By 2 - OER Sliedrecht.pdf
Tekst van het document
Blad 65 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.18 bedrijventerreinen met maximaal toegestane milieucategorie (bron: atlas.zuid-holland.nl)
Geluidbelasting Overlast door geluid kan uiteindelijk leiden tot gezondheidsklachten. Industrie en transport zijn de voornaamste oorzaken van geluidoverlast. Daarnaast kunnen tijdelijke activiteiten zoals evenementen of buurtfeesten overlast in de omgeving veroorzaken. De voornaamste geluidbelasting komt van rijkswegen, de gebiedsontsluitingswegen, het spoor en de industrieterreinen. Deze bronnen hebben een structurele bijdrage aan de geluidbelasting in en rond Sliedrecht. Figuur 6.20 toont de geluidbelasting van alle bronnen. De hoofdwegen binnen het woongebied komen hierin duidelijk naar voren. Dat verkeer een belangrijke bron voor geluidhinder is, blijkt ook uit cijfers van het RIVM die hinder onder de bevolking meten (figuur 6.19). 17% van de woningen in Sliedrecht heeft een geluidbelasting van meer dan 60 dB op de gevel. Ook de watergebonden industriegebieden zijn duidelijk terug te zien op de geluidbelastingskaart (figuur 6.20).
Figuur 6.19 Ervaren geluidhinder in Sliedrecht in vergelijking met Nederland (bron: RIVM)
Blad 66 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.20 Geluidbelasting gecumuleerd wegverkeer, treinverkeer, vliegtuigen, industrie en windturbines. (bron: atlasleefomgeving.nl)
Stiltegebieden Nederland wordt steeds drukker en voller, met als gevolg dat ‘stilte’ steeds schaarser wordt. Uit onderzoek blijkt dan ook dat mensen meer behoefte krijgen aan plekken waar nog rust heerst. Stille en groene gebieden dragen ook positief bij aan de gezondheid van mensen. In Nederland zijn er een aantal stiltegebieden aangewezen. In deze gebieden wordt gestreefd naar een maximale geluidbelasting van 40 dB(A). activiteiten die de rust en stilte verstoren zijn hier niet toegestaan. Het dichtstbijzijnde stiltegebied ligt ten zuiden van Sliedrecht, dit is stiltegebied Dordrecht en omstreken. Een ander stiltegebied ligt daar weer ten zuiden van, dit is stiltegebied de Biesbosch. Luchtkwaliteit De kwaliteit van de lucht wordt bepaald door de aanwezigheid van luchtverontreinigende stoffen. Door onder andere verbrandingsmechanismen en bestrijdingsmiddelen komen verontreinigende stoffen in de atmosfeer. De overheid heeft daarom normen gesteld aan de concentraties en aan het aantal dagen in het jaar dat deze normen overschreden mogen worden. De belangrijkste luchtverontreinigende stoffen zijn fijnstof (PM10 en PM2,5) en stikstofdioxide (NO2). De belangrijkste bronnen van uitstoot van luchtverontreinigende stoffen zijn industrie, landbouw en verkeer. Hoge concentraties luchtverontreinigende stoffen kunnen luchtwegklachten en hart- en vaatziekten veroorzaken.
Vooral kinderen, ouderen of mensen met luchtwegaandoeningen of hart en vaatziekte, lopen meer risico op het krijgen van gezondheidsklachten. Een betere luchtkwaliteit levert gezondheidswinst op, ook als de concentraties luchtvervuilende stoffen onder de landelijke norm liggen. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) heeft daarom ook advieswaarden voor de concentraties luchtverontreinigende stoffen aangegeven. In tabel 6.7 zijn de wettelijke normen en de WHO-advieswaarden opgenomen.
Blad 67 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Tabel 6.7 Wettelijke normen en WHO-advieswaarden voor fijnstof en stikstofdioxide Wettelijke normen
WHO-advieswaarden
PM10
40 µg/m3
20 µg/m3
PM2,5
20 µg/m3
10 µg/m3
NO2
40 µg/m3
40 µg/m3
Het overgrote deel van de concentraties luchtverontreinigende stoffen komt van bronnen van buiten de gemeentegrenzen (achtergrondconcentraties). De belangrijkste bronnen voor luchtverontreiniging zijn verkeer, industrie, landbouw en houtstook. Binnen Sliedrecht zijn met name de wegen en industrieterreinen bronnen van luchtverontreiniging. Figuur 6.21 toont de jaargemiddelde concentratie PM10 (2019) weer. De concentraties liggen op of net onder de advieswaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie en daarmee ruim onder de wettelijke normen van 40 µg/m3. PM2,5 is een fractie van PM10. De verdeling van de concentratie PM2,5 is weergegeven in figuur 6.22. De verdeling is grotendeels gelijk aan die van PM10.
Figuur 6.21 Jaargemiddelde fijnstofconcentratie (PM10) (bron: atlasleefomgeving.nl)
Blad 68 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.22 Jaargemiddelde fijnstofconcentratie (PM2,5) (bron: atlasleefomgeving.nl) Tabel 6.8 Gemiddelde blootstelling aan stikstofdioxide en fijnstof in Sliedrecht en Nederland (bron: RIVM)
Sliedrecht Nederland
NO2 20,4 16,5
PM10 18,6 17,6
Op de kaart met de jaargemiddelde concentraties NO2 is goed te zien dat verkeer de voornaamste bron is. De hoogste concentraties zitten langs de A15. Daarnaast liggen de concentraties in het stedelijk gebied licht hoger dan in het landelijk gebied. Verkeer is hier de voornaamste bron. Andere relevante bronnen van luchtverontreiniging zijn houtkachels en bbq’s. Bij een slechte verbranding komt veel fijnstof en andere schadelijke stoffen vrij. In de directe omgeving kan houtrook leiden tot gezondheidsklachten en geurhinder.
Blad 69 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.23 Jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide (NO2) (bron: atlasleefomgeving.nl)
Lichthinder Lichthinder wordt ook wel bestempeld als lichtvervuiling. Dit is een verhoogde helderheid van de nachtelijke omgeving door gebruik van kunstlicht. Lichthinder is de overlast die mensen en dieren hiervan ondervinden. Lichtvervuiling is een betrekkelijk nieuw fenomeen. Het overvloedig verlichten van allerhande plaatsen veroorzaakt ecologische schade. Nachtverlichting, zoals verlichting van snelwegen en straten, gebouwen, objecten en assimilatieverlichting in de glastuinbouw, kan het biologische dag- en nachtritme van mensen en dieren verstoren. Ook planten worden beïnvloed in hun groeiwijze. In figuur 6.23 is weergegeven hoeveel licht er ’s nachts te zien was in Nederland in 2018, van bovenaf gezien, uitgedrukt in 10-10 Watt per cm2 per steradiaal. In de gebieden die rood zijn weergegeven wordt veel licht uitgesloten.
