a (Killetje Breskens) Tam-omgevingsplan bijlage stikstof
Tekst van het document
’t Killetje, Breskens Onderzoek stikstofdepositie Gemeente Sluis
sab adviseurs in ruimtelijke ontwikkeling
20 augustus 2025, projectnummer 250167
sab adviseurs in ruimtelijke ontwikkeling info@sab.nl - www.sab.nl Disclaimer tekst Bij het samenstellen is de grootst mogelijke zorgvuldigheid nagestreefd. Toch kan de informatie in deze uitgave niet juist of onvolledig zijn. De Opdrachtgever is hiervoor niet aansprakelijk. Als u van mening bent dat er beeldmateriaal is gebruikt waarover u het beeldrecht heeft, neem dan contact op met de opdrachtgever via onze website of bovengenoemde adres. Copyright Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen, in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt worden in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch door fotokopieën of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever.
Inhoudsopgave 1
2
3
4
5
Inleiding
3
1.1
Situering en huidige situatie
3
1.2
Toekomstige situatie
4
Wettelijk kader en berekenings- methodiek
5
2.1
Natura 2000-gebieden
5
2.2
Berekeningsmethodiek
7
Onderzoeksgegevens
9
3.1
Huidige situatie
9
3.2
Aanlegfase
9
3.3
Toekomstige situatie, gebruiksfase
10
Onderzoeksresultaten
13
4.1
Aanlegfase
13
4.2
Gebruiksfase
14
Conclusie
15
5.1
Aanlegfase
15
5.2
Gebruiksfase
15
5.3
Eindadvies
15
Bijlagen Bijlage 1: Aerius pdf-bestand aanlegfase Bijlage 2: Aerius pdf-bestand gebruiksfase
1 Inleiding In Breskens bestaat het voornemen om op de locatie ’t Killetje 4a een nieuwe woning te realiseren en de locatie ’t Killetje 10 om te zetten van een woning naar een recreatiewoning. In het kader van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) in de Omgevingswet is het noodzakelijk de mogelijke stikstofuitstoot door de beoogde ontwikkeling inzichtelijk te maken. Het voorliggende rapport voorziet in dit onderzoek.
1.1
Situering en huidige situatie Het voorliggende project voorziet de realisatie van een woning op de locatie ’t Killetje 4a te Breskens en het omzetten van een woning naar een recreatiewoning op de locatie ’t Killetje 10 te Breskens. De directe omgeving wordt gekenmerkt door onder andere een vakantiepark, duingebied, natuur en de Westerschelde. Navolgende figuren geven de ligging van de ontwikkellocatie ten opzichte van de nabije omgeving en een luchtfoto van de ontwikkellocatie weer.
Topografische kaart met globale aanduiding ontwikkellocatie ’t Killetje 4a in rood en ’t Killetje 10 in blauw (bron: openstreetmap)
3
Luchtfoto van de ontwikkellocatie ’t Killetje 4a in rood en ’t Killetje 10 in blauw (bron: PDOK)
1.2
Toekomstige situatie De beoogde ontwikkeling voorziet in de realisatie van 1 woning op de locatie ’t Killetje 4a en het omzetten van een woning naar recreatiewoning voor ‘t Killetje 10 te Breskens.
4
2 Wettelijk kader en berekeningsmethodiek 2.1
Natura 2000-gebieden Ingevolge artikel 2.44 van de Omgevingswet zijn er Natura 2000-gebieden aangewezen ter uitvoering van Vogelrichtlijn en/of Habitatrichtlijn. Dit impliceert dat eenieder voldoende zorg in acht moet nemen voor deze gebieden en dat negatieve gevolgen zo veel mogelijk beperkt dienen te worden. Voor de habitattypen en leefgebieden waarvoor instandhoudingsdoelstellingen gelden in Natura 2000-gebieden zijn kritische depositiewaarden (KDW) voor stikstofdepositie vastgesteld. Met de KDW wordt bedoeld: de grens waarboven het risico bestaat dat de kwaliteit van het habitat significant wordt aangetast als gevolg van de verzurende en/of vermestende invloed van atmosferische stikstofdepositie. Projecten zoals het in dit rapport genoemde project kunnen door stikstofemissie effect hebben op habitattypen binnen omliggende Natura 2000-gebieden en gelet op de instandhoudingsdoelstelling van een Natura 2000-gebied de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soort verslechteren. Gezien het gegeven dat stikstofemissie, in de vorm van stikstofoxiden (NOx) of ammoniak (NH3), kan plaatsvinden bij onder andere landbouw, gemotoriseerd verkeer, industrie en ook bij de verwarming van huizen, is het wettelijk vereist deze emissie in beeld te brengen. Het voorliggende rapport voldoet aan deze vereiste.
