CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

b. Zienswijze reclamant 1.pdf

Raad 23 juni 2022, gemeente SluisBij agendapunt: Voorstel tot gewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan camping International7.304 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestemmingsplan Camping International Anno 2021 NL.IMRO.1714.bpinternational-ON01

Zienswijze Familie Van Til Prinses Wilhelminastraat 29

Inhoud

1

Inleiding

1

2

Publicatie bestemmingsplannen

2

3

Huidige situatie en verhouding camping vs dorpskern

3

4

Geldende bestemmingsplannen

4

5

Toetsing beleid

5

5.1 5.2 5.2.1 5.2.2 5.2.3

Nationaal beleid Provinciaal beleid Omgevingsplan 2018 Omgevingsverorderning Zeeland 2018 Krachtig verbonden

5 6 6 7 8

6

Planbeschrijving

9

6.1 6.2 6.3

Ligging plangebied Huidige situatie Ruimtelijke afweging

9 9 11

7

Toetsing aan ruimtelijke en overige aspecten

13

7.1 7.2 7.3 7.4 7.4.1 7.4.2 7.5 7.5.1 7.5.2 7.5.3 7.6 7.7

Watertoets Ecologie Relaties met omliggende functies Bedrijven en milieuzonering Cadzandse weg Nieuwvliet Rustige Woonwijk Prinses Wilhelminastraat Rustige Woonwijk Akoestisch onderzoek naar inrichtingslawaai Onafhankelijkheid Aannames/uitgangspunten van het onderzoek Rekenresultaten Verkeer en parkeren Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

13 13 13 14 14 16 21 21 21 26 28 29

7.8

Veiligheid en cameratoezicht.

i

1

Inleiding

De plannen voor uitbreiding van Camping International lopen ondertussen sinds 2008 (13 jaar!) Hierbij zijn door de gemeente drie pogingen geweest het bestemmingsplan vast te stellen. De zienswijzen op deze bestemmingsplannen hebben geleid tot twee beroepsprocedures bij de Raad van State die beiden gegrond zijn verklaard waarna het bestemmingsplan uiteindelijk is vernietigd. Op dit moment heeft het bestemmingsplan voor de 4e maal ter inzage gelegen. Hiermee wordt dubbel en dwars onderstreept dat deze uitbreiding volledig is onderschat, zeer onzorgvuldig is verlopen en vooral niet past in een rustige woonwijk! Toch probeert men koste wat het kost deze uitbreiding door te drukken tot groot ongenoegen van de omwonenden en wijzelf. Bovendien heeft deze onzorgvuldigheid de afgelopen procedures veel kosten met zich meegebracht. Het is dan ook onbegrijpelijk dat de belastingbetaler deze onzorgvuldigheid moet compenseren en op moet draaien voor deze kosten. Wij blijven ons verzetten tegen deze onacceptabele uitbreiding waarbij wij als omwonenden nog steeds ernstig vrezen voor een ernstige aantasting van ons woon-en leefklimaat. Men zal begrijpen dat ook hier weer een zienswijze tegenover staat waarbij een gang naar de Raad van State tot de mogelijkheden behoort.

1

2

Publicatie bestemmingsplannen

De bekendmakingen van de historische (voor)ontwerp bestemmingsplannen van camping international zijn tot nu toe foutief en onzorgvuldig geweest. Door foutieve identificatienummers en foutieve sluitingstermijnen voor indienen zienswijzen te publiceren hebben correcties in de media plaats moeten vinden. Ook bij de bekendmaking van dit ontwerp bestemmingsplan is wederom door de gemeente onzorgvuldig en foutief gehandeld waardoor niet iedereen in kennis gesteld heeft kunnen worden van dit nieuwe bestemmingsplan en hiermee niet iedereen de mogelijkheid heeft kunnen krijgen een tijdelijke of volledige zienswijze in te dienen. Zo is de sluitingsdatum van de termijn wederom onjuist gepubliceerd voor de zes weken ter inzagelegging van het bestemmingsplan. Ondanks de tijdige melding van deze fouten bij de gemeente heeft er geen rectificatie plaatsgevonden. Wij zijn dan ook van mening dat dit proces niet gecontinueerd kan en mag worden zonder herstel/rectificatie van deze fouten. Tevens vragen wij onszelf af waarom dit nieuwe ontwerp bestemmingplan niet getoetst is door de commissie ruimte alvorens het vast te stellen.

2

3

Huidige situatie en verhouding camping vs dorpskern

Nog geen twintig jaar geleden is Camping International in oppervlakte bijna verdubbeld tot ongeveer zes hectare en kort daarna uitgebreid met ongeveer honderd verblijfseenheden, sport-, spel- en parkeervoorzieningen alsook een zwembad. Met deze uitbreiding is de camping meer dan groot genoeg geworden. Bij deze uitbreiding van 3 naar 6 ha, die nog niet eens tegen de rustige woonwijk zou grenzen, achtte de Voorzitter van de Raad van State in de beschikking R03.90.2516/S5645 het twijfelachtig of een groenzone tussen woning en camping van 15 meter breed en 3 meter hoog, waaraan tegemoet zou worden gekomen, voldoende afscherming biedt en of niet sprake is van een te drastische beperking van het woongenot. Onder meer op deze basis werd dan ook door de enkele getroffen bewoners aanzienlijke planschade bekomen ex artikel 49 van de toen geldende Wet op de Ruimtelijke Ordening! De camping is altijd gescheiden geweest van de dorpskern door een agrarische bufferzone in de vorm van een perenboomgaard. Gezien bovenstaande is het dan ook onacceptabel dat deze bufferzone verdwijnt en plaats moet maken voor een recreatie gebied naast gevoelige objecten zoals de tuinen en woningen van de omwonenden.

De voorliggende uitbreiding volgens het bestemmingsplan (aangeduid met rechthoek in stippellijn) zou de Camping nog met 60 meter verplaatsen tot tegen de dorpskern en doen uitbreiden tot een totale oppervlakte van nagenoeg acht hectare hetgeen groter zou worden dan die van de dorpskern zelf! De gemeente die in zou moeten staan voor de belangen van haar inwoners moet toch inzien dat deze wanverhouding ontoelaatbaar is voor de dorpsbewoners. Blijkbaar wint het economisch belang van de camping ten opzichte van het belang van de inwoners van de gemeente. Onder andere wegens bovenstaande blijven wij van mening dat het bestemmingsplan niet vastgesteld kan worden omdat de beoogde recreatie uitbreiding nu eenmaal ruimtelijk niet passend is in een dorp. Tevens zullen we van het recht gebruik maken voor het indienen van beroepen, het eisen van voorlopige voorzieningen en planschade indien de gemeente dit bestemmingsplan gewijzigd of ongewijzigd tegen beter weten in toch zal vaststellen.

