CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

a. bijlage quickscan ecologie Kanaalweg

Raad 2 november 2023, gemeente SluisBij agendapunt: Voorstel tot afwijzing verzoek tot herziening van het bestemmingsplan 'Buitengebied Sluis (2de herziening) voor het perceel Kanaalweg ong. te Retranchement'.3.750 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Quickscan natuurwetgeving project bouw woningen Kanaalweg Retranchement

1

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Quickscan natuurwetgeving project bouw woningen Kanaalweg Retranchement

Datum: 1 september 2021

Uitgevoerd en opgesteld door: Ecomark advies en beheer Churchillweg 19 4561WL HULST © Niets uit deze rapportage mag gekopieerd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur.

2

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

INHOUD

1

Inleiding ......................................................................................................................... 4 1.1 Aanleiding en doel onderzoek ................................................................................ 4 1.2 Kader ..................................................................................................................... 4 1.3 Afbakening plangebied en werkwijze ..................................................................... 8 1.4 Opzet beoordeling..................................................................................................

9 2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten.............................................10 3 Soortenbescherming.....................................................................................................12 3.1 Zoogdieren............................................................................................................12 3.2 Vogels ...................................................................................................................13 3.2.1 Broedvogels ......................................................................................................13 3.2.2 Watervogels ......................................................................................................13 3.3 Reptielen en Amfibieën .........................................................................................14 3.4 Vissen ...................................................................................................................14 3.5 Ongewervelden .....................................................................................................15 3.6 Vaatplanten...........................................................................................................15 4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland

(NNZ)..............................................................................................16 5 Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering ...........................................................17

Bijlage 1 Kaart Natuurbeheerplan, Natura 2000 Bijlage 2 Informatie Wet natuurbescherming Bijlage 3 Informatie over het project

3

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en doel onderzoek

De opdrachtgever wil op een perceel aan de Kanaalweg in Retranchement woningen bouwen. Voor deze activiteit geldt een onderzoeksplicht in het kader van beschermde natuurwaarden. Deze rapportage bevat de resultaten van een voorstudie van beschikbare kennis op het gebied van beschermde natuurwaarden. Op basis van de gevonden resultaten kan op voorhand bepaald worden of significante effecten op de huidige (beschermde) natuurwaarden al dan niet uit te sluiten zijn en wat eventueel nog nader onderzocht dient te worden. In deze quickscan worden dan ook de volgende vragen, voor zover mogelijk, beantwoord: • • • • •

1.2

Tot welke (mogelijke) effecten leidt het bouwen van een woning op beschermde natuurwaarden? Wat is de reikwijdte van de mogelijke effecten? Hoe beïnvloeden de effecten de jaarrond beschermde soorten en de kwalificerende natuurwaarden, gelet op de instandhoudingsdoelen? Zijn mogelijke negatieve effecten significant? Al of niet in combinatie met andere projecten in de omgeving? Op welke wijze kunnen negatieve effecten voorkomen of gemitigeerd worden?

Kader

Soortbescherming De soortbescherming is per 01/01/2017 ook opgenomen in de Wet natuurbescherming. Deze wet omvat ook de bescherming van Habitatrichtlijnsoorten buiten de aangewezen Natura 2000-gebieden. Deze bescherming geldt overal in Nederland, ook in de beschermde gebieden. De soortbescherming kent geen externe werking. Projecten worden getoetst aan de directe invloed op beschermde waarden binnen de grenzen van het projectgebied. Conform deze wet is de initiatiefnemer bij ruimtelijke ingrepen verplicht op de hoogte te zijn van mogelijke voorkomende beschermde natuurwaarden binnen het projectgebied. Vanuit deze kennis dienen plannen e projecten getoetst te worden aan eventuele strijdigheid met de verbodsbepalingen uit de Wet natuurbescherming. Onder de werking van de soortbescherming vallen circa 930 dier- en plantensoorten. Alle inheemse zoogdieren, vogels, amfibieën, en reptielen zijn beschermd. Tevens hebben een aantal planten, vissen, insecten en ongewervelden een beschermde status. Voor de in het wild voorkomende planten en dieren geldt bovendien de algemene zorgplicht (art. 1.11). Volgens de Wet natuurbescherming mogen beschermde dier- en plantensoorten niet worden gedood, gevangen, opzettelijk worden verontrust of gedood. Voortplanting- of vaste rust of verblijfplaatsen mogen niet opzettelijk worden beschadigd of vernield.

