Bijlage 2a TOELICHTING BP Fietspad Craijensteijn, Sliedrecht.pdf
Tekst van het document
rps.nl NL202005391.003-R20-392 | 14 mei 2020 Pagina 15 van 25
onderstaande tabel zijn de toepassingszones weergegeven. Zie ook de toepassingskaart voor PFOAhoudende grond in bijlage 8. Tabel 5.3: toepassingszones zone zone A: buiten pluimzone; achtergrondbelasting. Alle gebruikstypen zone B: pluimzone: Alle gebruikstypen
maximale toegestane concentratie PFOA in toe te passen grond 2,5 µg/kg 10,0 µg/kg
Indien uit onderzoek blijkt dat er in de toe te passen grond geen PFOA wordt gemeten in concentraties boven de detectiegrens van 0,1 µg/kg, gelden geen beperkingen als gevolg van PFOA en geldt voor de betreffende grond het reguliere van toepassing zijnde hergebruiksbeleid voor andere stoffen dan PFOA. Relatie PFOA – overige PFAS Binnen het invloedgebied van PFOA (zone 1, 2 en 3 op de verwachtingswaardekaart) kunnen iets hogere concentraties overige PFAS voorkomen, waarschijnlijk als gevolg van productonzuiverheden in het door Chemours/DuPont gebruikte PFOA. Aangezien de concentraties PFOA in de grond in deze zones altijd hoger zullen zijn dan die van de overige PFAS, is de concentratie aan PFOA leidend bij het bepalen van de hergebruiksmogelijkheden.
Voor PFOS (PerFluorOctaanSulfonzuur) geldt evenals voor PFOA een voorlopig achtergrondniveau van 2,5 μg/kg. Voor de overige PFAS (waaronder GenX) geldt een voorlopig achtergrondniveau van 1 μg/kg (individueel). Bij deze niveaus is vooralsnog geen sprake van humane of ecologische risico's. Naast de toetsing van de analysewaarden aan de zones gedefinieerd in de verwachtings- en toepassingskaart zijn de analysewaarden getoetst aan de, in 2018 door het RIVM, voor PFOA opgestelde indicatieve normwaarden (zie tabel 5.4). Voor waterbodems zijn vooralsnog geen (indicatieve) normwaarden vastgesteld. Tabel 5.4: advieswaarden en risicogrenzen PFOA in grond en grondwater risicogrenzen PFOA voor grond, RIVM 2018 risicogrenswaarde grond µg/kg ds scenario “wonen met tuin” 900 (maximaal 10 % voedselconsumptie uit eigen tuin) scenario “wonen met moestuin” 86 (100% voedselconsumptie uit eigen moestuin) levenslange consumptie van 2 l ongezuiverd grondwater per dag
risicogrenswaarde grondwater µg/l 129 12 0,39
Voor de toetsing is het toepassen van een bodemtypecorrectie, vanuit het oogpunt van stofgedrag en risico, niet noodzakelijk. In Zuid-Holland-Zuid is er voor gekozen om bij de toetsing van de PFOAwaarden geen bodemtype correctie uit te voeren. Geactualiseerd tijdelijk handelingskader voor de toepassing van PFAS-houdende grond en baggerspecie (min IenW, d.d. 29-11-2019) Vooruitlopend op de definitieve normstelling voor het toepassen van PFAS-houdende grond en baggerspecie is op 29 november 2019 een aangepaste voorlopige norm boven de bepalingsgrens vastgesteld. In onderstaande tabel 5.5 zijn de toepassingsnormen van grond op de landbodem en in oppervlaktewater weergegeven.
rps.nl NL202005391.003-R20-392 | 14 mei 2020 Pagina 16 van 25
tabel 5.5: overige toepassingsnormen voor het toepassen van grond (in µg/kg d.s.)1
Toepassingssituatie
Toepassingsnorm PFOS PFOA PFAS
GenX
Op de landbodem Grond toepassen boven grondwaterniveau2 Bodemfunctieklasse bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur landbouw/natuur, wonen of industrie wonen of industrie landbouw/natuur wonen of industrie wonen of industrie Grond en baggerspecie grootschalig toepassen boven grondwaterniveau2 Grond en baggerspecie toepassen in grondwaterbeschermingsgebieden Grond en baggerspecie toepassen onder grondwaterniveau 3, met inbegrip van grootschalig toepassen In oppervlaktewater Grond toepassen 1. 2.
