d. beleidsregel parkeren Oostburg.pdf
Tekst van het document
Sluis beleidsregel parkeren kern Oostburg
Identificatie Rho adviseurs voor leefruimte
planstatus
projectnummer:
Vastgesteld
1614.20161233
12 september 2017
projectleider:
Gemeente Sluis drs K. Seerden auteur(s):
Burgemeester en wethouders,
K. van der Stelt ing. R.G.M. Louwes
De burgemeester,
Mr. P.A.G. Cammaer t,
De secretaris,
S.I. de Kievit-Minnaert,
Inhoud 1.
Parkeernormen
3
2.
Uitwerking structuurvisie Krachtig Verbonden
1
2.1. 2.2.
1 2
Krachtig Verbonden paragraaf 6.1 Parkeren Uitwerking uitgangspunten voor parkeernormen
Bijlagen: 1. 2. 3.
Tabel Parkeernormen kern Oostburg Aanwezigheidspercentages Loopafstanden
1. Parkeernormen
Inleiding. Op 18 november 2014 heeft de Eerste Kamer de 'Reparatiewet BZK 2014’ aangenomen. De Reparatiewet BZK is voor het grootste deel op 29 november 2014 in werking getreden (Stb. 2014, 458). In die wet worden de bepalingen van de Woningwet geschrapt die de grondslag vormen voor het opnemen van stedenbouwkundige voorschriften in de Bouwverordening. De Reparatiewet BZK 2014 regelt dat de stedenbouwkundige bepalingen uit de Bouwverordening moeten worden ger egeld in bestemmings plannen. Een belangrijk stedenbouwkundig voorschrift betreft het in artikel 2.5.30, eerste lid van de (Model)Bouwverordening opgenomen verplichting dat ten behoeve van het parkeren van auto's in voldoende mate ruimte moet zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. Als gevolg van de Reparatiewet BZK is artikel 2.5.30 van de Bouwverordening, het zogenoemde parkeerartikel, komen te vervallen. Vanaf die tijd is er in de gemeente Sluis getoetst aan de CROW-parkeernormen. In 2015 heeft de gemeenteraad de structuurvisie Krachtig Verbonden vastgesteld. Daarin is de visie op het parkeren voor de gemeente Sluis gegeven. De "Beleidsregel parkeren kern Oostburg" is een uitwerking van voornoemde structuurvisie en voorziet in de toepassing van parkeernormenbij (ruimtelijke) ontwikelingen in de kern Oostburg.
De gemeente Sluis baseert zich daarbij op de CROW publicatie 317 "Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie" (oktober 2012). Welke normen worden toegepast en op welke wijze dit gebeurt, wordt in deze beleidsregel vastgelegd.
3
2. Uitwerking structuurvisie Krachtig Verbonden
1
2.1.
Krachtig Verbonden paragraaf 6.1 Parkeren In Krachtig Verbonden is in paragraaf 6.1 Parkeren ingegaan op het parkeeraspect. Daarin is het volgende opgenomen, voor zover relevant voor de kern Oostburg. Waar hebben we mee te maken? • In de diverse kernen, zoals Oostburg, is er geen sprake van onevenredige parkeerdruk. • De passage in de bouwverordening, waarin was opgenomen dat aan de parkeernorm getoetst moest worden, is in 2014 vervallen. De norm zelf is nog niet vastgelegd. Momenteel wordt getoetst aan de CROW-norm. • Door wetgeving in België en Frankrijk wordt veelvuldig geparkeerd en overnacht door vrachtwagens op niet daarvoor bestemde terreinen. Wat willen we bereiken? • Betere afstemming van vraag en aanbod van parkeerplaatsen (met name ten aanzien van de ontwikkelingen in Breskens en Cadzand-Bad). • De juiste parkeerder op de juiste plaats (een goed onderscheid tussen kort, lang, vrij en vergund parkeren). • Nieuwe initiatieven in de centrumgebieden en gemengde gebieden mogelijk maken door belemmeringen in parkeerbeleid weg te nemen. Hoe willen we het bereiken? • Parkeerterreinen blijven zoveel mogelijk in gemeentelijk eigendom. • Particuliere initiatieven tot realisatie van parkeerterreinen worden ondersteund. Bij realisatie van parkeerplaatsen dient de ruimtelijke inpassing en afstemming in de omgeving meegenomen te worden (beeldkwaliteiten).
