Bijlage 3 - Subsidiebeleid gemeente Sliedrecht 2024-2027.pdf
Tekst van het document
Subsidiebeleid gemeente Sliedrecht 2024-2027 Intitulé Subsidiebeleid gemeente Sliedrecht 2024-2027 De raad van de gemeente Sliedrecht; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 november 2024, Zaaknummer 2024-0084564; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen het Subsidiebeleid gemeente Sliedrecht 2024-2027
Voorwoord Voor u ligt het Subsidiebeleid gemeente Sliedrecht 2024-2027 (hierna te noemen: Subsidiebeleid). Dit Subsidiebeleid is geschreven vanuit de vraag hoe de gemeente Sliedrecht haar inwoners en partners zo goed mogelijk kan helpen bij het bereiken van de maatschappelijke en sociale doelen zoals beschreven in de Sociale Visie en haar subsidiemiddelen zo effectief mogelijk daarvoor kan inzetten. Dit nieuwe Subsidiebeleid gemeente Sliedrecht 2024-2027 is ter vervanging van het huidige Subsidiebeleid Sociaal gemeente Sliedrecht 2017-2020.
1. Achtergronden van de actualisatie van het Subsidiebeleid 1.1
Inleiding
De Sociale Visie vastgesteld in december 2020, het Subsidiebeleid Sociaal gemeente Sliedrecht 2017-2020, de Algemene subsidieverordening Sliedrecht 2017 en diverse beleidsregels voor de verschillende beleidsterreinen, zoals onder andere de subsidiebeleidsregels Sociaal 2018, subsidiebeleidsregels buurtinitiatieven, subsidiebeleidsregels Sport 2019 etc. vormen samen het inhoudelijk en procesmatig kader voor het verstrekken van subsidies in het sociaal domein. Ook op de beleidsterreinen economische zaken, milieu, ruimtelijke ordening en volkshuisvesting, verkeer, vervoer en waterstaat, openbare orde en veiligheid en algemeen bestuur kan er sprake zijn van verstrekking van subsidies. De beleidsinhoudelijke elementen worden in subsidieregelingen vastgelegd. De visies van de gemeente Sliedrecht vormen de basis voor het opstellen van deze subsidieregelingen. Het Subsidiebeleid is ook van toepassing op verstrekking van subsidies op deze beleidsterreinen. In de Sociale Visie staat beschreven wat de gemeente wil bereiken en wat zij daarvoor wil doen. Om de visie te realiseren, wil de gemeente de komende jaren samen met inwoners en partners investeren in een sterke sociale infrastructuur voor Sliedrecht, met als uitgangspunt 'zorg voor jezelf en voor elkaar' en een passend vangnet organiseren voor mensen die (tijdelijk) extra ondersteuning en zorg nodig hebben.
Subsidie is een middel om beleidsdoelen te verwezenlijken, de te subsidiëren activiteiten staan hierbij centraal.
1
In het Subsidiebeleid Sociaal gemeente Sliedrecht 2017-2020 zijn aanbevelingen uit het onderzoeksrapport 'Kop of Munt: samenhang tussen Subsidiebeleid en maatschappelijke doelen?' uit 2015 overgenomen. Dit rapport gaf aanbevelingen over het meer sturen op subsidies. Hiervoor zijn maatschappelijke doelen waar nodig geherdefinieerd en maatschappelijke doelen naar meetbare doelstellingen en indicatoren vertaald. Het huidige Subsidiebeleid Sociaal gemeente Sliedrecht 2017-2020, de Algemene subsidieverordening Sliedrecht 2017 en diverse beleidsregels voor de verschillende beleidsterreinen zijn niet meer in lijn met de in 2020 nieuw vastgestelde Sociale Visie. Het is dan ook noodzakelijk dat er een nieuw Subsidiebeleid binnen de gemeente Sliedrecht wordt opgesteld voor de periode 2024-2027. In 2019 heeft de VNG de handreiking basisbeginselen subsidierecht gepubliceerd, in deze handreiking wordt gewezen op het model Algemene subsidieverordening en het model voor de subsidieregeling. Deze modellen dienen als basis voor het nieuw op te stellen wettelijk voorschrift voor de gemeente Sliedrecht. Een subsidie moet namelijk altijd gebaseerd zijn op een wettelijk voorschrift, waarin de te subsidiëren activiteiten zijn omschreven, voor een gemeente is dit een verordening.
(artikel 4:23, eerste lid, van de Awb) De bestuurlijke wensen en afspraken die terug dienen te komen in het Subsidiebeleid zijn in een eerder stadium geïnventariseerd. Hierin zijn drie thema's benoemd: •
Het verbeteren van inzicht in de inzet van het instrument subsidie in de beleidscyclus;
•
Subsidieplafonds vaststellen per thema en/of beleidsterrein en
•
Onderzoeken of en hoe het proces van subsidies versimpeld kan worden.
Wanneer de herijking van het Subsidiebeleid is afgerond wordt vanaf 1 januari 2025 gewerkt met het nieuw opgestelde wettelijk voorschrift, het nieuwe Subsidiebeleid en het werkproces subsidies zoals opgesteld in het nieuwe handboek subsidies. Hierin is van belang om te benoemen dat de inwerkingtreding, voor een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, geldt vanaf het subsidiejaar 2026, de aanvraag dient dan ook uiterlijk 1 september 2025 bij de gemeente binnen te zijn. Dit Subsidiebeleid is het kader voor het verstrekken van subsidies binnen de gemeente Sliedrecht en is de basis voor het wettelijk voorschrift. Het wettelijk voorschrift bestaat uit:
1.