3.
0,9 0,9 3,0 3,0 0,1 0,9
0,8 0,8 7,0 7,0 0,1 0,8
0,8 0,8 3,0 3,0 0,1 0,8
0,8 0,8 3,0 3,0 0,1 0,8
0,1
0,1
0,1
0,1
Op de waarden uit deze tabel hoeft geen bodemtypecorrectie te worden toegepast als het gehalte van organische stof minder dan 10% bedraagt. Voor gebieden met een hoge grondwaterstand geldt in plaats van ‘boven grondwaterniveau’: tot ten hoogste 1 meter onder het maaiveld. Indien de grond als gevolg van zetting op termijn in de verzadigde zone terechtkomt wordt de grond geacht boven grondwater te zijn toegepast. Voor gebieden met een hoge grondwaterstand geldt in plaats van ‘onder grondwaterniveau’: op een diepte van 1 meter en meer onder het maaiveld. Indien de grond als gevolg van zetting op termijn in de verzadigde zone terechtkomt wordt de grond geacht boven grondwater te zijn toegepast.
Voor de toepassing van PFAS-houdende grond en baggerspecie is niet alleen het tijdelijk handelingskader van belang, maar dient vanzelfsprekend ook te worden voldaan aan alle verplichtingen die voor het toepassen voortvloeien uit het Besluit bodemkwaliteit. Bron: tijdelijk handelingskader voor hergebruik PFAS-houdende grond en baggerspecie
Voor de gemeenten die voorafgaand aan de publicatie van het tijdelijk handelingskader al gebiedsspecifiek beleid hebben vastgesteld, blijft dit beleid van kracht. Hiernaast hebben gemeenten de mogelijkheid gebiedsspecifiek beleid vast te stellen. Lokaal kunnen derhalve afwijkende normen voor hergebruik van PFAS-houdende grond gelden. Bron: website bodemplus, FAQ PFAS
De OZHZ beschikt over gebiedsspecifiek beleid ten aanzien van PFOA. De “Herziene handreiking toepassing van PFOA houdende grond Zuid-Holland Zuid” (13 juni, 2018).
5.3
Toetsingsresultaten grondmonsters
De analysecertificaten van de grondmonsters zijn opgenomen in bijlage 4. In bijlage 5 zijn de volledige Botova toetsingen aan de geldende achtergrond en interventiewaarden (Wbb) en maximale bodemkwaliteitswaarden (Bbk) opgenomen. Toetsingsresultaten grond In de geanalyseerde grond(meng)monsters zijn overschrijdingen van de toetsingswaarden conform de Wbb aangetoond. In tabel 5.6 zijn de analyse-/toetsingsresultaten samengevat. Opgemerkt wordt dat voor de PFAS de toetsing aan de regionale hergebruiksnorm voor de regio Zuid-Holland-Zuid is weergegeven.
