08 brief mevr. Govaerts-Willemse inzake raadsvoorstel intrekking last onder dwangsom Provincialeweg 10B incl bijlagen.pdf
Tekst van het document
Per e-mail Gemeente Sluis De Raad van de Gemeente Sluis en het College van Burgemeester en Wethouders Postbus 27 4500 AA OOSTBURG Per e-mail: PClaeijs@gemeentesluis.nl M.W.C. Govaert-Willemse Provincialeweg 18 4503 GE GROEDE Plaats: Datum: Onderwerp: Bijlagen:
Groede 1 oktober 2021 Intrekking besluit last onder dwangsom Provincialeweg 10B Groede 4
Geachte leden van de raad, geacht college, Bijgaand stuur ik u een brief inhoudende een raadsvoorstel en drie bijlagen, met het verzoek om deze in te brengen ter behandeling bij de vergadering van de raadscommissie Ruimte/AB van 5 oktober 2021. Bij voorbaat dank voor uw bevestiging. Met vriendelijke groet,
Marianne Govaert-Willemse
1/4
Raadsvoorstel NIET OPENBAAR; ENKEL VOOR RAADSLEDEN ______________________________________________ Datum vergadering
5 oktober 2021
_________________________________________________________________________ Onderwerp
Intrekking besluit last onder dwangsom Provincialeweg 10B Groede
_________________________________________________________________________ Behandelen in raadscommissie
Ruimte/AB
Ingediend door
Mw. M.W.C. Govaert-Willemse
fgovaert@planet.nl
_________________________________________________________________________ Conceptbesluit De raad besluit: 1.
Kennis te nemen van de brieven van het college aan mw. M.W.C. GovaertWillemse van 23 juli 2021, 9 augustus 2021 en 20 september 2021.
2.
Te constateren dat de inhoud van de brieven van 23 juli 2021 en van 20 september 2021 strijdig is met de door de portefeuillehouder (de heer Ploegaert) en de burgemeester in de besluitvormende raadsvergadering van 24 juni 2021 gedane uitspraken, alsmede met de toezegging gedaan door het college in haar brief aan mw. Govaert-Willemse van 9 augustus 2021.
3.
Te constateren dat de inhoud van de brieven van 23 juli 2021 en van 20 september 2021 evenwel tot gevolg heeft dat aan mw. Govaert-Willemse ieder rechtsbeschermingsmiddel, zowel dat van bezwaar als dat van beroep, wordt ontnomen, zodat zij niet op kan komen tegen de onder beslispunt 2. gemelde strijdigheden.
4.
In te stemmen met de intrekking van het besluit van 23 juli 2021 en van de daarmee samenhangende brief van 20 september 2021, nu enkel daardoor de ontstane situatie als gemeld onder beslispunten 2. en 3. nog kan worden opgeheven.
5.
Het college op te dragen het besluit van 23 juli 2021 en de daarmee samenhangende brief van 20 september 2021 in te trekken en in de toekomst af te zien van gelijkaardige besluiten ten aanzien van het pand aan Provincialeweg 10B te Groede.
2/4 _________________________________________________________________________ Aanleiding Bij brief van 23 juli 2021 heeft het college besloten tot het opleggen aan mij, mw. GovaertWillemse, van een last onder dwangsom wegens vermeend gebruik van het hoofdgebouw aan Provincialeweg 10B te Groede in strijd met het vigerende bestemmingsplan. In de brief wordt gesteld dat ik geen zienswijze zou hebben ingediend op het voornemen tot het opleggen van de last onder dwangsom. Dat is onjuist. Nadat dit voornemen op 16 juni 2021 aan mij kenbaar is gemaakt, heb ik op 29 juni 2021 mijn zienswijze ingediend (op twee afzonderlijke wijzen). In de zienswijze heb ik uiteengezet dat geen sprake is van strijdig gebruik en dat het opleggen van een last onder dwangsom op diverse afzonderlijke grondslagen onrechtmatig is, waarna ik heb geconcludeerd dat het college (dus) gehouden is om af te zien van haar voornemen. Bij brief van 28 juli 2021 heb ik aangetoond tijdig mijn zienswijze te hebben ingediend en heb ik het college verzocht het besluit van 23 juli 2021 per ommegaande in te trekken en mijn zienswijze alsnog in behandeling te nemen. Op 9 augustus 2021 heeft het college per brief bevestigd colle
Op 20 augustus 2021 had ik nog geen herzien besluit van het college ontvangen. Op 20 september 2021 heb ik een brief ontvangen van het college. In strijd met de toezegging van het college vermeldt de brief dat het besluit van 23 juli 2021 in stand kan blijven, nu ik daardoor niet zou zijn benadeeld. Aan het slot v stond het u vrij om bezwaar tegen ons besluit van 23 juli 2021 aan te tekenen. Maar de termijn van zes weken die daarvoor staat is inmiddels verstreken en u had geen schorsing
