CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Stichting Almata jeugdhulpaanbieder.pdf

Commissie Samenleving/Middelen 14 maart 2023, gemeente SluisBij agendapunt: D-brieven (kennisnemen van de antwoorden en mededelingen vanuit het college)11.739 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

27/36

Definitief | 24 oktober 2022

November 2021

Februari 2020

Maart 2022

Capaciteit

872

733

710

Bezetting

733

539

492

Bezettingsgraad (%)

84

74

69

Bron: Jeugdautoritat, op basis van een uitvraag bij alle JeugdzorgPlus aanbieders in juni 2022.

Mede gelet op de ontwikkelingen in JeugdzorgPlus en onze zorgen over de continuïteit, ontwikkelt de Jeugdautoriteit een monitor om onder meer per regio de ontwikkelingen in capaciteit, bedbezetting, voorgenomen afbouwen bij voorkeur ook de alternatieven voor JeugdzorgPlus te volgen. Afbouw van JeugdzorgPlus is immers alleen verantwoord mogelijk als er voldoende alternatieven beschikbaar zijn voor de kwetsbare jongeren voor wie deze hulp noodzakelijk is. 3. Financiële ontwikkelingen JeugdzorgPlus. Er zijn op dit moment, net als in december 2021 zes van de tien aanbieders van JeugdzorgPlus bij de Jeugdautoriteit in casuïstiek. Bij elkaar omvatten deze aanbieders ongeveer 62% van de totale JeugdzorgPlus capaciteit die momenteel beschikbaar is. Uit figuur 3 hieronder blijkt dat de af bouw van de bezettingsgraad niet beperkt blijft tot een aantal aanbieders, maar een landelijk verschijnsel is. Onze verwachting is daarom dat de financiële problematiek bij de JeugdzorgPlus aanbieders verder zal toenemen. In veel gevallen worden zij gefinancierd op basis van een bezettingsgraad van 95%. Als de bezettingsgraad lager is, worden zij daarvoor niet gecompenseerd, terwijl afbouw van de voorziening vaak niet op korte termijn mogelijk is. Bezettingspercentage per aanbieder

Op basis van de cijfers van de bezettingsgraad hebben wij de landelijke financiële tekorten voor aanbieders van JeugdzorgPlus berekend vanaf Q1 2021 tot en met Q1

28/36

Definitief |24 oktober2022

2022. Zie daarvoor tabel 3.8 In hoeverre deze financiële gevolgen ook daadwerkelijk geleid hebben tot spiegelbeeldige besparingen bij gemeenten, is niet te zeggen. Het is immers denkbaar dat de afgenomen capaciteit en bezetting geleid hebben tot een hogere bezetting in andere delen van de jeugdhulpverlening. Tabel 3. Modelmatige berekening financiële gevolgen afname bezettingsgraad JeugdzorgPius

Modelmatige berekening financiële gevolgen (mln C)

| Q1 2021 j Q2 2021 | Q3 2021

| Q4 2021 | Q1 2022 | Totaal

Naast bovenstaande financiële gevolgen worden aanbieders geconfronteerd met toegenomen kosten als gevolg van onder meer: i) de nieuwe cao, ii) toegenomen energiekosten, iii) meer personeel niet in loondienst, en iv) tariefdifferentiatie dekt inflatie niet. De financiële ontwikkelingen in JeugdzorgPius leiden tot een significant risico op faillissementen van JeugdzorgPius aanbieders op de korte termijn en daarmee op discontinuïteit van zorg voor jongeren én een tekort aan beschikbaarheid van JeugdzorgPius op de langere termijn. De regio’s en aanbieders die betrokken zijn in de casuïstiek bij de Jeugdautoriteit hebben een verantwoordelijkheid in het oplossen van deze continuïteitsrisico’s op de korte termijn. In de gesprekken die wij in het kader van casuïstiek voeren, geven de betrokken regio’s echter aan dat zij vooreen bijdrage in de korte termijn oplossing graag zicht willen hebben op de (middel)lange termijn strategie die VWS en VNG aan het ontwikkelen zijn, vanwege de mogelijke financiële consequenties van die lange termijn strategie. Individuele oplossingen voorde korte termijn en landelijke oplossingen voorde lange termijn hangen zo met elkaar samen. De verwachting dat andere partijen, waaronder het Rijk, in zullen grijpen bij toenemende problemen leidt tot een af wachten de houding.

