inpassingsplan voor de Kanaalweg, komt de openheid van het landschap niet ten goede”, schrijft SAB. Hier wordt klaarblijkelijk de bijlage 1 bedoeld, van de toelichting bij het bestemmingsplan van buro Omna. Deze landschapsarchitect en erkend deskundige, concludeert dat “ondanks de toevoeging van 3 woningen op de locatie nabij de bestaande bebouwing, wordt door de voorgeschreven landschappelijke ingrepen, een aanzienlijke ruimtelijke kwaliteitswinst geboekt ten opzichte van de huidige situatie”. En dat is wat telt volgens de beleidsdocumenten. Het Buro SAB ziet dat anders. Hebben zij de beleidsstukken überhaupt wel gelezen? In een landschappelijk inpassingsplan dienen streekeigen soorten en landschappelijke elementen toegevoegd of versterkt te worden.

SAB is daartegen “vanwege aantasting van het open landschap” en daarmee is hun conclusie niet relevant voor een juiste beoordeling (op basis van vastgestelde beleidsdocumenten). Met bovenstaande veronderstel ik de conclusies van het Bureau SAB voldoende en afdoende te hebben weerlegt. Alternatief is desondanks (als het advies van SAB gevolgd wordt) om een gedeelte van de locatie (60 m breed bij 70m diep) te laten zoals het nu is. Dan verandert er niets en wordt de natuurtoevoeging aan de Kanaalweg niet gerealiseerd en blijft het zoals het nu is. Het zg. open landschap blijft dan volledig gehandhaafd zoals het bureau SAB wenst. Resultaat zal zijn: de gulden middenweg: grofweg 40 % van de locatie veranderd niet en de nieuwe woningen worden geclusterd tegen het bestaande cluster Kanaalweg 1 / Zwinstraat 30. Het is een mogelijkheid om deze optie te bespreken in een nog nader in te plannen overleg. In de kern gaat het om de ruimtelijke aanvaardbaarheid om een paar woningen te realiseren op de planlocatie aan de Kanaalweg. Bureau SAB zegt: dit gaat ten koste van het open landschap aldaar. En daardoor is er geen sprake van ruimtelijke kwaliteitswinst. M.a.w. voor SAB is het “open landschap” maatstaf gevend en bepalend voor hun oordeelsvorming.

Behoud van open landschap wordt nergens in de vastgestelde beleidsdocumenten benoemd als doel of dat daardoor ruimtelijke kwaliteitswinst ontstaat. Hierin zit een contradictie tussen vastgesteld beleid door de Raad van de gemeente Sluis enerzijds, versus de inhoud van het memo van SAB anderzijds. Heeft SAB getoetst aan vastgesteld beleid, of hebben ze hun eigen mening verwoord vanachter een Amsterdams bureau?

Pagina 8 van 10

Vervolgens zegt SAB dat rood voor rood niet van toepassing is. Dit is overduidelijk en aantoonbaar onjuist en ook nog eens in tegenspraak met hun eigen memo. Dit feit, in combinatie met het belangrijkste hoofdargument van SAB om tegen het plan te zijn (nl. aantasting van het open landschap), wordt niet één keer genoemd in door uw Raad vastgestelde beleidsdocumenten, kan de conclusie niet anders luiden dan dat feitelijk hun hele memo, niet relevant is voor de bepaling of ons ingediende bestemmingsplan voldoet aan vastgestelde beleid. Nadere overwegingen: Er is een vastgesteld bestemmingsplan “Recreatieterrein de Winne”. Dit terrein ligt direct aangrenzend aan de planlocatie en omvat ruim 4 ha. Er mogen komen 21 recreatiewoningen, 15 stacaravans, een centrumgebouw en een bedrijfswoning. Duidelijk is dat onze geplande 3 woningen bij het bestaande bebouwingscluster aan het kruispunt, in geen verhouding staan tot het vastgestelde bestemmingsplan de Winne. Aan de andere kant van het kruispunt (op 60 m afstand) is het parkeerterrein gerealiseerd van 4.000 m2 met 120 parkeervakken. Van een open agrarisch landschap wordt gesproken indien een gebied meerdere tientallen hectaren onbebouwd gebied betreft. Het totale Nederlandse gebied achter de planlocatie is in totaliteit ca. 4.9 ha. Een dergelijk klein areaal kan niet bestempeld worden als open landschap. En als daarvan ca. 0.7 ha.

