Groenbeleidsplan_definitief_4-3-2021.pdf
Tekst van het document
Inspraak en informeren
Participatie en groenstructuurniveaus
Inwoners bewust te maken van het effect en de waarde van groen. Mensen zijn zich bewust en betrokken bij groen als ze de noodzaak en het persoonlijk voordeel van een groene tuin/leefomgeving kennen;
Samen te werken met particuliere partijen en samenwerking tussen partijen onderling aan te moedigen;
Het goede voorbeeld geven door de openbare ruimte groen in te richten;
Te faciliteren en subsidiëren.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Zoals gezegd streeft de gemeenten naar betrokkenheid en groenbewustzijn bij haar inwoners. Daarom worden bewoners betrokken bij de inrichting en het beheer van het groen in de openbare ruimte. De mate van betrokkenheid hangt samen met het structuurniveau van het groen. Over wijzigingen in de hoofdgroenstructuur (van belang voor alle Sliedrechters) worden de inwoners vooral geïnformeerd. Wel luistert de gemeente bij grote (her)inrichtingsprojecten serieus naar de bewoners middels participatiemomenten in het voortraject. De beslissingen worden vooral door de gemeente genomen, binnen de kaders van financiën, beheerconsequenties, functionaliteit en beeld. Bij wijzigingen in wijkgroenstructuren (van belang voor een wijk) gaat de gemeente vaker over tot raadpleging van de bewoners. Bij wijzigingen in het woon- en buurtgroen (van belang voor een kleine groep omwonenden) is het raadplegen de standaard-werkwijze. Voor bewoners is dit groen in de directe woonomgeving vaak het belangrijkste. Het ligt daarom voor de hand bewoners relatief veel invloed te geven op de openbare ruimte in hun directe omgeving. Bewoners kunnen soms zelfs meebeslissen – uiteraard binnen gestelde kaders. Ook medewerking aan het groenbeheer, bijvoorbeeld via groenadoptie, is op dit structuurniveau goed mogelijk.
Daarnaast hebben bewoners uiteraard in vergunningtrajecten de mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen, bijvoorbeeld tegen bomenkap. Bij kleine ingrepen vindt participatie niet standaard plaats. Wijze van informeren bij werkzaamheden Ingrijpende werkzaamheden aan de hoofd- of wijkgroenstructuur zoals renovatie, intensieve snoei of het verwijderen of vervangen van bomen Pagina 27
worden altijd vooraf aan bewoners gemeld. Als de werkzaamheden zich beperken tot een klein gebied worden bewoners per brief geïnformeerd. Wanneer de werkzaamheden een groter gebied beslaan informeert de gemeente de bewoners via plaatselijke kranten en de gemeentelijke website. Soms wordt een informatiebijeenkomst georganiseerd.
Binnen Sliedrecht kunnen particulieren subsidies voor groene daken aanvragen. Hierdoor wordt het voor particulieren, woningcorporaties en bedrijven aantrekkelijker om een groen dak aan te leggen. 4.3
Ontwikkelingen en actuele thema’s
4.2.3
4.3.1
Vaste groeiplaatsen en ontwikkelingen
Incidentele initiatieven
De gemeente Sliedrecht staat open voor initiatieven vanuit de buurt en zal er, afhankelijk van de vraag, passend op inspelen. Bewoners met initiatieven voor de groene ruimte kunnen contact opnemen met de gemeente. De gemeente denkt mee over hoe het initiatief slim aangepakt kan worden en faciliteert kansrijke initiatieven. 4.2.4
Terugkerende initiatieven
Boomfeestdag Jaarlijks doet Sliedrecht op de derde woensdag in maart mee aan de nationale boomfeestdag. Basisschoolleerlingen krijgen dan les over bomen en gaan daarna naar een plantlocatie om bomen te planten. Dat vormt gelijk een mooie gelegenheid om kinderen meer respect voor en kennis over de natuur bij te brengen. Operatie Steenbreek De gemeente Sliedrecht is aangesloten bij Operatie Steenbreek. Stichting Steenbreek heeft als doel om samen met deelnemende gemeenten, waterschappen en provincie de leefomgeving groener te maken. Onnodige verharding in privé-eigendom en in de openbare ruimte worden vervangen door groen. Door waar mogelijk stenen te vervangen door groen kan het water makkelijker infiltreren waardoor het riool minder belast wordt. Ook wordt het leefgebied van bijen, vlinders en andere insecten vergroot en zorgt groen voor meer verkoeling. Sliedrecht organiseert onder de campagne Operatie Steenbreek regelmatig acties samen met inwoners, ontwikkelaars en bedrijven om de gemeente te vergroenen. Geveltuinen en groene daken Geveltuintjes worden in Sliedrecht gestimuleerd door de samenwerking met Operatie Steenbreek en de mogelijkheid tot groenadoptie of verkoop. Groenbeleidsplan 2021-2025
De openbare ruimte, en daarmee ook het groen, is altijd in ontwikkeling. Binnen die ontwikkelingen is een stukje vastigheid nodig. Om een volwassen boom te krijgen moet de groeiplaats enkele decennia gereserveerd blijven. Bij de aanplant van een boom moet daar goed over nagedacht worden en bij ontwikkeling dient die ruimte gerespecteerd te worden. Vanwege die dynamiek in de openbare ruimte heeft Sliedrecht al eerder de groenstructuren bestuurlijk vastgelegd (Bijlage 1), zodat de belangrijkste structuren bescherming genieten als er wijzigingen plaatsvinden in de openbare ruimte. Vanwege nieuwe ontwikkelingen is het mogelijk dat de groenstructuurkaart de komende jaren op details gewijzigd wordt. 4.3.2
Ondergrondse voorzieningen (energietransitie)
Beheerders van ondergrondse kabels en leidingen accepteren vaak lage begroeiing met geringe worteldiepte boven hun leidingen. Hier passen we zulke beplanting toe die snel (binnen 2 jaar) het eindbeeld bereikt, zodat het verwijderen van de beplanting bij werkzaamheden minimale negatieve effecten heeft op het gewenste beeld. 4.3.3
Klimaatadaptatie
Sliedrecht zet met het groen in op een klimaatadaptieve inrichting: verminderen van hittestress, droogte, wateroverlast en inspelen op bodemdaling. Groen wordt ingezet om hittestress te verminderen en overschotten aan regenwater op te vangen en vertraagd af te voeren. En hier vermengt groen zich met 'grijs'. De gemeente kijkt bij elke (her-) inrichting of 'groene' bestrating '(zoals grasbetonstenen) ingezet kunnen worden. Zeker op parkeerplaatsen is dat vaak mogelijk. Plekken met hoge 'straatbegroeiing', worden opgenomen in het maaibeheer.
Pagina 28
De gemeente heeft de ambitie om binnen 200 meter van iedere woning een koele groene verblijfsplek te realiseren. 4.3.4
Bodemdaling
Bij het inrichten van groene plekken die gevoelig zijn voor 'verzakking' kiest de gemeente voor materialen en beplanting (waaronder bomen) die passen bij de verwachte vervangingsduur en de stabiliteit van de bodem. Indien mogelijk worden ophogingen rondom bomen vermeden. Als dat niet mogelijk is wordt onderzocht of de boom met ophogingen kan overleven. Wanneer het gaat om een boomsoort die ophogingen slecht verdraagt, kan er na onderzoek en belangenafweging voor gekozen worden om de
boom te kappen en te vervangen voor een soort die past bij de opgehoogde situatie. Op plekken waar de bomen daalt en niet wordt opgehoogd worden bomen die afsterven vervangen door soorten die goed tegen een natte bodem kunnen. 4.3.5
Biodiversiteit
Zowel landelijk als regionaal worden verschillende maatregelen getroffen om de biodiversiteit te vergroten. De gemeente deelt deze ambitie en zet zich in op de volgende manieren in om de biodiversiteit in en rond de gemeente te verhogen: Toepassen natuurlijk beheer Waar de functie van de locatie en de veiligheid het toelaten wordt natuurlijk beheer toegepast. In het beheerplan wordt dit verder toegelicht. Voorbeelden van natuurlijke beheermaatregelen zijn:
Minder vaak maaien waardoor meer plantensoorten zaad kunnen zetten en zich zo verder kunnen ontwikkelen en verspreiden.
Het gebruik van kruidenmengsels in plaats van een gazonmengsel voor meer soorten.
Bladeren langer in het groen laten liggen voor een beter bodemleven.
Bij beheer vrijgekomen organisch materiaal gebruiken voor houtrillen zodat dieren zoals egels een verblijf- en overwinteringsplaats hebben.