rps.nl NL202005391.003-R20-392 | 14 mei 2020 Pagina 17 van 25
Tabel 5.6: analyseresultaten grond(meng)monsters (meng) Wbb overschrijdende Bbk monster parameter(s) Deellocatie 2 BG01 (klei) <AW AW2000
overschrijdende parameter(s)
PFOS PFOA overige PFAS GenX (µg/kg ds) (µg/kg ds) (µg/kg ds) (µg/kg ds)
-
2,1
31
PCB’s kwik, zink en PCB’s -
1,2 0,49 1,8
1,9 0,61 81/ 35*
BG02 (zand) >I BG03 (zand) >AW OG01 (klei) <AW
PCB’s kwik, zink en PCB’s -
OG02 (zand) >AW OG03 (klei) >AW
PAK’s en PCB’s AW2000 cadmium, kwik, lood Wonen en zink
1,3 cadmium, kwik, lood 2,1 en zink
3,2 48
Deellocatie 3 MM3-bg >AW (veen)
molybdeen
molybdeen
5,8
78
molybdeen en nikkel 8,9
48
MM3-og (veen)
>AW
NT>I Wonen AW2000
Wonen
molybdeen en nikkel Wonen
0,19 (PFBA) 0,67 0,12 (PFPeA) 0,14 (PFHxA) 0,23 (PFHpA) 0,41 (PFNA) 0,19 (PFDA) 0,19 (PFUnDA) <0,10 0,22 <0,10 <0,10 0,23 (PFBA) 0,90 0,17 (PFPeA) 0,27 (PFHxA) 0,45 (PFHpA) 0,43 (PFNA) 0,15 (PFDA) 0,14 (PFUnDA) 0,12 (PFNA) 0,15 0,20 (PFBA) 0,21 0,16 (PFHxA) 0,15 (PFHpA) 0,46 (PFNA) 0,15 (PFBA) 1,6 0,13 (PFPeA) 0,38 (PFHxA) 0,35 (PFHpA) 0,47 (PFNA) 0,25 (PFDA) 0,37 (PFUnDA) 0,14 (PFTrDA) 0,40 (PFBS) 0,32 (PFPeS) 2,2 (PFHxS) 0,20 (PFHpS) 0,12 (PFBA) 2,4 0,24 (PFHxA) 0,21 (PFHpA) 0,57 (PFNA) 0,41 (PFDA) 0,80 (PFUnDA) 0,17 (PFTrDA) 0,31 (PFBS) 0,21 (PFPeS) 2,5 (PFHxS) 0,38 (PFHpS)
*) resultaat her-analyse
rps.nl NL202005391.003-R20-392 | 14 mei 2020 Pagina 18 van 25
Tabel 5.6: analyseresultaten grond(meng)monsters (vervolg) (meng) Wbb monster Deellocatie 4+5 MM4-bg >AW (veen) MM4-og >AW (veen) MM5-bg >AW (veen) MM5-og >AW (klei) MMP4+5-bg -
overschrijdende parameter(s)
Bbk
overschrijdende parameter(s)
PFOS PFOA overige PFAS GenX (µg/kg ds) (µg/kg ds) (µg/kg ds) (µg/kg ds)
AW2000
-
-
-
-
AW2000
-
-
-
-
AW2000
-
-
-
-
AW2000
-
-
-
-
-
-
-
3,7
100
-
-
-
1,9
150/ 190*
0,64 (PFBA) 3,0 0,48 (PFPeA) 0,54 (PFHxA) 0,64 (PFHpA) 1,3 (PFNA) 0,56 (PFDA) 0,69 (PFUnDA) 0,19 (PFTrDA) 0,17 (PFBS) 0,19 (PFHxS) 0,15 (PFBA) 1,9 0,12 (PFPeA) 0,19 (PFHxA) 0,55 (PFHpA) 1,0 (PFNA) 0,13 (PFDA) 0,17 (PFUnDA) 0,14 (PFBS) 0,16 (PFHxS)
MMP4+5-og -
molybdeen molybdeen molybdeen nikkel
-
AW2000 = altijd toepasbaar *) resultaat her-analyse
Op basis van de analyseresultaten waarbij in één van de mengmonsters van de bovengrond (BG02) een sterke overschrijding met PCB’s is aangetroffen is besloten het mengmonster uit te splitsen en de monsters separaat te onderzoeken op de concentratie aan PCB’s. Doel is het uitsluiten van een toevalstreffer of het vaststellen van een eventuele kern van de verontreiniging. In onderstaande tabel zijn de resultaten van de uitsplitsing weergegeven. Tabel 5.7: overzicht overschrijdingen uitsplitsing BG02 nummer nummer Traject (meng)monster boring (m-mv) 03-1 04-1 05-1 06-1 08-1 09-1 10-1 11-1 12-1 13-1
03 04 05 06 08 09 10 11 12 13
0,00 - 0,50 0,05 - 0,50 0,00 - 0,50 0,05 - 0,55 0,05 - 0,55 0,05 - 0,55 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,05 - 0,55 0,00 - 0,50
kritische parameter(s) PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s PCB’s
Overschrijding Wbb
Bbk
< achtergrondwaarde < achtergrondwaarde < achtergrondwaarde > achtergrondwaarde < achtergrondwaarde > achtergrondwaarde > achtergrondwaarde > achtergrondwaarde < achtergrondwaarde > achtergrondwaarde
altijd toepasbaar altijd toepasbaar altijd toepasbaar klasse industrie altijd toepasbaar klasse industrie klasse industrie klasse wonen altijd toepasbaar klasse industrie
In de bovengrond is in eerste instantie plaatselijk een sterk verhoogd PCB-gehalte aangetroffen. Na uitsplitsing blijkt dat in vijf van de tien separate monsters PCB is aangetroffen in een licht verhoogd gehalte. In de overige vijf separate monsters is geen verhoogd PCB-gehalte aangetroffen.
