CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

b1 BP Noordzee De Wielingen - toelichting - bijlage 3 natuurtoets 230510.pdf

Commissie Ruimte/AB 8 oktober 2024, gemeente SluisBij agendapunt: Raadsvoorstel 22 juni 2023 gewijzigde ‎ vaststelling ontwerpbestemmingsplan ‘Noordzee - De Wielingen’ en verlenen omgevingsvergunning bouwen.32.988 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

295 6 301 336 336

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 20

Een groot deel van de appartementen dat de laatste jaren in Cadzand-Bad is ontwikkeld, wordt als tweede woning gebruikt. In de jaren tussen 2013 en 2019 is het grootste deel van de appartement verkocht aan Belgische kopers. Mede als gevolg van de Covid pandemie geniet Zeeuws-Vlaanderen ook meer bekendheid in Nederland. Verwacht wordt dat de kopers van appartementen in De Wielingen een mix van Nederlanders en Belgen zal worden. Voor de routeverdeling wordt dan ook een 50-50-verdeling aangehouden. In de routeverdeling voor hotel Noordzee is geen verandering voorzien ten opzichte van de referentiesituatie (figuur 18). Route naar ‘de Potjes’ Route naar grens Gasten hotel Noordzee 25% 75% Personeel hotel Noordzee 75% 25% Appartementen De Wielingen 50% 50% Belevering 100% 0% Figuur 18. Routeverdeling in de beoogde situatie (Van Kerkhoff Maatwerk, 2022)

7. Uitgangspunten voor de realisatiefase

Stikstofuitstoot tijdens de realisatiefase komt voort uit mobiele werktuigen op de bouwplaats (in het plangebied), aanvoer van bouwmaterialen (zwaar vrachtverkeer) en bouwverkeer/ bestelwagens (licht verkeer). De wijze van bouwen, de inzet van elektrisch materieel en de logistiek van de bouwplaats leiden ertoe dat er een grote variatie is in de met de realisatie gepaard gaande stikstofuitstoot. Deze variatie wordt op korte termijn beperkt door een beperking in beschikbaar materieel, maar er is inmiddels een beweging ingezet, waardoor de gemiddelde uitstoot van de bouwplaats in de toekomst afneemt. In het kader van een bestemmingsplan dient op basis van kentallen wel inzicht gegeven te worden in de stikstofuitstoot in de realisatiefase. De ontwikkelaar-bouwer heeft in 2020 een berekening gemaakt van de stikstofuitstoot voor de realisatie van de uitbreiding van hotel Noordzee en de bouw van De Wielingen. Hotel Noordzee kiest voor een korte bouwtijd om zo kort mogelijk dicht te moeten. De bouw van De Wielingen volgt een meer regulier patroon. Qua fasering vindt de bouw van De Wielingen plaats na de verbouwing van hotel Noordzee. In figuur 19 en 20 zijn voor vijf fasen in de bouw, te weten sloop, damwand 2, fundering, ruwbouw en afbouw de totale emissie van stikstofdioxide voor beide projecten in worst case en best case weergegeven.

De uitbreiding van hotel Noordzee is atypisch, omdat er in korte tijd gebouwd wordt en de afbouw vele malen zwaarder is als gevolg van de vele voorzieningen in een hotel in vergelijking met een appartementengebouw. Fase

Best case Worst case Kg NOx Kg NOx 1. Sloop 1,0 1,0 2. Damwand 33,0 33,0 3. Fundering 0,3 65,9 4. Ruwbouw 13,5 140,1 5. Afbouw 61,6 69,7 Totaal 109,4 309,8 Figuur 19. Totale emissie per bouwfase Noordzee ((Cordeel, 2020)

2

Licht verkeer # bewegingen 50 200 200 900 650 2.000

Zwaar verkeer #bewegingen 60 60 150 300 30 600

Een damwand is nodig omdat gebouwd wordt in het kustfundament. Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 21

Fase

Best case Worst case Kg NOx Kg NOx 1. Sloop 0,6 0,6 2. Damwand 18,3 73,5 3. Fundering 13,7 31,2 4. Ruwbouw 12,8 76,7 5. Afbouw 8,4 40,8 Totaal 53,8 222,8 Figuur 20. Totale emissie per bouwfase De Wielingen (Cordeel, 2020)

Licht verkeer # bewegingen 100 400 400 1.800 1.300 4.000

Zwaar verkeer #bewegingen 100 100 250 500 50 1.000

Het verkeer van en naar de bouw is verdeeld in licht verkeer en zwaar verkeer. Het lichte verkeer is naar rato van bouwtijd per fase verdeeld over de fasen, het zwaar verkeer naar verhouding van de leveringen en afvoeren van zware materialen. Er is geen verschil gemaakt tussen de worst case en best case situatie, dat zou een schijnnauwkeurigheid zijn. Omdat de bouw vier tot vijf jaar later plaatsvindt dan destijds is aangenomen en het materieel inmiddels is verbeterd, mag ervan uitgegaan worden dat de best case situatie een betere weergave van de realisatiefase is. In AERIUS is dan ook de best case situatie ingevoerd, waarbij rekening wordt gehouden met een aannemelijke fasering zoals opgenomen in de volgende paragraaf. Beoordeeld wordt of door de toename van het plan in deze best case situatie de kritische depositiewaarden worden overschreden en in hoeverre zich dat verhoudt tot de gebruiksfase. Als er met de best case situatie geen sprake is van significant negatieve gevolgen voor enig Natura 2000-gebied, kan worden gesteld dat het bestemmingsplan uitvoerbaar is. In de vergunning voor hotel Noordzee wordt dan nader ingegaan op de realisatie en worden zo nodig voorwaarden aan de uitstoot in de realisatiefase verbonden.

8. Uitgangspunten fasering Realisatiefase Noordzee De start van de uitbreiding van hotel Noordzee is gepland in oktober 2024 direct na het zomerseizoen. Het hotel wordt dan een half jaar volledig gesloten. Omdat er uitgegaan wordt van veel voorbereidingen in prefab wordt in dat half jaar de parkeergarage gebouwd en de uitbreiding van het hotel volledig gerealiseerd. Vanaf 1 april 2025 is het nieuwe hotel open en vinden er alleen nog afbouwwerkzaamheden plaats. In de AERIUSberekeningen worden de fasen sloop, damwand en fundering aan 2024 toegerekend en de fasen ruwbouw en afbouw aan 2025. Realisatiefase De Nieuwe Wielingen De herontwikkeling van De Wielingen vindt plaats nadat de uitbreiding van hotel Noordzee is gerealiseerd. Dit is ook vastgelegd in het bestemmingsplan. Beoogd is om het volledige complex te slopen en een nieuw complex met daarin 15 appartementen voor de bestaande eigenaren van appartementen te bouwen. Het is echter niet uitgesloten dat maximaal 12 bestaande appartementen blijven staan, het hoteldeel wordt gesloopt en nieuwbouw wordt gerealiseerd tegen de bestaande appartementen. De 3 appartementen op de vijfde verdieping zijn bouwkundig zo verweven met de rest van het hotel dat deze appartementen sowieso meegaan in de herontwikkeling. Met de eigenaren van de desbetreffende appartementen is ook reeds een overeenkomst gesloten.

De exacte periode is nog niet aan te geven, omdat het herontwikkelingsplan nog verder moet worden uitgewerkt, de paar laatste overeenkomsten met de eigenaren van de bestaande

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 22

appartementen nog moet worden gesloten en de verkoop nog moet worden opgestart. Verwacht mag worden dat de realisatie zich over twee kalenderjaren uitstrekt. Rekening wordt gehouden met een verdeling, waarbij de fasen sloop, damwand en fundering aan 2026 toegerekend en de fasen ruwbouw en afbouw aan 2027. In figuur 21 is de fasering uitgewerkt. Periode

Optie

Realisatie Noordzee De Wielingen heden – 09/2024 nee nee 10/2024 – 12/2024 Fase 1-3 nee 01/2025 – 03/2025 Fase 4-5 nee 04/2025 – 12/2025 nee nee 01/2026 – 04/2026 nee nee 05/2026 – 12/2026 A nee Fase 1-3 05/2027 – 12/2027 B nee Fase 1-3 01/2027 – 09/2027 A nee Fase 4-5 01/2027 – 09/2027 B nee Fase 4-5 10/2027 – 12/2027 nee nee 01/2028 – 12/2028 nee nee Figuur 21. Fasering (Van Kerkhoff Maatwerk, 2020)

Gebruik Noordzee De Wielingen 64 15 0 15 0 15 104 15 104 15 104 0 104 12 104 0 104 12 104 70 104 70

Uit de fasering blijkt dat optie B – met behoud van de 12 appartementen – tot de worst case stikstofuitstoot leidt. Deze optie wordt dan ook in AERIUS ingevoerd.

