CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

06 D03 Raadsvragen Sluis inzake jaarstukken en begrotingswijziging GGD Zeeland (agendapunt 16)

Raad 23 september 2021, gemeente SluisBij agendapunt: D-stukken1.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Jaarstukken 2020 - beantwoording van de vragen van de heer Van Heijst in de commissie Samenleving/Middelen van 14 september jl. Nr. 1

2

Vraag Blz. 89 Hoe kom je aan zo’n grote overschrijding? Waar dit uit bestaat, staat op blz. 89 van het Jaarverslag. Maar hoe komt het? Groot tekort op eigen vermogen en gedaald weerstandsvermogen. Zit hem vooral in de inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland. Is dit verantwoord?

Reactie Het grootste verschil wordt veroorzaakt door de na-ijlende declaraties van zorgkosten; het bedrag voor de instandhoudingsbijdrage van Intervence en de Coronaregeling voor meerkosten was ten tijde van de begrotingsopstelling niet bekend, net als het faillissement van Briedis in juni 2021. Het tekort van IJZ in 2020 in van circa € 6,4 mln. onder punt 4 is als zodanig gepresenteerd op grond van een AB-besluit over de t+1 systematiek, waarna alle accountants van de gemeenten in Zeeland en de GR gezamenlijk de werkwijze hebben bepaald. Dit bedrag is in 2021 gedeclareerd bij de aangesloten gemeenten. Een en ander heeft te maken met de overgang van systematiek. Gemeenten mochten in hun jaarrekening 2020 de betaalde voorschotten als last opnemen en de afrekening daarover mogen ze in 2021 verantwoorden. Hierdoor konden gemeenten hun jaarrekeningproces 2020 eerder aanvangen/afronden dan in de situatie waarbij ze moesten wachten op definitieve IJZ cijfers 2020. De accountants van alle gemeenten en de gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland hebben deze werkwijze akkoord bevonden, naar onze mening is dit een verantwoorde werkwijze.

Nr. 3

Vraag Zitten er nog verrassingen in de stukken, die later weer ten laste van de gemeenten verrekend moeten worden?

Reactie De kosten die in de jaarrekening worden gepresenteerd tonen de financiële feiten zoals die ten tijde van het opstellen van de jaarrekening bekend waren. Het is onmogelijk uit te sluiten dat achteraf informatie beschikbaar komt waardoor de kosten naar boven of beneden bijgesteld moeten worden. Met de inzichten van nu komen de volgende na-ijl effecten uit 2020 ten laste van het verantwoordingsjaar 2021: - Verdeling kosten Jeugdzorg +. Effect Sluis nog niet definitief te bepalen in afwachting besluit bestuurscommissie. (Verwachting: kosten € 3.150 hoger). - Nakomende declaratie Jeugdzorg + voor Very Intensive Care (effect Sluis: € 1.900 hogere kosten) - Nakomende kosten huisvesting NHC Jeugdzorg + (effect Sluis: € 16.000 hogere kosten) Deze kosten worden in de jaarrekening van 2021 verwerkt. Tenslotte is het zo dat een zorgaanbieder tot 5 jaar na het einde van zorglevering zorgkosten mag declareren. Het is daarom altijd mogelijk dat dit achteraf tot correcties in de kosten over voorgaande jaren kan leiden.

4

blz. 52 jaarrekening 2020 nog niet beschikbaar. Wat houdt dit in en kunnen daar nog verdere consequenties uit voortvloeien?

De jaarrekening 2020 GGE was nog niet beschikbaar. Onder voorbehoud van accountantscontrole zal waarschijnlijk rekening gehouden moeten worden met extra onderhoudslasten van circa € 20.000 in de jaarrekening 2021 met betrekking tot het jaar 2020. Dit wordt ook gemeld in de bestuursrapportage van de GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland 2021.

Nr. 5

Vraag Blz. 60 bestemmingsreserve huisvesting Goes – uitleg over en hoe groot is dat risico?