Bij het bepalen van de parkeerbalans dient nadrukkelijk de toekomstige situatie afgezet te worden tegen de bestaande situatie. In de gebieden met de bestemming Gemengd en Centrum geen parkeernorm hanteren bij functiewijzigingen en bouwplannen. Uitzondering vormen initiatieven en ontwikkelingen waardoor de parkeerdruk aanzienlijk toeneemt (zoals bij vestiging supermarkt, appartementencomplexen, enz). Bij nieuwe projecten buiten gemengde en centrumgebieden dient parkeren op eigen terrein gerealiseerd te worden. Indien dit niet mogelijk is, wordt in uitzonderlijke gevallen maatwerk geleverd. Parkeernormen verder uitwerken voor initiatieven die niet vallen in gebieden waarvoor geen parkeernorm geldt danwel plannen die wel door hun aard en omvang wel aan de parkeerno rm moeten voldoen (bv supermarkt, appartementencomplexen, enz). Ten behoeve van de parkeereis kunnen in sommige gevallen parkeerplaatsen worden afgekocht bij de gemeente. Hiervoor wordt een bedrag van € 2.500,- per parkeerplaats in rekening gebracht. Maatwerk kan worden toegepast in gevallen waarbij er in de private of publieke omgeving fysiek ruimte ontbreekt voor het r ealiseren van parkeerplaatsen. • Het aanwijzen van een parkeerterrein voor vrachtwagens waar overnachten tot de mogelijkheden behoort.
2.2.
Uitwerking uitgangspunten parkeernormen in de kern Oostburg.
Uitgangspunten Hiervoor zijn bij 2.1 onder "Hoe willen we het bereiken?" de uitgangspunten benoemd zoals opgenomen in de Structuurvisie Krachtig Verbonden. In deze notitie worden de parkeernormen op basis van deze uitgangpunten nader uitgewerkt voor de kern Oostburg. 1. In de kern Oostburg is geen spr ake van onevenredige parkeerdruk Relevante parkeertekorten doen zich in de kern Oostburg niet voor. De parkeerbalans voor een initiatief kan dan ook worden gericht op de concrete situatie. In principe ontbreekt d e noodzaak om hierbij een groter gebied te betrekken. De initiatiefnemer kan een onderbouwd verzoek indienen om hiervan af te wijken. 2. Parkeerterreinen blijven zoveel mogelijk in gemeentelijk eigendom . De gemeente Sluis beschikt over parkeerterreinen, met name in het centrum van de kern. Deze terreinen zijn en blijven in gemeentelijk eigendom. Hiermee wordt gewaarborgd dat de terrein als zodanig beschikbaar blijven en kan de gemeente ook parkeerregulering toepassen, zoals bijvoorbeeld blauwe zones. De mogelijkheid van sturend parkeerbeleid kan namelijk van belang zijn voor spreiding van parkeerdruk. In de kern Oostburg is voor dit laatste niet direct een aanleiding. Behoud van de totale parkeercapaciteit is wel van belang. Daarbij is enige verschuiving tussen parkeercapaciteit van de afzonderlijke parkeerterreinen mogelijk. 3.
Bij realisatie van parkeerplaatsen dient de ruimtelijke inpassing en afstemming in de omgeving meegenomen te worden (beeldkwaliteiten). 1 Voor de herinrichting van de openbare ruimte, zijn inrichtingstekeningen vervaardigd waarbij aandacht wordt besteed aan de ruimtelijke inpassing en afstemming op de omgeving. Hierbij gaat het met name om een fraaiere inrichting ten opzichte van de oorspronkelijke situatie. Tevens is afstemming van de inrichting van de openbare ruimte van gebieden met ruimtelijk-functionele samenhang gewenst. Hiermee kunnen parkeerterrei nen bijdragen aan verbetering van de kwaliteit en uitstraling van de openbare ruimte. 4.
Bij het bepalen van de parkeerbalans dient nadrukkelijk de toekomstige situatie afgezet te worden tegen de bestaande situatie . In de op te stellen parkeerbalans wordt aa ngegeven welke functies gebruik maken van een bepaald parkeerterreinen en welke functies dat in de toekomstige situatie zullen doen. De bijbehorende parkeerbehoeftes worden ber ekend. Vervolgens wordt beoordeeld hoeveel parkeercapaciteit het oorspronkelijke parkeerterrein heeft en de parkeercapaciteit in de toekomstige situatie. Deze gegevens worden vergeleken. Uitgangspunt is dat het aantal parkeerplaatsen niet afneemt. Uitzondering hierop kan zijn dat elders, binnen een aanvaardbare loopafstand, parkeerterreinen zijn ontwikkeld die op maatgevende periodes beschikbaar zijn voor ander gebruik. Parkeerterreinen bij scholen en vergelijkbare maatschappelijke voorzieningen, kunnen bij het bepalen van de parkeerbalans voor een maatgevende periode zoals zaterdagmiddag, in de parkeerbalans worden betrokken. De mate waarin die parkeercapaciteit gedeeltelijk of geheel wordt betrokken, is ook afhankelijk van de benodigde parkeercapaciteit op andere moment, zoals een vrijdagmiddag met mogelijk een iets lagere parkeerdruk dan zaterdagmiddag. Zoals hiervoor is aangegeven is er geen aanleiding tot het uitvoeren van parkeerdrukmetingen aangezien in de kern geen sprake is van relevante parkeertekorten.