9. Cumulatie

Volgens de wet moet nagegaan worden of projecten afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kunnen hebben voor een Natura 2000-gebied. Er zijn geen plannen of projecten bekend die gelet op de rechtspraak in cumulatie moeten worden betrokken. Er zijn geen Natura 2000-vergunningen bekend met eveneens een stikstofdepositietoename op de (in omvang beperkte) hexagonen met een naderende overbelaste situatie waar het voorgenomen plan een geringe stikstoftoename op genereerd. Bij ontbreken van dergelijke ontwikkelingen, wordt ook gelet op cumulatie met andere plannen en projecten de kritische depositiewaarde ter plaatse dan ook niet overschreden. Wel zijn er de afgelopen jaren in Cadzand Bad veel ontwikkelingen gerealiseerd en/of nog in uitvoering. Het beoordelen van cumulatieve effecten is dan niet aan de orde, omdat ervan kan worden uitgegaan dat de effecten afkomstig van die ontwikkelingen verdisconteerd zijn in de omgeving en mede de huidige staat van instandhouding van de Natura 2000-gebieden bepalen 3. Voor ontwikkelingen waarvoor nog nadere besluitvorming nodig is (Natura 2000-vergunningen) hoeft ook geen rekening te worden gehouden 4. Voor alle overige hexagonen waar het voorgenomen plan geen stikstofeffecten op genereert, hoeft uiteraard ook niet naar cumulatie te worden gekeken.

Daar treden immers geen effecten op, zodat cumulatie van effecten niet aan de orde kan zijn 5.

Zie ABRS 21 juli 2010, ECLI:NL:RVS:2010LBU8021 en ABRS 1 mei 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ9063, r.o. 5.2. Zie ABRS 16 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1312, r.o. 38.3 en 38.4 5 Dat volgt (onder meer) uit ABRS 30 maart 2022, ECLI:NL:RVS:2022:947, r.o. 9.3. 3 4

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 23

10. Resultaten van de AERIUS-berekeningen Invoer in AERIUS Op grond van de verwachte perioden van realisatie, het energieverbruik voor ruimteverwarming voor en na realisatie, de uitstoot van machines tijdens de realisatie en de verkeersbewegingen voor, tijdens en na realisatie kunnen de emissies van het project over de jaren verdeeld worden. Om de verkeersgeneratie over het hele jaar te ramen zijn de berekende verkeersbewegingen per etmaal vermenigvuldigd met 360 dagen en een gemiddelde bezettingsgraad van 70%. Dit is een overschatting. Het jaar 2022 geldt daarbij als referentiejaar. In bijlage 4 is de berekening opgenomen waaruit de invoer van de emissies per jaar blijkt. De waarden zijn ingevoerd in AERIUS Calculator als vlakbron (mobiele werktuigen), als puntbron (ruimteverwarming) of als lijnbron (verkeer). Er zijn berekeningen gemaakt voor elk jaar. In de lijnbronnen is onderscheid gemaakt in wegvakken binnen en buiten de bebouwde kom. Toevoeging Belgische Natura 2000-gebieden Er kan niet meer volstaan worden met een (kwalitatieve) toetsing aan het Vlaams beoordelingskader. In de AERIUS-berekening is dan ook de stikstofdepositie op specifieke rekenpunten in België berekend.

Het Natura 2000-gebied Duingebieden is daartoe relevant, omdat de afstand tot het plangebied in de meest noordoostelijke punt niet meer is dan 1.050 meter en omdat de route naar de rotonde ‘Schapenbrug’ door het Natura 2000-gebied loopt. Het Natura 2000-gebied Duingebieden beslaat de gehele Belgische kust, waarbij alleen het meest noordelijke plangebied relevant is. In 2018 is een gebiedsanalyse uitgevoerd, waarbij ook de stikstofdepositie in beeld is gebracht 6.

Figuur 22. Overschrijdingen KDW in 2012 (Bron: Gebiedsanalyse)

Uit de Gebiedsanalyse blijkt voor een aantal habitats de stikstofbelasting de kritische depositiewaarde te overschrijden. Figuur 22 laat zien dat de overschrijdingen aan de zijde van de Nederlandse Provoost S., Vandekerkhove K. & Denys L. (2018). PAS-gebiedsanalyse in het kader van herstelmaatregelen voor BE2500001 Duingebieden inclusief IJzermonding en Zwin. Rapporten van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek 2018 (16). Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, Brussel. Doi.org/10.21436/inbor.14193707

6

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 24

grens relatief beperkt zijn ten opzichte van de gebieden dichter bij Knokke. De relevante habitats die de KDW-waarden overschreden en waarvoor ook specifieke natuurdoelen gelden in het aanwijzingsbesluit, zijn: • H2110 Embryonale wandelende duinen • H2120 Wandelende duinen op de strandwal (witte duinen) • H2130 Duingraslanden van kalkarm en kalkrijke milieus (grijze duinen) • H2180 Beboste duinen van het Atlantische, continentale en boreale kustgebied • H2190 Duinpannen met kalkminnende vegetaties Daarnaast wordt de aandacht gevestigd op de situatie van laaggelegen schraal hooiland (glanshaververbond) (codes 6510 gh en 6510 hu). Op basis van de informatie van Geopunt Vlaanderen zijn de habitats in de nabijheid van het plangebied en van de route van het plangebied naar Schapenbrug in beeld gebracht. Bijlage 1 bevat achteraan een kaart met de kwalificerende habitats. Van de dichtst bij het plangebied of de route naar Schapendonk gelegen hoeken van onder druk staande habitats (zie kaart), zijn de geografische coördinaten opgezocht en als rekenpunten in AERIUS geplaatst. Omdat de kritische depositiewaarde van grijze duinen laag is en de druk in België hoog, zijn voor dit habitattype extra rekenpunten geplaatst.

Rekenresultaten AERIUS gebruiksfase De rekenresultaten van AERIUS voor de volledige gebruikssituatie in 2028, waarbij intern is gesaldeerd met de referentiesituatie, zijn opgenomen in bijlage 5. Westerschelde & Saeftinhge Uit bijlage 5 blijkt dat de projectbijdrage voor het Natura 2000-gebied Westerschelde & Saeftinghe nergens boven 0,00 mol/ha/jaar uitkomt. Er is derhalve geen sprake van een mogelijk significant negatief effect in de gebruikssituatie op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000gebied Westerschelde & Saeftinghe. Zwin & KIevittepolder De berekening toont voor het Natura 2000-gebied Zwin & Kievittepolder aan dat het plan in de gebruikssituatie (2028) dicht bij het plangebied tot een lagere belasting leidt dan in de referentiesituatie (2022). De toename van het verkeer over de Kanaalweg leidt ertoe dat op het zuidelijk deel van het Natura 2000-gebied Zwin & Kievittepolder lichte verhogingen van de stikstofbelasting verwacht worden. Dit komt door de toename van het verkeer op de route naar Schapenbrug. Uit de berekeningen blijkt dat van de hexagonen waar de achtergronddepositie dichtbij of hoger ligt dan de kritische depositiewaarden van een van de in dat hexagoon voorkomende habitats, enkel de hexagonen in het zuiden een hogere belasting krijgen.

Hier is echter geen sprake van overbelaste habitats, nu in paragraaf 3 is gebleken dat het habitattype H1330 B – Schorren en zilte graslanden (binnendijks) door de aanleg van de dijk in het zuiden niet meer aanwezig is. Op de andere 12 hexagonen wordt de belasting minder. Dat significante gevolgen in dergelijke omstandigheden zijn uitgesloten en de natuurlijke kenmerken niet worden aangetast, volgt expliciet uit ABRS 22 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1125 (Markermeerdijken) en ABRS 1 september 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1969 (Giethoorn), r.o. 19.2 en 20.2-20.3. “20.3. De Afdeling stelt vast dat uit dit rapport volgt dat het plan niet leidt tot een zodanige toename van de stikstofdepositie op daarvoor gevoelige habitats in het gebied "De Wieden" dat de kritische depositiewaarden zullen worden overschreden. Daarom heeft de raad zich in zoverre op het standpunt mogen stellen dat het plan geen significante gevolgen voor een Natura 2000-gebied kan hebben. Het betoog slaagt niet.”