Blad 70 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.24 lichtemissie over het jaar 2018 (bron: atlasleefomgeving.nl)
Relevante autonome ontwikkelingen Door technologische ontwikkeling worden verbrandingsmotoren schoner en zuiniger. De verwachting is dat concentraties luchtverontreiniging licht verbeteren; Stoffen waarvoor op dit moment nog niet duidelijk is hoe schadelijk ze zijn en in welke mate deze aanwezig zijn in het milieu komen steeds meer naar voren en vormen een aandachtspunt voor het milieubeleid. Beoordeling
6.2.2
Toelichting Milieuhinder door aanwezigheid van milieucategorie 4 bedrijven in het woongebied Door drukte op de ontsluitingswegen is er relatief veel hinder door verkeerslawaai; Concentraties luchtverontreiniging grotendeels onder landelijke normen en WHO-advieswaarden, maar wel boven landelijk gemiddelde.
Sociaal, veilig en gezond Veiligheid is een belangrijk en gevoelig thema. Er bestaan verschillende risico’s die de veiligheid in gevaar kunnen brengen. Door in een vroeg stadium veiligheid mee te nemen in de plannen, kunnen risico’s worden beperkt en rampen worden voorkomen. Omgevingsveiligheid In de Omgevingswet is een veilige en gezonde fysieke leefomgeving één van de maatschappelijke doelen. Hierbij is het uitgangspunt dat overheden bij hun plannen zo vroeg mogelijk kijken naar de
Blad 71 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
fysieke veiligheid. Omgevingsveiligheid richt zich op de aspecten risicobronnen en -contouren externe veiligheid. Ook worden aandachtsgebieden uitgelicht. Risicoprofiel Voor de regio Zuid-Holland-Zuid is een regionaal risicoprofiel opgesteld waarin voor alle gemeenten in ZHZ risico’s zijn geïnventariseerd en geanalyseerd die leiden tot een crisis. In de risicoanalyse is gekeken naar twee aspecten om te bepalen welke risico’s de grootste dreiging vormen: de impact waarmee de regionale veiligheidsbelangen worden getroffen en de waarschijnlijkheid dat een dreiging of crisis zich daadwerkelijk zal voordoen. De verschillende risico’s zijn onderling vergelijkbaar omdat ze op dezelfde wijze zijn geanalyseerd en beoordeeld. Voor de gemeente Sliedrecht komen uit het Regionaal risicoprofiel 2019 de volgende risico’s als belangrijkste naar voren (zie ook onderstaande tabel): overstroming dijktrajecten, overstroming buitendijkse gebieden (zie figuur 6.25), langdurige stroomuitval, digitale verstoring, pandemie en grof en extreem geweld.
Figuur 6.25 Overstromingsdiepte middelgrote kans (bron: klimaateffectatlas)
Externe veiligheid gaat over de risico’s voor mens en milieu, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen. Activiteiten die dit soort risico’s met zich mee kunnen brengen moeten goed afgestemd worden op andere kwetsbare functies om zo de risico’s te beperken. Op de risicokaart zijn locaties aangegeven waar opslag of transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Onder andere de A15 is een van de wegen met vervoer van gevaarlijke stoffen. Over de A15 en de Betuwelijn vindt vervoer van gevaarlijke stoffen plaats. Beide trajecten kennen zones waarbinnen woningbouw niet zondermeer mogelijk is. Het spoor heeft een contour van 200 meter waarbinnen het noodzakelijk is om een berekening van het groepsrisico te maken. Daarnaast is een 100% letaliteitsafstand opgenomen van 100 meter.
Blad 72 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Chemours Chemours is gelegen aan de overzijde van de rivier De Merwede. Het invloedsgebied (blauwe lijn in figuur 6.26) bedraagt circa 3 km (toxisch scenario). Het projectgebied is gelegen op circa 1,75 km. Gezien de afstand en het toxische scenario, zal de woonwijk naar verwachting geen invloed hebben op de hoogte van groepsrisico (mogelijk moet dit wel berekend worden). Wel zal de ventilatie van de woningen uit geschakeld moeten kunnen worden. De overige afstanden (plaatsgebonden risico en aandachtsgebieden) zijn gezien de afstand niet relevant.
Figuur 6.26 Invloedsgebied Chemours. (bron: Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid)
Verkeersveiligheid Figuur 6.27 toont alle geregistreerde verkeersongevallen weergegeven van begin 2014 tot en met oktober 2019. Hoe groter de cirkels, des te meer ongelukken er zijn geweest op deze locaties. Een van de wegen waar veel ongelukken te zien zijn is de Rembrandtlaan. Op deze weg zijn in de afgelopen jaren diverse kruisingen aangepast en is het deel langs het Burgemeester Winklerplein afgewaardeerd naar 30 km/uur.
Figuur 6.27 geregistreerde verkeersongevallen van 2014 t/m 2019 (Bron: Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid)
Blad 73 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Sociale veiligheid Sociale veiligheid wordt gevormd door criminaliteit, overlast en onveiligheidsgevoel. Dit wordt uitgedrukt in drie indicatoren: 1. Onveiligheidsgevoelens: hoe onveilig men zich in de buurt voelt; 2. Vermijdingsdrang: Hoe vaak men het eigen gedrag aanpast aan situaties in de buurt vanwege een onveilig gevoel; 3. Onveiligheidsperceptie: de ervaren omvang van criminaliteit in de buurt
Figuur 6.28 Sociale veiligheidsscore van Sliedrecht in vergelijking met Nederland (grijs) (bron: Veiligheidsmonitor 2019)
Figuur 6.28 toont de score van de gemeente Sliedrecht op de drie indicatoren voor sociale veiligheid ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De index geeft de verandering ten opzichte van 2012 weer. Op alle indicatoren scoort de gemeente boven het landelijk gemiddelde. Het onveiligheidsgevoel is afgenomen ten opzichte van 2014, de perceptie en vermijdingsdrang zijn toegenomen. Relevante autonome ontwikkelingen Door klimaatverandering nemen risico’s op overstromingen, wateroverlast en droogte toe. Beoordeling
Toelichting Op basis van het risicoprofiel kent Sliedrecht Het onveiligheidsgevoel, -perceptie en vermijdingsdrang ligt in Sliedrecht boven het landelijk gemiddelde
6.3
Ondernemend en betrokken
6.3.1
Sport, cultuur en recreatie Ruimte voor sport en recreatie Bij de opgave voor sport en recreatie is al stilgestaan bij enkele cijfers en kenmerken van de gemeente Sliedrecht op dit terrein (paragraaf 3.5). Inwoners van Sliedrecht bewegen minder dan
Blad 74 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
gemiddeld, het aandeel mensen met overgewicht en niet-sporters is bovengemiddeld hoog. Tegelijkertijd geeft de gemeente minder uit aan sport en bewegen per inwoner dan andere gemeenten in Nederland. De gemeente kent wel een groot aanbod aan (grote) sportverenigingen met faciliteiten verspreid over de gemeente. Tabel 6.9 Indicatoren voor sport en bewegen in Sliedrecht
Sliedrecht Beweegt voldoende Overgewicht Niet-sporters Gemeentelijke uitgave aan sport (per inwoner)
53% 53% 61% € 215
Nederland 63% 49% 49% € 292
Ruimte voor activiteiten en evenementen Op verschillende plekken in de gemeente worden activiteiten en evenementen georganiseerd. Onder andere op de Kerkbuurt, met kleinschalige activiteiten en fairs op zaterdagen en het Burgemeester Winklerplein met de weekmarkt op woensdag zijn regelmatig activiteiten. De activiteiten op de Kerkbuurt zijn bedoeld om sfeer en beleving in de winkelstraat te vergroten. Grootschalige, meerdaagse evenementen zijn onder andere de jaarlijkse kermis, het Tuinfeest en het Baggerfestival (tweejaarlijks). Beoordeling
6.3.2
Toelichting De gemeente kan meer doen om inwoners te stimuleren te sporten en te bewegen; Diverse (kleinschalige) activiteiten en evenementen moeten meer reuring brengen in de centrumgebieden.
