RV_Verordening Jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2026.pdf
Tekst van het document
Raadsvoorstel Team: Samenleving
Portefeuillehouder: Cees Paas
Onderwerp: Verordening Jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2026 Openbaar: Ja
Afdoening motie en/of toezegging: Is hiermee een motie afgedaan? n.v.t. Is hiermee een toezegging afgedaan? n.v.t.
Zaaknummer: 2025-0094630
Fatale termijn: 1 januari 2026
Bestuurlijke route: College van burgemeester en wethouders Oordeelsvormend - Gemeenteraad Sliedrecht Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht
Planning: 23 september 2025 28 oktober 2025 18 november 2025
PFO:
Akkoord na PFO
Bijlagen Bijlage 1 - Verordening Jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2026 Bijlage 2 - was-wordt lijst Bijlage 3 - DEF TOELICHTING bij Verordening Bijlage 4 - NJI H6 Samenvattend overzicht Bijlage 5 - DEF verslag bijeenkomst Adviesraden - Verordening Jeugdhulp Bijlage 6 - Dienstomschrijving versie 5.1 (01-01-26)
Onderwerp Verordening Jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2026. Beslispunt De gemeenteraad voor te stellen om: De verordening jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2026 vast te stellen. Samenvatting voor de raad: Omdat we in Zuid-Holland Zuid regionaal intensief samenwerken op het gebied van jeugdhulp is regionaal een nieuwe verordening jeugdhulp opgesteld die goed aansluit bij de verschillende (beleids)ontwikkelingen van de afgelopen periode. Hoewel de verordening jeugdhulp een lokale verordening betreft, is het voor de uitvoering zeer wenselijk als de verordeningen van de afzonderlijke gemeenten in Zuid-Holland Zuid zoveel als mogelijk gelijk zijn. Voorgesteld wordt om ook in Sliedrecht de nieuwe verordening jeugdhulp vast te stellen. Inleiding Bij de decentralisatie van de jeugdzorg in 2015 is er in Zuid-Holland Zuid voor gekozen om deze taak gezamenlijk op te pakken. Zo is er destijds ook regionaal een verordening opgesteld, die gemeenten lokaal, eventueel aangevuld met lokale wensen, hebben vastgesteld. In 2022 is deze verordening voor het laatst herzien. De nieuwe verordening jeugdhulp is opgesteld om efficiënt te kunnen blijven werken, uitgangspunten uit het verbeterprogramma beschikbare en betaalbare jeugdhulp te vertalen, achterstallig onderhoud van de huidige verordening te herstellen en de huidige verordening te actualiseren op basis van recente rechtspraak.
Met deze nieuwe verordening jeugdhulp zetten we een belangrijke stap richting een nog meer doelgerichte en passende inzet van ondersteuning voor jeugdigen. We streven ernaar dat minder jongeren onnodig in de jeugdhulp terechtkomen, terwijl we tegelijkertijd waarborgen dat hulp beschikbaar blijft voor wie het écht nodig heeft. Dit vraagt om een zorgvuldige balans: we moeten ervoor waken dat we gewone opvoedvragen (zoals beschreven in bijlage 4 - NJI overzicht normale uitdagingen in de opvoeding) niet te snel als probleem zien, maar er wel voor zorgen dat mensen hulp en ondersteuning krijgen als dat echt nodig is. Vanuit de visie op normaliseren willen we gezinnen en hun omgeving versterken, zodat zij zoveel mogelijk op eigen kracht en met ondersteuning uit hun netwerk kunnen functioneren. Bijvoorbeeld door het organiseren van laagdrempelige bijeenkomsten zoals Kids & Koffie, het aanbieden van online programma's over diverse onderwerpen rondom de opvoeding en het organiseren van informele steun door middel van Home Start en Buurtgezinnen. Een van de belangrijkste veranderingen in deze verordening ten opzichte van de vorige verordening betreft een sterkere afbakening van wat wel/geen jeugdhulp is. Niet alle vormen van hulp en ondersteuning aan jeugdigen vallen onder de wettelijke definitie van jeugdhulp.
