06 RIB Havengebied Breskens september 2021 .pdf
Tekst van het document
Postadres: Postbus 27 4500 AA Oostburg Bezoekadres: Nieuwstraat 22 4501 BD Oostburg
De gemeenteraad van Sluis
Telefoon 140117 Telefoon +31 (0)117 457 000 Telefax +31 (0)117 452 241 IBAN: NL33INGB0661900169 BIC code: INGBNL2A BTW-nummer: 811046321B01 www.gemeentesluis.nl info@gemeentesluis.nl
ons kenmerk : uw brief d.d. : uw kenmerk : behandeld door :J.M. Koppert doorkiesnummer : 140117 onderwerp : Update september 2021 Vismijn Breskens bijlage(n) :
Oostburg,
Geachte raad, In onze raadsinformatiebrief over het Havengebied Breskens van juli 2021 informeerden wij u o.a. over de stand van zaken met betrekking tot de vismijn in Breskens. Inmiddels heeft de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) namens de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) een beslissing genomen op bezwaar van de gemeente Sluis ten aanzien van de wijziging van de locatie voor het zeven en sorteren van garnalen in de Uitvoeringsregeling Zeevisserij van Breskens naar Vlissingen. Daarnaast krijgen we regelmatig vragen of de vismijn en de garnalenvisserij voor Breskens nu definitief verloren zijn, welke stappen ons nog resten om de vismijn en de garnalenvisserij voor Breskens te behouden, en of we daar ook gebruik van gaan maken. Tenslotte merken we dat er nog veel misverstanden en onjuiste beeldvorming bestaan in de media en samenleving omtrent het “dossier Vismijn” en de intenties en realiteitszin van de gemeente Sluis daarin. In deze brief willen wij deze misvattingen wegnemen, de juridische uitspraken duiden en onze vervolgstappen toelichten.
Misvattingen In de media en aan de onderhandelingstafel krijgen we regelmatig het verwijt dat de gemeente Sluis de toekomst van de visserij in Zeeland in gevaar zou brengen door een concentratie van de visserij in Vlissingen te blokkeren enkel en alleen om uit te stralen dat het college opkomt voor de vissector in haar gemeente, wetende dat deze pogingen voor de lange termijn niet haalbaar of realistisch zouden zijn; en/of om de belangen van één enkele visser en één ondernemer in Breskens te beschermen; en/of uit financieel gewin c.q. het optimaliseren van onze uitkoopsom. We zouden daarbij onrealistische beelden, wensen en verzoeken hebben. Deze misvattingen willen we graag wegnemen. 1. De toekomst van de visserij in Zeeland is niet gebaat bij of gegarandeerd door een concentratie van activiteiten in Vlissingen. In de 2e helft van 2020 hebben de aandeelhouders van de Holding Zeeuwse Visveilingen (de gemeenten Vlissingen en Sluis) en de Provincie Zeeland een onafhankelijk onderzoek laten uitvoeren naar de meest geschikte aandeelhoudersstrategie. Uit dit onderzoek blijkt dat een overheidsbelang in de visserij niet langer gewenst of verdedigbaar is en dat een concentratie van de bedrijfsactiviteiten op één locatie geen Pag. 1/5
oplossing is voor de lange termijn. Ook na concentratie blijft het bedrijf HZV (bij ongewijzigd beleid) verlieslatend en dreigt over enkele jaren faillissement. 2. De wensen en plannen van de gemeente Sluis zijn in lijn met het onafhankelijk onderzoek naar de aandeelhoudersstrategie voor de HZV. Om het publieke belang in de HZV te beëindigen noemen de onderzoekers twee opties: a. Verkoop van de aandelen aan een derde. De opbrengst van de verkoop van de aandelen moet dan – om als realistisch alternatief te worden gezien – minimaal gelijk (of meer) zijn dan de waarde van het bezit van de HZV. Dit bezit bestaat in hoofdzaak uit een eigen vermogen in de vorm van een positief banksaldo en het vastgoed in Vlissingen. b. Indien verkoop van de Holding (als geheel) niet tot het gewenste resultaat leidt, dan luidt het advies om de Holding te liquideren, waarbij het bezit van de Holding wordt verdeeld over beide aandeelhouders (conform de verdeling van het aandelenpakket) en de afzonderlijke werkmaatschappijen (eventueel) terug te laten vloeien naar de afzonderlijke gemeenten. De gemeenten kunnen dan ieder voor zich bepalen wat te doen met de eigen werkmaatschappij (verkoop, ontbinden, etc.). De directie en RvC hebben geruime tijd onderhandeld over een mogelijke verkoop of overname van de Holding.