Door de handelwijze van het college, dat kennelijk bewust heeft gewacht met de verzending van haar laatste brief tot na het moment dat de bezwaartermijn zou zijn verstreken, worden mijn rechtsbeschermingsmiddelen ontnomen om bezwaar te maken of beroep in te stellen tegen het in strijd met de toezegging in stand gelaten besluit. Vandaar dat mijn enige optie is mij tot u, de raad, te wenden met het verzoek het college op te dragen het besluit in te trekken. Dit te meer, nu het besluit diametraal in strijd is met hetgeen in een recente raadsvergadering expliciet is gesteld omtrent dergelijke handhavingsbesluiten voor het buitengebied, waaronder ook Provincialeweg 10B te Groede valt. _________________________________________________________________________ Argumenten Rechtsbeschermingsmiddelen ontnomen Door het niet betrekken van mijn zienswijze bij het besluit van 23 juli 2021 ben ik (vanzelfsprekend) juist wel benadeeld. Dit alleen al doordat ik ervan uit mocht gaan dat ik
3/4 een herzien besluit tegemoet kon zien waartegen ik vanaf de datum daarvan binnen zes weken bezwaar zou hebben kunnen maken (indien nodig), terwijl dit besluit in weerwil van de toezegging daartoe van het college niet is genomen. Daarbij komt dat iedere rechtsgrondslag ontbreekt voor het kunnen opleggen van een last onder dwangsom, zodat ik benadeeld ben door het feit dat deze toch in stand wordt gelaten. De redenen die het college daarvoor aandraagt gaan geen van alle op. Wellicht beseft het college dat zelf ook nu zij klaarblijkelijk naar een manier heeft gezocht om haar standpunten niet in bezwaar of beroep te hoeven verdedigen. De inhoudelijke onjuistheid van het standpunt van het college dat de opgelegde last onder dwangsom rechtmatig zou zijn, is voor het hier voorgestelde raadsbesluit echter niet van belang en wordt daarom verder buiten beschouwing gelaten. Deze inhoud had ik evenwel graag in bezwaar (en eventueel beroep) besproken. Deze rechtsbescherming is mij echter door het college nu juist ontnomen, zodat ik genoodzaakt ben mij tot uw raad te wenden. Besluit strijdig met besluitvormende raadsvergadering Op 24 juni 2021 heeft er een besluitvormende raadsvergadering plaatsgevonden. Bij het Ontwerpkader toeristische verhuur 2 met betrekking tot deze ontwerpen de volgende toelichting gegeven: Mw. mr. Vermue: Dhr. Ploegaert:
Mw. mr. Vermue: Dhr. Almekinders Mw. mr. Vermue:
in de leefbaarheidsverordening staan de kernen die genoemd worden, dat zijn Breskens, Groede, Nieuwvliet, Zuidzande, Cadzand en Retranchement. Dus voor alle duidelijkheid: voor de andere kernen zou het niet gelden en ook niet voor het buitengebied. Dus die verordening heeft alleen maar uitsluitend betrekking, en het beleidskader, op deze kernen en is ook juist de motivering, dezelfde reden waarom ik zeg van die 120 dagen is in strijd met de wet, is dat die Huisvestingswet juist ziet op de leefbaarheid. Voorzitter, het is toch belangrijk dat we, dat voor het buitengebied, dat dat ook geregeld wordt. Want er wordt op dit moment gehandhaafd op toeristische verhuur in het buitengebied
https://sluis.raadsinformatie.nl/vergadering/812831/besluitvormende%20raad%2024-06-2021, tussen minuut 2:28:42 en minuut 2:29:51.
De opgelegde last onder dwangsom voor Provincialeweg 10B, gelegen in het buitengebied, is strijdig met deze uitspraken. Beide van de bovenstaande argumenten vormen aanleiding voor het indienen van dit raadsvoorstel aan uw raad om, in de eerstvolgende besluitvormende raadsvergadering op donderdag 21 oktober 2021, te besluiten conform het bovenvermelde conceptbesluit. _________________________________________________________________________ Effect Door intrekking van het besluit van 23 juli 2021 wordt de ontstane bestuursprocesrechtelijk onwenselijke (en bovendien onrechtmatige) situatie beëindigd. Ook bewerkstelligt dit de naleving van de toezeggingen door het college alsmede van de gemelde raadsleden.
BIJLAGE 1
BIJLAGE 2
BIJLAGE 3