Afwijkingen op voorkeursscenario's raad (behandeld 15 september 2020)
Tekst van het document
Afwijkingen op voorkeursscenario’s raad Startgroepen De coalitie heeft aangegeven om ook een startgroep in IJzendijke te willen starten. IJzendijke voldoet echter niet aan de criteria (die regionaal zijn afgesproken) om aangemerkt te worden als grensdorp voor een startgroep (onderwijsketen). Ook de onderwijsachterstanden in IJzendijke zijn niet dermate groot om op grond van deze indicatoren een startgroep in IJzendijke te starten. Als onderwijsachterstanden als aanvullend criterium voor het inrichten van een startgroep zou worden gehanteerd, dan komt Breskens eerder in aanmerking voor een startgroep dan IJzendijke (onderwijsachterstandenbeleid).
Van maatwerkvoorzieningen naar algemeen gebruikelijke en/of voorliggende voorzieningen Nederland vergrijst. Het gebruik van zorgvoorzieningen neemt hierdoor toe. Dit leidt tot een stijging van kosten, maar zorgt er ook voor dat voorzieningen die vroeger bijzonder waren steeds gebruikelijker worden en breder beschikbaar komen. In de winkels, online, maar ook tweedehands. Veel gemeenten zoeken daarom de ruimte om zaken niet meer als maatwerkvoorziening te hoeven vergoeden en/of op een andere manier te organiseren. Ook de jurisprudentie ontwikkelt zich op dit punt. In afwijking van het voorkeurscenario willen we de juridische mogelijkheden onderzoeken om standaard scootmobielen niet meer als individuele maatwerkvoorziening te verstrekken, maar deze voorziening aan te merken als algemeen gebruikelijk en/of hiervoor een voorliggende voorziening te creëren via het minimabeleid. Meer gemeenten onderzoeken deze mogelijkheid op dit moment. We houden in ons visiedocument daarom ruimte om op deze ontwikkeling mee te bewegen. Daarnaast gaan we onderzoek doen om binnen de huishoudelijke verzorging voor bepaalde taken, zoals wassen, strijken, maaltijd bereiden, etc., een voorliggende voorzieningen te realiseren via (arbeidsmatige) dagbesteding of koppelen aan bestaande voorziening. (Maatwerkvoorzieningen Wmo)
Doelgroepen volksgezondheidsbeleid In tegenstelling tot het voorkeurscenario van de coalitie gaan we er in het visiedocument vanuit dat wij ons als gemeente in ons volksgezondheidsbeleid niet op alle inwoners richten, maar primair op specifieke doelgroepen, zoals kinderen (met overgewicht), kwetsbare ouderen, chronisch zieken, langdurig werklozen / uitkeringsgerechtigden en statushouders. De reden hiervoor is dat de noodzaak tot een actief beleid onder deze doelgroepen groter is dan onder andere bevolkingsgroepen. De andere doelgroepen zijn zelfredzaam genoeg om voor hun eigen gezondheid te zorgen en worden door voldoende andere partijen (zoals zorgverzekeraars, Rijk, sportverengingen en -ondernemers, voedingsmiddelenindustrie en medisch behandelaars) gefaciliteerd. Door te richten op specifieke doelgroepen kunnen we meer specifieke acties opzetten, is onze impact groter en kunnen we de schaarse middelen beter en gerichter inzetten. Deze keuze wordt ook geadviseerd door de belangrijkste stakeholders. (Volksgezondheid).
Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen (Economische ontwikkeling en bedrijfsinfrastructuur) Met betrekking tot het aantrekken van nieuwe bedrijven is het voorkeursscenario van de coalitie een actieve rol voor de gemeente bij het aantrekken van nieuwe bedrijven en niet zozeer een faciliterende rol. In het visiedocument hebben we gekozen voor een faciliterende rol en meer focus op het scheppen van goede beleidskaders en randvoorwaarden. De acquisitie zelf kan naar onze mening het beste worden overgelaten aan partijen die daar de meeste kennis en expertise voor in huis hebben zoals bijvoorbeeld (maar niet uitsluitend) Impuls Zeeland. We achten het wel van belang om hier - meer dan in het verleden -gerichter op te sturen door met deze partij(en) concrete en meetbare afspraken te maken.