Onderstaande figuur geeft de locaties van de dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden weer.
Situering ontwikkellocatie ten opzichte van Natura 2000-gebieden
5
Het betreft de volgende dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden met de bijbehorende afstanden tot de ontwikkellocatie: - Westerschelde & Saeftinghe - Vlakte van de Raan
circa 320 meter; circa 8 kilometer.
Overige Natura 2000-gebieden zijn op grotere afstand van het besluitgebied gelegen. De opgesomde en grafisch weergegeven Natura 2000-gebieden zijn niet per definitie gelijk aan de Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelige habitattypen maar geven slechts een overzicht van de ligging van het project ten opzichte van nabijgelegen Natura 2000-gebieden. In voorgaande figuur wordt de locatie van het project inzichtelijk gemaakt en tevens worden de mogelijk aanwezige stikstofgevoelige habitattypen weergegeven, van zeer gevoelig (donkerpaars), gevoelig (licht paars) tot minder/niet gevoelig (licht groen). De meest actuele kaart van alle Natura 2000-gebieden is via de website van de provincie te raadplegen en niet per definitie opgenomen in het programma Aerius Calculator 2024.2.11. 2.1.1
Inspanningsplicht beperking stikstofemissie In het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) wordt nog een aanvullende eis gesteld met betrekking tot stikstof. Artikel 7.19a van het Bbl verplicht initiatiefnemers om adequate maatregelen te treffen om de stikstofemissie naar de lucht te beperken. De verplichting vereist niet om geheel emissieloos werken, maar heeft tot doel de emissies te beperken ten opzichte van de situatie waarin geen maatregelen zouden worden getroffen. Initiatiefnemers dienen te overwegen welke stappen zij verder kunnen nemen om de uitstoot van hun reguliere werkwijze te reduceren. Echter deze inspanningsplicht is niet relevant op het niveau van een wijziging van het omgevingsplan of een kaderstellend onderzoek ten behoeve van een ruimtelijk plan. Hier moet enkel de haalbaarheid van een voornemen aangetoond worden. De uitvoering in de praktijk dient hierbinnen te passen maar wordt nog niet vastgesteld. Het voorliggende onderzoek vindt plaats in het kader van een aanpassing van het omgevingsplan ten behoeve van woningbouw. De inspanningsplicht uit het Bbl geldt pas tijdens de vergunningsfase wanneer de plannen in detail uitgewerkt zijn en concrete beperkende stappen aangewezen kunnen worden. Daarom wordt in voorliggend onderzoek enkel de minimale vereiste beoordeeld, het voorkomen van negatieve gevolgen voor Natura 2000-gebieden.
1
Aerius Calculator 2024.2.1, release op 8 mei 2025.
6
2.2
Berekeningsmethodiek De berekeningen naar de stikstofdepositiebijdrage vanwege de aanlegfase en gebruiksfase van het project worden uitgevoerd met het programma Aerius Calculator 2024.2.1. De gehanteerde ‘grenswaarde’ voor de stikstofdepositie bedraagt 0,00 mol/hal/j. In het kader van een stikstofonderzoek kunnen significant negatieve effecten met deze waarde worden uitgesloten, waardoor het uitvoeren van vervolgonderzoeken niet aan de orde is en het aspect stikstofdepositie geen belemmering vormt voor de realisatie van een project2. Een hogere waarde wordt beschouwd als overschrijding zodat er op verzoek van het bevoegd gezag een nadere beschouwing conform wettelijke kaders dient plaats te vinden. Blijkens jurisprudentie kan daarbij nader onderzoek achterwege blijven wanneer stikstofdepositie plaatsvindt op hexagonen die niet overbelast of naderend overbelast zijn3. Immers, op deze hexagonen leidt een stikstofdepositie niet tot een overschrijding of naderende overschrijding van de kritische depositiewaarde 4. Dit betekent per definitie dat stikstofdepositie daar geen probleem vormt voor de gunstige staat van instandhouding van de aanwezige habitats en dat significante gevolgen in zoverre zijn uitgesloten5. In geval de depositie de grens van de KDW overschrijdt noemen we dit overbelast.
