CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

02 - Kadernota subsidie - Bijlage 2 Kadernota subsidie gemeente Sluis 2022.docx

Commissie Samenleving/Middelen 14 december 2021, gemeente SluisBij agendapunt: Voorstel tot Vrijgeven voor inspraak Kadernota subsidie gemeente Sluis 20226.430 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kadernota Subsidiebeleid Gemeente Sluis 2022

December 2021

Inhoudsopgave

1 Inleiding ................................................................................................................................................3 1.1 Aanleiding......................................................................................................................................3 1.2 Doelstelling en toekomstvisie........................................................................................................4 1.3 Cyclus – subsidieverlening.............................................................................................................4 2. Evaluatie nota subsidiebeleid 2015.....................................................................................................5 3.

Kaders subsidie....................................................................................................................................6 3.1 Wat is subsidie...............................................................................................................................6 3.2 Rol gemeenteraad en college bij subsidieproces ..........................................................................6 3.3 Algemene regels op basis van Algemene wet bestuursrecht ........................................................6 3.4 Algemene subsidieverordening (ASV) Sluis ...................................................................................7 3.5 Uitwerking in subsidieregelingen ..................................................................................................7 3.6 Vormen van subsidies....................................................................................................................7 3.7 Directe en indirecte subsidies .......................................................................................................8 4.

Algemeen subsidiekader .....................................................................................................................9 4.1 Visie ...............................................................................................................................................9 4.2 Uitgangspunten .............................................................................................................................9 4.3 Reikwijdte....................................................................................................................................10 4.4 Subsidieplafonds .........................................................................................................................10 4.5 Subsidiegrondslagen....................................................................................................................10 4.6 Subsidievereisten ........................................................................................................................10 4.7 Subsidieregeling ..........................................................................................................................11 4.8 Toepassingsduur..........................................................................................................................11 5.

Beleidsdoelen subsidie ......................................................................................................................12 Programma 1: Ruimte en beheer ..................................................................................................12 Programma 2: Economie ...............................................................................................................13 Programma 3: Sociaal Domein ......................................................................................................14 Programma 4: Bestuur en Veiligheid.............................................................................................15 6. Financieel kader ................................................................................................................................16 6.3 Subsidiering wettelijke taken. .....................................................................................................16 7. Werkagenda ......................................................................................................................................16 7.1 Vervolgproces..............................................................................................................................17

2

1 Inleiding In de gemeente Sluis zijn er in verhouding tot het aantal inwoners relatief veel activiteiten, clubs en verenigingen1. Daartoe behoren o.a. onderwijsvoorzieningen, culturele voorzieningen, dorpshuizen, peuterspeelzaalwerk, recreatievoorzieningen en sportvoorzieningen. Al deze voorzieningen worden voor een (vaak zeer) groot deel in standgehouden met behulp van gemeentelijke subsidie en andere vormen van financiële ondersteuning, deskundige professionals en de inzet van talloze vrijwilligers. Binnen onze gemeente zijn een groot aantal organisaties actief die met vrijwilligers een veelvoud aan activiteiten organiseren voor enerzijds de eigen inwoners, maar anderzijds ook voor de vele toeristen die onze gemeente ieder jaar bezoeken. Deze activiteiten lopen uiteen van jeugd en jongerenwerk, amateurkunst, cultuur- en sportevenementen, jaarmarkten, belangenbehartiging tot dorpshuizen. Het zijn stuk voor stuk activiteiten die van groot belang zijn voor de leefbaarheid in de gemeente. Ondanks de inzet van talrijke vrijwilligers zien we ook in onze gemeente dat de beschikbaarheid van vrijwilligers onder druk staat. Dat betekent dat vrijwilligers extra aandacht verdienen. Vrijwilligerswerk is van essentieel belang voor de samenleving en dient gestimuleerd te worden.

De gemeente Sluis wil de komende jaren inzetten op een activiteitenaanbod dat aansluiting heeft bij de gestelde beleidsdoelen en diverse (kwetsbare) doelgroepen in de gemeente. Daarnaast blijft leefbaarheid van de kernen een actueel onderwerp. De stads- en dorpsraden hebben een grote rol en verantwoordelijkheid bij het (verder) leefbaar houden van hun kern. In deze kadernota vindt u de inhoudelijke kaders voor de actualisatie van het subsidiebeleid. Ook komen de kaders voor het subsidiebeleid aan bod. In de Algemene subsidieverordening (ASV) en subsidieregelingen vindt een nadere uitwerking plaats.

1.1 Aanleiding In februari 2021 is het nieuwe visiedocument Krachtig Verbonden2 vastgesteld door de raad. In dit visiedocument is opgenomen waar de gemeente Sluis mee te maken heeft, wat zij wilt bereiken en hoe zij dat wilt bereiken. Cultuurbeoefening- en subsidies is een van de onderdelen in dit visiedocument. Opgemerkt is, dat de gemeente Sluis te maken heeft met een onevenwichtige verhouding tussen enerzijds het aantal inwoners en anderzijds het aantal activiteiten, clubs en verenigingen. Ook is gebleken dat de verstrekte subsidies en beschikbare budgetten niet of nauwelijks gekoppeld zijn aan de beleidsdoelen van de gemeente. In het coalitieakkoord/coalitieprogramma 2018 – 2022 “Dynamisch, continuerend en grensverleggend” is ten aanzien van subsidies het volgende beschreven: • In het kader van de zero based begroting kijken we kritisch naar de subsidies zoals we die verstrekken. • Wij willen geen subsidieverlening enkel met het oog op de instandhouding van organisaties en verenigingen. • Wij ondersteunen vooral lokale initiatieven en pas daarna (boven) regionale. Kleinschalige activiteiten zijn belangrijk voor de leefbaarheid in de kernen. • Daarnaast ondersteunen we activiteiten die zich richten op de jeugd en de senioren. Het beleidsplan sociaal domein 2020 – 2024 beschrijft ook wat de gemeente met subsidies beoogt.

• keuzes maken in de subsidiëring van preventief aanbod. • De gemeente kan burgerinitiatieven ondersteunen door gebruik te maken van de leefbaarheidssubsidie Burgerparticipatie, waar burgerinitiatieven onder kunnen vallen, wordt nog nader uitgewerkt in een beleidsplan. Er ligt in zekere mate een relatie tussen deze kadernota en Burgerparticipatie. De koppeling tussen deze kadernota en Burgerparticipatie wordt nader uitgewerkt in de subsidieregeling.