Vitale bedrijventerreinen en een levendig centrum In maart 2021 is de economische visie 2021-2030 vastgesteld. Dit is een samenwerking tussen de gemeente Sliedrecht en de Vereniging Sliedrechtse Ondernemingen. Beide partners hadden behoefte aan een overkoepelend beeld bij de bespreking van de ontwikkelingen op specifieke bedrijventerreinen, maar zeker ook voor de economische inbreng in de nieuwe Omgevingsvisie. Met de visie wordt houvast geboden aan ondernemers bij het maken van keuzes en anderzijds helderheid en transparantie geboden over de koers van het gemeentelijk economisch beleid. De belangrijke thema’s uit deze visie zijn: Vitale werklocaties en slim ruimtegebruik. Innovatie, verduurzaming en digitalisering. Arbeidsmarkt en onderwijs. Bereikbaarheid. De sectoren waarop wordt ingezet zijn: Maritiem-industriële sector, Woonboulevard, Zakelijke dienstverlening en Dorpscentrum. Aanbod aan werkgelegenheid De werklocaties in de gemeente Sliedrecht zijn divers en de gemeente wil ook op diverse sectoren blijven inzetten vanuit de economische visie. In onderstaande kaart zijn de diverse werkgeneratoren in de gemeente Sliedrecht weergegeven. De vier prioritaire economische sectoren zijn hierop duidelijk te zien. De maritiem-industriële sector, de woonboulevard, de
Blad 75 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
zakelijke dienstverlening en het dorpscentrum. De innovatie sector heeft Sliedrecht een internationale rol gegeven, die voortkomt uit een geschiedenis van honderden jaren van de maritieme sector in Sliedrecht.
Figuur 6.29 Kaart met de belangrijke werklocaties uit de Omgevingsvisie (werkgeneratoren)
Banen en sectoren In 2019 kende Sliedrecht circa 1.750 bedrijfsvestigingen, waarvan circa 900 zzp of éénmanszaken. Opvallend is de sector zorg (gezondheid en welzijn) als grootste (non-profit) werkgever van Sliedrecht met regionale zorginstellingen voor ouderen en mensen met een beperking en een ziekenhuispoli. Ook kent Sliedrecht ten opzichte van het landelijk gemiddelde een relatief groot aandeel in de detailhandel, waarvoor de aanwezigheid van de Woonboulevard Nijverwaard een verklaring is. De maritieme sector is al van oudsher prominent aanwezig samen met de aanverwante industrie, deze sector heeft een werkgelegenheidspercentage van circa 7% ten opzichte van het landelijk gemiddelde van circa 3,8%. Daartegenover staat dat het aandeel in de zakelijke-, financiële-, en ICT-dienstverlening juist beduidend lager is dan het landelijk gemiddelde. In tabel 6.10 is een volledig overzicht gegeven van de sectorverdeling in Sliedrecht, naar aantallen banen en het percentage.
Blad 76 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Tabel 6.10 Verdeling van het aantal banen naar sector in de gemeente Sliedrecht
Grote werklocaties in de regio De grote werklocaties in de gemeente Sliedrecht zijn met name gelegen tussen de A15 en het spoor en aan het water, waar de watergebonden industrie zich bevind. In de regio zijn dit ook locaties die nadrukkelijk aanwezig zijn. Andere grote werklocaties in de regio zijn onderdeel van de regio Drechtsteden. Op ruimtelijk-economisch gebied wordt samengewerkt in de regio Drechtsteden en er wordt gewerkt vanuit onder andere een gezamenlijke Groeiagenda 2030 met daarin ambities voor wonen (onder meer 25.000 extra woningen), werken (onder meer 30.000 extra banen) en bereikbaarheid (onder meer een gezamenlijke lobby voor de A15). Voorzieningenniveau Detailhandel De gemeente Sliedrecht kent een relatief groot aandeel bedrijvigheid in de sector detailhandel. Woonboulevard Nijverwaard is hiervan een grote aanjager, op deze woonboulevard zijn voornamelijk bedrijven gevestigd uit de detailhandel. In 2015 werd een nieuw bestemmingsplan voor de Nijverwaard inclusief Woonboulevard vastgesteld om de positie van de Woonboulevard te bestendigen als tweede van Zuid-Holland en top-8 speler in Nederland. Naast de grote clustering van detailhandel op Woonboulevard Nijverwaard zijn er in Sliedrecht nog enkele andere winkelgebieden. Dan gaat het om het Burgemeester Winklerplein en de Kerkbuurt.
Het burgemeester Winklerplein heeft als uitdaging verouderd vastgoed en De Kerkbuurt heeft te maken met leegstand. De gemeente is bezig met deze twee winkelgebied door middel van gemeentelijke (investerings-)projecten. Ook is er voor de winkeliersvereniging een ondernemersfondsen waar zij gebruik van kunnen maken voor acties, promoties, evenementen en communicatie.
Blad 77 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.30 Gemiddelde afstand (in km) tot winkels voor dagelijkse levensbehoefte (bron: CBS)
Maatschappelijke voorzieningen In figuur 6.29 zijn naast de werkgeneratoren en industriegebieden ook allerlei voorzieningen aangegeven. Voorzieningen zoals wijk- en buurtcentra, gezondheidszorgfuncties, theater en muziek en sportvelden. Zorg Op het gebied van zorg heeft de gemeente Sliedrecht veel te bieden. Er zijn namelijk meerdere (grotere) zorginstellingen in Sliedrecht te vinden. Beoordeling
6.4
Toelichting Redelijk tot goed aanbod van werkgelegenheid over diverse sectoren binnen de gemeente. De centrale ligging van de winkelgebieden maakt dat inwoners voldoende voorzieningen op relatief korte afstand beschikbaar hebben.
Natuur en landschap Natuur is een belangrijk onderdeel van de leefkwaliteit. Natuur levert een belangrijke bijdrage aan schone lucht, goede bodem- en waterkwaliteit en een gezonde leefomgeving. Daarnaast heeft natuur van zichzelf een zeer belangrijke waarde (intrinsieke waarde). Behoud van voldoende natuur en een goede natuurkwaliteit zijn daarom van groot belang voor de Brabantse leefomgeving.