rps.nl NL202005391.003-R20-392 | 14 mei 2020 Pagina 19 van 25
5.4
Toetsingsresultaten waterbodemmonsters
De analysecertificaten van de waterbodemmonsters zijn opgenomen in bijlage 4. In bijlage 5 zijn de volledige Botova toetsingen aan de maximale bodemkwaliteitswaarden (Bbk) opgenomen. In tabel 5.8 zijn de analyseresultaten van het waterbodemonderzoek samengevat. Opgemerkt wordt dat de weergegeven toetsing voor PFAS, de toetsing aan het landelijk geldende tijdelijke toepassingsnormen is. Tabel 5.8: samenvatting onderzoeksresultaten (meng) klasse kritische klasse monster water- parameter(s) landbodem bodem
kritische parameter(s)
verspreidPFOS baarheid (µg/kg) aangrenzend perceel
PFOA (µg/kg)
overige PFAS (µg/kg)
GenX (µg/kg)
64
0,12 (PFBA) 0,96 0,11 (PFHxA) 0,41 (PFHpA) 0,12 (PFNA) 0,15 (PFDA) 0,39 (PFUnDA) 0,39 (PFDoDA) 0,19 (PFTeDA) 0,10 (PFHxDA) 0,67 (PFBS) 0,68 (Fluortelomersulf) 0,64 (N-MeFOSAA) 2,3 (N-EtFOSAA) 0,34 (PFOSA) 0,25 (8:2 diPAP) 0,16 (PFBS) 0,21
Deellocatie 1 MM-SL01tm10
B
lood, nikkel Industrie en zink
koper, nikkel en niet 3,4 zink verspreidbaar
MM-VB01tm10
AT
-
Altijd toepasbaar
-
0,46
20
MM-SL11tm20
AT
-
Wonen
molybdeen, zink en PAK
verspreidbaar
0,51
6,9
MM-VB11tm20
Wonen
-
Industrie
nikkel
-
<0,10
1,3
Deellocatie 6 0,11 (PFUnDA) 0,11 0,21 (PFBS) 0,59 (N-EtFOSAA) 0,14 (PFBA) <0,10 0,38 (PFBS)
AT= Altijd toepasbaar
5.5
Interpretatie
Deellocatie 1 Verontreinigingssituatie Waterbodem Uit de toetsing van de analyseresultaten blijkt dat het slib niet op de kant verspreid mag worden. Het slib is wel toepasbaar als klasse Industrie op landbodem en als klasse B op waterbodem. Dempen van de sloot mag alleen met schone grond. In de waterbodem zijn verhoogde gehalten aan PFOS, PFOA, overige PFAS en GenX gemeten waarmee rekening gehouden moet worden bij voorgenomen hergebruik elders. Het gehalte PFAS is dermate hoog dat toepassing van de baggerspecie op de bodem en/of waterbodem niet is toegestaan.
rps.nl NL202005391.003-R20-392 | 14 mei 2020 Pagina 20 van 25