3

4

Geldende bestemmingsplannen

In par. 1.3 wordt vermeld dat in 2014 ter plaatse van de boomgaard een dierenweide is gerealiseerd. Omdat dit bestemmingslan inmiddels is vernietigd door ABRvS past deze dierenweide niet in de geldende planologische regeling. Wat in deze paragraaf niet is opgenomen, is dat naast de realisatie van een dierenweide verschillende bouwwerken zonder toestemming zijn geplaatst doordat geen geldende bouwvergunning hiervoor is afgegeven. Zo is in de agrarische bestemming (voormalige perenboomgaard) een dierenverblijfplaats/schuur gerealiseerd, twee voetbalkooien en een gebouw voor sanitaire voorzieningen. Tevens heeft de klimtoren (vuurtoren), die vrij zicht heeft op de tuinen van de omwonenden, zonder toestemming op agrarisch gebied gestaan en is te hoog volgens de regels van de nieuwe bestemming waarop gehandhaafd moet worden. De voormalige perenboomgaard is tevens gebruikt als voetbalveld waar niet op is gehandhaafd. Ook op terrein Pierewiet heeft een uitbreiding plaatsgevonden tbv horeca activiteiten.

4

5

Toetsing beleid

5.1 Nationaal beleid Volgens het Ministerie van Infrastructuur en Milieu en haar Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte van maart 2012 is een gemeente een overheidsorgaan die het dichtst bij de burger staat en zorg draagt voor een veilige en leefbare woon- en werkomgeving. In het ruimtelijk aspect gaat het om de ruimtelijke ontwikkeling van stad en platteland in brede zin waarbij onder meer belangen ten aanzien van mobiliteit, milieu, natuur, water, economie en wonen worden afgewogen. Het voorliggende bestemmingsplan dient hoofdzakelijk het belangrijke individuele economische belang van de ondernemer en nauwelijks andere bedoelde algemene belangen nastreeft van mobiliteit, milieu, natuur, water en veiligheid en leefbaar wonen. De geboden ruimtelijke zonering en minimale vereveningsbijdrage zijn uitermate beperkt in vergelijking met dit economische belang van de individuele ondernemer en staan niet in verhouding tot het bedreigde woongenot en de bij vaststelling veroorzaakte planschade ten aanzien van een volledige dorpskern. Met betrekking tot de toetsing van dit bestemmingsplan aan nationaal beleid zien we dan ook meer zaken die niet passen dan zaken die wel zouden passen binnen dit beleid.

Bij de toetsing op het besluit ruimtelijke ordening wordt vermeld dat de dierenweide de meest aangewezen locatie is om uit te breiden. Tevens acht het gemeentebestuur de invulling van de overgangsfase tussen camping international en de woonbebouwing van Nieuwvliet met de beoogde verblijfsrecreatieve ontwikkeling beleidsmatig aanvaardbaar. Dit is natuurlijk apert onjuist aangezien buiten het dorp nog veel meer ruimte beschikbaar is voor een veel grotere uitbreiding. In dat geval is men dan ook niemand tot last. Een win-win situatie!

5

5.2 Provinciaal beleid 5.2.1 Omgevingsplan 2018 Het omgevingsplan 2018 zou vier belangrijke speerpunten bevatten en een zes-tal lange termijn (2040) strategische doelen. Deze speerpunten en strategische doelen bevatten meer zaken waarbij dit bestemmingsplan negatief bijdraagt of niet van toepassing zijn. Zo staat dit bestemmingsplan haaks op de waardevolle leefomgeving, levert dit geen positieve bijdrage aan energie en klimaat, en staat dit haaks op een vitaal platteland, natuurbeheer en ontwikkeling natuurgebieden waarbij een perenboomgaard wordt omgezet naar verblijfsrecreatie.

In de toetsing van dit bestemmingsplan op dit beleid wordt genoemd dat door de combinatie met Pierewiet de camping nog aantrekkelijker wordt gemaakt voor gezinnen met jonge kinderen en dat door het uitgevoerde akoestisch onderzoek een goed woonen leefmilieu wordt gewaarborgd. Hierbij wordt nogmaals duidelijk gemaakt dat met deze ontwikkeling enkel rekening wordt gehouden met het financiële belang van de camping. Hoe kan immers een uitbreiding van een camping, waarbij wordt ingespeeld op veel meer kinderen, een goed woon- en leefklimaat waarborgen? Het tegendeel is waar. Als laatste wordt in de toetsing het vereveningsprincipe aangehaald. Op 1 juli 2016 is een voorstel ingediend dat besproken is met de stuurgroep op 6 juli 2016 en is goedgekeurd, Er is een bunker geschikt gemaakt voor vleermuizen en zijn er diverse fauna elementen opgehangen. - Wat is de samenstelling van die bedoelde stuurgroep? - Wat zijn de criteria die gesteld worden aan goedkeuring van een verevenings voorstel? - Op grond van welke criteria en argumenten is dit plan goedgekeurd? - Hoe kan het beschikbaar stellen van een bunker voor vleermuizen en enkele fauna elementen de uitbreiding van de camping met 0,55 ha compenseren? Mbt de vleermuizenbunker op zeer dichte afstand van onze woning wordt flinke overlast ervaren. In de tuinen worden uitwerpselen van die beesten aangetroffen.

Tevens wordt het bijna beangstigend om in de zomer ’s avonds door de tuin te lopen waarbij de vleermuizen letterlijk rond onze hoofden vliegen. Wij zijn dus van mening dat deze ontwikkeling totaal niet past binnen het omgevingsplan van het provinciaal beleid.

6

5.2.2 Omgevingsverorderning Zeeland 2018 Met betrekking tot de omgevingsverordening Zeeland 2018 worden voorwaarden gesteld aan ontwikkeling van verblijfsrecreatie terreinen in de omgeving. Uit deze verordening kan duidelijk geconcludeerd worden dat de uitbreiding van camping international in Nieuwvliet dorp niet is toegestaan mits voldaan wordt aan strikte voorwaarden. Een afwijking van dit beleid dient zeer uitvoerig te worden gemotiveerd in het bestemmingsplan. Het volgende is uit deze verordening geciteerd: AFDELING 2.5 VERBLIJFSRECREATIE Artikel 2.10 Verblijfsrecreatie in de kustzone •

1.

In een bestemmingsplan wordt een nieuw verblijfsrecreatieterrein of uitbreiding van een verblijfsrecreatieterrein uitsluitend toegelaten in de in bijlage 5 aangewezen badplaatsen en met inachtneming van de overige bepalingen van deze verordening. In de toelichting bij het bestemmingsplan wordt aannemelijk gemaakt dat voldaan wordt aan de in bijlage D onder 1 opgenomen uitgangspunten. Indien een gebied in bijlage 5 tevens is aangewezen als aandachtsgebied dient in de toelichting bij het bestemmingsplan tevens aannemelijk te worden gemaakt dat voldaan wordt aan de in bijlage D onder 2 opgenomen uitgangspunten. Bovengenoemde badplaatsen zijn in onderstaande figuur (bijlage 5) in de met roze gemarkeerde gebieden aangegeven. Nieuwvliet dorp maakt hier geen deel van uit.

