CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Kadernota 2026.pdf

Oordeelsvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 24 juni 2025, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 11: BES - Ravijnjaar15.920 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kadernota 2026

Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

Voorwoord.................................................................................................................. 3 Kernopgave 1: Veilig & Inclusief Sliedrecht .............................................................. 5 Kernopgave 2: Ruimtelijke vernieuwing ................................................................. 13 Kernopgave 3: Ondernemend & betrokken Sliedrecht ............................................ 18 Randvoorwaarde: Slagvaardige organisatie ............................................................ 22 Financieel perspectief (reguliere onderdelen Kadernota) ....................................... 26 Reserve Koers 2030 ................................................................................................. 30 Uitgangspunten........................................................................................................ 32 Maatregelen ravijnjaar ............................................................................................ 33

Bijlage 1: Raadsbundel maatregelen met maatschappelijke impact Bijlage 2: Afwegingskader maatregelen met maatschappelijke impact

2

1. Voorwoord Inleiding Voor u ligt de Kadernota 2026 van de gemeente Sliedrecht. Deze nota vormt de strategische basis voor de programmabegroting 2026-2029 en geeft richting aan de keuzes die wij als gemeentebestuur maken in een tijd van maatschappelijke, economische, financiële en geopolitieke uitdagingen. De Kadernota is opgebouwd rond drie kernopgaven: Veilig & Inclusief Sliedrecht, Ruimtelijke vernieuwing, en Ondernemend & betrokken Sliedrecht, met als randvoorwaarde een Slagvaardige organisatie. De samenleving verandert in hoog tempo. We zien een toenemende druk op het sociaal domein, een groeiende vraag naar passende zorg en ondersteuning, en een veranderende arbeidsmarkt. Tegelijkertijd staan we voor grote ruimtelijke en economische opgaven, zoals woningbouw, verduurzaming en het versterken van de lokale economie. Ook gebeurtenissen in de wereld, zoals spanningen tussen landen, migratie en onzekerheden in de internationale handel, hebben steeds meer invloed op onze lokale keuzes en prioriteiten. Deze ontwikkelingen vragen om scherpe keuzes, samenwerking met onze partners en een data gedreven, resultaatgerichte aanpak. In deze Kadernota maken we inzichtelijk hoe we onze ambities willen realiseren binnen de beschikbare financiële ruimte.

We geven prioriteit aan het versterken van de sociale infrastructuur, het bouwen aan een toekomstbestendige leefomgeving en het stimuleren van maatschappelijke betrokkenheid en economische groei. We zetten ons daarnaast in voor een weerbare samenleving waarin inwoners veerkrachtig kunnen omgaan met maatschappelijke uitdagingen. Daarbij blijven we investeren in een wendbare en toegankelijke gemeentelijke organisatie die in verbinding staat met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners. De financiële paragraaf maakt duidelijk dat we voor een forse opgave staan. Net als veel andere gemeenten worden wij geconfronteerd met het zogenoemde ‘ravijnjaar’ — een aanzienlijke bezuiniging vanuit het Rijk die ons dwingt tot het maken van structurele keuzes. Een deel van deze opgave kunnen we opvangen zonder dat dit direct merkbaar is voor onze inwoners. Toch ontkomen we er niet aan om ook maatregelen te treffen die wél impact hebben op de samenleving. In deze Kadernota presenteren we de mogelijke richtingen en keuzes. Om de gevolgen hiervan inzichtelijk te maken, hebben we een afwegingskader ontwikkeld dat helpt om de maatschappelijke impact objectief te beoordelen en de maatregelen op basis daarvan te prioriteren. Naast de noodzakelijke bezuinigingen blijven we ook gericht investeren in de toekomst van Sliedrecht.

Zo krijgt de Leeghwaterstraat – de hoofdstraat van de woonboulevard – een nieuwe inrichting, aansluitend op de vervanging van de riolering. Op de Parallelweg voeren we verkeersverbeterende maatregelen door om de bereikbaarheid en veiligheid te vergroten. Voor de Vogelbuurt reserveren we voldoende middelen om de geplande werkzaamheden voort te zetten. Tot slot zorgen we ervoor dat onze gemeentelijke organisatie goed blijft functioneren en dat de digitale veiligheid op orde is, door te investeren in moderne en veilige ICT-hardware. Met deze Kadernota zetten we verder koers naar een veerkrachtig, inclusief en toekomstgericht Sliedrecht.

3

1.

Financiële samenvatting

De reguliere onderdelen van de Kadernota (die met het vaststellen van de Kadernota ook door de gemeenteraad worden vastgesteld) leiden tot het volgende begrotingssaldo:

Uit dit overzicht blijkt dat de gemeente een structureel tekort heeft van afgerond € 3,9 mln. in 2026 oplopend naar afgerond € 5,9 mln. in 2029. Alhoewel de voorjaarsnota van het Rijk in 2026 en in 2027 het tekort iets dempt, laat het duidelijk zien dat deze tijdelijke extra gelden vanuit het Rijk de structurele financiële problematiek voor Sliedrecht niet oplost. Conform raadsbesluit van 8 juli 2024 heeft de gemeente Sliedrecht maatregelen geïnventariseerd om een financieel sluitende begroting 2026- 2029 te kunnen aanbieden. Dit geeft het volgende financiële beeld: Bedragen x € 1.000

2026

2027

2028

2029

4.284 V 2.340 V

3.954 V 4.465 V

3.924 V 5.150 V

3.964 6.135

Geïnventariseerde maatregelen zonder maatschappelijke impact Geïnventariseerde maatregelen met maatschappelijke impact

V V

Totaal geïnventariseerde maatregelen

V 6.624 V 8.419 V 9.074 V 10.099

De geïnventariseerde maatregelen tellen op tot afgerond € 6,6 mln. in 2026 oplopend naar € 10,1 mln. in 2029. Dit is een veelvoud van het resterende tekort uit de kadernota 2026. Dit maakt dat er keuze is.

4

2. Kernopgave 1: Veilig & Inclusief Sliedrecht Kernopgave Veilig en Inclusief Inleiding In onze samenleving doen zich diverse vraagstukken voor die ook een uitdaging vormen voor de gemeente. Zo zijn er inwoners die om verschillende redenen zoals fysieke, psychische of mentale beperkingen, taalproblemen en/of laaggeletterdheid of beperkte financiële middelen, moeite hebben om mee te komen en zich daardoor soms buitengesloten voelen. We zien dat de samenleving verhard, polarisatie toeneemt en veiligheidsvraagstukken zoals ondermijning steeds meer van ons vragen. Daarbij worden we blijvend geconfronteerd met de effecten van de dubbele vergrijzing en vraag naar maatschappelijke ondersteuning en de groeiende vraag naar jeugdhulpverlening. Naast de uitgaven die dat meebrengt zien we ook nieuwe, of al bestaande uitdagingen toenemen. Krapte op de arbeidsmarkt, waardoor zorg en ondersteuning, niet altijd meer vanzelfsprekend verleend kan worden. Tegelijkertijd is de afstand tot de arbeidsmarkt, voor inwoners die nog gebruik moeten maken van een uitkering, groter. Tot slot stijgen de kosten voor levensonderhoud, waardoor er inwoners zijn voor wie rondkomen (nog) lastiger wordt.

Vanwege deze ontwikkelingen is het essentieel dat wij als gemeente in verbinding blijven met onze inwoners, de weerbaarheid stimuleren, kracht van de samenleving benutten en dat wij een scherp beeld hebben van de kwaliteit van ons voorzieningenniveau op basis van meetbare resultaten. Daarom maken we een bewuste keuze voor datagedreven werken. In dit kader hanteren we het principe: “Wanneer is goed, goed genoeg?”. Dit houdt in dat we duidelijke kwaliteitscriteria en prestatie-indicatoren formuleren, zodat we niet verstrikt raken in perfectionisme maar pragmatisch en resultaatgericht handelen. In de Sociale visie Sliedrecht hebben we het volgende uitgangspunt opgenomen: We vinden het belangrijk dat alle inwoners zo zelfstandig mogelijk kunnen leven, naar vermogen meedoen in de samenleving en een bijdrage leveren aan hun sociale omgeving. We gaan ervan uit dat inwoners zelfredzaam zijn en regie over hun leven nemen. Voor inwoners die hiertoe (tijdelijk) niet in staat zijn, wordt ondersteuning en hulp gezocht en geboden Om onze visie te realiseren, investeren we met onze inwoners en partners in een sterke sociale infrastructuur voor Sliedrecht. Het uitgangspunt is 'zorg voor jezelf en voor elkaar'. Daarnaast bieden we een passend vangnet voor mensen die (tijdelijk) extra ondersteuning en zorg nodig hebben.