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 25

Duingebieden (België) De gekozen rekenpunten in het Belgische Natura 2000-gebied Duingebieden blijken op de meest gevoelige locaties (grijze duinen) geen effect van meer dan 0,00 mol/ha/jaar te genereren (vergelijk ook figuur 24). Alleen de glanshaverhooilanden die als bloemdijken de route van het verkeer tussen het plangebied en Schapenbrug kruisen krijgen te maken met een hogere stikstofbelasting. Deze glanshaverhooilanden maken evenwel geen deel uit van de doelstellingen van het Natura 2000gebied. Verder wordt een zone die nog staat aangemerkt als ‘duinbos’ meer belast in de gebruiksfase dan in de referentiesituatie (rekenpunt 4). Het gaat evenwel om een zone die door de uitbreiding van het Zwin is veranderd in een zone met schorren en platen en derhalve een hogere kritische depositiewaarde heeft. Er is er derhalve geen sprake van een mogelijk significant negatief effect in de gebruikssituatie op de natuurdoelen van het Natura 2000-gebied Duingebieden. Rekenresultaten AERIUS aanleg- en bouwfase Voor elk tussenliggend jaar (2024 tot en met 2027) zijn de gegevens ook ingevoerd in AERIUS. De resultaten zijn opgenomen in bijlage 6. Westerschelde & Saeftinhge Uit de resultaten blijkt dat in geen enkel jaar het Natura 2000-gebied Westerschelde & Saeftinghe te maken krijgt met een projectbijdrage hoger dan 0,00 mol/ha/jaar.

Een mogelijk significant negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen van het Natura 2000-gebied Westerschelde & Saeftinghe is dan ook uitgesloten. Zwin & KIevittepolder In de tussenliggende jaren is er voor het Natura 2000-gebied Zwin & Kievittepolder tijdelijk sprake van een projectbijdrage in depositie. Deze hogere deposities vinden vooral plaats in de hexagonen direct grenzend aan het projectgebied. De hogere deposities zijn niet van dien aard dat de kritische depositiewaarden voor de habitats H1140A, H1140B, H1310A, H1320, H1330A, H1330B, H2160, H2180B, H2180C en H2190D benaderd worden. In het onderstaande overzicht worden de hexagonen waar de habitats H2120 (witte duinen), H2130 (grijze duinen), H2190A (duinvalleien open water) en H2190B (duinvalleien kalkrijk) voorkomen en waar derhalve de kritische depositiewaarde onder 1.500 mol/ha/jaar liggen opgenomen. Per hexagoon worden vervolgens de laagste in het hexagoon voorkomende kritische depositiewaarde, de achtergrondwaarde, de mate van overbelasting of ruimte, de projectbijdrage in de referentiesituatie, de projectbijdrage in de vier jaren van realisatie en de projectbijdrage in de gebruiksfase vermeld. Aan het einde van elke regels is een berekening gemaakt van het aantal jaren dat nodig is om een eventuele tijdelijke overschrijding tijdens de realisatie ‘goed te maken’. Hexagoon

Habitat

KDW

Achtergrondwaarde

Ruimte

2292031 2293560

H2120 H2120

1429 1429

2295088 2295089 2295090 2296618 2296619 2296620

H2120 H2120 H2190A H2120 H2190A H2190A

1429 1429 1000 1429 1000 1000

1.097 906 881 1.041 1.223 873 1.168 1.088

332 523 548 388 -223 556 -168 -88

Projectbijdrage 2022 2024 2025 Ref. Realisatie 0,07 0,06 0,08

0,05 0,04 0,08 0,12 0,06 0,10 0,13

0,05 0,04 0,07 0,10 0,05 0,09 0,11

0,06 0,05 0,08 0,12 0,06 0,11 0,14

2026

2027

0,07

0,07

2028 Gebruik 0,06

0,05 0,04 0,07 0,11 0,05 0,10 0,12

0,04 0,04 0,07 0,11 0,05 0,09 0,12

0,04 0,03 0,06 0,11 0,04 0,09 0,12

Jaren

0 0 1 -2 -4 -2 -1 -3

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 26

2298146 2298148 2299676 2299678 2301206 2302734 2302735 2302736 2304263 2304264 2305792 2305793 2305794 2307321 2308851 2308852 2310379 2310381 2311909 2311910 2311911 2313438 2313439 2314968 2316497 2318026 2318027 2319555 2321085

H2120 H2190A H2120 H2190B H2190A H2120 H2190A H2190B H2120 H2190B H2120 H2120 H2190B H2120 H2120 H2190A H2120 H2190A H2120 H2190A H2190A H2120 H2190A H2120 H2120 H2120 H2120 H2120 H2130A

1429 1000 1429 1429 1000 1429 1000 1429 1429 1429 1429 1429 1429 1429 1429 1000 1429 1000 1429 1000 1000 1429 1000 1429 1429 1429 1429 1429 1071

857 1.116 866 1.002 1.044 888 1.068 1.036 1.009 1.098 896 1.113 1.210 989 1.099 1.269 894 1.278 970 1.141 1.309 1.032 1.271 1.060 1.213 962 1.395 1.043 1.060

572 -116 563 427 -44 541 -68 393 420 331 533 316 219 440 330 -269 535 -278 459 -141 -309 397 -271 369 216 467 34 386 11

0,05 0,12 0,06 0,14 0,12 0,06 0,12 0,15 0,09 0,15 0,07 0,13 0,22 0,10 0,14 0,27 0,09 0,37 0,12 0,27 0,53 0,16 0,39 0,23 0,42 0,20 0,72 0,28 0,33

0,04 0,10 0,05 0,12 0,11 0,06 0,10 0,13 0,08 0,13 0,06 0,11 0,20 0,09 0,12 0,24 0,08 0,33 0,11 0,24 0,48 0,16 0,39 0,23 0,42 0,22 0,94 0,33 0,48

Figuur 23. Projectbijdragen op mogelijk onder druk staande habitats

0,05 0,12 0,07 0,14 0,13 0,07 0,12 0,16 0,10 0,16 0,08 0,14 0,23 0,11 0,15 0,29 0,10 0,40 0,14 0,30 0,62 0,20 0,52 0,30 0,58 0,29 1,45 0,47 0,77

0,04 0,11 0,05 0,13 0,11 0,06 0,10 0,14 0,08 0,13 0,06 0,11 0,19 0,08 0,11 0,23 0,07 0,31 0,10 0,22 0,46 0,14 0,35 0,21 0,38 0,20 0,86 0,30 0,45

0,04 0,10 0,05 0,12 0,10 0,05 0,09 0,13 0,07 0,12 0,05 0,10 0,17 0,07 0,10 0,21 0,06 0,27 0,09 0,19 0,39 0,12 0,30 0,17 0,32 0,16 0,67 0,25 0,36

0,03 0,09 0,04 0,12 0,09 0,04 0,08 0,11 0,06 0,10 0,04 0,08 0,14 0,06 0,07 0,16 0,05 0,20 0,06 0,14 0,28 0,08 0,18 0,11 0,19 0,09 0,33 0,14 0,17

-2 -2 -1 -3 -1 0 -2 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 -1 0 0 0 0 1 3 2 5

Uit het overzicht blijkt dat in elke hexagoon (zeshoek) de depositie in de gebruiksfase (vanaf 2028) als gevolg van het project lager is dan in de referentiesituatie, uiteenlopend van 0,01 mol/ha/jaar tot maximaal 0,39 mol/ha/jaar in hexagoon 2318027. Uit het overzicht blijkt verder dat in elke hexagoon, waar er in de bestaande situatie sprake is van een overbelasting (rode getallen) de eventuele extra belasting in de realisatiejaren ten opzichte van de referentiesituatie binnen de planperiode worden goedgemaakt. Bijvoorbeeld (cursief gedrukt): in hexagoon 2313439 bedraagt de huidige overbelasting 271 mol/ha/jaar. In deze zeshoek die relatief dicht bij het plangebied ligt, is de achtergrondwaarde volgens AERIUS 1.271 mol/ha/jaar en in de zeshoek is een duinvallei met open water (habitat H2190A) gelegen met een kritische depositiewaarde van 1.000 mol/ha/jaar. In de referentiesituatie bedraagt de bijdrage van Noordzee-De Wielingen hier 0,39 mol/ha/jaar. Zonder project zou deze zeshoek in de periode 2024-2027 elk jaar te maken hebben met een depositie van 0,39 mol, ofwel 1,56 mol. Door het project bedraagt de depositie in dezelfde jaren respectievelijk 0,39 mol in 2024, 0,52 mol in 2025, 0,35 mol in 2026 en 0,30 mol in 2027, ofwel ook 1,56 mol. In de gebruiksfase ligt de depositie aanmerkelijk lager, namelijk 0,18 mol/ha/jaar.