Bij beplantingskeuzes zoekt de gemeente naar passende inheemse beplanting. Pas als inheemse beplanting ongeschikt blijkt, kiest de gemeente voor niet-invasieve uitheemse soorten.
Het ecologische beheer vereist een goede communicatie naar inwoners. Veel inwoners zijn nette beplanting en gazons gewend en geven hier de voorkeur aan. Door het belang en de positieve gevolgen van ecologisch beheer te benadrukken probeert de gemeente begrip bij haar inwoners te creëren. Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 29
Toepassen verschillende (inheemse) plantsoorten
4.3.6
De gemeente brengt structureel meer diversiteit aan in de toegepaste plantsoorten. In nieuw aan te planten structuren wordt gezocht naar combinaties van inheemse soorten, en bij herinrichtingen wordt gekeken hoe meer verschillende inheemse soorten geïntroduceerd kunnen worden. Dit verhoogt de biodiversiteit en verlaagt de kans op ziektes en plagen. Bij beplantingskeuzes hanteert de gemeente de ‘inheems, tenzij’-aanpak.
Invasieve exoten zijn planten- en diersoorten die hier van oorsprong niet voorkomen, die hier vaak geen natuurlijke vijanden hebben en zich daardoor snel vermenigvuldigen. Ze zijn elk op hun eigen manier schadelijk voor natuur en/of mens. Er zijn in Nederland veel uitheemse planten- en diersoorten. Slechts een klein deel daarvan is schadelijk, en wordt tot de invasieve exoten gerekend.
Versterken van groenblauwe structuren
Invasieve exoten worden beheerst volgens de landelijke richtlijnen van de NVWA (Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit). Voor invasieve planten geldt:
Elk open wateroppervlak vervult een functie in het waterbeheer. Net als groen vervult open water vele functies tegelijk. Het biedt een open blik en draagt daarmee sterk bij aan de beleving van de omgeving. Daarnaast vervult het altijd wel een functie voor de natuur. Zeker die laatste functie wil de gemeente versterken. De gemeente gaat daarom door met het aanleggen van natuurvriendelijke oevers en creëert langs en in het water ruimte voor een grote diversiteit aan planten- en diersoorten. Groene verbindingen leggen De gemeente zoekt zowel binnen de gemeentegrenzen als regionaal naar kansen voor groene verbindingen (zie hoofdstuk 4.3.11). Het verbinden van groengebieden zorgt voor grotere, sterkere en toekomstbestendige leefgebieden voor planten en dieren. Voorbeelden hiervan binnen de gemeente zijn het Groenste fietspad, de groene satéprikkers en het Prachtlint. De gemeente geeft het juiste voorbeeld Met de inrichting van de openbare ruimte geeft de gemeente het juiste voorbeeld aan inwoners. Ze laat zien dat een ecologische inrichting er mooi uit kan zien, maar op sommige momenten ook wat rommelig, en legt uit waarom het uiterlijk van de openbare ruimte door ecologisch beheer door het jaar kan veranderen. Een ecologisch beheerde berm ziet er in de zomer mooi en kleurig uit, terwijl dezelfde berm in de winter wat rommelig en verwaarloosd kan ogen.
Het helpt dan om inwoners bijvoorbeeld het belang van het laten staan van uitgebloeide planten toe te lichten. Op die manier kan de gemeente een positieve draai geven aan een openbare ruimte die op bewoners wellicht rommelig overkomt. En uiteraard is het de bedoeling dat dit voorbeeld doet volgen, voor een hogere biodiversiteit.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Invasieve exoten
We planten geen (potentieel) invasieve soorten aan.
Bij het maaien van bermen worden de delen waar invasieve exoten staan niet mee gemaaid.
Bij opdrachten die leiden tot grondverzet wordt erop gelet dat de grond vrij is van zaden en plantendelen van invasieve exoten. Dit geldt met name voor de duizendknopen.
De bestrijding van invasieve exoten gebeurt professioneel, indien nodig met een gespecialiseerd extern bedrijf.
Groenafval met (plantendelen van) invasieve exoten wordt door gespecialiseerde bedrijven afgevoerd en verwerkt.
Gevaarlijke invasieve exoten zoals reuzenberenklauw worden verwijderd.
4.3.7
Bestrijding ziekten en plagen
Naast invasieve exoten, kunnen ziekten en plagen ook voor grote overlast zorgen. De meest voorkomende ziekten en plagen op bomen binnen de gemeente worden genoemd in de tabel op de volgende pagina. De genoemde boomziekten kunnen soms worden geremd maar de boom herstelt er meestal niet van. Vaak leidt de ziekte uiteindelijk tot verwijdering van de boom. Door minder vaak dezelfde boomsoorten bij elkaar te planten, bijvoorbeeld in lanen en boomgroepen, kan de
Pagina 30
BOOMZIEKTEN
PLAGEN
Essentaksterfte
Eikenprocessierups
Kastanje bloederziekte
Buxusmot
Een hoger rendement van een zonnepaneel is geen argument om bomen te kappen of niet te planten. Bij het bepalen of een pand geschikt is voor zonnepanelen moeten de aanwezige bomen (en hun groei) worden meegewogen. De persoon die de panelen wil plaatsen moet zelf afwegen of het rendement met de bomen voldoende is.
Massaria
Luis
Uitgangspunten
Paardekastanjemineermot
1. Nieuwbouwlocaties:
verspreiding van de ziektes geremd worden. Als dan een boom ziek wordt, is de kans op grootschalige uitval kleiner. De bestrijding van plagen is soortafhankelijk. Een grote soortenrijkdom (biodiversiteit) leidt over het algemeen tot een vermindering van plagen, dankzij het grotere aantal natuurlijke vijanden dat aanwezig is. Vleermuizen, vogels, sluipwespen en sluipvliegen zijn bijvoorbeeld de natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups. Waar deze soorten aanwezig zijn, neemt het aantal eikenprocessierupsen af. 4.3.8
Zonnepanelen
De gemeente staat positief tegenover zonnepanelen op daken. Desondanks mogen zonnepanelen niet te koste gaan van openbaar groen.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Op nieuwbouwlocaties streeft de gemeente naar een goede verhouding tussen groen en bebouwing. Bij de aanplant van bomen wordt rekening gehouden met de komst of aanwezigheid van zonnepanelen op woningen en overige panden. Als gekozen moet worden tussen aanplant van de boom/bomen en het rendement van zonnepanelen, dan prevaleert het belang van de boom/bomen. Wel wordt gekeken of met kleine aanpassingen beide beter kunnen samengaan. Bewoners moeten zelf bepalen of het plaatsen van zonnepanelen voor hen rendabel zal zijn. Deze richtlijn wordt in het programma van eisen voor interne en externe projectontwikkelaars opgenomen. 2. Bestaande situaties: In bestaande situaties moet de initiatiefnemer bij de plaatsing van zonnepanelen rekening houden met de bestaande bomen (en hun groei). Als blijkt dat door de bomen het rendement lager wordt, zal de
Pagina 31
initiatiefnemer zelf de afweging moeten maken of het plaatsen (op zijn eigen woningdak) zinvol is. Een initiatiefnemer kan geen rechten laten gelden op een maximaal rendement als in de directe omgeving van het gebouw bomen staan. 3. Zonnepanelen bij herinrichting openbare ruimte: Bij een herinrichting van de openbare ruimte waarbij de bestaande bomen niet worden gehandhaafd, geldt het hierboven genoemde uitgangspunt 1 (Nieuwbouwlocaties). Waar bij herinrichting het aanwezige bomenbestand wordt behouden, geldt uitgangspunt 2 (Bestaande situaties).
verdwenen groen worden gecompenseerd door kwaliteitsverhoging van het overgebleven groen (biodiversiteit, klimaatfuncties, vitaliteit e.d.). Dit kost vaak meer tijd en middelen.
Bestaande groene verbindingen met het buitengebied worden ingepast en versterkt, niet doorbroken. Waar mogelijk worden nieuwe verbindingen gerealiseerd.