7

Nieuwvliet dorp, dat binnen de kustzone valt, is in de figuur niet aangeduid als een badplaats en niet aangeduid als aandachtsgebied. Gezien het feit dat de uitbreiding van camping international, met uitbreiding van dagen verblijfsrecreatie, rond dit punt niet is onderbouwd kan deze uitbreiding niet plaatsvinden en dient dit bestemmingsplan te worden vernietigd.

In het bestemmingsplan is het volgende voor wat betreft de omgevingsverordening het volgende benoemd: 1. enkel toegestaan als het beheer en onderhoud van het landschap geborgd is 2. enkel toegestaan met sociaal maatschappelijke bijdrage: zijn een toegevoegde waarde voor de leefomgeving Hier dient opgemerkt te worden dat de aangelegde grondwal met opgaande groenbeplanting niet wordt onderhouden. Het onkruid op deze grondwal overwoekert dermate waarmee deze tot groot ongenoegen doorgroeit en de zaden overwaaien naar de tuinen van de omwonenden. Tevens heeft deze uitbreiding een negatief effect op de maatschappelijke bijdrage en is een verslechtering voor de leefomgeving. Wij eisen dan ook dat bovengenoemde punten worden opgenomen in het bestemmingsplan om handhaving mogelijk te kunnen maken of het bestemmingsplan te vernietigen. 5.2.3 Krachtig verbonden In dit bestemmingsplan wordt gerefereerd aan een aantal nieuwe prachtig klinkende beleidsdocumenten van de gemeente Sluis zoals ‘Krachtig Verbonden’ en ‘Kadernota Recreatief Verblijf’ waarbij de uitbreiding van de camping in zou moeten passen. De speerpunten van Krachtig Verbonden betreft bijv.: - burgerparticipatie waarbij de gemeente wilt bereiken om inwoners mee te laten denken en te doen als het gaat om hun leefomgeving.

- Ruimtelijke ordening waarbij de gemeente wil bereiken een cultuurverandering te realiseren waarbij initiatiefnemers en belanghebbenden in alle fasen van het proces tot handhaving zal veranderen. - Duurzaamheid en energie In welke mate denkt de gemeente Sluis met betrekking tot dit bestemmingsplan concreet invulling te geven aan bovengenoemde en andere speerpunten binnen deze visie? Welke concrete duurzame elementen worden ingezet?

8

6

Planbeschrijving

6.1 Ligging plangebied In hoofdstuk 2.1 betreft het plangebied is opgesomd welke functies voorkomen in de voormalige (perenboomgaard) tussen de zuidzijde van de camping en de kern Nieuwvliet. Een kinderboerderij, een (gedeeltelijk) verhard voetbalveldje. Hierbij valt in op te merken dat deze informatie foutief en onvolledig is en gecorrigeerd dient te worden. Op dit moment heeft de perenboomgaard officieel nog steeds de status van agrarische grond waarbij na de uitspraken van de ABRvS niet alleen een kinderboerderij is gerealiseerd maar ook twee nieuwe voetbalkooien, een nieuw bouwwerk ten behoeve van dierenverblijf, een nieuw gebouw voor sanitaire voorzieningen, nieuwe speeltoestellen naast de al aanwezige speeltoestellen (tokkelbaan, springluchtkussen) en het bouwwerk klimtoren van min. 9 meter hoog (vuurtoren).

6.2 Huidige situatie In hoofdstuk 2.2 waarin de huidige situatie wordt beschreven wordt duidelijk geschetst dat de doelgroep waar men zich op richt, bestaat met name uit jonge gezinnen en waarbij men op speelboerderij Pierewiet veel jonge kinderen wil aantrekken en niet enkel en alleen afkomstig van de camping maar ook vooral van buiten het campingterrein. Het is dan ook onbegrijpelijk en onacceptabel dat de gemeente deze uitbreiding toelaat in een dorp ten koste van het woon- en leefklimaat van de omwonenden. Buiten het dorp zijn immers tal van mogelijkheden voor uitbreiding aanwezig. Verder is ook deze paragraaf weer foutief en onvolledig met betrekking tot het ontbreken van de gerealiseerde bouwwerken die zonder bouwvergunning tot stand zijn gekomen zoals de voetbalkooien, dierenverblijf en sanitaire voorzieningen. Tevens is vermeld dat de integratie van de camping en Pierewiet een belangrijke meerwaarde heeft voor de camping doordat de campinggasten van de dagrecreatieve voorzieningen gebruik kunnen maken. Met betrekking tot dit punt verwachten wij een duidelijke reactie van de gemeente en de camping met de redenen waarom een speelterrein (dagrecreatie) voor kinderen open moet blijven tot de de late uren. In de praktijk zijn tijden na 23:00 uur geen uitzondering met grote overlast tot gevolg! Wij begrijpen totaal niet waarom een speeltuin ‘s avonds laat nog open moet zijn.

Een sluitingstijd van19:00 uur is laat genoeg! Dit gebied heet per slot van rekening

9

dagrecreatie en geen avond- en nachtrecreatie! Tevens verwachten wij een fysieke afsluitbare afscherming tussen verblijfsrecreatie en dagrecreatie.

Ook is genoemd dat ter afscheiding van de aangrenzende woonbebouwing een grondwal is gerealiseerd van min. 3 meter hoogte. Ook in hoofdstuk 2.4 wordt deze hoogte van min. 3 meter genoemd. Hier dient opgemerkt te worden dat deze grondwal niet voldoet aan de juiste hoogte doordat deze op de meeste plaatsen lager is dan de vereiste 3 meter en bovendien niet wordt onderhouden waardoor onkruid op deze grondwal overwoekert en tot groot ongenoegen doorgroeit en overwaait naar de tuinen van de omwonenden. Wij eisen dan ook dat bovengenoemde punten worden opgenomen in het bestemmingsplan om handhaving mogelijk te kunnen maken of het bestemmingsplan te vernietigen. Verder is in hoofdstuk 2.2 figuur 2.3 opgenomen waarin de oppervlakteverdeling tussen Pierewiet, de minicamping en boomgaard is gevisualiseerd. Deze figuur toont een paars deel in de vorm van een omgekeerde L met een oppervlak van 0,6 ha die het terrein Pierewiet moet voorstellen. Op de website: ruimtelijkeplannen.nl is dit oppervlak geen L vorm maar een rechthoek en is dit oppervlak geen 0,6 ha maar heft een oppervlak van 0,65 ha. Dit is nagenoeg 10% groter! Ook oogt het gebied op ruimtelijkeplannen.nl groter tov de kaart volgens figuur 2.3.