1
Herinrichtingsplan Centrum Oostburg, vastgesteld op 25 juni 2015
5.
In de gebieden met de bestemming Gemengd en Centrum geen parkeernorm hanteren bij functiewijzigingen en bouwplannen. Uitzondering vormen initiatieven en ontwikkelingen waardoor de parkeerdruk aanzienlijk toeneemt (zoals bij vestiging supermarkt, appartementencomplexen, enz). Als uitwerking van dit uitgangspunt - en mede in relatie tot het feit dat in Oostburg geen sprake is van onevenr edige parkeerdruk - wordt de stelregel gehanteerd dat bij een ruimtelijke ontwikkeling de parkeerbehoefte tot een maximum van 5 parkeerplaatsen wordt opgevangen binnen de bestaande parkeercapaciteit in de openbare ruimte. Het maximum aantal van 5 parkeerplaatsen is gekozen ter bevordering van het onderscheidend winkel - en bedrijvenbestand. Het gaat dan om het stimuleren van de kleinere zaken met een exclusief aanbod. Het stimuleert ook het starten van nieuwe winkels. Concreet betekent dit, dat een initiatiefnemer van een ruimtelijke ontwikkeling geen parkeerplaatsen hoeft te r ealiseren en dat er geen financiële consequenties aan verbonden zijn. Bij een nieuw te vestigen beroep/bedrijf aan huis wordt ervan uitgegaan dat een parkeerbehoefte tot maximaal 3 parkeerplaatsen niet op eigen terrein hoeft te worden gefaciliteerd.
Voorwaarde hierbij is dat er sprake is van een kleinschalige ontwikkeling, waarbij de parkeerbehoefte op basis van de parkeereis niet meer dan 3 parkeerplaatsen bedraagt, de parkeer eis redelijkerwijs (geheel of gedeeltelijk) niet op eigen terrein gerealiseerd kan worden en dat het gaat om een beroep/bedrijf aan huis, waarbij deze ondergeschikt is aan de woonfunctie. Deze uitzondering wordt gemaakt omdat de gemeente het klimaat voor het beginnen van een beroep/bedrijf aan huis wil stimuleren. Het gaat dan om situaties waarin bijvoorbeeld de initiatiefnemer een kantoor- of praktijkruimte in een deel van de woning, niet zijnde een bijgebouw of een garage, wil starten. In hoofdzaak zal dit beroep/bedrijf aan huis zich beperken tot het gebruik van 1 of 2 kamers in de woning, zodat gelet op het aantal vierkante meters bruto vloeroppervlak deze nieuwe ruimtelijke ontwikkeling het maximum aantal van 3 parkeerplaatsen niet zal overstijgen. Door het toepassen van deze uitzonderingsmogelijkheid verwacht de gemeente een stimulans te geven aan deze kleinschalige, niet hinderlijke, bedrijvigheid in de woonomgeving. Uiteraard dienen alle initiatieven tot zogenaamde beroepen/bedrijven aan huis wel te voldoen aan het bestemmingsplan. 6.
Bij nieuwe projecten buiten gemengde en centrumgebieden dient parkeren op eigen terrein gerealiseerd te worden. Indien dit niet mogelijk is, wordt in uitzonderlijke gevallen maatwerk geleverd. Bij initiatieven buiten het centrumgebied is het gewenst dat in parkeercapaciteit op eigen terrein wordt voorzien. Dit is ook gebruikelijk, zodat de parkeerdruk niet wordt afgewenteld op de omgeving. Uitzonderingssituaties kunnen zich voordoen, zoals hiervoor reeds omschreven. Kleinschalige initiatieven of de beschikbaarheid van parkeerterreinen op maatgevende momenten, doordat het parkeerterrein dan slechts gedeeltelijk daadwerkelijk wordt gebruikt. Bij het maken van een parkeerbalans voor een ontwikkeling in een gebied, kan worden bekeken of dubbelgebruik van openbare parkeerplaatsen mogelijk is. In zo’n situatie is wel inzicht nodig in het daadwerkelijke gebruik van het parkeerterrein. Openingstijden van functies kunnen in de beoordeling een rol spelen. Bij het gebruiken van parkeerruimte in de openbare ruimte is de verkeersveiligheid van belang. Bijvoorbeeld het vrijhouden van zicht op belangrijke oversteekplaatsen, zoals bij scholen en speelterreinen, is een belangrijk aandachtspunt. 7.