Ook bij de afweging over het handhaven of verwijderen van bomen bij een herinrichting, dienen eventuele zonnepanelen hooguit een secundaire rol te vervullen. 4.3.9
Groen in de woningbouwopgave
Scenario 1: Inbreiding bebouwde kom Voor inbreiding moet binnen de bebouwde kom ruimte worden gemaakt voor extra woningen. Dit kan op twee manieren zorgen voor extra druk op het groen in de gemeente: l 1. Het kan nodig blijken groene ruimte op te offeren voor nieuwe woningen. 2. Het (overgebleven) groen wordt door meer mensen gebruikt en krijgt meer functies. Ondanks de woningbouwopgave vindt de gemeente het belangrijk dat het groenoppervlak in de wijken niet mag afnemen. Groen dat bebouwd wordt, moet daarom gecompenseerd worden volgens de volgende richtlijnen:
In de eerste plaats wordt gezocht naar kwantitatieve compensatie binnen 200 meter van de oorspronkelijke locatie: voor iedere vierkante meter verdwenen groen komt evenveel vergelijkbaar groen terug. Soms kan dat door onnodige verharding te verwijderen.
Alleen als kwantitatieve compensatie echt niet lukt, accepteert de gemeente kwalitatieve compensatie: de waarden en functies van het
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 32
Scenario 2: Uitbreiding bebouwde kom
De groeiomstandigheden voor beplanting dienen optimaal te zijn. Hiervoor hanteren we de richtlijnen in Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR, in ontwikkeling) en het Handboek Bomen.
De exacte werkwijze en randvoorwaarden voor projectmatige inrichting en omvorming wordt uitgewerkt in een Uitvoeringsplan.
Het aanpassen van de groenstructuur (en het kappen van bomen in de hoofdstructuur) gebeurt alleen na goedkeuring van de gemeenteraad.
Bij uitbreidingen buiten de bestaande kern gelden de volgende 'groene' randvoorwaarden vanuit het groen:
Groen wordt beschouwd als kernonderdeel van de leefomgeving. Nieuw groen wordt beschouwd als uitbreiding van de bestaande groenstructuur en krijgt – net als het bestaande groen – de status van hoofdstructuur, wijkstructuur of wijk-/buurtgroen. Het nieuwe groen wordt ontworpen op basis van de functies die aan het groen worden toegekend, bijdragend aan het woongenot en welzijn van de (toekomstige) inwoners. Bestaande groene verbindingen worden ingepast en versterkt, dus niet doorbroken. Waar mogelijk worden nieuwe verbindingen gerealiseerd.
4.3.10
(Her)inrichting van de openbare ruimte
Bij de (her)inrichting van openbaar groen gelden de volgende uitgangspunten:
Het groen dient duurzaam te zijn en een zo hoog mogelijke waarde te hebben voor natuur, klimaat en leefbaarheid.
Bomen worden zo veel mogelijk behouden. Bij de afweging over het handhaven van bomen weegt de gemeente de maatschappelijke en economische waarde van de boom (zie 4.1.1.B) af tegen de inspanningen en kosten om de boom binnen het project te laten staan. Ook de levensverwachting van de boom na het project weegt mee.
Ieder ontwerp wordt eindbeeldgericht gemaakt.
Veiligheid staat voorop.
Op ieder ruimtelijk ontwerp wordt een beheertoets toegepast. Zo blijft de openbare ruimte beheerbaar tegen acceptabele kosten.
De groenstructuur blijft leidend voor het behoud en de ontwikkeling van het groen in de gemeente.
Groenbeleidsplan 2021-2025
4.3.11
Groene verbindingen
De aandacht voor biodiversiteit is de afgelopen jaren toegenomen. Zo tekende Sliedrecht in 2020 het beheerconvenant Prachtlint (natuurlijk bermbeheer). Sliedrecht kan via de bermen van de N482 aansluiten op het prachtlint. Verder ontstond het plan voor het groenste fietspad, als onderdeel van het ‘Groenste Fietsnetwerk van Nederland’, dat ten zuiden van de snelweg van oost naar west door de bebouwde kom loopt. Een voorzichtige start is al gemaakt: langs een deel van de Tiendweg zijn inheemse bomen en struiken geplant, als verbetering van het leefgebied voor inheemse fauna. Ondanks de sterke oostwest oriëntatie van de hoofdstructuren die de bebouwde kom scheiden van het omliggende buitengebied heeft Sliedrecht ook de ambitie om in noord-zuidrichting groene natuurverbindingen te realiseren met het buitengebied. In de Kadernota 2021 (Koers 2030) wordt gesproken over de Groene Longen: groenen noord-zuidverbindingen. Deze verbindingen zullen lopen vanaf het veenweidegebied naar de Merwede. Daarmee moet de barrièrewerking van de A15 en de spoorlijnen te verminderen. De parken en de begraafplaats worden gezien als onderdeel van de groene longen. Omdat deze verbindingen zware barrières als de A15 en de spoorlijnen moeten passeren, zullen deze projecten waarschijnlijk langs de route van de ruimtelijke ordening lopen, startend met haalbaarheidsonderzoeken.
Pagina 33
4.3.12
Groenstructuren
De gemeente gaat door met het groenstructuurbeleid uit het vorige groenbeleidsplan. De ambities voor de verschillende groenstructuren zijn uitgewerkt in hoofdstuk 6. Het zijn de bestaande ambities voor die groenstructuren, aangevuld met de ambities die uit dit beleidsplan voortvloeien. Zo bouwen we voort op het bestaande en vinden er geen onnodige veranderingen plaats. Groenstructuren ontwikkelen langzaam. Ingrijpende aanpassingen zijn meestal ongewenst. Groenstructuren kunnen op accenten worden bijgestuurd. Dat is het uitgangspunt voor de groenstructuur in dit plan. De groenstructuren hebben als functie:
Ruimtelijke structuurdragers. Groenstructuren benadrukken vaak de ruimtelijke structuren;
Waterbeheer, o.a. dempen van piekbuien, verdamping, waterberging;
Natuur: ruimte bieden aan veel planten en diersoorten (biodiversiteit) en dienen als migratieroute voor die soorten;
Groenbeleidsplan 2021-2025
Het beter benutten van de landschappelijke kwaliteiten voor recreatie en toerisme;
Dempen van klimaatinvloeden (o.a. hitte).
4.3.13
Groen dicht bij water
Het niet-opgehoogde deel van Sliedrecht, ten noorden van de RivierdijkKerkbuurt-Molendijk, ligt zo laag dat en een kwel- en welsituatie heerst. Om het omhoogkomende water op te vangen en af te voeren is veel open water nodig. Deze waterstructuren zijn ook ecologische verbindingszones: belangrijke dragers voor het verspreiden van (water)planten en dieren binnen Sliedrecht. Ook het groen in en langs het water draagt daaraan bij. Soms zijn de oevers zo dichtbegroeid dat de belevingswaarde van het water lager is. Sliedrecht streeft naar natuurvriendelijke oevers met een halfopen of open beeld, zodat het water beleefbaar is en blijft. De zichtbaarheid van water – gecombineerd met natuur - draagt ook bij aan andere maatschappelijke waarden, zoals recreatie (wandelen, picknicken, etc.) en klimaatadaptatie.
Pagina 34
Door te werken met laag liggende, natuurvriendelijke oeverzones, dragen deze zones ook bij aan de waterberging bij eventuele piekbuien. Als bomen langs watergangen staan, valt een deel van het blad in het water. Dat kan leiden tot meer baggervorming en een verminderde waterkwaliteit. Dit is geen reden om bomen langs watergangen te kappen. Wel overweegt de gemeente dit effect bij het eventueel planten van nieuwe bomen bij watergangen. Dit wordt gedaan in overleg met andere vakdisciplines, waaronder de sector water. Ook het waterschap wordt geraadpleegd als er bomen langs water worden geplant. Soms is een watervergunning nodig. Daarbij wordt gekeken naar het aantal bomen, de afstand tot de watergang en de boomsoortkeuze. Er zal overigens altijd enige bladval in het water blijven. De gemeente schat vooral in of het niet overmatig veel zal zijn. 4.3.14
Tijdelijk groen
De gemeente staat open voor tijdelijk groen. Dit betekent dat aan grond die enkele jaren braak ligt een tijdelijke groene of natuurlijke inrichting wordt geven. Deze inrichting blijft totdat men er gaat bouwen en/of ontwikkelen. Tijdelijk groen wordt in principe ontwikkeld op verzoek van en in overleg met de omwonenden. Daarbij wordt de tijdelijkheid duidelijk gecommuniceerd. De verwachte bestaansduur van de groene locatie bepaalt de inrichting en beplantingskeuze. 4.3.15
relatief moeilijk te beheren zijn. Ze voegen vaak weinig toe aan de functionaliteit en de belevingswaarde van de openbare ruimte maar kunnen voor enkele omwonenden van grote waarde zijn. De gemeente is bereid om snippergroen te verkopen of te verhuren, zie 4.3.16. 4.3.16
Koop, huur en adoptie van gemeentegroen
Bewoners kunnen kleine stukjes groen van de gemeente kopen of huren. Bewoners kunnen ook groen van de gemeente adopteren. Het blijft dan openbaar gebied maar wordt door éen of meer bewoners onderhouden. Als er een verzoek binnenkomt voor koop, huur of groenadoptie, dan beoordeelt de gemeente die aanvraag aan de hand van het toetsingskader verkoop of verhuur of adoptie van gemeentegroen (Bijlage 3). Gemeentegrond wordt niet zonder vergoeding in gebruik gegeven. Ook wordt meegewogen in hoeverre het groen bijdraagt aan functionaliteit en/of de beeldkwaliteit van de buitenruimte. 4.3.17
Risicovol groen bij speelplekken en schoolpleinen
Planten met stekels worden bij en op risicovolle plekken, zoals speelplekken en schoolpleinen vermeden. Ze worden vervangen door stekelloze soorten als ze een gevaar vormen. Giftige planten worden in heel de gemeente vermeden en bij aanwezigheid verwijderd. Waar nodig worden planten met stekels bij herinrichting vervangen voor stekelloze planten.