Alleen wanneer er sprake is van een psychisch, psychosociaal of gedragsprobleem, of een beperking, kan jeugdhulp worden ingezet. Hulp die past binnen het normale ontwikkelingspatroon van een jeugdige valt buiten de verantwoordelijkheid van de gemeente. Om dit te beoordelen, wordt gebruikgemaakt van de uitgangspunten uit de publicatie “Normale uitdagingen voor kinderen, jongeren en ouders” van het Nederlands Jeugdinstituut (zie bijlage 4). Een ander belangrijk uitgangspunt in de verordening, dat ook in de vorige verordening al verankerd was, is de balans tussen draagkracht en draaglast. Een individuele voorziening in het kader van jeugdhulp wordt niet verstrekt als uit onderzoek blijkt dat de draagkracht en draaglast van de jeugdige of zijn ouder(s) in balans zijn. In dat geval wordt aangenomen dat zij met eigen mogelijkheden, eventueel ondersteund door hun sociale netwerk of andere instellingen, passende hulp kunnen bieden. De verantwoordelijkheid voor het gezond en veilig opgroeien van jeugdigen ligt primair bij de ouders, ook bij psychische of psychosociale problemen. Alleen wanneer sprake is van aantoonbare beperkingen, gebrek aan vaardigheden of (dreigende) overbelasting, kan het college besluiten dat aanvullende hulp nodig is.
Daarbij wordt ook beoordeeld in hoeverre ouders hun belasting kunnen verminderen, bijvoorbeeld door maatschappelijke activiteiten of werk anders te organiseren, rekening houdend met factoren zoals gezinssituatie, hulpbehoefte en inkomensnoodzaak.
Bovenstaande sluit ook volledig aan bij onze ambities uit het College Werkprogramma 2022-2026, waarin benoemd staat "dat we ondersteuningsvragen serieus nemen, maar deze niet problematiseren; We kijken naar wat wel kan (positieve gezondheid). We sluiten aan bij de draagkracht en nemen de verantwoordelijkheid en regie die inwoners zelf hebben niet over." Deze verordening draagt bij aan een toekomstbestendig jeugdhulpstelsel waarin maatwerk, nabijheid en preventie centraal staan en draagt daarnaast ook bij aan een cultuurverandering waarin hulp niet de eerste stap is, maar een zorgvuldig overwogen keuze binnen een breder palet aan ondersteuning. Hoewel de verordening jeugdhulp een lokale verordening betreft is vanwege de regionale samenwerking in Zuid-Holland Zuid zoveel mogelijk uniformiteit gewenst in de lokale verordeningen jeugdhulp. Een regionale werkgroep heeft op basis van de nieuwste modelverordening van de VNG en nieuwe inzichten en beleidsontwikkelingen regionaal een nieuwe concept verordening jeugdhulp opgesteld. Regionaal zijn gesprekken gevoerd met portefeuillehouders en beleidsmedewerkers jeugd, cliënten- en adviesraden, jeugdprofessionals, de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ en regionale zorgaanbieders.
De verordening jeugdhulp van de gemeente Groningen heeft daarnaast ter inspiratie gediend, vanwege de heldere visie op normaliseren, de nadruk op eigen kracht en de slimme inrichting van toegang tot hulp. De verordening is uitvoerig besproken met en getoetst door een externe juridisch expert op het gebied van jeugdhulp en het JKC. Beoogd effect De verordening jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2026 geeft passende kaders voor de uitvoering van de jeugdhulp in Sliedrecht en in de regio Zuid-Holland Zuid. De verordening beoogt een gerichtere en meer passende inzet van jeugdhulp, waarbij normaliseren en preventie centraal staan. We willen voorkomen dat jeugdigen onnodig in een jeugdhulptraject terechtkomen, terwijl we de ondersteuning wel beschikbaar houden voor wie het écht nodig heeft. Argumenten
1.1 Verschillende wijzigingen in beleid en uitvoering vragen om aanpassing van de verordening jeugdhulp Op basis van ontwikkelingen en ervaringen zijn in beleid en uitvoering van de jeugdhulp in ZuidHolland Zuid een aantal wijzigingen doorgevoerd. Deze wijzigingen vragen om een aanpassing van de verordening jeugdhulp. De nieuwe verordening jeugdhulp is opgesteld om efficiënt te kunnen blijven werken, uitgangspunten uit het verbeterprogramma beschikbare en betaalbare jeugdhulp te vertalen, achterstallig onderhoud van de huidige verordening te herstellen en de huidige verordening te actualiseren op basis van recente rechtspraak. Met deze nieuwe verordening jeugdhulp zetten we een belangrijke stap richting een nog meer doelgerichte en passende inzet van ondersteuning voor jeugdigen. We streven ernaar dat minder jongeren onnodig in de jeugdhulp terechtkomen, terwijl we tegelijkertijd waarborgen dat hulp beschikbaar blijft voor wie het écht nodig heeft. Dit vraagt om een zorgvuldige balans: we moeten ervoor waken dat we gewone opvoedvragen niet te snel als probleem zien, maar er wel voor zorgen dat mensen hulp en ondersteuning krijgen als dat echt nodig is. Vanuit de visie op normaliseren willen we gezinnen en hun omgeving versterken, zodat zij zoveel mogelijk zelfstandig en met ondersteuning uit hun omgeving kunnen functioneren.
