CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen besluitvormende vergadering 4 februari 2025.pdf

Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 4 maart 2025, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen notulen 4 februari 20256.247 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NOTULEN OPENBARE BESLUITVORMENDE VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN SLIEDRECHT, GEHOUDEN OP DINSDAG 4 FEBRUARI 2025 Voorzitter (plv.): de heer T.W. Pauw Griffier: de heer R.P.A. van Aalst Verslag: mevrouw E. Verveer, bureau Getikt! (af audio) Aanwezige raadsleden:

(20): C. Ippel; S.C.M. Ippel; A.E. Schild-de Jong; A.W. de MulDonker; F.A. Mulder; B.G. van Urk; J.P. Verweij; T.W. Pauw; C. Van Maaren-Verheul; M. Verheul; G.J. Visser-Schlieker; M.T. Stam-Smeets; B. van der Plas; A. Dubbeldam-van Beest; F.J. Dunsbergen; P.S. Kraaijeveld-le Pair; V.E. Prins; J.T.H. van Rossum; B. Brandwijk; M.J.H. Jongeneel

Afwezig:

J.M. de Vries; S. Van Wijngaarden

Namens het college:

T.A. Spek, R. Bijderwieden, J.C. Paas

1. OPENING EN LOTING SPREKERSVOLGORDE De voorzitter Dames en heren, als iedereen op zijn of haar plek zit, dan kunnen wij gaan starten. Dan ga ik deze vergadering openen, de eerste raadsvergadering van het nieuwe jaar. Alle collega’s welkom, mensen thuis welkom, mensen in de zaal welkom. Er is een afmelding van burgemeester Jan de Vries vanwege verdrietige familieomstandigheden. Zijn vader is afgelopen zondag overleden en ik wens hem, mede namens u, heel veel sterkte en kracht toe. Dat is ook de reden dat u mij hier ziet zitten als zijn plaatsvervanger. Eén klein verschilletje is dat er wel bij mij stemrecht heerst als onderdeel van deze raad. Dat ga ik proberen met mijn telefoon, maar als het niet gaat lukken, vraag ik aan u permissie om dat even hier intern te regelen, mocht dat nodig zijn. Uiteraard de volgende drie moet ik wel even doen, maar de oordeelsvormende vergadering wordt hier niet over gedaan, maar dat weet u allemaal natuurlijk. De vergadering is ook niet voor het stellen van een technische vraag; ook dat is natuurlijk bekend en uiteraard: de mobiele apparatuur mag worden uitgezet. Dan mocht ik vandaag voor het eerst de loting verrichten. Dat is uiteraard goed verlopen. Nummer 20, mevrouw Visser. Het is echt eerlijk gegaan, zeg ik even tegen de collega’s. Ja, die zit hier naast mij. Het klopt echt, zeg maar.

Goed, op deze wijze is dan deze vergadering geopend en komen we bij agendapunt twee. 2. SPREEKRECHT BURGERS OVER GEAGENDEERDE ONDERWERPEN De voorzitter Het spreekrecht van inwoners over geagendeerde onderwerpen. Eén spreker heeft zich aangemeld, de heer René de Munck. Die wil graag inspreken over agendapunt 7, de nota Grondbeleid. Dan vraag ik de heer De Munck om deze kant op te komen en geef hem mee dat hij 5 minuten de tijd heeft om u als raad toe te spreken. Gaat uw gang. De heer De Munck Dank u, voorzitter. Ik zal mij braaf aan de 5 minuten houden, maar ik ga die ook niet volmaken. Voorzitter, dank voor de mogelijkheid om de raad toe te spreken, hoewel ik als bewoner hier sta en ik mij zeer wel bewust ben dat ik in de vorige raadperiode één van u was. Democratisch is toen besloten dat ik nu niet meer namens mijn partij in deze raad zit. Als inwoner maak ik mij hele grote zorgen. Maar ook omdat mijn partij de ambitie heeft volgend jaar weer in uw midden te zitten, kan het zomaar zijn dat wij de gevolgen van de nota actief grondbeleid in deze raad gaan bespreken; mogelijkerwijs evalueren. Naar mijn mening geeft deze raad een blanco cheque aan het college, of, moet ik eigenlijk eerlijk zeggen: aan haar raadgevers. Als raad komt u pas in stelling als de rapen gaar zijn. Ik breng u in herinnering het Winklerplein.