Snippergroen
Snippergroen zijn kleine stukjes groen die niet tot de hoofdgroenstructuur of de wijkgroenstructuur behoren. Dit zijn vaak kleine groenvakjes die
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 35
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 36
5.1
Regulier groenbeheer
aan ecologie en natuurlijke processen. De gemeente past deze vorm van beheer gericht toe.
Beeldkwaliteit Het groen binnen de gemeente Sliedrecht is onderverdeeld in verschillende beheerniveaus. De beheerniveaus zijn gekoppeld aan de CROWbeeldkwaliteitsnormen A t/m C.
Intensief (A): Plantvakken binnen dit niveau worden intensief onderhouden en hebben een zeer verzorgd uiterlijk. Dit beheerniveau geldt voor het centrum van Sliedrecht, de woonboulevard, de begraafplaats en enkele belangrijke herkenningspunten, zoals rotondes. Standaard (B): het standaard beheerniveau komt het meest voor, bijvoorbeeld in woonwijken. Dit niveau geeft een verzorgd beeld tegen redelijke kosten. Extensief (C): bij dit beheerniveau wordt het groen extensief onderhouden. Het wordt vooral toegepast in gebieden met hoge natuurwaarden, zoals de parkzone, een aantal parken en natuurlijk beheerder bermen. De kosten voor dit beheer zijn meestal lager.
Binnen elk beheerniveaus passen een aantal beheergroepen: beplantingstypen die op hetzelfde niveau (kunnen) worden onderhouden:
5.2
Intensief beheer: bomen, (bodembedekkende) heesters, hagen, vaste planten, perkplanten en gazon Standaard beheer: bomen, (bodembedekkende) heesters, bosplantsoen, hagen, vaste planten en gazon Extensief beheer: bomen, bosplantsoen, gazon, ruw gras (2 maal maaien) verschralingsvegetaties (1 à 2 maal maaien en maaisel afrapen) en oevervegetaties. Natuurlijk beheer
Natuurlijk groenbeheer is een van de belangrijkste gemeentelijke ambities om de biodiversiteit te vergroten. De gemeente past waar mogelijk natuurlijk beheer toe. Met natuurlijk beheer wordt meer ruimte gegeven
Groenbeleidsplan 2021-2025
5.3
Gazons met een lage gebruiksintensiteit worden (gedeeltelijk) minder vaak gemaaid en zo omgevormd naar ruig en/of kruidenrijk gras waar inheemse soorten zich kunnen ontwikkelen.
De gemeente werkt met inheemse boom- en plantensoorten, tenzij zwaarwegende redenen (zoals klimaatverandering) vragen om andere soorten.
In plantvakken worden vaker vaste planten en inheemse kruidachtigen aangeplant om natuurlijke vijanden (zoals bepaalde vogels) van plaagdieren aan te trekken.
Door nestkasten te plaatsen wordt ervoor gezorgd dat vogels zich gemakkelijker vestigen
De gemeente laat vaker natuurhoekjes ontstaan waar ecologisch waardevolle planten een plek krijgen, ook als deze planten er niet zo mooi uitzien.
Wanneer het bestrijden van een soort noodzakelijk is probeert de gemeente dit altijd eerst op een biologische manier te doen. Boombeheer
De gemeente Sliedrecht is eigenaar en beheerder van de bomen in de openbare ruimte. Zorgplicht De gemeente heeft als eigenaar/beheerder de zorgplicht voor deze bomen: de plicht om schade door nalatige zorg aan bomen te voorkomen. Dit betekent dat de gemeente aansprakelijk kan zijn wanneer schade of letsel ontstaat door (verwijtbaar) onvoldoende zorg voor de boom. Deze aansprakelijkheid vervalt wanneer de gemeente de zorgplicht heeft vervuld en dit op basis van registratie kan aantonen. De gemeente is daarom verplicht om zorgvuldig onderhoud aan het boombestand uit te (laten)
Pagina 37
•
Pleegt de gemeente onderhoud waar dit nodig is.
Tabel typen zorgplicht Algemene zorgplicht
Het regulier noodzakelijke onderhoud en een periodieke controle op zichtbare gebreken
Verhoogde zorgplicht
Bomen met een verhoogde kans op gebreken/risicovorming worden met een verhoogde regelmaat (jaarlijks) gecontroleerd.
Onderzoeksplicht
Als de aard/omvang van het gebrek niet geheel duidelijk is wordt het met een aanvullend onderzoek vastgesteld. Zo nodig worden bijzondere maatregelen genomen om de onveiligheid weg te nemen.
Boomveiligheidscontrole Ieder jaar wordt ongeveer een derde van de gemeentelijke bomen door opgeleide boomcontroleurs gecontroleerd op vitaliteit, veiligheid en onderhoudstoestand. Attentiebomen (bomen met een verhoogde kans op risicovorming) worden jaarlijks gecontroleerd. Bij de controle wordt aangegeven welk onderhoud de boom nodig heeft om gezond verder te groeien. De inspecties worden geregistreerd in het beheersysteem van de gemeente. De boomveiligheidscontrole wordt uitgevoerd volgens de VTA (Visual Tree Assessment). De inspectie wordt uitgevoerd door een gecertificeerd boomveiligheidscontroleur of European Tree Worker (ETW). voeren. Ook moet de controles en het onderhoud goed worden geregistreerd om nalatigheid bij schade uit te kunnen sluiten. In de rechtspraak wordt onderscheid gemaakt tussen drie typen zorgplicht bij bomen, zoals weergegeven in de tabel in de volgende kolom. Vanwege deze zorgplicht: • Voert de gemeente regelmatig boomveiligheidscontroles uit met gecertificeerde boomveiligheidscontroleurs
Groenbeleidsplan 2021-2025
5.4
Herplantfonds
De gemeente Sliedrecht heeft een herplantfonds voor de herplant van bomen. Het fonds wordt voornamelijk gevuld met gelden afkomstig van mensen die een kapvergunning hebben gekregen, zonder dat dat een fysieke herplantplicht wordt opgelegd (zie 4.1.1.D). De gemeente streeft ernaar om de inhoud van het herplantfonds te besteden in overleg met omwonenden en/of Sliedrecht Groen.
Pagina 38
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 39
6.1
Structuuranalyse
De groenstructuur in de gemeente Sliedrecht (Bijlage 1) is opgebouwd uit drie schaalniveaus. Dit betreft de hoofdgroenstructuur, de wijkgroenstructuren en het woon- en buurtgroen. De groenstructuur is weergegeven in bijlage 1. Deze kaart uit het voorgaande groenbeleidsplan
zal geactualiseerd worden als de werkzaamheden in Sliedrecht-west voldoende gevorderd zijn. De hoofdgroenstructuur beslaat groen dat belangrijk is voor heel Sliedrecht: het groen geraamte van het dorp. Dit gaat voornamelijk over
De groene hoofdstructuur van Sliedrecht
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 40
groen langs hoofdwegen en de parkzone langs de snelweg. Deze groenstructuur draagt sterk bij aan de groenbeleving van heel Sliedrecht en dient behouden en waar mogelijk versterkt te worden.
1.
De dijk is een historische en verbindende lijn die door heel in Sliedrecht loopt. Sliedrecht is langs deze oude dijk ontstaan. De dijk heeft een smal profiel met wisselende bebouwing. Op de dijk staat weinig openbaar groen, zeker in het winkelgebied. De groene uitstraling wordt vooral bepaald door particuliere beplanting.