Zonder een gezamenlijke insteek en duidelijkheid over wederzijdse verwachtingen dreigt dan een situatie die niemand wil: toenemende (liquiditeits)tekorten en continuïteitsproblemen. Het ontbreken van een beleid voor gestructureerde af bouw baart mij niet alleen zorgen vanuit het perspectief van de continuïteit van zorg, maar ook vanuit het perspectief van beschikbaarheid. Gemeenten, aanbieders en het Rijk zijn daarom mijns inziens gezamenlijk aan zet voor het ontwikkelen van oplossingen voor de korte en de lange termijn.

4. Conclusie Ik adviseer u met klem gezamenlijk afspraken te maken over korte termijn oplossingen voor de JeugdzorgPius én de lange termijn strategie op JeugdzorgPius vorm te geven. 8 Voordeze tabel gelden aanvullend aande beperkingen in voetnoot 3 de volgende beperkingen: • Aanbieders en gemeenten zien dat kinderen die nog wel in JeugdzorgPius verblijven vaak complexere problematiek hebben, waardoor sprake is van stapel-Zmaatwerkafspraken waarbijde wel bezette plekken vooreen gemeente in deze gevallenduurderzijn. • Er is gerekend met gemiddeldegemeentelijke tarieven

29/36

Definitief | 24 oktober 2022

Gemeenten, aanbieders en Rijk dragen daarvoor gezamenlijk de verantwoordelijkheid. Voor de lange termijnstrategie gaat het om zicht op vragen als: - Hoeveel capaciteit aan JeugdzorgPlus is landelijk en regionaal noodzakelijk danwel wenselijk (rekening houdend met piekbelasting)? - Moet de beschikbare capaciteit worden afgebouwd, of is een lagere bezettingsgraad met behoud van de capaciteit wenselijk? - Wat is gegeven deze capaciteit een passend afbouwscenario, onder meer rekening houdend met: o continuïteit van zorg o financiële consequenties van het mogelijk sluiten van locaties, ook voor eventuele ander vormen van zorg die door de JeugdzorgPlus aanbieders wordt geleverd - Welke alternatieven zijn er of moeten ontwikkeld worden om de afnemende capaciteit op te kunnen vangen en kinderen de zorg te kunnen leveren die nodig is.

Aan deze vragen liggen beleidskeuzesten grondslag. Zoals: wat is een acceptabele reisafstand voor cliënten vanaf hun woonplaats naar de JeugdzorgPlus voorziening en wat is een acceptabel tarief voor JeugdzorgPlus. Daarnaast is, zoals eerder aangegeven, inzicht in de alternatieven voor JeugdzorgPlus noodzakelijk.

Met vriendelijke groet,

Drs. Kees van Nieuwamerongen Directeur-bestuurder Jeugdautoriteit

Bijlage: memo JeugdzorgPlus

30/36

Definitief | 24 oktober 2022

Jeugdautoriteit

Jeugdautoriteit Rijnstraat 50 2551 XP Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag

Aan: Wendela Kuper en Jaap van den Berg (VWS), Reinier Lagerwerf en Joram van Leeuwen (VNG)

070 - 340 68 88 Jeugdautoriteit.nl

Datum: 8 december 2021

Memo Continuïteitsrisico’s Jeugdzorg Plus

1. Inleiding Jeugdzorg Plus is een vorm van gesloten jeugdhulp die wordt geboden aan kinderen en jongeren die niet bereikbaar zijn voor lichtere vormen van hulpverlening. Een verzoek tot Jeugdzorg Plus kan worden ingediend door een gemeente, de Raad voor de Kinderbescherming, een gecertificeerde instelling of de Officier van Justitie. De kinderrechter beslist of een jongere Jeugdzorg Plus nodig heeft. Als dat zo is, legt de rechter een civiele maatregel op en spreekt de 'machtiging gesloten jeugdhulp’ uit9.

Nederland kent tien aanbieders van Jeugdzorg Plus met in totaal zeventien locaties (bijlage 1). Momenteel is een beweging gaande waarbij de capaciteit van Jeugdzorg Plus wordt afgebouwd. In deze memo wordt ingegaan op de deze ontwikkeling en de mogelijke risico’s voor de continuïteit van Jeugdzorg Plus. 2. Afbouw Jeugdzorg Plus Momenteel is er een ontwikkeling gaande waarbij gemeenten en regio’s streven naar alternatieve, meer kleinschalige, vormen van gesloten jeugdzorg10. Ook zou betere begeleiding vanaf het begin verzwaring van problematiek moeten voorkomen.