In de praktijk wordt een veiligheidsmarge van 70 mol/ha/jaar aangehouden voor het gebruik van berekeningen voor toestemmingsverlening van initiatieven. Hexagonen noemen we naderend overbelast als de depositie hoger is dan de KDW minus deze veiligheidsmarge. Hexagonen met een depositie lager dan deze waarde zijn gedefinieerd als niet overbelast. Uit het navolgende hoofdstuk zal moeten blijken of op basis van de rekenresultaten een overschrijding op overbelaste hexagonen wordt geconstateerd. Bij de berekening van stikstofemissies door mobiele werktuigen, bijvoorbeeld in de aanlegfase, maakt het programma Aerius Calculator 2024.2.1 gebruik van een nadere specificatie van Stage klasse, brandstofverbruik, draaiuren en – indien van toepassing – AdBlue verbruik. Daarmee geeft het programma Aerius Calculator 2024.2.1 een range waarbinnen invoer en berekening van gegevens en brandstofverbruik voor materieel mogelijk is. Hierbij worden nieuwere machines geclassificeerd als schoner en hebben derhalve ook een lager brandstofverbruik. Voor stikstofemissie is niet voor elk materieel bedrijfsspecifieke informatie beschikbaar, vandaar dat als controlemechanisme de berekeningsmethodiek uit onderzoek van TNO6 ‘Onderbouwing AERIUS emissiefactoren voor wegverkeer, mobiele
2
3 4 5 6
Met deze versie van de Aerius Calculator kan tot maximaal 25 kilometer rondom de emissiebronnen gerekend worden. In Nederland zijn over het algemeen binnen 25 kilometer Natura 2000-gebieden aanwezig. In gebieden waar mogelijk op meer dan 25 kilometer afstand van emissiebronnen overschrijdingen mogelijk zijn, zijn in de relevante windrichtingen rekenpunten gelegd om overschrijdingen uit te sluiten. Raad van State, ECLI:NL:RVS:2012:BY7360. Raad van State, ECLI:NL:RVS:2016:497. Raad van State, ECLI:NL:RVS:2021:1969. TNO rapport 2020 R11528.
7
werktuigen, binnenvaart en zeevaart’ (d.d. 8 oktober 2020) kan worden gehanteerd. Daarbij wordt de berekening in twee stappen uitgevoerd. Stap 1: brandstofverbruik (liters) bij draaiuren 0,245 x arbeid [kWh] Stap 2: aanvullend brandstofverbruik (liters) bij stationair draaien + (0,52 + 0,0034 x maximaal vermogen [kW]) x draaiuren [h] In combinatie met de door TNO7,8 vastgestelde gemiddelde motorlast van 60% (bij uitsluiting stationair gebruik) en een gemiddelde belasting van circa 65% (bij uitsluiting stationair gebruik) betreft de totale gemiddelde motorlast (inclusief stationair) ongeveer 39%. Uitgaande van deze berekening en vergelijkbare projecten hanteert SAB, tenzij anders door de opdrachtgever c.q. aannemer vermeld, het gemiddelde vermogen van materieel. Op basis van de TNO-formule zou het brandstofverbruik derhalve gemiddeld conform de kenmerken in de navolgende tabel moeten zijn. Het door aannemers vermelde verbruik wijkt echter consistent af van het met behulp van de TNOmethode berekende verbruik. Daarom is het verbruik richting de ervaringscijfers afgerond om de door SAB gehanteerde kencijfers te bepalen. Gemiddeld brandstofverbruik conform TNO Aerius indeling vermogen
Gemiddeld brandstofverbruik
Gehanteerd brandstofverbruik *
18 <= kW < 37
3 liter/uur
5 liter/uur
37 <= kW < 56
5 liter/uur
5 liter/uur
56 <= kW < 75
7 liter/uur
5 liter/uur
75 <= kW < 130
11 liter/uur
10 liter/uur
130 <= kW < 300
22 liter/uur
20 liter/uur
300 <= kW < 560
43 liter/uur
40 liter/uur
560 <= kW < 1000
78 liter/uur
80 liter/uur
* Indien geen gegevens door aannemers verstrekt.
7 8
TNO rapport 2020 R11528. TNO emissiefactoren 2020 voor AERIUS 2020.