De wijkgroenstructuren zijn van belang voor de wijk maar niet voor heel Sliedrecht. Voorbeelden van wijkgroenstructuren zijn wijkparken, en groen langs gebiedsontsluitingswegen. Dit type groenstructuren draagt sterk bij aan de beleving van de wijk en dient net als de hoofdgroenstructuur waar mogelijk behouden en versterkt te worden. Woon- en buurtgroen is vooral belangrijk voor de directe omwonenden. Dit betreft het groen in woonstraten en buurten. Op deze schaal moeten inwoners regie hebben over hun eigen directe woonomgeving. Dit draagt bij tot meer rentmeesterschap door bewoners en meer betrokkenheid bij de eigen leefomgeving. 6.2
Hieronder een beschrijving van de structuren en de ambities die de gemeente ermee heeft. 6.3
2.
Hoofdstructuur
Een belangrijk deel van de groene hoofdstructuur van Sliedrecht ligt langs (hoofd)wegen. Hieronder wordt de structuur langs de verschillende wegen kort beschreven en toegelicht.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Ambitie: Conform de Dijkvisie Sliedrecht 2017-2027 onderscheid tussen de dijk en het achterland versterken, Grote beeldbepalende bomen (particulier en gemeentelijk) blijven behouden, meer natuurlijke vegetatie. De Stationsweg De Stationsweg is de belangrijkste noord-zuidverbinding in het dorp. De Stationsweg heeft een oude, zware tweezijdige kastanjebeplanting. Dit historische beeld staat onder druk omdat veel kastanjes op leeftijd zijn en niet altijd meer gezond zijn.
Hoofdstructuur en parken
De hoofdgroenstructuur betreft de Parkzone langs de snelweg, het groen langs de hoofdwegen en enkele andere belangrijke lijnen: het onderhoud kan variëren van extensief (Parkzone) tot intensief (hoofdwegen). Bewoners zien in hun directe woonomgeving graag goed onderhouden groen waardoor het groen aan de wijkontsluitingswegen intensiever onderhoud vergt. Het groen bestaat er uit gazon, vaste planten en bloembollenstroken. In bijlage 2 is meer informatie over de hoofdgroenstructuur te vinden.
De dijk
Ambitie: de gemeente zoekt mogelijkheden om de Ambitie: We onderzoeken de naar mogelijkheden om de Stationsweg levensduur van de huidige laanbeplanting te verlengen en om een als laan te behouden. proces in gang te zetten waarbij de Stationsweg ook op de lange termijn een zware laanbeplanting heeft. 3.
Kerkstraat- Dr. Langeveldplein-Merwestraat Deze straten vormen voor de groenstructuur een eenheid en ontsluiten de buitendijkse woonwijken. Ze zijn herkenbaar aan de met bomen geaccentueerde middenberm.
Ambitie: een helder en eenduidig beeld met een rij bomen in de middenberm, in de Kerkstraat aangevuld met vaste planten en in de andere straten met gras.
Pagina 41
4.
Deltalaan – Thorbeckelaan Deze wegen zijn de belangrijkste oostwest ontsluiting van Sliedrecht, aan beide uiteinden aantakkend op de dijk. Het groen bestaat uit bomen in een middenberm van gras (Deltalaan). Waar geen trottoirs langs de wegen liggen, bestaan de zijbermen uit gras en (langs de Deltalaan) vaste plantenborders. Waar op de Thorbeckelaan de middenberm ontbreekt staan de bomen in de zijbermen.
verbinding (HOV-D) grenzend aan een brede parkstrook met natuur- en water. Dit zijn recent aangelegde groenstructuren met jonge beplanting. Een deel van de beplanting moet nog worden aangelegd.
Ambitie: uitgroei van de nu nog jonge beplanting met vooral langs de Sonate een sterke toename van de natuurwaarden. 7.
Langs het water staat een dubbele rij oude platanen in een grasstrook. Vanaf de weg is er zicht op de rivier. De oude bomen maken dit een zeer aantrekkelijke plaats. Deze weg is een belangrijke begrenzing van Sliedrecht.
Ambitie: Eenduidig beeld van bomen van meer dan 15m hoog in combinatie met grasbermen (gedeeltelijk kort, gedeeltelijk ruw). Waar mogelijk vaste planten in de zijbermen. 5.
Rembrandtlaan en Burgermeester Winklerplein Ook de Rembrandtlaan is een belangrijke oostwest ontsluiting in oost-Sliedrecht. Het profiel varieert. De beplanting langs de weg is niet eenduidig. Zo staan er verschillende boomsoorten toegepast. Het Burgemeester Winklerplein is als marktplein en winkelgebied van belang voor heel Sliedrecht. Ook de bomen op het plein behoren tot de hoofdgroenstructuur.
Ambitie: Handhaven van het bestaande beeld. Waar mogelijk verrijken met onderbeplanting (bloemrijk gras, bollen, heesters) Zo mogelijk in het centrumgebied verharding inruilen voor groen. Uitvallende bomen worden zo mogelijk vervangen door andere soorten, waarbij het beeld minimaal verandert. 6.
Ouverture en Sonate De Ouverture verbindt de wijk Baanhoek-West met het dorp, de dijk en de A15. Het groen bestaat uit bomen en grasbermen. De Sonate is de Hoogwaardig Openbaar Vervoer Drechtsteden
Groenbeleidsplan 2021-2025
Adriaan Volkersingel
Ambitie: Handhaven van het huidige beeld 8.
Havenstraat Langs het water en de loswal staat een rij linden. Er is zicht op de haven.
Ambitie: De huidige inrichting met linden in bestrating is een goede keuze. Handhaven. 9.
Tolsteeg Ter hoogte van de Parkzone en de woonwijk Werenbuurt wordt de Tolsteeg begeleid door knotwilgen. Op andere stukken heeft de tolsteeg een meer versnipperde uitstraling.
Ambitie: Streven naar een meer eenduidige uitstraling van het groen langs de Tolsteeg, gebaseerd op het historische beeld ervan.
Pagina 42
10.
Omgeving spoorlijnen
11.
De spoorlijnen scheiden het noordelijk deel van Sliedrecht van buitengebied. De spoorlijn van/naar Dordrecht doorsnijdt de bebouwde kom. Door de betonnen geluidswallen en de spoordijk, die naar het westen toe hoger wordt, is het veenweidegebied vanuit Sliedrecht niet te zien. In west-Sliedrecht vormt de spoordijk een zware fysieke en visuele barrière. In de lengterichting van het spoor vormen de spoorbermen en –taluds juist een belangrijke ecologische verbindingszone, die alleen door viaducten (A15, Sonate) onderbroken wordt.
Ambitie: een sterkere relatie met het buitengebied: visueel en ecologisch. Dit kan met een inrichting die refereert aan het buitengebied. Een sterkere fysieke relatie tussen bebouwde kom en veenweidegebied is wenselijk maar lastig. Verder kan deze zone in de lengterichting ontwikkeld worden als een stevige, vrijwel ononderbroken ecologische zone voor kleine zoogdieren, amfibieën, insecten e.d. Uitbuiten van de mogelijkheden van de ecologische verbindingszone in de lengterichting van het spoor.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Craijensteijn De Craijensteijn wordt op korte termijn gereconstrueerd. Een aanzienlijk aantal van de bomen langs de weg zal daarbij vervangen worden. Het nieuwe beeld zal in eerste instantie bestaan uit gras, heesters, vaste planten en jonge bomen.
Ambitie: een weg met in de lagere beplanting een gevarieerder en kleuriger groenbeeld dan nu. Bomen die goed geplant zijn en zich kunnen ontwikkelen tot grote, volwassen exemplaren. 6.3.1
Parkzone
Ten zuiden van de A15 ligt de vrijwel aaneengesloten Parkzone, met vele paden. Op een aantal plaatsen sluit de zone aan op andere parken zoals het Dr. W. Dreespark. De Parkzone en de parken zijn van groot belang voor Sliedrecht, dankzij het groen en voorzieningen zoals de korfbalvelden, de sociale moestuin en de begraafplaats. De Stationsweg onderbreekt Parkzone. Ten westen van de Stationsweg, bij de Waalstraat, is de parkzone smal: een fietspad, een waterloop en een strook beplanting. De inrichting van de Parkzone en de aansluitende parken varieert van
Pagina 43
natuurlijk tot juist cultuurlijk. Het extensief beheerde natuurlijke groen (bosplantsoen, ruw gras, oevervegetaties) biedt plek aan een variatie aan dieren zoals bos- en bosrandvogels, insecten, amfibieën en kleine zoogdieren. Bovendien draagt dit groen bij aan de natuurbeleving van de parkbezoekers. Ook de meer cultuurlijk ingerichte en beheerde delen dragen bij aan de beleving, maar op een andere manier. Bijvoorbeeld via sport. In het oostelijke gedeelte van de strook (in een deel van de Kaoi ter hoogte van
Groenbeleidsplan 2021-2025
wijk De Grienden) is het oude slotenpatroon van het voormalige eenweidegebied nog grotendeels intact. Gemeente Sliedrecht wil meer natuurlijk groen in de Parkzone en de parken. Daarvoor ziet de gemeente Sliedrecht verschillende mogelijkheden:
Gazons worden waar mogelijk omgevormd naar extensief beheerd gras.