1 Visiedocument Krachtig Verbonden, februari 2021

2 Visiedocument Krachtig Verbonden 2021, februari 2021

3

1.2 Doelstelling en toekomstvisie Hetgeen waar we nu in relatie tot subsidies mee te maken hebben staat beschreven in de inleiding en aanleiding. In de visie Krachtig Verbonden staat dat we willen bereiken dat we een activiteitenaanbod hebben dat aansluit bij de gestelde beleidsdoelen en de diverse (kwetsbare) doelgroepen in de gemeente. Om dit in de toekomst te bereiken is in de visie Krachtig Verbonden het volgende opgenomen: We gaan actief sturen op het aanbod aan gesubsidieerde activiteiten. Op grond van onze eigen prioriteiten en doelstellingen stellen we een subsidiebudget vast per doelstelling, doelgroep of beleidsterrein. Hiertoe is het van belang dat de beleidsdoelen scherp worden geformuleerd en rangorde wordt aangebracht in de verschillende beleidsdoelen. Deze prioriteiten zijn zowel financieel als inhoudelijk. De besteding van de subsidiegelden zullen beter worden gemonitord. Daarnaast wordt ingezet op beter contact tussen subsidieverstrekker en subsidieontvanger over de te realiseren doelen.

1.3 Cyclus – subsidieverlening

Verantwoorden resultaat

Beleidsdoelen

Transparante beoordeling

Uitwerking ASV en subsidieregel

Gebruiksvriendelijk aanvraagprocedure

Subsidieverlening is onderdeel van een cyclus welke begint met het formuleren van beleidsdoelen. De manier waarop we deze doelen willen bereiken, bepaalt vervolgens welk beleidsinstrument (subsidie of inkoop) de gemeente Sluis inzet. Uit de keuze voor subsidie of inkoop vloeit voort welke afspraken gemaakt worden en op welk resultaat gestuurd wordt. De activiteiten die de gemeente Sluis subsidieert dragen bij aan de maatschappelijke doelstelling. Op basis van de gemaakte afspraken kunnen organisaties met de uitvoering van de activiteiten starten. Tussentijds en na afloop geven de organisaties informatie over het realiseren van de subsidieafspraken.

4

2. Evaluatie nota subsidiebeleid 2015 Aanleiding voor het herschrijven van een nieuw subsidiebeleid is de vastgestelde visie Krachtig Verbonden. Daarnaast heeft een evaluatie plaatsgevonden wat mede leidt tot een aantal aanpassingen in en het anders vormgeven van het subsidiebeleid. Het huidige beleid schetste op hoofdlijnen de kaders voor subsidies. Hierbij werd niet ingegaan op de hoofdbeleidsdoelen van de gemeente Sluis. In de visie Krachtig Verbonden is opgenomen dat de subsidies gekoppeld moeten zijn aan de vastgestelde beleidsdoelen en het verwezenlijken daarvan. Uit evaluatie is gebleken dat momenteel onduidelijk bestaat op welke criteria subsidies worden toegekend of afgewezen. Hierbij wordt transparantie gemist. Van belang is om in de communicatie van aanvraag tot toekenning het gekoppelde beleidsdoel te benoemen. In het gehele proces kan hierop teruggekomen worden. Daarnaast wordt gevoeld dat er een onevenredige verdeling in de subsidiebudgetten. Dit leidt tot een onevenredige toekenning van subsidiebudgetten passend bij de diverse opgestelde doelstellingen. In het coalitieprogramma en in het visiedocument Krachtig Verbonden is aangegeven dat het in stand houden van een stichting/vereniging/organisatie niet het hoofddoel is waar subsidie voor is bedoeld. Momenteel zijn er situaties waaruit blijkt dat subsidie in zekere mate hiervoor wel wordt ingezet.

Het onderliggende subdoel is hierbij het organiseren van bijvoorbeeld activiteiten voor leefbaarheid. Als gevolg hierop kan blijken dat er minder subsidiebudget over blijft voor activiteiten die bijdragen aan de opgestelde beleidsdoelen. Daarbij geven externen aan dat het voor hen onduidelijk is waarom de ene aanvraag wel wordt toegekend en de andere niet. In de voorliggende kadernota subsidie is als uitgangspunt bij de algemene kaders het criteria samenwerking opgenomen. Als gemeente hechten we waarde aan een samenwerking tussen diverse partijen die activiteiten organiseren met hetzelfde doel. In de subsidieregeling zal dit criterium opgenomen wordt als pré bij het toekennen van subsidies. In het proces is ook gekeken naar de subsidieplafonds. Jaarlijks worden de aanvragen bijgehouden in de verdeelstaat. Uit deze verdeelstaat kan opgemaakt worden of en welke ruimte er nog is voor subsidieaanvragen. Hieruit blijkt dat de subsidieplafonds jaarlijks volledig ingezet worden voor het toekennen van subsidieaanvragen en er nihil budget “over” blijft. Inwoners vinden de weg naar de gemeente. Dit leidt ertoe dat voor subsidies vrij snel gekeken wordt naar een bijdrage vanuit de gemeente, terwijl andere mogelijkheden bestaan. Het gevoel bestaat dat inwoners deze mogelijkheden niet kennen of lastig vinden. De gemeente kan in de communicatie hierin meer aandacht aan besteden.

Dit jaar is gestart met het uitzetten van een herinnering over de aanvraagtermijn van meerjarige subsidies via de website en het ZVA. Het nieuwe mailadres van subsidies wordt gedeeld in brieven en via de website. Op hoofdlijnen is het daarom van belang om in te zetten op: - Transparantie en duidelijkheid van doelstellingen - Helderheid in subsidiecriteria - Vertaling van doelen uit de visie Krachtig Verbonden - Aanpassing van het subsidieproces Een van de subsidievereisten in het subsidiebeleid 2015 was de indiening van subsidies voor 1 november van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar. Uit evaluatie bleek dat de termijn tussen 1 november en 1 januari niet voldoende bleek voor de toetsing van subsidies. Voor het nieuwe subsidiekader wordt deze termijn verschoven naar 1 september. Zo is er meer ruimte om subsidies te toetsen en eventuele ontbrekende gegevens op te vragen.

5

3. Kaders subsidie Om te kunnen bepalen of bestaande of toekomstige subsidieverzoeken voldoende aansluiten bij de beleidsdoelstellingen en/of met inzet van deze subsidies de realisatie van beleidsdoelstellingen het best is gediend, worden deze getoetst aan een aantal kaders. Deze kaders zijn in hoofdstuk 3 en 4 beschreven. Voorafgaand hieraan zal in algemene zin uitleg worden gegeven over subsidies, wettelijke kaders en de vormen van subsidieverstrekking.