Parkeernormen verder uitwerken voor initiatieven die niet vallen in gebieden waar voor geen parkeernorm geldt danwel plannen die door hun aard en omvang wel aan de par keernorm moeten voldoen (bv supermarkt, appartementencomplexen, enz).
CROW parkeerkencijfers Voor nieuw te realiseren voorzieningen zijn door de CROW parkeerkencijfers ontwikkeld, die een hulpmiddel zijn voor de initiatiefnemers om het aantal aan te leggen parkeerplaatsen bij een bepaalde voorziening uit te rekenen. Deze parkeerkencijfers worden beschreven in CROW-publicatie nummer 317 ‘Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’ (oktober 2012). Deze kencijfers vormen een leidraad voor het
vaststellen van lokale parkeernormen. Het is daarom noodzakelijk om de kencijfers van de CROW te vertalen naar parkeernormen voor de kern Oostburg. Daarbij is gekozen voor een minimale- en een maximale norm zodat een bandbreedte ontstaat waarbinnen bij concrete ontwikkelingen tot gemotiveerde normstelling wordt overgegaan. Gebiedstypen De vraag naar parkeerplaatsen en de omvang van verkeersgeneratie wordt bepaald door de locatie van de functie en het aanbod en de kwaliteit van de alternatieve vervoerswijzen. Functies in het centrumgebied resulteren in een lagere parkeervraag dan functies van dezelfde aard elders in de bebouwde kom. Daaruit volgt het onderscheid in gebiedstypes. Hierbij wordt aangetekend dat een en ander vanuit het juiste perspectief moet worden bezien, namelijk in de schaal van de gemeente Sluis als plattelandsgemeente. Hierna wordt daar nader op ingegaan.
DE PARKEERNORMEN VOOR DE KERN OOSTBURG Parkeernormen zijn in sterke mate gekoppeld aan de omvang van de gemeenten, de stedelijkheidsfactor en het autobezit in de gemeenten. Stedelijkheidsgraad. Allereerst wordt door de CROW onderscheid gemaakt naar de stedelijkheidsgraad van het gebied waarin de locatie zich bevindt. De stedelijkheidsgraad wordt gebaseerd op de omgevingsadressendichtheid (het aantal adressen per vierkante kilometer), kortweg O AD, en kent vijf gradaties van zeer sterk stedelijke gebieden tot niet stedelijke gebieden. In een gebied met een hoge OAD is het aanbod – en de kwaliteit – van andere vervoerswijzen over het algemeen groter dan in een gebied met een lage OAD. Als gevolg hiervan worden in een gebied met een hoge stedelijkheidsgraad lagere parkeernormen toegepast. De gemeente Sluis is volgens CBS een niet stedelijke omgeving [statline.cbs.nl]. Gebiedstypen De vraag naar parkeerplaatsen en de omvang van verkeersgeneratie wordt bepaald door de locatie van de functie en het aanbod en de kwaliteit van de alternatieve vervoerswijzen. Functies in het centrumgebied resulteren in een lagere parkeervraag dan functies van dezelfde aard elders in de bebouwde kom. Daaruit volgt het onderscheid in gebiedstypes. De CROW hanteert de volgende gebiedstypes: "centrum", "schil centrum", "r est bebouwde kom" en "buitengebied".
Om tot een weloverwogen keuze van het toe te passen gebiedstype te komen wordt de kern Oostburg beoordeeld vanuit het perspectief en de schaal van de geme ente Sluis, zijnde een plattelandsgemeente. Er is geen sprake van hoogwaardig openbaar vervoer en het aanbod en kwaliteit van andere vervoerswijzen is beperkt. Dit betekent dat men i n het algemeen is aangewezen op de auto. Het autobezit in de gemeente wordt gehanteerd als belangrijke graadmeter bij de bepaling van de parkeernormen. Het autobezit in de gemeente Sluis (aantal: 484 personenauto’s per 1.000 inwoners) is, omgerekend, 7,5% hoger dan gemiddeld in de provincie Zeeland (aantal: 450 personenauto’s) en ten opzichte van het landelijk gemiddelde is het autobezit 11,5% hoger (aantal: 434 personenauto’s). Als gevolg van dit relatief hoge autobezit in de gemeente Sluis ligt het in de rede om voor de kern Oostburg in basis te kiezen voor het toepassen van het gebiedstype "rest bebouwde kom". Echter de kern Oostburg heeft van oudsher in de regio West Zeeuws -Vlaanderen - en derhalve binnen de gemeente Sluis - de functie van regionale voorzieningenkern. Dit betekent dat inwoners uit andere kernen naar Oostburg komen voor onder andere gezondheidszorg , gemeentesecretarie, (middelbaar) onderwijs en theaterbezoek.