Dit sluit ook volledig aan bij onze ambities uit het College Werkprogramma 2022-2026. Deze verordening draagt bij aan een toekomstbestendig jeugdhulpstelsel waarin maatwerk, nabijheid en preventie centraal staan en draagt daarnaast ook bij aan een cultuurverandering waarin hulp niet de eerste stap is, maar een zorgvuldig overwogen keuze binnen een breder palet aan ondersteuning.
1.2 In samenwerking met de andere gemeenten in Zuid-Holland Zuid is de verordening jeugdhulp aangepast In de jeugdhulp wordt in Zuid-Holland Zuid regionaal samengewerkt, waarbij verschillende taken in delegatie zijn belegd bij de gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid en Jeugd (onderdeel Serviceorganisatie Jeugd). Voor deze taken gelden voor de verschillende gemeenten in Zuid-Holland Zuid dezelfde kaders. Om die reden is het dan ook van belang, dat de gemeenten hiervoor zoveel mogelijk dezelfde kaders vastleggen in hun lokale verordening jeugdhulp.
1.3 De Adviesraad Sociaal Domein is betrokken bij het proces Bij de totstandkoming van deze verordening is nadrukkelijk gekozen voor een proces waarin de adviesraden vanuit de regiogemeenten een betekenisvolle rol vervullen. Tijdens een gerichte bijeenkomst is op constructieve wijze met de adviesraden van gedachten gewisseld over de volgende aspecten: • De helderheid en logische opbouw van de verordening; • De aansluiting van de inhoud op de dagelijkse praktijk; • Mogelijke lacunes of ontbrekende onderdelen; • Onderdelen die vragen oproepen of waar bezwaar tegen bestaat. Deze dialoog heeft niet alleen geleid tot waardevolle inzichten, maar draagt ook bij aan het draagvlak en de uitvoerbaarheid van de verordening. Door de adviesraden vroegtijdig en inhoudelijk te betrekken, is geborgd dat de verordening niet alleen juridisch klopt, maar ook maatschappelijk relevant en praktisch toepasbaar is. Kanttekeningen / Risico’s 1.1 De verordening legt veel eigen verantwoordelijkheid bij ouders en het sociale netwerk van jeugdigen. Hoewel dit goed aansluit bij het uitgangspunt van eigen kracht en normaliseren, kan dit mogelijk leiden tot onbegrip bij inwoners en tot klachten of bezwaren die hieruit voortkomen. Het principe van normaliseren vraagt om een cultuurverandering, waarbij niet elke opvoedvraag automatisch leidt tot professionele hulp.