8
3 Onderzoeksgegevens 3.1
Huidige situatie De ontwikkellocatie ’t Killetje 4a betreft een momenteel onbebouwd perceel. De locatie ’t Killetje 10 betreft een bestaande woning waarvoor alleen een planologische functieverandering plaats vindt. Voor ’t Killetje 10 vinden geen werkzaamheden in de aanlegfase plaats. In het kader van een worst-case scenario wordt in het navolgende onderzoek aangenomen dat er in de huidige situatie geen relevante stikstofemissie naar de lucht plaatsvindt.
3.2
Aanlegfase De aanlegfase kent een onderverdeling van bouwrijp maken, ruwbouw en afbouw. Het project voorziet in de realisatie van 1woning. De start van de aanlegfase zal op zijn vroegst in 2025 plaatsvinden. Daarom is in dit onderzoek uitgegaan van rekenjaar 2025. Ten behoeve van de aanlegfase voor het besluitgebied vinden een aantal relevante stikstofemissies naar de lucht plaats. Deze stikstofemissies worden veroorzaakt door mobiele werktuigen en bouwverkeer ten behoeve van het project en worden in onderstaande paragrafen beschreven. In bijlage 1 is de Aerius export van de aanlegfase bijgevoegd.
3.2.1
Mobiele werktuigen Voor de aanleg zal gebruik worden gemaakt van mobiele werktuigen. In overleg met de opdrachtgever is een inschatting gemaakt van het gebruik van mobiele werktuigen op basis van cijfers uit vergelijkbare projecten. De effectieve bouwtijd duurt in totaal 1 jaar. Navolgende tabel geeft een overzicht van het groot materieel en het te verwachten dieselverbruik en minimale AdBlue-gebruik in deze periode.
Overzicht inzet groot materieel Werktuig
Vermogen in kW
Leeftijd
Bedrijfsduur (uren/jaar)
Brandstofverbruik (liters/jaar)
AdBlue verbruik (liters/jaar)
Shovel
75 - 130
stage IV
ca. 20
ca. 200
ca. 12
Graafmachine
75 - 130
stage IV
ca. 40
ca. 400
ca. 24
Boor-/Heistelling
300 - 560
stage IV
ca. 10
ca. 400
ca. 24
Mobiele kraan
130 - 300
stage IV
ca. 100
ca. 2.000
ca. 120
Betonpomp
130 - 300
stage IV
ca. 10
ca. 200
ca. 12
Hierbij dienen de elektrische mobiele werktuigen een oplaadbare accu te hebben of aangesloten te worden aan bouwstroom. De inzet van een stroomaggregaat is niet mogelijk omdat dit zou leiden tot bijkomende stikstofuitstoot. 3.2.2
Bouwverkeer Ten behoeve van de aan- en afvoer van bouwmaterialen en het personeel ter plaatse vindt van en naar de ontwikkellocatie werkverkeer plaats. Gemiddeld per jaar komen er 2 busjes (lichtverkeer) per dag en 1 vrachtwagens naar het besluitgebied, dat zijn 9
respectievelijk circa 4 en 2 bewegingen. Het bouwverkeer is gemodelleerd vanuit de ontwikkellocatie tot aan het kruispunt ’t Killetje/Walendijk. Hierna is het aan- en afrijdende verkeer door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer te onderscheiden van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt en verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer en derhalve opgenomen in het heersende verkeersbeeld. 9,10 Ook is er op de ontwikkellocatie zelf stationair bouwverkeer ingevoerd. De methode uit de Aerius instructie gegevensinvoer wordt toegepast, waarbij wordt aangenomen dat alle vrachtwagens gemiddeld 10 minuten per vrachtwagen stationair zullen draaien, gedurende het hele bouwjaar (ca. 200 dagen per rekenjaar). In de Aerius instructie staan in bijlage 1 de emissiecijfers voor stationair verkeer per rekenjaar. Hierop gebaseerd ontstaat er door de hierboven gegeven verkeersgeneratie 3,08 kg NOx per jaar en 0,03 kg NH3. Het stationair draaien op locatie is gemodelleerd door middel van een vlakbron over het bouwterrein, met de standaard bronkenmerken van de sector ‘weg’ volgens het Handboek werken met Aerius. Daarnaast is voor licht bouwverkeer rekening gehouden met één koude start per voertuig aan het einde van de werkdag. De koude start staat toegelicht in paragraaf 3.3.3.