Het resultaat van deze onderhandelingen is een bod dat circa 4 miljoen euro onder de getaxeerde waarde van het eigendom c.q. het bezit van HZV ligt. Een concentratie van beide bedrijven op één locatie zou dat bod enigszins om hoog kunnen of moeten brengen, maar de directie en RvC van HZV geven aan dat de verkoopprijs dan nog altijd niet in de buurt zal liggen van liquidatiewaarde. Daarmee lijkt verkoop van de Holding geen reële optie en is het advies van de onderzoekers om de Holding te liquideren en beide gemeenten wederom beschikking te geven over de “eigen” werkmaatschappij. 3. De wensen en plannen van de gemeente Sluis zijn in lijn met de oorspronkelijke langetermijnstrategie van de HZV. De langetermijnstrategie voorzag er in om van Breskens hèt garnalencentrum van Zuidwest Nederland te maken (zie eerdere rapportages van HZV en de Agenda 2022 “Verbinden en versterken Visserij Zuidwest Nederland” van de Provincie Zeeland). Toen Klaas Puul BV zich in 2020 als deelnemer en potentiële overnamekandidaat terugtrok uit het project in Breskens is door directie en RvC van HZV niet gezocht naar alternatieven om deze ambitie waar te maken, maar zijn zij een andere strategie gaan bewandelen: Een concentratie van alle visserijactiviteiten in Vlissingen.
Dit mede ingegeven door vissers, visgroothandels en transporteurs uit Walcheren en door een potentiële overnamekandidaat, die alleen geïnteresseerd is in de vismijn in Vlissingen als hij ook de garnalenhandel in Breskens in handen krijgt. 4. De wensen en plannen van de gemeente Sluis ten aanzien van de (garnalen)visserij zijn realistisch en passend binnen de eerdere afspraken. De plannen van Sluis passen binnen de oorspronkelijke langetermijnvisie van HZV om van Breskens het garnalencentrum van Zuidwest Nederland te maken en het advies om de Holding te liquideren en de werkmaatschappijen terug te laten vloeien naar de afzonderlijke gemeenten. Met onze plannen geven we bovendien uitvoering aan het advies om het publieke belang in de visserij te beëindigen en als overheid niet langer risicodragend te investeren in de visserij. We hebben namelijk een overnamepartner gevonden die het werkbedrijf in Breskens voor eigen kosten en risico wil overnemen; die de garnalenvisserij in Breskens verder wil uitbouwen en versterken; en een bijdrage wil leveren aan de visserijbeleving en de toeristische hotspot in Breskens. Zonder dat we daar als gemeente/overheid financieel structureel in bij hoeven te dragen.
Pag. 2/5
5. De wensen en eisen die de gemeente Sluis stelt zijn redelijk en billijk. Zowel inhoudelijk als financieel. Als gemeente Sluis willen we dat ons voorstel om beide bedrijven, in Vlissingen en Breskens, te behouden serieus wordt bekeken en meegewogen. Temeer omdat we hiermee tevens uitvoering geven aan het advies om het overheidsbelang in de visserij te beëindigen, niet langer risicodragend te participeren in de visserij en de Holding niet met verlies te verkopen en gelijktijdig de ambities in Breskens (die we eerder gezamenlijk hebben vastgesteld) kunnen realiseren. Mochten we als aandeelhouders niet tot overeenstemming komen, dan willen we de samenwerking beëindigen. Bij de beëindiging van de samenwerking zouden wat ons betreft beide gemeenten dan moeten (kunnen) terugkrijgen wat zij bij het begin van de samenwerking in de Holding hebben ingebracht, zijnde de eigen werkbedrijven. Mocht de andere aandeelhouder bij haar eerdere besluit willen blijven om het werkbedrijf in Breskens voor die tijd te incorporeren in haar eigen werkbedrijf, dan willen wij uitgekocht worden voor ons gedeelte van het aandelenpakket (zijnde 35% van de getaxeerde waarde van het bezit van de Holding) en niet worden afgescheept met een symbolisch bedrag of de geste om (vanuit toeristisch oogpunt) af en toe een kotter te laten aanmeren.