Tegelijkertijd betekent normaliseren ook: vasthouden aan dat uitgangspunt. Er moet altijd ruimte zijn voor maatwerk en uitzonderingen, maar het is van belang dat we als gemeente gezamenlijk staan voor de leidende principes. Door hier stevig aan vast te houden, ontstaat duidelijkheid en voorspelbaarheid in het beleid, wat bijdraagt aan een duurzaam en rechtvaardig jeugdhulpstelsel. 1.2 Strakke sturing op een goede implementatie van de verordening is noodzakelijk. De effectiviteit van deze verordening staat of valt met een zorgvuldige en consistente implementatie. Het uitgangspunt van normaliseren en het versterken van eigen kracht vraagt om duidelijke kaders, eenduidige communicatie en een goed afgestemde uitvoeringspraktijk. Dit vereist strakke sturing vanuit de gemeente, zowel in de aansturing van betrokken partners als in monitoring en bijsturing waar nodig. Alle betrokken partijen zijn zich bewust van de urgentie en voelen zich gezamenlijk verantwoordelijk om de nieuwe afspraken zorgvuldig en in samenhang te realiseren. 1.3 Binnen de regio wordt gestreefd naar zoveel mogelijk uniformiteit in de verordeningen jeugdhulp, om verschillen in toegang en uitvoering tussen gemeenten te beperken. In dit kader is ook het voorstel besproken om een kilometervergoeding op te nemen bij het onderdeel vervoer.
Na zorgvuldige afweging is in Sliedrecht besloten dit niet op te nemen in de verordening, vanwege het risico op een aanzuigende werking en het belang van doelmatige inzet van middelen. Tegelijkertijd blijft maatwerk altijd mogelijk: in situaties waarin vervoer aantoonbaar noodzakelijk is en geen andere oplossing voorhanden is, kan passende ondersteuning worden geboden. Deze keuze sluit aan bij het uitgangspunt van normaliseren en het bieden van hulp waar nodig, zonder generieke regelingen die het stelsel onnodig belasten. Financiën Met de voorgestelde Verordening Jeugdhulp wordt ingezet op een zorgvuldige en doelgerichte inrichting van het jeugdhulpstelsel. Door scherper te sturen op passende inzet van hulp en ondersteuning, wordt verwacht dat het gebruik van (geïndiceerde) jeugdhulp verder stabiliseert en op termijn mogelijk daalt. Dit draagt niet alleen bij aan een duurzamer stelsel, maar biedt ook ruimte voor een efficiëntere inzet van middelen. Bij een zorgvuldige implementatie zijn dan ook besparingen te voorzien, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit of toegankelijkheid van de hulp. De verordening beoogt daarmee een balans tussen financiële houdbaarheid en inhoudelijke effectiviteit. Wet- en regelgeving / Juridische zaken Jeugdwet
Duurzaamheid Deze verordening draagt bij aan een toekomstbestendig jeugdhulpstelsel. Inclusiviteit De Verordening Jeugdhulp draagt actief bij aan een inclusieve samenleving door hulp en ondersteuning voor jeugdigen en hun gezinnen toegankelijk en laagdrempelig te organiseren. Door het beschikbaar stellen van algemene voorzieningen zonder uitgebreid onderzoek, is het mogelijk om snel en effectief ondersteuning te bieden aan wie dat nodig heeft. De verordening sluit aan bij de leefwereld van jeugdigen en hun sociale omgeving, en biedt ruimte voor maatwerk. Daarmee wordt gestreefd naar passende jeugdhulp voor álle kinderen die dit nodig hebben, ongeacht achtergrond of situatie. Door deze aanpak voorkomt de gemeente dat jeugdigen tussen wal en schip raken, en wordt bijgedragen aan een jeugdhulpstelsel waarin niemand wordt uitgesloten. Tijdspad, monitoring en evaluatie m.b.t. voorgesteld raadsbesluit Er zal jaarlijks een evaluatie plaatsvinden hoe de verordening zijn uitwerking heeft in de praktijk. Communicatie / Participatie De nieuwe verordening zal worden gepubliceerd op de daarvoor bedoelde plaatsen en er zal een kort nieuwsbericht geplaatst worden op de gemeentepagina om inwoners te informeren. Vervolgprocedure (inspraak/publiceren) Na vaststelling is de nieuwe verordening geldig vanaf 1 januari 2026 en zal dan ook gepubliceerd worden. Eerdere besluitvorming c.q.
bronvermelding Verordening jeugdhulp gemeente Sliedrecht 2022, vastgesteld op 13 december 2022 Eerdere besluitvorming Verordening jeugdhulp gemeente Sliedrecht - Raadsvoorstel