3.3
Toekomstige situatie, gebruiksfase Het project voorziet in de realisatie van 1 nieuwe woning aan ’t Killetje 4a en de functieverandering voor een reeds bestaande woning aan ’t Killetje 10. De voor stikstofdepositie relevante bronnen voor dit project in de gebruiksfase betreffen de stookinstallaties van de te realiseren nieuwbouw en de aantrekkende verkeersbewegingen ten gevolge van het project. Deze worden in onderstaande paragrafen beschreven. In bijlage 2 is de Aerius export van de gebruiksfase bijgevoegd. De nieuwbouw is op zijn vroegst in 2026 gereed. Daarom is in dit onderzoek uitgegaan van rekenjaar 2026 voor de gebruiksfase.
3.3.1
Stookinstallaties De nieuwbouw krijgt geen aansluiting op het gastransportnet (Wet voortgang energietransitie, 01-07-2018) en is haardloos verwarmd. Er vindt derhalve geen stikstofdepositie naar de lucht plaats ten gevolge van stikstof emitterende stookinstallaties. De stikstofdepositie voor de gebruiksfase betreft voor dit project enkel de stikstofdepositie door de verkeersgeneratie.
3.3.2
Rijdend verkeer ’t Killetje 4a Aan de hand van CROW, Parkeerkencijfers 2024, d.d. augustus 2024, is de verkeersgeneratie bepaald. Op basis van de omgevingsadressendichtheid (CBS, 2024) wordt de stedelijkheidsgraad van een gemeente vastgesteld. De gemeente Sluis wordt geclassificeerd als ‘niet stedelijk’. Onderhavige locatie wordt beschouwd als ‘Buitengebied’.
9
10
Expertiseteam Stikstof en Natura 2000 van BIJ12, Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024, oktober 2024 Raad van State, ECLI:NL:RVS:2024:249.
10
Navolgende tabel geeft de verkeersgeneratie weer van de beoogde nieuwbouw waarbij het getal naar boven is afgerond. Zo wordt de worst-case situatie berekend. Berekening verkeersgeneratie ’t Killetje 4a per etmaal kenmerk
aantal
kencijfer
per
verkeersgeneratie gemiddeld
Koop, huis, vrijstaand
1
8,2
woning
8,2
totaal afgerond
1
10
Bovenop de hierboven beschreven verkeersgeneratie wordt gerekend met een aantrekkende werking volgens het CROW (2024) van 0,018 vrachtautobewegingen per woning per weekdag-etmaal, met een gelijke verdeling over middelzwaar en zwaar verkeer. In dit geval betreft dit, naar boven afgerond, gemiddeld per jaar 2 middelzware en 2 zware vrachtverkeerbewegingen per etmaal. Het verkeer is gemodelleerd vanaf de nieuwbouw tot aan het kruispunt ’t Killetje/Walendijk. Hierna is het aan- en afrijdende verkeer door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet dan wel niet meer te onderscheiden van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt en verdund tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer en derhalve opgenomen in het heersende verkeersbeeld. 11,12 3.3.3
Koude start ’t Killetje 4a Naast rijdend verkeer dient de uitstoot door opstartend verkeer berekend te worden. Als een voertuig 2 uur of langer stil heeft gestaan is de motor afgekoeld en is er sprake van extra emissies door deze ‘koude start’ rond het vertrekpunt van het verkeer. Het aantal koude starts kan met behulp van kencijfers worden bepaald aan de hand van het aantal voertuigen en gereden kilometers 13, maar deze gegevens zijn voor voorliggend project nog niet beschikbaar. Daarom wordt uitgegaan van het aantal koude starts per parkeerplaats, zoals ook in de handreiking koude start wordt aangehouden.14 Aan de hand van CROW, Parkeerkencijfers 2024, d.d. augustus 2024 is het gemiddelde aantal parkeerplaatsen voor bewoners en bezoekers bepaald. De norm wordt als een representatieve worst-case situatie aangehouden. Voor bewoners wordt uitgegaan van één hoofdauto per woning welke twee koude starts per dag heeft, voor woonwerkverkeer en voor eigen gebruik. De overige parkeerplaatsen zijn bestemd voor bijvoorbeeld tweede auto’s, werkbusjes en bezoekers, welke maximaal één koude start per dag hebben. Hier wordt van licht verkeer uitgegaan. (Middel)zwaar vrachtverkeer zal voornamelijk af- en aanrijden met een warme motor, aangezien deze slechts kortstondig in de woonwijk aanwezig zijn.