Diverse wethouders hebben toen de raad voorgehouden: met nog een klein beetje meer geld wordt het vast wel vlot getrokken. Deze raad heeft het verstandige besluit genomen vorig jaar dit te beëindigen, maar wel met een mogelijk verlies van vele miljoenen, die nu niet verhaalbaar zijn op het plan, zoals ons was voorgespiegeld. Kortom, die door de inwoners worden betaald. Door vanavond deze nota van uw goedkeuring te voorzien creëert u wederom een Winklerplein scenario. De nota stelt en ik citeer: ‘Bij actief grondbeleid verwerft de gemeente de te ontwikkelen gronden zelf. In de meeste gevallen verkrijgt de gemeente 1

de grond via een vrijwillige overeenstemming met de verkoper, al dan niet met behulp van vestiging van voorkeursrecht of via grondruil.’ Wanneer hebben we dat meer gehoord? ‘Bij actief grondbeleid draagt de gemeente het economisch risico van de ontwikkeling.’ Staat in het stuk. ‘De gemeente kan zelf opdracht geven voor de werkzaamheden om de grond bouwrijp te maken. In dat geval wordt de grond in bouwrijpe fase verkocht voor de realisatie van nieuw vastgoed, bijvoorbeeld woningen.’ Einde citaat. In het laatste geval draagt u ook alle kosten voor deze bouwrijpe staat en mogelijkerwijze het afvoeren van PFOA-grond. Op geen enkele wijze wordt u als raad gewezen op de risico’s bij de verwerving van gronden en de exploitatie daarvan, maar ook niet over welke bedragen hiermee gepaard gaan en ook niet hoelang deze projecten kunnen gaan duren. Een vragenrondje bij de fractie van D66 in de provincie Zuid-Holland leert mij dat alleen de gemeente Rotterdam en Den Haag succesvol zijn met hun grondbeleid. Dat komt volgens deze fractie omdat men in deze gemeenten een stevig ambtelijk kader op dit werk heeft gezet. Bij alle gemeenten van onze schaal en een klein beetje groter is er sprake van verliezen tot zeer grote verliezen op grondbeleid. Alle partijen in deze raad zouden eens hun voelhorens kunnen uitsteken bij collega raadsleden in de regio. U zult schrikken.

We hebben in Sliedrecht een prima voorbeeld hoe het ook zonder kan: Baanhoek West is geheel ontwikkeld door een ontwikkelaar. Geheel voor eigen rekening en volledig voor risico van de ontwikkelaar, inclusief alle kikkertjes die afgevoerd moeten worden. Daar heeft de gemeente wel degelijk in meegewerkt, maar geen risico gelopen. Waarom nu wel in Sliedrecht Noord zelf aan de slag gaan? Simpel: omdat de ontwikkelaars graag het risico bij de bewoners van Sliedrecht leggen. Het college wil u graag doen geloven dat door dit beleid in te zetten, de bedragen die inmiddels zijn geïnvesteerd in Sliedrecht Noord worden terugverdiend. Hoeveel keer heb ik en u dit niet in deze raad horen zeggen als het over het Winklerplein ging? Beste raadsleden, u kunt vanavond dit nog stoppen. Neem het stuk niet aan. Stem tegen. Dank u. De voorzitter Dank u wel, de heer De Munck. Dan ga ik even rondkijken of er aan u nog vragen zijn vanuit de raad. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, ik zit voordat ik de vraag stel toch even te zoeken hoe we hier precies mee om moeten gaan, want dit is toch een bijzondere situatie.

Ik zal het enigszins neutraal houden, maar de vraag aan de heer De Munck is of hij zich er van bewust is dat we vanavond geen grondexploitatie openen voor Sliedrecht Noord, maar een nota vaststellen, waarna er nog heel veel raadsbesluiten genomen moeten worden voordat er ook daadwerkelijk geïnvesteerd gaat worden? De voorzitter De heer De Munck. De heer De Munck U zegt het en u denkt het blijkbaar, maar u neemt wel de eerste stap vanavond. Een bouwsteen zet u neer. De voorzitter U bedoelt waarschijnlijk de heer Van Rossum, want ik heb niks gezegd. Meneer Van Rossum. De heer Van Rossum Ja, ik vraag me toch ten zeerste af en daar hou ik het dan bij, of de heer De Munck weet wat het raadsbesluit is dat vanavond voorligt. De voorzitter We gaan het nog één keer proberen. De heer De Munck. De heer De Munck Ja, ik vind het redelijk naïef van u om mij dit voor de voeten te werpen. Als ik 4 jaar lang met deze stukken geworsteld heb en ze dagelijks gezien heb als fractievoorzitter en zeer actief raadslid, dan vind ik het naïef van u te veronderstellen dat ik de stukken niet gelezen heb en niet uw beraadslagingen gevolgd heb, inclusief alle vragen die technisch gesteld zijn en de antwoorden die er gekomen zijn. Daardoor kwam ik tot de conclusie om vanavond in te spreken, wat zeer uitzonderlijk is. Dank u. De voorzitter Oké, dank u wel.