Qua openbaar vervoer is voor de kern Oostburg, in de schaal van de gemeente Sluis als plattelandsgemeente, sprake van een goede bereikbaarheid. Zo is direct nabij het Gezondheidscentrum Antonius en het Zwin College het enige busstation in de gemeente gesitueerd. Bovendien komen inwoners uit andere kernen , als ook Belgen en de vele toeristen die in het kustgebied verblijven, in Oostburg hun dagelijks e boodschappen doen. Met de vaststelling van het Masterplan Aantrekkelijk Oostburg (27 september 2012) is beleidsmatig ingezet om deze centrumfunctie te versterken. Daartoe zijn in het "actieplan aantrekkelijk centrum" nadere hoofddoelstellingen geformuleerd en is als uitwerking daarvan op 25 juni 2015 het herinrichtingsplan centrum Oostburg vastgesteld. Gelet op het vor enstaande wordt het standpunt ingenomen dat voor het gebied, gevor md door de gr ens bebouwde kom van de kern Oostburg, het gebiedstype "schil centrum" wordt toegepast (zie Bijlage 1).
De parkeerno rmen bij nieuw- en verbouwplannen en functiewijzigingen Er valt onderscheid te maken tussen nieuwbouwplannen, verbouwplannen, uitbreidingsplannen en functiewijzigingen. • Bij nieuwbouwplannen wordt de verplichting tot de aanleg van parkeervoorzieningen berekend aan de hand van de parkeernormentabel uit bijlage 1.
•
•
Uitbreidingsplannen, waarbij dus sprake is van een vergroting van het bruto vloer oppervlakte, leiden automatisch tot een hogere parkeernorm, waarbij eveneens uitgegaan wordt van de normentabel uit bijlage 1. Bij verbouwplannen of een wijziging van het gebruik van een pand wordt de parkeereis van het huidige bouwplan c.q. de oude functie met de bestaande bestemming op eigen erf in mindering gebracht op de nieuw vast te stellen parkeerbehoefte. Wanneer er sprake is van een overschot aan parkeerruimte op eigen terrein na de verbouw dan wel de functiewijziging, dan wordt de extra parkeervraag op eigen terrein opgevangen. Wanneer hiervan geen sprake is, moet naar alternatieven worden gezocht.
Concreet betekent dit dat, als de oude situatie niet voldeed (er waren al te weinig parkeerplaatsen volgens de huidige parkeernormen) er geen aanvulling van dit tekort nodig is. Met ander e woorden : een tekort aan bestaande parkeerplaatsen komt niet ten laste van de nieuwe ruimtelijke ontwikkeling bij verbouw alsmede bij een functiewijziging. De minimale ontwerpeisen voo r het parkeren op eigen terrein De inrichting van een parkeervoorziening speelt qua bruikbaarheid en veiligheid een belangrijke rol. De ruimte voor het parkeren van auto’s moet afmetingen hebben die voldoen voor het stallen van personenauto’s. Beoogd wordt dat parkeerplaatsen zodanig worden ingericht dat deze ook daadwerkelijk kunnen worden gebruikt. Het dubbelgebruik van parkeergelegenheid in de openbare ruimte Door toepassing van dubbelgebruik van een parkeervoorziening kan het aantal te realiseren parkeerplaatsen worden geoptimaliseerd. Op deze manier zijn er minder parkeerplaatsen nodig, dan wanneer het parkeren afzonderlijk per functie gerealiseerd wordt. Het aantal parkeerplaatsen is zodoende meer passend bij een (combinatie van) functie(s). Het berekenen van de mate van dubbelgebruik geschiedt op basis van in bijlage 2 opgenomen aanwezigheidspercentages op maatgevende momenten. Deze percentages worden toegepast om een optimaal aantal parkeerplaatsen bij meerdere ruimtelijke functies te waarborgen.