2
Elektrische laadpalen (mobiliteit/duurzaamheid Het voorkeursscenario wat wordt aangegeven door de meerderheid van de raad is om de markt de behoefte te laten bepalen en dat de gemeente de locatie bepaalt. In de praktijk merken we vanuit diverse invalshoeken dat er hierdoor een vrij reactief laadpalenbeleid bestaat waarbij we steeds een stap te laat zijn. Momenteel loopt er een Zeeuws traject waar we als Sluis ook bij zijn aangesloten om hier pro-actief in te acteren. Hierbij worden de huidige en toekomstige behoefte, mede op basis van input vanuit de markt, ingeschat en kan er heel gericht worden gekeken waar een laadpaal benodigd is. Zeker met de snel groeiende markt van elektrische auto’s is het van belang om pro-actief te handelen. Het voorkeursscenario is juist daarom zo gekozen. Daarnaast levert het oppakken van dit vraagstuk op Zeeuws niveau ook een schaalvoordeel op doordat niet alle gemeenten afzonderlijk hier een traject voor moeten opstarten.
Duurzaamheid; rol en ambitieniveau als gemeentelijke overheid Het voorkeursscenario vanuit uw raad is dat we ons beperken tot datgene wat we wettelijk gezien dienen te doen waarbij is toegevoegd dat we ons ook conformeren aan de RES. In feite betekent conformeren aan de RES meer dan wettelijk noodzakelijk. De RES vraagt een inspanningsverplichting van alle Zeeuwse gemeenten om een bijdrage te leveren aan de gestelde doelen, dit op basis van vrijwilligheid en bereidheid. Voor Sluis is deze bijdrage en ambitie eigenlijk omschreven in het voorgestelde voorkeursscenario. Belangrijk om te vermelden is dat dit voorgestelde voorkeursscenario, en ook als zodanig uitgeschreven in het betreffende hoofdstuk, voortkomt uit een uitgebreid participatieproces met diverse stakeholders. Er is een werkgroep opgezet die zich is gaan buigen over het verhaal energietransitie en duurzaamheid. Deze werkgroep bestond uit diverse stads- en dorpsraden, Recron, ZLTO, Duumpje, RMDO, Duurzaam Groede en Tegenwind. Gedurende vijf avonden is het voorgestelde voorkeursscenario ontwikkeld wat dus op een breed draagvlak vanuit verschillende stakeholders kan rekenen en anderzijds aansluit bij de gevraagde uitwerking van de RES. Het voorstel is daarom ook om toch vast te houden aan dit voorkeursscenario.
Natuur: nieuwe natuur Vanuit de coalitie is aangegeven dat we geen nieuwe natuur willen met uitzondering van particuliere initiatieven (dorpsbosjes). Vanuit de huidige problematiek en opgaven in het buitengebied (maar ook deels in de kernen) wordt natuur als een verbindend element gezien wat een essentiële bijdrage kan leveren aan oplossing van deze opgaven. Denk hierbij aan de klimaatverandering (droogte, wateroverlast, hitte), de verziltingsproblematiek, de milieuopgaven (stikstof, Pfas), de instandhouding van biodiversiteit en tegelijkertijd ook het creëerden van een aantrekkelijk en toegankelijk landschap is het lastig om natuur als oplossing buiten beschouwing te laten. Natuur moet daarbij niet per definitie gezien worden als donkergroene, omheinde, zwaar beschermde natuur maar kan in allerlei vormen en landschappen bezien worden. Denk hierbij aan weidegebieden, akkerrandenbeheer, recreatienatuur, dorpsbosjes of wandelgebieden. Dit hoeft dus ook niet automatisch betekenen dat deze natuur een beperkende functie met zich meebrengt voor omliggende ontwikkelingen/bedrijven. Natuur kan een bijdrage leveren aan bijvoorbeeld wateropvang voor zowel overlast als buffer in tijden van droogte. Het Waterschap is hier ook zeer actief mee bezig en vanuit onze klimaatstresstest is ook gebleken dat hier zeker kansen liggen.
Daarom is toch vastgehouden aan het voorgestelde voorkeursscenario om nieuwe natuur niet op voorhand uit te sluiten, maar wanneer het een bijdrage kan leveren aan de oplossing van verschillende knelpunten en opgaven willen we natuur toch als een oplossing kunnen beschouwen. Zoals eerder gesteld gaat het hier niet om nieuwe natuur als doel op zich maar meer als instrument