Blad 78 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Natuur is een omvangrijk thema met veel raakvlakken met andere thema’s en aspecten. Via bodem-, water en atmosfeer is er veel wisselwerking tussen natuurkwaliteiten en aspecten zoals luchtkwaliteit, CO2 en water. Deze thema’s en aspecten zijn in andere paragrafen beschreven. Deze paragraaf richt zich op de kwaliteiten van natuurgebieden en soorten (biodiversiteit). Bij natuurgebieden gaat het om de omvang en kwaliteit (instandhouding) van en samenhang tussen (beschermde) natuurgebieden, bij biodiversiteit gaat het om de omvang van geschikt leefgebied en de aanwezigheid en invloed van verstoringsfactoren.
6.4.1
Beschermde natuurgebieden Belangrijke natuurwaarden zijn op Europees niveau beschermd door middel van twee Europese richtlijnen, de Vogelrichtlijn (79/409/EEG) en de Habitatrichtlijn (92/43/EEG). De Europese Vogelrichtlijn (1979) regelt de bescherming van leefgebieden van Europees bedreigde en kwetsbare vogelsoorten. Met de Europese Habitatrichtlijn (1992) worden Europese (half-) natuurlijke habitats en bedreigde en kwetsbare dier- (andere dan vogels) en plantensoorten beschermd. In dat kader zijn speciale gebieden aangewezen die beschermd moeten worden. Deze zogenaamde Vogel- en Habitatrichtlijngebieden vormen samen het Natura 2000-netwerk. De afzonderlijke gebieden worden ook wel Natura 2000-gebieden genoemd. In Nederland is deze bescherming geregeld in de Wet natuurbescherming (Wnb). De Natura 2000-gebieden en de verbindingen daartussen vormen het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Natura 2000-gebieden Rond de gemeente Sliedrecht ligt een aantal Natura 2000-gebieden (zie tabel 6.11 en figuur 6.31). Het betreft: Tabel 6.11 Natura 2000-gebieden in de omgeving, het beschermingsregime en stikstofgevoeligheid
Natura 2000-gebied Biesbosch Boezems Kinderdijk Donkse Laagten Uiterwaarden Lek Zouweboezem Lingebied & Diefdijk-Zuid Loevestein, Pompveld & Kornsch Boezem Hollands Diep Oudeland van Strijen Oude Maas Langstraat
6
Bescherming VRL + HRL6 VRL VRL HRL VRL + HRL HRL HRL VRL + HRL VRL HRL HRL
VRL: Vogelrichtlijngebied, HRL: Habitatrichtlijngebied
Blad 79 van 151
Stikstofgevoelig Stikstofgevoelig Niet stikstofgevoelig Niet stikstofgevoelig Stikstofgevoelig Stikstofgevoelig Stikstofgevoelig Stikstofgevoelig Niet stikstofgevoelig Niet stikstofgevoelig Niet stikstofgevoelig Stikstofgevoelig
Afstand Ca. 0,3 km Ca. 6 km Ca. 4 km Ca. 12 km Ca. 16 km Ca. 12 km Ca. 13 km Ca. 13 km Ca. 14 km Ca. 12 km Ca. 19 km
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.31 De ligging van Natura 2000-gebieden in de omgeving van Sliedrecht.
Ondanks dat geen van de Natura 2000-gebieden binnen de gemeente Sliedrecht gelegen zijn, dient er wel rekening gehouden te worden met de kwaliteiten van en effecten op deze natuurgebieden. Uit de voortoets is onder andere naar voren gekomen dat hoge stikstofdepositie en verstoring door recreatie de kwaliteiten van de Biesbosch negatief beïnvloeden. Natuurnetwerk Nederland (NNN) De provincie Zuid-Holland heeft in december 2013 de Ecologische Hoofdstructuur (EHS, tegenwoordig NNN) herijkt. De prioriteit ligt nu bij het bereiken van de doelen van de Natura-2000gebieden en de Europese Kaderrichtlijn Water. In aanvulling op de Ecologische Hoofdstructuur stimuleert de provincie de aanleg van ecologische verbindingszones. Anders dan in de periode tot en met 2011 richt de provincie zich voor wat betreft het beleidsveld Natuur niet alleen op de kwantitatieve prestaties (output: hoeveel hectare verworven en ingericht, hoeveel beheerplannen Natura 2000 vastgesteld) maar vooral ook op de effecten (outcome: de natuurkwaliteit, hoe ontwikkelt de Zuid-Hollandse biodiversiteit zich). Dit is nieuw en ook breder dan de NNN omdat er van uitgegaan wordt dat de bijdrage aan de biodiversiteit ook buiten de begrenzing van het NNN plaatsvindt. Hoewel Sliedrecht op dit moment geen onderdeel is van de Natuurnetwerken Nederland, zou dit in de toekomst wel kunnen.
Zo kunnen groene linten, die nu al aanwezig zijn in de gemeente, uitgebreid worden om bij het netwerk aan te sluiten.
Blad 80 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Beoordeling
6.4.2
Toelichting Stikstofemissies en verstoring door recreatie hebben negatieve invloed op de natuurkwaliteiten van de Biesbosch Mogelijk uitbreiding van NNN binnen de gemeente Sliedrecht
Biodiversiteit Trend biodiversiteit Biodiversiteit omvat alle soorten die er op aarde zijn, waaronder alle dier- en plantensoorten. Op dit moment zijn bijna twee miljoen soorten bekend, waarvan zo’n 40.000 soorten in Nederland zijn aangetroffen. Biodiversiteit is van groot belang voor de instandhouding van natuur en de kwaliteit van leven. De afgelopen jaren daalt de biodiversiteit aanzienlijk. Het aantal soorten en de omvang van de populaties daalt over het algemeen. Voor zover bekend zijn er sinds 1900 meer dan 600 diersoorten uit Nederland verdwenen. Vooral veel reptielen, paddestoelen en dagvlinders zijn verdwenen. Van veel andere soortgroepen geen exacte gegevens beschikbaar. In bepaalde gebieden komen ook weer soorten terug. Dit is onder meer het gevolg van maatregelen gericht op natuurbescherming, -herstel en -ontwikkeling of door een schoner milieu. Dankzij gerichte maatregelen zijn in Nederland bijvoorbeeld vetblad, aalscholver, vleermuissoorten, muurhagedis en kerkuil weer toegenomen en zijn soorten als raaf, bever en otter opnieuw geïntroduceerd. Daarnaast komen er in veel gebieden ook soorten bij die daar oorspronkelijk niet voorkwamen. Bijvoorbeeld omdat soorten met de mens zijn meegereisd (exoten) of omdat soorten verhuizen als gevolg van de klimaatverandering.
Sommige exoten blijken zich hier zo goed thuis te voelen dat zij de oorspronkelijk aanwezige soorten verdringen. Bij de trendanalyses wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende gebieden. Voor de gemeente Sliedrecht zijn het stedelijk gebied en agrarisch gebied van toepassing.