Een koude start vindt enkel plaats bij benzine- en dieselmotoren; elektrische en hybride voertuigen starten zonder uitstoot. Het aandeel elektrische (BEV) en
11
12 13 14
Expertiseteam Stikstof en Natura 2000 van BIJ12, Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2024, oktober 2024 Raad van State, ECLI:NL:RVS:2024:249. TNO, Emissiefactoren wegverkeer 2023, juni 2023. R11202 Expertiseteam Stikstof en Natura 2000, Handreiking koude start (CONCEPT), september 2024
11
(oplaadbare) hybride ((P)HEV) personenauto’s in Nederland is in 2025 10,2%15. Dit is niet evenredig over het land verdeeld, maar omdat bij nieuwe woningbouwontwikkelingen de aanleg van laadpunten wordt aangemoedigd is dit als gemiddelde aangehouden. Daarnaast bestaat er een groeiende lijn in het aandeel elektrische auto’s, met landelijk een toename van ca. 2,5% per jaar16. Navolgende tabel geeft de koude starts per etmaal weer voor de beoogde nieuwbouw, waarbij het aandeel BEV/(P)HEV voertuigen reeds van het aantal koude starts af is getrokken, en het aantal parkeerplaatsen en koude starts naar boven zijn afgerond. Zo wordt de worst-case situatie berekend. Berekening koude starts ’t Killetje 4a per etmaal parkeerplaatsen
BEV/
aantal
parkeren
kencijfer per
gemiddeld
(P)HEV
koude starts
Koop, huis, vrijstaand
1
2,4
woning
3
12,7%
4
totaal afgerond
1
kenmerk
4
De koude starts zijn gemodelleerd als vlakbron over het gehele besluitgebied. 3.3.4
Rijdend verkeer ’t Killetje 10 ’t Killetje 10 betreft een bestaande woning met een functie wonen. Deze functie wordt omgezet naar de functie ‘recreatiewoning’. Aan de hand van CROW, Parkeerkencijfers 2024, d.d. augustus 2024, is de verkeersgeneratie van zowel wonen (bestaande situatie) als recreatiewoning (nieuwe situatie) bepaald. De functie recreatiewoning komt niet voor in de CROW daarom is voor de recreatiewoning de verkeersgeneratie van ‘Bungalowpark (huisjescomplex) aangehouden. Op basis van de omgevingsadressendichtheid (CBS, 2024) wordt de stedelijkheidsgraad van een gemeente vastgesteld. De gemeente Sluis wordt geclassificeerd als ‘niet stedelijk’. Onderhavige locatie wordt beschouwd als ‘Buitengebied’. Navolgende tabel geeft de verkeersgeneratie weer van de bestaande en de nieuwe situatie. Berekening verkeersgeneratie ’t Killetje 10 per etmaal kenmerk
aantal
kencijfer
per
verkeersgeneratie gemiddeld
Koop, huis, vrijstaand (bestaand)
1
8,2
woning
8,2
Bungalowpark (huisjescomplex) (nieuw)
1
2,7
huisje
2,7
totaal verschil
1
-5,5
Uit bovenstaande tabel blijkt dat de verkeersgeneratie voor ’t Killetje 10 af zal nemen met ca. 5,5 verkeersbewegingen per dag. Dit betekent een verbetering qua stikstofdepositie ten opzichte van de huidige situatie.
15
16
AlleCijfers, op basis van data RDW en CBS. Geraadpleegd op 20 februari 2025. https://allecijfers.nl/regionale-voertuigdata/ Op basis van CBS gegevens personenauto’s 2018-2025 en elaad.io, geraadpleegd op 5 juni 2025.
12
4 Onderzoeksresultaten 4.1
Aanlegfase Onderstaande figuur geeft een uitsnede van de Aerius-berekening van de aanlegfase weer.
Resultaatblad Aerius aanlegfase OwN-2000 registratieset
Met de gehanteerde parameters blijkt uit de uitgevoerde berekeningen van de aanlegfase dat er geen resultaten zijn voor de projectberekening en situatieberekening onder de OwN2000-registratieset. Daarmee kunnen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten.
13
4.2
Gebruiksfase Onderstaande figuur geeft een uitsnede van de Aerius-berekening van de gebruiksfase weer.