Hiermee wordt voorkomen dat de parkeereis onevenredig hoog wordt. Niet elke functie heeft namelijk het volledige aantal parkeerplaatsen nodig gedurende de hele dag/week. Zo zijn parkeerplaatsen voor bedrijven met name overdag op werkdagen noodzakelijk terwijl bewoners met name in de avonduren en weekeinden het meest behoefte hebben aan parkeergelegenheid bij de woningen. De in bijlage 2 opgenomen tabel voor de aanwezigheidspercentages is overgenomen uit de CROWpublicatie. Het geeft het percentage gebruikte parkeerplaatsen weer bij een bepaalde functie op een bepaald moment. De tabel moet als volgt worden gelezen: als er bij de functie ‘woningen’ nor matief 100 parkeerplaatsen moeten worden aangelegd, zijn er op een werkdag overdag 50 in gebru ik; op een werkdag middag 60 etcetera. Bij de aanwezigheidspercentages is een uitsplitsing gemaakt naar diverse perioden in de week. Maatgevend voor de parkeereis is het moment met de hoogst gesommeerde parkeerbelasting op basis van de aanwezigheidspercentages.
Eigen terrein Het uitgangspunt is dat bij toekomstige ontwikkelingen in de kern Oostburg het parkeren dient te worden gerealiseerd op eigen terrein Met ‘parkeren op eigen terrein’ wordt bedoeld: een ruimte voor het parkeren of stallen van auto’s in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoo rt, passend binnen het vigerende bestemmingsplan. Over de interpretatie van de begrippen ‘eigen terrein’ en ‘openbaar toegankelijk terrein’ bestaan wel eens misverstanden. ‘Eigen terrein’ komt immers vaak overeen met ‘privé terrein, niet zijnde openbaar gebied’. Maar ‘eigen terrein’ kan ook een ‘openbaar toegankelijk gedeelte’ zijn van een privé terrein. Het bezoekersaandeel van de parkeernormen dient gelegen te zijn in openbaar toegankelijk terrein.
Van een eigen terrein is ook sprake indien de initiatiefnemer parkeerplaatsen aanlegt op een terrein dat in eigendom is binnen de in bijlage 3 genoemde maximum loopafstand tot aan de betreffende functie. Een voorbeeld hiervan is de vestiging van een restaurant in een van de kernen of buur tschappen waarbij in de parkeerbehoefte voorzien is door de aanleg van parkeerplaatsen op eigen (in eigendom zijnd) terrein binnen een loopafstand van maximaal 200 meter tot aan het restaurant. Opvang van het vereiste aantal ontbrekende parkeerplaatsen van de nieuw te realiseren ontwikkeling in de kern Oostburg kan tevens plaatsvinden in het openbare aanbod binnen de in bijlage 3 genoemde maximum loopafstand tot de betreffende functie. Een dubbelgebruik van de openbare parkeerruimte is mogelijk onder de strikte voorwaarde dat er geen overlap ontstaat met andere functies op datzelfde tijdstip in de omgeving. Bijvoorbeeld de vestiging van een functie uit de categorie ‘sport en recreatie’ of ‘horeca en logies’ waarvan de meeste bezoekers ’s avonds gebruik maken en degenen die met de auto komen deze kunnen parkeren op de reeds aanwezige openbare (gemeentelijke) parkeerplaatsen in de directe omgeving.
8.
Maatwerk kan worden toegepast in gevallen waarbij er in de private of publieke omgeving fysiek ruimte ontbreekt voor het realiseren van parkeerplaatsen. Hiervoor zijn voorbeelden van maatwerk beschreven. Bij toetsing van een initiatief aan de parkeernormen moet worden aangetoond dat sprake is van vergelijkbare situaties. Dit vraagt een motivering van de zijde van de initiatiefnemer.
9.
Het aanwijzen van een parkeerterrein voor vrachtw agens w aar overnachten tot de mogelijkheden behoort. Het aanwijzen van parkeerterreinen voor vrachtwagens en overnachting vindt plaats in het kader van de APV.