Figuur 6.32 Trend van fauna in stedelijk gebied (links) en het agrarisch gebied (rechts)
In het stedelijk gebied zijn het verdwijnen van geschikt leefgebied en de verstoring belangrijke oorzaken van de achteruitgang van biodiversiteit. De inrichting en het maaibeheer van oevers en bermen speelt hierin een belangrijke rol. In het landelijk gebied is eveneens veel leefgebied verdwenen door verschraling van het landschap (verdwijnen van bomen, struiken en begroeiing),
Blad 81 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
intensief maaibeheer en monocultuur gewasteelt. Daarnaast zorgt het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen voor achteruitgang van insecten. Monitoring van biodiversiteit Groen is belangrijk voor de biodiversiteit en draagt bij aan de klimaatadaptatie. Om landelijke afname van biodiversiteit tegen te gaan, moet worden gewerkt aan herstel van het insectenleven. Zonder insecten zullen wij bijvoorbeeld de meeste zangvogels gaan missen. Maar ook ziekten en plagen (eikenprocessierups) kunnen weer met andere insecten bestreden worden (sluipwespen). Om de biodiversiteit te bevorderen kan gekozen worden voor: het planten van inheemse bomen en struiken die een rijk insectenleven kunnen hebben en ook voor bloemrijke bermen. het aanleggen van groene bermen, oeverzones en boomlinten toevoegen. een natuurvriendelijk beheer voor gemeentelijk groen. Op basis van gegevens van de laatste 10 jaar uit de Nationale Databank Flora en Fauna zijn kaarten over de biodiversiteit opgesteld. De zeven belangrijkste en best onderzochte soortgroepen zijn hierin samengenomen (vaatplanten, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en vogels). De kaarten geven relatieve en geen absolute soortenaantallen in klassen weer, waardoor relatief soortenrijke gebieden worden onderscheiden van relatief soortenarme gebieden op basis van zeven belangrijke soortgroepen.
Deze kaart kan daardoor misleidend zijn; Relatief soortenarme gebieden in deze kaarten zegt niets over het wel of niet voorkomen van beschermde soorten onder de Wet natuurbescherming. Een donkergroene gridcel betekent niet automatisch dat het daadwerkelijk goed gaat met de soortendiversiteit.
Figuur 6.33 Soortendiversiteit op basis van kilometerhokgegevens van de NDFF
Blad 82 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Relevante autonome ontwikkelingen Met biodiversiteit steeds nadrukkelijker op de maatschappelijke agenda worden steeds meer maatregelen, zoals de aanleg van tiny forests en het minder intensief en gefaseerd maaien van bermen en oevers, voor verbetering van de grond In het buitengebied van Sliedrecht worden enkele percelen meer natuurvriendelijk ingericht. Beoordeling
6.4.3
Toelichting Zowel in het stedelijk gebied als in het buitengebied is een dalende trend in de biodiversiteit Geschikt leefgebied en goede verbinding van stedelijk groen en het buitengebied is beperkt in Sliedrecht
Landschappelijke waarden Archeologie Archeologische waarden Archeologische waarden beschrijven de geschiedenis van de gemeente. Zij bepalen mede de identiteit. Door ontgravingen en bebouwingen kunnen de waarden worden verstoord. Op basis van de vondstdichtheid per gebied kunnen archeologische waarden aan een gebied worden gegeven. In onderstaande figuur zijn deze gebieden (zones) of plaatsen (oude kernen en woonheuvels) met een redelijke tot hoge trefkans op archeologische sporen aangegeven. De toekenning van deze trefkans op vondsten heeft betrekking op de relatieve dichtheid van archeologische sporen die in een bepaald gebied verwacht wordt. Het gaat hierbij enerzijds om concreet te begrenzen bodemkundige en geologische structuren, waarbinnen vaak weer fijnmaziger structuren te onderscheiden zijn. Anderzijds vallen ook oude stads- en dorpskernen en woonheuvels binnen deze verwachtingscategorie.
Figuur 6.34 Archeologische waarden gemeente Sliedrecht (bron: provincie Zuid-Holland)
Blad 83 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
In figuur 6.33 is te zien dat Sliedrecht een archeologisch beschermd stads- en dorpskern heeft en dat er een terrein met provinciaal belang ligt aan de noordkant van de gemeente. Deze gebieden genieten in principe bescherming bij ontwikkelingen. Daarnaast zijn er diverse vlekken te zien waar op verschillende dieptes in de ondergrond redelijke tot hoge trefkans is op archeologische waarden. Deze gebieden zijn door middel van bestemmingsplannen beschermd en voorzien van een onderzoeksplicht. Landschap Landschappelijke kwaliteiten en kenmerken Het buitengebied van Sliedrecht wordt landschappelijk gekenmerkt door veenontginning. De veenontginningen zijn vanaf de 11e eeuw ontstaan, toen vanaf een ontginningsbasis (rivier of gegraven wetering) de veenwildernis systematisch werd ontgonnen. Zo ontstond een verkaveling die nog altijd karakteristiek is voor het veenlandschap: lange (smalle) stroken, van elkaar gescheiden door (afwaterings)sloten, met de boerderij op de kop van de kavel. De stroken liggen evenwijdig aan elkaar of vormen een waaier, als ze uitgezet zijn vanaf een kronkelende rivieroever.
Figuur 6.35 Landschappelijke kenmerken
De veenontginning die het buitengebied vormt van Sliedrecht behoord tot een groter landschappelijk gebied de Alblasserwaard. De inrichting van de Alblasserwaard wordt volledig bepaald door de waterbeheersing. Het landschap is opgebouwd uit een groot aantal polders: aanvankelijk ontginningseenheden, nog in de Middeleeuwen uitgegroeid tot afwateringseenheden. Van deze inrichting met perceelsloten als kleinste eenheid vormen de poldergrenzen, te weten voor-, zij- en achterkades, en de tiendwegen (waarschijnlijk aangelegd om in een deel van een polder vroeger in het jaar een lage waterstand te kunnen krijgen) de hoofdlijnen.
Blad 84 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Relevante autonome ontwikkelingen Grote maatschappelijke opgaven, zoals de woningbouwopgave en de energietransitie vragen om ruimte, die ten koste kan gaan van landschappelijke kwaliteiten; Behoefte aan rust en ruimte vergroot het belang van een open en rustig landelijk gebied in de nabijheid van de woonomgeving. Beoordeling
6.5
Toelichting Archeologische en landschappelijke kwaliteiten zijn op dit moment behouden en beschermd in de huidige visies en (bestemmings)plannen; Grote maatschappelijke opgaven vergroten de druk op het open, landelijke gebied.
Overzicht van de referentiesituatie Ruimtelijke vernieuwing Beoordeling Toelichting Door toenemende vraag een groot tekort aan woningen verwacht voor de komende jaren Kwalitatieve mismatch tussen vraag en aanbod: voornamelijk behoefte aan (grotere) koopwoningen; Huidige woningbouwplannen zijn ontoereikend om te voorzien in de vraag Sliedrecht kent een relatief laag aandeel groen en water in het woongebied, met wateroverlast en hittestress als gevolg; Klimaatverandering leidt tot toename van wateroverlast, hittestress en risico op bodemdaling; De ruimtelijke kwaliteit wordt gemiddeld gewaardeerd, plannen voor kwaliteitsverbetering van centrumgebieden zijn in uitvoering. Met de RES zet de regio de eerste stap naar een energieneutrale gemeente. Binnen de gemeente is nog een grote slag te slaan, het aandeel duurzame energie blijft in Sliedrecht achter op regionale en landelijke gemiddelden; Goede ontsluiting voor autoverkeer met directe aansluitingen op de A15; Op ontsluitingswegen relatief hoge verkeersintensiteiten Goede beschikbaarheid van OV-voorzieningen; fietsvoorzieningen zijn beperkt binnen de gemeente.