Om effectief te zijn en ondersteuning en hulp te kunnen blijven bieden moeten we keuzes maken over wat we wel en niet doen en ook hoe we het doen. Normaliseren en 'zorg voor jezelf en voor elkaar' zijn daarin leidende principes. Naast lokale keuzes werken we hiervoor ook samen met de Drechtsteden, de GR Sociaal en de GR DG&J om tot effectieve en betaalbare hulp en ondersteuning te komen. Ook onze gemeenschappelijke regelingen geven wij met nadruk mee om binnen deze context scherpe keuzes te maken. Wij vragen om focus op de lopende bestuursopdrachten, die als doel hebben om de kosten (verder) te verlagen. Hierbij past ook terughoudendheid in de vorming van nieuw beleid, het oplossen van knelpunten binnen de bestaande begroting én een blijvend kritische blik op de bedrijfsvoering. Wij vragen onze gemeenschappelijk regelingen om zichzelf uit te blijven dagen, risico's te durven nemen en om te zorgen dat alles bespreekbaar is. Dit moet wat ons betreft het uitgangspunt zijn in de komende periode.

5

Regionale ontwikkelingen GR Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J) Binnen de GR DG&J zijn op dit moment meerdere ontwikkelingen gaande, die (financiële) gevolgen hebben vanaf 2026. Bestuursopdracht "Verkennen van de mogelijke bijdrage van de GR DG&J aan het verminderen van de financiële problematiek van deelnemende gemeenten": Deze opdracht onderzoekt hoe de GR DG&J kan bijdragen aan het verminderen van financiële problemen in gemeenten, met voorstellen zoals het verbeterprogramma betaalbare en beschikbare jeugdhulp en intensivering van de samenwerking met de Sociale Dienst Drechtsteden. Vanuit het verbeterprogramma betaalbare en beschikbare jeugdhulp wordt ook gewerkt aan een nieuwe verordening Jeugdhulp, waar vanaf 2026 mee gewerkt gaat worden. Met aanscherping van de inkoop en verdere afbakening van de jeugdhulp, wordt ook een kostenbesparing beoogd. We houden vinger aan de pols of er geen neveneffecten zijn van deze beweging. Bestuursopdracht LVS (Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten): LVS heeft momenteel te weinig capaciteit om alle meldingen en aanvragen af te handelen. Er wordt onderzocht wat er structureel nodig is om dit probleem op te lossen. In Q2 2025 is besloten dat LVS terug moet gaan van 17,5 naar 15,5 fte. Dit betekent dat zij alleen nog hun wettelijke taken gaan uitvoeren en niet meer preventief te werk gaan.

Welke taken precies worden overgedragen aan ketenpartners en hoe dit geïmplementeerd gaat worden wordt onderzocht in Q3 en Q4 van 2025. Duidelijk is geworden dat er binnen het nieuwe cluster Noordelijke Drechtsteden nauwer samengewerkt gaat worden met het Samenwerkingsverband Drechtsteden. Impactanalyses Veilig Thuis (VT), OGGZ (Bemoeizorg) en LVS: Vanwege afgewezen begrotingsvoorstellen voor 2025 is de huidige capaciteit niet voldoende om het verwachte aantal meldingen te verwerken. Impactanalyses zijn opgesteld en worden besproken. Besluitvorming wordt later in 2025 verwacht. Wat betreft Veilig Thuis is al actief op zoek gegaan naar mogelijkheden om in te spelen op de ontstane situatie, zo wordt bijvoorbeeld de samenwerking met het lokale veld efficiënter ingericht. GR Sociaal De GR Sociaal heeft, net als de GR DG&J de volgende bestuursopdracht gekregen: Bestuursopdracht "Verkennen van de mogelijke bijdrage van de GR Sociaal aan het verminderen van de financiële problematiek van deelnemende gemeenten": Op basis van deze opdracht onderzoekt de GR Sociaal welke mogelijkheden er zijn om bij te dragen aan het beheersbaar houden van de kosten van het sociaal domein voor gemeenten, rekening houdend met de noodzaak van het werken aan toekomstbestendige ondersteuning in het sociaal domein. Zodat ondersteuning beschikbaar blijft voor inwoners die dat nodig hebben.

Naast de bestuursopdracht heeft de GR Sociaal diverse andere maatregelen genomen om de groei van de uitgaven te dempen, zoals diverse maatregelen gericht op meer uitstroom uit de bijstand. In de voorjaarsbrief 2025 (april/juli 2025) en de begroting 2026 (april/juli 2025) van de GR Sociaal zijn de financiële vertalingen van (een gedeelte van) de ombuigingen te vinden.

Wat gaan we doen in 2026? We maken werk van een veerkrachtige samenleving De grootste uitdaging is en blijft ook in 2026 om inwoners de beweging te laten maken van de gedachte 'ik heb recht op ondersteuning' naar de gedachte 'ik heb recht op een oplossing'.

6

Ons aanbod op een hulpvraag van een inwoner kan namelijk ook iets anders zijn dan individuele ondersteuning, waar inwoners nu wel vaak een beroep op doen, ook wanneer dit niet persé de best passende oplossing is. Aansluitend op bovenstaande kennen we nog steeds de uitdaging om van een mindset van ‘problematiseren’ naar een mindset van ‘normaliseren’ te komen. Dit is een langdurig en complex veranderproces. Op beide uitdagingen sturen wij als gemeente met name via onze partners in het Bonkelaarhuis, maar ook met andere relevante partners wordt het gesprek hierover continu gevoerd. Beleidsmatig is een grote stap gezet op dit speerpunt met het vaststellen van de nieuwe verordening maatschappelijke ondersteuning. De beweging naar preventieve ondersteuning die goed lokaal is ingebed, is daarmee stevig ingezet. Hierbij wordt bijvoorbeeld eerst beoordeeld of binnen het eigen netwerk van de inwoner of via een algemene voorziening passende ondersteuning kan worden geboden. Pas wanneer deze mogelijkheden onvoldoende uitkomst bieden, wordt een maatwerkvoorziening overwogen. In 2026 voeren we vanuit het Bonkelaarhuis een communicatiestrategie uit voor de verandering van ‘ik heb recht op ondersteuning’ naar ‘ik heb recht op een oplossing’. We blijven Wmo en jeugdhulp naar de voorkant samen met het Bonkelaarhuis uitvoeren en periodiek monitoren en evalueren.

We hebben het Richtinggevend Kader voor de Toegang, lokale teams en integrale dienstverlening vanuit de VNG vertaald naar onze Sliedrechtse context. Deze analyse geeft een heldere richting aan de verdere doorontwikkeling van het Bonkelaarhuis en maakt het ook mogelijk om goed op de doorontwikkeling te sturen en te monitoren. Wat betreft de jeugdhulp is lokaal met name ingezet op Jeugdhulp naar voren en Veilig Opgroeien is Teamwerk (VOiT). De werkwijze VOiT in Sliedrecht, waarbij nauw wordt samenwerkt met Veilig Thuis, de Gecertificeerde Instellingen (GI's) en de Raad voor de Kinderbescherming is een voorbeeld voor de regio. Daarnaast is werk gemaakt van gezamenlijk contractmanagement met de SOJ, zodat we als gemeenten beter kunnen sturen op de zorgaanbieders. Al deze verandertrajecten zijn gericht op afschaling en het beschikbaar en betaalbaar houden van de jeugdhulp. In 2026 blijven we inzetten op de doorontwikkeling van het lokale en regionale jeugdhulplandschap, met als (landelijke) richtinggevende kaders de Hervormingsagenda Jeugd en het Toekomstscenario Jeugd- en Gezinsbescherming. Eind 2024 is het verbeterprogramma beschikbare en betaalbare jeugdhulp in de regio van start gegaan, van waaruit we toewerken naar een aangescherpte inkoop en we de jeugdhulpplicht scherper duiden, afbakenen en dat verankeren in een nieuwe verordening per 1 januari 2026.