Resultaatblad Aerius gebruiksfase OwN-2000 registratieset
Met de gehanteerde parameters blijkt uit de uitgevoerde berekeningen van de gebruiksfase dat er geen resultaten zijn voor de projectberekening en situatieberekening onder de OwN2000-registratieset. Daarmee kunnen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten.
14
5 Conclusie In Breskens bestaat het voornemen om op de locatie ’t Killetje 4a een nieuwe woning te realiseren en de locatie ’t Killetje 10 om te zetten van een woning naar een recreatiewoning. In het kader van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) in de Omgevingswet is de stikstofuitstoot door de beoogde ontwikkeling inzichtelijk gemaakt.
5.1
Aanlegfase Met de gehanteerde parameters blijkt uit de uitgevoerde berekeningen van de aanlegfase dat er geen rekenresultaten hoger zijn dan 0,00 mol stikstof/ha/j op de stikstofgevoelige habitattypen in de omliggende Natura 2000-gebieden. Er zijn daardoor geen nadelige milieueffecten te verwachten op de omliggende Natura 2000-gebieden.
5.2
Gebruiksfase Uit de uitgevoerde berekeningen van de gebruiksfase blijkt dat er geen rekenresultaten hoger zijn dan 0,00 mol stikstof/ha/j op de stikstofgevoelige habitattypen in de omliggende Natura 2000-gebieden. Er zijn daardoor geen nadelige milieueffecten te verwachten op de omliggende Natura 2000-gebieden.
5.3
Eindadvies Geconcludeerd wordt dat aan de hand van de gehanteerde parameters significant negatieve effecten derhalve worden uitgesloten. Er is geen omgevingsvergunning voor een Natura 2000-activiteit benodigd.
15
Bijlagen
Bijlage 1: Aerius pdf-bestand aanlegfase
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
handleidingen op onze website
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
SAB 't Killetje 4a, - Breskens 't Killetje, Breskens 250167 - Aanlegfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
S6Nsvm7yxVxw 21 augustus 2025, 14:11 OwN2000-rekengrid incl. eigen rekenpunten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Aanlegfase - Beoogd Aanlegfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
2025 -
0,8 kg/j
22,6 kg/j
2/8
Projectberekening
Aanlegfase (Beoogd), rekenjaar 2025 Emissiebronnen 1 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Mobiele werktuigen 2 Anders... | Anders... | stationair bouwverkeer 3 Verkeer | Koude start: overig | Koude starts Verkeersnetwerk
S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
0,8 kg/j 30,0 g/j 32,5 g/j 16,1 g/j
18,2 kg/j 3,1 kg/j 0,2 kg/j 1,1 kg/j
3/8
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
© OSM & Kadaster Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
4/8
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Aanlegfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.
S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
5/8
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
Naam
Coördinaat
2
Duingebieden inclusief Ijzermonding en Zwin. (10 km) Het Zwin (10 km)
3
Polders (10 km)
4
Krekengebied (13 km)
5
Vlakte van de Raan (14 km)
6
Poldercomplex (15 km)
7 8
SBZ 3 / ZPS 3 (17 km) Kustbroedvogels te Zeebrugge-Heist (20 km)
X:14750 Y:376572 X:14764 Y:376540 X:14814 Y:376150 X:24626 Y:367776 X:10283 Y:385064 X:13734 Y:370321 X:7755 Y:375752 X:5089 Y:375268 -
1
S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
6/8
Projectberekening
Aanlegfase, Rekenjaar 2025 1
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte
Mobiele werktuigen X:24102,55 Y:381070,45 0,09 ha
NOₓ NH₃
Naam
Stageklasse
Shovel
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Brandstofverbruik
200 l/j
18,2 kg/j 0,8 kg/j
Draaiuren AdBlue verbruik
Stof Emissie
20 u/j 12 l/j
NOₓ 1,2 kg/j
Graafmachine Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
400 l/j
40 u/j 24 l/j
NH₃ 48,0 g/j NOₓ 2,4 kg/j
Boor-/Heistelling Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
400 l/j
10 u/j 24 l/j
NH₃ 96,0 g/j NOₓ 2,2 kg/j
Mobiele kraan Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
2000 l/j
100 u/j 120 l/j
Betonpomp
200 l/j
10 u/j 12 l/j
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
2
Anders... | Anders...
