01 - (Boulevard de Wielingen 56) - Ontwerpbestemmingsplan.pdf
Tekst van het document
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
29
Figuur 17: Uitsnede Risicokaart Zeeland 2017
Uit risicoberekeningen van Rijkswaterstaat (2008) blijkt dat het plaatsgebonden risico van 10-6 niet tot de oever reikt. Ook heeft TNO een analyse uitgevoerd met betrekking tot het groepsrisico (2007), waaruit blijkt dat het invloedsgebied zich uitstrekt tot over de oevers. Tussen de appartementen en de
transportroute
liggen
reeds
andere
appartementen.
Het
beperkte
aantal
te
bouwen
appartementen is derhalve niet maatgevend. Externe veiligheid vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Geconcludeerd kan worden dat de bouw van de appartementen en commerciële ruimte niet binnen de plaatsgebonden risicocontour en/of het invloedsgebied van het groepsrisico van een risicovolle activiteit is gelegen. Een verdere uitwerking van de veiligheidsparagraaf is dan ook niet noodzakelijk. 4.5
Milieuhinder
Bij realisering van nieuwe hindergevoelige functies (bijvoorbeeld woningen zoals onderhavige appartementen)
dient
rekening
te
worden
gehouden
met
eventuele
hinderveroorzakende
(bedrijfs)activiteiten in de omgeving. Uitgangspunt daarbij is dat er ter plaatse van hindergevoelige functies sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en dat bedrijven niet in hun bedrijfsvoering worden beperkt. Afstemming van bestaande en nieuwe functies is mogelijk door het aanhouden van zogenaamde richtafstanden. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van de publicatie 'Bedrijven en Milieuzonering' van de VNG (versie, 2009). Bij deze richtafstanden wordt rekening gehouden met milieuaspecten als geur-, stof en geluidhinder. De richtafstanden gelden ten opzichte van een rustige woonwijk. Uit jurisprudentie en de genoemde VNG-publicatie blijkt dat in het geval van een gemengd gebied verkleinde richtafstanden gelden. Het gebouw wordt aan één zijde gerealiseerd tegen een commerciële ruimte welke nog niet concreet is ingevuld. In het geval van een centrumgebied, waar functiemenging wordt nagestreefd is het
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
30
mogelijk om voor categorie A-bedrijven bedrijfsactiviteiten aanpandig aan woningen te kunnen uitvoeren. Bij functiemenging kan gedacht worden aan dorpskernen, stadscentra en gebieden zowel bestaande gebieden met functiemenging als gebieden waar bewust functiemenging wordt nagestreefd. De Boulevard de Wielingen is van oudsher een straat waar functiemenging aanwezig is. De Boulevard de Wielingen is de centrale weg in het toeristische centrum van Cadzand-Bad. De levendigheid in het gebied is altijd aanwezig geweest en wordt ook als zodanig nagestreefd. Gelet op de functie van dit deel van Boulevard de Wielingen als een gemengd gebied, zijn vormen van detailhandel, lichte horeca en dienstverlening zeer wel mogelijk. De invulling van een commerciële ruimte op de begane grond is passend en past ook bij de reeds omliggende activiteiten, zoals de naastgelegen makelaarskantoor op nummer 54, detailhandel op nummer 52 en multifunctionele ruimte op nummer 57A. Ter plaatse van het appartementencomplex zal geen onacceptabele milieuhinder ontstaan. 4.6
Mer-beoordeling
Op 7 juli 2017 is het gewijzigde Besluit m.e.r. in werking getreden. Indien een bestemmingsplan een ontwikkeling mogelijk maakt die in de D-lijst van het Besluit m.e.r. is opgenomen, maar onder de daarin genoemde drempelwaarde blijft, is een vormvrije m.e.r. beoordeling benodigd. Voor bestemmingsplannen die ontwikkelingen mogelijk maken die onder de drempelwaarde van de activiteiten in de D-lijst vallen en waarvan het bestemmingsplan als besluit in kolom 4 is genoemd (zoals bij D11.2 stedelijk ontwikkelingsproject), dient getoetst te worden aan de criteria uit bijlage 111 bij de Europese richtlijn 'betreffende de milieubeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten'. De hoofdcriteria bestaan uit: •
de kenmerken van het project;
•
de plaats van het project;
•
de kenmerken van de potentiële effecten.
Daarbij dient onderzocht te worden of er sprake is van cumulatie met (milieueffecten van) andere ontwikkelingen in de omgeving, het risico op zware ongevallen en/of rampen en er dient nu ook ingegaan te worden op maatregelen die genomen worden om de effecten doeltreffend te verminderen. Waar mogelijk dienen deze maatregelen in het bestemmingsplan geborgd te zijn. Het initiatief omvat de realisatie van 8 recreatieappartementen. In het Besluit m.e.r. is geen ondergrens opgenomen, maar er moet wel sprake zijn van een stedelijk ontwikkelingsproject. Ook daarvan is geen definitie beschikbaar. Dit is afhankelijk van de ruimtelijke impact die het plan heeft ten opzichte van de omgeving. Gezien de ruimtelijke impact van de realisatie van 8 appartementen is een aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r. –beoordeling ingediend en beoordeeld. Op basis van deze vormvrije m.e.r. en de toelichting heeft het bevoegd gezag besloten dat de ontwikkeling niet planmerplichtig is. 5.
Waterparagraaf
5.1
Watertabel
Sinds 1 november 2003 is de zogenaamde Watertoets verplicht. Dat wil zeggen dat in elk ruimtelijk plan gemotiveerd moet worden aangegeven hoe met het water in het gebied wordt omgegaan en wat de ruimtelijke veranderingen voor het water betekenen. Aangaande de aspecten omtrent water zal een watertoets worden opgesteld en worden toegezonden aan Waterschap Scheldestromen.
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
31
Thema en water(beheer)doelstelling
Uitwerking Het plan is gelegen buiten het ‘kustfundament’ en
Veiligheid waterkeringen Waarborgen
van
het
de beschermingszone A van de primaire
veiligheidsniveau
en
waterkering. Het plan ligt wel binnen de
rekening houden met de daarvoor benodigde
beschermingszone B. Omdat het gaat om het
ruimte.
bouwen van een appartementengebouw zonder kelder is er geen watervergunning benodigd.
Voorkomen overlast door oppervlaktewater Het plan biedt voldoende ruimte voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water. Waarborgen van voldoende bouwpeil om overstroming vanuit oppervlaktewater in maatgevende Rekening
situaties
houden
met
te
voorkomen.
de
gevolgen
van
klimaatverandering en de kans op extreme weersituaties.