Hoe kan de gemeente dit verklaren? Is naast de uitbreiding van de camping (verblijfsrecreatie) tevens de dagrecreatie Pierewiet aan het uitbreiden? Het bestemmingsplan zal op dit punt aangepast moeten worden.

.

10

6.3 Ruimtelijke afweging In hoofdstuk 2.7 wordt de ruimtelijke afweging benoemd. Hierin is aangeven dat voor de ontwikkeling zorgvuldig onderzoek is uitgevoerd. De term zorgvuldig onderzoek horen we al sinds 2008 waarbij de interpretatie van de definitie blijkbaar ver uiteenloopt. Zowel de omwonenden als de ABRvS hebben bewezen dat deze ontwikkeling steeds onzorgvuldig is geweest! Als we kijken naar de maatregelen die men ondertussen al heeft moeten nemen om deze ontwikkeling in verschillende pogingen te laten passen binnen de wettelijke kaders van een verondersteld gemengd gebied dan kan iedereen aan onderstaande figuur overduidelijk zien dat de uitbreiding al helemaal niet thuis hoort in een rustige woonwijk/dorpskern en waarbij niemand nog begrijpt wat er in dit bestemmingsplan allemaal gebeurt.

Wij verwachten dan ook een duidelijke reactie van de gemeente hoe men dit belachelijk aantal verschillende functies in dit relatief kleine gebied denkt te handhaven. Verder wordt in deze paragraaf een onbegrijpelijke tegenstelling gedaan. Aan de ene kant zegt men door de genomen maatregelen te voldoen aan het waarborgen van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Aan de andere kant zegt men in dezelfde paragraaf dat dit niet betekent dat er nooit overlast kan zijn. Ook is het melden van klachten bij de

11

campingeigenaar niet gewenst aangezien de officiele registratie van incidenten hierbij ontbreekt en niet adequaat gehandhaafd kan worden. Hoe kan een gemeente accepteren dat zijn burgers aan overlast worden blootgesteld?

12

7

Toetsing aan ruimtelijke en overige aspecten

7.1 Watertoets Er wordt gesproken over een voorwaardelijke verplichting om ervoor te zorgen dat in de toekomstige situatie voldoende waterberging aanwezig is. Er rijzen dan een aantal vragen: Wat is deze verplichting en waar kan deze gevonden worden? Het Waterschap vraagt nadrukkelijk aandacht voor hergebruik van water in het ontwerp. Hoe gaat de camping hier concreet mee om?

7.2 Ecologie Er is een calculatie uitgevoerd met betrekking tot impact van Nox en fijnstof (pm10) op Natura 2000 gebieden. Echter wij vinden nergens terug of dit project voor de scenario’s aanleg van bestemmingsplan en gebruik van bestemmingsplan volgens wet milieubeheer zijn getoetst aan de NIBM. Tevens zal elk project moeten voldoen aan het Besluit Gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen) en een goede ruimtelijke ordening.

7.3 Relaties met omliggende functies

Met betrekking tot de toetsing aan het activiteitenbesluit wordt aangegeven dat aan de voorschriften genoemd in het besluit wordt voldaan en hiervoor geen milieuvergunning aangevraagd dient te worden. Wij stellen dan de vraag: Wat zijn deze voorschriften en waaruit blijkt dat hieraan wordt voldaan?

13

7.4 Bedrijven en milieuzonering

7.4.1 Cadzandse weg Nieuwvliet Rustige Woonwijk De gemeente en RHO blijken met 2 maten te meten mbt de milieuzonering in Nieuwvliet dorp. Zo blijkt uit recent vastgesteld wijzigingsplan NL.IMRO.1714.wp16cadzandsew3032-VG01 betreft Cadzandseweg 30 en 32 in Nieuwvliet opgesteld door RHO dat het deze percelen wel deel uitmaken van een rustige woonwijk!! Ondanks dat deze percelen nota bene zelf een bedrijfsbestemming hebben, deel uitmaken van lintbebouwing met een doorgaande weg, een kerk op 40 meter afstand, een agrarisch bedrijf op 40 meter afstand, twee opslagloodsen op 15 meter wordt dit gebied als Rustige Woonwijk beschreven. Het volgende is geciteerd uit dit wijzigingsplan: Milieuhinder In de directe omgeving van het plangebied zijn hoofdzakelijk woningen gelegen. Er is dan ook sprake van een rustige woonwijk/buitengebied. Aan de westzijde grenst het plangebied aan agrarische gronden waar met spuitdrift wordt gewerkt. Met de betreffende agrariër is een afspraak gemaakt over het oprichten van een beschermende afscheiding, die in de regels van dit wijzigingsplan als voorwaardelijke verplichting is opgenomen. Daarnaast is op circa 40 m ten zuiden van het plangebied een kerk gelegen. Hiervoor geldt volgens de VNG-publicatie een richtafstand van 30 m ten opzichte van een rustige woonwijk. Aan deze richtafstand wordt voldaan.

Circa 40 m ten noordoosten van het plangebied (Cadzandseweg 18) is een grondgebonden agrarisch bedrijf gelegen. Op kortere afstand van dit bedrijf zijn reeds woningen aanwezig waar rekening mee gehouden moet worden. Het bedrijf zal daarom door de beoogde ontwikkeling niet in de eigen bedrijfsvoering worden beperkt en ter plaatste van het plangebied zal sprake zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Aan de Cadzandseweg staan twee opslagloodsen. In het vigerend bestemmingsplan zijn opslagloodsen zoals bedoeld aan de Cadzandseweg ingedeeld in milieucategorie 2. Categorie 2activiteiten zijn bedrijfsactiviteiten die een richtafstand van 30 m hebben. In de huidige situatie zijn er woningen op 15 m vanaf de bedrijfsactiviteiten gebouwd. Zover bekend levert dit geen hinderlijke situaties op. Om te voldoen aan een goed woon- en leefklimaat wordt tevens een richtafstand van minstens 15 m aangehouden. Verder zijn er in de omgeving geen bedrijven aanwezig die een belemmering vormen voor de milieusituatie ter plaatse van het plangebied, of die door de beoogde ontwikkeling worden belemmerd in hun bedrijfsvoering. Het aspect milieuhinder vormt dan ook geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

14

In onderstaand figuur is het betreffende adres en de omringen milieuzoneringen zichtbaar gemaakt volgens ruimtelijkeplannen.nl