Reactie Een en ander heeft betrekking op het pand Westwal 37 in Goes. De stichting GGE is economisch eigenaar van het pand en GGD Zeeland juridisch eigenaar. Destijds heeft de stichting GGE het pand als (economisch) eigendom in bezit verkregen. Als tegenprestatie is bij de stichting GGE een langlopende schuld/ geldlening van € 2.623.225 opgenomen. Voor hetzelfde bedrag is bij GGD Zeeland dus een uitgezette geldlening opgenomen is (onder financiële vaste activa). Overeengekomen is (in 1996) dat over genoemd bedrag niet afgelost wordt en dat een rente van 7 % per jaar van toepassing is. Vervroegde aflossing is toegestaan. Uit voorgaande volgt dat de bestemmingsreserve huisvesting bij de GGD niet in de vorm van liquide middelen aanwezig is. Het omzetten in liquide vorm kan alleen als:  Partijen overeenkomen dat door GGE afgelost wordt op de lening. Dan zal deze aflossing slechts beperkt kunnen zijn omdat het eigen vermogen van de GGE waarop geen onderhoudsclaim ligt beperkt is.  Het pand verkocht wordt.  De bestemmingsreserve ‘’beleend’’ zou kunnen worden door de GGD. Deze oplossing leidt tot rentelaten in de jaarlijkse exploitatie en dus hogere huisvestingslasten.

6

Blz. 61 en 62 staat onder de kolommen dat de netto schuldquote ontbreekt uit de primaire begroting 2020, omdat inkoop Jeugdhulp Zeeland geen balanscijfers heeft opgenomen in de primaire begroting. Wat voor gevolgen heeft dat op de eindcijfers?

Dit heeft geen gevolgen voor de eindcijfers. Maakt alleen dat er geen vergelijking mogelijk is tussen begroting en realisatie.

7

Blz. 65 – uitleg over Jeugdhulp in natura wat de kosten en de baten betreft en wat is de invloed van Covid hierop geweest? Is dit allemaal ten gevolge van Covid?

De kosten voor Jeugdhulp in natura betreffen de kosten van jeugdhulp door de zorgaanbieders voor de 13 gemeenten samen. De baten voor Jeugdhulp in natura betreffen de bijdragen die de gemeenten hiervoor betalen aan de inkooporganisatie. In de post Jeugdhulp in natura is € 0,5 miljoen opgenomen voor de meerkostenregeling Jeugdwet, voor de extra Covid-kosten.

Nr. 8

Vraag Accountant zet vraagtekens bij 32,7 miljoen. Hoe kan dat?

Reactie Betreft pagina 23 van het Accountantsverslag. Dit bestaat uit € 11,8 mln. ontbrekende gemeentelijke beschikkingen en € 20,9 verwijzingen huisartsen en overige specialisteren. Op pagina 23 en 24 staat dit per onderdeel toegelicht.

Vierde begrotingswijziging 2021 Nr. 9

Vraag Onder Toelichting bij ad b 2e bullet: dat de omvang van de buffer wat de algemene reserves betreft nog slechts 0,4 %. Wij vinden dat zeer zorgelijk. Wat gaat/kan men daaraan doen?

Reactie Dit is inderdaad zorgelijk. In een nog wat breder perspectief gesteld kunnen we daaraan het volgende toevoegen: De meerjarenbegroting 2022-2025 laat vanaf 2023 een structureel begrotingstekort zien. Het tekort wordt gevormd door exogene (niet door ons als GGD te beïnvloeden) factoren, zoals caoaanpassingen en wijzigingen in pensioenpremies. Voor de begrotingsschijf 2022 heeft het bestuur besloten (na weging van de zienswijzen van de gemeenteraden) de gemeentelijke bijdragen voor het jaar 2022 incidenteel te verhogen. Vanaf oktober 2021 gaan we met het bestuur en met gemeenten in gesprek om een oplossingsrichting te vinden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=4ee9b706-cfad-4f6e-9e80-27d2d80d6975