3.1 Wat is subsidie De definitie van subsidie is in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) vastgelegd in artikel 4:21, lid 1. Een subsidie is van toepassing als deze voldoet aan een viertal criteria. Deze vier criteria zijn als volgt beschreven3,4: • Het gaat om een aanspraak op financiële middelen. Er is dus geen sprake van subsidie indien er goederen of diensten worden verstrekt; • Deze financiële middelen worden verstrekt door een bestuursorgaan (in de zin van artikel 1:1 Awb). • De financiële middelen worden verstrekt voor bepaalde activiteiten van de aanvrager. De bestedingsrichting moet dus van tevoren duidelijk omschreven zijn. Een vrij te besteden prijs of een uitkering voor levensonderhoud is daarom geen subsidie. • Het mag niet gaan om betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten. De betaling aan de aannemer die het gemeentehuis opknapt is dus geen subsidie. Overheidsuitgaven voor activiteiten kunnen plaatsvinden in de vorm van subsidie of inkoop. De keuze hiervoor hangt af van diverse factoren. Richtinggevend bij de keuze tussen subsidie en inkoop is de handreiking Overheidsopdracht en subsidie van de VNG5.

3.2 Rol gemeenteraad en college bij subsidieproces De gemeenteraad stelt de algemene kaders vast in deze kadernota subsidiebeleid. Daarnaast stelt de raad de juridische kaders vast middels de Algemene subsidieverordening Sluis. De financiële kaders stelt de raad vast middels de jaarlijkse programmabegroting. Tenslotte stelt de raad op diverse beleidsterreinen beleidsnota’s vast. Deze beleidsnota’s vormen de inhoudelijke uitgangspunten voor de subsidieregelingen. Binnen de door de raad vastgestelde (begrotings)kaders, stelt het college de subsidieregeling en de subsidieplafonds vast. De subsidieregeling is de uitwerking van het subsidiebeleid op specifieke beleidsthema’s. Het college kan hiermee sneller (technische) wijzigingen aanbrengen. Dit draagt bij aan flexibiliteit en aanpassingsvermogen van het beleid. Het college heeft een actieve informatieplicht aan de raad en zal hier op hoofdlijnen invulling aan geven.

3.3 Algemene regels op basis van Algemene wet bestuursrecht De Awb bepaalt grotendeels het wettelijk kader van het subsidiebeleid. Voor subsidieverstrekking is altijd een wettelijke grondslag nodig: “Een subsidie wordt slechts verstrekt op basis van een wettelijk voorschrift dat regelt voor welke activiteiten subsidie kan worden verstrekt” (artikel 4:23, lid 1 Awb). Voor gemeenten is dit wettelijk voorschrift een subsidieverordening. De gemeente Sluis verstrekt de meeste subsidies op basis van de ASV Sluis. Voor enkele specifieke onderwerpen zijn aparte subsidieverordeningen vastgesteld. De enige subsidies die buiten deze verordeningen om verstrekt kunnen worden zijn de subsidies genoemd in artikel 4:23, lid 3 Awb. Dat zijn: 1. Subsidies rechtstreeks op grond van een Europees programma; 2. Subsidies in afwachting van een wettelijke regeling, voor maximaal een jaar;

3 Wanneer is er sprake van een subsidie? | VNG

4 Awb - Algemene wet bestuursrecht :: Maxius.nl voorheen Lexius.nl

5 https://vng.nl//files/vng/szm-handreiking_subsidieren_of_inkopen_def.pdf

6

3. Subsidies die met naam van de ontvanger en het maximale subsidiebedrag zijn opgenomen in de Programmabegroting. Deze begrotingssubsidie kan geschikt zijn als er maar één organisatie is die de gewenste activiteiten voor meerdere jaren (en op de gewenste manier) kan uitvoeren; 4. Subsidies in incidentele gevallen, voor ten hoogste vier jaar. Dit betreft subsidie aan een beperkt aantal ontvangers voor min of meer eenmalige activiteiten.

3.4 Algemene subsidieverordening (ASV) Sluis In de ASV Sluis staan de algemene regels voor het verlenen van subsidie. Deze verordening geeft regels voor onder meer de aanvraagtermijn, de gegevens die moeten worden ingediend bij de aanvraag, de weigeringsgronden en bepalingen over de verantwoording van de subsidie. In de nieuwe ASV worden de kaders zoals geformuleerd in hoofdstuk 2 en 3 van deze kadernota verwerkt. Het vaststellen van de ASV Sluis is een bevoegdheid van de raad.

3.5 Uitwerking in subsidieregelingen Voor het verstrekken van subsidie moet de ASV altijd verder worden uitgewerkt in een subsidieregeling. Een subsidieregeling is een gedetailleerde uitwerking van de ASV. Verder kan een subsidieregeling specifieke eisen bevatten die gelden voor de subsidieaanvraag, specifieke weigeringsgronden of verplichtingen voor de aanvrager en de subsidieverantwoording, naast de eisen die al gelden op grond van de ASV. Subsidieregels zijn een vertaling van gemeentelijk beleid in concreet te realiseren resultaten. Ook is het een uitwerking van de regels van de ASV in voorwaarden en criteria. De concrete uitwerking van de beschreven beleidsdoelen uit deze kadernota worden nader uitgewerkt in de subsidieregeling. Het vaststellen van de subsidieregeling is een bevoegdheid van het college van B&W. In een subsidieregeling wordt ten minste vastgelegd wie voor welke activiteiten subsidie kan aanvragen, welk(e) beleidsdoel(en) worden nagestreefd en aan welk maatschappelijk beleidsdoel de subsidie bijdraagt. Verder kan een subsidieregeling specifieke eisen bevatten die gelden voor de subsidieaanvraag, specifieke weigeringsgronden of verplichtingen voor de aanvrager en de subsidieverantwoording, naast de eisen die al gelden op grond van de ASV.

De ASV in combinatie met een subsidieregeling voor bepaalde activiteiten vormt samen een wettelijk voorschrift op basis waarvan de subsidies kunnen worden verstrekt.