15

7.4.2

Prinses Wilhelminastraat Rustige Woonwijk In tegenstelling tot de Cadzandse weg is de Prinses Wilhelminastraat: - geen doorlopende weg maar een rustige doodlopende weg waar de verkeersintensiteit zeer laag is - geen lintbebouwing - bevindt zich er geen kerk in de dichte nabijheid - bevindt zich er geen agrarisch bedrijf in dichte nabijheid - de bedrijven die er zijn, bevinden zich buiten de dorpskern of op zeer grote afstand . Dit blijkt tevens volgens onderstaande figuur uit ruimtelijkeplannen.nl

16

In hoofdstuk 4.4.2 in het bestemmingsplan wordt een opsomming gedaan van functies volgens een gemengd gebied. Deze opsomming is volstrekt misleidend en niet relevant aangezien dit enkel de functies op het campingterrein betreft die tot heden gescheiden is van de dorpskern door een aanzienlijke agrarische buffer. Het genoemde sportveld betreft een grasveld waarvan weinig gebruik gemaakt wordt zoals dat ook bij de Cadzandseweg het geval is. De gevoelige objecten in de Prinses Wilhelminastraat waaronder onze woning betreffen wel degelijk een Rustige Woonwijk waarin van functiemenging absoluut geen sprake is. Zo is dit tevens aangetoond in een onderzoeksrapport van G&O consult in 2015 waarin is aangetoond dat de Prinses Wilhelminastraat een rustige woonwijk is en geen gemengd gebied. Hier is zowel gekeken naar de Bedrijven en Milieuzonering Gebiedstypering , ruimtelijkeplannen.nl en hebben geluidsmetingen plaatsgevonden in de dagperiode en in de avondperiode. De conclusie is dan ook terecht dat er sprake is van een Rustige Woonwijk en allerminst van een gemengd gebied!

Figuur 4.6 in het bestemmingplan is volstrekt onjuist en misleidend en wel om de volgende redenen: - Het rode vlak school is onjuist. Dit is geen school (meer). Dit dient gecorrigeerd te worden. - Het paarse vlak bedrijf in het midden van de figuur is onjuist. Dit is geen bedrijf maar heeft bestemming wonen! Dit dient gecorrigeerd te worden. - Het paarse vlak bedrijf links onder in de figuur is het bedrijf aan de Cadzandseweg zoals hierboven beschreven dat voldoet aan de Rustige Woonwijk! - Het rode vlak speelboerderij Pierewiet in deze figuur is onjuist. De agrarische bestemming (perenboomgaard) is hier onterecht ingekleurd als speelterrein. Dit dient gecorrigeerd te worden. De overige bedrijven bevinden zich ver van de doodlopende rustige Prinses Wilhelminastraat. In het gehele dorp bevindt zich zelfs geen bakker meer. Als gevolg hiervan zijn de figuren 4.7 en 4.8 in het bestemmingsplan mede volstrekt onjuist en misleidend. Deze figuren 4.6, 4.7 en 4.8 dienen dan ook gecorrigeerd te worden in het bestemmingsplan waarbij zichtbaar is en wordt dat de Prinses Wilhelminastraat een Rustige Woonwijk betreft!

De Gemeente en ABRvS kan hierin niet tegenspreken noch ontkennen dat de Prinses Wilhelminastraat volstrekt een Rustige Woonwijk betreft.

17

Voor wat betreft de gehanteerde richtafstanden tot gevoelige objecten wordt zogenaamd vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening ook het verblijfsklimaat in de tuinen van de woningen in de afwegingen betrokken. Er wordt gesteld dat de richtafstand voor geluid 30m dient te bedragen bij een gemengd gebied waar dit 50 meter dient te zijn in verband met de rustige woonwijk. De aangehouden afstand tussen de woningen Wilhelminastraat en kampeermiddelen recreatiegebied is minimaal 22 meter. Dit is dus niet correct en dient al minimaal 30 meter te zijn voor een gemengd gebied vanaf de tuingrens van ons perceel en hiermee nog niet eens gesproken over de 50 meter die van toepassing is op de rustige woonwijk. Een richtafstand tot een geïsoleerde gevel, zoals bedoeld voor stedelijk gebied, is iets totaal anders dan een woning met ruimtelijke tuin in een gebied zoals wij deze kennen. In de periode dat wij van onze tuin kunnen genieten wordt het camping en speelrecreatie terrein volop gebruikt en is juist de overlast het grootst. Juist daarom zal in kader van een goede ruimtelijke ordening de afstand tot de gevoelige tuin veel verder moeten zijn dan de afstand tov de geïsoleerde gevel.

Een ander argument hiervoor is dat indien wij in een realistisch geval onze woning uitbreiden binnen ons perceel dan zal de minimaal vereiste afstand van het recreatie terrein tot de gevel kleiner worden en zal in theorie het recreatie terrein zich moeten verplaatsen om deze minimale vereiste afstand te garanderen. Indien bij de minimaal vereiste afstand gebruikt wordt gemaakt van de perceelgrens (tuin) ontstaat dit probleem niet. Daarom dienen de gestelde richtafstanden aangepast te worden in het bestemmingsplan. Dit geldt dan ook voor een speelterrein in kader van geluidsoverlast waarvan foutief is vermeld dat deze op kortere afstand is toegestaan.

Ook is genoemd dat voor het noordoostelijke deel van het uitbreidingsterrein dagrecreatief gebruik na 19.00 wordt beperkt. Hoe gaat de camping en de gemeente dit borgen en vooral handhaven? Ook is genoemd dat het bestemmingsplan verplaatsing van het aanwezige zwembad mogelijk maakt en zelfs een nieuw zwembad. Gezien bovenstaande dient opgemerkt te worden dat 37 meter onacceptabel is in kader van goede ruimtelijke ordening. Tevens zullen de camping en de gemeente duidelijk de locatie en de specificaties van dit (nieuwe) zwembad moeten opgeven dat opgenomen zal moeten worden in het akoestisch onderzoek naar aanleiding van de te verwachten geluidsoverlast hiervan.

18

Speelboerderij Pierewiet Er wordt vermeld dat de afstand ten opzichte van de woningen min. 30m bedraagt maar dat de minimale afstand tot de meest nabijgelegen tuin wel kleiner is dan 30m. Dit is dus onjuist en onacceptabel en zal gecorrigeerd moeten worden door de gemeente en camping. Het gebruik van de tokkelbaan en beweegbare brug bij Pierewiet is vanaf 19.00 niet toegestaan. Hoe gaat de camping en gemeente dit borgen en handhaven? Dit geldt ook voor het gebruik van het lucht springkussen en de voetbalkooien op verblijfsrecreatie tot de late uren (na 23.00 uur). De bouwhoogte van speeltoestellen in de strook langs de woonpercelen wordt beperkt. Het is noodzakelijk om het begrip speeltoestel nader te definiëren. Valt onder deze definitie ook bijvoorbeeld een zwembad? In de onderzoeken is uitgegaan van een aantal aanwezige kinderen dat hoger ligt dan de aantallen die in de praktijk aanwezig zijn. Dit is niet correct aangezien de toegelaten aantallen volgens de website Pierewiet nog hoger zijn dan de aantallen gebruikt in het onderzoek en dus niet uitgegaan is van maximaal planologisch. Dit punt dient gecorrigeerd te worden.

