03g Legesverordening 2026 met wijzigingen in rood (2)
Tekst van het document
per maatwerkvoorschrift:€
b in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift:
€ 1.534,50
€ 1.574,40
Artikel 2.36 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten
2025 (oud)
2026
a één milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten
€ 2.337,20
€ 2.337,20
b twee tot vijf milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit
€ 1.869,80
€ 1.869,80
c
€ 1.519,20
€ 1.519,20
1 Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op:
leefomgeving, bedraagt het tarief:
activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, per milieubelastende activiteit:
vijf of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, per milieubelastende activiteit:
2 Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per
€ 1.592,25
€ 1.592,25
maatwerkvoorschrift:
Artikel 2.37 Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten
2025 (oud)
2026
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere
€ 1.534,50
€ 1.574,40
2025 (oud)
2026
a een bouwactiviteit, bedraagt het tarief:
€ 1.023,00
€ 1.049,60
b een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed, bedraagt het tarief:
€ 1.023,00
€ 1.049,60
c een milieubelastende activiteit, bedraagt het tarief::
€ 2.337,20
€ 2.337,20
d een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c, bedraagt het tarief:
€ 1.023,00
€ 1.049,60
activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:
Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid Artikel 2.38 Gelijkwaardige maatregel 1 Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:
2 Het op grond van het eerste lid verschuldigde bedrag wordt voorafgaand aan het in
behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt
dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde
bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Paragraaf 2.11 Overige tarieven Artikel 2.39 Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel
2025 (oud)
2026
€ 204,60
€ 209,90
2025 (oud)
2026
€ 150,00
€ 153,90
€ 50,00
€ 51,30
2025 (oud)
2026
€ 1.869,80
€ 1.869,80
10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:
Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning 1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:
2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijzigen van tenaamstelling van een verleende omgevingsvergunning:
Artikel 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning: a.
Voor de milieubelastende activiteit
b.
Voor de overige activiteiten
€ 204,60
€ 209,90
Artikel 2.42 Intrekken omgevingsvergunning
2025 (oud)
2026
€ 102,30
€ 104,95
2025 (oud)
2026
€ 409,20
€ 419,85
2025 (oud)
2026
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om gehele of
gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning, tenzij artikel 2.58 van toepassing is:
Artikel 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief
voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, in behandeling is genomen:
Artikel 2.44 Beoordeling onderzoeksrapporten
De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport,
zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ander besluit. Artikel 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan
2025 (oud)
2026
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van
€ 5.115,00
€ 5.248,00
Artikel 2.46 Niet genoemd besluit op aanvraag
2025 (oud)
2026
€ 102,30
€ 104,95
het omgevingsplan:
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van
een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:
Paragraaf 2.12 Modaliteiten Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag
2025 (oud)
2026
10%
10%
2025 (oud)
2026
a als sprake is van een milieubelastende activiteit:
€ 2.804,65
€ 2.804,65
b als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
€ 5.115,00
€ 5.115,00
c
€ 1.534,50
€ 1.534,50
2025 (oud)
2026
a voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport:
€ 409,20
€ 419,85
b voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:
€ 270,00
€ 270,00
€ 1.102,35
€ 1.102,35
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na
aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met: Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het
tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:
als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b:
Artikel 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het
tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld:
c
voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting:
d voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe
€ 1.102,35
€ 1.102,35
€ 204,60
€ 209,90
€ 26.250,00
€ 28.500,00
€ 204,60
€ 209,90
2025 (oud)
2026
€ 220,00
€ 225,70
€ 100,00
€ 100,00
2 Indien de bouwkosten vanaf € 50.000 tot € 2.000.000 bedragen:
0,2%
0,2%
3 Indien de bouwkosten vanaf € 2.000.000 tot € 6.000.000 bedragen:
0,05%
0,05%
€ 6.000,00
€ 6.000,00
geluidwering of nagalm van een bouwwerk:
e voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport: f
voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):
g voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport: Artikel 2.50 Advies 1 Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het
tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet
uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet: a
voor een advies van de gemeenteraad:
b voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de
Verordening gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit gemeente Sluis dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet: 1 over het deel van de bouwkosten tot € 50.000:
van de bouwkosten
van de bouwkosten minus € 2.000.000,--, te vermeerderen met € 4.000
4 Indien de bouwkosten € 6.000.000 of meer bedragen: c
voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de
Verordening gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit gemeente Sluis
€ 767,25
€ 787,20
in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b: d voor een advies van de agrarische commissie:
€ 940,00
e
Voor een advies van een landschapsdeskundige:
€ 767,25
f
Voor een advies van een molenbiotoop:
€ 767,25
g voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met f: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde
€ 970,00 € 787,20 € 787,20
kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
2 Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, is uitgebracht, wordt
een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 2.51 Instemming
2025 (oud)
2026
1 Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het
tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op
de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een ander bestuursorgaan dan de gemeenteraad:
het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.