3.6 Vormen van subsidies In Nederland worden allerlei benamingen gegeven aan subsidies. Het VNG-model maakt enkel onderscheid tussen jaarlijks en eenmalige subsidies. De juridische betekenis van begrippen als budget- en projectsubsidies is echter beperkt. Als gemeente Sluis maken we binnen de begrippen meerjarige- en eenmalige subsidies onderscheid in activiteiten, budget en projectsubsidies. Meerjarige subsidie. De meerjarige subsidie heeft betrekking op voortdurende activiteiten van een rechtspersoon en wordt bij voorkeur voor meerdere jaren verstrekt. Hieronder vallen: • Budgetsubsidies. Subsidieverstrekking aan (professionele) instellingen gericht op uitvoering van gemeentelijk beleid waarbij de subsidieontvanger de uitvoering ter hand neemt. De uitvoering is uitgewerkt in te behalen doelstellingen en prestaties en kan indien nodig worden vastgelegd in een uitvoeringsovereenkomst. • Activiteitensubsidies: Subsidie voor activiteiten die bijdragen aan de gestelde beleidsdoelen en uitgevoerd worden door rechtspersonen zoals stichtingen en verenigingen. Eenmalige subsidie. Eenmalige subsidies zijn subsidies die voor een eenmalige activiteit van een rechtspersoon of een natuurlijke persoon, waarvoor het college slechts voor een van te voren bepaalde tijd van maximaal 4 jaar subsidie wil verlenen.

Hieronder vallen: • Projectsubsidies Een projectsubsidie is tijdelijk en doelgericht. De subsidie is gericht op een prestatie, activiteit, evenement, product of resultaat, die aansluit op gemeentelijk beleid, die in tijd beperkt is en die inhoudelijk een afgerond resultaat oplevert. • Activiteitensubsidies:

7

Subsidie voor activiteiten die bijdragen aan de gestelde beleidsdoelen en uitgevoerd worden door rechtspersonen zoals stichtingen, verenigingen of natuurlijke personen. In de nota subsidie 2015 werd niet meer gesproken over subsidiesoorten zoals exploitatiesubsidie en waarderingssubsidie, waarmee feitelijk het bestaan van verenigingen of instellingen werd gesubsidieerd. Deze aanpassing wordt in deze kadernota ook aangehouden.

3.7 Directe en indirecte subsidies De gemeente kan organisaties ondersteunen met directe subsidies en indirecte subsidies. Van een indirecte subsidie is sprake bij levering van goederen of diensten van de gemeente aan organisaties en individuen, die niet inbegrepen zijn in een directe subsidie en die niet in rekening wordt gebracht. Hierbij kan gedacht worden aan het verhuren van accommodaties tegen niet kostendekkende tarieven, aan diensten in natura (menskracht) of aan materieel (bijvoorbeeld hekken bij evenementen). De wet maakt het wel mogelijk om af te wijken van de gedragsregels van de Wet Markt en Overheid, maar dan dient dit wel te gebeuren op basis van een raadsbesluit, waarin bepaald is, dat de daarin genoemde activiteiten verricht worden in het algemeen belang

8

4. Algemeen subsidiekader 4.1 Visie Het krijgen van subsidie is geen “recht hebben op zonder meer”, maar een recht dat ontstaat als aan een aantal “harde voorwaarden” wordt voldaan. Subsidie is geen doel op zichzelf, maar een middel om een beleidsdoel te verwezenlijken en op termijn maatschappelijke effecten teweeg te brengen. Met subsidies worden organisaties en burgers gestimuleerd en uitgedaagd zich voor diverse doelgroepen in te zetten en middels het ontwikkelen van activiteiten een bijdrage te leveren aan het realiseren van deze doelen/effecten. Met het verlenen van een subsidie wil een bestuursorgaan bepaalde activiteiten of bepaald gedrag bevorderen, die niet van zelf tot stand zouden komen omdat de kosten hiervoor te hoog zijn. Een subsidie dient het algemeen belang. Om aanspraak te kunnen maken op een subsidie, moet worden voldaan aan voorwaarden. Deze zijn in dit hoofdstuk opgenomen. In de Subsidieregeling gemeente Sluis zullen daarnaast nog een aantal inhoudelijke criteria worden opgenomen die gelden voor specifieke beleidsterreinen.

4.2 Uitgangspunten De gemeente Sluis hanteert de volgende algemene uitgangspunten om voor subsidieverlening in aanmerking te komen. Deze uitgangspunten zijn verdeeld in twee categorieën: wettelijke grondslag en beleidskeuzes. De beleidskeuzes worden in het volgende hoofdstuk uitgewerkt. Per subsidieregeling wordt verder uitgewerkt hoe zwaar deze uitgangspunten meewegen in het verlenen van subsidies. 1. Subsidie gekoppeld aan beleid/ beleidsdoelen gemeente Sluis Subsidies moeten bijdragen aan het realiseren van beleidsdoelen en maatschappelijke effecten teweeg brengen. Meer sturing op resultaat (output) en effecten (outcome) en minder op bedrijfsvoering en inspanningen (input). Subsidies zijn primair gericht op inwoners, ondernemers of andere rechtspersonen van de gemeente Sluis en dienen ten behoeve van hen te worden aangewend. Daarnaast dienen de activiteiten zoveel mogelijk voor alle inwoners/bedrijven toegankelijk te zijn. 2. Subsidie is aanvullend Gemeenten hebben er vooral in het sociale domein veel taken bijgekregen. Centraal uitgangspunt daarbij is ‘eigen kracht voorop’. Dit uitgangspunt willen wij ook toepassen op de subsidieverlening. Daar waar (georganiseerde) burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven zichzelf kunnen redden, heeft de gemeente een terughoudende en faciliterende rol.

Naarmate (georganiseerde) burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven meer in het gedrang komen, zal de gemeente een meer actieve opstelling kennen. Om te houden aan dit uitgangspunt gaan we uit van de 50% regel. Van subsidieontvangers verwachten we een mate van verantwoordelijk voor het verwerven van voldoende eigen middelen. Alleen daar waar nodig of gewenst, stimuleert of ondersteunt de gemeente aanvullend met subsidie. Voorwaarde voor subsidie is een realistische verhouding tussen de verwachte resultaten en de gevraagde gemeentelijke bijdrage. De gemeentelijke bijdrage bij activiteiten- en/of projectsubsidies zal nooit hoger zijn dan 50% van de totale subsidiabele kosten. Activiteiten die door "de markt" worden, gerealiseerd komen niet voor subsidie in aanmerking. Uitzonderingen op deze 50% worden beschreven in de subsidieregeling 3. Wederkerigheid: Met het verstrekken van een subsidie wenst de gemeente een tegenprestatie in activiteiten. Deze activiteiten dragen bij aan het maatschappelijk doel dat de gemeente met haar beleid nastreeft. Het ontvangen van een subsidie is geen vanzelfsprekendheid, daarom spreken wij van ‘wederkerigheid’. 4. Transparantie: Subsidieverstrekking gebeurt in alle openheid. De gemeente en gesubsidieerde organisaties moeten zich kunnen verantwoorden hoe gemeenschapsgeld is ingezet.