19

Hinder en bouwhinder Er wordt vermeld dat de verlichting die op camping international voorkomen in hoofdzaak naar beneden gericht is. De regeling die hiervoor is opgenomen is destijds overeengekomen met de natuurorganisaties. De verlichting die camping international zou toepassen is niet toereikend voor het veroorzaken van enige lichthinder. Dit brengt mij op het volgende feit: In de afgelopen periode is op terrein Pierewiet nieuwe verlichting geplaatst die verre voldoet aan bovengenoemde vereisten. Deze verlichting is zeer fel en zeker niet naar beneden gericht waardoor speelterrein Pierewiet ‘s avonds met geactiveerde verlichting meer lijkt op een landingsbaan voor vliegtuigen. Deze verlichting is zeer hinderlijk en goed waarneembaar vanuit de woonkamer van mijn woning.

Op deze verlichting dient dan ook gehandhaafd te worden.

Tevens is vermeld dat de eigenaar nadrukkelijk richting omwonenden heeft aangegeven dat er in geval van overlast hierover contact genomen moet worden met het bedrijf. Meldingen bij de camping eigenaar worden niet formeel geregistreerd zoals het bevoegd gezag dat wel doet. Hiermee probeert de gemeente afstand te doen van de wettelijk vereiste handhaving. Hiermee is melding bij de camping dan ook niet de juiste manier.

20

7.5 Akoestisch onderzoek naar inrichtingslawaai 7.5.1 Onafhankelijkheid Ten eerste willen wij opmerken dat het geluidsonderzoek naar inrichtingslawaai is opgesteld door RHO adviseurs. RHO adviseurs hebben notabene samen met de gemeente Sluis dit bestemminsplan opgesteld. Bij dit onderzoek is dus geen sprake van onafhankelijkheid waarbij RHO adviseurs en gemeente hun eigen vlees keuren en kan dit onderzoek dus niet als correct en onafhankelijk dan wel objectief worden beschouwd. Wij verzoeken de gemeente dan ook dit akoestisch onderzoek te vernietigen en opnieuw op te laten stellen/uit te laten voeren door een onafhankelijk partij. 7.5.2 Aannames/uitgangspunten van het onderzoek - Gebiedstypering: In het model dient uitgegaan te worden van een rustige woonwijk. Reden hiervoor is hierboven duidelijk uitvoerig besproken. Het is dan ook onacceptabel dat genoemd wordt, af te mogen wijken van de richtwaarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximaal geluidsniveau terwijl de rekenresultaten van dit model op een honderdste van een decibel precies voldoen aan toegelaten norm voor een gemend gebied terwijl het zou moeten gaan om een rustige woonwijk. Er is dan ook totaal geen sprake van een goede ruimtelijke ordening waarbij dit gecorrigeerd dient te worden in het bestemmingsplan.

- Aantal kinderen en bronvermogen: In het model is uitgegaan van 75 kinderen op terrein Pierewiet terwijl op de website van Pierewiet duidelijk staat dat 120 kinderen worden toegelaten. Dit is dan exclusief de kinderen die vanuit de camping vrij toegankelijke Pierewiet kunnen bezoeken, wat juist de intentie is van de camping, en deze aantallen niet gekwantificeerd kunnen worden zijn waarbij het totale bezoekersaantal van Pierewiet vele malen hoger is dan 120 kinderen. Bovendien zijn naast de 120 kinderen volgens de website uiteraard extra aantallen personen aanwezig (ouders). Hier dient dus een correctie plaats te vinden. Of de website moet aangeven dat maximaal 75 kinderen zijn toegestaan. In dat geval dient het bestemmingsplan aan te geven hoe deze maximaal 75 kinderen geborgd en gehandhaafd zal worden. Of het geluidsmodel dient gecorrigeerd te worden naar 120 kinderen ipv 75. Tevens dienen het aantal volwassenen hier additioneel in opgenomen te worden.

21

Tevens kunnen deze kinderen zich verplaatsen over het terrein en zich concentreren op een bepaalde plaats zoals in de praktijk in werkelijkheid ook gebeurt in de zomeravond uren waar de kinderen onder leiding van animatieteams met versterkt geluid van het campingterrein naar Pierewiet worden geleid. Dit leidt tot grotere maximum geluidsniveaus op onze tuin en gevels waar rekening mee gehouden dient te worden in het onderzoek.

- Equivalent geluidsniveau: Er wordt gesteld dat tijdens het spreken/roepen gemiddeld per kind een equivalent bronvermogen van 80 dB(a) optreedt. Dit is onjuist. Op het speelterrein Pierewiet waar 120 kinderen toegelaten worden in zwembaden, op luchtspringkussens, op skelterbanen, op klimtorens en speelrekken etc. is deze situatie minimaal vergelijkbaar met een schoolplein waarvoor minimaal een bronvermogen van 87 dB(a) gehanteerd dient te worden. Volgens het te hanteren NAG 124, VDI 3770, Journaal Geluid 10, ’09 tabel 1 en 2 is het equivalent bronvermogen van schreeuwende kinderen 87 d(B)a

22

Tevens wordt in het bestemmingsplan gesproken over het plaatsen/aanleg van een zwembad op Pierewiet met bestemming dagrecreatie of agrarisch gebied verblijfsrecreatie. Een buitenzwembad heeft volgens tabel 4 een equivalent bronvermogen van 92-95 dB(a).

Het equivalent bronvermogen van schreeuwende kinderen dient gecorrigeerd te worden in het onderzoek naar 87dB(a). Het genoemde zwembad dient toegevoegd te worden aan het onderzoek met een equivalent bronvermogen van 95 dB(a) Dit heeft dan tevens gevolgen voor het gemiddeld bronvermogen. Dit moet dan gecorrigeerd worden naar minimaal 87 + 10*Log(120) = 107,8 dB(a) - Maximaal geluidsniveau: Ook hier wordt onterecht gesteld dat tijdens het spreken/roepen gemiddeld per kind een max bronvermogen van 105 dB(a) optreedt. Dit is onjuist. Op het speelterrein Pierewiet waar 120 kinderen toegelaten worden in zwembaden, op luchtspringkussens, op skelterbanen, op klimtorens en speelrekken etc. is deze situatie minimaal vergelijkbaar met een schoolplein waarvoor minimaal een maximum bronvermogen van 107 dB(a) gehanteerd dient te worden volgens tabel 5.