Om de houdbaarheid van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) te verbeteren, bereidt het rijk een besluit voor om voor alle Wmo-voorzieningen waar nu het abonnementstarief geldt, een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in te voeren. De inkomensafhankelijke eigen bijdrage is bedoeld om de toegankelijkheid van Wmo-voorzieningen te verbeteren voor mensen die deze het hardst nodig hebben. De invoering hiervan stond oorspronkelijk gepland voor 1 januari 2026, maar is inmiddels uitgesteld naar 1 januari 2027. Indien deze wijziging doorgevoerd wordt zal dit ook zijn lokale consequenties hebben. Hoe de nieuwe, inkomensafhankelijke eigen bijdrage er precies uit komt te zien en wanneer deze er komt is onduidelijk. In 2026 bereiden we samen met de GR Sociaal de eventuele verandering voor en spelen we in op ontwikkelingen. In 2025 en 2026 bouwen we verder aan een voorliggend ondersteuningspakket voor kwetsbare inwoners die vanuit de centrumgemeente Dordrecht in Sliedrecht terecht komen op een beschermd wonen plek. Hierbij moet gedacht worden aan extra inzet op (woon)begeleiding, en overige ondersteuning die al vanuit het Bonkelaarhuis wordt geboden, maar nu voor deze groep wordt uitgebreid. Om het hoofd te bieden aan de toename van psychische problematiek en de bijbehorende vraag naar zorg heeft het Rijk de opdracht gegeven tot vorming van zogenaamde ‘Mentale Gezondheidscentra'.

Deze moeten lokaal gevormd worden en dus ook in Sliedrecht. In onze regio ligt op de opdracht om deze 'Mentale Gezondheidscentra' te vormen bij Yulius. 7

Wij sturen erop dat koppeling met het Bonkelaarhuis plaatsvindt, zodat het voor inwoners helder is waar zij terecht kunnen en we vragen van inwoners integraal kunnen oppakken. Met de ambities op het gebied van ruimtelijke vernieuwing ontstaat de ruimte om te werken aan de toekomstige Sliedrechtse samenleving. In 2026 gaan we hiermee van start vanuit de nieuwe woonzorgvisie en zullen we aansluiten op de ontwikkeling van een sociaaleconomische visie. We blijven sturen op een overall uitvoering op basis van de gestelde uitgangspunten in het collegewerkprogramma en we borgen dat we een passend vangnet blijven bieden voor die inwoners die dat nodig hebben, ondanks de blijvend stijgende vraag naar zorg en ondersteuning. We verstevigen het ‘normale leven’ door verbinding aan te brengen tussen gezondheid, sport, welzijn en onderwijs We verstevigen het 'normale leven' door een stevigere verbinding aan te brengen tussen gezondheid, sport, welzijn en onderwijs. Hiervoor maken we gebruik van de middelen die het Rijk aan gemeenten heeft toegekend voor uitvoering van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Ook in 2026 zetten we deze middelen effectief en versterkend in op onze lokale structuren. Bijvoorbeeld door het gedachtengoed van positieve gezondheid verder te integreren binnen de uitvoeringsplannen van maatschappelijke partners.

Hierin staat de overtuiging “voorkomen is beter dan genezen” centraal. Om dit te realiseren wordt verder geïnvesteerd in preventieve voorzieningen. Begin 2024 is er een Coördinator Sport en Preventie aangesteld. Hiermee is er uitvoeringskracht toegevoegd om onder andere de afspraken uit het Sportakkoord II verder invulling te geven. De verbinding tussen de verschillende maatschappelijke partners op het gebied van sport en preventie verstevigen we hiermee. In 2025 is de inzet geëvalueerd en is er gewerkt aan de versterking van de rol van de Coördinator Sport en Preventie in het preventieve veld. In 2026 wordt het helder of en op welke wijze we verdergaan met de invulling van deze rol. In 2025 is in samenspraak met het kernteam van het Lokaal Sportakkoord II een start gemaakt met een plan van aanpak om sociale veiligheid en integriteit op lokaal niveau bij alle sportaanbieders waarmee de gemeente een relatie heeft te stimuleren en ondersteunen. Zodat we blijven voldoen aan de voorwaarden van het Lokaal Sportakkoord II. Hierin is focus aangebracht op drie hoofdonderwerpen: vitale sport aanbieders, vaardig in bewegen en sociaal veilig sporten. In 2026 wordt geëvalueerd in hoeverre dit de focus blijft of dat er eventuele aanvullende thema's worden toegevoegd. We werken door aan logische ontmoetingsplekken ter ondersteuning van onze preventieve structuur.

We ontwikkelen Stationsweg 4 verder tot een inspirerende plek voor een brede groep Sliedrechters, jong en oud. Met de komst van een Integraal Kindcentrum (IKC) aan de Valkweg zien we kansen om meer verbindingen te leggen in de wijk. De exacte invulling van het IKC Valkweg wordt de komende periode verder ontwikkeld. In 2025 is gestart met het ontwerp en de bouw van de tijdelijke huisvesting. Het aanpakken van (taal)achterstanden in het onderwijs, een doorgaande lijn van voorschoolse naar vroegschoolse educatie en de verbinding met partners als kinderopvang, bibliotheek, welzijnswerk en schoolmaatschappelijk werkers zijn belangrijke functies van een IKC. We sturen in 2026 verder op de inrichting van de openbare ruimte. Het uitgangpunt hierbij is het faciliteren van sport en bewegen in combinatie met toegankelijke en aantrekkelijke ontmoetingsplekken voor onze inwoners. We gaan de bestaanszekerheid en ontwikkelkansen van onze inwoners verstevigen Bestaanszekerheid blijft een actueel thema waar het Rijk, als primair verantwoordelijke voor inkomensbeleid, ook nog steeds actief mee bezig is. Verschillende (globale) ontwikkelingen maken dat het lastig is en blijft om inkomen en uitgaven van inwoners goed in balans te krijgen, met name voor inwoners met een lager inkomen.

8

Om de inwoners de ondersteuning te bieden die nodig is blijven we onverminderd inzetten op laagdrempelige hulp en ondersteuning vanuit het Bonkelaarhuis, waarin diverse partijen, ook de consulenten van de sociale dienst Drechtsteden, samenwerken om inwoners te ondersteunen. We hebben (financiële) hulp nabij georganiseerd. We werken vanuit het besef dat bestaanszekerheid de basis is en problemen op het gebied van bestaanszekerheid kunnen leiden tot andere hulp en ondersteuningsvragen als problemen niet tijdig worden aangepakt. Om een zinvolle bijdrage te kunnen leveren aan de samenleving en om te werken aan ontwikkeling is bestaanszekerheid essentieel. Voor kinderen is de impact van opgroeien in armoede extra groot. We zorgen voor ontwikkelkansen voor alle kinderen met als doel kansengelijkheid, weerbaarheid en mentale gezondheid bij leerlingen te bevorderen. We zijn gestart met de ontwikkelroutes (voorheen zorgroute). Eerst hebben we ons gericht op de ontwikkelroute van 2-6 jaar. In 2026 is er een ontwikkelroute gerealiseerd voor de leeftijd –9 maanden tot 18 jaar. Met de ontwikkelroute hebben we als doel de zorg en ondersteuning zo efficiënt mogelijk op elkaar af te stemmen en zo vroegtijdig mogelijk te kunnen signaleren, ook als het gaat om financiële belemmeringen. We activeren het bijstandsbestand, omdat werk nog steeds de beste manier is om uit armoede te komen.