Juridische uitspraken In tegenspraak tot de uitkomsten van het onderzoek naar de aandeelhoudersstrategie volhardden de directie en RvC van HZV en de meerderheidsaandeelhouder Vlissingen in het voortzetten van de Holding en een concentratie van beide werkbedrijven in Vlissingen. In en via reguliere overleggen, besluitvormende vergaderingen en juridische procedures hebben we ons (als minderheidsaandeelhouder) bij herhaling tegen deze koers en besluiten verzet. Maar aan onze verzoeken, wensen en argumenten werd tot nog toe geen gehoor gegeven. We sommen de juridische procedures hieronder nog even op: A. Op 28 juni heeft de Ondernemingskamer uitspraak gedaan op ons verzoek om een onderzoek te bevelen naar het beleid van de HZV, in het bijzonder het besluit om de werkbedrijven in Breskens en Vlissingen te concentreren in Vlissingen. De Ondernemerskamer heeft geoordeeld dat dit besluit in ondernemingsrechtelijke zin (op grond van de statuten) rechtmatig bij meerderheid van stemmen kon en mocht worden genomen. De uitspraak van de Ondernemerskamer gaat dus niet in op de inhoudelijke koers van het besluit en/of de onderbouwing van het besluit. Alleen of het besluit in juridische zin genomen mocht worden.
Ook gaat de Ondernemerskamer niet in op de bepalingen in de Aandeelhoudersovereenkomst, waarin is vast gelegd hoe om te gaan bij geschillen, omdat deze bepalingen vooral zien op een eventuele beëindiging van de samenwerking en niet op individuele besluiten omtrent de bedrijfsvoering. B. In de Uitvoeringsregeling Zeevisserij is de ‘Zeeuwse Visveiling Breskens’ aan de Kaai 1 te Breskens aangewezen als 1 van de 7 locaties in Nederland voor het zeven / sorteren van garnalen. Op andere locaties dan deze 7 is het zeven en sorteren van garnalen niet toegestaan. Het is de bevoegdheid van de minister van LNV om de locaties in de uitvoeringsregeling te wijzigen. In juni 2021 bleek dat de directie en RvC van HZV – lopende de onderhandelingen èn ondanks de bezwaren van de gemeente Sluis – reeds een aanvraag bij de minister hadden gedaan om de locatie voor het zeven en sorteren van garnalen in de uitvoeringsregeling te wijzigen van Breskens naar Vlissingen. Omdat deze procedure niet voor 1 oktober 2021 zou zijn afgerond, is door HZV een tijdelijke ontheffing op de uitvoeringsregeling aangevraagd om vooruitlopend op de wijzigingsprocedure toch al in Vlissingen te mogen gaan zeven en sorteren (in plaats van in Breskens).
Vanwege de nog lopende onderhandelingen en procedures hebben wij bezwaar aangetekend tegen deze tijdelijke ontheffing en een voorlopige voorziening aangevraagd om deze ontheffing te schorsen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit om een tijdelijke ontheffing te verstrekken onzorgvuldig was genomen en de noodzaak tot verplaatsing niet goed was onderbouwd. De ontheffing werd daarom geschorst tot twee weken na beslissing op bezwaar. Pag. 3/5
C. Op 5 augustus heeft de Rijksdienst van Ondernemend Nederland (RVO) een beslissing genomen op ons bezwaar. De kern van de beslissing op bezwaar is dat de gemeente Sluis niet-ontvankelijk wordt verklaard, omdat de gemeente Sluis volgens de RVO geen belanghebbende is bij het besluit. De RVO is namelijk van mening dat het besluit voor de tijdelijke ontheffing niet een verplaatsing van de zeeflocatie inhoudt, maar dat het een uitbreiding van het aantal locaties betreft. Omdat de voorlopige voorziening een opschortende werking had tot twee weken na beslissing op bezwaar, betekent dit dat er sinds 19 augustus (ook) garnalen gezeefd mogen worden in Vlissingen. Tegen een uitbreiding van het aantal locaties maken wij geen bezwaar. D. In oktober 2021 is de definitieve wijziging van de Uitvoeringsregeling Zeevisserij voorzien. Deze wijziging vindt plaats op verzoek van de directie en RvC van HZV. Als de uitvoeringsregeling wordt gewijzigd, dan betekent dit dat er geen sprake meer is van een uitbreiding van het aantal locaties maar dat er een daadwerkelijke verplaatsing van de zeeflocatie plaatsvindt (in die zin dat één van de 7 in de bijlage bij de uitvoeringsregeling genoemde locaties wordt gewijzigd van Breskens naar Vlissingen). Tegen de wijziging van de uitvoeringsregeling is geen bezwaar of beroep mogelijk omdat het hier gaat om de vaststelling van een ministeriële regeling.