Om transparant te kunnen zijn in de keuze van subsidiëren benoemen we dit in de beschikkingsbrief of afwijzingsbrief.

9

5. Alleen activiteiten zijn (deels) subsidiabel: Het subsidiebeleid gaat ervan uit dat alleen activiteiten, die uitvoering geven aan gemeentelijk beleid, subsidiabel zijn. Instellingen of organisaties zijn op zichzelf niet subsidiabel, ook al realiseren we ons dat er zonder organisaties geen activiteiten kunnen bestaan. 6. Meerjarig De gemeente kiest waar dat kan voor meerjarige subsidieverleningen. Dit uitgangspunt biedt zekerheid voor organisaties en beperkt de administratieve lasten. Een meerjarige subsidie heeft betrekking op voortdurende activiteiten van een rechtspersoon en wordt bij voorkeur voor meerdere jaren verstrekt. 7. Klantvriendelijk De gemeente maakt gebruik van haar subsidieloket via subsidies@gemeentesluis.nl. Daarnaast werken we aan een gedigitaliseerde aanvraagprocedure. Hierbij wordt rekening gehouden met de toegankelijkheid. 8. Samenwerking De gemeente Sluis hecht waarde aan een samenwerking tussen diverse partijen die activiteiten organiseren met hetzelfde doel. Deze samenwerking wordt positief gewaardeerd door ondersteuning met subsidie.

4.3 Reikwijdte Het subsidiebeleid en -regeling wordt opgedeeld in vier programma’s. Deze programma’s komen overeen met het vastgestelde visiedocument Krachtig Verbonden. Programma 1: Ruimte en beheer Programma 2: Economie Programma 3: Sociaal Domein Programma 4: Bestuur en Veiligheid De doelen uit het visiedocument en de diverse onderliggende beleidsnota’s worden vertaald in de subsidieregeling gemeente Sluis.

4.4 Subsidieplafonds Het doel van een subsidieplafond is op de eerste plaats bedoeld om openeinderegelingen te voorkomen. Dat wordt bereikt doordat artikel 4:25, tweede lid, van de Awb voorschrijft dat een aanvraag om subsidie moet worden afgewezen als het subsidieplafond is bereikt. Een ‘subsidieplafond’ is het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van een bepaalde met name genoemde subsidie die op basis van een verordening wordt verstrekt (artikel 4:22 van de Awb). Het moet onder vermelding van de naam ‘subsidieplafond’ worden vastgesteld. Een subsidieplafond is dus iets anders dan de vermelding op de begroting dat er voor een bepaald beleidsterrein een bepaald bedrag beschikbaar is voor subsidies. Dat kan wel de basis zijn voor vaststelling van een subsidieplafond.

4.5 Subsidiegrondslagen De subsidiegrondslagen worden door het college in de Subsidieregeling gemeente Sluis vastgesteld. Uitgangspunt hierbij zal zijn dat verenigingen niet automatisch meer subsidie zullen ontvangen, maar dat ze (extra) subsidie kunnen krijgen door activiteiten te organiseren die betrekking hebben op maatschappelijke participatie en/of specifieke doelen.

4.6 Subsidievereisten Bij de subsidiecheck wordt gelet op de volgende subsidievereisten. • •

De subsidieaanvraag moet voldoen aan de Algemene subsidieverordening gemeente Sluis en de gestelde eisen in de beleidsregels; De subsidieaanvraag (voor meerjarige subsidies) moet voor 1 september bij de gemeente ingediend en volledig zijn;

10

• • • • • •

De activiteiten moeten gericht en toegankelijk zijn voor alle (tijdelijke) inwoners van de gemeente Sluis; De activiteiten moeten wezenlijk bijdragen aan het realiseren van één of meer doelstellingen van de gemeente Sluis; De gevraagde subsidie is financieel noodzakelijk voor het uitvoeren van de activiteiten; Er is voldoende financiële ruimte binnen het subsidieplafond en in de vastgestelde gemeentebegroting; De activiteiten mogen niet in strijd zijn met bestaande wet- en regelgeving, het algemeen belang of de openbare orde. Subsidieontvangers dienen in al hun communicatiemiddelen de gemeente Sluis als subsidiegever te vermelden, waar mogelijk met vermelding van het logo

4.7 Subsidieregeling Het vaststellen en monitoren van subsidieregeling zijn een bevoegdheid van het college. Om transparant subsidieaanvragen te kunnen beoordelen zetten we in op een helder subsidieregeling. De criteria en voorwaarden voor subsidieverstrekking worden in de regeling vastgelegd. De specifieke criteria waarop toekenning of afwijzing volgt worden in de regeling nader uitgewerkt. In de uitwerking van de regeling zullen de volgende zaken worden meegenomen: • het doel van de subsidie wordt concreet/smart geformuleerd; • criteria waarop subsidieaanvraag wordt beoordeeld; • het subsidieplafond, de maximale hoogte van de subsidie en hoe de beschikbare subsidie wordt verdeeld over de aanvragers is vastgelegd. Met een subsidieplafond worden openeinde regelingen voorkomen. • een evaluatiebepaling is opgenomen

4.8 Toepassingsduur Het nieuwe subsidiebeleid en beschreven uitgangspunten treden vanaf vaststelling kadernota in werking. Subsidieaanvragen (voor meerjarige subsidies) worden met ingang van 1 september 2022 beoordeeld op het nieuwe beleid. De subsidieaanvragen voor 2022 zijn al in de loop van 2021 ingediend en worden op basis van het bestaande beleid beoordeeld. Op basis van het meerjarige beleid kunnen meerjarige subsidies worden verleend. Na één jaar zal het nieuwe subsidiebeleid worden geëvalueerd middels een enquête naar alle subsidieontvangers. Subsidies kunnen op basis van het meerjarige beleid voor meer jaar beschikt worden. Een subsidieregeling kan in de tussenliggende periode, indien nodig, worden aangepast.