Daarnaast draagt participeren, in welke vorm dan ook, bij aan het welbevinden van onze inwoners en versterkt het hun sociale netwerk en daarmee de zelfredzaamheid en vergroten we de kracht van de samenleving. Hierbij werken we blijvend, in samenwerking met de sociale Dienst Drechtsteden aan een goede keten van (ook lokale) activiteiten en voorzieningen die bijdragen aan de ontwikkeling van onze inwoners. We zorgen voor een goede samenhang tussen lokale voorzieningen zoals vrijwilligerswerk en participatieplaatsen en regionale voorzieningen zoals Drechtwerk en de Arbeidsmarktregio. Waarbij Drechtwerk zich in 2026 heeft ontwikkeld naar een sociaal ontwikkelbedrijf. En de Arbeidsmarktregio naar één duidelijk punt voor alle vragen rondom loopbaan en werk, voor zowel werkzoekenden als werkgevers, in het regionaal Werkcentrum. We zetten daarbij in op een lokaal punt van het Regionale Werkcentrum in Sliedrecht, waarin lokale en regionale partners onze inwoners ondersteunen bij ontwikkelen, leren en werken. Door dit te verbinden aan het Bonkelaarhuis kunnen we een breed loket aan ondersteuning aanbieden vanuit het Bonkelaarhuis. Het ziet er naar uit dat de Participatiewet in Balans in 2025 vastgesteld gaat worden. De wetswijzingen die hierin worden vastgesteld moeten een plek krijgen in onze verordening Werk en Inkomen.

Een belangrijke beoogde wijziging is dat we inwoners met een bijstandsuitkering de mogelijkheid bieden om zich te ontwikkelen en te kunnen participeren. Het doel is daarmee breder dan alleen ontwikkelen naar betaald werk. Naast de Participatiewet in balans krijgen we ook te maken met (nu nog een wetsvoorstel) Wet van school naar duurzaam werk. Het doel van dit wetsvoorstel is om jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt de juiste begeleiding en ondersteuning te geven richting economische zelfstandigheid. Dit gebeurt met een aantal samenhangende maatregelen, waarbij de gemeenten bij volgende maatregelen direct betrokken zijn: • De maximumleeftijd van de doelgroep van de Doorstroompunt-functie (voorheen RMC-functie) wordt verhoogd van 23 naar 27 jaar. • Gemeenten krijgen in de Participatiewet een meer preventieve rol bij het ondersteunen van jongeren naar werk. Het wetsvoorstel stimuleert de samenwerking tussen onderwijs, Doorstroompunten en gemeenten op casusniveau en bij een regionaal programma. De beoogde doelgroep zijn jongeren in het praktijkonderwijs, voortgezet speciaal onderwijs, entreeopleiding van het middelbaar beroepsonderwijs, basisberoepsopleiding in de beroepsopleidende leerweg en voortijdig schoolverlaters. Het wetsvoorstel maakt daarbij maatwerk voor andere jongeren (buiten deze opleidingen) mogelijk.

9

Bij het creëren van ontwikkelkansen hebben we aandacht voor specifieke doelgroepen zoals statushouders. Statushouders maken een steeds groter deel uit van ons bijstandsbestand. Tegelijk zijn zij ook kansrijke nieuwe werknemers. Begeleiding naar participatie en werk vraagt specifieke op deze doelgroep toegesneden inzet en begeleiding. We maken werk van veilige en veerkrachtige wijken en buurten Voor het versterken van de veerkracht en de leefbaarheid zetten we in op een wijk- en buurtgerichte aanpak. Om tot een aanpak te komen is onderzoek gedaan naar en het opstellen van wijk en buurtagenda's. De uitkomsten en de opgedane ervaringen voor het opstellen van het plan van aanpak voor wijk en buurtagenda's in combinatie met de huidige inzet van het Welzijnswerk vormen de basis voor de verdere inzet en uitwerking in 2026. In lijn met ons Integraal Veiligheidsplan 2023-2026 (IVP) blijven we inzetten op de vijf kernthema's: leefbaarheid, sociale stabiliteit, jeugd en veiligheid, ondermijning en fysieke veiligheid. We werken eraan woonoverlast te beperken en personen in een kwetsbare positie met de juiste begeleiding en hulp veilig te kunnen laten wonen in de wijk.

Toenemend maatschappelijk ongenoegen, de vergroting van polarisatie en radicalisering/extremisme proberen we samen met onze veiligheidspartners, maar ook met maatschappelijke partners en geloofsgemeenschappen te verminderen om zo de sociale stabiliteit te borgen. Het vergroten en versterken van de maatschappelijke weerbaarheid is een thema waar we samen met de veiligheidsregio beleid op ontwikkelen. Daarnaast blijven we aandacht hebben voor de aanpak jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit. Er is sprake van een toenemende overlast door jongeren. Eind 2024 is er een samenscholingsverbod in gesteld om deze overlast tegen te gaan. Om de overlast structureel effectief te verminderen, is samenwerking tussen gemeente, politie, jongerenwerk en andere partners essentieel. Preventieve maatregelen, zoals het benaderen en begeleiden van jongeren op straat door het jongerenwerk, kunnen jongeren afleiden van ongewenst gedrag. Tegelijkertijd is het belangrijk om duidelijke grenzen te stellen en overtredingen aan te pakken met passende handhaving. Toch blijft jongerenoverlast een urgent probleem in Sliedrecht. Een structurele en effectieve aanpak vereist nauwe samenwerking tussen gemeente, politie, jongerenwerk en andere partners. Daarbij moet het jongerenwerk anders worden ingezet. In plaats van vooral vanuit een vaste locatie te opereren, is een meer ambulante aanpak op straat noodzakelijk.

Door jongeren actief te benaderen en te begeleiden in de openbare ruimte, worden zij gestimuleerd tot positief gedrag en afgehouden van ongewenste activiteiten. Om dit effectief uit te voeren is inzet van het jongerenwerk noodzakelijk. Een grotere aanwezigheid en zichtbaarheid op straat kan ervoor zorgen dat problematische situaties sneller worden gesignaleerd en aangepakt. Daarom is het van belang het jongerenwerk anders in te richten dan wel anders prioriteren van bijvoorbeeld het ambulante jongerenwerk, zodat deze aanpak daadwerkelijk gerealiseerd kan worden. We versterken daarnaast onze inzet op ondermijning op de terreinen van automotive, bedrijventerreinen en het buitengebied door samen te werken in de regio. Daarnaast werken we in 2026 ook aan de fysieke veiligheid. Binnen het kernthema fysieke veiligheid is er aandacht voor de verkeersveiligheid, de gemeentelijke crisisorganisatie, de brandweerzorg, evenementenveiligheid, suswachten in de horecagebieden en toezicht en handhaving. Omdat criminaliteit zich niet aan gemeentegrenzen houdt, is het belangrijk om krachten te bundelen om het waterbedeffect tussen de gemeenten van Drechtsteden Buiten zoveel mogelijk te voorkomen. Samenwerken is essentieel voor de inzet van (schaarse) capaciteit.

Samenwerken is ook belangrijk om barrières op te werpen, zodat criminelen hun misdrijven niet kunnen en willen plegen in onze gemeente, maar ook niet buurgemeenten. We zetten daarom in op de voortzetting van het Bestuurlijk 10

Interventie Team (BIT) met onze partners in Drechtsteden Buiten in 2025, in eerste instantie met wellicht nog een jaar subsidie vanuit de provincie. Vanaf 2026 door inzet van structurele middelen. Bovendien wordt het convenant VIOS (Veiligheid in en om Scholen) in 2025 en 2026 in samenwerking met buurgemeenten en partners herijkt, waarin afspraken en handelingsplannen met scholen, politie, gemeente en maatschappelijke partners worden vastgelegd. Opvang vluchtelingen Op dit moment is het lastig te voorspellen hoe het conflict in Oekraïne zich zal ontwikkelen. Dit is bepalend voor de behoefte en de hulpvraag van de Oekraïense vluchtelingen. De Richtlijn Tijdelijke Bescherming, die het verblijf van Oekraïense vluchtelingen regelt, is verlengd tot maart 2026. Daarmee is zeker dat we ook in 2026 huisvesting, onderwijs en ondersteuning zullen bieden. Daarbij zien we dat een deel van de Oekraïense vluchtelingen zich bezint op een langdurig verblijf in Nederland. Daarmee vindt verschuiving plaats van het denken op korte termijn naar een midden tot lange termijn in relatie tot huisvesting, onderwijs en werk. In 2026 verwachten we dat de asielopvang van het COA in Sliedrecht Noord operationeel is.

Net als in de crisisnoodopvang in het gemeentekantoor, blijven we er met de komst van het azc, samen met onze partners, voor zorgen dat er voldoende activiteiten zijn voor asielzoekers, onderwijs voor kinderen toegankelijk is en geboden wordt en voor hen die na het verkrijgen van een status gekoppeld worden aan Sliedrecht de inburgering vroegtijdig wordt opgestart.