Veilige, gezonde en inclusieve samenleving Beoordeling Toelichting Milieuhinder door aanwezigheid van milieucategorie 4 bedrijven in het woongebied Door drukte op de ontsluitingswegen is er relatief veel hinder door verkeerslawaai; Concentraties luchtverontreiniging grotendeels onder landelijke normen en WHO-advieswaarden, maar wel boven landelijk gemiddelde. Op basis van het risicoprofiel kent Sliedrecht
Blad 85 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Het onveiligheidsgevoel, -perceptie en vermijdingsdrang ligt in Sliedrecht boven het landelijk gemiddelde
Ondernemend en betrokken Beoordeling Toelichting De gemeente kan meer doen om inwoners te stimuleren te sporten en te bewegen; Diverse (kleinschalige) activiteiten en evenementen moeten meer reuring brengen in de centrumgebieden. Redelijk tot goed aanbod van werkgelegenheid over diverse sectoren binnen de gemeente. De centrale ligging van de winkelgebieden maakt dat inwoners voldoende voorzieningen op relatief korte afstand beschikbaar hebben. Natuur en landschap Beoordeling Toelichting Stikstofemissies en verstoring door recreatie hebben negatieve invloed op de natuurkwaliteiten van de Biesbosch Mogelijk uitbreiding van NNN binnen de gemeente Sliedrecht Zowel in het stedelijk gebied als in het buitengebied is een dalende trend in de biodiversiteit Geschikt leefgebied en goede verbinding van stedelijk groen en het buitengebied is beperkt in Sliedrecht Archeologische en landschappelijke kwaliteiten zijn op dit moment behouden en beschermd in de huidige visies en (bestemmings)plannen; Grote maatschappelijke opgaven vergroten de druk op het open, landelijke gebied.
Blad 86 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
7
Effectbeoordeling
7.1
Effecten op Ruimtelijke vernieuwing
7.1.1
Woningbouw Deelaspect
Criterium
Woningvoorraad
De mate waarin het scenario bijdraagt aan de lokale en regionale woningbehoefte De mate waarin het verwachte woningbouwprogramma van het scenario aansluit bij de kwalitatieve vraag (woningtype en -prijsklasse) De effecten van de scenario’s op de mate van stedelijkheid (dichtheid) en functiemenging en de mate waarin de woningbouwontwikkeling aansluit bij het gewenste woonmilieu.
Kwalitatieve woningvoorraad Woonmilieu
Aannames voor woningbouw en ruimtebeslag Voor de ruimtelijke verdeling van de woningbouw zijn nog diverse keuzes te maken. Onder andere de verdeling van het woningbouwprogramma naar woningtype, de maximaal toegestane bouwhoogte en de hoeveelheid uitgeefbaar terrein zijn parameters die (nog) niet vastliggen. De keuzes die hiervoor gemaakt moeten worden, hebben effecten op de leefomgeving. Onder andere op de verkeersaantrekkende werking, de ruimte voor groen en water en de mate van stedelijkheid. Om de effecten van woningbouw goed te kunnen duiden gaat het OER er vanuit dat er enige ‘schuifruimte’ is binnen de ontwikkelscenario, maar met grenzen of beperkingen. Zo zijn er keuzes te maken voor maximale bouwhoogte, maar er wordt aangenomen dat bouwlagen van bijvoorbeeld 20 of meer niet reëel zijn. Ook zal er altijd behoefte zijn aan een minimaal percentage openbare ruimte, waardoor uitbreiding van uitgeefbaar terrein beperkt is. Dit betekent dat meer woningen op een zelfde ontwikkellocatie naar verwachting zal leiden tot andere keuzes ten aanzien van het woningbouwprogramma (minder ruimte voor grotere woningen) en enige verdichting door uitbreiding van ruimtebeslag en hoogbouw. Woningvoorraad De vier scenario’s variëren in het aantal woningen dat toegevoegd wordt. De effecten op de woningvoorraad zijn dan ook gerelateerd aan de omvang van de woningbouw.
In scenario A worden 1.000 woningen toegevoegd, waarmee de groei van de woningvoorraad achterblijft bij de behoefte. Scenario B en 3 voegen 2.000 woningen toe. Hiermee wordt voor een groot deel in de woningbehoefte voorzien. Scenario D overstijgt de lokale woningbouwbehoefte en voorziet in een deel van de regionale vraag naar woningen. Kwalitatieve woningvoorraad Bij de kwalitatieve woningvoorraad gaat het om het type woningen (huur of koop, grondgebonden of appartement) en de prijsklasse van de woningen. Uit de woningmarktanalyse (zie paragraaf 3.2.2) is gebleken dat er met name behoefte is aan grotere, duurdere woningen, met name grondgebonden woningen.
Blad 87 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Het woningbouwprogramma is in de scenario’s niet uitgewerkt naar woningtypen. Het programma is geschat op basis van de mogelijkheden per locatie. Bij hogere woningbouwaantallen zal de ruimte voor grotere woningen en/of grondgebonden woningen beperkter zijn. Scenario A In dit scenario is met name op locatie 1 en 5 ruimte voor grondgebonden woningen en duurdere appartementen. Locatie 3 biedt maar beperkt ruimte voor grondgebonden woningen. Appartementen in de duurdere klasse betekent doorgaans dat er meer ruimte nodig is of meer hoogbouw toegepast moet worden. Scenario B De mogelijkheden voor grondgebonden woningen en duurdere appartementen in het huidig woongebied zijn vergelijkbaar met scenario A. De lagere aantallen op locatie 5 maken het mogelijk om daar meer grondgebonden woningen toe te voegen. De toevoeging van een woonwijk in de polder met 1.000 woningen biedt ruimte voor (duurdere) grondgebonden woningen. In dit scenario kan een groot deel van de kwalitatieve woningbehoefte vervuld worden. Scenario C Door de hoge mate van verdichting in het huidige woongebied is de ruimte voor grondgebonden woningen en duurdere appartementen zeer beperkt. Alleen op locatie 1 is mogelijk ruimte voor grondgebonden woningen. Op de overige locaties betreft het overgrote deel appartementen. Op locatie 5 in de duurdere klassen, voor de overige gebieden voornamelijk goedkopere appartementen.