De Algemene subsidieverordening gemeente Sliedrecht 2024 De Algemene subsidieverordening gemeente Sliedrecht 2024 (hierna te noemen: ASV gemeente Sliedrecht 2024) geeft een kaderregeling voor het subsidieproces, die voor alle soorten subsidies van de gemeente toepasbaar is. Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het gemeentebestuur op de volgende beleidsterreinen: a. algemeen bestuur; b. openbare orde en veiligheid; c. verkeer, vervoer en waterstaat; d. economische zaken; e. onderwijs; f. sport, cultuur en recreatie; g. sociale voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening; h. volksgezondheid en milieu; i. ruimtelijke ordening en volkshuisvesting.
2
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen staan niet in de verordening. De te subsidiëren activiteiten moeten daarom worden uitgewerkt in een nadere regeling. In artikel 3 van de ASV gemeente Sliedrecht 2024 is de delegatiebepaling opgenomen op grond waarvan het college nadere regels kan stellen waarin onder meer de te subsidiëren activiteiten staan. Met het vaststellen van de ASV gemeente Sliedrecht 2024 door de raad wordt de Algemene subsidieverordening Sliedrecht 2017 ingetrokken.
2.
Subsidieregelingen gemeente Sliedrecht 2025 In de subsidieregelingen worden de beleidsdoelen genoemd die het gemeentebestuur wil bevorderen door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen. Voor zover van toepassing, wordt hierin ook bepaald welke doelgroepen voor de subsidie in aanmerking komen, hoe de subsidie wordt berekend en hoe subsidiebedragen worden uitbetaald. De VNG heeft ervoor gekozen om de nadere regelingen 'Subsidieregelingen' te noemen. De ASV gemeente Sliedrecht 2024 in combinatie met subsidieregelingen voor bepaalde activiteiten vormt samen een wettelijk voorschrift op basis waarvan de subsidies kunnen worden verstrekt. Voor verstrekking van subsidies worden per beleidsterrein nieuwe subsidieregelingen vastgesteld door het college. De nieuwe subsidieregelingen hebben betrekking op de volgende beleidsterreinen: onderwijs, sport, cultuur, sociale voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening en volksgezondheid. Met het vaststellen van de nieuwe subsidieregelingen gemeente Sliedrecht 2025 door het college worden de huidige subsidiebeleidsregels op diverse beleidsterreinen ingetrokken.
1.2
Uitgangspunten
Bij de actualisatie van het Subsidiebeleid worden de volgende aspecten meegenomen: •
Vermindering van het aantal beleidsdocumenten
•
Vereenvoudiging en transparantie voor aanvragers van subsidie
•
Sturen op maatschappelijk effect en niet op details
•
Het versterken van het 'normale leven' en het vergroten van de veerkracht van onze inwoners
Subsidiedefinitie Het subsidiebegrip is gedefinieerd in artikel 4:21, lid 1 Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Daarin staat dat onder subsidie wordt verstaan: 1. Een aanspraak op financiële middelen; 2. Door een bestuursorgaan verstrekt; 3. Met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager; 4. Anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten. Het is belangrijk om te melden dat het subsidiebegrip uit de Awb een materiële definitie is. Dit betekent dat een financiële verstrekking die (deels) met publiek geld wordt gefinancierd een subsidie is en daarmee onder de reikwijdte van titel 4.2 Awb valt, zodra aan alle vier de elementen uit de subsidiedefinitie is voldaan.
3
Beleidsmatige richting De Sociale Visie 2016-2020 was de paraplu voor het beleid van de afgelopen jaren op het brede sociaal domein en was daarmee het document waaruit de gewenste maatschappelijke effecten en doelstellingen bij subsidieverstrekking werden gehaald. De nieuwe Sociale Visie vastgesteld in december 2020, is een uitwerking van onze kernopgave voor 2030: Een veilige en inclusieve samenleving, waarin iedereen meedoet naar vermogen en niemand tussen wal en schip valt. Tijdens het herijken is gebleken dat de meeste uitgangspunten van de in 2016 vastgestelde Sociale Visie nog steeds passend zijn, voor nu en richting de toekomst. De drie pijlers uit de visie: 1.
een sterke sociale structuur voor Sliedrecht,
2.
zorg voor jezelf en voor elkaar en
3.
een passend vangnet
Wat willen we bereiken met de Sociale Visie?
We vinden het belangrijk dat alle inwoners zo zelfstandig mogelijk kunnen leven, naar vermogen meedoen in de samenleving en een bijdrage leveren aan hun sociale omgeving. We gaan ervan uit dat inwoners zelfredzaam zijn en regie over hun leven nemen. Voor inwoners die hiertoe (tijdelijk) niet in staat zijn, wordt ondersteuning en hulp gezocht en geboden. Hierbij staan we voor een inclusieve samenleving. Niemand mag tussen wal en schip vallen. Kinderen en jongeren zijn in hun eerste levensfase gekoppeld aan de naaste omgeving waarin zij opgroeien. Om hen maximale kansen te bieden, om in de toekomst de regie en zelfredzaamheid over hun eigen leven te nemen, investeren wij in onze jeugd door hen mogelijkheden te bieden om zichzelf optimaal te ontwikkelen. Wat willen we daarvoor doen? Om onze visie te realiseren, willen we de komende jaren samen met onze inwoners en partners investeren in een sterke sociale infrastructuur voor Sliedrecht, met als uitgangspunt 'zorg voor jezelf en voor elkaar' en een passend vangnet organiseren voor mensen die (tijdelijk) extra ondersteuning en zorg nodig hebben. Bij de actualisatie van het Subsidiebeleid hebben we rekening gehouden met de Sociale Visie als paraplu en een verdere focus op deregulering, aandacht voor de beschrijving van gewenste resultaten, monitoring en toetsing hiervan.