Ontwikkelingen Gemeenschappelijke Regelingen Bedragen x € 1.000

Nr. Verbonden partijen 1 GR Sociaal 2 Dienst Gezondheid & Jeugd 3 Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid Totaal Veilig & Inclusief

2026 2027 N 806 N 580 N N 680 N 680 N N 57 N 57 N N 1.543 N 1.317 N

2028 247 N 680 N 57 N 984 N

2029 33 680 57 770

1. GR Sociaal Bij bestaanszekerheid ofwel de inkomensregelingen werkt de lagere realisatie van uitstroom uit de bijstand eind 2024 niet alleen door in 2025 maar ook in 2026 en verder. Daarbij nemen de kosten per uitkering ook toe. De GR Sociaal blijft daarbij inzetten op het vergroten van de uitstroom uit de bijstand door diverse maatregelen, waardoor de verwachting is dat de uitgaven vanaf 2027 naar beneden gaan. Bij zorgen voor ondersteuning, ofwel de Wmo zit de lastenverzwaring in oplopende kosten voor huishoudelijke ondersteuning, vervoer en individuele begeleiding. Dit komt met name door een toename van de vraag naar deze voorzieningen. In deze begroting wordt nog uitgegaan van een dempend effect op de uitgaven van de huishoudelijke ondersteuning door de werkwijze herstelgerichte ondersteuning. Omdat deze werkwijze op dit moment herzien wordt, is de vraag of dit dempend effect nog gehaald kan worden voor 2026. In het kader van de bestuursopdracht wordt medio 2025 wel bekend welke bedragen er eventueel nog bezuinigd kunnen worden door efficiëntere werkprocessen binnen de sociale dienst Drechtsteden. Deze zijn nog niet verwerkt in de huidige begroting voor 2026. De uitgaven aan de GR Sociaal laten een netto lastenverzwarend effect zien van € 1.300.000 in 2026 aflopend naar € 235.000 in 2029 (rekening houdend met 2,6% indexatie).

De stijging van de lasten is voor het grootste deel toe te schrijven aan de ontwikkeling op de inkomensregelingen en de WMOvoorzieningen. Een deel van de stijging op WMO is op te vangen door een taakmutatie gemeentefonds die oploopt van € 103.000 in 2026 naar € 321.000 in 2029. Gelijktijdig zien we ook een ontwikkeling op de BUIG inkomsten (Rijksbijdrage voor de uitkeringen). Deze stijgen met € 424.000 in 2026 tot € 523.000 in 2029.

11

2. Dienst Gezondheid & Jeugd Het algemeen bestuur DG&J heeft besloten de begroting 2025 plus indexatie, met uitzondering van het jeugdhulpbudget, als kader voor de begroting 2026 te gebruiken. Het indexatiepercentage verbonden partijen in onze kadernota 2026 is 2,6%. De DG&J rekent in haar begroting echter met een indexatie van 3,4% voor lonen. De nettobijdrage is daarom, ondanks de afgesproken nullijn, in totaal € 178.000 hoger dan waar in de begroting 2026 eerder rekening mee was gehouden. Voor de Service Organisatie Jeugd (SOJ) is de nettobijdrage in totaal € 500.000 hoger. De financiële raming van de jeugdhulpuitgaven 2026-2029 is gebaseerd op de prognose (peildatum januari 2025) van de kosten per gemeente voor het jaar 2025. Deze verwachte uitgaven zijn geïndexeerd naar het prijsniveau 2026. Vanuit het oogpunt van evenwichtig begrotingsbeleid is ervoor gekozen zowel geen groei als geen besparingen op te nemen ten opzichte van deze prognose. 3. Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid De gemeente bijdrage is netto € 57.000 hoger dan waar in de begroting 2026 rekening mee was gehouden. Dit wordt veroorzaakt door hogere kapitaallasten op huisvesting, door de bouw van nieuwe kazernes in de regio (o.a. in Sliedrecht). Daarnaast is de werkelijke indexering hoger dan waar de gemeente Sliedrecht rekening mee houdt in de kadernota 2026.

Risico's Stallingsproblematiek scootmobielen Sinds 2024 zijn de brandveiligheidseisen voor scootmobielstallingen strenger. Hierdoor zijn veel bestaande locaties niet meer geschikt, waardoor scootmobielen alleen verstrekt kunnen worden als er een veilige plek is. De gemeente en Tablis Wonen hebben in de prestatieafspraken opgenomen samen te werken aan een oplossing, gezien de gedeelde verantwoordelijkheid. Dit kan per locatie maatwerk en gezamenlijke kosten met zich meebrengen. Bonkelaarhuis Het Bonkelaarhuis speelt een belangrijke rol in Sliedrecht als centrale plek voor inwoners met ondersteuningsvragen. Op dit moment is er echter een tekort aan ruimte voor medewerkers, en door toekomstige ontwikkelingen zal de behoefte aan extra ruimte verder toenemen. Dit ruimtegebrek heeft nadelige gevolgen voor de arbeidsomstandigheden en de kwaliteit van de dienstverlening. Daarom wordt gezocht naar een passende oplossing die aansluit bij de visie om alle ondersteuning onder één dak te bieden. Een uitbreiding zal waarschijnlijk financiering vereisen.

12

3. Kernopgave 2: Ruimtelijke vernieuwing Inleiding In het collegewerkprogramma wordt benadrukt dat de keuze voor groei en ontwikkeling in de kernopgave ruimtelijke vernieuwing het meest zichtbaar is. Door te investeren in een groeiende woningvoorraad wordt ook ingezet op meer ruimtelijke kwaliteit, verduurzaming en betere bereikbaarheid. Tegelijkertijd helpt het de uitdagingen die naar voren komen in de twee andere kernopgaven aan te pakken. Aan het einde van deze collegeperiode zijn voor Noord en Binnenstedelijk belangrijke planvorming documenten vastgesteld. Op specifieke locaties als de Maaslaan is de bestaande bebouwing verwijderd. De nieuwe brandweerkazerne wordt opgeleverd. Tevens worden enkele projecten getemporiseerd of integraal met initiatieven van derden opgepakt. Zo zal de ontwikkeling van de Driehoek in fases worden aangepakt, rekening houdend met de snelheid en behoeften van de initiatiefnemers. Daarbij wordt de Koers 2030 en de daardoor ingezette beweging beter gekoppeld aan de urgentie en onzekerheden die de inwoners nu ervaren. De ingezette koers is randvoorwaardelijk voor de oplossing van de zorgen waar onze inwoners mee worstelen. Een leefbaar, veilig Sliedrecht met ruimtelijke kwaliteit ontwikkelt als resultante van de door het college bestendigde koers. Er is aantoonbaar resultaat geboekt op veel ambities uit de kernopgave ruimtelijke vernieuwing.

Waar nodig is door voortschrijdend inzicht, complexere problematiek of veranderend (landelijk en regionaal) beleid gekozen om ambities bij te stellen of af te zwakken. In zijn afwegingen houdt het college het totaal doel voor ogen en communiceert het hierover actief. Met het van de kant komen van de ruimtelijke ambitie krijgen we ook beter inzicht in de werkzaamheden die we te doen hebben en het tempo daarin. In aanloop naar de begroting 2026 betekent dit ook dat we onze capaciteit realistisch moeten afzetten tegen onze opgaven.

Wat gaan we doen in 2026? Vooruitkijken naar het Sliedrecht in 2026 kan niet zonder aandacht te geven aan de (inter)nationale ontwikkelingen. Landelijk en provinciaal zien we dat de regie op het ruimtelijk domein meer en meer wordt ‘teruggepakt’. Internationaal is het wereldtoneel in enkele maanden drastisch veranderd. De onzekerheden die deze ontwikkelingen met zich meebrengen noodzaken Sliedrecht telkens weer na te denken over de haalbaarheid en impact van onze ruimtelijke ambities. Meer en meer zal een integrale afweging noodzakelijk zijn tussen diverse beleidsterreinen om een veilige en leefbare samenleving te behouden. Verder inzoomend op details van de kernopgave ruimtelijke vernieuwing zijn in 2026 de noodzakelijke voorbereidingen getroffen en de eerste projecten gerealiseerd voor de ruimtelijke vernieuwingsopgave. Er is een geactualiseerd Programmaplan Ruimtelijke Vernieuwing. Het beschrijft de vooruitgang en mijlpalen en geeft een indicatie van de vervolgstappen die we binnen het Programma Ruimtelijke Vernieuwing zetten. Vanuit de Omgevingsvisie en het Programmaplan is het van belang om te komen tot een samenhang tussen de verschillende beleidsterreinen, zodat op deze wijze op een kwalitatieve wijze geadviseerd kan worden op de gemeentelijke ontwikkelingen en ambities.