Dan ga ik even kijken of er nog meer vragen aan u zijn. Dat is niet het geval. Dan dank ik u voor uw bijdrage en zijn we aan het einde gekomen van agendapunt nummer 2. Dan moet ik nog even terug naar agendapunt 1, want ik ben de heer Van Wijngaarden vergeten af te melden. Bij deze heb ik dat nu gedaan. 2

3. VASTSTELLEN AGENDA De voorzitter Dan kom ik bij agendapunt nummer 3, het vaststellen van de agenda. De heer Brandwijk heeft iets over het vaststellen van de agenda. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Ja, dank u wel, meneer de voorzitter. Het is een kleine vooraankondiging, maar ik wil hem toch al vanavond even doen. Als fractie hebben wij vragen gesteld over het traject Powerful Ageing. Daar is op dit moment nog geen antwoord op gekomen. We hopen zo snel mogelijk antwoorden te krijgen, zodat we op 4 maart ook een motie vreemd kunnen gaan indienen, maar dat is dus wel pas volgende maand. De voorzitter Dus dat is voor de volgende agenda. Nou, dat is een goeie aankondiging. Dan weten uw collega’s het nu op tijd; dat is het belangrijkste. Verder nog iemand iets voor het vaststellen van de agenda van vanavond? Dat is niet het geval. Dan is hij zo vastgesteld. 4. VASTSTELLEN NOTULEN 2024. De voorzitter Dan gaan we naar agendapunt 4, het vaststellen van de notulen van 10 december 2024. Er zijn geen opmerkingen ontvangen over de conceptnotulen. Kan de raad instemmen met deze notulen van 10 december? Dat is het geval. Dan zijn ze bij deze vastgesteld. 5. MONDELINGE VRAGEN (ARTIKEL 38 RVO) De voorzitter Dan kom ik bij agendapunt 5, de mondelinge vragen. Die zijn er niet, dus dan kunnen we gelijk door naar agendapunt 6, de ingekomen stukken. 6.

INGEKOMEN STUKKEN De voorzitter Heeft iemand een vraag of opmerking over de lijst ingekomen stukken, is dan de vraag die ik de raad ga stellen. Kunt u instemmen met het voorgelegde concept raadsbesluit ingekomen stukken? Dat is het geval; dan is die bij deze ook vastgesteld. Dank u wel. 7. FYS - NOTA GRONDBELEID De voorzitter Dan gaan we van agendapunt 6 naar agendapunt 7. Een hamerstuk met een stemverklaring. Nota Grondbeleid, behandeld op 28 januari oordeelsvormend in deze raad. Technische vragen zijn gesteld en beantwoord. Mevrouw Visser wil een stemverklaring afleggen, denk ik. Ja. Zijn er nog meer mensen? De heer Van der Plas, de heer Van Rossum, de heer Jongeneel. Dan mag mevrouw Visser beginnen. Mevrouw Visser Dank u wel, voorzitter. Ik heb vorige week best wel een uitgebreid betoog gehouden over de nota Grondbeleid. Dat zat met name in het stukje dat wij tot nog toe een nota Grondbeleid hadden die faciliterend was en volgens de papieren nog steeds is, maar wel met een tenzij. Alleen, de rest van de nota ging over de ‘tenzij’ en dat gaf onze fractie best wel pijn in de buik, omdat we ook wel heel degelijk in de gaten hadden dat dit gebaseerd was op het feit dat de gemeente Sliedrecht gebiedsontwikkeling wil gaan doen. Dat laat onverlet dat er niks mis is met de nota.

Dus als we die twee dingen als fractie scheiden, van: we doen gewoon een nota Grondbeleid en we laten los dat het heel erg geijkt is op Sliedrecht Noord, dan kunnen wij met pijn in het hart instemmen. De voorzitter Dank u wel. Dan kom ik bij de heer Jongeneel. De heer Jongeneel Dank u wel, voorzitter. Wij van Slydregt.NU stemmen tegen, omdat wij vinden dat de ambtelijke organisatie niet de faciliteit en kwaliteit heeft om dit tot een goed einde te brengen. Wij zijn het eens met de inspreker: de eerste steen wordt neergezet om hier actief gebruik van te maken en daar zijn we op tegen. De voorzitter Dank u wel, de heer Jongeneel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, we staan aan de vooravond van grote opgaven in onze fysieke leefomgeving. De woningnood is gigantisch en we zien dat overheden moeite hebben om te komen tot plannen. De minister heeft daar ook een brief voor rondgestuurd en die constateert dat gebiedsontwikkeling over het algemeen te traag gaat en te duur is. Ze benoemt een aantal sporen om dit op te lossen en de eerste is het beter benutten van het huidige grondinstrumentarium. Het 3

versnellen en beter inzetten van dit instrumentarium is cruciaal om woningbouw te realiseren en betaalbaarheid te verzorgen. Door de vaststelling van deze nota zetten we een belangrijke stap en een goed kader om te werken aan die grote woningbouwopgave in onze gemeente. Het inzetten van dit instrumentarium is noodzakelijk en verantwoord en wij zijn er van overtuigd dat we dat verstandig kunnen doen. Dank u wel. De voorzitter Dank u wel. De heer Van der Plas. De heer Van der Plas Dank u, voorzitter. Zoals van onze fractie verwacht mag worden, zijn wij zeer alert op beleidsdocumenten met enige financiële impact en daar hebben we ook een aantal vragen over gesteld, technisch, waarop we vanmiddag een antwoord hebben gekregen. Een helder antwoord, heldere antwoorden, waarvoor dank en dat heeft als gevolg dat wij met dit voorstel in kunnen stemmen. De voorzitter Dank u wel. Volgens mij zijn dan de stemverklaringen achter de rug en op basis daarvan concludeer ik dat stemming gewenst is. Ik kijk even die kant op. Dan ga ik de stemming openen. (…) We hebben 18 van de 20 aanwezige stemmen binnen. We missen nog de heer Van der Plas en de heer Jongeneel. Ik stel voor dat die dat even mondeling doen. De heer Jongeneel. De heer Jongeneel Tegen. De voorzitter De heer Van der Plas. De heer Van der Plas Voor. De voorzitter We hebben de stemming binnen en er zijn 18 stemmen voor en 2 tegen.