Habitatrichtlijnsoorten mogen tevens niet opzettelijk worden verstoord. Beschermde planten mogen niet opzettelijk

4

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

van hun groeiplaats worden verwijderd of vernield. De verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) staan vernoemd in onderstaand kader. Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming (Wnb)

Bron: Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen, Ministerie van Economische Zaken

5

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

De werkingssfeer van de Wet natuurbescherming is niet beperkt tot of gerelateerd aan speciaal aangewezen gebieden, maar geeft de beschermde soorten overal in Nederland bescherming. In o.a. artikelen 3.3, 3.8 en 3.10 van de Wet natuurbeschermingswet worden de ontheffings- en vrijstellingsmogelijkheden weergegeven. Welke voorwaarden verbonden zijn aan de ontheffing- of vrijstelling (zoals werken met een goedgekeurde gedragscode) hangt af van de dier- of plantensoorten die voorkomen in het plangebied. Beschermde soorten – met (Provinciale) vrijstelling: Voor deze soorten geldt een vrijstelling van een of meerdere verbodsbepalingen (zoals bijvoorbeeld het vangen van dieren en/of het vernielen van vaste verblijfsplaatsen. Voor deze soorten is derhalve in veel gevallen geen ontheffing nodig. Wel geldt ten aanzien van deze soorten de zorgplicht, die eveneens van de Wet natuurbescherming uitgaat. Soorten die vallen onder de vrijstelling betreft over het algemeen (en dus per Provincie verschillend) onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals algemene muizen- en spitsmuizen, de woelrat, de egel, konijn, ree en vos, algemene amfibiesoorten, waaronder de bruine kikker, gewone pad en kleine watersalamander.

Overige ‘nationaal beschermde’ soorten: Voor deze soorten geldt voor ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer een mogelijkheid voor ontheffing, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Voor deze soorten is derhalve een ontheffing nodig of kan gewerkt worden met een goedgekeurde gedragscode. Soorten die vallen onder dit nationale beschermingsregime vallen betreft onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals das, boommarter, algemene amfibieën en reptielen alpenwatersalamander, hazelworm, flora als schubvaren en bokkenorchis en vissoorten waaronder de grote modderkruiper. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Habitatrichtlijnsoorten: Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode.

Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Tot dit beschermingsregime horen o.a. alle vleermuissoorten, de bever, otter, noordse woelmuis, verschillende amfibiesoorten waaronder rugstreeppad en kamsalamander.

6

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Vogelrichtlijnsoorten: Alle vogels zijn in Nederland gelijk beschermd. Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling ook geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Zorgplicht Voor alle in het wild voorkomende plant- en diersoorten, dus ook voor onbeschermde en beschermde soorten die zijn vrijgesteld geldt wel de ook ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wet natuurbescherming). Deze zorgplicht houdt in dat initiatiefnemer passende maatregelen moet nemen om schade aan beschermde gebieden en in het wild voorkomend plant en diersoorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De kwetsbare perioden voor de verschillende soortgroepen zijn niet allen gelijk.

Als ‘veilige’ periode voor alle groepen geldt in het algemeen de periode van half augustus tot half november, de periode waarin de voortplantingstijd achter de rug is en diersoorten als vleermuizen, overige zoogdieren en amfibieën nog niet in winterslaap zijn. Indien een locatie in die periode bouwrijp wordt gemaakt, kan daarna gedurende het winterseizoen en het daarop volgende voorjaar probleemloos worden gewerkt. Zo kan bijvoorbeeld vegetatie gedurende het groeiseizoen kort gemaaid worden, zodat er geen vogels gaan broeden en het tegen de winter ook ongeschikt is voor kleine zoogdieren of amfibieën die in winterslaap gaan. Indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden beschermde soorten worden waargenomen dienen maatregelen genomen te worden om schade aan deze individuen zo veel mogelijk te voorkomen (bijvoorbeeld wegvangen en verplaatsen of terreindelen af te zetten en het werk ter plaatse stil te leggen). Ecologische begeleiding kan hierin voorzien. Gebiedenbescherming Natura 2000 De Europese Vogelrichtlijn (1979) regelt de bescherming van leefgebieden van Europees bedreigde en kwetsbare vogelsoorten. Met de Europese Habitatrichtlijn (1992) worden Europese (half-) natuurlijke habitats en bedreigde en kwetsbare dier- (andere dan vogels) en plantensoorten beschermd.