Scenario D De mogelijkheden in het huidig woongebied zijn vergelijkbaar met scenario C. Het verschil zit in de mogelijkheden voor duurdere woningen tussen locatie 1 en 5. In dit scenario biedt locatie 5 meer ruime voor (duurdere) grondgebonden woningen. Door de omvang van de nieuwe woonwijk (2.000 woningen) in de polder is er in dit scenario minder ruimte voor grondgebonden woningen en duurdere appartementen, ten opzichte van scenario B. Woonmilieu Het woonmilieu en de mate van stedelijkheid wordt beïnvloed door de woningbouwopgave. Het toevoegen van woningen leidt tot toename van stedelijkheid. Afhankelijk van de omvang en locatie kan dit leiden tot verandering van het woonmilieu. In Sliedrecht zijn op dit moment twee woonmilieus te onderscheiden: een centrum dorps / groen stedelijk woonmilieu in het centrum en een suburbaan woonmilieu in de rest van het woongebied. De variatie in woningbouw per scenario leidt tot wisselende effecten op het woonmilieu. De effecten op de stedelijkheid zijn ook gevisualiseerd aan de hand van het aantal overdag aanwezige personen (figuur 7.1). Door uitbreiding van woningen neemt het aantal personen toe. De omvang van deze toename is echter afhankelijk van gebiedskenmerken zoals de aanwezigheid van winkels, voorzieningen of openbare ruimte. Deze ‘gebiedsdynamiek’ is ook een kenmerk van stedelijkheid.
Dit zegt daarmee iets over het woonmilieu van het stedelijk gebied. In figuur 7.1 is de omvang van het aantal aanwezige personen weergegeven voor de vier scenario’s. Een donkere kleur betekent een hoger aantal personen. In de huidige situatie is het huidig woongebied volledig oranje gekleurd.
Blad 88 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Scenario A In dit scenario worden circa 1.000 woningen verspreid over het huidig woongebied toegevoegd. De spreiding over het huidig woongebied leidt naar verwachting niet tot veranderingen in het woonmilieu. Scenario B In dit scenario is de woningbouw in het huidig woongebied meer geconcentreerd in het centrum. Op locatie 2 en 3 leidt dit tot verdichting, waardoor het centrumgebied een meer stedelijk karakter kan krijgen. De aantallen zijn echter niet dermate hoog dat hierdoor een wezenlijke verandering van het woonmilieu optreedt. De ontwikkeling van 1.000 woningen op locatie 4 leidt tot uitbreiding van het woongebied met een verwacht woonmilieu dorps en landelijk wonen. Scenario C In dit scenario zijn de woningbouwaantallen in het huidig woongebied verdubbeld ten opzichte van scenario A en B. Met name in het centrumgebied (locatie 2 en 3) worden zoveel woningen toegevoegd dat hiermee een aanzienlijke stap richting een stedelijk woonmilieu gezet wordt. Scenario D De effecten op het woonmilieu van het huidig woongebied zijn voor dit scenario vergelijkbaar met scenario C. De ontwikkeling van een woonwijk met 2.000 woningen in de polder leidt tot uitbreiding van het woongebied. De verdubbeling van het aantal woningen op de locatie zal leiden tot een meer stedelijk woonmilieu ten opzichte van scenario B. De mogelijkheden voor woonmilieutype landelijk wonen zijn ook meer beperkt.
Figuur 7.1 Visualisatie van de mate van stedelijkheid op basis van overdag aanwezige personen
Blad 89 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Scenario A B C D
7.1.2
Toelichting
Score
Beperkte bijdrage aan de woningbouwbehoefte, die slechts deels voorziet in de kwalitatieve vraag Aanzienlijke bijdrage aan woningbouwopgave, waarbij grotendeels voorzien wordt in kwalitatieve behoefte en gewenste woonmilieu. Dit scenario levert een aanzienlijke bijdrage aan de woningbouwopgave. Grote verdichting leidt echter tot grotere mismatch in kwalitatieve vraag en aanbod en verandering in woonmilieu in het huidig woongebied. Voorziet in regionale behoefte en gewenst woonmilieu in het buitengebied, maar mismatch in kwalitatieve vraag in het huidig woongebied
+ ++ 0/+ +
Ruimtelijke kwaliteit: historisch, groen en adaptief Deelaspect
Criterium
Cultuurhistorisch erfgoed Kwaliteit openbare ruimte Klimaatadaptief
Effecten van de ontwikkelingen op cultuurhistorische waarden en de mogelijkheden voor inpassing. Effecten op de openbare ruimte en de mogelijkheden voor uitbreiding of verbetering van de openbare ruimte. De mate waarin de ontwikkelingen bijdragen aan of effect hebben op klimaatadaptie (hittestress, wateroverlast) Effecten van de ontwikkelingen op bodem- en water en de mogelijkheid voor uitbreiding van water(berging).
Bodem en water
Cultuurhistorisch erfgoed In paragraaf 6.1.2 zijn de cultuurhistorische elementen binnen Sliedrecht beschreven. Het dijklint met diverse Rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten vormt de belangrijkste aspect. Bij de effecten van de vier scenario’s gaat het enerzijds om (mogelijke) aantasting, maar ook om de mogelijkheden voor kwaliteitsverbetering en verbetering van de belevingswaarde. Ontwikkellocaties 1 en 5 spelen hierin een belangrijke rol. Op ontwikkellocatie 1 ontstaat in scenario A en B ruimte om de kwaliteit en beleefbaarheid van het dijklint te verbeteren. Woningbouwontwikkeling op deze locatie (met name in scenario C en D) hoeft niet direct te leiden tot aantasting van het dijklint. Door braakliggende of verrommelde gebieden te ontwikkelen en in te passen in het bestaande dijklint kan de kwaliteit zelfs verbeterd worden. Op ontwikkellocatie 5 is bij lagere woningbouwaantallen (scenario B en D) ruimte om de nieuwe bebouwing aan te laten sluiten op huidige stedenbouwkundige kwaliteiten van het dijklint. Het toevoegen van openbare ruimte en voorzieningen zoals horeca kan de belevingswaarde vergroten. Kwaliteit openbare ruimte De effecten van de scenario’s op (de kwaliteit van) de openbare ruimte worden voornamelijk bepaald door het ruimtebeslag van de woningbouw en de (on)mogelijkheden voor uitbreiding van groen en water in het huidig woongebied.
Voor woningbouw in de polder (locatie 4 in scenario B en D) zijn geen effecten op de kwaliteit van de openbare ruimte te bepalen. In figuur 7.2 is weergegeven welk deel van het huidig woongebied, in de huidige situatie, binnen 200 meter afstand van een groenverblijfplaats ligt. Ongeveer 66% van de inwoners woont nu binnen 200 meter van een groenverblijfplaats.