3
Verkeer | Koude start: overig
Naam stationair bouwverkeer Locatie X:24102,55 Y:381070,45 Oppervlakte 0,09 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Zwaar Verkeer Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig
Koude starts X:24102,55 Y:381070,45 0,09 ha
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
Uittreedhoogte Warmteinhoud Spreiding
NH₃ 96,0 g/j NOₓ 11,3 kg/j NH₃ 0,5 kg/j NOₓ 1,1 kg/j NH₃ 48,0 g/j
2,5 m 0,000 MW 3m
NOₓ NH₃
3,1 kg/j 30,0 g/j
NOₓ NH₃
0,2 kg/j 32,5 g/j
Koude starts
2,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal
7/8
Projectberekening
4 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Bouwverkeer Locatie X:24009,35 Y:380993,12 Lengte 222,15 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Maximum snelheid
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ 1,1 kg/j - NO₂ 0,3 kg/j - NH₃ 16,1 g/j
-
-
Aantal voertuigbewegingen
4,0 /etmaal 0,0 /etmaal 2,0 /etmaal 0,0 /etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.2.1_20250507_5b5649d2ba Database versie 2024.2.1_5b5649d2ba_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website
S6Nsvm7yxVxw (21 augustus 2025)
8/8
Bijlage 2: Aerius pdf-bestand gebruiksfase
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen Natura 2000gebieden, op rekenpunten die overlappen met stikstofgevoelige habitattypen en/of leefgebieden, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstofdepositie.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over de PDF en AERIUS kunt u vinden in de of .
handleidingen op onze website
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
SAB 't Killetje 4a, - Breskens 't Killetje, Breskens 250167 - Gebruiksfase
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RSUpoykcm7zt 21 augustus 2025, 14:03 OwN2000-rekengrid incl. eigen rekenpunten
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Gebruiksfase - Beoogd Gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RSUpoykcm7zt (21 augustus 2025)
2026 -
94,1 g/j
2,1 kg/j
2/7
Projectberekening
Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2026 Emissiebronnen 1
Verkeer | Koude start: overig | Koude starts Verkeersnetwerk
RSUpoykcm7zt (21 augustus 2025)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
62,6 g/j 31,5 g/j
0,4 kg/j 1,7 kg/j
3/7
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
© OSM & Kadaster Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RSUpoykcm7zt (21 augustus 2025)
4/7
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Er zijn geen resultaten voor deze weergave.
RSUpoykcm7zt (21 augustus 2025)
5/7
Projectberekening
Per eigen rekenpunt
Naam
Coördinaat
2
Duingebieden inclusief Ijzermonding en Zwin. (10 km) Het Zwin (10 km)
3
Polders (10 km)
4
Krekengebied (13 km)
5
Vlakte van de Raan (14 km)
6
Poldercomplex (15 km)
7 8
SBZ 3 / ZPS 3 (17 km) Kustbroedvogels te Zeebrugge-Heist (20 km)
X:14750 Y:376572 X:14764 Y:376540 X:14814 Y:376150 X:24626 Y:367776 X:10283 Y:385064 X:13734 Y:370321 X:7755 Y:375752 X:5089 Y:375268 -
1
RSUpoykcm7zt (21 augustus 2025)
Projectbijdrage (mol N/ha/jr)
6/7
Projectberekening
Gebruiksfase, Rekenjaar 2026 1
Verkeer | Koude start: overig
Naam Locatie Oppervlakte Type voertuig
Koude starts X:24102,55 Y:381070,45 0,09 ha
0,4 kg/j 62,6 g/j
Koude starts
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
2 Verkeer | Rijdend verkeer Naam Wegverkeer Locatie X:24009,35 Y:380993,12 Lengte 222,15 m Wegtype Binnen bebouwde kom (normaal) Rijrichting Beide richtingen Tunnelfactor 1 Type hoogteligging Normaal Weghoogte t.o.v. maaiveld 0 m Verkeer Maximum snelheid
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
NOₓ NH₃
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
4,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ 1,7 kg/j - NO₂ 0,4 kg/j - NH₃ 31,5 g/j
-
-
Aantal voertuigbewegingen
10,0 /etmaal 2,0 /etmaal 2,0 /etmaal 0,0 /etmaal
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2024.2.1_20250507_5b5649d2ba Database versie 2024.2.1_5b5649d2ba_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://link.aerius.nl/website
RSUpoykcm7zt (21 augustus 2025)
7/7