De Natura 2000-gebieden zijn de gebieden die zijn aangewezen als speciale beschermingszones (SBZ’s) in het kader van de EU Vogel- en/of Habitatrichtlijn. Deze gebieden samen vormen het omvangrijke Europese netwerk Natura 2000. Het hoofddoel van Natura 2000 is het stoppen van de achteruitgang en de waarborging van de biodiversiteit in Europa. De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn in Wet natuurbescherming (Wnb) overgenomen. Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn belangrijke bepalingen overgenomen. Eén van die bepalingen is het afwegingskader, incl. compenserende maatregelen, zoals dat in artikel 6 van de Habitatrichtlijn staat. Het afwegingskader geeft aan op welke wijze besluitvorming plaats moet vinden voor plannen en projecten met mogelijke gevolgen voor beschermde natuurgebieden.

7

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Binnen Nederland zijn er, in de periode 1986-2005, 79 belangrijke vogelgebieden als speciale beschermingszone (SBZ) van de Vogelrichtlijn aangewezen. In het kader van de Habitatrichtlijn zijn in 2003 141 gebieden aangemeld bij de Europese Commissie. Ongeveer 87% van het oppervlak van deze Habitatrichtlijngebieden heeft overlap met de gebieden die als Vogelrichtlijngebied zijn aangewezen. In Aanwijzingsbesluiten wordt door de minister van EZ de bescherming van de Natura 2000-gebieden juridisch vastgelegd. Centraal in de Aanwijzingsbesluiten staan de instandhoudingsdoelstellingen ten aanzien van leefgebieden, natuurlijke habitats en populaties van in het wild levende plant- en diersoorten, waarvoor het betreffende gebied is aangewezen. Het toetsingskader van de Wet natuurbescherming kent de volgende procedurevarianten: 1. Er is zeker geen kans op effecten: geen vergunningplicht; 2. Er een kans op effecten, maar zeker niet significant: vergunningaanvraag via een verstoringstoets/ verslechteringstoets; 3. Er is een kans op significante effecten: vergunningaanvraag via Passende Beoordeling (alternatieventoets + dwingende redenen van groot openbaar belang). Het referentiekader voor de toetsing wordt gevormd door de instandhoudingsdoelen voor de habitats en soorten waarvoor het Natura 2000gebied is aangewezen.

Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Zeeland, vroeger de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, is het Zeeuwse netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. Het maakt onderdeel uit van het Nederlandse netwerk. In het Natuurnetwerk Nederland liggen: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden. Vanaf 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de begrenzing en ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Tot die tijd was de Rijksoverheid hiervoor verantwoordelijk. In het Natuurpact hebben de provincies met het rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten. Het Natuurnetwerk Nederland moet uiteindelijk samen met de natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk (PEEN) vormen.

1.3

Afbakening plangebied en werkwijze

Het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is het gebied waar de werkzaamheden zullen plaatsvinden (rood aangegeven).

8

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Figuur 1. Plangebied (rood).

Het terrein is bezocht op 15 augustus 2021. Daarnaast zijn lokale verspreidingsatlassen geraadpleegd, zijn gegevens opgevraagd en zijn openbare websites geraadpleegd.

1.4

Opzet beoordeling

De opzet van deze beoordeling is als volgt. In hoofdstuk 2 is een korte beschrijving gegeven van het studiegebied, het plangebied en de voorgenomen activiteit. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de te verwachten en de aangetroffen natuurwaarden in het gebied. Deze gegevens zijn vervolgens geïnterpreteerd en beoordeeld in relatie tot de voorgenomen activiteit.

9

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie. Het plangebied waar deze quickscan op van toepassing is, is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is gelegen ten zuiden van Retranchement. Het betreft een grasland waar intensief landbouwkundig beheer wordt uitgevoerd. Er zijn geen landschapselementen, er is geen bebouwing. Het grasland wordt bemest en meerdere keren per jaar gemaaid. Het is niet kruidenrijk. De omgeving bestaat uit agrarisch gebied en tuin. Wat verder gelegen is het natuurgebied het Zwin. De geplande werkzaamheden bestaan uit het bouwrijp maken van het terrein en het bouwen van een woning. Figuur 2. Luchtfoto van het plangebied en de omgeving.

10

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Foto 1. Plangebied. Beplanting ligt buiten plangebied en blijft behouden.

Foto 2. Plangebied.

11

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

3

Soortenbescherming

Hieronder worden soorten vernoemd die in en nabij het plangebied voorkomen. Vervolgens wordt uitgewerkt of er eventueel nadelige effecten te verwachten zijn.