Regionale algemene subsidieverordening sociaal domein Sliedrecht Bij de reikwijdte in deze regionale verordening is aangegeven dat het college een subsidie kan verstrekken voor activiteiten op het gebied van het sociaal domein, voor zover het taken betreft die zijn opgedragen aan dan wel overgedragen aan GR Sociaal. Deze verordening geldt vanaf 1 januari 2022. Deze verordening heeft betrekking op de regionale visie sociaal domein Drechtsteden. De gemeenten in de regio hebben ieder een eigen regionale algemene subsidieverordening sociaal domein vastgesteld met ingang van 1 januari 2022. In het Subsidiebeleid blijft deze verordening buiten beschouwing, het is wel van belang om te weten dat er op regionaal niveau een subsidieverordening van kracht is.
4
1.3
De Beleidscyclus en nieuw aanpak
Subsidie en beleid Het verstrekken van subsidies is onderdeel van de beleidscyclus:
Bron: Van beleids- naar datacyclus - iBestuur De beleidscyclus bestaat uit de volgende fasen: 1.
Het bepalen van de agenda
2.
Het ontwerpen van beleid en de keuze van beleidsinstrumenten
3.
De besluitvorming over beleid
4.
De uitvoering van beleid
5.
Evaluatie van beleid
Algemene doelstelling Subsidiebeleid Met subsidie als instrument geven we sturing aan het bereiken van gemeentelijk beleid en doelen. Vooraf is de afweging gemaakt of de inzet van het instrument subsidie de juiste is en of het past bij de te realiseren maatschappelijke effecten en doelstellingen.
Programmabegroting De gemeente formuleert de doelen concreet en SMART in de programmabegroting. De subsidieregelingen geven een overzicht van de wijze waarop het college de subsidies wil verdelen. De subsidies worden ingezet ter uitvoering van het gemeentelijk beleid, zoals vastgelegd in beleidskaders, -nota´s, het collegewerkprogramma, de Sociale Visie, Koers 2030 etc.
Kaders- en beleidsnota's Beleidsnota’s geven sturing aan de doelen en activiteiten waarvoor subsidies worden verleend. Om voor subsidie in aanmerking te komen, dienen de gesubsidieerde activiteiten altijd een bijdrage te leveren aan de realisatie van gemeentelijke doelen. Het is belangrijk dat duidelijk wordt uit de programmabegroting welke maatschappelijke effecten de gemeente wil bereiken, zodat er ook een uitspraak gedaan kan worden over de effectiviteit van het beleid en de daarbij ingezette instrumenten. Bij de actualisatie van beleidsdocumenten beschrijven we hoe de inzet van het instrument subsidie gaat bijdragen aan het behalen van onze maatschappelijke effecten en doelstellingen. Ook wordt de informatie uit richtinggevende documenten, zoals collegewerkprogramma, Kadernota, programmabegroting, Koers 2030 en de Sociale Visie 2020 hierbij betrokken.
5
Nieuwe beleidsnota’s bevatten vanaf 2025 informatie over de inzet van het instrument subsidie en de relatie tussen de te subsidiëren activiteiten en de beleidsdoelen. Het benodigde subsidiebudget komt terug in de P&C cyclus. Subsidiebeschikkingen bevatten vanaf 2025 een duidelijke relatie met actueel beleid, de gewenste gemeentelijke maatschappelijke effecten, doelstellingen, de gevraagde prestaties en de benodigde indicatoren. Bij het verstrekken van subsidie kan hierop vervolgens gestuurd worden. Ook maken we de afweging of het instrument subsidie het beste instrument is om de gewenste situatie te bereiken. Naast de maatschappelijke effecten worden per doelstelling prestatie-indicatoren bepaald om te kunnen volgen in hoeverre de doelstellingen worden gerealiseerd. Deze zijn aanvullend op de reeds verplichte beleidsindicatoren uit het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV).
Meten en evalueren Hoe kunnen we de doelmatigheid en de doeltreffendheid van ons beleid en de verleende subsidies meten? Het begint met SMART geformuleerde beleidsdoelstellingen. Maar wat is precies een beleidsdoelstelling?
“Een beleidsdoelstelling is een concreet, meetbaar doel, waar mogelijk SMART geformuleerd, dat gerealiseerd moet worden in een bepaalde periode en dat bijdraagt aan het realiseren van het gewenste maatschappelijke effect.” Voor het meetbaar maken van beleid gebruiken we de drie W-vragen en het SMART-principe. Dit zijn hulpmiddelen om duidelijke doelstellingen op te stellen waarvan de effectiviteit en efficiëntie beoordeeld kan worden. Om prestaties te kunnen meten en zo de effectiviteit van beleid te kunnen beoordelen, moeten we doelstellingen meetbaar formuleren. Een hulpmiddel hierbij is het gebruik van de drie W ‘s. Hiermee sluiten we aan bij de programmabegroting Sliedrecht. 1.
Wat willen we bereiken?
2.
Wat gaan we ervoor doen in 202X?
3.
Wat mag het kosten?
Het SMART-principe wordt veel gebruikt om doelstellingen te beoordelen op controleerbaarheid en meetbaarheid. De doelstelling moet SMART zijn dus: 1.