Voorkomen
overlast
door
hemel-
optimale
werking
Het plan omvat de bouw van een appartementencomplex op de locatie waar nu een woning met bijgebouwen is gelegen. Het huidige bebouwd oppervlak bedraagt 129,2 m2. Het nieuwe gebouw heeft een oppervlak van 268,8 m2. Voor 139,6x0,075=10,47 m3 dient waterberging gecompenseerd te worden. In overleg met gemeente en Waterschap is besloten deze 10,47 m3 te compenseren door een bedrag over te maken in de ‘Voorziening waterberging gemeente Sluis’. Dit bedrag wordt vastgelegd in de bijbehorende anterieure overeenkomst.
en
afvalwater Waarborgen
van
de
zuiveringen/ RWZI’s en van de (gemeentelijke) rioleringen. Afkoppelen
van
(schone)
verharde
oppervlakken in verband met de reductie van
Vuilwater wordt aangesloten op de riolering. Schoon hemelwater van het dak zal gescheiden worden afgevoerd.
hydraulische belasting van de RWZI, het transportsysteem
en
het
beperken
van
overstorten.
Thema en water(beheer)doelstelling
Uitwerking
Grondwaterkwantiteit en verdroging Voorkomen
en
tegengaan
van
grondwateroverlast en
-tekort.
Rekening
houdend
met
de
Beschermen
van
gevolgen van
klimaatverandering.
infiltratiegebieden en –mogelijkheden.
Grondwaterkwaliteit Behoud
of
realisatie
van
grondwaterkwaliteit.
een
Denk
goede aan
grondwaterbeschermingsgebieden.
Oppervlaktewaterkwaliteit Behoud
of
realisatie
De locatie is niet gelegen in een bufferzone rondom een natuurgebied. Er wordt geen grondwater onttrokken en er is geen
sprake
plangebied
van
wordt
grondwateroverlast. gekenmerkt
door
Het
geringe
infiltratiemogelijkheden.
Tijdens de bouw worden geen uitlogende materialen gebruikt. De kwaliteit van het grondwater zal hierdoor niet afnemen. Tijdens de bouw worden geen uitlogende materialen
van
goede
oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de
gebruikt. De kwaliteit van het oppervlaktewater zal hierdoor niet afnemen.
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
32
veerkracht van het watersysteem. Toepassing van
de
trits
schoonhouden,
scheiden,
zuiveren.
Volksgezondheid Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten
Er wordt geen extra voorziening of ‘open water’
en
van
gerealiseerd waardoor geen extra risico’s kunnen
de
ontstaan.
plagen.
Voorkomen
verdrinkingsgevaar/-risico’s
via
o.a.
daarvoor benodigde ruimte.
Bodemdaling Voorkomen
van
maaiveldsdalingen
maatregelen in
die
(extra)
zettinggevoelige
Het
plangebied
is
aangeduid
als
matig
zettingsgevoelig gebied.
gebieden kunnen veroorzaken.
Natte natuur Ontwikkeling/bescherming gevarieerde
en
van
natuurlijk
een
rijke
karakteristieke
In de directe omgeving is geen bestemming met de functie natte natuur.
aquatische natuur.
Onderhoud oppervlaktewater Oppervlaktewater
moet
adequaat
onderhouden worden. Rekening houden met obstakelvrije
Er zijn geen waterlopen in de omgeving aanwezig.
onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande (hout)beplanting.
Andere belangen waterbeheer Relatie met eigendom waterbeheerder Ruimtelijke werking
ontwikkelingen van
objecten
mogen
de
(terreinen,
milieuzonering)
De locatie is niet gelegen in de directe omgeving van objecten van de waterbeheerder.
van de waterbeheerder niet belemmeren. Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing) 1. in de bouwfase: Vinden er transporten (grond/bouwmaterialen) plaats over waterschapswegen? 2 na realisatie: verkeersaantrekkende werking Veroorzaakt uw plan structureel extra verkeer? 3 na realisatie: bereikbaarheid Omschrijf hoe motorvoertuigen, fietsers en voetgangers uw plan kunnen bereiken. Worden er hiervoor uitwegen gewijzigd of nieuw aangelegd? 4 na realisatie: parkeren Wordt er op uw eigen terrein geparkeerd? 5 na realisatie: (ver)bouwen Bent u voornemens om binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk te (ver)bouwen? (zoals een woning of afscheiding (gefundeerd).
1. Nee, bouwmaterialen worden aangevoerd via de
Boulevard
de
Wielingen
dit
is
een
gemeenteweg. 2.Ja, zie paragraaf 3.4. 3.De bereikbaarheid blijft ongewijzigd. 4.Ja er wordt op eigen terrein geparkeerd. De parkeerplaatsen zijn aangegeven op tekening. 5.Nee er wordt niet binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk gerealiseerd.
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
33
6.
Juridisch
6.1
Algemeen
Het bestemmingsplan kan, afhankelijk van het gevoerde beleid van de gemeente, een meer of minder globaal karakter dragen. Met voorliggend bestemmingsplan wordt een planologisch-juridische regeling gegeven. Voor de gronden van het plangebied is aansluiting gezocht bij de bestaande regelingen binnen Cadzand-Bad en de daaruit voortvloeiende bebouwingsregels. De regels sluiten verder aan bij de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP) 2012. 6.2
Verbeelding
Het gehele plangebied krijgt de bestemming ‘Gemengd’. Binnen deze bestemming zijn maximaal 8 recreatieappartementen toegestaan. Op de begane grond is het mogelijk detailhandel uit te oefenen. Tevens zijn bovengrondse parkeervoorzieningen binnen het plangebied mogelijk evenals bij de deze functies
behorende
voorzieningen
zoals
ontsluitingswegen,
parkeervoorzieningen,
andere
terreinverhardingen, groen en water, waterberging en overige voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding. 6.3
Regels
Inleidende regels (hoofdstuk 1, artikel 1 en 2) Hoofdstuk 1 bestaat uit begripsbepalingen en de wijze van meten. Voor de begripsbepalingen is waar mogelijk gebruik gemaakt van de standaardbepalingen uit de SVBP2012. In dit artikel worden de begrippen gedefinieerd die van het 'normale' spraakgebruik afwijken of een specifiek juridische betekenis hebben. Bij de toetsing aan het bestemmingsplan zal moeten worden uitgegaan van de in dit artikel aan de betreffende begrippen toegekende betekenis. In de wijze van meten is aangegeven hoe hoogte- en andere maten die bij het bouwen in acht moeten worden genomen, dienen te worden gemeten. Hoofdbestemming Gemengd (hoofdstuk 2, artikel 3) Het plangebied wordt voorzien van de bestemming ‘Gemengd’. Binnen de bestemming Gemengd worden recreatieappartementen mogelijk gemaakt in de categorieën ‘deeltijdwonen’ en ‘verplichte verhuur’ (zie paragraaf 2.2). Het aantal appartementen is gemaximeerd op 8 en ook per categorie zijn maxima opgenomen. Algemene regels (hoofdstuk 3, artikel 4 tot en met 8) In dit hoofdstuk zijn algemene regels opgenomen. Artikel 4 bevat een algemene regeling waarbij duidelijk wordt gemaakt dat wet- en regelgeving waar in deze regels naar wordt verwezen, worden in het kader van dit bestemmingsplan aangewend zoals deze luidden op het tijdstip van ter inzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan.