Dat betekent dat de relatief hogere depositie in 2025 goedgemaakt wordt door de lagere depositie in 2026 en 2027, zodat er per saldo na de realisatie de depositie even groot is door de realisatie van het project als zou zijn geweest in een gelijkblijvende situatie. De situatie verbetert aanmerkelijk in de gebruiksfase als elk jaar de depositie daalt met 0,21 mol/ha/jaar op Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 27

deze hexagoon (0,39-0,18). De negatieve getallen in de laatste kolom geven aan dat zelfs tijdens de realisatie al sprake is van een lagere depositie dan in de referentiesituatie. Voor vier hexagonen is nader onderzoek nodig, omdat daar tijdelijk sprake is van een verhoogde depositie. Deze hexagonen zijn in figuur 23 vetgedrukt. Op deze hexagonen is een vegetatieonderzoek uitgevoerd (bijlage 3). Uit het vegetatieonderzoek blijkt dat de kwaliteit van het habitattype H2130A - Grijze duinen (kalkrijk) niet ongunstig is door de aanwezigheid van planten die onder stikstofarme en/of voedselarme omstandigheden groeien, wat kenmerkend is voor het habitattype. Er is geen sprake van hoge bedekking of overwoekering van stikstofminnende soorten. Uit het vegetatieonderzoek blijkt verder dat er in en bij het aangewezen habitattype H2190A Vochtige duinvalleien (open water) evenmin sprake is van hoge bedekking of overwoekering van stikstofminnende soorten. Ook hier is de kwaliteit van het habitattype derhalve niet ongunstig. De situatie ter plekke van de maatgevende hexagonen is niet dusdanig dat een tijdelijke kleine depositieverhoging zal resulteren in significante negatieve effecten. De instandhoudingsdoelstellingen van het habitattype worden derhalve niet aangetast, omdat het effect slechts van tijdelijke aard is en de vegetatie deze tijdelijke extra depositie op kan vangen.

Geconcludeerd kan derhalve worden dat er in het Natura 2000-gebied Zwin & Kievittepolder geen sprake is van een mogelijk significant negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen. Daarbij geldt wel de voorwaarde dat de realisatie gebonden is aan een beperking van de uitstoot, maar er zijn bouwwijzen, waarmee dat gerealiseerd kan worden. Bij de vergunning voor de bouw van hotel Noordzee is reeds een natuuronderzoek gevoegd, waaruit blijkt dat de realisatie van Noordzee plaatsvindt zonder significant negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen. Verwacht mag worden dat de vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming voor hotel op basis van dit natuuronderzoek verleend wordt. Ook bij de vergunning voor De Wielingen zal mettertijd een dergelijk natuuronderzoek gevoegd moeten worden met de dan geldende regels. Het bestemmingsplan kan in overeenstemming met de Wet natuurbescherming worden vastgesteld. Duingebieden (België) In figuur 24 is voor een aantal karakteristieke rekenpunten in de het Belgische Natura 200-gebied Duingebieden de projectbijdrage per jaar aangegeven. Daaruit blijkt dat gedurende de realisatie de projectbijdrage op de glanshaverhooilanden langzaam oploopt. Dit is logisch, omdat het verkeer van en naar het plangebied gedurende de jaren oploopt, omdat hotel Noordzee eerder gereed is.

Daarbij past nog wel de kanttekening dat al het verkeer in de richting van België via de route naar Schapenbrug is gemodelleerd. Dit is een overschatting van de werkelijke situatie. Omdat hier geen natuurdoelen in het geding zijn, is er ook geen sprake van een significant negatief effect.

Punt 2 Punt 4 Punt 19

Duin Uitbreiding Zwin Glanshaver

Projectbijdrage (mol/ha/jaar) 2024 2025 2026 2027 2028 0,00 0,00 0,00 -0,01 -0,01 -0,01 0,00 0,00 0,00 0,01 -0,08 0,03 0,11 0,16 0,34

Figuur 24. Projectbijdragen op karakteristieke punten in België

Op de locatie in België het dichtste bij het plangebied blijkt de realisatie geen effect te hebben en wordt de depositie in de gebruikssituatie lager dan in de referentiesituatie. Met zekerheid kan

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 28

derhalve gesteld worden dat het plan voor Noordzee-De Wielingen geen significant negatief effect heeft op Natura 2000-gebieden in België.

11. Conclusie

Uit het voorgaande blijkt dat geen sprake is van significant negatieve gevolgen voor enig Natura 2000-gebied. Het bestemmingsplan kan in overeenstemming met de Wet natuurbescherming worden vastgesteld. Bij de omgevingsvergunning voor het bouwen van hotel Noordzee respectievelijk De Wielingen wordt een natuuronderzoek in het projectspoor gevoegd. Uit het natuuronderzoek voor hotel Noordzee blijkt dat de omgevingsvergunning voor het bouwen voor hotel Noordzee kan worden verleend.

Van Kerkhoff Maatwerk in RO Tilburg, 10 mei 2023

Bijlagen: 1. Specifieke natuurdoelen voor het Vlaamse Natura 2000-gebied ‘Duingebieden’ 2. Lijst van hexagonen met achtergronddepositie 3. Vegetatieonderzoek (Blom Ecologie) 4. Vertaling van de uitgangspunten naar invoergegevens voor AERIUS 5. Resultaten AERIUS-berekening gebruikssituatie 6. Resultaten AERIUS-berekening realisatiefase

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 29

Bijlage 1. Specifieke natuurdoelen Natura 2000-gebied Duingebieden Specifieke natuurdoelen Er zijn slechts heel weinig slikken en schorren aan de Belgische kust. De Belgische duinen zijn op veel plaatsen gefixeerd vanwege bebouwing, wegen... Nochtans is een verstuivingsdynamiek nodig voor het ontstaan van duinpannen en waardevolle stuifduinen. Verruiging, verdroging, verstruweling en verbossing zijn de belangrijkste knelpunten. Ook invasieve exoten vormen een ernstige bedreiging voor het gebied. Dit zijn de specifieke natuurdoelen voor gebied 'Duingebieden' Bron: www.natura2000.vlaanderen.be/gebied/duingebieden/specifieke-natuurdoelen 1130 - Estuaria Oppervlaktedoelstelling = Actuele oppervlakte: 41,9 ha. Behoud van de actuele habitatvlekken. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Voorzien van goede basiscondities voor het ontwikkelen van slikken en schorren met natuurlijke dynamiek: voorzien van zones met ondiep water en een goede waterkwaliteit. Ontwikkeling van een rijke benthische fauna toelaten door een aangepaste sluiswerking, waarbij minimaal haalbare saliniteitsschommelingen worden beoogd. Voor vis moeten de mogelijkheden voor het realiseren van een ecologische toegankelijkheid worden onderzocht. 1140 - Bij eb droogvallende slikwadden en zandplaten Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 370,5 ha.

Toename van de actuele oppervlakte met 60 ha in het Zwin, zodat de totale oppervlakte in SBZ 431 ha bedraagt. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Toelaten van een natuurlijke dynamiek met erosie en sedimentatie. Zonering en/of het creëren van rustgebieden voor de fauna (zeehond en broedende, foeragerende of rustende avifauna). 1310 - Eénjarige pioniersvegetaties van slik- en zandgebieden met Salicornia-soorten en andere zoutminnende planten Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 36,8 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 24-36 ha via uitbreiding van het Zwin, waarvan 5 ha in SBZ-H, overige 19-31 ha in SBZ-V ‘Het Zwin’. Toename met 5 ha hoofdzakelijk te realiseren in deelgebied 13 Zwin-duinen en polders (BE2500001-25-). Totaal: toename met 29-41 ha. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behouden of creëren van ruimte voor natuurlijke dynamiek met natuurlijke successie van slik naar schor en omgekeerd. Zonering en/of het creëren van rustgebieden voor de fauna (foeragerende of rustende avifauna).