Specifiek (wat willen we? Hoe? En waarom?);
2.
Meetbaar (indicatoren);
3.
Acceptabel of Aanvaardbaar;
4.
Realistisch;
5.
Tijdgebonden.
6
Totaal beeld realiseren maatschappelijk effect met behulp van instrumenten subsidie of inkoop
Sociale Visie (2020)
PROGRAMMABEGROTING concrete doelen uitgedrukt in maatschappelijk effect Koers 2030 CWP
Maatschappelijk probleem of ambitie
Wettelijke kader: ASV Subsidiebeleid Subsidieregelingen Aanbestedingswet
Analyse, wat zijn de oorzaken van het probleem?
Te bereiken maatschappelijk effect
Bij wie, of waar speelt dit omvang, locatie etc.
Welke partijen zijn betrokken en wat is hun rol? Evaluatie
BELEIDSNOTA randvoorwaarden evaluatie inbouwen, afhankelijkheden en aannames benoemen. Duidelijke relatie leggen tussen doelen en gevraagde prestaties WELK BELEIDSINSTRUMENT SUBSIDIE of INKOOP?
Subsidieverstrekking: beoogde effecten en resultaten activiteiten/prestaties in subsidieregelingen
Inkoop: beoogde effecten en resultaten activiteiten/prestaties in contract.
Hebben de subsidies/de activiteiten bijgedragen aan het beoogde maatschappelijk effect?
Beoordeling prestaties Zijn de activiteiten uitgevoerd en afgesproken prestaties behaald? Heeft dit het beoogde resultaat opgeleverd?
7
2. Uitgangspunten van het Subsidiebeleid 2.1
Centrale doelstelling
Subsidies worden ingezet om maatschappelijke resultaten te behalen die aansluiten bij de behoeften in de samenleving en die van de inwoners. Dit betreft alle subsidies op de genoemde beleidsterreinen in de Algemene subsidieverordening gemeente Sliedrecht 2024, onder andere onderwijs, sport, cultuur, economische zaken, sociale voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening. De subsidievoorwaarden en verantwoordingseisen moeten zo min mogelijk in de weg staan om deze resultaten te bereiken of onnodige administratieve last te creëren.
2.2
Algemene subsidievoorwaarden
De gemeenteraad heeft met de vaststelling in juni 2017 van het Subsidiebeleid Sociaal gemeente Sliedrecht 2017-2020 een aantal inhoudelijke kaders meegegeven. We houden in het nieuwe Subsidiebeleid rekening met deze kaders en verwerken deze in het wettelijk voorschrift voor subsidieverstrekking en in de werkprocessen subsidie. 1.
De gemeente subsidieert enkel activiteiten die aansluiten bij de maatschappelijke doelen;
2.
De activiteiten moeten een meerwaarde hebben voor de sociale infrastructuur in Sliedrecht;
3.
Subsidies worden alleen verstrekt voor het uitvoeren van activiteiten;
4.
Er worden alleen activiteiten gesubsidieerd die gericht zijn op de inwoners van Sliedrecht;
5.
Er worden alleen activiteiten gesubsidieerd die vrij en openbaar toegankelijk zijn;
6.
Er worden prestatieafspraken gemaakt met de subsidieontvangers;
7.
Het systeem van subsidieverstrekking moet objectief en eenvoudig zijn, met minimale administratieve lasten voor zowel de subsidieaanvragers als de gemeente.
2.3
Hoofdlijnen en voorwaarden subsidieproces
In de Awb is sprake van verlening en van vaststelling van een subsidie. De overkoepelende, neutrale term die in de Awb wordt gehanteerd is verstrekking.
Verlening In artikel 4:29 van de Awb staat dat voorafgaand aan een beschikking tot subsidievaststelling een beschikking tot subsidieverlening kan worden gegeven. De subsidieverlening is in feite een voorlopige toekenning. In de beschikking tot verlening worden de te subsidiëren activiteiten omschreven. Het subsidiebedrag of de manier van berekenen van het bedrag moet ook worden vermeld. Er kunnen verplichtingen aan de subsidieontvanger worden opgelegd. Met de subsidieverlening ontstaat er nog geen verplichting tot betaling, maar er kunnen wel voorschotten worden verstrekt. Een verplichting die de gemeente bij het verlenen van een subsidie kan opleggen is bijvoorbeeld om periodiek te rapporteren over de voortgang van de gesubsidieerde activiteit. Dat geeft mogelijkheden om in te grijpen als het fout dreigt te gaan. Dat kan door ondersteuning te bieden maar ook door bijvoorbeeld de subsidieverlening in te trekken of ten nadele van de subsidieontvanger te wijzigen.
Vaststellen na verlening Vervolgens vinden de te subsidiëren activiteiten plaats. Na afloop daarvan, of na afloop van de periode waarvoor de subsidie is verleend, moet de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling doen. Wanneer hij dat precies moet doen is vastgelegd in de beschikking tot subsidieverlening en/of in de artikelen eindverantwoording van de ASV gemeente Sliedrecht 2024 en/of in de betreffende subsidieregeling.