Pagina 44
Creëren van reliëf: verlagen en ophogen van het maaiveld. Nu door bodemdaling plekken in de parkzone natter worden, kiest de gemeente ervoor sommige plekken af te graven tot moeras of zelfs open water en met de vrijkomende grond andere plekken op te hogen. De verwerking van de grond dichtbij bespaart transportkosten en onderzoekskosten naar bodemverontreiniging. En verder – het hoofddoel - ontstaan zo gradiënten die leiden tot een grotere soortenrijkdom aan planten en dieren.
Dode boomstammen blijven, waar mogelijk, op locatie liggen zodat zich in het verweerde hout flora en fauna kunnen vestigen.
Snoeihout wordt, waar gewenst, omgevormd tot takkenwallen waardoor meer schuilplekken voor kleine dieren ontstaan.
3.
Dit park bestaat uit bosplantsoen, gazon, water en oevers. De oevers worden ecologisch beheerd. De rest van het park wordt intensief beheerd. Het ademt de sfeer van de Engelse landschapsstijl. 4.
1.
5.
Groengebied rond Reinenweer, Tolsteeg en sporthal ’t Crayenest Dit park heeft cultuurhistorische waarde (Tolsteeg) en natuurwaarden: bosplantsoen, knotwilgen, graslanden, waterlopen en poelen. De beplanting wordt grotendeels extensief beheerd. Op de oude plek van de Roald Dahlschool ligt een natuurspeelplaats.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Volkstuinen, sociale moestuin en sportvelden De gebruikswaarde van het blok met sportvelden, sociale moestuin en volkstuinen is hoog. De natuurwaarde moet het vooral hebben van de minder intensief gebruikte delen: de randen en in zekere mate de tuinen. Dit complex draagt bij aan de groene uitstraling van de parkzone.
Zone onder hoogspanningstracé Baanhoek West Het gebied onder de hoogspanningsmasten is recent ingericht als een waterrijk gebied met eilanden. Het wordt een natuurrijk gebied met kruidenrijk ruw gras, natuurvriendelijke oevers en bomen.
2.
Begraafplaats De begraafplaats staat op zichzelf met nu nog dichte randbeplanting. Momenteel wordt een uitbreiding van het aantal graven voorbereid, waarbij vooral langs de randen nieuwe graven komen. De randbeplanting zal dan veranderen. De begraafplaats wordt intensief beheerd voor een nette uitstraling. Die uitstraling en de rust blijven de ambitie op de begraafplaats
Hieronder volgt per locatie een korte toelichting. Parken binnen de Parkzone
Dr. Willem Dreespark
6.
Burgemeester Feitsmapark Het Burgemeester Feitsmapark is een gebruikspark met niet overal een hoge natuurwaarde maar wel een hoge natuurbelevingswaarde. Binnen dit park liggen een kinderboerderij, Natuur Milieu en Educatiecentrum en een natuurspeelplaats.
Pagina 45
7.
Park bij de tien-hoog flats
langgerekte percelen grasland, omgrensd door sloten. Dit landbouwgebied is een waardevol weidevogelgebied. Gezien de woningbouwopgave is er sprake van om toch delen van dit gebied te bebouwen. In dat geval zal direct ten noorden van de spoorlijnen een geluidszone openblijven, die een groenfunctie kan krijgen. Het is goed in de huidige vormen van het veenweidegebied in die strook zichtbaar te houden.
Dit park bestaat uit waterpartijen, gazons, vrijstaande bomen, bosplantsoen, paden, trapveldjes en speelplaatsen. De waterpartij heeft natuurvriendelijke oevers. Het park wordt grotendeels extensief beheerd en intensief gebruikt voor wandelen en spelen. 8.
De Kaoi, Wijkpark de Grienden Dit park vormt de oostelijke begrenzing van de parkzone. Het park wordt vooral gebruikt om te spelen en te wandelen. In het westelijk deel, langs de A15, is het slotenpatroon van het voormalige veenweidelandschap is nog zichtbaar.
9.
Tussen de Snelweg en de Betuweroute Het bedrijventerrein ten noorden van de A15 is langs de randen groen 'aangekleed'. Langs de snelweg gaat het om kijknatuur: kruidenrijke grasbermen, met waarde voor insecten en kleine zoogdieren. Op het terrein van bedrijven, sportvelden en woonbebouwing zet dat beeld zich gedeeltelijk door. Ook zijn er bosplantsoenstroken. In deze strook wil de gemeente zoeken naar mogelijkheden voor ecologische noord-zuidverbindingen, die ook kunnen bijdragen aan vergroening van het terrein. Zeker lijnen als de spoorlijn naar Dordrecht, de Beijerinckstraat, de Stationsweg en de Zwijnskade zijn het onderzoeken waard. Ook het terrein van de (te verplaatsen) sportvelden komt in aanmerking.
10
Ten noorden van de spoorlijnen Het buitengebied ten noorden van de spoorlijnen is nu veenweidegebied: een historisch open slagenlandschap van
Groenbeleidsplan 2021-2025
6.4
Wijkgroenstructuren
De wijkgroenstructuur is van belang op wijkniveau en bestaat vooral uit groen langs wijkontsluitingswegen en wijkparken. Dankzij dit wijkgroen zijn inwoners vanuit hun woning al snel in een groene omgeving, die vaak aansluit op de hoofdgroenstructuur. Wijkgroen wordt vaak wat intensiever beheerd en heeft een wat 'cultuurlijker' beeld dan het hoofdgroen in de parken. Wijkgroen draagt sterk bij aan de groene dooradering van Sliedrecht, waardoor vogels, insecten en kleine zoogdieren zich makkelijk tussen verschillende groengebieden kunnen verplaatsen. De wijkgroenstructuren worden hieronder kort beschreven. Een aantal bedrijventerreinen en de zone langs de dijk (beschreven onder de hoofdgroenstructuur) worden daarbij buiten beschouwing gelaten. Wijkgroen 1.
Baanhoek-West en westelijk deel Benedenveer
Twee jonge wijken met jong groen. De wijken ontlenen hun groene beeld vooral aan de voortuinen, een aantal plantvakken met bomen en de hoofdgroenstructuren: Sonate, Ouverture en spoordijk. Daarnaast is het Mozartplantsoen een belangrijk wijkgroenelement, met speelvoorzieningen voor alle leeftijden.
Pagina 46
De buurten van Sliedrecht
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 47
2.
De Weren
6.
Prickwaert & Weresteijn
7.
De wijk is enkele tientallen jaren oud en grenst aan de Parkzone maar heeft daar weinig visuele verbinding mee door de bebouwing en gesloten begroeiing. De wijkgroenstructuur in De Weren is gekoppeld aan de watergangen. Er is geen duidelijke wijkontsluitingsweg die bijdraagt aan de wijkgroenstructuur. Park Mooiweer herinnert aan het oude landschap, met boomgaanden. Het park heeft weinig groene verbindingen met de omgeving. 3.
Qua opzet zijn dit typische jaren '50-wijken: dicht bebouwd, meestal zonder voortuin. Delen van de wijken zijn gerenoveerd. Er is weinig ruimte voor groen, zowel openbaar al privaat. Buitenuitbreiding oost moet het voor groen vooral hebben van de Adriaan Volkersingel en de Merwestraat (beide hoofdgroenstructuur). Ook buitenuitbreiding west heeft het groen vooral aan de randen (Havenstraat en Wilhelminastraat), die als wijkgroenstructuur fungeren.
Rond de wijk staat groen uit de hoofdgroenstructuur: de Parkzone (veel water) in het westen, noorden en oosten en de Deltalaan in het zuiden. In de wijk zelf is de groenstructuur slecht ontwikkeld langs de doodlopende ontsluitingswegen. Omdat het meeste groen en de bomen volwassen zijn, voelt de wijk toch wel groen aan. Het is van belang dat er voldoende volwassen groen in deze wijk blijft. 4.