Daarmee is dit besluit aangenomen. Tegenstemmen zijn van de heer Jongeneel en de heer Brandwijk. Het voorstel is aangenomen. 8. BES - EINDRAPPORT BEHEER VAN DE OPENBARE RUIMTE VAN DE REKENKAMER SLIEDRECHT De voorzitter Dan komen we bij het eerste en enige debatstuk van vanavond, agendapunt 8. Het Eindrapport beheer van de openbare ruimte van de Rekenkamer Sliedrecht. Het is een voorgesteld besluit met heel veel beslispunten daarin. U heeft ze allemaal ongetwijfeld gelezen. Dan hebben wij een eerste termijn van de raad met één woordvoerder. Even rondkijken of andere mensen zich nog bedacht hebben en ook iets willen zeggen. Deze woordvoerder neemt ook mee een amendement. Het woord is aan de heer Prins van het CDA. Gaat uw gang. De heer Prins Voorzitter, in de bestuurlijke reactie van het college staat dat een integrale nota beheer openbare ruimte, oftewel het strategisch asset management plan in 2027 gereed zal zijn, volgens de huidige planning van het college. In het voorgestelde besluit staat dat de gemeenteraad daar kennis van neemt. Voor de CDA-fractie klinkt dat te vrijblijvend. Mijn fractie vindt het belangrijk dat vóór de begrotingsbehandeling van eind 2027 de nota echt gereed is; dan kunnen we daar rekening mee houden bij het vaststellen van de begroting voor de jaren 2028 en verder. Daarom dien ik een amendement in waarin ik voorstel om besluitpunt 2 te wijzigen.

De nieuwe tekst van het besluitpunt wordt: ‘kennis te nemen van de wijze waarop het college uitvoering geeft of gaat geven aan de aan haar gedane aanbevelingen, met dien verstande dat de integrale nota Beheer openbare ruimte uiterlijk in het derde kwartaal van 2027 moet worden aangeboden aan de gemeenteraad.’. De voorzitter Dank u wel, meneer Prins. Dat is ook het einde van uw betoog? De heer Prins Ja, dat klopt. De voorzitter Dan heeft de heer Brandwijk een vraag aan u. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Het wordt misschien een korte reactie op het amendement wat is ingediend en daarbij ook wel een vraag. Als het aanbieden aan de raad pas in het derde kwartaal van 2027 is, dan zou het zo kunnen zijn dat de Agendacommissie het eventueel pas 4

zelfs in Q4 2027 of Q1 2028 gaat behandelen. Dat lijkt ons wat laat, dus wij zijn als fractie even benieuwd naar de reactie van de wethouder hierop, of dat niet eerder kan. Vorige week noemde hij ook nog 2026, maar we staan wel achter het toevoegen van een deadline. Dat lijkt ons uiterst verstandig. De voorzitter Dank u wel. Dat is meer een vraag, denk ik, aan het college, maar dat komt hierna, het amendement appreciëren, zoals het dan zo mooi heet. De heer Verheul heeft nog een vraag aan de heer Prins. A8.1 is het nummer van het amendement. De heer Verheul. De heer Verheul Voorzitter, ik heb een vraag over dat amendement. Tijdens het debat tijdens de oordeelsvormende vergadering heeft wethouder Spek aangegeven eigenlijk al eind 2026 naar de raad te komen met het stuk, zodat we het begin 2027 kunnen behandelen. Dan vraag ik me toch af waarom u ervoor kiest om de wethouder zoveel ruimte te geven dat die pas in Q3 2027 hoeft te komen, terwijl de heer Spek heeft aangegeven dat hij eigenlijk gewoon begin 2027 een stuk in de raad kan hebben. Dus vanwaar niet de extra verscherping op uw mooie deadline? De voorzitter De heer Prins. De heer Prins Voorzitter, dat klopt. Ik heb dat vorige week ook horen uitspreken door de wethouder: 2026. Toen heb ik echter wel een aanvullende vraag gesteld of dat wel klopte, wat hij zei.