Paragraaf 2.13 Vermindering Artikel 2.52 Vermindering na omgevingsoverleg
2025 (oud)
2026
Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning is voorafgegaan
door een vooroverleg als bedoeld in paragraaf 2.2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in paragraaf 2.3. Artikel 2.53 Vermindering bij meervoudige aanvraag
2025 (oud)
2026
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op vijf of meer activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van leges voor de
milieubelastende activiteiten als bedoeld in paragraaf 2.5 en het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. De vermindering bedraagt: a
bij 5 tot 10 activiteiten:
2%
2%
3%
3%
5%
5%
van de voor die activiteiten verschuldigde leges; b
bij 10 tot 15 activiteiten: van de voor die activiteiten verschuldigde leges;
c
bij 15 of meer activiteiten: van de voor die activiteiten verschuldigde leges.]
Paragraaf 2.14 Teruggaaf Artikel 2.54 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig
2025 (oud)
Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het
85%
85%
2025 (oud)
2026
85%
85%
verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen
2026
omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure
2025 (oud)
2026
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een
maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet
bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van
burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a
bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier weken na de indiening van de aanvraag:
75%
75%
50%
50%
25%
25%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een
maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van
2025 (oud)
2026
burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: a
bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag:
75%
75%
50%
50%
25%
25%
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; b
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; c
bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten
Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder,
2025 (oud)
40%
2026
40%
bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen zes maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.59 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten a
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een
bouw- of milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een
2025 (oud)
40%
2026
40%
deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. b
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
Artikel 2.60 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf
verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.
2025 (oud)
2026
Artikel 2.61 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 118,10 (oud: € 115,10) wordt niet teruggegeven. HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2
Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting
2025 (oud)
2026
een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als
€ 204,60
€ 209,90
b een aanvraag tot wijziging van een vergunning tot het exploiteren van een openbare
€ 102,30
€ 104,95
2025 (oud)
2026
€ 153,45
€ 157,45
b een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet:
€ 51,15
€ 52,50
c
€ 51,15
€ 52,50
€ 51,15
€ 52,50
2025 (oud)
2026
€ 204,60
€ 209,90
2025 (oud)
2026
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a
bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening:
inrichting als bedoeld in artikel 2:28, van de plaatselijke verordening:
Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a
een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet:
een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a en 30b, van de Alcoholwet:
d een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet:
Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijf a
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een
vergunning of om de verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene plaatselijke verordening:
Artikel 3.4 Wijzigen vergunning seksbedrijf (gereserveerd)
Paragraaf 3.3 Winkeltijdenwet Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a
een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet:
€ 71,60
€ 73,45
2025 (oud)
2026
€ 214,85
€ 220,45
€ 102,30
€ 104,95
2025 (oud)
2026
€ 102,30
€ 104,95
2025 (oud)
2026
€ 51,15
€ 52,50
2025 (oud)
2026
€ 306,90
€ 314,90
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt Artikel 3.6 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: a om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25 van de Algemene plaatselijke verordening voor de evenementen Visserijfeesten
Breskens, Jaarmarkt Groede, Folkloristische dag IJzendijke, Avondmarkten Sluis: B om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25 van de Algemene plaatselijke verordening voor andere evenementen dan die zijn genoemd in onderdeel a., waaronder circussen, stuntshows, toeristenmarkten, rommelmarkten e.d.
Artikel 3.7 Organiseren markt Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning: a voor het organiseren van een snuffelmarkt als bedoeld in artikel 5:23 van de Algemene plaatselijke verordening:
Paragraaf 3.5 Standplaatsen Artikel 3.8 Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op markt Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a een vaste-standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 5 7, eerste lid, van de Marktverordening gemeente Sluis 2020:
Artikel 3.9 Overige administratieve dienstverlening markt (gereserveerd) Artikel 3.10 Losse standplaatsen (gereserveerd)
Paragraaf 3.6 Huisvestingswet 2014 Artikel 3.11 Vergunning [of ontheffing] onttrekken woonruimte Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning [of ontheffing van het verbod] om woonruimte aan de bestemming tot bewoning te
onttrekken of onttrokken te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder a, [respectievelijk tweede lid,] van de Huisvestingswet 2014:
Artikel 3.12 Vergunning [of ontheffing] samenvoegen woonruimte (Reserveren) Artikel 3.13 Vergunning [of ontheffing] omzetten zelfstandige in onzelfstandige woonruimte
(Reserveren) Artikel 3.14 Vergunning [of ontheffing] verbouwen woonruimte tot meer woonruimten (Reserveren)
Artikel 3.15 Splitsingsvergunning [of -ontheffing] (Reserveren)
Artikel 3.16 Vergunning of ontheffing toeristische verhuur (Reserveren)
Artikel 3.17 Verhuurvergunning opkoopbescherming (Reserveren)
Artikel 3.18 Verhuurvergunning woon- of verblijfsruimte (Reserveren)
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.19 Niet benoemd besluit op aanvraag
2025 (oud)
2026
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking: a
tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2.10 van de APV
€ 51,15
€ 52,50
b
tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5.15 en 5.18 van de APV
€ 51,15
€ 52,50
c
tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in de artikelen 5.15 en 5.18 van de
€ 102,30
€ 104,95
d
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in
€ 51,15
€ 52,50
(vergunning voor voorwerpen, uitstallingenvergunning op wegen enz.)
(incidentele ventvergunning en incidentele standplaatsvergunning)
APV (anders dan incidentele standplaats- c.q. ventvergunning)
deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking
Behorende bij raadsbesluit van 18 december 2025
De griffier van de gemeente Sluis, Mr. P.T.G. Claeijs