11

5. Beleidsdoelen subsidie Om een koppeling te maken met het visiedocument krachtig verbonden en de doelstellingen daaruit is het van belang om een specifiek kader op te stellen. Overkoepelend: Burgerparticipatie Helderheid voor inwoners en gemeente over werkwijze, verwachtingen, proces en communicatie bij Burgerparticipatie. Aangezien Burgerparticipatie geen statisch begrip is, moet helderheid ook samengaan met een bepaalde mate van flexibiliteit. Burgerparticipatie die bijdraagt aan een betere leefomgeving in brede zin. Daarbij is Burgerparticipatie een middel om dit te bereiken en geen doel op zich. Hierbij is een eenduidige benadering en behandeling van burgerinitiatieven, waarbij de gemeente vanuit haar taak meedenkt over de kansen en (on)mogelijkheden van een initiatief van belang. Per programma worden de doelen, die een relatie hebben met de kadernota subsidie, uit Krachtig Verbonden worden beschreven. Programma 1: Ruimte en beheer Kernenbeleid • Evenwicht in vraag en aanbod van voorzieningen waarbij functioneel, doelmatig, toegankelijk en betaalbaar de kaders zijn. Onze wens is één ontmoetingsplek per kern en in de vijf grootste kernen een clustering van maatschappelijke voorzieningen in een multifunctioneel centrum. Voorzieningen dienen daarbij voor eenieder bereikbaar te zijn.

• We ondersteunen actief de concentratie van voorzieningen, zoals sportaccommodaties, basisscholen, culturele voorzieningen en zorg, in de (vijf) grotere kernen. Voor de overige kernen kan worden volstaan met een ontmoetingsruimte voor algemeen gebruik (een dorpshuis). • Behoud (wat niet automatisch opwaardering betekent) van een goede binnen- en buitensportaccommodatie in de vijf grootste kernen. Deze krijgen ook een functie voor de omliggende kernen. Cultureel Erfgoed • In het algemeen streeft de gemeente naar behoud van het cultureel erfgoed, zowel het gebouwde als het archeologische en het landschappelijke erfgoed. • Behoud, ontwikkeling en exploitatie van erfgoed dat eigendom is van de gemeente. • Faciliteren van behoud, ontwikkeling en exploitatie van erfgoed dat in handen is van particulieren en andere (semi-)overheidsinstanties. Bijzondere aandacht verdienen het religieus erfgoed en de molens, die de uithangborden van de gemeente zijn. • De bestaande subsidieregelingen voor molens en kerken worden gehandhaafd en zo nodig aangepast (zie ook hoofdstuk 7 Werkagenda).. Duurzaamheid en energietransitie • Bij aanbestedingen, prijsvragen en andere soortgelijke procedures wordt duurzaamheid een onderdeel waar (mede) op geselecteerd wordt • Een groter bewustzijn onder burgers over wat de energietransitie inhoudt en wat hun rol, mogelijkheden en uitdagingen daarbij zijn.

Burgers die aan de slag willen met de energietransitie willen we stimuleren en mogelijkheden bieden. Ook willen we dat zij goed op de hoogte zijn van alle (on)mogelijkheden. • Initiatieven voor opwekking van duurzame energie moeten kunnen rekenen op draagvlak van de omwonenden. We vinden het belangrijk omwonenden in een vroeg stadium bij dergelijke ontwikkelingen te betrekken of dat ze deze zelf vormgeven. Natuur en Landschap • Een bijdrage leveren aan de instandhouding en versterking van de biodiversiteit, daar waar de gemeente hierop rechtstreeks invloed kan uitoefenen. Daar waar de gemeente indirect een bijdrage kan leveren, vervult ze een faciliterende rol.

12

•

•

Bewustwording over klimaatverandering en de gevolgen daarvan. Dit geldt voor alle economische sectoren en alle inwoners die daarmee te maken hebben of krijgen. Naast deze bewustwording willen we ook duidelijk inzicht verschaffen in de mogelijkheden die eenieder heeft om op dit punt zelf een bijdrage aan te leveren. Onze inwoners, en met name basisschoolleerlingen, zijn zich bewust van en hebben kennis over de natuur, biodiversiteit, duurzaamheid en afval.

Verkeer/Mobiliteit • Een duurzame oplossing voor de met ontsluiting van de kust samenhangende leefbaarheidsproblemen in Zuidzande, Groede, Boerenhol en Nieuwvliet. • Het kernenbeleid staat een clustering van voorzieningen voor in de vijf grote kernen. Dit kan alleen als er goede verbindingen zijn tussen de overige kernen of leefgebieden en deze vijf. Wanneer voorzieningen ook hier niet aanwezig zijn, zijn er goede verbindingen nodig met andere concentraties van voorzieningen in de omgeving (Knokke, Brugge, Vlissingen, Terneuzen et cetera). • Bereikbaarheid moet afgestemd worden op de clustering van voorzieningen in de vijf grote kernen. De bereikbaarheid van deze vijf, maar ook van plaatsen buiten onze gemeente als Terneuzen, Vlissingen en Brugge moet zo optimaal mogelijk zijn. Programma 2: Economie Arbeidsmarkt • Een innovatieve Zeeuws-Vlaamse regio met carrièrekansen en uitdagingen voor alle werkenden, hoog- of laagopgeleid. Een beter imago van Zeeland en Zeeuws-Vlaanderen als aantrekkelijke regio om te wonen, werken en studeren. Onderwijsketen • De gemeente speelt als intermediair een verbindende rol, zowel tussen onderwijs en bedrijfsleven als tussen scholen onderling. Ook willen we de samenwerking bevorderen tussen onderwijs en sport, cultuur, kinderopvang en (jeugd)zorg en tussen onderwijs en bedrijfsleven.

• Ten aanzien van het beroepsonderwijs zetten we in op kleinschalige onderwijsvoorzieningen in de regio in samenwerking met het bedrijfsleven. Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen/Detailhandel • Uniforme samenwerkingsafspraken met de verschillende ondernemersverenigingen. • Opstellen van een economische agenda waarin de economische opgaven, ontwikkelingen en uitgangspunten in beeld zullen worden gebracht • We nemen een sturende rol om winkelgebieden sterker en compacter te maken. • We maken beter gebruik van het onderscheid tussen de vier winkelkernen en van de specifieke functies die ze vervullen. Het aldus aanbrengen van differentiatie heeft een versterkend effect op het geheel. Landbouw • We stimuleren ontwikkelingen waarbij landbouw wordt gekoppeld aan toeristische functies. Voorbeelden zijn de Foodregio West-Zeeuws-Vlaanderen (samenwerking tussen restauranthouders, streekproducenten en agrariërs met voedsel als verbindend thema) en het integreren van landbouwfuncties in routestructuren. • We faciliteren een goede samenwerking op het gebied van inrichting van het buitengebied tussen alle betrokken partijen, waarbij zowel de aspecten natuur, water, recreatie en landbouw samenkomen. Toerisme • Toerisme is van groot economisch en maatschappelijk belang voor de gemeente Sluis en haar ondernemers en inwoners.