Artikel 5 bevat een algemene regeling waarmee kan worden voorkomen dat er in feite meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogt, bijvoorbeeld ingeval (onderdelen van) percelen van eigenaar wisselen. Deze bepaling is conform artikel 3.2.4 van het Bro in het bestemmingsplan opgenomen. Artikel 6 bevat algemene bouwregels, artikel 7 algemene afwijkingsregels en artikel 8 algemene wijzigingsregels. Overgangs- en slotbepalingen (hoofdstuk 4, artikel 9 en 10) In dit hoofdstuk is het overgangsrecht ten aanzien van het gebruik en het bouwen in strijd met het bestemmingsplan geregeld. In lid 1 van artikel 9 is de in artikel 3.2.1 Bro voorgeschreven bepaling omtrent het overgangsrecht voor bouwwerken opgenomen. In lid 2 is de in artikel 3.2.2 Bro voorgeschreven bepaling omtrent het overgangsrecht voor gebruik opgenomen. Van de mogelijkheid die artikel 3.2.3 Bro biedt om hieraan een persoonsgebonden overgangsrecht te koppelen, is geen
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
34
gebruik gemaakt. Artikel 10 geeft ten slotte aan dat dit bestemmingsplan kan worden aangehaald als “Bestemmingsplan Boulevard de Wielingen 56”.
7.
Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid
7.1
Inleiding
In dit hoofdstuk wordt de economische uitvoerbaarheid beschreven. Er wordt nader ingegaan op de grondexploitatie en de koppeling met het exploitatieplan.
7.2
Economische uitvoerbaarheid
Toetsingskader De Wet ruimtelijke ordening maakt het vaststellen van een exploitatieplan verplicht voor een aantal bouwactiviteiten wanneer de bouw planologisch mogelijk wordt gemaakt in een bestemmingsplan, een wijziging van een bestemmingsplan of een projectafwijkingsbesluit. De bouwplannen waarbij een exploitatieplan verplicht is staan in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Dit betreft onder meer plannen voor de bouw van één of meer woningen en de bouw van één of meer andere hoofdgebouwen. Bovendien is een exploitatieplan nodig als locatie-eisen (aan openbare ruimte of woningcategorieën) gesteld moeten worden en/of het bepalen van een tijdvak of fasering noodzakelijk is. Geen exploitatieplan is nodig indien het verhaal van de kosten van grondexploitatie anderszins verzekerd is en er geen fasering of tijdvak behoeft te worden vastgelegd én geen locatie-eisen (aan openbare ruimte of woningbouwcategorieën) hoeven te worden vastgesteld. Conclusie De ontwikkeling van het appartementengebouw boven commerciële ruimten zal worden vastgelegd in een anterieure overeenkomst waarin de ontwikkeling en mogelijke planschade wordt opgenomen. De volledige ontwikkeling en de bijbehorende kosten daarvan zijn voor rekening van initiatiefnemer. In de anterieure overeenkomst wordt tevens de bovenplanse bijdrage voor het Investeringsfonds Cadzand-Bad opgenomen. 8.
Maatschappelijke haalbaarheid
8.1
Procedure
Het concept ontwerpbestemmingsplan is in het kader van het wettelijk verplichte vooroverleg toegezonden aan de provincie en het waterschap. De reacties zijn verwerkt in het voorliggende ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan, overeenkomstig de wettelijke procedure in de Wet ruimtelijke ordening, zal gedurende zes weken ter visie worden gelegd. Gedurende deze termijn is het mogelijk zienswijzen in te dienen. Waar nodig wordt naar aanleiding van de zienswijzen het ontwerpbestemmingsplan aangepast. Het ontwerpbestemmingsplan zal vervolgens worden voorgelegd en vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Sluis. De omgevingsvergunning bouw wordt verleend door het college van burgemeester en wethouders. Zowel het vastgestelde bestemmingsplan als de verleende omgevingsvergunning worden wederom gezamenlijk ter inzage gelegd voor de beroepsprocedure. De termijn van beroep bedraagt 6 weken en binnen deze zes weken kan tegen het vastgestelde bestemmingsplan of verleende omgevingsvergunning of beide beroep worden aangetekend bij de Raad van State.
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
35
8.2
Conclusie
Het planvoornemen zal gezien het bovenstaande niet leiden tot overwegende planologische bezwaren. De bestemmingswijziging betekent, na afweging van de verschillende belangen, een aanvaardbare invulling van het plangebied.
Toelichting Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
36
Regels
bestemmingsplan “Boulevard de Wielingen 56”
Planstatus:
ontwerp
Versiedatum:
21-09-2022
Vaststellingsdatum: Plan identificatie:
NL.IMRO.1714.bpbouldewiel56cdz-ON01
Auteur:
Adromi
Adromi B.V.
Pagina 1 van 11
Inhoudsopgave 1 Inleidende regels ............................................................................................................................. 3 Artikel 1 Begrippen .............................................................................................................................. 3 Artikel 2 Wijze van meten .................................................................................................................... 6 2 Bestemmingsregels ......................................................................................................................... 7 Artikel 3 Gemengd ............................................................................................................................... 7 3 Algemene regels.............................................................................................................................10 Artikel 4 Overige regels ...................................................................................................................... 10 Artikel 5 Anti-dubbeltelregel.............................................................................................................. 10 Artikel 6 Algemene afwijkingsregels ..................................................................................................
10 4 Overgangs- en slotregels ................................................................................................................11 Artikel 7 Overgangsrecht ................................................................................................................... 11 Artikel 8 Slotregel .............................................................................................................................. 11
Adromi B.V.
Pagina 2 van 11
1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen 1.1 Het plan het bestemmingsplan Boulevard de Wielingen 56 van de Gemeente Sluis. 1.2 Het bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.1714.bpbouldewiel56cdz-ON01 met de bijbehorende regels en bijlagen. 1.3 Aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4 Aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5 Antenne - installatie installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie. 1.6 Appartementen boven dan wel beneden of naast elkaar gesitueerde woningen in één gebouw waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid, al dan niet direct vanaf het voetgangersniveau, gewaarborgd is. 1.7 Bebouwing een of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.8 Bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak. 1.9 Bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.10 Bijgebouw een vrijstaand gebouw dat in functioneel en bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw.