23

Tevens wordt in het bestemmingsplan gesproken over het plaatsen van een zwembad op Pierewiet met bestemming dagrecreatie of agrarisch gebied verblijfsrecreatie. Een buitenzwembad heeft volgens tabel 5 een max bronvermogen van 104-110 dB(a). Het maximum bronvermogen van schreeuwende kinderen dient gecorrigeerd te worden in het onderzoek naar min. 107 dB(a). Het genoemde zwembad dient toegevoegd te worden aan het onderzoek met een max bronvermogen van min. 110 dB(a).

- Tijden equivalent geluidsniveau: Er wordt in het onderzoek vanuit gegaan dat elk kind een kwart van de tijd effectief geluid produceert (spreken en schreeuwen). Hierin is niet genuanceerd wat het effect is op het bronvermogen tussen spreken en roepen. Dit dient verduidelijkt en opgenomen te worden in het onderzoek. Ook is aangegeven dat het speelterrein geopend is tussen 8:00 en 21:00. Dit is volstrekt onjuist omdat dit in de praktijk niet gebeurd. Zie ook hoofdstuk 6.2 waar voorbeelden worden genoemd waarbij tot ver na 21:00 nog kinderen schreeuwen en gebruikt wordt gemaakt van speeltoestellen als het springluchtkussen en de tokkelbaan en voetbalkooien. Ook op de agrarische grond (verblijfsrecreatie) wordt nog door kinderen geschreeuwd en gespeeld tot ver na 21:00 uur. Nogmaals: Waarom moet een speelterrein ’s avonds laat nog open zijn in een woonwijk? Dagrecreatie is immers geen avond- en nacht recreatie! Er dient opgenomen te worden in bestemmingsplan hoe de sluitingstijden van dagrecreatie met speeltoestellen en verblijfsrecreatie geborgd en gehandhaafd zullen worden.

Kinderen en volwassenen kunnen immers vrij van verblijfsrecreatie naar dagrecreatie verplaatsen Het geluidsonderzoek dient aangepast te worden met de tijden die in de praktijk voorvallen (ver na 21.00 uur) oftewel dient aangegeven te worden hoe men de sluitingstijden borgt en handhaaft met duidelijke vermelding van deze sluitingstijden.

24

- Bronhoogte voor maximaal geluidsniveau: Er wordt gesteld dat de maximale bronhoogte van Pierewiet 4,5 meter (4+0,5) is en die van de boomgaard 3,5 meter (3+0,5). Voor een groot kind wordt 0,5 meter aangehouden. Een groot kind is minimaal 1 m lang. De maximale bronhoogte van Pierewiet wordt dan 4+1 = 5 meter en die voor de boomgaard 3+1 = 4 meter. Dit dient gecorrigeerd te worden in het onderzoek.

- Uitkijktoren, tokkelbaan en beweegbare brug: Het luchtspeelkussen is hier niet in meegenomen. Dit apparaat is hoger dan de andere speeltoestellen en heeft tevens een enorme geluidsproductie. Deze dient toegevoegd te worden aan het rekenmodel.

- Tabel B1 uitgangspunten voor bestemmingsregeling: Volgens tabel B1 wordt voor de speeltoestellen zuidoosthoek Pierewiet 2 meter aangehouden voor Aanduiding (sba-1). Dit betreft de tokkelbaan die hoger is dan 2 meter en zelfs boven de grondwal van 3 meter uitkomt. Dit dient gecorrigeerd te worden in deze tabel en het onderzoek. In deze tabel wordt voor de tokkelbaan en beweegbare brug de zogenaamde ingemeten bestaande hoogte en situering aangehouden. Het is onduidelijk en niet vermeld wat deze hoogtes zijn die gebruikt zijn. Deze dienen toegevoegd te worden aan deze tabel en bestemmingsplan. Het maximaal bronvermogen van de pannakooi is op 108 dB(a) gesteld. Dit vermogen is onjuist en niet onderbouwd. Bij deze voetbalkooien is niet gebruik is gemaakt van geluidarme materialen zoals stalen netten. Hierdoor moet het max. bronvermogen gesteld worden op 112 dBa(a) bron: DGMR Industrie, Verkeer en Milieu B.V. Dit dient gecorrigeerd te worden in deze tabel en het rekenmodel. Het equivalent vermogen van deze pannakooi ontbreekt. Dit dient toegevoegd te worden aan deze tabel en het rekenmodel. De maximale bronhoogte van de pannakooi ontbreekt. Deze is makkelijk 4 meter hoog met stalen netten rondom voorzien. De maximale bronhoogte dient toegevoegd te worden aan deze tabel en het rekenmodel. Er is een maximaal bronvermogenniveau overig benoemd van 105 dB(a).

Wat wordt expliciet verstaan onder het begrip overig?

25

De bedrijfstijden overig is voor R-VR gesteld op 07.00 – 21.00 en RD-R van 8.00 – 19.00. Aangezien er geen fysieke scheiding met slot is voorzien tussen deze twee bestemmingen zijn beide bestemmingen vrij toegankelijk en zijn deze openings- en sluitingstijden niet te handhaven. Er dient aangegeven te worden hoe men deze tijden zal borgen en handhaven. De effectieve tijd dat een kind stemgeluid produceert is gesteld op R-VR 25% van de tijd terwijl op R-DR speelterrein Pierewiet met alle speeltoestellen en deze is gesteld op 5%. Dit is onjuist en uiteraard volstrekt niet logisch. Op een speelterrein zal veel meer stemgeluid geproduceerd worden dan een camping. Dit dient aangepast te worden in de tabel en het rekenmodel.

De gemiddelde bedrijfsduur dat een kind stemgeluid produceert in dagperiode is gesteld op 2,75 uur. Dit is onjuist en niet onderbouwd. Kinderen die uitgelaten zijn op een speelterrein produceren continue stemgeluid. Deze onderbouwing dient toegevoegd te worden. Ditzelfde geldt voor de gemiddelde bedrijfsduur in de avond die nu gesteld is op 0,5 uur. De bronhoogte maximaal geluidsniveau zuidoosthoeken is gesteld op 2 meter (sba-3) en (sba-1). Dit is onjuist en niet consequent. Hier is geen rekening gehouden met een opstaand kind zoals bij de andere bronhoogtes wel toegepast is. Bijv. bij bronhoogte maximaal geluidsniveau overig. Dit dient dus te worden gecorrigeerd naar 2 +0,5 = 2,5 meter om het consequent te houden maar dient te worden 2 + 1 = 3 meter. Ook het rekenmodel dient hierop aangepast te worden. In het rekenmodel zijn verschillende bronhoogtes aangehouden voor gebied sba-1. Bijv. SchrP8 en Schr P9. Dit is onduidelijk waarom dat zo is en dient dit onderbouwd te worden waarom dit zo is toegepast. 7.5.3 Rekenresultaten 7.5.3.1

Algemeen

Ten opzichte van het akoestisch onderzoek van RHO van 31/5/2018 is het maximum bronvermogen verhoogd naar 105 dB(a). De bronhoogte is gelijk gebleven op 1,65 meter. Het equivalent bronvermogen is verhoogd naar 98,8 dB(a). Hoe kan hiermee verklaard worden dat men in 2018 op de grens zat van het toelaatbare in de avond en nu met verhoogde bronvermogens nog steeds op diezelfde grens zit van het toelaatbare? De immissiehoogtes op de gevels van de woningen en in de tuinen van de woning zijn niet genoemd. Tevens is niet genoemd met welke windrichting en windsnelheden is gerekend in het model. Deze dienen toegevoegd te worden.