De afname van de vraag naar Jeugdzorg Plus is versneld door de coronacrisis. Aangezien Jeugdzorg Plus een van de laatste schakels van de jeugdhulpketen vormt, liep de bezetting in de eerste coronagolf nog niet terug. Later was dit wel het geval, nadat verwijzingen en daarmee instroom vanuit ambulante zorgaanbieders uitbleven.

5 www.jeugdzorgnederland.nl 10‘De beweging van 0’ is een bekend platformdat alternatieve vormen van Jeugdzorg Plus nastreeft www.bewegingvannd.nl

31/36

Definitief |24 oktober 2022

Als gevolg van deze ontwikkelingen is een afname zichtbaar van de vraag naar Jeugdzorg Plus capaciteit, zoals blijkt uit de daling van het aantal plaatsingen (tabel 1). Tabel 1. Ontwikkeling vraag naar Jeugdzorg Plus 2016 | 2017 | 2018

I____________ | Aantal plaatsingen

1819

1924

| Aantal unieke jongeren

1518

1537

2019

2020

1720

1701

1366

1433

1382

1128

Bron: www.njinl

Met de keuze voor andere vormen van Jeugdzorg Plus is ook actief ingezet op de af bouw van capaciteit (tabel 2). Tabel 2. Ontwikkeling capaciteit Jeugdzorg Plus op landelijk niveau 2014 2016 2020 | 202111

| Capaciteit

1044

975

1

814 1

Bron: VNG

Wanneer naar de ontwikkeling van de bezettingsgraad van een aantal Jeugdzorg Plus aanbieders wordt gekeken, blijkt dat deze daalt (figuur 1). Bij drie van de vijf aanbieders zien we dat deze in 2019 rond de 100% bed bezetting hadden. De dalende lijn sinds de zomer van 2020 heeft zich bij alle aanbieders doorgezet waarmee deze aanbieders in september 2021 gemiddeld rond 70% bezetting uitkomen. (N.B. Aanbieder A kent een afwijking van de andere vier aanbieders. Oorzaak hiervan is dat deze aanbieder op 1 januari 2020 een deel van haar Jeugdzorg Plus bedden heeft afgebouwd en van 70 naar 24 bedden is gegaan. Deze lijn geeft hiermee een vertekend beeld.) Figuur 1. Ontwikkeling bezettingspercentages Jeugdzorg Plus 2019-2021 —Aanbieder A —— AanbiederB

Aanbieder C

AanbiederD —«Aanbieder E

120% 100% 80% 60% 40% 20%

0% <ƒ Bron: Uitvraag Jeugdautoritst, november2021

11 VNG: Huidige capaciteit (2021) is gebaseerd op het Plan van aanpak/ Bovenregionale plannen van de coördinerende gemeenten.

32/36

Definitief | 24 oktober 2022

3. Continuïteitsrisico ’s door (versnelde) afbouw Jeugdzorg Plus Financiële ontwikkelingen De vraag vanuit continuïteitsoogpunt is in hoeverre aanbieders in staat zijn om de kostenstructuur aan te passen op de geconstateerde lagere instroom. Deze flexibiliteit lijkt bij aanbieders van Jeugdzorg Plus beperkt. Aanbieders die zorg met verblijf leveren zijn minder flexibel in het planmatig en financieel opvangen van de dynamiek van wisselende bezettingen dan bij zorgvormen zonder verblijf12. Daarnaast is bekend dat het moeilijk is om specialistisch personeel te vinden en te behouden13. Dit zou kunnen verklaren waarom bij veel aanbieders de PNIL kosten in deze periode ongeveer gelijk zijn gebleven, of iets zijn toegenomen (bijlage 2). De stabiliteit van de PNIL ratio’s laat zien dat aanbieders er niet voor hebben gekozen met relatief minder flexibel inzetbaar personeel te werken. Door de coronacrisis is onvoldoende duidelijk geweest of de gerealiseerde afbouwdefinitief isof dat er op termijn weereen toename komt van de vraag naar Jeugdzorg Plus. Zodoende is het goed mogelijk dat aanbieders ook flexibel personeel hebben aangehouden, om tijdig in te kunnen spelen op een eventuele toename van de vraag. Een andere mogelijke oorzaak is dat aanbieders gezien de flexibiliteit in personeel die de geplande af bouw vraagt, ervoor kiezen juist met meer flexibel personeel te werken.