Bijlage
1
Parkeernormen kern Oostburg
Stedelijkheidsgraad: Niet stedelijk Woningen Categorie/functie woning/appartement kamer v erhuur
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm 1,1 1,9 0,6 0,7
waarvan bezoekersaandeel 0,3 0,2
per eenheid per woning/appartement per k amer
Detailh andel Categorie/functie buurtsupermarkt discountsupermarkt fullservic e supermark t (laag- en midd ellaag prijsniveau) fullservic e supermark t (midd elhoog en hoog prijsniveau) grote sup ermarkt groothandel in l ev ensmiddel en buurt- en dorpscentru m weekmarkt (bij kl ein wijk, buurt en dorpscentru m) kringloop winkel bruin- en witgo edzak en woonwarenhuis /woon wink el woonwarenhuis (zeer groot) meub elboulev ard /woonboul evard winkelboulevard outletcen trum bouwmarkt tuincentrum groenc entrum
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm 2,3 4,3 4,8 6,8 4,6 6,6 3,8
5,8
6,9 6,3 2,4 0,18 1,0 5,4 1,5 n.v.t. 1,9 3,6 8,5 1,6 2,1 2,1
8,9 8,3 4,4 0,27 1,5 6,9 2,0 n.v.t. 2,4 4,1 10,5 2,1 2,6 2,6
waarvan bezoekersaandeel 89% 96%
per 100 m bvo 2 per 100 m bvo
93%
per 100 m bvo
93%
per 100 m bvo
84% 80% 72% 85% 89% 92% 91% 95% 93% 94% 94% 87% 89% 89%
per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 1 per m markt kraam 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo
per eenheid 2
2
2 2
Kantoren en bedrijven Categorie/functie kantoor (zonder b ali efunctie) commerciële di enstv erl ening (k antoor met baliefuncti e) bedrijf arbeidsint ensief /bezoekersext ensief (industrie, l aboratorium, werkpl aats) bedrijf arbeids extensi ef/b ezoek ers extensi ef (loods, opslag, transportbedrijf) bedrijfsverzamel gebou w
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm 2,1 2,6 2,7 3,2 1,7
2,2
1,7
2,2
1,5
2,0
waarvan bezoekersaandeel 5%
per 100 m bvo
20%
per 100 m bvo
5%
per 100 m bvo
5%
per 100 m bvo
per eenheid 2 2
2
2 2
per 100 m bvo
Horeca en logies
Categorie/functie camping/kamp eerterrein bungalowp ark (huisjescomplex) 1*hotel 2*hotel 3*hotel 4*hotel 5*hotel café/bar/caf etaria restaurant discotheek
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. 0,7 0,9 2,1 2,6 2,9 3,9 4,8 5,8 7,5 9,1 5,0 7,0 10,0 12,0 11,9 15,9
waarvan bezoekersaandeel 90% 91% 77% 80% 77% 73% 65% 90% 80% 99%
per eenheid per standpl aats per bungalow per 10 kamers per 10 kamers per 10 kamers per 10 kamers per 10 kamers 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo
ev enement enhal /beu rgsgebouw/congresgebou w
5,0
8,0
2
99%
per 100 m bvo
waarvan bezoekersaandeel 97% 95% 94% 97% 87% 87% 86% 89% 87% 93% 87% 90%
per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo per bowlingbaan per t afel 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo
99%
per 100 m bvo
99% 96% 96% 87% 84% 97% 99%
Sport, cultuur en on tspannin g Categorie/functie bibliotheek museum bioscoop filmtheat er/fi lmhuis theat er/schouwburg musicaltheat er casino bowlingc entrum biljart- /snookerc entru m dansstudio fitnessstudio/sportschool fitnesscentrum wel lnesscentru m (thermen, kuurc entru m, beautyc entru m) sauna, hammam sporthal sportzaal tennishal squashhal zwemb ad ov erdekt zwemb ad openlucht zwemp aradijs sportveld stadion kunstijsbaan (kl einer dan 400 meter) kunstijsbaan (400 met er)
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm 0,5 1,0 0,7 0,9 7,0 9,0 4,3 6,3 6,5 9,5 2,9 3,9 5,6 6,6 1,8 2,8 0,9 1,4 3,4 4,4 2,9 3,9 4,0 5,0 n.v.t. n.v.t.
per eenheid 2
2 2
4,1 1,9 1,7 0,3 2,3 9,7 9,1 n.v.t. 13,0 0,04 1,3 2,0
5,1 2,4 2,2 0,5 2,5 11,7 11,1 n.v.t. 27,0 0,2 1,8 2,5
ski- en snowboardh al
n.v.t.
n.v.t.
jachthav en golfoefenc entru m golfbaan (p er 18 holes, 60 ha) indoorspeeltuin (kind erspeelh al), gemiddeld en klein er indoorspeeltuin (kind erspeelh al), groot indoorspeeltuin (kind erspeelh al),zeer groot kinderbo erderij (stadsboerderi j) manege (paardenhouderij) dierenpark attrac tie- en pretpark volkstuin plantentuin (bot anische tuin)
0,5 n.v.t. n.v.t.
0,7 n.v.t. n.v.t.