1.11 Bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een standplaats. 1.12 Bouwgrens de grens van een bouwvlak.
Adromi B.V.
Pagina 3 van 11
1.13 Bouwlaag een doorlopend gedeelte van een gebouw dat is begrensd door op (nagenoeg) gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen en dat zodanige afmetingen en vormen heeft dat dit gedeelte zonder ingrijpende voorzieningen voor verblijfsfuncties geschikt of geschikt te maken is. 1.14 Bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.15 Bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.16 Bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.17 Brutovloeroppervlakte de totale vloeroppervlakte van een kantoor, winkel of bedrijf met inbegrip van de daartoe behorende magazijnen en overige dienstruimten. 1.18 Detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf. 1.19 Dienstverlening het bedrijfsmatig aanbieden, verkopen en/of leveren van diensten aan personen, zoals kapsalons, pedicures en makelaars.
1.20 Gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.21 Hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn aard, functie, constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. 1.22 Kap een afdekking van een gebouw met één of meer schuine zijden waarvan de hellingshoek ten minste 26 graden bedraagt. 1.23 NEN door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm, zoals deze luidde op het moment van vaststelling van het plan.
Adromi B.V.
Pagina 4 van 11
1.24 Nutsvoorzieningen voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling, apparatuur voor telecommunicatie en reinwaterkelders. 1.25 Overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak. 1.26 Peil a. voor gebouwen, waarvan de hoofdtoegang direct aan een weg grenst: de hoogte van die weg (ter plaatse van de hoofdtoegang); b. in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld; c. voor gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, in het water: NAP. 1.27 Recreatief verblijven het door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar tijdelijk te verblijven. 1.28 Seksinrichting een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte, waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden.
Onder een seksinrichting wordt in ieder elk geval verstaan: een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.29 Souterrain een gebruiksruimte in een gebouw, welke ruimte voor andere doeleinden dan wonen wordt gebruikt en zich gedeeltelijk ondergronds bevindt. 1.30 Verblijfsrecreatie het recreatief nachtverblijf door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar. 1.31 Voorgevelrooilijn de lijn gelegen: a. evenwijdig aan de weg en in het verlengde van de dichtst bij de weg gelegen gevel van een (bedrijfs)woning; b. dan wel (indien deze gevel niet evenwijdig is aan de weg): evenwijdig aan de weg door het dichtst bij de weg gelegen hoekpunt van gevels van een (bedrijfs)woning. 1.32 Woning een gebouw of een gedeelte van een gebouw geschikt en bestemd voor de zelfstandige huisvesting van niet meer dan één huishouden.
Adromi B.V.
Pagina 5 van 11
Artikel 2 Wijze van meten Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 Afstand de afstand tussen bouwwerken onderling alsmede afstanden van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstanden het kleinst zijn. 2.2 Bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.3 Breedte, lengte en diepte van een bouwwerk tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels en het hart van de scheidsmuren. 2.4 Goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot/de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.5 Inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.6 Oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.7 Vloeroppervlakte de gebruiksvloeroppervlakte volgens NEN 2580.
Adromi B.V.
Pagina 6 van 11
2 Bestemmingsregels Artikel 3 Gemengd 3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.
appartementen voor verblijfsrecreatie; detailhandel; Dienstverlening en kantoorfuncties; gebouwde parkeervoorzieningen; bij deze functies behorende voorzieningen zoals ontsluitingswegen, parkeervoorzieningen, andere terreinverhardingen, groen en water, waterberging en overige voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding.
3.2 Bouwregels Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels: 3.2.1 Gebouwen Voor de bouw van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d. e.
f.
gebouwen dienen in een bouwvlak te worden opgericht; er mogen maximaal 8 appartementen worden gebouwd; de maximaal toegelaten goothoogte bedraagt 14 meter; de maximaal toegelaten nokhoogte bedraagt 17 meter; het bepaalde onder a is niet van toepassing op de bouw van stallingsgarages, voor zover gelegen onder peil en evenmin op de bouw van toegangen naar garages, ook voor zover gelegen boven peil. in afwijking van het bepaalde onder d mag de maximaal toegelaten nokhoogte worden overschreden tot een hoogte van 18 meter door: 1. façadegevels en daarmee vergelijkbare doorlopende dakvlakken.
3.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor de bouw van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d.
de bouwhoogte van straatverlichting bedraagt ten hoogste 5 m; de bouwhoogte van een vlaggenmast bedraagt ten hoogste 10 m; de bouwhoogte van erfafscheidingen bedraagt ten hoogste 1 m; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 m.
3.2.3 Ondergronds bouwen a. op deze gronden mag tot 5,50 meter beneden het peil worden gebouwd; b. het bepaalde onder a stelt geen beperkingen aan de bouw van fundaties.
Adromi B.V.
Pagina 7 van 11
3.2.4 Dakkapellen Bij de bouw van dakkapellen gelden de volgende regels. a. de zijkant dient meer dan 0,5 meter van de gebouwscheidende muur of van de zijkant van het dakvlak te zijn gelegen; b. een dakkapel mag niet worden voorzien van een platte afdekking; c. de voet van de dakkapel mag tevens zijn gelegen in een gevelvlak en/of het gevelvlak van een erker; d. een dakkapel mag onderdeel zijn van een hoogteaccent; e. de in lid a genoemde maten worden horizontaal en verticaal gemeten (dus niet langs de dakhelling). 3.2.5 Bovenafwerking van gebouwen 3.2.5.1 Afdekking met kap Indien gebouwen of overkappingen worden afgedekt met een kap gelden de volgende regels. a. voor de zijden van een bouwwerk welke gesitueerd zijn richting een openbare weg, dient een kap in ieder geval te worden voorzien van een schuine zijde. 3.2.5.2 Afdekking zonder kap In geval een gebouw of een gedeelte van een gebouw niet wordt voorzien van een kap, dan worden de volgende bouwregels in acht genomen: a. de maximum toegelaten bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 2 meter boven de maximum toegelaten bouwhoogte, voor zover het voorzieningen betreft in de vorm van een valbeveiliging, een doorlopende gevel of een boeibord, noodzakelijk voor de veiligheid, een goede afwerking of afwatering van het gebouw of voor (afscherming van) de voorzieningen en installaties op het dak.
3.2.5.3 Bij de bouw van dakkapellen gelden de volgende regels a. de zijkant dient meer dan 0,5 meter van de gebouwscheidende muur of van de zijkant van het dakvlak te zijn gelegen; b. een dakkapel mag niet worden voorzien van een platte afdekking; c. de voet van de dakkapel mag tevens zijn gelegen in een gevelvlak en/of het gevelvlak van een erker; d. een dakkapel mag onderdeel zijn van een hoogteaccent; e. de in lid a genoemde maten worden horizontaal en verticaal gemeten (dus niet langs de dakhelling). 3.3 Specifieke gebruiksregels 3.3.1 Algemeen Met betrekking tot het gebruik gelden de volgende regels:
Adromi B.V.