Uit zijn beantwoording begreep ik toen dat dat een verspreking was. En ik geef nu niet meer ruimte aan de wethouder; dat is in ieder geval niet mijn bedoeling. Ik geef meer ruimte aan de ambtenaren om dat uit te werken op een zorgvuldige manier, omdat zorgvuldigheid toch wel voorop staat. Ik kan ook een andere datum noemen, begin 2027, maar ik wil graag dat we in ieder geval voor de begrotingsbehandeling van eind 2027, dat we dan wel kunnen kijken, ook op grond van die nota die er ligt, of dat consequenties heeft voor de Algemene Beschouwingen. De voorzitter Dank u wel. Dan ga ik kijken of er nog meer vragen zijn aan de heer Prins. Dat is niet het geval. Dank u wel, meneer Prins. Dan ga ik even naar mijn rechterkant kijken en dan komt de heer Spek nog even het amendement beoordelen. Gaat uw gang. Wethouder Spek Dank u wel, voorzitter. Ja, als het gaat over het amendement. Ik heb vorige week gezegd dat wij het in 2027 zullen aanbieden. Ik heb toen inderdaad ook gezegd dat we er dan in 2026 ongetwijfeld ook al mee bezig zijn, maar ik heb daar nog eens ambtelijk naar gevraagd en we weten gewoon nog niet 100 procent zeker wat we tegenkomen. Dus het college is het nog steeds eens met de eigen bestuurlijke reactie dat wij het in 2027 aanbieden aan de raad.

De precisering die er nu in zit, maakt dat we daar wellicht onze eigen teleurstelling mee creëren of wat dan ook, dus… wij komen natuurlijk zo snel mogelijk met die SAMP, maar door de toevoeging van Q3 moet ik toch het amendement ontraden. De voorzitter Dank u wel. Er is nog een vraag aan u, meneer Spek, van de heer Brandwijk. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. De vraag is eigenlijk tweeledig richting het college. Als eerste: het klonk nu of de wethouder ging zeggen dat ze nog moeten gaan beginnen met het integraal werken, terwijl juist bij een beeldvormende vergadering ook van het Rekenkamerrapport eigenlijk gezegd werd ‘we zijn al begonnen met integraal werken en dat moet zich alleen nog verder uitwerken.’ Dus daar graag even wat verduidelijking op, van: zijn we dat proces nu wel of niet gestart? En dan is eigenlijk mijn analyse: als we dat proces wel zijn gestart en de wethouder concludeert nu ‘Q3 gaat mij niet lukken’, dan wordt het dus Q4 2027 en dat vind ik wel ingewikkeld worden, als hij dus wel eerder over 2026/2027 sprak. Juist omdat wij ook als raad zouden willen dat het integraal werken – tenminste, als fractie van Slydregt.NU, maar ik hoop ook als raad - zouden willen dat dat integraal werken ook in het DNA van de organisatie komt.

Dus zou de wethouder daar toch even op kunnen reageren? De voorzitter De heer Spek, een reactie alstublieft.

5

Wethouder Spek Voorzitter, in het Rekenkamerrapport zelf wordt al aangegeven dat er sinds 2021 behoorlijke stappen worden gezet om integraal te werken. Wij hebben gezegd: om dat te blijven doen, kunnen we zo langzamerhand toewerken naar een strategisch asset managementplan. Daarbij komen we ook best wel veel dingen tegen. Dus, wij zijn er nu al mee bezig. We gaan het ook verder uitwerken. U heeft ook al verschillende zaken de revue zien passeren die ons al kaders gegeven hebben. Wij hebben toen 2027 gezegd, omdat dat het punt is waar we zeggen van: nou, dat gaan we gewoon op deze manier doen. Het punt voor ons is dat wij daar aan vasthouden dat wij het 2027 aan de raad aanbieden. De voorzitter Dank u wel. De heer Prins, als indiener, gaat uw gang. De heer Prins Ja, ik heb toch nog een vraag. Op het moment dat je een planning bepaalt om iets te bereiken, dan heb je ook altijd een datum in gedachten waarop het gereed moet zijn. Ik heb nu aangegeven: gereed in het derde kwartaal van 2027. Ik hoor de wethouder zeggen: we richten ons op het jaar 2027. Maar richt hij zich dan op 31 december 2027, of zegt hij van: ik heb geen idee, het kan ook 1 januari zijn, 2027? Dit amendement geeft wat meer richting die we als raad meegeven. Dan helpt dat de wethouder toch ook bij het aansturen van zijn ambtenaren? De voorzitter Dank u wel voor uw vraag. De heer Spek.

Wethouder Spek Voorzitter, zoals net al gezegd: wij richten ons op om het zo spoedig mogelijk in 2027 aan te bieden, maar wij weten niet wat wij de komende twee jaar nog tegenkomen aan zaken die onderdeel zijn van dat strategisch asset management plan. En bij het strategisch asset management plan is niet alleen het in kaart brengen, maar het is ook prioriteren en het is ook kijken van hoe we daar daarna mee verder gaan. Nogmaals, in de reactie, ook in de beeldvormende vergadering heeft de Rekenkamer zelf ook eigenlijk geen kritiek geuit op het feit dat wij dit jaar hebben genoemd. Vandaar dat wij eigenlijk gewoon zeggen van: laten we het houden bij datgene wat in de bestuurlijke reactie staat. Ik snap heel goed dat dat jaartal ook in de beslispunten had kunnen landen, dus in die zin daar totaal geen moeite mee, maar zodra dat nog een keer ingekaderd wordt met een kwartaalnummer of een maandnummer of een datum, zeggen wij: dat is op dit moment gewoon voor ons niet te overzien en daarom ontraad ik het. De voorzitter Dank u wel. Er is een vraag van mevrouw Visser nog op de reactie van het college. Gaat uw gang. Mevrouw Visser Voorzitter, ik blijf hem lastig vinden. We hebben hier vorige week een gloedvol betoog aangehoord over het feit dat we in 2021 al begonnen zijn.