• .Een eenduidige en herkenbare promotie (ieder vertelt hetzelfde verhaal), met aandacht voor de verschillende doelgroepen en kernen. • Het gemeentelijk DNA als uitgangspunt voor promotie, productontwikkeling, evenementen en activiteiten.

13

• •

We stimuleren innovatieve cross-overs tussen gezondheid en toerisme, door uitvoering te geven aan het Stimuleringsprogramma gezondheidstoerisme. We geven uitvoering aan de verdere ontwikkeling van de streek als foodregio, door het stimuleren en faciliteren van initiatieven.

Musea en archeologie (cultuur) • Beter vindbaar maken van het cultureel aanbod. • Een breder cultureel aanbod, gericht op meerdere doelgroepen Media • Een lokale omroep van en voor inwoners. • Behoud van één sterke centrale bibliotheek in Oostburg. Daarnaast is er ruimte voor kleinschalige initiatieven in kleine kernen. Programma 3: Sociaal Domein Samenkracht Sociaal werk • Sluis maakt gebruik van de eigen kracht van inwoners, van vrijwilligers- en welzijnswerk. Het doel is de inzet van inwoners voor hun woon- en leefomgeving te vergroten • Ten aanzien van de mantelzorgondersteuning en –waardering zetten we in op de ontmoeting en lotgenotencontact via subsidie voor wijk- of kerkcentrum en/of via zorgaanbieders; Sociaal culturele accommodaties • Evenwicht in vraag naar en aanbod van voorzieningen, waarbij functioneel/doelmatig, toegankelijk en betaalbaar de kaders zijn. De wens is een ontmoetingsplek per kern en in de vijf grootste kernen een clustering van maatschappelijke voorzieningen in een multifunctioneel centrum. • Behoud van het Ledeltheater in Oostburg. Toegankelijkheid • Iedereen in Sluis - ongeacht leeftijd, sociale klasse of beperking - moet mee kunnen doen in de samenleving. Toegang tot zorg • Preventie en ombuigen van zorg (anders organiseren van zorg, om schaarse middelen en mensen optimaal te benutten).

Inkomensregelingen • Voor mensen met een laag inkomen heeft Sluis een ruimhartig minimabeleid, dat gericht is op meedoen. Zo subsidiëren we maatschappelijke partners als de kledingbank en de voedselbank. Onderwijsondersteuning en leerlingzaken • Het onderwijsachterstandenbeleid richt zich niet alleen op de jongste doelgroep en/of taalachterstanden, maar op alle ontwikkelingsachterstanden en alle leeftijdscategorieën. Hiertoe streven we naar een samenhangend aanbod, voor alle kinderen en jongeren, op het gebied van (passend) onderwijs, sport, cultuur, opvang, jeugdgezondheidszorg, jeugdzorg en armoedebeleid. • Het onderwijs is zich (net als andere voorzieningen) aan het concentreren in de grotere kernen. We streven ernaar dat vanuit iedere kern het basisonderwijs goed bereikbaar is. Als de bereikbaarheid in het geding komt, kan scholierenvervoer een middel zijn, maar ook veilige fietsroutes en/of carpoolen • We bestrijden laaggeletterdheid door: o een kwalitatief educatief aanbod, gericht op het ontwikkelen van basisvaardigheden: taal, rekenen en digitale zelfredzaamheid; • In het kader van het onderwijsachterstandenbeleid subsidiëren we in de kinderopvang en het basisonderwijs ruimer dan alleen de bijdrage voor risicoleerlingen met een (mogelijke) taalachterstand, zodat deze partijen ook voor leerlingen met andere

14

ontwikkelingsachterstanden en/of gedragsproblemen volgprogramma’s kunnen ontwikkelen en zorg kunnen dragen voor een warme overdracht van de kinderopvang naar het primair onderwijs. Zorg en volksgezondheid Volksgezondheid • Vanuit het gedachtengoed van Positieve gezondheid richten we ons op het versterken van de regie van inwoners op hun leven en een integrale aanpak van gezondheidsvraagstukken. • We richten ons als gemeente primair op specifieke doelgroepen, zoals kinderen (met overgewicht), kwetsbare ouderen, chronisch zieken, langdurig werklozen/ uitkeringsgerechtigden en statushouders. • De leefomgeving nodigt uit tot meer bewegen, gezonde leefstijl en ontmoeting. • Inwoners van Zeeuws-Vlaanderen hebben nu en in de toekomst toegang tot de juiste zorg en ondersteuning. • De rol van de gemeente in gezondheidsbevordering is voortaan regisserend en minder uitvoerend. We gaan prestatieafspraken maken met netwerkpartners om onze doelen te halen en doelgroepen te bereiken. Sportbeleid en activering • We versterken de bestaande basis (het aanbod van de verenigingen en de voorzieningen) toekomstgericht, zodat elke inwoner van Sluis een leven lang kan sporten en bewegen. • We stimuleren inwoners, verenigingen en organisaties om drempels weg te nemen voor hen die de weg naar sport en beweegaanbod nog niet of onvoldoende weten te vinden.

• We stimuleren – via subsidies – scholen, (sport)verenigingen, zorgcentra en ondernemers om sport bevorderende activiteiten op te zetten voor specifieke groepen (zoals kwetsbare ouderen, chronisch zieken, statushouders, minima, mensen met een beperking, kinderen met overgewicht). • We stimuleren het gebruik van het strand en de toeristische infrastructuur voor individuele sportbeoefening (door onze eigen inwoners. We spelen hiermee in op de trend van minder teamsporten en georganiseerd sporten naar meer individualistisch sporten. Daarnaast stimuleren wij het organiseren van meerdaagse (nationale en internationale) sportevenementen om het verblijfstoerisme buiten de vakantieperioden te bevorderen Programma 4: Bestuur en Veiligheid De specifieke beleidsdoelen voor bestuur en veiligheid zijn niet opgenomen in de visie Krachtig Verbonden. Uitgangspunt van dit programma is het vastgestelde beleidsplan Openbare orde en Veiligheid. De doelstellingen hieruit worden uitgewerkt in de subsidieregeling.