We zullen de minister vragen om de regeling voorlopig – lopende het mediationtraject en de uitkomsten daarvan – nog niet definitief te wijzigen, maar in plaats daarvan de tijdelijk ontheffing nog even in stand te houden. Vervolgstappen Omdat de gemeente Sluis er geen belang bij heeft om eigenaar te blijven van een bedrijf dat zich volledig richt op Vlissingen en geen activiteiten meer op ons grondgebied ondersteunt; daarbij een beleid voert dat in het onderzoek naar de aandeelhouderstrategie als risicodragend wordt beoordeeld; niet gevoelig is voor de wensen, behoeften, argumenten en belangen van de minderheidsaandeelhouder; en onze juridische mogelijkheden allemaal zijn benut, zien wij geen op dit moment andere mogelijkheid meer dan het beëindigen van de samenwerking. We betreuren dit omdat we er naar onze mening alles aan hebben gedaan om er binnen de samenwerking in gezamenlijkheid uit te komen en onze stem en belangen gehoord te krijgen, maar dat is – ondanks alle argumenten, onderzoeken en juridische procedures – niet gelukt. Hierdoor resten ons geen andere opties meer dan de samenwerking te beëindigen. In de aandeelhoudersovereenkomst is bepaald dat indien één van de partijen de samenwerking wenst te beëindigen, dit moet worden voorgelegd aan een mediator.
De gemeente heeft op 28 juni – direct na ontvangst van de uitspraak van de Ondernemerskamer en het besluit van de HZV tot concentratie daarmee onomkeerbaar was – gevraagd of de gemeente Vlissingen hieraan wil meewerken. Op 24 augustus hebben wij hierop een positieve reactie gekregen. Dit betekent dat er een mediator geselecteerd kan worden en de mediation en de ontvlechting van de Holding nu kan starten. Op dit moment zien wij twee realistische uitkomsten hoe de samenwerking kan worden beëindigd c.q. de ontvlechting kan plaatsen : 1. De gemeente Sluis treedt uit tegen 35% van het huidige vermogen van het bedrijf. We weten niet hoe realistisch deze optie is, omdat de gemeente Vlissingen eerder heeft aangegeven niet bereid te zijn om deze uitkomstsom te betalen en slechts een symbolische waarde voor het aandelenpakket wil betalen; 2. Beide gemeenten krijgen terug wat zij bij de start van de samenwerking hebben ingebracht. In ons geval is dat o.a. de werkmaatschappij in Breskens, met de daaraan gekoppelde (schaarse) locatie voor het zeven en sorteren van garnalen. In lijn met ons eerdere standpunt, de uitkomsten van het gezamenlijk onderzoek naar de beste aandeelhoudersstrategie, de werkagenda 2022 van de Provincie en de wensen en behoeften van de ondernemers in Breskens (vissers, groothandel en transporteurs) gaat onze voorkeur uit naar de tweede optie.
Wij denken hiermee een alleszins redelijk, billijk en realistisch voorstel te doen.
Pag. 4/5
Om binnen de mediation voldoende onderhandelingsruimte te hebben en de verschillende opties in het proces rond de beëindiging van de samenwerking open te houden, zullen wij komende week een brief sturen naar zowel de gemeente Vlissingen, de HZV als de minister van LNV met het dringende verzoek om voorafgaande aan en tijdens het mediation-traject de locatie in de uitvoeringsregeling nog niet te wijzigen, maar eerst de uitkomsten van onderhandelingen af te wachten. We hopen dat de ondernemers en de dorpsraad uit Breskens een vergelijkbaar verzoek bij de minister zullen doen. Een definitieve wijziging is op dit moment ook niet nodig of urgent, omdat (door het besluit van de minister en de beslissing op bezwaar door de RVO) de tijdelijke ontheffing van kracht is. Wij vertrouwen erop dat wij u hiermee voldoende hebben geïnformeerd en houden u uiteraard op de hoogte van de voortgang en eventuele nieuwe ontwikkelingen.
Hoogachtend, BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN SLUIS,
De secretaris,
De burgemeester,
S.I. de Kievit-Minnaert
mr. M.M.D. Vermue
Pag. 5/5