De Staatsliedenbuurt wordt in 2020/2021 ingrijpend gerenoveerd, waarbij ook het groen wordt vervangen. De wijk krijgt een vrij ruime opzet. Het beplantingplan bevat zeer gevarieerd groen en bomen. De beide Winklerplein-wijken bestaan vooral uit portiekflats en rijtjeswoningen met of zonder voortuinen. Er is weinig openbaar groen. Bomen zijn volwassen. Mogelijk kunnen de wijkgroenstructuren onderdeel zijn van groene (ecologische) noordzuidverbindingen tussen Merwede en veenweidegebied. Denk aan de lijn Frans Halsstraat-Simon Stevinstraat-De Savornin Lohmanlaan en de lijn P.C. Hooftlaan - Prof. Kamerlingh Onneslaan – Prof. Lorenzlaan - Burg. Feitsmapark – sportvelden en volkstuinen.
De Hoven
Rivierenbuurt Noord en Zuid
Dit is een typische jaren '60-wijk: rijtjeshuizen, flats en langs de noordrand bungalows. De woningen zijn gegroepeerd rond 'hofjes', waardoor de wijk redelijk groen ervaart. Er zijn twee rechte watergangen in de wijk, langs de Rijnstraat en langs de Grevelingenlaan, beide wijkgroenstructuur. In deze wijk moeten voldoende volwassen groen en bomen blijven. Gras en oevers in de wijkgroenstructuur kunnen mogelijk wat natuurlijker beheerd worden.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Staatsliedenbuurt - Winklerplein Noord en Zuid
Deze wijken sluiten op verschillende hoofdgroenstructuren aan: Begraafplaats, Thorbeckelaan, Rembrandtlaan, Parkzone en centraal het Burgemeester Winklerplein.
De Hoven heeft gedeeltelijk een woonerfstructuur en bevat alleen buurtgroen, vaak met volwassen bomen. Het water in de wijk zit vaak wat 'weggestopt' tussen groen en bebouwing. In deze wijk is een betere beleving van de groen- en waterstructuur gewenst. 5.
Buitenuitbreiding - West en Oost
8.
Vogelbuurt Noord en Zuid Vogelbuurt Zuid is een typische wijk met rijtjeswoningen met ruime voortuinen. Daar moet de wijk het voor het groen dan ook van hebben, want gemeentelijk groen is vrijwel alleen aanwezig in enkele noord-zuid lopende lijnen, met als belangrijkste de
Pagina 48
9.
Zwanensingel-Leeuweriksingel. In de noordwesthoek, rond de flats liggen nog een aantal grote gemeentelijke groenvakken. Vogelbuurt Noord is gevarieerder van opzet: een deel met rijtjeshuizen met voortuinen en grote vakken openbaar groen, een supermarkt, een deel met bungalows: grote tuinen maar geen openbaar groen en een scholenzone omzoomd door flats, met grote openbaar groenvakken. In de vogelbuurt gaan de straten open voor de aanleg van het warmtenet en rioolvervanging. Veel groen gaat daarbij verloren. Het is de bedoeling om vergelijkbaar groen – in verjongde vorm – terug te brengen.
11.
Middenveer
12
Op dit bedrijventerrein staan vooral bedrijven voor productie en onderhoud, nauwelijks kantoren. Langs de Leeghwaterstraat (woonboulevard, zichtlocatie langs de A15) staan bedrijven die meer op (detail-)handel gericht zijn, in een iets verzorgdere architectuur. De brede hoofdgroenstructuur-strook langs de Beyerinckstraat doorsnijdt het terrein van noord naar zuid. Op het bedrijventerrein zelf staat geen groen van betekenis. De groenstrook langs de Beyerinckstraat kan deel uitmaken van een groene, ecologische verbinding tussen Merwede en veenweidegebied.
Deze wijk achter de dijk ervaart als ruim en groen, dankzij de vele wijkparkjes, zoals De Wiel en Het Middenveld. Zowel de wijkparkjes als de Boslaan herinneren aan het voormalige agrarische landschap: een boomweide, een 'weilandje' omzoomd door bomen, een knotwilgenlaantje. De wijk is recent opnieuw bestraat. Hoewel daarbij bomen zijn gerooid, zijn er 10% meer nieuwe bomen geplant. Ambitie: het groene 'agrarische' karakter behouden. De nieuwe bomen laten uitgroeien tot grote exemplaren. 10.
De Grienden
De Grienden is een relatief jonge wijk met afwisselend rijtjeswoningen en (half-)vrijstaande woningen. De wijk is ruim opgezet met langs diverse wegen grote groenvakken met heesters en vaak halfwas bomen. De wijk wordt grotendeels omringd door de hoofdgroenstructuur. Met die watergangen, die vanuit de parkzone de wijk in steken, is de wijk redelijk waterrijk. Het water is vaak slecht zichtbaar doordat het aan de achterzijde van de woningen ligt of doordat de omgeving dicht begroeid is.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Bedrijventerrein Nijverwaard
Stationspark en Sportpark
Stationspark heeft, als kantoorlocatie, een veel verzorgdere uitstraling dan Nijverwaard. Het terrein oogt enigszins groen dankzij het groen op de kantoorterreinen. Er ligt weinig openbaar groen. Een aantal wegen zijn privaat eigendom, terwijl nog braakliggende bedrijfsterreinen van de gemeente zijn. Sportpark (geheel van de gemeente) is aangemerkt als buurtgroen. De randen zijn begroeid met bosplantsoen, dat zeker enige natuurwaarden herbergt. Bij verplaatsing van de sportvelden is dit zoekgebied voor een eventuele groene (ecologische) noord-zuidverbinding 13.
Bedrijventerrein Noordoost-Kwadrant
Dit is een vrij jong, ruim opgezet bedrijventerrein met veel ruimte voor groenstructuren. De Sportlaan en de randen behoren tot de hoofdgroenstructuur, aan de oostrand gecombineerd met grote waterpartijen. Over het terrein loopt van noord naar zuid een waterloop (voormalige kavelsloot) met een brede wijkgroenstructuur. Het groen is nog vrij jong.
Pagina 49
Niet-gemeentelijk buurtgroen Particuliere (voor)tuinen dragen sterk bij aan het groene karakter van veel straten. De achtertuinen zijn vaak minder zichtbaar, maar kunnen toch erg belangrijk zijn voor de kwaliteit van de leefomgeving. De gemeente kan vanzelfsprekend niet rechtstreeks sturen op de ontwikkeling van groen dat ze niet zelf in beheer heeft. Een minder gewenste inrichting, zoals verstening van een tuin, is toegestaan. Wel stimuleert en enthousiasmeert de gemeente particulieren om hun tuinen groen(er) in te richten, onder andere via Operatie Steenbreek en door zelf het goede voorbeeld te geven. Uitgangspunten buurtgroen Hoewel (voor-)tuinen sterk bijdragen aan een groen beeld en de groene functies, wil de gemeente daar niet van afhankelijk zijn. Ook als tuinen aanwezig zijn, kiest de gemeente ervoor om waar mogelijk eigen buurtgroen te ontwikkelen of in stand te houden.
6.5
Buurtgroen
Het woon- en buurtgroen in Sliedrecht is al het groen dat niet tot de hoofd- of wijkstructuur behoort. Hieronder valt zowel het groen van de gemeente als het tuingroen van particulieren. Het woon- en buurtgroen groen vertoont grote verschillen in karakter en in de oppervlaktes per wijk. De Weren heeft veel buurgroen, terwijl in Buitenuitbreiding-Oost erg weinig ligt. Buurtgroen is belangrijk voor het woongenot de klimaatadaptatie en de biodiversiteit in de gemeente. Gemeentelijk buurtgroen Veel losse gemeentelijke groenvakken vallen in deze categorie. Per buurt kunnen de gemeentelijke beheerdoelen en beheerwijze anders zijn, afhankelijk van het karakter van het groenvak en van de buurt.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Ook in het buurtgroen kiest de gemeente in principe voor een grotere soortenvariatie dan voorheen. Het kan nog zijn dat de gemeente kiest voor een hoofdboomsoort in een straat (per straat een andere). Wel wordt de hoofdsoort dan gecombineerd met andere soorten. Zo wordt een balans gevonden tussen diversiteit en een uniforme uitstraling. Bewoners kunnen als zij dit willen inspraak krijgen in de keuze van de hoofdboomsoort, uiteraard binnen bepaalde randvoorwaarden en met advies van de gemeente. Soms komt buurtgroen in aanmerking voor groenadoptie, verhuur of verkoop, uiteraard binnen de randvoorwaarden in bijlage 3. Snippergroen Sommige gemeentelijke groenvakken hebben weinig toegevoegde waarde als buurtgroen, terwijl ze uiteraard wel beheer vragen. De gemeente probeert de hoeveelheid snippergroen terug te dingen en staat open voor adoptie, verhuur of verkoop van dat groen, binnen de randvoorwaarden zoals verwoord in bijlage 3.