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 30

1320 - Schorren met slijkgrasvegetatie (Spartinion maritimae) Oppervlaktedoelstelling =/+ Actuele oppervlakte: 1,5 ha. Behoud van de actuele habitatvlekken. Lokale toename is mogelijk bij uitbreiding van het Zwin. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Het habitattype wordt gedomineerd door een invasieve exotische soort (Spartina townsendii). Herstel van vegetaties van het inheemse klein slijkgras (Spartina maritimae) wordt niet nagestreefd omdat deze soort uitgestorven is in België en omgeving, waardoor het enkel mogelijk is vegetaties van Engels slijkgras te ontwikkelen. 1330 - Atlantische schorren (Glauco-Puccinellietalia maritimae) Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 97,7 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 36-54 ha via uitbreiding van het Zwin, waarvan 5 ha in SBZ-H, overige 31-49 ha in SBZ-V ‘Het Zwin’. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behouden of creëren van ruimte voor natuurlijke dynamiek van erosie en sedimentatie met natuurlijke successie van slik naar schor of het terugdringen van de successie naar soortenarme vegetatie door aanpassing van het beheer wat vooral begrazing inhoudt. 2110 - Embryonale wandelende duinen Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 6,9 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 7 ha naar 14 ha, met richtwaarde voor uitbreiding 3 ha.

Kwaliteitsdoelstelling ↑ Toelaten van vorming van een vloedmerk om vloedmerksoorten de kans te geven zich te vestigen (selectieve strandreinigingen en zonering recreatie). Zonering en/of het creëren van rustgebieden voor de habitattypische fauna, vnl. voor broedvogels (Strandplevier). Toelaten van een natuurlijke dynamiek met erosie en sedimentatie door het wegnemen van harde constructies zou optimaal zijn. 2120 - Wandelende duinen op de strandwal met Ammophila arenaria (witte duinen) Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 453,6 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 30 ha naar 484 ha. Toename is mogelijk door omvorming van (exoten)struweel, omvorming van aanplanten (loof- en naaldhout) en zeewaartse uitbreiding (richtwaarde 10 ha) van de duinreep. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkelde wandelende duinen waarbij actieve verstuiving aanwezig is en vergrassing beperkt blijft. 2130 - Vastgelegde duinen met kruidvegetatie (grijze duinen) Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 607,2 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 125 ha naar 732 ha, met richtwaarde voor uitbreiding 60 ha. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkelde duingraslanden waarbij verruiging, verstruweling en verbossing beperkt blijft en met een goede structuurvariatie i.f.v. de habitattypische fauna en flora.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 31

2150 - EU-Atlantische vastgelegde ontkalkte duinen (Calluno-Ulicetea) Oppervlaktedoelstelling =/+ Actuele oppervlakte: 0,1 ha. Toename van de actuele oppervlakte naar 3 ha. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkelde duingraslanden waarbij verruiging, verstruweling en verbossing beperkt blijft en met een goede structuurvariatie i.f.v. de habitattypische fauna en flora. 2160 - Duinen met Hippophae rhamnoides Oppervlaktedoelstelling = Actuele oppervlakte: 595,2 ha. Behoud van de huidige oppervlakte. Omvorming ten gunste van andere Europese habitattypes en soorten in een ongunstige lokale staat van instandhouding is toegestaan, maar een behoud van de huidige oppervlakte dient op lange termijn nagestreefd te worden door een compenserende lokale uitbreiding van het habitattype op andere locaties via natuurlijke successie toe te laten. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Structuurrijke duindoornstruwelen met voldoende variatie in leeftijdsklassen die niet onder druk staan van (invasieve) exoten 2170 - Duinen met Salix repens ssp. Argentea (Salicion arenaria) Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 70,9 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 10 ha naar 81 ha. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkelde kruipwilgstruwelen waarbij verruiging, verstruweling en verbossing beperkt blijft en met een goede structuurvariatie i.f.v.

een toename van de habitattypische fauna en flora, vnl. de grondwaterafhankelijke flora. 2180 - Beboste duinen van het atlantische, Continentale en Boreale kustgebied Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 280,5 ha. Toename met 175 ha naar 456 ha, waarvan een deel kan gerealiseerd worden door omvorming van uitheemse bestanden en 4 ha als richtwaarde voor de uitbreiding. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Verbetering van de kwaliteit door het toepassen van de Criteria Duurzaam Bosbeheer: geleidelijke omvorming naar inheemse loofhoutbestanden, voorrang geven aan spontane processen met toename van het aandeel dood hout en verhoogde structuurdiversiteit. Voldoende dood hout i.f.v. diverse habitattypische vleermuissoorten, Zwarte specht en Middelste bonte specht. Voldoende aandacht voor boszomen en open plekken i.f.v. habitattypische soorten Boomleeuwerik, Boompieper, Kamsalamander, Sleedoornpage, Kleine ijsvogelvlinder, Keizersmantel, ed. 2190 - Vochtige duinvalleien Oppervlaktedoelstelling + Actuele oppervlakte: 46,5 ha. Toename van de actuele oppervlakte met 45 ha, onder de vorm van duinvalleigraslanden, duinvalleirietland en duinplassen. Een extra oppervlakte van 6 ha is nodig als leefgebied van de Boomkikker (zie doelstelling soorten van bijlage II en III). Totale toename met 51 ha naar 98 ha, met als richtwaarde voor uitbreiding 15 ha.

Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkelde vochtige duinvalleien waarbij verruiging, verstruweling en verbossing beperkt blijft en met een goede structuurvariatie i.f.v. een toename van de habitattypische fauna en flora.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 32

Blauwborst Actuele populatie: SBZ-V ‘Westkust’: 1 bp. In Koekuithof (deelgebied 1 Fossiele duinen van Adinkerke), 3 bp. In de Ijzermonding en 1 bp. In het Westhoekreservaat. Voor het SBZ-V ‘Westkust’ wordt het behoud van de actuele broedpopulatie voorgesteld, met mogelijks lokale vestiging van nieuwe broedgevallen. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Behoud van rietkragen langs kreken, ruigtes en met riet omzoomde graslanden. Boomkikker Actuele populatie: minder dan 15 roepende mannetjes in de Oude Hazegraspolder (BE250000125). Herstel en de inrichting van de Oude Hazegraspolder als kerngebied. Een tiental geschikte poelen dient voorzien te worden om een kernpopulatie van minimum 200 roepende mannetjes huis te vesten. Een satellietpopulatie van minimum 50 roepende mannetjes wordt vooropgesteld in het VNR Zwinduinen en –polders (BE2500001-25). Bijkomend 10 geschikte kleinere poelen zijn noodzakelijk om deze satellietpopulatie onder te brengen. Een aantal kleinere geschikte poelen dient voorzien te worden in de Oude Hazegraspolder als stapsteen en verbinding met de populatie in het VNR Zwinduinen en –polders. Als verbinding tussen de grote poelen en kleine poelen in de Oude Hazegraspolder en de verbinding met de populatie in het VNR moet de kleinschalige landschap van de Oude Hazegraspolder verder uitgebouwd worden door het voorzien van struweel en KLE’s.

Connectiviteit voorzien met de populatie in het Nederlandse Retranchement via bestaande of nog aan te leggen dijken. In totaal gaat het om een extra oppervlakte van 20 ha landen waterhabitat waarvan 6 ha van het habitattype 2190 en de overige 14 ha onder de vorm van poelen (open water), kleine landschapselementen, ruigten en struwelen (RBB). Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkeld waterhabitat: voldoende waterhoudend, met rijke ondergedoken of drijvende vegetatie, weinig beschaduwing en afwezigheid van predatie (vissen). Kwalitatief goed ontwikkeld landhabitat in de nabije omgeving van de poel (ruigte en struweel) waarin juveniele en volwassen dieren zich kunnen verschuilen. Goede connectiviteit tussen de leefgebieden voorzien teneinde kolonisatie en uitwisseling van genetische informatie te bevorderen. Boomleeuwerik Actuele populatie: beperkt aantal broedgevallen (0-3 bp.) in het SBZ-V ‘Westkust’. Behoud van de actuele populaties en eventueel vestiging van nieuwe broedkoppels. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Voorzien van open plekken en bosranden en zonering van recreatie in de duinbossen om het behoud van de soort mogelijk te maken. Deze soort is als grondbroeder in open vegetaties erg kwetsbaar. Dwergstern Actuele populatie: actueel geen populatie meer aanwezig in het SBZ-H.