Dat er al zo vreselijk veel is en dat we heus wel snappen dat het niet een kwestie is van een nietje erdoor en dan hebben we een integraal plan. Maar toen ging het inderdaad over 2026. Zelfs in de beeldvormende vergadering is heel duidelijk aangegeven dat de begroting 2028 zeker op basis van dat integrale plan gemaakt zou kunnen worden en dan heeft meneer Prins gewoon gelijk dat dat plan in Q3 2027 door de raad moet, want anders kan het nooit in de begroting 2028 landen. En als je aan de ene kant als portefeuillehouder zulke gloedvolle betogen houdt, snap ik eerlijk gezegd niet dat het niet omarmd wordt en er niet gewoon gezegd wordt: hé, de raad is het hoogste orgaan, zij willen dit en ik ga daarvoor. Ik snap het gewoon echt niet, voorzitter. De voorzitter En uw vraag is? Mevrouw Visser Of de wethouder nou nog een keer uit kan leggen, want je bent al op twee derde van je plan, dus… Je zal heus nog wel wat tegenkomen. Nou, daar geeft meneer Prins eigenlijk nog een half jaar de tijd voor - waarom dan toch dat ontraden? De voorzitter De heer Spek. Het is de derde keer met min of meer dezelfde vraag, maar u krijgt nog een poging om het antwoord te geven. Wethouder Spek Voorzitter, dank voor het compliment dat ik een gloedvol betoog hield. U heeft ook goed geluisterd naar dat het maken van een strategisch asset management plan veel werk kost en dat dat veel effort geeft.

Ook dat een deel van de assets die we nog in kaart moeten brengen, nu 6

helemaal nog niet zichtbaar zijn. Die hebben we helemaal nog niet gezien. Dat zit onder de grond, bijvoorbeeld. Dus wij hebben heel bewust in de bestuurlijke reactie op 2027 gekeken. Totaal geen bezwaar tegen om dat wat in de bestuurlijke reactie staat, te verheffen tot beslispunt. Het college zegt alleen: op dit moment is een nadere inperking daarvan voor ons niet overzichtelijk. Heeft dat consequenties voor de begroting? Tot nu toe hebben wij ook al vanaf 2021 additioneel middelen aangevraagd indien dat nodig bleek te zijn. Zo hebben wij bijvoorbeeld een aantal keren extra geld gevraagd voor rioolinspecties en ook voor het versneld uitvoeren van het project van de riolering op de Nijverwaard. Dus in die zin hebben wij natuurlijk op het moment dat de nood aan de man komt en we moeten daar echt ook maatregelen nemen of zo, dan kunnen wij u daar echt op tijd voor in stelling brengen en u in positie brengen. De voorzitter Dank u wel voor de beantwoording. Dan ga ik nog even de zaal in kijken of er nog vragen aan u zijn. Nee. Dank u wel, de heer Spek voor de beantwoording. Dan kom ik aan de tweede termijn van de raad. De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Ja dank u wel, meneer de voorzitter. Het amendement, wat ingediend is door het CDA. Ook na de reactie van de wethouder kunnen we het steunen.

We denken dat het goed is om het derde kwartaal van 2027 aan te houden, dus dat we het mee kunnen nemen in onze begrotingsbehandeling, waarschijnlijk november 2027 voor de begroting van 2028. De voorzitter Dank u wel. De heer Van Urk. De heer Van Urk Voorzitter, dank u wel. Oordeelsvormend had ik al aangegeven dat ik eigenlijk het amendement niet zo zag zitten. Op basis van mijn werkervaring: er gaat echt heel veel tijd en energie zitten in een dergelijk plan. Dan verkiezen wij toch de kwaliteit boven de snelheid. Want ik denk dat wij er meer bij gebaat zijn dat wij een kwalitatief goed plan hebben om die scherpe kaders, met dat plan in de hand, te stellen, dan dat we dat nu op voorhand doen. Je kunt geen kaders stellen van informatie die je niet hebt of nog niet tot je beschikking hebt. Dan is mijn voorkeur dat je liever een gedegen plan hebt en dan daarop voortborduren, dan nu een deadline stellen. De voorzitter Er zijn twee vragen aan u. De heer Brandwijk was net iets sneller. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Zoals wij als fractie van Slydregt.NU dit amendement lezen, is dat we het college nog twee jaar en 7 maanden geven om dit verder uit te werken. Dat is een gedegen tijd. En ja: er moet gedegen beleid zijn, maar er moeten ook gedegen financiën zijn.