Pagina 8 van 11
a. het bruto vloeroppervlak aan detailhandel, kantoor en dienstverlening bedraagt ten hoogste 72,5 m²; b. detailhandel en kantoor/dienstverlening zijn uitsluitend toegelaten op de begane grond en daaronder gelegen bouwlagen; c. het totaal aantal appartementen voor verblijfsrecreatie bedraagt maximaal 8; d. permanente bewoning van appartementen voor verblijfsrecreatie is niet toegestaan; e. het aanbieden van faciliteiten voor verblijfsrecreatie is zonder centraal bedrijfsmatige exploitatie niet toegestaan; f. het gebruik van de gronden als seksinrichting is niet toegestaan; g. de opslag van materialen en goederen buiten gebouwen, overkappingen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is niet toegestaan. 3.3.2 Parkeren Ten behoeve van deze bestemming dient te allen tijde binnen het plangebied te worden voorzien in beschikbare parkeerruimte, waarbij de volgende regels gelden: a. het aantal parkeerplaatsen voor personenwagens bedraagt ten minste 9; b. het aantal parkeerplaatsen voor fietsen bedraagt ten minste 12.
Adromi B.V.
Pagina 9 van 11
3 Algemene regels Artikel 4 Overige regels Alle wet- en regelgeving waar in deze regels naar wordt verwezen, worden in het kader van dit bestemmingsplan aangewend zoals deze luidden op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp van dit bestemmingsplan.
Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Gronden die in aanmerking zijn genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 6 Algemene afwijkingsregels Tenzij op grond van hoofdstuk 2 reeds afwijking mogelijk is, kan van dit plan bij omgevingsvergunning worden afgeweken, met in achtneming van de volgende bepalingen: a. afwijkingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10%; b. de bevoegdheid tot afwijken wordt niet gebruikt, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
Adromi B.V.
Pagina 10 van 11
4 Overgangs- en slotregels Artikel 7 Overgangsrecht 7.1 Overgangsrecht bouwwerken a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een bouwvergunning, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de bouwvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan. b. eenmalig kan in afwijking van sub a een omgevingsvergunning worden verleend voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%; c. het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsregel van dat plan. 7.2 Overgangsrecht gebruik a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b.
het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, zoals bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, zoals bedoeld onder a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan.
Artikel 8 Slotregel Deze regels worden aangehaald onder de naam 'Regels van het bestemmingsplan Boulevard de Wielingen 56' van de gemeente Sluis.
Adromi B.V.
Pagina 11 van 11
Plangebied Boulevard de Wielingen 56
Enkelbestemmingen GD
Gemengd
Bouwvlakken bouwvlak
GD
Bestemmingsplan:
Schaal:
Datum:
Boulevard de Wielingen 56, Cadzand-Bad
1:200
17-03-2020
Formaat:
Versie:
A4
1
Gemeente:
Sluis IMRO code:
Planstatus:
NL.IMRO.1714.BlvrdWielingen56-ON01
Ontwerp
ADROMI GROEP
BIJLAGE 1 AERIUS Nota van uitgangspunten
Postadres: Boxmeerseweg 9 5835 AB Beugen
+316 14 85 24 54 info@derks-advies.nl www.derks-advies.nl
kvk 74263552 NL16RABO0322772796 btw NL859829893B01
‘Zilt aan Zee’ Boulevard de Wielingen 56 4506 JL Cadzand-Bad
Titel : Bijlage 1 Nota van uitgangspunten AERIUS calculator Versie : 1.2 Datum : 24 maart 2022
Pagina 2 van 14
Inhoud 1.
Gegevens inrichting ..................................................................................................................... 4 1.1
Opdrachtgever ...................................................................................................................... 4
1.2
Vestigingsadres bedrijf ......................................................................................................... 4
2.
Gegevens locatie .......................................................................................................................... 4
3.
Gegevens verandering ................................................................................................................. 4
4.
Bouwvrijstelling............................................................................................................................. 5
5.
Emissies na ingebruikname ......................................................................................................... 5 5.1
6.
Transport naar de projectlocatie (verkeer en vervoer) ...................................................... 5
Conclusie en afweging................................................................................................................. 6
BIJLAGE: AERIUS-bestand gebruiksfase ............................................................................................. 7
Pagina 3 van 14
1. Gegevens inrichting 1.1
Opdrachtgever
Handelsnaam
: Verhage-Lemahieu B.V.
Adres
: Rondweg 1
Postcode
: 4524 JL
Telefoon
: 0117 – 760 160
1.2
Plaats:
Sluis Mail:
bram@verhage-lemahieu.nl
Vestigingsadres bedrijf
Statutaire naam
: Bakkershuys Beheer B.V.
Adres
: Boulevard de Wielingen 56
Postcode
: 4506 JL
Plaats:
Kadastrale ligging : Oostburg
Cadzand-Bad Sectie:
EC
Nr(s):
214
2. Gegevens locatie Voor een bestemmingsplan en de bouw van een appartementencomplex met een commerciële plint binnen de Gemeente Sluis dienen de effecten van de bouw en het gebruik op de locatie in relatie tot het plan/project te worden onderzocht. Hiervoor is onder andere een onderzoek naar de stikstofdepositie in de omliggende Natura 2000-gebieden nodig. In deze nota zijn de uitgangspunten en resultaten van de berekeningen van de stikstofdepositie met AERIUS Calculator vastgelegd. Het betreft hier een bouwlocatie aan de Boulevard de Wielingen 56 te Cadzand-Bad in de bebouwde kom, waar de bouw van 8 appartementen zijn gepland bovenop een commerciële plint tussen een bestaand appartementencomplex aan de Boulevard de Wielingen 54 met 11 appartementen en een commerciële plint (Le Normandy) en een in aanbouw zijnde appartementencomplex met commerciële ruimte (Lichthuys) aan de Boulevard de Wielingen 57a. Dit betekent dat de locatie zowel tijdens de bouwfase als na ingebruikname in potentie emissies van NOx kan veroorzaken op omliggende beschermde Natura2000 gebieden.