Op het sterneneiland en de voorhaven van Zeebrugge (SBZ-V ‘Kustbroedvogels te Zeebrugge-Heist’, buiten SBZ-H) de laatste jaren gemiddeld ca. 100-150 bp. In het SBZ-H wordt een kleine satellietpopulatie van enkele broedparen vooropgesteld. Het meest aangewezen gebied hiervoor is het Zwin (SBZ-V ‘Het Zwin’). Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behoud en herstel van natuurlijke, dynamische strand-duinovergangen en slikken en schorren met voldoende grote rustgebieden waar verstoring en predatie tot een minimum beperkt wordt.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 33

Groenknolorchis Actuele populatie: geen populatie aanwezig. Vestiging van minimaal één populatie wordt vooropgesteld. De soort lift mee op de doelen voor het habitattype 2190 (vochtige duinvalleien). Kwaliteitsdoelstelling ↑ De soort lift mee op de voorgestelde kwaliteitsverbetering en oppervlakte-uitbreiding van habitattype 2190 (vochtige duinvalleien). Grote stern Actuele populatie: actueel geen populatie meer aanwezig in het SBZ-H. Op het sterneneiland (SBZV ‘Kustbroedvogels te Zeebrugge-Heist’, buiten SBZ-H) de laatste jaren gemiddeld ca. 2000-3000 bp., met uitzondering van de laatste paar jaar (slechts 1 broedpaar). Voor deze soort wordt geen populatiedoelstelling vooropgesteld in het SBZ-H. Door het voorzien van de kwaliteitsdoelstelling en de maatregelen t.b.v. een gunstige staat van instandhouding van de habitattypes van het Zwin wordt een eventuele terugkeer van de soort in het Zwin niet uitgesloten. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behoud en herstel van natuurlijke, dynamische strand-duinovergangen en slikken en schorren met voldoende grote rustgebieden waar verstoring en predatie tot een minimum beperkt wordt. Kamsalamander Actuele populatie: belangrijkste populatie van de Kamsalamander in deelgebied Jonge duinen van De Panne (BE2500001-1).

Relictpopulatie in deelgebied Fossiele duinen van Adinkerke (BE2500001-2 en BE2500001-3), Jonge duinen van De Panne (BE2500001-7 en BE2500001-8), Warandeduinen en duinen van Raversijde (BE2500001-29), Fossiele duinen van Westende (BE2500001-17 en BE2500001-18) en Zwin – duinen en polders (BE2500001-25). Voor de Kamsalamander wordt een metapopulatie van min. 500 adulte dieren vooropgesteld in de Westhoek (BE2500001-1) en in het VNR Zwinduinen en –polders (BE2500001-25), aangevuld met satellietpopulaties in deelgebied 1 Fossiele duinen van Adinkerke (BE2500001-2 en BE2500001-3), de Houtsaegerduinen (BE2500001-8) en de Oosthoekduinen (BE2500001-7), Warandeduinen en duinen van Raversijde (BE2500001-29) en Fossiele duinen van Westende (BE2500001-17 en BE2500001-18). Een satellietpopulatie stemt overeen met 50 adulte dieren. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkeld waterhabitat: voldoende diepe plassen met een hoog aandeel watervegetatie. Goede connectiviteit (KLE en poelen) tussen de leefgebieden voorzien teneinde kolonisatie en uitwisseling van genetische informatie te bevorderen. Kleine zilverreiger Actuele populatie: laatste jaren 20-30 bp., nagenoeg uitsluitend in het SBZ-V ‘Het Zwin’. Binnen het SBZ-V ‘Westkust’ wordt geen broedpopulatie voorgesteld, maar het is zeker niet uitgesloten dat de soort in de toekomst er terug tot broeden komt.

Binnen het SBZ-V ‘Zwin' wordt het behoud van de populatie van minimaal 20-30 bp. vooropgesteld. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Behoud van kleine bosjes met hoge bomen in de nabijheid van het foerageergebied. Kwaliteitsverbetering van het foerageergebied, nl. ondiep visrijk water.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 34

Kluut Actuele populatie: SBZ-V ‘Westkust’: De laatste jaren een jaarlijks broedgeval in de Ijzermonding. In het kader van PINK werden 6 mogelijke broedgevallen in 2009 genoteerd (Provoost et al., 2010). SBZ-V ‘Het Zwin’: De Kluut broedt tegenwoordig niet meer in het Zwin. In de periode 2000-2005 namen de aantallen in de polder (schorren van de Dievegatkreek en ter hoogte van het Oud Fort Isabella-buiten SBZ-H) toe, terwijl in het Zwin zelf de aantallen duidelijk afnamen. In het SBZ-V ‘Westkust’ wordt geen populatie vooropgesteld. Binnen het SBZ-V ‘Het Zwin’: populatie van minimaal 20-30 broedparen. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behoud en herstel van natuurlijke, dynamische slikken en schorren met voldoende grote slikken en rustgebieden waar verstoring tot een minimum beperkt wordt. Kruipend moerasscherm Actuele populatie: 50-500 ind. Uitbreiding van de actuele populaties in de Houtsaegerduinen (BE2500001-8) en het Hannecartbos (BE2500001-12) door gericht begrazingsbeheer en herstel hydrologie. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Vochtige duinmilieus en geïnundeerde graslanden zijn van belang voor de instandhouding van deze soort. Kwak Actuele populatie: In het Zwin broedden de laatste jaren gemiddeld 10 bp. Voor deze soort wordt het behoud van de actuele broedaantallen met een mogelijke lokale vestiging van nieuwe, wilde broedgevallen vooropgesteld..

Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Behoud van kleine bosjes met hoge bomen in de nabijheid van het foerageergebied. Behoud en verbetering van het foerageergebied, nl. ondiep visrijk water en beperking van verstoring. Lepelaar Actuele populatie: In het Zwin broedden de laatste jaren gemiddeld 1 à 2 bp. Voor deze soort wordt het behoud van de actuele broedaantallen met een mogelijke lokale vestiging van nieuwe broedgevallen vooropgesteld. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Behoud van kleine bosjes met hoge bomen in de nabijheid van het foerageergebied. Behoud van het foerageergebied, nl. ondiep visrijk water en beperking van verstoring. Nauwe korfslak Actuele populatie: onvoldoende gekend. Behoud van de actuele populaties en van populaties op eventuele nieuwe vindplaatsen. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Behoud van vochtige duinmilieus. Laten liggen van dood hout en humeus materiaal op de plaatsen waar de soort levend werd aangetroffen.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 35

Ooievaar Actuele populatie: In het vogelpark van het Zwin broedden in 2002 26 bp. De laatste jaren neemt de populatie opnieuw af. Voor deze soort wordt het behoud van de actuele broedaantallen met een mogelijke lokale vestiging van nieuwe, wilde broedgevallen vooropgesteld. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Behoud van kleine bosjes met hoge bomen in de nabijheid van het foerageergebied. Behoud van het foerageergebied: geschikte, vochtige en tijdelijk overstroomde graslanden. Grasland dient bij voorkeur te bestaan uit extensieve weilandcomplexen, zonder gebruik van pesticiden. Rugstreeppad Actuele populatie: belangrijkste populatie van de Rugstreeppad in deelgebied Jonge duinen van De Panne (BE2500001-1). Verder ook nog in deelgebied Noordduinen, Doornpanne en Schipgatduinen (BE2500001-7, BE2500001-9 en BE2500001-10) en Ter Yde duinen en omgeving (BE2500001-11, BE2500001-12, BE2500001-13 en BE2500001-14). Exacte aantallen zijn niet gekend. Voor de Rugstreeppad wordt in elk deelgebied waar de soort voorkomt, nl. Jonge duinen van de Panne, Noordduinen, Doornpanne en Schipgatduinen en Ter Yde duinen en omgeving een kernpopulatie van 200 roepende mannetjes en een satellietpopulatie van min. 50 roepende mannetjes in het deelgebied Fossiele duinen van Adinkerke vooropgesteld (BE2500001-2 en BE2500001-3).

Kwaliteitsdoelstelling ↑ Kwalitatief goed ontwikkeld land- en waterhabitat: instandhouding van open duingebieden met ondiepe poelen en voorzien poelen met ondiepe zones, die snel opwarmen, is van essentieel belang. Voorzien van geschikt waterhabitat: poelen met ondiepe zones, die snel opwarmen. Een duurzame metapopulatie aan de Vlaamse kust vereist een goede connectiviteit tussen de leefgebieden, teneinde kolonisatie en uitwisseling van genetische informatie te bevorderen. Strandplevier Actuele populatie: de laatste jaren gemiddeld 15 bp., uitsluitend in het SBZ-V ‘Kustbroedvogels te Zeebrugge-Heist’. Binnen het SBZ-V ‘Westkust’ worden 1-2 bp. vooropgesteld, verdeeld over de IJzermonding (BE2500001-16) en de slufters in De Panne (BE2500001-1). Binnen het SBZ-V ‘Zwin' worden 2-4 bp. vooropgesteld. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behoud en herstel van natuurlijke, dynamische strand-duinovergangen en slikken en schorren met voldoende grote rustgebieden waar verstoring tot een minimum beperkt wordt. Als grondbroeder op pioniersvegetaties is dit een zeer verstoringsgevoelige soort, die niet broedt in goed ontsloten gebieden. Visdief Actuele populatie: actueel geen populatie meer aanwezig in het SBZ-H. In 2005 en 2006 was er een kolonie van respectievelijk 45 bp. En 26 bp. In de Ijzermonding (Vermeersch et al., 2005; Vermeersch & Anselin, 2009).