15

6. Financieel kader In de gemeentebegroting van de gemeente Sluis worden de financiële kaders vastgesteld voor de programmadoelstellingen. Het college is bevoegd om binnen de subsidieplafonds subsidies te verstrekken. Subsidies worden verstrekt met inachtneming van de in de gemeentebegroting opgenomen financiële kaders. Verlening van meerjarige subsidies vindt altijd plaats onder het begrotingsvoorbehoud dat de gemeenteraad de benodigde financiële middelen beschikbaar stelt. De gemeente Sluis maakt onderscheid in vier programma’s. Deze programma’s zijn in het voorliggende hoofdstuk uitgewerkt. Naast de vier programma’s is het overkoepelende doel de Burgerparticipatie. Het thema Burgerparticipatie kan betrekking hebben op alle programma’s • Programma 1: Ruimte en beheer Bevat onder andere: Duurzaamheid • Programma 2: Economie Bevat onder andere: recreatie en toerisme, foodregio • Programma 3: Sociaal Domein • Programma 4: Bestuur en Veiligheid De herziening van het subsidiebeleid is budgettair neutraal. Dit houdt in dat er op hoofdlijnen geen veranderingen zijn in het financiële kader. De onderverdeling van het totale subsidiebudget kan onderling wel veranderen. Deze verdeling wordt nader uitgewerkt in de subsidieregeling naar de diverse subsidieplafonds. De wijze van berekening van het subsidiebedrag wordt uitgewerkt in de subsidieregeling.

Het minimale toe te kennen subsidiebedrag is €500,-. Uitzonderingen hierop worden vastgelegd in de subsidieregeling.

6.3 Subsidiering wettelijke taken. Bij het subsidiëren van wettelijke taken gaat het vrijwel altijd om structurele (meerjarige) subsidies. Deze subsidieaanvragen worden jaarlijks ingediend en toegekend. De bedrijfsvoering van de subsidieontvangers is hierop afgestemd. Bij de wettelijke gesubsidieerde taken is er minder beleidsruimte, dan voor de niet-wettelijke taken. Het subsidiebedrag is vaak gebaseerd op wettelijke voorschriften. Het gesprek tussen subsidieverstrekker en ontvanger richt zich daarbij vooral op wat er kan worden gerealiseerd voor dat subsidiebedrag. De wettelijke taken dienen tegen minimale vereisten te worden uitgevoerd. Gemeentes zijn vrij om zelf te bepalen hoeveel aan – naast het wettelijk vereiste minimum –niet wettelijke taken wordt gesubsidieerd.

7. Werkagenda Bij de grote subsidieontvangers zal het komende jaar getoetst en onderzocht moeten worden in hoeverre enkele subsidies wettelijk verplicht zijn vanuit de gemeente. Daarin wordt ook meegenomen wat het wettelijke bedrag is waar de gemeente aan zal moeten voldoen. Vervolgens zal onderzocht worden of er hierbij meer sprake is van een inkooprelatie t.o.v. een subsidierelatie. De wijziging in verdeling van het huidige subsidiebudget over de vier programma’s heeft gevolgen voor een aantal subsidieontvangers. Conform de Awb (artikel 4.51) wordt er rekening gehouden met een overgangsregeling voor organisaties die als gevolg van het nieuwe beleid mogelijk geen of minder subsidie meer zouden ontvangen, Dit geldt voor de zogenoemde structurele subsidierelaties, dit zijn subsidieontvangers die voor 3 jaar of langer voor dezelfde activiteiten subsidie hebben ontvangen. Dankzij een overgangsregeling worden organisaties in staat gesteld om te kunnen anticiperen op het nieuwe subsidiebeleid. In principe is een overgangsregeling voor maximaal vier jaar. Met desbetreffende organisaties kunnen individuele afspraken worden gemaakt, waarbij rekening wordt gehouden met individuele omstandigheden. Het komende jaar zal middels een communicatieplan ingezet worden op het toelichten van de veranderingen die dit beleidskader met zich mee zal brengen.

De komende jaren staan er diverse beleidsnota’s op de planning die in meer of mindere mate een koppeling kunnen hebben met het voorliggende subsidiebeleid. Enkele van deze onderwerpen zijn de

16

ontwikkelingen rondom de Burgerparticipatie, het huurbeleid, het duurzaamheidsfonds, toerisme en het monumentenfonds. De uitwerking van de uitgangspunten van Burgerparticipatie en de koppeling met de kadernota subsidies volgt. Bij regeling wordt dit nader gespecificeerd op welke manier activiteiten die een relatie hebben met Burgerparticipatie worden gesubsidieerd. Ook zal nader gespecificeerd worden welke voorwaarden hieraan ten grondslag zal liggen. De hoofduitgangspunten zijn benoemd in de voorliggende kadernota. Bij uitzondering blijft de instandhoudingssubsidie molens en kerken buiten de reikwijdte van dit beleidskader. Tot op heden staat deze verordening los van de Algemene Subsidieverordening Sluis. Deze verordening wordt middels een ander traject herzien. De gemeenteraad is bevoegd om de keuze te maken om beide verordeningen (algemene subsidieverordening en verordening instandhoudingssubsidie) op later moment samen te voegen. Het college is daarnaast bevoegd om daaropvolgend in de subsidieregeling aanpassingen in aan te brengen. De ambitie is om te komen tot een integraal subsidiebeleid. Hierbij zullen ook toekomstige beleidsnota’s uitgaan van dit voorliggende subsidiebeleidskader. Bij subsidieregeling zullen specifieke criteria opgenomen worden om subsidies gelinkt aan deze beleidsnota’s te toetsen.

7.1 Vervolgproces De processtappen voor het komende jaar t.a.v. dit beleidskader zijn als volgt: -

April/mei 2022 vaststellen kadernota subsidie Juni/juli 2022 vaststellen algemene subsidieverordening Sluis

Middels deze planning gaan we uit van een ingangsdatum per vaststelling kadernota. De vaststelling van de nieuwe subsidieregeling volgt na de vaststelling van de kadernota en subsidieverordening. Subsidieaanvragen zullen met ingang van 1 september 2022 beoordeeld worden op het nieuwe beleid, de nieuwe subsidieverordening en mogelijk de nieuwe subsidieregeling.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=85dc1417-dd44-40eb-abb6-b60d553024ea