3. Gegevens verandering Het betreft een locatie waar woningbouw (8 appartementen) wordt gerealiseerd en een commerciële ruimte. De begane grond biedt ruimte voor detailhandel (bakkerij) van 114 m2 bvo, een entree voor de winkel, een inkomhal voor de appartementen, fietsenberging en kantoor. De verwachte bouwtijd bedraagt 18 maanden in totaal en er zullen dagelijks maximaal 3 busjes per dag komen. Bij de fundering en de verschillende dekken leggen zal een kraan een halve dag aanwezig zijn gedurende 4 uur en gemiddeld komt elke week een vrachtwagen materiaal lossen of een container ophalen. Uitgaande van een gemiddelde laad- en lostijd van ongeveer driekwart uur zal gedurende de 18 maanden er 30 uur een vrachtwagen op terrein stationair of met een lage snelheid mobiel over het terrein rijden (op jaarbasis 20 uur). Op de Pagina 4 van 14
locatie zelf zijn verder behalve de kraan en vrachtwagens geen stikstof veroorzakende activiteiten.
4. Bouwvrijstelling Sinds 1 juli 2021 is de Wet natuurbescherming gewijzigd. Hierin is in artikel 2.9a een partiële vrijstelling opgenomen voor bouwen en slopen van een bouwwerk en voor het aanleggen, veranderen en verwijderen van een werk. Hiermee wordt voor deze activiteit de vergunningplicht uit artikel 2.7, tweede lid uitgezonderd. voor de gevolgen van stikstofdepositie door in het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering activiteiten in de bouwsector aan te wijzen. Dit besluit wijzigt het Besluit natuurbescherming door daarin een nieuw artikel 2.5 op te nemen: "Als activiteiten van de bouwsector als bedoeld in artikel 2.9a van de wet worden aangewezen: 1. het verrichten van een bouwactiviteit of een sloopactiviteit die het feitelijk verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden aan een bouwwerk betreft, met inbegrip van de daarmee samenhangende vervoersbewegingen; 2. het aanleggen, veranderen of verwijderen van een werk, met inbegrip van de daarmee samenhangende vervoersbewegingen." 3.
het aanleggen, veranderen of verwijderen van een werk, met inbegrip van de daarmee samenhangende vervoersbewegingen." De partiële vrijstelling omvat de vervoersbewegingen die samenhangen met de werkzaamheden, zoals aan- en afvoer van bouwmaterialen en bouw- en sloopafval, transport van werknemers en werktuigen van en naar de bouwplaats, de emissies van werktuigen op de bouwplaats (aggregaten, bouwmachines, mobiele puinbrekers, baggerwerk- of baggervaartuigen et cetera) en eventuele tijdelijke omrij- en omvaar-effecten als gevolg van de werkzaamheden. De vrijstelling omvat niet de productie van bouwmaterialen of de winning van bouw- of grondstoffen.
5. Emissies na ingebruikname Voor het bepalen van de depositieberekening in AERIUS is voor de emissies ingevolge de Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator van januari 2022 twee bronnen te onderscheiden. Een lijnbron van verkeer gelieerd aan de locatie en een puntbron voor eventuele emissies van verbrandingsinstallaties als een CV ketel. De inrichting wordt duurzaam opgezet waarbij de gebouwen worden verwarmd met warmtepomp en zonnepanelen en ook van het aardgas afgekoppeld.
5.1
Transport naar de projectlocatie (verkeer en vervoer)
In de AERIUS-berekeningen zijn de rijdende voertuigen als volgt opgenomen. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het aantal verkeersbewegingen die in een worstcase situatie van en naar de projectlocatie gaan in de aan te vragen situatie. In het onderzoek zijn de emissies ten gevolge van het wegverkeer van en naar de projectlocatie beschouwd. In de nieuwe situatie is hier namelijk enkel het verkeer naar de woning nog relevant.
Pagina 5 van 14
Voor het bepalen van de depositie in de gebruiksfase wordt bij 8 appartement uitgegaan van een parkeernorm van 1,2 in totaal 9,6 parkeerplaatsen. De commerciële ruimte van 140 m2 resulteert bij een norm van 2,3 per 100 m2 in 114 m2 x 2,3 parkeernorm per 100 m2 bvo = 3,22 parkeerplaats. In totaal zijn 12,22 pp. De nog te realiseren pp bedragen dan 12,22-3,22= 9 parkeerplaatsen. De huidige bakkerij heeft namelijk een oppervlak van 140 m2 en heeft daarmee 140/100*2,3 = 3,22 parkeerplaatsen. Voor de bepaling van de effecten van de appartementen op de stikstofdepositie is de beoogde situatie onderzocht. De ontsluiting van de locatie verloopt via de Boulevard de Wielingen. Om te bepalen hoeveel verkeer de ontwikkeling zal genereren, is er gebruik gemaakt van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstig bestendig parkeren’. Voor de berekening van de verkeersgeneratie is uitgegaan van ‘koop, appartement, midden’ in niet stedelijke rest bebouwde kom. Het bepaalde kencijfer betreft gemiddeld 6 verkeersbewegingen per appartement per dag. Dit brengt een toename van (8x6=) 48 verkeersbewegingen per dag met zich mee. In totaliteit nemen de verkeersbewegingen niet toe omdat het huidige woonhuis en de bakkerij wordt gesloopt.
Gezien de goede ontsluiting op Boulevard de Wielingen, welke een van de hoofdverkeersaderen van Cadzand-Bad vormt en opgaat in de N674, vormt dit in zijn geheel geen belemmering voor de uitvoering van onderhavige ontwikkeling. Als rekenjaren is het jaar 2023 gehanteerd. Het geplande jaar van vaststelling van ingebruikname. Tabel 1: aantal transportmiddelen na in gebruik name
Licht verkeer (personenauto’s)
Bewegingen 48/dag
Bewegingen project (jaar) 17.520
6. Conclusie en afweging Uit de AERIUS berekeningen blijkt dat bij de bouwfase het projecteffect niet relevant is. Bij de gebruiksfase neemt het projecteffect bij het beoogde gebruik toe, maar is op omliggende gebieden nihil en daarmee heeft de depositie ook geen effect op de instandhoudingsdoelstellingen van de betreffende gebieden. Er bestaat daarom op basis van artikel 2.7, lid 2 van de Wet natuurbescherming geen vergunningplicht voor deze bestemmingswijziging.
Pagina 6 van 14
BIJLAGE: AERIUS-bestand gebruiksfase
Pagina 7 van 14
Pagina 8 van 14
Pagina 9 van 14
Pagina 10 van 14
Pagina 11 van 14
Pagina 12 van 14
Pagina 13 van 14
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
Natuurtoets project Slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
1
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
Natuurtoets project Slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad Update naar aanleiding van onderzoek 21 maart 2020
Datum: 17 april 2020 Uitgevoerd en opgesteld door: Adviesbureau Wieland Liniestraat 13 4561 ZS Hulst 0612352169 © Niets uit deze rapportage mag gekopieerd worden zonder schriftelijke toestemming van de auteur.