Op het sterneneiland en de voorhaven van Zeebrugge (SBZ-V ‘Kustbroedvogels te Zeebrugge-Heist’, buiten SBZ-H) de laatste jaren gemiddeld ca. 2000 bp. (Courtens et al., 2009). In het SBZ-H worden 2 kleine satellietpopulaties vooropgesteld: 1 in de Ijzermonding (SBZ-V ‘Westkust) en 1 in het Zwin (SBZ-V ‘Het Zwin’). Kwaliteitsdoelstelling ↑ Voorzien van voldoende kale of schaars begroeide plekken. Beperken van de recreatiedruk. Een belangrijke randvoorwaarde voor de terugkeer van de Visdief als broedvogel in het Zwin is de aanwezigheid van zones die niet toegankelijk zijn voor grondpredatoren. De eilandjes in het Zwin vormden in dat opzicht in het verleden een ideale broedplaats.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 36

Wespendief Actuele populatie: beperkt aantal broedgevallen, 0-1 bp. De laatste jaren in het SBZ-V ‘Het Zwin’. Enkele broedparen (2-3 bp.) in het volledige SBZ-H. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Toename structuurdiversiteit en zonering van recreatie in de duinbossen teneinde de vestiging van de soort mogelijk te maken. Zeggekorfslak Actuele populatie: onvoldoende gekend. Behoud van de actuele populaties en van populaties op eventuele nieuwe vindplaatsen. Kwaliteitsdoelstelling =/↑ Kwalitatief goed ontwikkelde vochtige duinmilieus met een hoge watertafel gedurende grootste deel van het jaar en kweldruk. Watervervuiling tegengaan. Zwartkopmeeuw Actuele populatie: actueel geen populatie meer aanwezig in het SBZ-H. Voor deze soort wordt geen populatiedoelstelling vooropgesteld in het SBZ-H. Door het voorzien van de kwaliteitsdoelstelling en de maatregelen t.b.v. een gunstige staat van instandhouding van de habitattypes van het Zwin wordt een eventuele terugkeer van de soort in het Zwin niet uitgesloten. Kwaliteitsdoelstelling ↑ Behoud en herstel van natuurlijke, dynamische strand-duinovergangen en slikken en schorren met voldoende grote rustgebieden waar verstoring tot een minimum beperkt wordt.

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 37

Bijlage 2. Lijst van hexagonen

Natuuronderzoek Noordzee-De Wielingen - 38

BIJLAGE 2. LIJST VAN HEXAGONEN Bron: Aerius HexagoonAchtergrond-depositie Versie 2022 Versie 2021A Versie 2020 nummer

Versie 2019A

Habitatcode

Naam voorkomende habitat

Natura 2000-gebied Westerschelde & Saeftinghe (gedeelte Cadzand-Bad t/m Herdijkte Zwarte Polder gedeelte Cadzand-Bad 2307318 2308848 2310377 nb 2311907 2313436 2314966 2316495 2318025 2321083 2322612 2324142 nb 2325671 2327201 2328730 2331789 2330260 2310376 2311906 nb 2313435 2314965 2316494 2318024 2319553 2319552 2321082 2322611 2324141 nb 2325670 2327200 2328729 2333318 2331789 2334847 2330261 2333319 2340969 2344027 2342499 nb 2345557 2344028 2347086

804,69 804,69 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.240,91 1.240,91 1.240,91 1.240,91 1.240,91 804,69 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 1.003,89 778,64 778,64 778,64 1.240,91 1.240,91 1.240,91 1.240,91 1.240,91 1.115,91 1.115,91 856,63 856,63 856,63

747,40 727,08 724,32 710,13 707,10 704,48 702,27 701,96 703,10 701,68 701,26 718,92 719,62 721,04 725,73 723,36 722,47 709,83 708,94 708,34 706,98 705,69 704,68 706,91 706,84 705,85 704,61 704,12 703,31 723,96 726,16 722,71 724,42 719,69 724,28 663,97 665,09 663,88 665,56 663,76 665,30

750,70 730,44 727,66 713,18 710,05 707,27 705,15 704,74 705,86 704,17 703,08 712,72 712,03 713,22 716,58 714,33 725,61 712,77 711,85 711,26 709,78 708,46 707,52 709,78 709,63 708,75 707,34 706,34 704,68 717,01 717,04 714,12 715,96 711,61 715,61 665,92 667,65 666,17 668,08 666,35 668,07

789,17 780,71 779,37 770,75 769,34 773,41 771,99 771,63 773,07 772,08 771,12 775,53 773,17 774,30 776,63 774,87 778,81 771,06 770,77 770,55 769,97 774,62 774,05 770,28 775,73 775,21 774,36 768,31 767,05 776,87 776,91 774,82 776,43 772,09 775,71 741,75 742,73 742,11 743,17 742,33 743,28

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Kritische depositiewaarde Versie 2022

Beschikbare depositieruimte Versie 2021A Versie 2020 Versie 2019A

HexagoonAchtergrond-depositie HabitatNaam voorkomende habitat Versie 2019A Versie 2022 Versie 2021A Versie 2020 nummer code 665,91 742,00 0 2345558 856,63 663,20 702,68 786,67 0 2366974 780,92 696,69 747,72 0 662,64 2368503 780,92 657,37 2365445 826,26 700,76 708,26 791,52 0 2363917 826,26 713,37 722,43 800,05 0 2362387 826,26 744,42 755,15 817,19 0 2360859 1.018,23 776,88 791,22 838,99 H2120 Witte duinen gedeelte Herdijkte Zwarte Polder 2357799 1.232,45 2354741 1.232,45 2353212 1.159,00 2350154 1.232,45 2348626 1.232,45 2345568 1.232,45 2344039 1.099,93 2340981 1.232,45 2356270 1.096,38 2354742 1.044,56 2351684 1.052,90 2350155 995,21 2347097 999,54 2345569 946,51 2342511 nb 2357800 1.057,51 2356271 1.082,74 2356271 1.082,74 2353213 1.054,57 2353213 1.054,57 2351685 1.067,10 2351685 1.067,10 2348627 969,62 2359329 1.232,45 2357801 1.090,24 2354743 1.107,81 2354743 1.107,81 2353214 1.082,93 2353214 1.082,93 1.046,39 2350156 1.046,39 2350156 2347098 976,97 2347098 976,97 2344040 969,56 2342512 1.021,36 2342512 1.021,36 2342512 1.021,36 2340982 1.233,84

1.066,22 1.336,29 1.109,91 1.232,20 1.005,00 1.177,39 1.069,72 1.423,51 994,67 809,22 887,40 799,55 871,39 785,56 1.084,03 836,65 799,01 799,01 799,18 799,18 790,37 790,37 791,95 792,78 826,54 799,00 799,00 863,64 863,64 881,51 881,51 828,71 828,71 908,93 991,94 991,94 991,94 1.285,61

1.077,51 1.369,19 1.281,71 1.487,15 1.187,08 1.409,53 1.276,88 1.689,61 1.024,75 843,84 1.025,11 915,84 1.016,32 900,59 1.292,98 855,66 824,32 824,32 894,21 894,21 901,91 901,91 910,86 808,26 849,43 837,90 837,90 982,67 982,67 1.031,14 1.031,14 955,92 955,92 1.062,02 1.048,84 1.048,84 1.048,84 1.530,88

1.007,49 1.185,17 1.122,86 1.238,11 1.062,24 1.196,01 1.122,26 1.382,13 982,38 861,59 963,62 899,04 961,89 891,00 1.135,07 873,71 851,62 851,62 886,86 886,86 890,40 890,40 897,34 845,83 869,92 856,83 856,83 941,69 941,69 968,46 968,46 922,48 922,48 988,81 1.013,02 1.013,02 1.013,02 1.277,50

0 0 H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) 0 0 0 H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) 0 H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) 0 H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) 0 H2120 Witte duinen H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H2120 Witte duinen H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H2160 Duindoornstruwelen H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H2120 Witte duinen H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H2120 Witte duinen H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks)