Het borgen en verbinden van regionaal, provinciaal en landelijk beleid is hierbij het vertrekpunt, onder andere op thema’s als water en bodem sturend.

13

Dit werkt ook door in specifiek beleid en afspraken die noodzakelijk zijn voor het afwegingsproces van keuzes in het programma ruimtelijke vernieuwing, zoals de uitwerking van de woonzorgvisie, een visie op flexwonen en in de prestatieafspraken met Tablis Wonen en zorgorganisaties. Voor de ontwikkeling van Sliedrecht Noord wordt een samenwerking aangegaan met betrokken ontwikkelaars. Het contourenplan voor Sliedrecht Noord wordt verder uitgewerkt naar een Masterplan en daarna doorontwikkeld in het Omgevingsplan. Daarnaast werken we aan het definitief ontwerp voor de Noord-Zuidverbinding, bestaande uit een technisch- en inrichtingsplan voor de parkomgeving en het Omgevingsplan dat de gebiedsinrichting mogelijk maakt. In de binnenstedelijke herstructurering Sliedrecht selecteren we een marktpartij voor het ontwikkelen van een marktprogramma op de Maaslaan en de Valkweg. De ruimtelijke procedure voor de Maaslaan, Middeldiepstraat en Valkweg wordt opgestart. Daarnaast worden de voorbereiding getroffen voor het bouw- en woonrijp maken van diverse locaties. Vooruitlopend op de programmaprojecten die starten in de volgende collegeperiode blijven we capaciteit en middelen inzetten op civiele en beheerprojecten openbare ruimte, die bijdragen aan een duurzame en fijne leefomgeving voor onze inwoners.

Alle gemeenten hebben de verplichting om vóór 1 januari 2032 de kerninstrumenten van de in 2024 in werking getreden Omgevingswet te ontwikkelen, implementeren en te borgen. Nadat in 2025 het omgevingsplan voor het centrumgebied is vastgesteld en de bodemregels zijn opgenomen, wordt er gewerkt aan de volgende deelplannen. Vanwege de einddatum is er behoefte aan het gelijktijdig doorlopen van meerdere plancycli, maar dit wordt nog niet softwarematig ondersteund. In 2026 is kwaliteit toegevoegd aan de openbare ruimte én is geborgd dat we dat ook zo houden Bij (beheer-)projecten verbeteren we de kwaliteit van de openbare ruimte. Dit doen we door de leefomgeving daar waar mogelijk meer klimaat- en waterrobuust te maken, onder andere door een groenblauwe inrichting van de buitenruimte. We haken hierbij aan bij landelijke en regionale ontwikkelingen, waaronder het provinciale convenant klimaatadaptief bouwen en de Regionale Adaptatie Strategie. Ons vigerende beleid, waaronder de omgevingsvisie, het groenbeleidsplan en het gemeentelijk water en rioleringsprogramma is daarbij leidend. In onze aanpak stimuleren we ketenpartners, ondernemers en inwoners tot een klimaatadaptieve inrichting van hun percelen en gebouwen. Leidend in de aanpak van de buitenruimte is de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR).

Met assetmanagement beheren we ons areaal, de staat ervan en maken we keuzes in de werkzaamheden. We blijven actief op het dossier Chemours/ DuPont in de strijd tegen de uitstoot en sanering van PFAS en de gevolgen ervan voor de leefomgeving. Door de regionale samenwerking op dit dossier worden resultaten geboekt. Op andere milieuterreinen, zoals geluid, lucht en bodem werken we intensief samen met de omgevingsdienst en borgen we regels in het bovengenoemde omgevingsplan. In 2026 is door investeringen in besparen, opwek en warmtevraag, de CO2 uitstoot en het gebruik van fossiele energie (fors) verminderd Daarbij ligt de focus op de energietransitie. Rijksmiddelen, vallend onder de CDOKE-regeling, stellen ons in staat regie en uitvoering op bestaande projecten door te zetten zoals in voorgaande jaren en extra inzet te financieren op processen waarin inwoners aan zet zijn. Het geeft daarnaast ruimte om de inzet van structurele gemeentelijke middelen wat af te schalen zonder verlies van slagkracht. Met de middelen van het nationaal isolatieprogramma (NIP) en energiearmoede ondersteunen we kwetsbare inwoners met het isoleren van de woning waardoor de energievraag afneemt.

We zijn lokaal en vanuit de regio actief om netcongestie te voorkomen/verzachten, de plannen voor de Driehoek in uitvoering te krijgen en met de Green Deal succesvol duurzame energie op te wekken en te distribueren. Samen met inwoners en stakeholders ontwikkelen we wijkuitvoeringsplannen voor het afkoppelen van aardgas. Hierbij richten we ons in eerste instantie op De Hoven.

14

Door uitvoering te geven aan het vastgestelde verkeers- en mobiliteitsplan wordt verdere invulling gegeven aan de fietsinfrastructuur en de benodigde laadcapaciteit. De door het college vastgestelde parkeernormennota ondersteunt de besluitvorming bij binnenstedelijke woningontwikkelingen. In 2026 is er vanuit provincie en rijk draagvlak om Sliedrecht Noord te ontwikkelen en hebben we voldoende fondsen voor de uitvoering van het Programmaplan, de energietransitie en de bereikbaarheidsopgave in de periode 2026-2030. Sliedrecht Noord staat bekend bij de betrokken partners in de Alblasserwaard als voorbeeld hoe we stad- en plattelandsverbindingen kunnen realiseren. Daarbij zetten we in op het voeren van een gezamenlijke agenda in de Alblasserwaard, waarbij Sliedrecht Noord als voorbeeld kan bijdragen aan de bredere ontwikkeling van de recreatieve ontsluiting van het polderlandschap. Om tot deze gezamenlijke agenda te kunnen komen, zetten we waar nodig middelen in om te onderzoeken waar de regionale kansen verzilverd kunnen worden. Tegelijkertijd zetten we stappen om subsidies en deals te blijven inventariseren. De inventarisatie doen we in samenwerking met het team externe betrekkingen van de Smart Delta Drechtsteden en actualiseren we jaarlijks.

De succesvolle toekenning in 2024 van regiodeal middelen aan onze projecten geeft ons vertrouwen in onze aanpak en helpt ons belangrijke doelen voor Sliedrecht te realiseren. Op het gebied van de (be)leefbaarheid in het polderlandschap blijven we zorgvuldig inschrijven en zoeken naar subsidiestromen op provinciaal en rijksniveau om bijvoorbeeld te kunnen investeren in fiets-, wandel- en ruiternetwerken. Daarnaast verstevigen we gezamenlijk in de regio onze lobby richting de Europese Unie. Knelpunten Bedragen x € 1.000

Nr. Knelpunten 1 Wet Kwaliteitsborging & Omgevingswet 2 Gronddepot de Driehoek Totaal Ruimtelijke vernieuwing

N N N

2026 291 N 50 N 341 N

2027 291 N 50 N 341 N

2028 291 N 50 N 341 N

2029 291 50 341

1. Wet Kwaliteitsborging & Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden en als gevolg daarvan de Wet kwaliteitsborging (Wkb). Er is nog veel te doen om uiteindelijk in 2032 tot het beoogde resultaat te komen en aan de wettelijke verplichting van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging te voldoen. Tot en met 2032 werken we stapsgewijs aan het Omgevingsplan waarbij zowel gebiedsgerichte als thematische deelplannen worden gemaakt. We gaan actief aan de slag met de herijking van de Omgevingsvisie en er wordt geïnvesteerd in de regionale samenwerking binnen de Drechtsteden. Mogelijk zal er in andere software geïnvesteerd moeten worden en is er langdurig extra capaciteit nodig bij VTH. Om dit mogelijk te maken is er deels financiering vanuit het Rijk. Deze middelen zijn aan het eind van 2025 volledig aangewend, vanuit het Rijk is er verder geen financiering meer beschikbaar. Dit is ook specifiek opgenomen in Transitie- en Implementatieplan Omgevingswet 2024 – 2032 De Wet Kwaliteitsborging heeft als gevolg dat niet langer alle bouwwerkzaamheden vergunning plichtig zijn waardoor minder inkomsten uit leges zijn behaald dan begroot. Dit vraagt om een bijstelling van de legesprognose met € 41.000.