2
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
INHOUD 1
Inleiding ............................................................................................................................. 4 1.1 Aanleiding en doel onderzoek .................................................................................... 4 1.2 Beoordelingskader ...................................................................................................... 4 1.3 Verantwoording .......................................................................................................... 5 1.4 Opzet beoordeling ...................................................................................................... 6 2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten ....................................... 7 3 Soortenbescherming ..................................................................................................... 10 3.1 Zoogdieren ............................................................................................................... 10 3.2 Vogels....................................................................................................................... 11 3.2.1 Broedvogels .......................................................................................................... 11 3.2.2 Watervogels ..........................................................................................................
12 3.3 Reptielen en Amfibieën ............................................................................................ 12 3.4 Vissen ....................................................................................................................... 13 3.5 Ongewervelden......................................................................................................... 13 3.6 Vaatplanten............................................................................................................... 13 4 Toetsing Natura 2000 (Vogelrichtlijn / Habitatrichtlijn) en Natuurbeschermingswet en Natuurnetwerk Zeeland (NNZ) ....................................................................................... 15 5 Conclusies en aanbevelingen mbt de uitvoering ...................................................... 16 Bijlage 1 Kaart Natuurbeheerplan, Natura 2000 Bijlage 2 Informatie Wet natuurbescherming Zeeland
3
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en doel onderzoek
De opdrachtgever wil op de locatie Boulevard de Wielingen 56 bestaande bebouwing slopen en op dezelfde locatie nieuwbouw realiseren. Voor deze activiteiten geldt een onderzoeksplicht in het kader van de Wet natuurbescherming Zeeland en overige natuurwetgeving. De Wet natuurbescherming is per 1 januari 2017 in werking getreden. Een aantal wetten van voor 2017 is opgegaan in de Wet natuurbescherming. Door handelingen in of in de nabijheid van het plangebied kunnen schadelijke gevolgen voor natuurwaarden optreden. Hierdoor kunnen er verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming worden overtreden. De provincie Zeeland kan ontheffing verlenen van de verbodsbepalingen indien aan bepaalde ontheffingscriteria wordt voldaan. Daarnaast dient onderzocht te worden of de geplande activiteiten een nadelig effecten hebben op beschermde gebieden. Samenvattend betekent dit dat inzicht moet worden verkregen in: de aanwezigheid van beschermde dier- en plantensoorten of leefgebieden van beschermde diersoorten en in de effecten van de ingrepen op deze soorten; Effecten op beschermde natuurgebieden in de omgeving.
Voorliggende rapportage bevat de beoordeling van de gevolgen van de ontwikkeling op de beschermde natuurwaarden.
1.2
Beoordelingskader
Voor een beoordeling van de mogelijke effecten van de voorgenomen ontwikkelingen op de beschermde natuurwaarden in het plangebied en op effecten die instandhoudingsdoelstellingen voor aangewezen natuurgebieden nadelig kunnen beïnvloeden is de aanwezigheid van beschermde dier- en plantensoorten van belang. Vanaf 1 januari 2017 is de nieuwe Wet natuurbescherming in gegaan. Deze wet vervangt 3 wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Met 1 wet en minder regels wordt het makkelijker om de wet toe te passen. Bescherming van dieren en planten Het is belangrijk voor de natuur dat er veel verschillende planten- en diersoorten zijn. Sommige diersoorten zijn kwetsbaar, zoals vleermuizen en mussen. Een goede natuurbescherming is belangrijk. Wanneer het goed gaat met de natuur, is er ook meer ruimte voor economische en andere maatschappelijke activiteiten.
4
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad Rolverdeling provincies en Rijk Vanaf 1 januari 2017 bepalen de provincies wat wel en niet mag in de natuur in hun gebied. Ook zorgen de provincies vanaf deze datum voor vergunningen en ontheffingen. De Rijksoverheid blijft verantwoordelijk voor het beleid van grote wateren, zoals het IJsselmeer. Vergunningen aanvragen Voor burgers en bedrijven is het belangrijk dat zij makkelijk en snel weten of een activiteit met mogelijke schade voor de natuur is toegestaan. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning bij de gemeente wordt net als voorheen getoetst aan de natuurwet. Het blijft mogelijk om bij de provincie een aparte natuurvergunning aan te vragen.
1.3
Verantwoording
Deze beoordeling beschrijft de gevolgen van het beoogde voornemen op te beschermen soorten door de Wet natuurbescherming en de gebiedsbescherming door Natuurbeschermingswet. De aanwezigheid van soorten is bepaald aan de hand van een veldverkenning. Verder zijn verspreidingsatlassen geraadpleegd. De beoordeling richt zich zowel op beschermde gebieden als op de te beschermen soorten. Met betrekking tot de te beschermen planten- en diersoorten, zie bijlage 2, wordt onderscheid gemaakt in de Algemene soorten en beschermde soorten. Indien het reëel is te verwachten dat in het plangebied extra te beschermen soorten voorkomen die mogelijk hinder ondervinden van het voornemen, dan dient een op deze soort(en) gericht veldonderzoek te worden uitgevoerd om de aanwezigheid of afwezigheid van deze soorten aan te tonen. Vogels vormen hierop een uitzondering: bij aanwezigheid van vogelsoorten mogen geen (verstorende) werkzaamheden worden gestart ten tijde van het broedseizoen (richtlijn broedseizoen 1 maart tot en met 15 juli). Indien echter sprake is van mogelijke aanwezigheid van vogelsoorten die extra bescherming genieten dient een gericht veldonderzoek te worden uitgevoerd. Met betrekking tot huismussen, gierzwaluwen vleermuizen zijn extra inventarisaties uitgevoerd (10 april, 15 mei, 29 juni, 27 augustus en 19 september) 2018.
Datum 10 april 15 mei 29 juni 27 augustus 19 september 21 maart 2020
Tijden 10.15-11.15 & zonsondergang
weersomstandigheden >15 graden, droog >15 graden, droog >15 graden, droog >15 graden, droog >5 graden, droog
5
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad Afbakening plangebied Het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is het gebied waar de werkzaamheden zullen plaatsvinden (rood aangegeven). Het studiegebied is wat ruimer genomen (blauw) omdat sommige soorten een groter leefgebied hebben. Figuur 1. Plangebied (rood) en studiegebied (blauw).
1.4
Opzet beoordeling
De opzet van deze beoordeling is als volgt. In hoofdstuk 2 is een korte beschrijving gegeven van het studiegebied, het plangebied en de voorgenomen activiteit. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de te verwachten en de aangetroffen natuurwaarden in het gebied. Deze gegevens zijn vervolgens geïnterpreteerd en beoordeeld in relatie tot de voorgenomen activiteit.