8
Bij de aanvraag tot subsidievaststelling moeten stukken worden overgelegd waaruit blijkt dat de activiteit is uitgevoerd en dat aan eventuele verplichtingen is voldaan. Dit is neergelegd in artikel 4:45 van de Awb, in de ASV gemeente Sliedrecht 2024 en in de beschikking tot subsidieverlening wordt dit nader omschreven. Als blijkt dat de gesubsidieerde activiteiten niet of niet geheel zijn uitgevoerd en/of de verplichtingen niet (geheel) zijn nagekomen, dan kan de subsidie lager worden vastgesteld dan het bedrag van de verlening of zelfs op nul gezet. Een eventueel al uitgekeerd voorschot is daardoor dan onverschuldigd betaald, dit is een betaling zonder rechtsgrond. Het bedrag kan worden teruggevorderd. Het uitgangspunt is dat een subsidie wordt vastgesteld gelijk aan de verlening, dus op hetzelfde bedrag of conform de manier van berekenen die bij de verlening was vermeld. In artikel 4:46, tweede lid, van de Awb is bepaald in welke gevallen de subsidie lager kan worden vastgesteld. Dat kan als: •
De activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet (geheel) hebben plaatsgevonden;
•
De subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de verplichtingen;
•
De subsidieontvanger bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid, of
•
De subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.
Hoger vaststellen van het subsidiebedrag dan was verleend kan niet, de subsidietitel biedt daarvoor geen grondslag. Blijkt dat na het afgeven van een verleningsbeschikking een subsidie moet worden verhoogd, dan zal de oorspronkelijke verleningsbeschikking moeten worden ingetrokken en een nieuwe verleningsbeschikking worden opgesteld. Als de subsidie op een lager bedrag is vastgesteld kunnen eventueel al verstrekte voorschotten worden teruggevorderd; die zijn dan onverschuldigd betaald.
Direct vaststellen Een subsidie kan ook direct worden vastgesteld. Er ontstaat dan direct een betalingsverplichting en er moet dus direct worden uitbetaald. Dat geeft uiteraard veel lagere administratieve lasten dan het proces van eerst verlenen, dan vaststelling aanvragen, controleren, en dan vaststellen. Dat geldt zowel voor de gemeente als voor de subsidieontvanger. In de ASV gemeente Sliedrecht 2024 is in artikel 14 opgenomen dat subsidies tot en met € 15.000 door het college direct worden vastgesteld of verleend. Subsidies tot en met dit bedrag worden op basis van vertrouwen verstrekt, er wordt niet standaard om verantwoording gevraagd. Het is mogelijk om een verleningsbeschikking op te stellen waarin aan de subsidieontvanger wordt gevraagd aan te tonen dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen, vaststelling van de subsidie vindt plaats binnen een aantal weken nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt. Direct vaststellen is alleen aan te raden als de subsidieontvanger al goed bekend is bij de gemeente.
Verplichting tot betalen Artikel 4:86 van de Awb, dat in de titel 4.4 van de Awb over bestuursrechtelijke geldschulden staat, is ook van toepassing op subsidies. Aan een verplichting tot betaling van een geldsom moet op grond
9
van artikel 4:86 van de Awb altijd een beschikking ten grondslag liggen. Bij een subsidie is dat een beschikking tot vaststelling van een subsidie of tot het verstrekken van een voorschot.
Subsidieplafonds Een ‘subsidieplafond’ is het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van een bepaalde met name genoemde subsidie die op basis van een Algemene subsidieverordening wordt verstrekt (artikel 4:22 van de Awb). Het doel van een subsidieplafond is op de eerste plaats om openeinderegelingen te voorkomen. Artikel 4:25, tweede lid, van de Awb schrijft voor dat een aanvraag om subsidie moet worden afgewezen als het subsidieplafond is bereikt. Er hoeft dan geen inhoudelijke toets op de subsidieaanvraag plaats te vinden. Als er geen subsidieplafond is vastgesteld en op de juiste manier bekend is gemaakt, zou iedere aanvraag die voldoet aan de inhoudelijke criteria vermeld in de subsidieregeling moeten worden toegewezen. Een vooraf bekendgemaakt subsidieplafond geeft duidelijkheid aan de eventuele aanvragers, zij weten daardoor hoeveel geld er in een bepaald tijdvak beschikbaar is. Het subsidieplafond moet onder vermelding van de naam ‘subsidieplafond’ worden vastgesteld door het college. Een subsidieplafond is iets anders dan de vermelding op de begroting dat er voor een bepaald beleidsterrein een bepaald bedrag beschikbaar is voor subsidies. Dit kan uiteraard wel de basis zijn voor vaststelling van een subsidieplafond.
Voor de volledigheid: de vermelding van de naam van een subsidieontvanger op de begroting met daarbij het maximale subsidiebedrag, zoals bedoeld in artikel 4:23, derde lid, onder c, van de Awb is ook niet hetzelfde als een subsidieplafond. In artikel 5 van de ASV gemeente Sliedrecht 2024 is opgenomen dat het college de bevoegdheid gedelegeerd krijgt om binnen de kaders van de begroting subsidieplafonds vast te stellen. Subsidieplafonds worden één keer per jaar vastgesteld, in samenhang met de begroting. Bij subsidies waarvoor elk jaar een nieuw subsidieplafond wordt vastgesteld worden de subsidieplafonds in een apart besluit gepubliceerd, dit besluit wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad. De subsidieplafonds en de manier waarop het geld verdeeld wordt worden bekendgemaakt voorafgaand aan het tijdvak waarvoor het subsidieplafond geldt, bij de bekendmaking wordt verwezen naar de subsidieregeling die voor die specifieke subsidie geldt. Een subsidieplafond heeft alleen zin als er aanvragen van verschillende aanvragers worden verwacht die voor dezelfde activiteiten subsidie willen ontvangen. Vandaar de relatie die in artikel 4:22 van de Awb wordt gelegd met een wettelijk voorschrift.