Kritische depositiewaarde Versie 2022

Beschikbare depositieruimte Versie 2021A Versie 2020 Versie 2019A

1429

410,77

652,12

637,78

590,01

1571

412,00

461,09

289,29

448,14

1571

471,07

501,28

294,12

448,74

1571 1571 1571 1571 1571 1571

474,62 526,44 518,10 575,79 571,46 624,49

576,33 761,78 683,60 771,45 699,61 785,44

546,25 727,16 545,89 655,16 554,68 670,41

588,62 709,41 607,38 671,96 609,11 680,00

1571 1643 1571 1643 1571 1643 1571 1571

513,49 560,26 488,26 588,43 516,43 575,90 503,90 601,38

734,35 843,99 771,99 843,82 771,82 852,63 780,63 779,05

715,34 818,68 746,68 748,79 676,79 741,09 669,09 660,14

697,29 791,38 719,38 756,14 684,14 752,60 680,60 673,66

1429 1643 1571 1571 1429 1571 2000 1571 1429 1571 1643 1571 1429 1571

338,76 535,19 463,19 488,07 346,07 524,61 953,61 594,03 452,03 601,44 621,64 549,64 407,64 337,16

602,46 844,00 772,00 707,36 565,36 689,49 1.118,49 742,29 600,29 662,07 651,06 579,06 437,06 285,39

579,57 805,10 733,10 588,33 446,33 539,86 968,86 615,08 473,08 508,98 594,16 522,16 380,16 40,12

559,08 786,17 714,17 629,31 487,31 602,54 1.031,54 648,52 506,52 582,19 629,98 557,98 415,98 293,50

HexagoonAchtergrond-depositie HabitatNaam voorkomende habitat Versie 2019A Versie 2022 Versie 2021A Versie 2020 nummer code 2340983 1.008,56 1.042,30 1.068,84 1.034,89 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2340983 1.008,56 1.042,30 1.068,84 1.034,89 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 1.034,89 H2120 Witte duinen 2340983 1.008,56 1.042,30 1.068,84

Kritische Beschikbare depositieruimte Versie 2021A Versie 2020 Versie 2019A depositiewaarde Versie 2022 1643 634,44 600,70 574,16 608,11 1571 562,44 528,70 502,16 536,11 420,44 386,70 360,16 394,11 1429

Natura 2000-gebied Zwin & Kievittepolder 2227814 2229343 2230872 2232401 2232402 2233930 2235459 2236988 2238517 2240046 2241575 2243104 2244633 2246162 2247691 2249220 2250749 nb 2250750 nb 2252278 2253807 2253808 2255336 2256865 2256866 2258394 2259924 2259924 2261452 2261452 2261452 2261453 2262982 2262982 2262982 2264510 2264510 2264510 2264511 2264511

1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.501,47 1.730,09 1.198,58 1.709,45 1.197,00 1.501,47 1.501,47

1.006,28 1.006,28 1.053,71 1.006,28 1.006,28 1.006,28 1.006,28 1.022,42 1.022,42 1.023,62 1.023,62 1.023,62 1.070,01 1.013,95 1.013,95 1.013,95 922,21 922,21 922,21 1.062,63 1.062,63

1.469,45 1.602,02 1.371,94 1.530,95 1.422,32 1.353,62 1.476,55 1.420,26 1.454,01 1.263,56 1.393,75 1.262,50 1.385,15 1.267,18 1.375,57 1.240,66 1.342,28 1.203,64 1.217,49 1.410,87 1.176,79 1.313,64 1.473,65 1.252,83 1.270,22 1.222,40 1.222,40 1.172,78 1.172,78 1.172,78 1.144,61 1.200,20 1.200,20 1.200,20 1.118,33 1.118,33 1.118,33 1.120,87 1.120,87

1.469,20 1.598,86 1.372,62 1.528,76 1.429,16 1.355,03 1.475,01 1.422,20 1.453,12 1.265,10 1.392,98 1.264,59 1.385,29 1.269,81 1.376,56 1.244,26 1.344,89 1.208,11 1.223,11 1.420,99 1.187,06 1.336,14 1.498,53 1.276,76 1.296,16 1.248,76 1.248,76 1.197,59 1.197,59 1.197,59 1.160,46 1.227,52 1.227,52 1.227,52 1.142,20 1.142,20 1.142,20 1.137,56 1.137,56

1.233,17 1.321,04 1.167,63 1.272,15 1.201,01 1.155,50 1.237,16 1.200,76 1.222,72 1.108,59 1.189,04 1.109,94 1.183,92 1.111,72 1.176,20 1.094,47 1.152,47 1.071,84 1.075,37 1.185,91 1.047,99 1.113,79 1.210,84 1.080,85 1.084,67 1.059,53 1.059,53 1.026,61 1.026,61 1.026,61 1.015,57 1.041,27 1.041,27 1.041,27 992,42 992,42 992,42 999,19 999,19

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) 0 0 0 0 0 0 H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks) 0 0 0 0 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1320 Slijkgrasvelden H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1320 Slijkgrasvelden H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1320 Slijkgrasvelden H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1320 Slijkgrasvelden H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1320 Slijkgrasvelden

1571 1571 1571 1571

-159,09 372,42 -138,45 374,00

177,25 308,50 185,85 303,82

178,02 306,41 185,71 301,19

381,96 461,06 387,08 459,28

1571

517,29

394,21

383,94

523,01

1571 1643 1571 1643 1643 1571 1571 1643 1643 1571 1643 1643 1571 1643

548,58 620,58 547,38 619,38 619,38 500,99 557,05 629,05 629,05 648,79 720,79 720,79 508,37 580,37

348,60 420,60 398,22 470,22 470,22 426,39 370,80 442,80 442,80 452,67 524,67 524,67 450,13 522,13

322,24 394,24 373,41 445,41 445,41 410,54 343,48 415,48 415,48 428,80 500,80 500,80 433,44 505,44

511,47 583,47 544,39 616,39 616,39 555,43 529,73 601,73 601,73 578,58 650,58 650,58 571,81 643,81

HexagoonAchtergrond-depositie HabitatNaam voorkomende habitat Versie 2019A Versie 2022 Versie 2021A Versie 2020 nummer code 2266039 828,70 1.000,19 1.017,51 923,86 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2266039 828,70 1.000,19 1.017,51 923,86 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 1.052,19 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2266040 1.004,28 1.221,81 1.250,42 2266040 1.004,28 1.221,81 1.250,42 1.052,19 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2266040 1.004,28 1.221,81 1.250,42 1.052,19 H1320 Slijkgrasvelden 2267568 954,80 1.172,57 1.198,30 1.021,50 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2267568 954,80 1.172,57 1.198,30 1.021,50 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2267569 1.070,00 1.139,22 1.159,37 1.011,83 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2269097 898,24 1.102,35 1.118,19 981,46 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2269098 1.011,88 1.216,60 1.238,55 1.049,81 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2269098 1.011,88 1.216,60 1.238,55 1.049,81 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) H1320 Slijkgrasvelden 2269098 1.011,88 1.216,60 1.238,55 1.049,81 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2270625 813,41 987,36 998,31 917,42 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2270626 990,70 1.224,98 1.244,79 1.050,40 2270626 990,70 1.224,98 1.244,79 1.050,40 H1310A Zilte

pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2270626 990,70 1.224,98 1.244,79 1.050,40 H1320 Slijkgrasvelden 2270627 1.115,84 1.195,46 1.250,45 1.081,51 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2272155 947,78 1.174,78 1.191,39 1.022,59 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2272156 1.035,24 1.263,07 1.285,52 1.077,61 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2273683 864,48 1.057,22 1.069,81 958,62 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2273683 864,48 1.057,22 1.069,81 958,62 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2273684 992,05 1.231,94 1.251,34 1.055,05 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2273685 1.259,59 1.414,77 1.484,30 1.218,80 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2275213 985,75 1.204,79 1.222,25 1.040,52 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2275214 1.222,55 1.567,41 1.599,43 1.254,53 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2275214 1.222,55 1.567,41 1.599,43 1.254,53 2275214 1.222,55 1.567,41 1.599,43 1.254,53 H2160 Duindoornstruwelen 2276741 915,47 1.062,46 1.075,67 964,28 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 964,28 H1310A Zilte pioniersbegroeiingen (zeekraal) 2276741 915,47 1.062,46 1.075,67 2276742 1.035,07 1.276,00 1.296,32 1.080,06 H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks) 2276742 1.035,07 1.276,00 1.296,32 1.080,06

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=28f5cde0-bdc1-452f-9085-908b279ca39d