6
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie. Het studiegebied waar deze natuurtoets op van toepassing is, is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is gelegen in Cadzand-Bad in de gemeente Sluis. Het betreft een gebouw zonder tuin. De omgeving bestaat uit bebouwing met tuinen en duinen met struwelen.
Foto 1. Foto plangebied.
7
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad Foto 2. Loszittende pannen (potentieel dagverblijf voor vleermuizen).
Foto 3. Loszittende pannen (potentieel dagverblijf voor vleermuizen).
8
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad Figuur 2. Luchtfoto van het plangebied en de omgeving.
De geplande activiteit houdt in: het slopen van bebouwing en het bouwen van nieuwe woningen.
9
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
3
Soortenbescherming
Hieronder worden soorten vernoemd die in het studiegebied voorkomen. Vervolgens wordt uitgewerkt of deze soorten ook in het plangebied voorkomen en of er eventueel nadelige effecten te verwachten zijn.
3.1
Zoogdieren
Algemene soorten (zorgplicht van toepassing): Huisspitsmuis, Bosmuis, Vos, Konijn, Haas, Bunzing, Bosspitsmuis, Dwergmuis, Veldmuis, Rosse woelmuis, Egel.
Beschermde soorten: Gewone dwergvleermuis, Laatvlieger, Gewone grootoorvleermuis, Ruige dwergvleermuis, Wezel, Hermelijn. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: Bekker 2009, Zoogdieren in Zeeland veldonderzoek Algemene soorten kunnen voorkomen voor in het plangebied, dit betreft egel en huisspitsmuis. De overige genoemde algemene soorten komen voor in het studiegebied. Met name de duinen vormen leefgebied voor deze soorten. Tijdens het veldonderzoek zijn geen waarnemingen verricht in het plangebied. De genoemde vleermuissoorten komen voor in het studiegebied. Met name de duinen en binnenduinrand is een belangrijke vliegroute voor migrerende vleermuizen. Dit is uit eigen onderzoek in 2015 (onderzoek met songmeter naar migrerende ruige dwergvleermuizen) gebleken. Tijdens het onderzoek zijn geen vleermuizen aangetroffen die gebruik maken van het gebouw. Omdat vleermuizen regelmatig van dagverblijf wisselen, zeker in de zone waar veel migratie is, wordt aanbevolen om tijdens de sloop rekening te houden met vleermuizen. Uit te voeren maatregelen: Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Geen schadelijke handelingen te verwachten indien mitigerende maatregelen uitgevoerd worden.
Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Werkzaamheden hebben geen effect op de gunstige staat van instandhouding. Mitigerende maatregelen / Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Boeiborden en houten planken en dakpannen handmatig verwijderen. Tochtgaten maken circa 1 week voor aanvang van de sloop. Conclusie: Geen kraamkolonies of winterverblijven aanwezig. Bij sloop rekening houden met vleermuizen.
10
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
3.2
Vogels
3.2.1 Broedvogels De volgende broedvogels zijn in het studiegebied vastgesteld: Houtduif, Holenduif, Grote Lijster, Merel, Zanglijster, Tjiftjaf, Koolmees, Pimpelmees, Staartmees, Zwarte kraai, Ekster, Winterkoning, Heggenmus, Spreeuw, Ringmus, Huismus, Fazant, Groenling, Groene Specht, Grote Bonte Specht, Boomkruiper, Gierzwaluw, Turkse Tortel, Zomertortel, Kneu, Putter, Kauw, Boerenzwaluw, Wilde Eend, Vink.
Vet gedrukt zijn soorten waarvan het nest jaarrond beschermd is.
Voorkomen / functie van het plangebied: In het studiegebied komen broedvogels voor. Er komen ook soorten voor waarvan het leefgebied of nest jaarrond beschermd is. In het plangebied komen ook broedvogels voor dit betreft merel en turkse tortel. Er zijn geen soorten aangetroffen waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is. Uit te voeren maatregelen: Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Geen schadelijke handelingen te verwachten indien gesloopt wordt buiten de broedperiode. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Is niet in geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Slopen buiten de broedperiode, of vooraf controleren of er broedende vogels aanwezig zijn. Conclusie: Geen nadelige gevolgen voor broedvogels indien gewerkt wordt buiten de broedperiode.
11
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
3.2.2 Watervogels Er komen geen watervogels voor. Trekvogels en watervogels Voorkomen / functie van het plangebied: (Ministerie van Verkeer en Waterstaat e.a., Deltavogelatlas, atlas van vogelconcentraties en vliegbewegingen in het Deltagebied, digitale versie 13-10-2018; SOVON Vogelonderzoek Nederland & Ganzenwerkgroep Zeeland.2017; In het studiegebied en plangebied komen watervogels voor. Uit te voeren maatregelen: Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Niet te verwachten. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Is niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen nadelig effect te verwachten.
3.3
Reptielen en Amfibieën
Amfibieën die kunnen voorkomen in het studiegebied zijn:
Algemene beschermde soorten (zorgplicht van toepassing): Bruine kikker, Groene kikker, Kleine watersalamander, Gewone pad. Beschermde soorten: Kamsalamander, Boomkikker.
Voorkomen en functie van het plangebied: Bron: archief Wieland, website www.ravon.nl De genoemde algemene soorten komen voor in het studiegebied, ze zijn niet in het plangebied te verwachten. Uit te voeren maatregelen: Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Niet van toepassing indien mitigerende maatregelen worden uitgevoerd. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Verwijderen van beplanting in de periode 1 november – 1 maart. Conclusie: Geen nadelige effecten te verwachten.
12
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad
3.4
Vissen
In het studiegebied komen geen vissen voor. Voorkomen en functie van het plangebied: (Website Ravon versie 13 oktober 2018). (Nie, Hendrik W. de, Atlas van de Nederlandse zoetwatervissen, Doetinchem, febr. 1996).Waterschap Schelde Stromen, archief Wieland. Uit te voeren maatregelen: Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.
3.5
Ongewervelden
Voorkomen en functie van het plangebied: Vlinder- en Libellenwerkgroep 2003; Geene et. al. 2007; Wagenaar 2007. In het plangebied komen geen dagvlinders, nachtvlinders, libellen, sprinkhanen en overige ongewervelde voor die beschermd worden door de Wet natuurbescherming. Uit te voeren maatregelen: Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Niet van toepassing Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet van toepassing. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.
3.6
Vaatplanten
In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Voorkomen en functie van het plangebied:
13
Natuurtoets project slopen bebouwing en nieuwbouw Boulevard de Wielingen 56 Cadzand-Bad In het plangebied komen geen beschermde soorten voor. Uit te voeren maatregelen Het slopen van bestaande bebouwing. Realisatie van nieuwbouw. Schadelijke handelingen (doden, vernielen, verstoren, etc van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Er komen geen beschermde soorten voor in het plangebied.