2. Gronddepot de Driehoek De gemeente heeft een toezichtsverslag ontvangen van OZHZ voor het gronddepot in de Driehoek. De verleende vergunning wordt onvoldoende nageleefd. Samen met OZHZ is een plan van aanpak vormgegeven om te voldoen aan de voorschriften uit de vergunning. Hiervoor zijn structurele middelen nodig, tot op heden was hiervoor geen budget beschikbaar.

15

De in het depot aanwezige gronden worden momenteel geïnventariseerd en bemonsterd, omdat de huidige registratie is verouderd en niet meer overeenkomt met de feitelijke situatie. Na de inventarisatie en bemonstering is duidelijk of de grond gesaneerd dient te worden of hergebruik mogelijk is en hoe toekomstig beheer kan worden ingericht. Verbonden partijen Bedragen x € 1.000

Nr. Verbonden partijen 1 Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid Totaal Ruimtelijke vernieuwing

N N

2026 45 N 45 N

2027 45 N 45 N

2028 45 N 45 N

2029 45 45

1. Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid De gemeente bijdrage is netto € 45.000 hoger als gevolg van de kosten van het jaarprogramma dan waar in de begroting 2025 rekening mee was gehouden. Investeringen Bedragen x € 1.000

Nr. Kapitaallasten 1 Parallelweg / Leeghwaterstraat 2 Vogelbuurt Totaal Ruimtelijke vernieuwing

V V

2026 442 V - N 442 N

2027 111 V 125 V 14 V

2028 111 V 201 V 312 V

2029 111 34 145

1. Parallelweg/Leeghwaterstraat

Parallelweg

De Parallelweg langs de Nijverwaard staat reeds een aantal jaren op de planning voor groot onderhoud. In het licht van het Verkeers- en Mobiliteitsplan is daarbij ook onderzocht welke optimalisaties er wenselijk zijn. Als uitkomst passen we daarbij verkeersverbeteringen toe binnen de huidige wegcontouren. Te denken valt aan rijbaanscheiding en snelheidsremmende maatregelen. Een grootschalige reconstructie is verkeerstechnisch momenteel niet aan de orde. Er is nog onvoldoende inzicht in de impact van de toekomstige verkeersafwikkeling van met name Sliedrechtnoord. Bovendien is daadwerkelijke woningbouw daar pas over 10 jaar te verwachten en afronding daarvan pas over 25 jaar. Nu al in een grootschalige reconstructie investeren is daarom niet raadzaam. Qua aanpassingen blijft het echter mogelijk om, wanneer dit later nodig blijkt, met beperkte ingrepen verkeersregelinstallaties toe te voegen.

Leeghwaterstraat en Beijerinckstraat

Dit project behelst de opwaardering van de Leeghwaterstraat als hoofdstraat van de woonboulevard, in combinatie met rioleringswerkzaamheden. Inmiddels is in fase 1 het rioolgemaal aan de Leeghwaterstraat vervangen en een deel van de riolering vervangen (binnen het beschikbare budget). Dit kon vanwege de slechte staat niet langer op zich laten wachten. Voor de inrichting van de woonboulevard is ondertussen een ontwerp tot stand gekomen in overleg met de betrokken bedrijven. Dit ontwerp wordt uitgewerkt om het in uitvoering te brengen. Bij de uitvoering hiervan vindt ook de tweede fase van de rioleringswerkzaamheden plaats in de Leeghwaterstraat en de Beijerinckstraat. Aansluitend op de woonboulevard, wordt ook het resterende oostelijke deel van de Leeghwaterstraat vernieuwd. In dit project wordt geen uitvoering gegeven aan de aanleg van een fietspad in de groenstrook langs de Leeghwaterstraat. In het ontwerp van de Parallelweg kan het bestaande fietspad langs de Nijverwaard namelijk blijven liggen. Op basis van het bovenstaande worden in het MIP bij de Begroting 2026 de volgende kredieten opgenomen (aanvullend, boven op het MIP 2025): 16

• • •

Project Leeghwaterstraat (woonboulevard verharding, industrie verharding, riolering en groen) € 8.148.000; Beyerinckstraat (riolering) € 1.575.000; Parallelweg (verharding) € 2.570.000.

De dekking voor deze kredieten is reeds in de begroting voorzien. Door de scope wijziging van met name de Parallelweg treden er per saldo lagere kapitaallasten in de exploitatie op dan eerder aangenomen. De hogere kosten voor het onderdeel riolen worden opgevangen binnen het Water- en rioleringsplan. 2. Vogelbuurt In de Voorjaarsnota 2025 is het budget van het project Vogelbuurt geactualiseerd. Het bijbehorende effect op de kapitaallasten wordt verwerkt in de Begroting 2026 met name in de jaren 2027 en 2028 is er sprake van verschillen.

17

4. Kernopgave 3: Ondernemend & betrokken Sliedrecht Inleiding Sliedrecht is een gemeente met een sterke ondernemersmentaliteit en een hechte gemeenschap. Binnen onze samenleving wordt er naar elkaar omgekeken en doen mensen veel zelf. Daar zijn we niet alleen trots op, maar we spannen ons ook in om dit te behouden en te borgen. Grote succesfactor is een economisch krachtig en sociaal verbonden Sliedrecht, waarin ondernemers maatschappelijke organisatie en inwoners samen bouwen aan een toekomstbestendige gemeente. Om dit te realiseren, zetten we in op een sterke lokale economie, waarin bedrijven ruimte krijgen om te innoveren en te groeien. Dit doen we door onder andere het versterken van de samenwerking tussen overheid, onderwijs en ondernemers, en door de investeren in een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Tegelijkertijd stimuleren we maatschappelijke betrokkenheid door bewonersinitiatieven te ondersteunen en samen met inwoners te werken aan een leefbare inclusieve gemeenschap. Verschillende Sliedrechtse bedrijven, onder andere in de maritieme sector, maakindustrie, de zorginstellingen, de detail- en groothandel en het mkb dragen bij aan werkgelegenheid en een economisch toekomstbestendige gemeente. Samen vormen zij de ruggengraat van zowel traditionele als opkomende bedrijvigheid.

De lokale en regionale arbeidsmarkt is van cruciaal belang: het bedrijfsleven heeft immers behoefte aan gekwalificeerd personeel. Onderwijs en bedrijfsleven werken nu al nauw samen om het onderwijs optimaal te laten aansluiten op de werkbehoefte. Dit partnerschap stimuleren en borgen we voor de toekomst, waarbij we voortdurend inzetten op kwaliteitsverbetering. In initiatieven als de Wow-keet zien we deze verbinding terug. Lokaal ligt een belangrijke opgave in het kapitaliseren van de maatschappelijke waarde van de Sliedrechtse bedrijven. Om onze inwoners maximale kansen te bieden, roepen we bedrijven op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te omarmen. We stimuleren hen om actiever en persoonlijker in contact te treden met de gemeenschap en om stage-, leer- en participatieplaatsen aan te bieden. Op deze manier dragen zij bij aan maatschappelijke opgaven, zoals de kernopgave Veilig en Inclusief, waarin onder meer de verhoging van de arbeidsmarktparticipatie centraal staat. Onder het motto ‘Ondernemen met impact’ geven we samen met het bedrijfsleven invulling aan de wens om maatschappelijk betrokken ondernemen te stimuleren en bovengenoemde ambities te realiseren. Een gunstig ondernemingsklimaat houdt ook in dat er voldoende ruimte is voor bedrijven en dat zij op de juiste locatie gevestigd zijn.

We borgen deze voorwaarden door te investeren in een aantrekkelijke uitstraling van bedrijventerreinen en het centrum. Deze uitgangspunten, die terug te vinden zijn in de kernopgave Ruimtelijke Vernieuwing, staan in nauw verband met het bedrijvenbeleid en het vestigingsklimaat en vormen samen de basis voor een stimulerende en duurzame economische ontwikkeling.