26

7.5.3.2

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau

Er dient duidelijk gemaakt te worden en onderbouwd te worden hoe het mogelijk is dat langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus voor de tuinen van de woningen lager uitvallen dan tov de gevels van de woningen. Dit is volstrekt onlogisch wegens het feit dat de gevoelige tuinen notabene grenzen aan het terrein dagrecreatie en verblijfsrecreatie en de afstand hiermee dus vele malen korter is. In tabel 4.1 worden de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus getoond voor de gevels van de woningen voor dagrecreatie en verblijfsrecreatie en deze worden getoond voor de tuinen van de woningen voor dagrecreatie en verblijfsrecreatie. Er kan hierbij niet aangetoond worden waarom de langtijdgemiddelde beoordelingsniveau voor de avond lager zijn tov de dag. Dit dient duidelijk gemaakt te worden in de resultatentabellen. Echter de resultaten tabellen voor de toetspunten ontbreken voor Larlt avondperiode verblijfsrecreatie en voor de Larlt avondperiode dagrecreatie. Deze resultaten tabellen dienen toegevoegd te worden! Indien hieruit zal blijken dat dit verschil veroorzaakt wordt door de sluitingstijden van 19.00 dan dient duidelijk aangegeven te worden welke gebieden op de diverse terreinen afgesloten dienen te worden en hoe dit geborgd en gehandhaafd zal worden. 7.5.3.3

Maximaal geluidniveau

In tabel 4.2 is zichtbaar dat het totaal geluidsniveau op de gevels van woningen in de avond exact grenst op de geluidsnorm voor het gebiedstypering gemengd gebied terwijl het zou moeten gaan om een rustige woonwijk. Dit is volstrekt geen goede ruimtelijke ordening en dient hersteld te worden. Ook hier kan niet aangetoond worden dat de geluidsniveaus in de avond lager zijn ten opzichte van de dag. Dit dient duidelijk gemaakt te worden. Indien hieruit zal blijken dat dit verschil veroorzaakt wordt door de sluitingstijden van 19.00 dan dient duidelijk aangegeven te worden welke gebieden op de diverse terreinen afgesloten dienen te worden en hoe dit geborgd en gehandhaafd zal worden. 7.5.3.4

Conclusie

In de conclusie is vermeld dat de activiteiten van Pierewiet niet zullen wijzigen. Dit is niet correct. In het bestemmingsplan staat immers vermeld dat een zwembad geplaatst kan worden op zowel dagrecreatie Pierewiet als op de agrarische bestemming boomgaard. Tevens zijn planologisch tal van andere speeltoestellen en bouwwerken mogelijk die impact hebben op dit rekenmodel. Het rekenmodel zal hierop aangepast dienen te worden! 7.5.3.5

Lijst van toetspunten en gebouwen

De lijst van toetspunten 1 t/m 4 + t4 t/m t6 bevinden zich op de Sint Bavodijk. De hoogte voor het maaiveld is hier op 0 gesteld. Dit is onjuist. Deze toetspunten bevinden

27

zich ruim boven het maaiveld. Dit dient dan ook gecorrigeerd te worden in deze lijst van toetspunten en het rekenmodel. Dit geldt ook voor de lijst van gebouwen waarbij het maaiveld onjuist de opstallen op de Sint Bavodijk op 0 zijn gesteld.

7.6 Verkeer en parkeren

In het bestemmingsplan is genoemd dat er geen uitbreiding is beoogd die invloed heeft op de verkeersaantrekkende werking. De verkeersgegevens zijn opgenomen in bijlage 8. Dit is onjuist. De camping heeft juist als beoogde doel gezinnen met jonge kinderen aan te trekken die die worden aangetrokken door de recreatieve voorzieningen als speelboerderij Pierewiet met zijn horecavoorzieningen. Hiernaast heeft de camping er alle belang bij dat zoveel mogelijk schoolreizen enz. worden georganiseerd op Pierewiet. Bovenstaande heeft dan ook een verkeerstaantrekkende werking. Daarnaast dateert het rapport in bijlage 8 uit 2007 en is hiermee 14 jaren oud! Deze gegevens zijn dan ook dermate gedateerd dat deze verre van representatief zijn en niet gebruikt kunnen/mogen worden in dit bestemmingsplan. Er zal een rapport toegevoegd moeten worden dat recente data bevat en die als zodanig gebruikt kunnen worden. Onderzoek en conclusie Er is gemeld dat voor het nieuwe deel van de camping een verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd. De conclusie zou zijn dat geen risico’s voor de volksgezondheid en het milieu aanwezig zijn. Dit bodemonderzoek ontbreekt in dit bestemmingsplan en dient toegevoegd te worden. Ten tijde van de agrarische bestemming/perenboomgaard zijn vele pesticiden gebruikt. Nu wordt er gespeeld door kinderen. Er dient aangetoond te worden in hoeverre deze

28

gronden schadelijk zijn voor de volksgezondheid. De vraag rijst of er sprake is van zogenoemde schone grond.

7.7

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

Ook in de paragraaf met betrekking tot het akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai wordt gerefereerd naar de gedateerde bijlage 8 uit 2007.

7.8

Veiligheid en cameratoezicht.

Op het campingterrein zijn in het kader van toezicht dan wel vanuit veiligheidsheidoverwegingen een of meer camera’s geplaatst op grote hoogte. Aangezien om die reden de aanwezigheid van die camera’s onder het vrijstellingenbesluit valt, moeten de omwonenden aannemen dat de camera’s en de opgenomen beelden inderdaad voor dat doel gebruikt worden. Zekerheid daaromtrent ontbreekt. Wij vragen de gemeente op dit belangrijke punt te handhaven zodat in min of meerdere mate enige zekerheid verkregen kan worden dat de camera’s niet gericht zijn of een gedeelte bestrijken van de percelen van de omwonenden. De handhaving moet eruit bestaan dat periodiek gecontroleerd wordt of de camera’s en de opgenomen beelden voldoen aan de doelomschrijving.

Nieuwvliet, 10 november 2021.

B. van Til M.J. Prins

29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=1371ce93-bd70-4ba5-bfc4-c3238c6f5a11