Dus bij een subsidie waarvan de grondslag ligt in vermelding op de begroting van het maximale subsidiebedrag plus de naam van de subsidieontvanger (artikel 4:23, derde lid, onder c, van de Awb) is een subsidieplafond overbodig. Verhoging van het subsidieplafond is niet geregeld in de Awb, maar is ook mogelijk. Er kan bijvoorbeeld tijdens het subsidietijdvak extra geld beschikbaar komen. Ook een hoger subsidieplafond moet worden bekendgemaakt vanwege de transparantie en om alle mogelijke gegadigden een gelijke kans te geven. Het gevolg van een verhoogd plafond is dat er meer aanvragen gehonoreerd kunnen worden dan oorspronkelijk gedacht, maar dit hangt ook samen met de manier van verdelen.
10
2.4
Financiële uitgangspunten
Om een doel- en rechtmatige uitvoering van het subsidieproces te bereiken wordt uitgegaan van a.
vertrouwen;
b.
eenvoud en transparantie;
c.
efficiënte en effectieve inzet van collectieve middelen;
d.
begrotingspostsubsidie
e.
stapeling en proportionaliteit;
f.
subsidieplafonds;
g.
indexatie;
h.
egalisatiereserve;
i.
vermogensvorming;
j.
subsidieregister.
Vertrouwen Subsidies tot en met € 15.000 kunnen op basis van vertrouwen worden verstrekt; er wordt dan niet standaard om verantwoording gevraagd. In plaats daarvan geldt een actieve meldingsplicht voor de subsidieontvanger bij niet nakoming van de voorwaarden. Achteraf kan een risicogeoriënteerde controle plaatsvinden bij de subsidieontvanger. Als de subsidieontvanger al bekend is zal de subsidie bij een dergelijk klein bedrag meestal direct vastgesteld en uitbetaald kunnen worden. In andere gevallen kan er eerst verleend worden, gevolgd door een ambtshalve vaststelling. In zo’n geval wordt een eventueel voorschot in één termijn verstrekt en hoeft de subsidieontvanger geen aanvraag voor subsidievaststelling (verantwoording) in te dienen. Hierdoor kunnen de lasten voor zowel de subsidieaanvrager als de subsidieverstrekker worden bespaard, terwijl toch het risico voor de gemeente beperkt blijft. Verder wordt in het geval van verlening gevolgd door ambtshalve vaststelling, in de subsidiebeschikking vermeld wanneer de gesubsidieerde activiteiten moeten zijn verricht. De subsidie wordt vervolgens, binnen een nader bepaalde termijn, ambtshalve vastgesteld door de subsidieverstrekker.
Eenvoud en transparantie In de ASV gemeente Sliedrecht 2024 wordt alleen onderscheid gemaakt in subsidies die per kalenderjaar of per boekjaar worden verstrekt enerzijds en andere subsidies anderzijds, de laatste verschillen wat betreft aanvraagtermijn. Daarnaast verschillen subsidies met diverse categorieën van bedragen, dit om te differentiëren in de wijze van verstrekken en verantwoorden, met het oog op het zo laag mogelijk houden van administratieve lasten. De volgende benamingen worden niet meer opgenomen in de ASV gemeente Sliedrecht 2024 en de subsidieregelingen: structurele subsidie, projectsubsidie, budgetsubsidie etc. De juridische betekenis van dergelijke benamingen is beperkt. De subsidieaanvrager weet ook vaak niet voor welke subsidie hij in aanmerking zou kunnen komen omdat hij niet kan inschatten onder welke categorie zijn activiteiten zouden kunnen vallen. Deze benamingen hebben meer met de beleidsdoelen te maken waarvoor de subsidie moet dienen, dan met de te subsidiëren activiteit. Voor de beoordeling van subsidieaanvragen wordt een eenduidige werkwijze ingevoerd. Voor aanvragen tot vaststelling subsidie en het beoordelen van deze aanvragen wordt ook een eenduidige werkwijze ingevoerd.
11
Met dit Subsidiebeleid hebben alle betrokkenen bij het subsidieproces goed inzicht in het proces van aanvragen tot vaststellen van subsidie en voor welke activiteiten er subsidie kan worden aangevraagd.
Efficiënte en effectieve inzet van collectieve middelen Het Subsidiebeleid is erop gericht om de beperkte collectieve middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten om de gestelde maatschappelijke doelen te behalen. Dit houdt in dat alle subsidieaanvragen worden getoetst om de kostprijs zo laag mogelijk te houden bij een aanvaardbaar kwaliteitsniveau.
Begrotingspostsubsidie Artikel 4:23, derde lid, onder c, van de Awb biedt de mogelijkheid voor het verstrekken van subsidie onder de naam begrotingspostsubsidie. Het is niet nodig om een wettelijke grondslag te hebben voor het verstrekken van subsidie indien de gemeentebegroting de subsidieontvanger en het bedrag waarop deze ten hoogste kan worden vastgesteld vermeldt. Als dat gebeurt is een subsidieplafond overbodig. De gemeente kan de subsidie verstrekken zonder dat er een verordening voor is. De begunstigde plus het maximale subsidiebedrag moeten in dit geval duidelijk worden vermeld in de begroting (of in de toelichting) ten behoeve van publieke controle. Deze subsidievorm kan worden gebruikt voor subsidies die structureel aan één of enkele ontvangers wordt verstrekt. Op basis van de begrotingspostsubsidie stelt het college dan de subsidiebeschikking met de eventuele verplichtingen voor de ontvanger vast. De accounthouder maakt prestatieafspraken met de betreffende instelling of organisatie en legt deze afspraken vast in de subsidiebeschikking. Het is van belang om er zeker van te zijn dat er geen andere gegadigden zijn voor deze specifieke subsidie. Als dat wel zo is, bestaat namelijk de mogelijkheid dat er sprake is van een schaarse subsidie en dan is de rechtsnorm m.b.t. de verdeling van schaarse rechten van toepassing.