Daarom is het volgens onze fractie ook van belang dat dat dus integraal wordt meegenomen in die begroting en ik ben ook benieuwd hoe de fractie van de SGP-ChristenUnie daar dan naar kijkt. Geven we nu voldoende tijd met die twee jaar en 7 maanden en hebben we ook geen gedegen financieel beleid nodig? De voorzitter De heer Van Urk. De heer Van Urk Voorzitter, ik zit toevallig op een project waar, laat maar zeggen, een overheidsorgaan de opdrachtgever is en wij zijn met een dergelijk plan ook al 5,5/6 jaar bezig. Dus, ja, daar gaat heel veel tijd in zitten en er veranderen heel veel dingen onderweg. De voorzitter Aanvullende vraag van de heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Het is natuurlijk altijd leuk als er anekdotisch bewijs is en één ervaring en ik ben me ervan bewust inderdaad dat er dingen naar voren kunnen komen. Maar na het betoog van de wethouder in de beeld- en oordeelsvormende vergadering en de toelichting, zouden we toch het vertrouwen moeten hebben dat de wethouder dat ook op tijd kan afronden en dat dit college toch ook een aantal projecten wel eens op tijd kan doen? De voorzitter De heer Van Urk wil daar op reageren. Daarna gaan we naar mevrouw Visser. De heer Van Urk.

7

De heer Van Urk Dan is toch wel mijn vraag: als die dan in Q3 komt, wat willen jullie er dan mee doen in de begroting? De voorzitter Ik niks, maar misschien meneer Brandwijk. We gaan het aan hem vragen. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Wat het volgens de fractie van Slydregt.NU is en daar zullen we vanavond niet te veel op ingaan, maar daar zullen we volgens mij in maart verder op ingaan, is als we ook het Ravijnjaar gaan behandelen. We moeten goed kijken naar onze financiën en één van de dingen waar wij heel erg op zitten, is dat het beleid integraler gevoerd moet worden, omdat we denken dat er ook kostenefficiency in zit en daarom zijn we heel benieuwd naar zo’n integrale nota; ook om die financiën dus goed in beeld te houden. De voorzitter Dank u wel. De heer Van Urk heeft daar nog een reactie op. Gaat uw gang. De heer Van Urk Ik deel de mening van de heer Brandwijk als je kostenefficiënt wil zijn, maar dan moet je wel eerst de informatie hebben en die denk ik ook samenvoegen om kostenefficiënt te zijn. Daarom zeg ik: dan kun je beter eerst wachten tot je een kwalitatief goed plan hebt en dan kun je dat optimaliseren. De voorzitter Mevrouw Visser had nog een vraag aan de heer Van Urk. Gaat uw gang. Mevrouw Visser Dank u wel, voorzitter.

Als ik de afgelopen weken de beeldvormende en de oordeelsvormende vergaderingen voor mijn hoofd laat passeren, heb ik niet van de SGP-ChristenUnie gehoord, van hun vertegenwoordigers van ‘het is niet verstandig dat het college in hun bestuurlijke reactie 2027 heeft aangegeven.’ Ik heb het al herhaald: we hebben de wethouder zelfs eind 2026 horen zeggen. Meneer Prins geeft nog een half jaar extra, die zegt Q3 2027 en dan is het argument van de fractie van de SGP-ChristenUnie bij monde van meneer Van Urk: kwaliteit gaat boven snelheid. Maar als je er vanaf 2021 mee bezig bent tot derde kwartaal 2027, dan doen 3 maanden er toch niet meer toe? De voorzitter Meneer Van Urk. De heer Van Urk Ja, dat is een goede. Drie maanden doen er niet toe en daarvoor ben je voor of tegen een amendement van 3 maanden. Kijk, volgens mij, als je er met de begroting wat mee wil doen, dan zou je het eigenlijk al eerder in 2027 moeten hebben, het stuk. Ik denk: met de Kadernota. Daarom zeg ik: dan zie ik de winst niet van die 3 maanden en als er gedacht wordt van, wij hebben die tijd nodig, we zeggen 2027, want we komen onbekende dingen tegen en we weten nog niet alles wat ik me heel goed kan voorstellen dat je dat niet weet - dan begrijp ik dat je je daar dan niet op gaat vastpinnen.

