02 Raadsvraag dhr Scheppers (DenT) over ontheffing Waterdunen.pdf
Tekst van het document
Kenmerk:
Schriftelijk vragen (art. 41 RvO - politieke vragen) / Verzoek om inlichtingen (art 169, 3e lid en 180, 3e lid GW, art. 43 RvO)
de voorzitter van de Raad VRAGEN RAADSLID/FRACTIE: dhr. A. Scheppers / fractie D&T Raadvraagnummer: behandelend ambtenaar: ONDERWERP: Waterdunen- ontheffing gasvrij TOELICHTING: n.a.v brief D04 (was vertrouwlijk ) commissie R/AB van 12 januari 2021, is van de agenda gehaald i.v.m bericht in de media.
Vragen (art. 41 en 43 RvO) 1
Op 1 oktober 2010 is door Provinciale Staten het gewijzigde Provinciaal inpassingsplan Waterdunen, het exploitatieplan Waterdunen en het Beeldkwaliteitsplan Waterdunen vastgesteld. Op grond van de Wet RO hebben Gedeputeerde Staten dit gepubliceerd in de Staatscourant dd 27 oktober 2010 nr. 16874. Tegen het Beeldkwaliteitsplan kon geen beroep worden ingesteld. In het beeldkwaliteitsplan is op pagina 37 het volgenden opgenomen: “2. Integrale afstemming gebiedsbrede coördinatie van belangrijke ambities, bijvoorbeeld de duurzame agenda. De formele regie richt zich met name op de inpasbaarheid van een individueel bouwvolume. Verschillende belangrijke ambities dienen echter gebiedsbreed opgepakt en uitgewerkt te worden. Een belangrijke bouwsteen is onder andere het nader uitwerken van een vooruitstrevende duurzame agenda, het realiseren van een
Antwoorden van Burgemeester en Wethouders
Vragen (art. 41 en 43 RvO)
Antwoorden van Burgemeester en Wethouders
geheel energieneutraal gebied en een ecologische integratie van de bebouwing door het voorkomen van schadelijk licht in de nachtsituatie. Dit vertaald zich ook naar gebruik van “Cradle 2 Cradle” natuurlijke materialen, het beleefbaar maken van duurzame lifestyle , beweging en natuurervaring en inzetten van energiekringlopen zoals bijvoorbeeld een warmte/koude netwerk in het gebied. Voorafgaand aan het uitwerken van individuele gebouwen zal daarom een integrale stedenbouwkundige uitwerking van het verblijfsrecreatiegebied met grote nadruk op duurzaamheid en energieverbruik worden gemaakt. Hierin zijn in ieder geval een onderbouwing van een energieneutrale gebiedsopzet en vertaling naar de collectieve maatregelen in het gebied en de individuele maatregelen per gebouw alsmede een verlichtingsplan opgenomen. Is er overleg met de provincie geweest in hoeverre het verlenen van de ontheffing past binnen het indertijd vastgestelde beeldkwaliteitsplan? 2
De volledige infrastructuur voor elektriciteit- en gasleidingen is blijkbaar al in 2013 aangelegd. Was toen al bekend dat de doelstellingen uit het beeldkwaliteitsplan niet haalbaar zijn?
2
3
Meerdere, ook kleinere projecten, kunnen te maken krijgen met (zeer) hoge kosten om gasloos te bouwen of over te gaan naar gasloos. Ook daar kan waterstof in de (verre) toekomst de oplossing zijn. Hoe gaat het college daarmee om?
3
4
4
5
5
Datum vragen: 21-01-2021
Datum antwoorden:
2
Vragen (art. 41 en 43 RvO)
Antwoorden van Burgemeester en Wethouders
Verzonden: Burgemeester en Wethouders van Sluis,
3
secretaris,
burgemeester,
S.I de Kievit-Minnaert
mr. M.M.D. Vermue
2. Integrale afstemming gebiedsbrede coördinatie van belangrijke ambities, bijvoorbeeld de duurzame agenda. De formele regie richt zich met name op de inpasbaarheid van een individueel bouwvolume. Verschillende belangrijke ambities dienen echter gebiedsbreed opgepakt en uitgewerkt te worden. Een belangrijke bouwsteen is onder andere het nader uitwerken van een vooruitstrevende duurzame agenda, het realiseren van een geheel energieneutraal gebied en een ecologische integratie van de bebouwing door het voorkomen van schadelijk licht in de nachtsituatie. Dit vertaald zich ook naar gebruik van “Cradle 2 Cradle” natuurlijke materialen, het beleefbaar maken van duurzame lifestyle , beweging en natuurervaring en inzetten van energiekringlopen zoals bijvoorbeeld een warmte/koude netwerk in het gebied. Voorafgaand aan het uitwerken van individuele gebouwen zal daarom een integrale stedenbouwkundige uitwerking van het verblijfsrecreatiegebied met grote nadruk op duurzaamheid en energieverbruik worden gemaakt. Hierin zijn in ieder geval een onderbouwing van een energieneutrale gebiedsopzet en vertaling naar de collectieve maatregelen in het gebied en de individuele maatregelen per gebouw alsmede een verlichtingsplan opgenomen.
4