Dat betekent dat andere gegadigden moeten kunnen meedingen en dat de procedure daarvoor transparant moet zijn. In dat geval is er wel een subsidieregeling nodig waarin een en ander wordt vastgelegd.
Stapeling en proportionaliteit Bij het beoordelen van subsidieaanvragen wordt gelet op stapeling van subsidies en andere financiële voordelen die via de gemeente worden geboden. Het evenredigheidsbeginsel veronderstelt afweging van belangen tussen alle partijen, groeperingen, doelen en prioriteiten waarbij het niet de bedoeling is dat door de verschillende mogelijkheden er ongewenste onevenredigheden in financiële steun optreden.
Subsidieplafonds Bij de behandeling van de kadernota in juli stelt het college de subsidieplafonds vast. In artikel 5 van de ASV gemeente Sliedrecht 2024 is opgenomen dat deze bevoegdheid is gedelegeerd aan het college, zij stellen de subsidieplafonds vast binnen de kaders van de begroting. Bij subsidies waarvoor elk jaar een nieuw subsidieplafond wordt vastgesteld worden de subsidieplafonds in een apart besluit gepubliceerd, dit besluit wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad. De subsidieplafonds en de manier waarop het geld verdeeld wordt worden bekendgemaakt voorafgaand aan het tijdvak waarvoor het subsidieplafond geldt. De subsidieaanvrager weet dan ook voor de uiterste datum van aanvragen op 1 september van ieder jaar of er een subsidieplafond wordt gehanteerd in de subsidieregeling waarvoor hij een aanvraag indient. Een vooraf bekendgemaakt subsidieplafond geeft duidelijkheid aan de aanvrager, hij weet daardoor hoeveel geld er in een bepaald tijdvak beschikbaar is.
12
Indexatie De indexatie wordt meegenomen in de P&C cyclus.
Egalisatiereserve Een egalisatiereserve is een reserve van de subsidieontvanger waaraan als bestemming het dekken van exploitatierisico’s is verbonden. De reserve dient om tekorten in het ene jaar te kunnen opvangen met overschotten in het andere jaar; de reserve wordt dus gevormd om tot een gelijkmatige verdeling van lasten te komen. Een egalisatiereserve heeft daarom alleen zin bij subsidies die verschillende jaren achter elkaar worden verstrekt. Egalisatiereserve is als artikel opgenomen in de ASV gemeente Sliedrecht 2024. Het college kan bij een verleningsbeschikking voor een subsidie die per kalender- of boekjaar wordt verstrekt en waarbij het subsidiebedrag meer dan € 20.000 bedraagt bepalen dat de subsidieontvanger een egalisatiereserve dient te vormen. Het subsidiebedrag van € 20.000 is ongewijzigd ten opzichte van het bedrag dat wordt aangehouden in de huidige Algemene subsidieverordening Sliedrecht 2017. De belastingdienst hanteert de volgende uitgangspunten voor het te reserveren bedrag. Het bedrag dat gereserveerd mag worden hangt af van de verwachting over de hoogte van de toekomstige kosten en het tijdstip waarop de kosten worden gemaakt. Er dient dus een redelijke schatting te worden gemaakt. Blijkt achteraf dat de schatting te hoog is uitgevallen? Dan moet het overschot in de winst worden opgenomen. De jaarlijkse toevoeging hoeft niet altijd gelijk te zijn.
Deze kan bijvoorbeeld wijzigen als de kosten stijgen of de periode verandert. Per bedrijfsmiddel mag een aparte reserve worden gevormd. Het is ook mogelijk om per object een reserve te vormen, bijvoorbeeld voor onderhoud dat eens per 10 jaar en onderhoud dat eens per 15 jaar moet worden verricht. In de balans wordt de boekwaarde van het totaal van de afzonderlijke egalisatiereserves vermeld.
Vermogensvorming Bij subsidieregeling of verleningsbeschikking kan worden bepaald dat de subsidieontvanger, voor zover het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, daarvoor aan het college een vergoeding verschuldigd is als zich een gebeurtenis voordoet als bedoeld in artikel 4:41, tweede lid, van de Awb. Daarbij wordt tevens aangegeven hoe de hoogte van de vergoeding wordt bepaald. Het gaat daarbij om de volgende gevallen: −
Als de subsidieontvanger voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen vervreemdt of bezwaart of de bestemming daarvan wijzigt;
−
Als de subsidieontvanger een schadevergoeding ontvangt voor verlies of beschadiging van voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen;
−
Als de gesubsidieerde activiteiten geheel of gedeeltelijk worden beëindigd;
−
Als de subsidieverlening of de subsidievaststelling wordt ingetrokken of de subsidie wordt beëindigd, of
−
De rechtspersoon die de subsidie ontving wordt ontbonden.