93% 98%
per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bassin 2 per 100 m bassin 2 per 100 m bvo per hec tare n etto t errein per zitplaats 2 per 100 m bvo 2 per 100 m bvo 2 per 100 m sneeuw ( excl. oefenpistes) per li gplaats per c entrum per 18 holes, 60 ha
1,4
6,4
97%
per 100 m bvo
2,1 3,4 18,8 n.v.t. 4,0 4,0 1,1 27,5
7,1 6,4 18,8 n.v.t. 12,0 12,0 1,4 27,5
98% 98%
per 100 m bvo 2 per 100 m bvo per gemiddeld e boerderij per box per ha, net to terrein per ha, net to terrein per 10 tuinen per gemiddeld e tuin
95% 99% 98% 98%
90% 99% 99% 100%
2 2
Gezondheidszorg en (sociale voorzieningen) Categorie/functie huisartsenpraktijk (-c entrum) apotheek fysiotherapi epraktijk (-centru m) consultatiebureau consultatiebureau voo r ouderen tandarts enprakt ijk (-cen trum) gezondheidscent rum ziekenhuis
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm 2,5 3,0 2,6 3,1 1,4 1,9 1,5 2,0 1,5 1,7 1,9 2,4 1,8 2,3 1,6 1,8
waarvan bezoekersaandeel 57% 45% 57% 50% 38% 47% 55% 29%
crematoriu m
n.v.t.
n.v.t.
99%
begraafpl aats
n.v.t.
n.v.t.
97%
penitent iaire inrichting reli giegebou w verpl eeg- en verzorgingst ehuis
1,9 0,1 0,5
2,4 0,2 0,7
37% 60%
per eenheid per beh andel kamer per apoth eek per beh andel kamer per beh andel kamer per beh andel kamer per beh andel kamer per beh andel kamer 2 per 100 m bvo per (deels) gelijk tijdige plechtigh eid per (deels) gelijk tijdige plechtigh eid per 10 cell en per zitplaats per wooneenheid
Onderwijs Categorie/functie kinderdagv erblijf (crèch e) basisonderwi js middelb are school ROC
Schil centru m minimale maximale parkeernorm parkeernorm 1,1 1,3 0,5 1,0 3,6 5,6 4,4 6,4
waarvan bezoekersaandeel 0% 11% 7%
per eenheid 2
per 100 m bvo per l eslokaal per 100 leerlin gen per 100 leerlin gen
hogeschool universit eit avondonderwijs
8,2 13,4 4,7
12,2 17,4 6,7
72% 48% 95%
per 100 studenten per 100 studenten per 10 studenten
Bijlage
2
Aanwezigheidspercentages
Werkd agochtend
Werkd agmidd ag
Werkd agavond
Koopavond
1
Werkd agnacht
Zaterd agmidd ag
Zaterd agavond
Zondagmidd ag
woningen bewoners
50%
50%
90%
80%
100%
60%
80%
70%
woningen bezoekers
10%
20%
80%
70%
0%
60%
100%
70%
kantoor/b edri jven
100%
100%
5%
5%
0%
0%
0%
0%
commerciële di enstv erl ening
100%
100%
5%
75%
0%
0%
0%
0%
detailh andel
30%
60%
10%
75%
0%
100%
0%
0%
grootschalige d etailh andel
30%
60%
70%
80%
0%
100%
0%
0%
supermarkt
30%
60%
40%
80%
0%
100%
40%
0%
sportfuncties binnen
50%
50%
100%
100%
0%
100%
100%
75%
sportfuncties buiten
25%
25%
50%
50%
0%
100%
25%
100%
bioscoop/theat er/podium/enz
5%
25%
90%
90%
0%
40%
100%
40%
sociaal medisch: arts/maatschap/th erapeut /con sultatiebureau
100%
75%
10%
10%
0%
10%
10%
10%
verpl eeg/verzorgingst ehuis/aanl eunwo ning/v erzorgin gsflat
50%
50%
100%
100%
25%
100%
100%
100%
ziekenhuis pat iënt en inclusief bezoekers
60%
100%
60%
60%
5%
60%
60%
60%
ziekenhuis med ewerk ers
75%
100%
40%
40%
25%
40%
40%
40%
dagonderwijs
100%
100%
0%
0%
0%
0%
0%
0%
avondonderwijs
0%
0%
100%
100%
0%
0%
0%
0%
Bijlage
3
Loopafstanden
hoofdfunctie
acceptabele loop afstand
wonen
100 meter
winkelen
200-600 meter
werken
200-800 meter
ontspanning
100 meter
gezondheidszorg
100 meter
onderwi js
100 meter
2