3.1

Zoogdieren

Huisspitsmuis, Veldmuis, Vos, Ree, Veldmuis, Bosmuis, Rosse woelmuis. Gewone dwergvleermuis, Laatvlieger, Watervleermuis, Haas, Konijn. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: Bekker 2009, Zoogdieren in Zeeland en veldbezoek, NDFF 1 september 2021 Grondgebonden soorten komen sporadisch voor in het plangebied. Het plangebied heeft geen specifieke waarden voor grondgebonden zoogdieren, het wordt intensief gemaaid. Er isgeen dekking. Voor vleermuizen is het gebied ongeschikt. Er zijn geen bomen en het gebied is niet geschikt als foerageergebied en vliegroute. De beplanting aan de buitenzijde van plangebied maakt wel onderdeel uit van leefgebieden van vleermuizen. Deze beplanting wordt niet gekapt. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Mitigerende maatregelen / Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Voor zoogdieren is het terrein ongeschikt. Het bestaat uit intensief beheerd grasland. Er zijn geen schuilplaatsen, er zijn geen bomen. Het gebied heeft geen waarde als foerageergebied. De beplanting aan de buitenzijde van het plangebied heeft waarde voor vleermuizen als foerageergebied en vliegroute. Deze beplanting wordt niet gekapt en komt geen extra verlichting.

De geplande werkzaamheden hebben geen effect.

12

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

3.2

Vogels

3.2.1 Broedvogels De volgende broedvogels zijn in de omgeving van het plangebied vastgesteld: Houtduif, Holenduif, Kauw, Winterkoning, Heggenmus, Groenling, Zwartkop, Vink, Merel, Zanglijster, Grote Lijster, Zwarte roodstaart, Witte kwikstaart, Koolmees, Pimpelmees, Staartmees, Zwarte kraai, Ekster, Turkse Tortel, Huismus, Ooievaar. Vetgedrukt zijn soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Voorkomen / functie van het plangebied: Vogelatlas van Nederland, NDFF 1 september 2021. De genoemde soorten komen voor in de directe omgeving. Het plangebied is vanwege het intensief agrarisch gebruik niet geschikt als broedgebied. Het terrein is ook niet geschikt als foerageergebied voor huismus en ooievaar. De aan het perceel grenzende beplanting is wel geschikt als broedgebied voor zangvogels. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Maatregelen in het broedseizoen worden om minimaal 30 meter afstand van de beplanting uitgevoerd. Conclusie: Er zijn geen broedvogels te verwachten in het plangebied.

Om verstoring van broedvogels in de beplanting buiten het plangebied te voorkomen wordt aanbevolen om minimaal een afstand van 30 meter tot de beplanting aan te houden.

3.2.2 Watervogels In de omgeving komen geen watervogels voor. Trekvogels en watervogels Voorkomen / functie van het plangebied: (Ministerie van Verkeer en Waterstaat e.a., Deltavogelatlas, atlas van vogelconcentraties en vliegbewegingen in het Deltagebied, digitale versie 23-08-2021; SOVON Vogelonderzoek Nederland & Ganzenwerkgroep Zeeland.2018; In het plangebied zelf komen geen watervogels voor. Vanwege de ligging tussen lintbebouwing en nabij beplanting is het biotoop niet geschikt. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet te verwachten. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie:

13

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Geen nadelig effect te verwachten.

3.3

Reptielen en Amfibieën

Bruine kikker, Gewone pad, Groene kikker, Kleine watersalamander. Boomkikker, Kamsalamander Voorkomen en functie van het plangebied: Bron: website www.ravon.nl De genoemde soorten komen voor in waterpartijen in de wijdere omgeving van het plangebied. In het plangebied zelf zijn geen voortplantingswateren aanwezig. Ook als landbiotoop is het plangebied ongeschikt omdat het bestaat uit intensief beheerd grasland. De beplanting aan de noordzijde van het plangebied is geschikt landbiotoop voor de boomkikker. Deze beplanting blijft behouden. Werkzaamheden zijn op voldoende afstand tot deze beplanting. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: geen nadelige effecten te verwachten. Er wordt geen beplanting gekapt.

3.4

Vissen

In het plangebied komen geen vissen voor. Voorkomen en functie van het plangebied: (Website Ravon versie 25 augustus 2021). Er is geen water in het plangebied. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.

14

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

3.5

Ongewervelden

Voorkomen en functie van het plangebied: Vlinder- en Libellenwerkgroep 2003; Geene et. al. 2007; Wagenaar 2007. NDDF 23 augustus 2021,. www.verspreidingsatlas.nl In het plangebied komen geen dagvlinders, nachtvlinders, libellen, sprinkhanen en overige ongewervelde voor die beschermd worden door de Wet natuurbescherming. Het plangebied is gelegen in bebouwd gebied. Het plangebied is grotendeels verhard. Er komen geen beschermde soorten voor binnen 500 meter van het plangebied. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.