Subsidieregister Vanaf 2025 wordt ieder jaar in november een subsidieregister opgesteld. Een subsidieregister is een overzicht van alle subsidies die de gemeente verstrekt. In dit subsidieregister worden de subsidieontvangers opgenomen, de hoogte van de verleende subsidiebedragen en onder welke subsidieregeling de subsidie wordt verstrekt. Het subsidieregister wordt door het college vastgesteld
13
en wordt ter informatie voorgelegd aan de raad. Het subsidieregister zal worden gepubliceerd en is via de website van de gemeente Sliedrecht op te vragen.
2.5
Nieuwe Algemene subsidieverordening gemeente Sliedrecht 2024
De ASV gemeente Sliedrecht 2024 is opgesteld op basis van de model-ASV van de VNG geactualiseerd in 2019. In de Was-wordt-tabel zijn de wijzigingen ten opzichte van de huidige ASV Sliedrecht 2017 opgenomen. De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de huidige ASV Sliedrecht 2017 worden hierna beschreven. Deze wijzigingen dragen bij aan de bestuurlijke wensen om subsidieplafonds vast te stellen per thema en/of beleidsterrein en te onderzoeken of en hoe het proces van subsidies versimpeld kan worden.
Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud: In dit artikel wordt het vaststellen van subsidieplafonds belegd bij het college in plaats van de raad. Het college kan binnen de kaders van de begroting subsidieplafonds vaststellen. In dat geval bepalen zij bij subsidieregeling de wijze van verdeling van de betrokken subsidie. Belangrijk is dat als het subsidieplafond is bereikt, een aanvraag om subsidie moet worden afgewezen (art 4:25, lid 2 Awb). Hiermee worden openeindregelingen voorkomen.
Aanvraagtermijn: In dit artikel wordt onder lid 1 bij een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, de uiterste indieningsdatum aangepast van 1 juli naar uiterlijk 1 september voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft. De subsidieaanvragers hebben meer tijd om de aanvraag in te dienen, tevens geeft het de gemeente de ruimte om vooraf de subsidieplafonds en de wijze van verdeling van de subsidiegelden per subsidieregeling bekend te maken in een apart besluit voorafgaand aan het tijdvak/subsidiejaar waarvoor het geldt.
Wijze van verstrekking en eindverantwoording subsidies tot en met € 15.000: Subsidies tot en met € 15.000 worden door het college direct vastgesteld. Dit is in de huidige verordening een bedrag van € 5.000. Door een hogere grens te hanteren worden de administratieve lasten voor zowel de subsidieontvanger als voor de gemeente beperkt.
Aanvraag: onder e. als het een subsidie betreft die per boekjaar aan een rechtspersoon wordt verstrekt, de stand van de egalisatiereserve op het moment van de aanvraag;
Egalisatiereserve: De egalisatiereserve is opgenomen in artikel 12a. Accountantsverklaring: In een beoordelingsverklaring geeft de accountant een conclusie met een beperkte mate van zekerheid, in een controleverklaring geeft de accountant een oordeel over de jaarrekening met een redelijke mate van zekerheid. Een controleverklaring brengt hogere kosten met zich mee dan een beoordelingsverklaring voor de subsidieontvanger, tevens vraagt dit een hogere administratieve inzet van de subsidieontvanger. Bij subsidies van meer dan € 50.000 en ten hoogste € 100.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in. De aanvraag bevat onder punt c. een beoordelingsverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant. Bij subsidies van meer dan € 100.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in. De aanvraag bevat onder punt d. een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant. In de ASV gemeente Sliedrecht 2024 is in artikel 16, lid 5 en artikel 17, lid 4 opgenomen dat het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in deze
14
artikelen bedoelde informatie die voor de vaststelling van belang zijn, moet worden overlegd.
Standaardprocedures en formats voor aanvragen en verantwoordingen Om te kunnen voldoen aan eisen van rechtmatigheid en doelmatigheid wordt het proces van aanvragen van subsidie en verantwoorden verbeterd. Dit wordt bereikt door standaardisering van processen en het werken met formats, proportionaliteit tussen subsidiebedrag en verantwoordingslasten en eigen verantwoordelijkheid van de subsidieontvanger (deregulering). Op de website wordt op een eenduidige wijze de relevante informatie ontsloten.
3. Slot en evaluatie De komende periode staat in het teken van verdergaande professionalisering van het subsidieproces en het verstrekken van subsidie op basis van maatschappelijke doelen en subsidiëren van activiteiten die daaraan bijdragen. Dit Subsidiebeleid wordt in een cyclus van 4 jaar geëvalueerd, indien nodig aangepast en vastgesteld. De volgende evaluatie vindt plaats begin 2027. De vragen die we bij de evaluatie gaan beantwoorden zijn: 1.
Bevatten alle beleidsnota’s vanaf 2025 duidelijke maatschappelijke effecten en doelstellingen en de randvoorwaarden om een evaluatie mogelijk te maken?
2.
Is er een duidelijke relatie tussen gewenste maatschappelijke effecten (programmabegroting, de maatschappelijke effecten en doelstellingen in de beleidsnota's en de subsidieregeling en de activiteiten en resultaten die van een organisatie gevraagd worden in de subsidiebeschikking?
3.
Is de transparantie van het subsidieproces verbeterd, wordt er gewerkt volgens het vastgestelde subsidieproces, is een 4-ogen principe geborgd bij subsidies > dan € 50.000,- en zijn de digitale subsidiedossiers volledig en reconstrueerbaar?
4.
Worden de afspraken die zijn vastgelegd in de verleningsbeschikkingen nagekomen? Worden de kwartaalgesprekken gevoerd, zijn de tussentijdse rapportages opgevraagd en zijn de gespreksverslagen toegevoegd aan de digitale subsidiedossiers?
15