Wat gaan we doen in 2026? In 2026 hebben we samen met ondernemend Sliedrecht uitvoering gegeven aan de Economische Visie. In samenwerking met ondernemers hebben we de Economische Visie 2021-2030 opgesteld, waarin diverse ambities zijn vastgelegd om de lokale economie verder te versterken. Het centrale doel is het verbeteren van het vestigingsklimaat. De focus ligt op vier prioritaire thema’s: vitale werklocaties en efficiënt ruimtegebruik, innovatie en verduurzaming, de koppeling tussen arbeidsmarkt en onderwijs, en bereikbaarheid.

18

Het ondernemersfonds heeft zich in korte tijd bewezen binnen de ondernemersgemeenschap van Sliedrecht. In samenwerking met maatschappelijke partners werken we actief aan een aantrekkelijke en duurzame leef- en werkomgeving. Er is ingezet op het versterken van de gemeenschapszin, met extra aandacht voor vitale bedrijventerreinen en een levendig centrum. We nemen een duidelijk groei waar in de organisatiegraad op alle bedrijventerreinen, met aanzienlijke investeringen in een schoon, veilig en goed onderhouden Sliedrecht. Voor 2026 ligt de nadruk op het bestendigen en uitvoeren van deze visie. Onder andere door een faciliterende, stimulerende en verbindende rol te vervullen, waarbij we de creatieve kracht van ondernemers en inwoners benutten om de visie gezamenlijk verder te verdiepen, concretiseren en te realiseren. De gemeente zet in op accountmanagement, waarbij het onder de aandacht brengen van de MKBInnovatieregeling Drechtsteden-Gorinchem een vast onderdeel is. Ook werken we aan de economische clustervorming vanuit vijf thema's: digital mainport, smart manufacturing, duurzaam varen, deltatechnologie en zorginnovatie. Dit draagt bij aan het vergroten van het innovatievermogen van bedrijven. We zetten in 2026 een stap verder vooruit in optimaal ruimtegebruik voor bedrijven.

In 2026 wordt parkmanagement en gebiedsbeheer, in nauwe samenwerking met ondernemers op alle Sliedrechtse bedrijventerreinen gerealiseerd. Parkmanagement en gebiedsbeheer verbeteren de kwaliteit, veiligheid en duurzaamheid van de bedrijventerreinen. Door gezamenlijke investeringen en samenwerking tussen ondernemers en gemeente zorgen ze voor goed onderhouden infrastructuur, betere bereikbaarheid en een representatieve uitstraling. Dit verhoogt de vestigingswaarde, stimuleert economische groei en versterkt de concurrentiepositie van bedrijven. Daarnaast draagt het bij aan een veilige, schone en toekomstbestendige werkomgeving Dit doen wij mede om de gewenste clustering en onderlinge verbanden te versterken waarmee een bijdrage aan economische ontwikkeling wordt geleverd. De inzet van parkmanagement breiden wij na de pilot in 2024 verder uit naar alle bedrijventerrein. Naast veiligheid kijken wij ook naar hoe wij samen de bedrijventerreinen duurzamer, meer klimaatadaptief en toekomstbestendiger kunnen maken. Het programma Ruimtelijke Vernieuwing krijgt steeds verder vorm. Duidelijk is dat wij nog steeds slim moeten omgaan met onze beschikbare ruimte. Optimaal benutten en kwaliteit verhogen blijven uitgangspunten. Dit geldt voor zowel de bestaande bedrijventerreinen als voor de (her)ontwikkeling van de laatste braakliggende (private) locaties.

Op het moment dat de strategische uitgiftekaders voor Stationspark III zijn goedgekeurd, worden er gesprekken gevoerd met geïnteresseerde ondernemers om compleet beeld te krijgen van de ruimtevraag. In 2026 bruisen de winkelgebieden in Sliedrecht en zijn ze (nog) verder opgeknapt De afgelopen jaren is al veel werk gestoken in het versterken van de drie grotere winkelgebieden in Sliedrecht: het Burgemeester Winklerplein, de Kerkbuurt en de Woonboulevard. Die opgave is echter nog niet af en vraagt ook de komende jaren nog volle aandacht. Met name op het Burgemeester Winklerplein zal er de komende jaren een forse impuls gegeven worden. Braakliggend terrein zal ontwikkeld worden, het plein wordt anders ingericht en door sloop/nieuwbouw aan de westzijde van het plein worden winkelruimte en woningen toegevoegd. Daarnaast wordt verdere opwaardering gestimuleerd door bijvoorbeeld uitvoering te geven aan de verordening gevelsubsidies Winklerplein.

19

We voeren onder andere het resterende deel van de rioleringsopgave in de Leeghwaterstraat uit. Vervolgens wordt de Leeghwaterstraat opgewaardeerd als hoofdstraat van de woonboulevard. Daarnaast vindt op de Parallelweg vervangingsonderhoud plaats (i.c.m. verkeersmaatregelen). In 2026 is ons lokale onderwijs verstevigd, in aansluiting op de maatschappelijke- en arbeidsmarktontwikkelingen De komende jaren zal de vraag naar arbeidskrachten toenemen, gedreven door economische groei en vergrijzing. Voor een gezonde lokale arbeidsmarkt is het essentieel om talent optimaal te benutten. Daarom zetten we ons in om leerlingen te enthousiasmeren voor carrières in de techniek en de zorg door deel te nemen en in te zetten op initiatieven als de Duurzaamheidsfabriek, de WOW-keet en de zorg- en techniekroute. Goed onderwijs moet aansluiten op de behoeften van lokale bedrijven en zorginstellingen. Dit vergroot niet alleen de kans op werk voor inwoners, maar versterkt ook het sociaaleconomische fundament van Sliedrecht. In 2026 is er duidelijkheid over de toekomst van onderwijshuisvesting, een wettelijke taak van de gemeente. We gaan verder in het uitvoeren van de korte termijn agenda van het IHP. De gemeente zal de scholen ondersteunen bij verhuizing verbouwing. De uitvoering zal voornamelijk bij de schoolbesturen liggen en de gemeente ondersteunt in bijvoorbeeld tijdelijke huisvesting.

In voorkomend geval waarbij scholen in combinatie met maatschappelijk vastgoed worden gebouwd treedt de gemeente op als bouwheer en zal integraal het bouwproces begeleiden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de IKC Valkweg. Pas na de afronding van de bouw en/of verbouwing worden de bouwkosten in de begroting opgenomen. Dit is vanaf 2029, dit valt buiten het meerjarenperspectief van deze Kadernota. In 2026 hebben we sterke samenwerkingsstructuren van ondernemers, (sport)verenigingen en maatschappelijke organisaties, die een passend aanbod van voorzieningen hebben gecreëerd en is de bekendheid hiervan vergroot In 2026 staan er sterke samenwerkingsstructuren van ondernemers, (sport)verenigingen en maatschappelijke organisaties. Samen hebben ze een passend aanbod van voorzieningen gecreëerd en is de bekendheid hiervan vergroot. De gemeente blijft vanuit haar eigen kracht de culturele organisaties en sportverenigingen ondersteunen om samenwerkingen te versterken, nieuwe initiatieven te ontplooien en de zichtbaarheid ervan te vergroten. Daarmee brengen we culturele organisaties en sportverenigingen in positie om hun maatschappelijke rol te vervullen. Sport, cultuur en recreatie vormen de sociale verbindingsmiddelen van onze samenleving. Ze brengen leven in ons dorp en bieden inwoners de kans om mee te doen en elkaar te ontmoeten. Dit draagt bij aan de veerkracht van onze gemeenschap.

Deelname aan een vereniging, initiatief of voorziening biedt niet alleen een sociaal netwerk, maar ook waardevolle levenslessen, zoals sociale interactie, talentontwikkeling, verantwoordelijkheid en het nakomen van afspraken. We vinden het belangrijk dat zoveel mogelijk inwoners op de hoogte zijn van wat Sliedrecht te bieden heeft. Ook op voor ondernemers moedigen we aan om tot een sterker collectief en een gezond ondernemersklimaat te komen. We zorgen ervoor dat er ruimte ontstaat voor nieuwe initiatieven en een meer divers aanbod, zodat we leegstand zo veel mogelijk beperken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/942/documents/12186