3.6

Vaatplanten

In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Voorkomen en functie van het plangebied: In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Bron veldbezoek en Flora Zeelandica. Het plangebied bestaat uit intensief beheerd grasland. Er zijn geen geschikte biotopen (voedselarme akkers, schraalgraslanden of moerassen) waar beschermde soorten voor kunnen komen. Uit te voeren maatregelen: bouwrijp maken van het terrein, bouwen van een woning. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Er komen geen beschermde soorten voor in het plangebied.

15

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Natura 2000 Het plangebied ligt niet in een Natura 2000 gebied, zie bijlage 1. Het meest nabij gelegen Nature 2000 gebied is het Zwin & Kievittepolder. Het gebied is gelegen op circa 200 meter. Tussen het plangebied en het Natura 2000 is bebouwing, agrarisch gebied en een zeedijk. De geplande ingrepen zijn relatief kleinschalig en hebben hierdoor geen effect op het genoemde Natura 2000 gebied. Om te bepalen of er effecten zijn van stikstofdepositie is een AIRIUS-berekening noodzakelijk. Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) Het plangebied is niet begrensd in het kader van de Natuurnetwerk Zeeland (NNZ, voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS)), zie bijlage 1. De meest nabij gelegen gebieden zijn Het Zwin, de Willem Leopoldpolder en de beplanting langs de Kanaalweg. Het beheertype is Haagbeuken- Essenbos. Er wordt hier geen verlichting geplaatst. Indien de beplanting langs de Kanaalweg niet gekapt wordt en hier tijdens het broedseizoen op 30 meter afstand of meer gebouwd wordt, is er geen effect. De werkzaamheden hebben geen nadelig effect op de natuurkwaliteiten in gebieden die begrensd zijn in het kader van het Natuurnetwerk.

Wet bescherming houtopstanden Het plangebied is gelegen buiten de bebouwde kom. Er wordt geen beplanting gekapt. De Wet bescherming houtopstanden is niet van toepassing. Conclusie: Werkzaamheden worden niet uitgevoerd in een Natura 2000 gebied en niet een gebied dat is begrensd in het kader van het Natuurnetwerk Zeeland. Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op gebieden die zijn aangewezen in het kader van Natura 2000 en het NNZ. De Wet bescherming houtopstanden is niet van toepassing.

16

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

5

Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering

Initiatiefnemer is voornemens om op de locatie Kanaalweg in Retranchement woningen te bouwen. Het perceel bestaat uit intensief beheerd grasland. Het wordt meerdere keren per jaar gemaaid en bemest. Er is geen beplanting aanwezig en er zijn geen schuilmogelijkheden. Aan de noordzijde is een beplantingsstrook en heg. Er wordt vanuit gegaan dat er geen beplanting gekapt wordt. In het plangebied zelf komen geen beschermde soorten voor. In de aangrenzende beplanting kunnen vogels broeden. Ook kunnen hier boomkikkers verblijven en het heeft een functie voor vleermuizen. Het wordt aanbevolen om bij werkzaamheden in het broedseizoen op minimaal 30 meter afstand van de beplanting te blijven om broedvogels niet verstoren. De beplanting wordt niet gekapt en er komt geen verlichting die uitstraling op de beplanting heeft. Boomkikkers komen voor in de directe omgeving maar niet in het plangebied. Hiervoor wordt het te intensief beheerd.

Voor andere soortgroepen is het plangebied ongeschikt leefgebied, of ze komen niet voor in de omgeving van het plangebied.

Gebiedsbescherming De reikwijdte van de tijdelijke verstoring blijft beperkt tot enkele tientallen meters van het plangebied. Beschermde gebieden liggen op ruime afstand. De werkzaamheden vinden plaats op een kleine oppervlakte en hebben een kort tijdsbeslag. Na afloop van de werkzaamheden is er geen effect. Er is een zeer beperkte tijdelijke extra stikstofdepositie omdat de werkzaamheden relatief kleinschalig zijn en binnen een kort tijdsbestek uitgevoerd worden. Grondlagen en (grond)waterstromingen worden niet verstoord. Er is dus geen significante verstoring op beschermde natuurwaarden. De beplanting aan de Kanaalweg blijft behouden. Er wordt niet in gekapt.

17

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Bijlage 1 Natuurnetwerk Zeeland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur).

18

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Natura 2000.(rode belijning is plangebied).

19

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Bijlage 2 Informatie Wet natuurbescherming Zeeland

20

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

21

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

22

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

23

Quickscan natuurwetgeving project bouwen van een woningen Kanaalweg Retranchement

Informatie over het project

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=793a4f97-4db2-45a5-b717-ce70b0aba897