Ook kan het zijn dat aanbieders geen andere mogelijkheid hebben, omdat bij een voorgenomen afbouw personeel op eigen initiatief eerder uitstroomt dan bij de afbouw gewenst is. Bij zorg met verblijf zijn de overeengekomen tarieven veelal gebaseerd op een bezettingspercentage van 90 tot 95%14. Hierdoor ligt het financiële risico bij een onderbezetting van meer dan vijf procent in deze gevallen bij de aanbieder. Daarnaast vraagt ook de af bouw van capaciteit om veel investeringen en het financieel risico van een (versnelde) afname van vraag naar Jeugdzorg lijkt nu eenzijdig bij de aanbieders te liggen. Daarbij moet wel de kanttekening worden gemaakt dat vanuit het ministerie van VWS geld beschikbaar is gesteld via een SPUK regeling om aanbieders bij de transformatie tegemoet te komen in de vastgoedkosten. Aanbieders is gevraagd een transformatieplan op te stellen, om aanspraak te kunnen maken op deze regeling. Onduidelijk is of de transformatieplannen realistisch zijn. Vanuit casuïstiek is bekend dat niet alle aanbieders de SPUK regeling als voldoende ervaren. Daarnaast geven veel aanbieders aan dat de tarieven onvoldoende zijn. De meningsverschillen over passende tarieven zijn groot en de discussie hierover is nog niet beslecht. Ook is in twee regio’s de NHC compensatie uitgebleven.

Bovenregionale impact van lokale ontwikkelingen De financiële positie van een groot deel van de aanbieders van Jeugdzorg Plus is fragiel. Zo zijn zes van de tien aanbieders van Jeugdzorg Plus bekend bij het team Casuïstiek van de Jeugdautoriteit. Bij elkaar omvatten deze aanbieders ongeveer 65 %

12 Verdiepingsonderzoek Financiële Posities Jeugdhulpaanbeders, Jeugdautoriteit 13 90 advies VNG, 90% Verdiepingsonderzoek Financiële Posities Jeugdhulpaanbieders, Jeugdautoriteit 14 Verdiepingsonderzoek Financiële Posities Jeugdhulpaanbeders, Jeugdautoriteit

33/36

Definitief | 24 oktober 2022

van de totale Jeugdzorg Plus capaciteit die momenteel beschikbaar is. Dit schept een zorgelijk beeld van de continuïteit van Jeugdzorg Plus, ook op de korte termijn.

Aangezien de Jeugdzorg Plus locaties een regionale functie hebben, zal dit ook eventuele discontinuïteit van een aanbieder een regionaal effect hebben. Zo zijn er in Noord Nederland (Friesland, Drenthe, Groningen), maar twee Jeugdzorg Plus locaties, waarvan één in casuïstiek bij de Jeugdautoriteit. De discontinuïteit van een aanbieder kan regionale gevolgen hebben voorde beschikbaarheid van Jeugdzorg Plus in relatie tot het adagium ‘zo dichtbij mogelijk’. Een ander voorbeeld van het regionale effect van lokale beslissingen, zijn de gemeenten en regio’s die bovenop de afbouw van het aantal plaatsingen in Jeugdzorg Plus alleen nog opvang in de eigen regio willen. Dit is in ieder geval bekend van de regio’s Rijnmond en Utrecht. Momenteel is vijftig procent van de kinderen die in de achterhoek zijn geplaatst, afkomstig uit Rotterdam. Als al deze jeugdigen binnen de eigen regio worden geplaatst, zal dit grote impact hebben op deze aanbieders. Wanneer een aanbieder niet kan blijven bestaan, betekent dit ook wegval van beschikbare zorg voor andere regio’s.