Blad 90 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 7.2 Groenstructuren in Sliedrecht met een buffer van 200 meter
Scenario A In Scenario A is de uitbreiding van woningen in het huidig woongebied beperkt. Dit maakt dat er ruimte is om groen en waterstructuren uit te breiden of beter met elkaar te verbinden. Dit is positief voor de ruimtelijke kwaliteit. De hoge woningbouwaantallen op locatie 5 laat echter weinig ruimte voor uitbreiding van de openbare ruimte langs de rivier. Scenario B In dit scenario is de woningbouw in het huidig woongebied meer geconcentreerd in het centrum. Dit maakt dat er op locatie 1 en 5 mogelijkheden zijn om de openbare ruimte uit te breiden en te verbeteren. Met name op locatie 5 biedt dit mogelijkheden om openbare ruimte, in de vorm van bijvoorbeeld een park of boulevard, langs de rivier te ontwikkelen. Scenario C De hoge verdichting in het huidig woongebied maakt dat er nauwelijks ruimte is voor uitbreiding van de openbare ruimte. Als de woningbouw in hoogte beperkt is, zal de uitbreiding leiden tot meer ruimtebeslag. Op locatie 1, 3 en 5 kan dit zelfs ten koste gaan van de nu aanwezige openbare ruimte. Scenario D De effecten van dit scenario zijn vergelijkbaar met scenario C. Alleen op locatie 5 zijn meer mogelijkheden voor openbare ruimte, als de woningbouwopgave meer in de hoogte ingevuld wordt. Klimaatadaptief Hittestress
Blad 91 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
In alle vier de scenario’s worden woningen toegevoegd en neemt de stedelijkheid toe. Niet in ieder scenario zal dit meteen betekenen dat hittestress dan ook vaker voorkomt, omdat er wel ruimte is om ook groen en water toe te voegen aan de gebieden. Door woningen in de hoogte toe te voegen en bijvoorbeeld parkeergarages aan te leggen, kan zelfs ruimte gemaakt worden voor meer groen en water. Op figuur 7.3 is de huidige situatie weergegeven met daarbij de ontwikkellocaties en de aantallen woningen per scenario. De effecten op hittestress zijn onder te verdelen in twee categorieën: Verdichting van bestaand stedelijk gebied Uitbreiding van bestaand stedelijk gebied
Figuur 7.3 Hitte-eilandeffect in Sliedrecht inclusief ontwikkellocaties.
De verdichting van het bestaand stedelijk gebied (locaties 1, 2, 3 en 5) leidt tot intensivering van het hitte-eilandeffect. Het temperatuurverschil met het buitengebied wordt groter. Scenario C en D leiden hier tot het grootste effect. Scenario B en D leiden tot uitbreiding van het stedelijk gebied, wat leidt tot vergroting van het hitte-eiland. De verwachting is dat het temperatuurverschil in scenario B ongeveer 0,5 graden zal zijn, in scenario D kan dit oplopen naar 1 graden in het midden van de nieuwe woonwijk. De inrichting van het gebied speelt hierin een belangrijke rol. Uitbreiding van het stedelijk gebied in de polder kan het hitte-eilandeffect in het huidig woongebied licht vergroten. Wateroverlast Voor wateroverlast door hevige regenval gelden vergelijkbare effecten als bij hittestress. De ruimte voor openbare ruimte bepaalt de effecten op wateroverlast. Meer groen en water zorgt voor een groter waterbergend vermogen, de ondergrond kan dan meer water verwerken.
Blad 92 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 7.4 Woningbouwontwikkeling binnen de scenario's en het percentage groen per wijk
Op de kaart (figuur 7.4) is te zien dat ontwikkellocaties 1 en 3 gebieden beslaan waar in de huidige situatie het aandeel groen beperkt is. Her risico op wateroverlast is hier groter. Met name op deze locaties is het van belang om bij woningbouwontwikkelingen de ruimte zo efficiënt mogelijk in te richten om ruimte te maken voor groen en water. Woningbouw hoeft niet direct te leiden tot beperkingen voor groen en water. Het toepassen van groene daken of halfverharde parkeerplaatsen zijn bekende maatregelen om waterberging te verbeteren. Dit zijn maatregelen die bij de verdere uitwerking meegenomen moeten worden. Dit is ook opgenomen in de eisen vanuit het Convenant Klimaatadaptief Bouwen, waar de gemeente Sliedrecht bij aangesloten is. Bodem en water In een laagveengebied waar Sliedrecht grotendeels in ligt is de wisselwerking tussen bodem en water een belangrijk element. Bij klimaatadaptatie is reeds benoemd dat de mogelijkheid om water in de bodem op te nemen bepalend is om wateroverlast te voorkomen. In het stedelijk gebied gaat het dan voornamelijk om water de mogelijkheid te geven in de bodem te infiltreren. In het buitengebied speelt de grondwaterstand een belangrijke rol. Bij woningbouw is een minimale afstand tussen het maaiveld en de gemiddelde hoogste grondwaterstand (drooglegging) nodig om wateroverlast te voorkomen.
In paragraaf 6.1.2 is de gemiddelde hoogste grondwaterstand in Sliedrecht getoond. Met name in de polder zijn de grondwaterstanden hoog. Om woningbouw hier mogelijk te maken (scenario B en D) en wateroverlast in de nieuwe wijk te voorkomen is ophoging noodzakelijk. Ook hiervoor zijn eisen opgenomen in het Convenant Klimaatadaptief Bouwen.
Blad 93 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Scenario A B C D
7.1.3
Toelichting
Score
De ontwikkeling in het huidig woongebied kan leiden tot lichte aantasting van het dijklint. Negatieve effecten op klimaatadaptatie en bodem en water zijn met maatregelen te voorkomen. In dit scenario is ruimte voor verbetering van kwaliteit en beleving van het dijklint. Negatieve effecten op klimaatadaptatie en bodem en water zijn met maatregelen te voorkomen. De hoge mate van verdichting leidt tot aantasting van de ruimtelijke kwaliteit en risico’s op het gebied van hittestress en wateroverlast door verdichting in gebieden waar het aandeel groen al relatief laag is. De hoge mate van verdichting leidt tot aantasting van de ruimtelijke kwaliteit en risico’s op het gebied van hittestress en wateroverlast door verdichting in gebieden waar het aandeel groen al relatief laag is.
0/0 -
Duurzaamheid Deelaspect
Criterium
Energiebehoefte en duurzame energieopwekking Circulariteit
Effecten op de energiebehoefte en de mogelijkheden voor het opwekken van duurzame energie. Mogelijkheden om circulair te bouwen en innovatief afvalbeleid toe te passen binnen de scenario’s.
Energiebehoefte en duurzame energieopwekking Met de groei van het aantal woningen neemt de energiebehoefte toe. Hoe groot deze energiebehoefte is hangt af van het type woning en de huishoudenssamenstelling. Een appartement is doorgaans energiezuiniger dan een rijtjeswoning. En woningen met meer bewoners verbruiken logischerwijs meer energie. Voor alle scenario’s geldt dat de energiebehoefte van de woningen beperkt kan worden door hoge duurzaamheidseisen te stellen. Bij de energiebehoefte wordt onderscheid gemaakt tussen warmte, voor verwarming en warm water en elektriciteit. Voor de warmtelevering onderzoekt de gemeente Sliedrecht de mogelijkheden voor een warmtenet. Voor alle scenario’s geldt dat onderzocht moet worden of het mogelijk is om ook de nieuwe woningen aan te sluiten op dit net. De ontwikkeling kan tegelijkertijd kansen bieden om de aanleg van het warmtenet te versnellen. In Scenario C en D, waar in het huidig woongebied de dichtheden toenemen en meer hoogbouw toegepast wordt, zal de ruimte voor zonnepanelen op daken wel beperkt worden.
Blad 94 van 151