Pagina 50
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 51
7.1
Intern
Zoals elke gemeente heeft Gemeente Sliedrecht een zeer breed takenpakket, van burgerzaken, tot zorg, ruimtelijke ordening en openbare ruimte. De gemeentelijke organisatie werkt vooral met eigen personeel, maar besteedt ook extern uit. Intern wordt rekening gehouden met verschillende rollen binnen de gemeente en werkt men zo veel mogelijk integraal. Integraal werken Integraal werken betekent dat bij de planvorming en uitvoering van sectoraal beleid (zoals groen, wegen of riool) afstemming wordt gezocht met andere sectoren. Voor groenbeleid wordt deze samenwerking vooral gezocht met andere sectoren in het fysieke domein, maar samenwerking met het sociaal domein komt ook voor.
functies moeten dus helder zijn en kwaliteiten van een element in de openbare ruimte moeten optimaal zijn om die functies te kunnen vervullen. Daarop wil de gemeente sturen via het assetmanagement. Meldingen afhandelen Als Sliedrechters een situatie signaleren die aandacht vraagt van de gemeente kunnen zij een melding doen via Fixi. De gemeente Sliedrecht streeft ernaar om de meldingen gericht en binnen algemene normtijden af te handelen. Het doel bij de afhandeling van meldingen is dat de oorzaak wordt verholpen. In enkele situaties zal het niet direct mogelijk zijn om de oorzaak van de melding te verhelpen. In zulke gevallen wordt aan de melder gecommuniceerd waarom de oorzaak (nog) niet weg te nemen is.
Zeker bij ruimtelijke planvorming is integraal werken belangrijk. Door een plan te ontwikkelen met medewerkers uit verschillende sectoren en dus verschillende deskundigheden, zijn al vroeg in het proces de kansen en randvoorwaarden voor het plan duidelijk. Daarmee neemt de kwaliteit van het plan toe en nemen de risico's af. Ook wordt de ontwikkeling en het beheer van de openbare ruimte efficiënter uitgevoerd en worden kansen vaker gesignaleerd en beter benut. Daarmee komt het vaker voor dat elementen in de buitenruimte multifunctioneel worden uitgevoerd en dus meerdere functies tegelijk vervullen. Ook wordt veel voorzienbare schade aan elementen in de buitenruimte vermeden. In eerste instantie is meestal de beleidsadviseur groen bij dergelijke projecten betrokken. Hij bespreekt de projecten met de andere groene collega's en brengt hun kennis weer in het projectoverleg, vaak in de vorm van kansen of randvoorwaarden. Als het project concreter wordt en vordert, raken ook de andere groene medewerkers, zoals werkvoorbereider en toezichthouder, steeds meer betrokken. De gemeente wil het integraal werken nog verder uitwerken in assetmanagement. Assetmanagement is het management van bedrijfsmiddelen (in dit geval de openbare ruimte of delen daarvan), zodat die optimaal presteren, oftewel hun functies optimaal vervullen. Die Groenbeleidsplan 2021-2025
Regulier beheer De gemeente voert groenbeheer in de regel uit met de eigen dienst en het eigen machinepark. Voor sommige werkzaamheden heeft de gemeente een raamcontract met Drechtwerk Groen, een partij die onder andere Pagina 52
sociale werkvoorziening verzorgt. Specialistisch werk, waarvoor de gemeente de kennis, de machines of andere capaciteit niet heeft, wordt uitbesteed. Als dit om grotere bedragen voor één (raam-)contract gaat, start de gemeente een aanbestedingstraject op, waar (groen)aannemers zich op kunnen inschrijven. Aan de hand van een selectie wordt de meest geschikte partij gekozen voor het werk. 7.2
kennisgroepen worden, wanneer relevant, betrokken bij planvorming en participatie.
Betrekken van externe partijen
De gemeente heeft externe partijen nodig bij het groenbeheer, soms omdat ook zij openbare ruimte beheren (bijvoorbeeld woningcorporaties, ander overheden), soms omdat de kennis en mogelijkheden van nut zijn voor de openbare ruimte en de samenleving. Daarom werkt de gemeente bij de ontwikkeling en uitvoering van het groenbeleid samen met verschillende soorten externe partijen. Woningcorporaties Woningcorporatie Tablis is eigenaar van een groot aantal woningen in de gemeente en soms ook van gronden er omheen. De samenwerking tussen gemeente en Tablis levert voor beide partijen veel op. De gemeente kan – mede in het belang van de corporatie – zorgen voor een gezonde, aangename en duurzame leefomgeving. De woningcorporatie kan de eigen gronden en woningen verduurzamen, wat juist een gemeentelijke doelstelling is. Ook beheert Tablis de delen van de openbare ruimte die ze zelf in eigendom heeft. Daarom is een goede samenwerking tussen Tablis en de gemeente essentieel. Bewoners In veel gevallen betrekt de gemeente bewoners bij het groenbeheer. Op verschillende plaatsen in dit beleidsplan wordt beschreven in welke gevallen dat is en op welke manier de bewoners betrokken worden. Bewonersorganisaties & kennisgroepen Binnen Sliedrecht zijn er een aantal 'groene' organisaties actief, zoals Stichting Sliedrecht Groen en NME "De Hooizolder".
Deze organisaties hebben veel specialistische kennis over bijvoorbeeld lokale (aanwezige én ontbrekende) natuurwaarden, natuureducatie, natuurlijke beheermethoden, enz. De gemeente betrekt deze organisaties graag bij de groene planvorming en bij de bewustmaking van inwoners. Ook andere Groenbeleidsplan 2021-2025
Drechtsteden Regio Drechtsteden is een regionaal samenwerkingsverband tussen de zeven Drechtsteden. De Drechtsteden hebben samen een agenda opgesteld met verschillende toekomstdoelen. De Drechtsteden willen een vitale en aantrekkelijke regio zijn en blijven. Waar mensen graag wonen, werken en recreëren. Er wordt in de breedte gekeken naar verschillende thema’s. Zo ook het thema wonen, waarbij aantrekkelijk, bijzonder en duurzaam wonen hoog op de agenda staat. Gemeente Sliedrecht werkt regelmatig samen met Drechtsteden of een aantal gemeenten uit dat verband, bijvoorbeeld voor inkoop of voor kennisuitwisseling.
Pagina 53
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 54
P.M.
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 55
Bijlagen
Groenbeleidsplan 2021-2025
Pagina 56
Groenstructuur Sliedrecht hoofdgroen wijkgroen buurtgroen
Esri Nederland, Community Map Contributors
Bijlage 2 – Aanvullende toelichting hoofdgroenstructuren
Wegen 1. De dijk De dijk vormt een verbindend en herkenbaar element in Sliedrecht. Ook is het de oudste weg en daarmee de oorsprong van Sliedrecht. De dijk is voor een groot deel bebouwd. Het profiel tussen de bebouwing is smal en de bebouwing is zeer gevarieerd. Dijkverzwaring heeft het oostelijk deel van de dijk veranderd.
tussen de dijk en het ‘achterland’ te versterken. Dit wordt gedaan door het talud in te richten met laagblijvend groen. Grote beeldbepalende bomen op of naast de dijk mogen niet worden gekapt. Dit geldt voor zowel particuliere als openbare gronden. Om een meer gevarieerd beeld te krijgen komt op de dijklichamen en taluds meer natuurlijke vegetatie. Daarnaast worden particulieren aangemoedigd om bloembakken tegen de voorgevel te plaatsen zodat het dijklint een groenere en fleurige uitstraling krijgt. 2. Stationsweg De Stationsweg is de belangrijkste ontsluitingsas dwars op de dijk. De weg heeft sinds eind 2003 geen aansluiting meer op de snelweg. Het blijft wel een belangrijke verbinding tussen het station, de bedrijventerreinen, sportvoorzieningen en de woonwijken. De Stationsweg is zwaar beplant met kastanjes aan beide zijden van de weg. De historische waarde van de weg wordt hierdoor benadrukt.