Ik zie dan ook niet de winst om het 3 maanden naar voren te halen, maar ik zie wel de winst als je een heel goed plan krijgt. Ook al is hij dan eind 2027 daar, dan zie ik daar veel meer winst in naar de toekomst toe dan dat je nu inzet op 3 maanden tijdwinst. De voorzitter Dank u wel, meneer Van Urk. Een aanvullende vraag van mevrouw Visser. Gaat uw gang. Mevrouw Visser Nou, ik weet niet of het een aanvullende vraag is. De voorzitter Als het maar een vraag is. Mevrouw Visser Toch wel, eigenlijk. Want één van de argumentaties van de heer Van Urk, voorzitter, is: tijd is niet het allerbelangrijkst. Maar als dat de argumentatie is van de fractie van de SGPChristenUnie, wat is dan nog de waarde van welk raadsbesluit dan ook waar een termijn in genoemd wordt? Want het leven is onvoorspelbaar, dus er zal altijd iets opdoen wat onverwacht is en daar hebben we toch vier professionals voor ingehuurd om dat te tackelen? De voorzitter Meneer Van Urk. Volgens mij is de vraag aan u gesteld. Ik hoor niet echt een vraag, maar het was meer een statement. 8

De heer Van Urk Precies, ik hoor er ook geen vraag in en dan val ik misschien ook wel weer een beetje in herhaling met het antwoord wat ik zojuist heb gegeven. De voorzitter Dat is duidelijk. Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, niet zozeer op de heer Van Urk, maar gewoon even een reactie op het amendement. Wij kunnen het amendement steunen zoals dat voorligt. Ik denk dat je met het benoemen van die concrete datum ook vooral een wens uitspreekt of een opdracht meegeeft aan het college: zorg ervoor dat dit op een goede manier integraal afgewogen kan worden en werk daar naartoe. Dat is volgens mij vooral het signaal dat van het amendement uitgaat en we weten volgens mij allemaal ook, als halverwege 2027 het college tot de conclusie komt dat ze het niet gaan redden, dan komen ze echt wel met een brief. De voorzitter Dank u wel voor uw bijdrage, meneer Van Rossum. Volgens mij zijn we aan het eind gekomen van de beraadslaging. De heer Van Urk wil nog iets toevoegen. Gaat uw gang. De heer Van Urk Nou, dat was toch wel een vraag aan de heer Van Rossum, wat dan de waarde van het amendement is. De voorzitter De heer Van Rossum, wat is de waarde van het amendement? De heer Van Rossum Nou, volgens mij leg ik dat net uit.

Het is een krachtig signaal vanuit de raad richting het college dat wij heel graag integraal de investering die hiermee gepaard gaat, willen kunnen afwegen. Dat is het signaal dat we vandaag afgeven of willen afgeven als we dit amendement aannemen. En ik denk dat het college dat heel goed hoort. De voorzitter Dank u wel. Is dat voldoende voor de heer Van Urk? Zo te zien wel. Dan ga ik nogmaals een poging doen om de beraadslaging te beëindigen. Dat is nu wel gelukt. Dan gaan we over tot stemming. We beginnen uiteraard bij het amendement. Is er behoefte aan een stemverklaring aangaande het amendement A8.1? Dat is niet het geval. Er is wel behoefte aan stemming, schat ik zo in, voor het amendement. Dan ga ik de stemming openen. (…) Dan hebben we 19 van de 20 stemmen ontvangen en ga ik aan mevrouw Stam-Smeets vragen of zij mondeling wil stemmen. Mevrouw Stam Dank u wel, voorzitter. Voor. De voorzitter Dank u wel. Dan hebben alle 20 aanwezigen gestemd en heb ik 13 stemmen voor en 7 stemmen tegen. Die 7 stemmen tegen zijn van de fractie van de SGP-ChristenUnie. Daarmee is het amendement aangenomen. Dan gaan we door naar het gewijzigde raadsbesluit, want dat is inmiddels natuurlijk gewijzigd door dit amendement. Is er behoefte aan een stemverklaring? De heer Brandwijk, gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter.

Wij zullen voor dit raadsvoorstel stemmen, maar we hopen ook dat de oproep van het integraal werken niet beperkt blijft tot deze onderwerpen, maar eigenlijk in de hele ambtelijke organisatie en ook door het hele college wordt opgepakt om op een integrale manier te gaan werken. De voorzitter Dank u wel. Zijn er nog meer stemverklaringen over het gewijzigde raadsbesluit? Die zijn er niet. Is er stemming verlangd over het gewijzigde raadsbesluit? Dan kijk ik even naar mijn rechterzijde, de SGP-ChristenUnie-fractie. Dat is niet het geval. Dus dan is hierbij denk ik het raadsbesluit unaniem vastgesteld door de 20 aanwezige leden, waarvoor dank. 9. SLUITING De voorzitter Dan mag ik nu overgaan naar agendapunt 9. Dat is de sluiting. Ik dank u hartelijk voor uw komst, inzet en bijdrage van deze vergadering. Uw constructieve bijdrage, mag ik wel zeggen, waardoor wij om 20.38 uur kunnen afronden. In de foyer is er gelegenheid tot het nuttigen van een drankje, maar ik weet niet of we al zo vroeg daar mogen zijn. Ik hoor dat het zo is, dus dat is dan geregeld. Dan wens ik iedereen een fijne avond. De vergadering is gesloten. 9

Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Sliedrecht op 4 maart 2025. De griffier,

De voorzitter,

mr. R.P.A. van Aalst

mr. drs. J.M. de Vries

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/876/documents/11316