Beschikbaarheid van alternatieven voor huidige Jeugdzorg Plus Hoewel duidelijk is dat Jeugdzorg Plus wordt afgebouwd, is niet duidelijk in hoeverre er alternatieven voor deze doelgroep beschikbaar zijn. In de plannen die als bron zijn gebruikt voor de VNG startfoto’s en toekomstfoto’s blijkt dat dit nog onvoldoende is uitgewerkt. De vraag is daarom in hoeverre gemeenten en regio’s ertoe in staat zijn de jongeren eerder in het traject goed op te vangen. Bovendien bestaat het risico dat capaciteit wordt afgebouwd, die later toch wenselijk blijkt. Een voorbeeld hiervan zijn de Justitiële Jeugdinrichtingen, waarvan een aantal zijn gesloten en die nu toch weer opengaan. 4. Landelijke regie op Jeugdzorg Plus is wenselijk Op de korte termijn hebben de ontwikkelingen rondom coronaomzetderving en de daling van bedbezetting forse consequenties voor de liquiditeit van een deel van de Jeugdzorg Plus aanbieders. Doordat het merendeel van de Jeugdzorg Plus een pxq bekostiging kent, is het financiële risico van de lagere bedbezetting voor aanbieders. Dat leidt tot risico’s voor de continuïteit van de Jeugdzorg Plus. Dit geldt in het bijzonder omdat de discontinuïteit van één aanbieder regionale gevolgen kan hebben.

De Jeugdautoriteit pleit voor landelijke regie op een korte termijn (tijdelijke) oplossing. Van daaruit kan worden onderzocht welk beleid passend is voor een structurele keuze rondom de af bouw van de Jeugdzorg Plus.

Bij deze landelijke regie moet in ieder geval worden stil gestaan bij de vraag wat een passende af bouw is van capaciteit van Jeugdzorg Plus is. Vragen die hierbij opkomen zijn; M oet de beschikbare capaciteit worden afgebouwd, of is een lagere bezettingsgraad met behoud van de capaciteit wenselijk? Wanneer de keuze wordt gemaakt voor een lagere bezettingsgraad, moet ook worden nagedacht over de

34/36

Definitief | 24 oktober 2022

bekostiging. Bij welke mate van bezetting moet worden uitgegaan bij beschikbaarheidsfinanciering? Daarbij geldt eveneens dat de alternatieven van Jeugdzorg Plus vaak intensieve 1-op-1 behandeling van het individu of in kleinere groepen inhouden met hogere personeelskosten als gevolg. Met landelijke regie kan worden voorkomen dat op lokaal niveau keuzes worden gemaakt die het totale landschap van Jeugdzorg Plus beïnvloeden, met discontinuïteit van zorg tot gevolg.

35/36

Definitief | 24 oktober 2022

Bijlage 1. Overzicht aanbieders Jeugdzorg Plus Aanbieder

Locatie

Levvel

De Koppeling Pinq15

Parian

Transferium

Pluryn

Lindehorst

Stg. Horizon Jeugdzorg & Onderwijs

Antonius

Intermetzo Rijnhove - Hand in Hand

Bergse Bos 't Anker Schakenbosch

Schakenbosch

Stichting Jeugdhulp Friesland

Woodbrookers

Eiker

Stg. Het Poortje

's Heerenloo

Groot Emaus

Via Jeugd

Via Almata Via Icarus

Vigo

Stichting OGH en Ambulatorium Bijzonder Jeugdwerk

Bron: Geregistreerde jeugdhulp aan bieders | Rijksoverheid.nl

Bijlage 2. Ontwikkeling PNIL ratio Aanbieders Jeugdzorg Plus PNIL ratio (<15)

Aanbieder

2018

2019

| 2020

-

3,28

5,39

Stg. Pluryn Groep (Lindehorst)

-

5,72

Parian (Transferium) Bijzonder Jeugdwerk (Vigo)

8,2 -

8,7 7,48

7,93 4,52 13,36

Horizon Jeugdzorg en Speciaal Ond.(iHub)

12,39

7,53

7,56

Stichting Levvel (de koppeling)

-

-

0

OGH en Ambulatorium (Vigo)

6,82

7,87

6,31

Intermetzo zorg (Pluryn)

Schakenbosch Zorg voor Jeugdigen B.V.

12,74

-

21,84

Stg. Het Poortje Jeugdinrichtingen (Eiker)

26,15

26,34

26,57

Via Almata(Via Jeugd)

14,28

13,33

13,52

Jeugdhulp Friesland(Woodbrookers)

7,25

6,58

-

Via Icarus (Via Jeugd) 's Heerenloo (Groot Emaus)

-

-

-

6,36

9,71

0,01

Bron: IKZ dashboard

15Vrouwenopvang Ontbreekt op website rijkoverheid, maar is wel meegenomen in de stukken van de VNG

36/36

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=9005a390-cdb0-4311-bddd-318fad6ee855