bestemd wordt voor een drietal compensatiewoningen, is dat vanwege de kleinschaligheid ervan, feitelijk irrelevant. Het kan dan ook nauwelijks impact hebben op de omgeving. Die kleinschaligheid is wel van invloed op een afweging van de diverse belangen die betrokken belangen. Mochten er desondanks nog twijfels zijn, doe ik hierbij een beroep het evenredigheidsbeginsel als het gaat om een belangenafweging, het proportionaliteitsbeginsel, als ook de hardheidsclausule zoals benoemd in het beleidsdocument “Verplaatsen Bouwtitels”. Op basis van alle argumenten en feiten die in deze uitgebreide zienswijze zijn beschreven, is onze vraag aan u, om uw voornemen om negatief te adviseren aan de Raad, te willen heroverwegen. Hopelijk wordt ons ingediende bestemmingsplan op 28 september a.s. door uw Raad vastgesteld. Het resultaat daarvan zal dan zijn: 1. Een “rotte kies” in het buitengebied van Eede wordt opgeruimd 2. Daarvoor in de plaats wordt nieuwe natuur aangelegd conform de Zeeuwse Bosvisie 3. Er vindt ontstening van het buitengebied plaats met minstens 2.100 m2 4. Volgens een stedenbouwkundige analyse zijn de nieuwe compensatiewoningen aan de Kanaalweg nabij het kruispunt Kanaalweg/Knokkeweg, acceptabel. 5. De bouwkavels zijn aanmerkelijk verkleind zijn tov eerdere plan, ten gunste van aanleg van nieuwe natuur(bestemming) aan de Kanaalweg 6.

Er middels een landschappelijk inpassingsplan is aangetoond dat er geen nadelige effecten zijn op eventueel aanwezige landschapswaarden 7. Het perceel aan de Kanaalweg en omliggende gebied kent geen bijzondere landschappelijke waarden volgens de Provincie Zeeland in haar brief van 7 februari 1995. 8. Dit ook mondeling door een ecoloog is verklaard en gerapporteerd in een quickscan Natuurwetgeving. Pagina 9 van 10

9. Er nieuwe natuur wordt gerealiseerd op de perceel en direkt aangrenzend aan “de Winne” 10. Als gevolg van alle hierboven punten wordt aanzienlijke ruimtelijk kwaliteitswinst geboekt zowel aan het Dijkske te Eede als aan de Kanaalweg te Retranchement. 11. Voor het direct aangrenzende recreatiepark geldt een onherroepelijk bestemmingsplan voor realisatie van 21 bungalows, 15 kampeerstandplaatsen, een centrumgebouw en een dienstwoning. 12. Door realisatie van dit kleinschalige initiatief icm de aanleg van een stuk natuur direkt naast het recreatieterrein “de Winne” wordt het zg. open karakter van het gebied (zo hier al sprake van zou zijn) niet aangetast en heeft, ook vanwege die kleinschaligheid, geen invloed om het omgevingskarakter. 13. Het algemeen belang wordt gediend door opruiming van een “rotte kies” in het landschap in Eede; door realisering van nieuwe natuur op zowel de slooplocatie als op de planlocatie aan de Kanaalweg; en door toevoeging van 3 woningen direkt aangrenzend aan de kern Retranchement conform het recent vastgestelde woondossier In uw brief van 20 juli biedt u een mondeling gesprek aan. Graag wil ik daarvan gebruik maken en deze zienswijze verder met u bespreken. Uw uitnodiging daartoe zie ik graag op korte termijn tegemoet.

Mocht dit gesprek onverhoopt -om welke reden dan ook- niet ingepland kunnen worden, verzoek ik u om ons ingediende bestemmingsplan met een positief college-advies ter vaststelling voor te leggen aan uw Raad in hun vergadering van 28 september a.s. Hoogachtend,

w.g. Theo Moggré 31 juli 2023 Deze zienswijze mag openbaar worden gepubliceerd.

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=c6609c9e-f9e8-429b-8be6-60c001d6643e