CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Kaderbrief 2027.pdf

Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 7 juli 2026, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 9: Kaderbrief 20277.918 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kaderbrief 2027

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ..................................................................................................................... 2 1. Inleiding ......................................................................................................................... 4 2. Ontwikkelingen en opgaven ........................................................................................... 6 3. Financieel meerjarenperspectief .................................................................................. 14 4. Financiële uitgangspunten begroting 2027 ................................................................. 19 5. Reserve Koers 2030 ..................................................................................................... 21 Bijlage 1: Geïnventariseerde bezuinigingsmaatregelen .................................................... 24

2

Voorwoord Na de gemeenteraadsverkiezingen breekt een nieuwe bestuursperiode aan. Waar normaliter via een Kadernota nieuw beleid wordt vastgesteld, biedt deze kaderbrief een vertrekpunt voor de vorming van nieuw beleid. De brief gaat in op het financiële perspectief en schetst de belangrijkste beleidsmatige ontwikkelingen en opgaven. In deze kaderbrief worden ontwikkelingen in beeld gebracht zonder vooruit te lopen op oplossingen of financiële besluitvorming. De maatschappelijke opgaven waarvoor Sliedrecht staat worden geschetst, evenals de betekenis daarvan voor de financiële positie op de middellange termijn. Hiermee wordt een transparant en realistisch vertrekpunt geboden voor het gesprek over prioriteiten en keuzes in de komende jaren. De afgelopen jaren zijn belangrijke stappen gezet om onze financiële huishouding op orde te brengen. Tegelijkertijd laat het meerjarenperspectief zien dat blijvende aandacht voor financiële houdbaarheid noodzakelijk is. Deze kaderbrief biedt de mogelijkheid voor een open en zorgvuldig gesprek tussen raad, college en samenleving. Over wat van belang is voor Sliedrecht, welke ambities prioriteit verdienen en hoe daarbij op een verantwoorde wijze wordt omgegaan met de beschikbare middelen. De uiteindelijke keuzes kunnen worden gemaakt bij de begroting 2027 en in het nieuwe collegeprogramma, in samenspraak met de nieuw gekozen gemeenteraad.

We vertrouwen erop dat deze kaderbrief bijdraagt aan een gedeeld inzicht in de voorliggende opgaven en aan een constructieve dialoog over de toekomst van Sliedrecht.

3

1. Inleiding Waarom een kaderbrief? Sliedrecht staat aan de vooravond van een nieuwe bestuursperiode 2026 - 2030. Dat biedt niet alleen een kans een geactualiseerd perspectief voor de komende periode te geven, maar leidt vanuit de planning & control cyclus ook tot een bijzonder jaar. Sliedrecht is gewend om vóór de zomer een Kadernota vast te stellen waarin het (nieuwe) beleid voor de komende jaren wordt beschreven. Met de gemeenteraadsverkiezingen en de daaruit voortvloeiende onderhandelingen voor een nieuwe coalitie, wordt gekozen voor een kaderbrief waarin inzicht wordt gegeven in (maatschappelijke) ontwikkelingen en opgaven voor de komende jaren, zonder daarbij oplossingen en/of benodigde middelen te benoemen. Daarnaast worden het geactualiseerde financieel meerjarenperspectief en de hierbij horende financiële uitgangspunten geschetst. Deze kaderbrief geeft daarmee ruimte voor het voeren een open dialoog over de toekomst van Sliedrecht. De inzichten uit deze kaderbrief kunnen, samen met het nieuwe coalitieakkoord, grondslag bieden om te werken naar de begroting 2027 respectievelijk een collegeprogramma 2026-2030. Deze aanpak van het begrotingsproces heeft gevolgen voor de planning. Voorgaande jaren vonden de algemene beschouwingen en de politieke keuzes plaats bij de behandeling van de kadernota in juni.

Deze verschuiven nu naar de behandeling van de begroting in oktober en november. Zo kunnen we ook in dit bijzondere jaar waarin verkiezingen hebben plaatsgevonden een zorgvuldig proces met elkaar doorlopen. Terugblikken en vooruitkijken: ontwikkelingen en opgaven voor Sliedrecht De afgelopen vier jaar is op basis van de Koers 2030 gewerkt aan het Collegewerkprogramma 20222026: Werken aan sterke en veerkrachtige samenleving. We hebben met een hardwerkende organisatie stappen gezet om Sliedrecht te laten groeien en ontwikkelen. Zo zijn er door de gemeenteraad grote besluiten genomen ten aanzien van het Programma Ruimtelijke Vernieuwing, hebben we binnen het sociaal domein mooie stappen gezet door bijvoorbeeld de doorontwikkeling van het Bonkelaarhuis en het vaststellen het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs en zijn ten aanzien van onze kapitaalgoederen zoals vastgoed, riolering en openbare verlichting, actuele beleids- en beheerplannen opgesteld om ons voorzieningenniveau in de openbare ruimte op peil te houden. Maar ook in onze financiële huishouding hebben we stappen gezet door in 2024 en 2025 een intensief traject te doorlopen om keuzes te kunnen maken in de noodzakelijke bezuinigingsmaatregelen om onze financiën op orde te houden.

Volledigheidshalve verwijzen we hiervoor naar het Inspiratiedocument Bestuursperiode 2026 – 2030 'Staat en Toekomst van Sliedrecht' welke in mei 2026 is geactualiseerd. Het aanbreken van een nieuwe bestuursperiode is een natuurlijk moment om met elkaar stil te staan bij de ontwikkelingen en opgaven die we voor ons zien. Maatschappelijke, financiële en bestuurlijke context is continu dan wel periodiek onderhevig aan verandering. Een stip op de horizon kan onveranderd blijven, maar de weg ernaar ligt nooit helemaal vast. Dit vraagt ons om mee te bewegen en misschien wel nieuwe prioriteiten te stellen. Door middel van een helikopterview brengen we in deze kaderbrief lokale, regionale en (inter)nationale ontwikkelingen in kaart die van invloed zijn op Sliedrecht. Aan de hand van die ontwikkelingen worden vervolgens (maatschappelijke) opgaven geschetst. Deze opgaven kunnen houvast bieden bij vragen als: ‘Wat voor dorp willen we zijn?’ en ‘Wat hebben we met elkaar te doen om dat te bereiken?’. Zo zien we bijvoorbeeld dat Sliedrecht samen met de overige Drechtstedengemeenten laag scoort op het gebied van brede welvaart. Het begrip brede welvaart wordt ingezet om niet alleen naar economische en financiële aspecten van een gemeente te kijken, maar juist ook naar sociale, maatschappelijke en gezondheidsaspecten om de waarde van beleid en onderliggende keuzes te bepalen.

Dit wordt steeds vaker door gemeenten gebruikt als graadmeter om de kwaliteit van leven in kaart te brengen. De geschetste opgaven in deze kaderbrief kunnen bijdragen aan de kwaliteit van leven van onze inwoners en daarmee aan de brede welvaart van Sliedrecht.

4

Financieel meerjarenperspectief Alle ambities, opgaven en plannen die we hebben om Sliedrecht toekomstbestendig te maken gaan gepaard met een financieel vraagstuk. Hoewel het Sliedrecht is gelukt om de begroting 2026 structureel sluitend te maken, blijft het financiële perspectief voor gemeenten onzeker. Dat vraagt om flexibiliteit in keuzes en prioritering. In deze kaderbrief is het financieel meerjarenperspectief daarom geactualiseerd en wordt inzicht gegeven in de incidentele middelen waar Sliedrecht over beschikt om haar doelen te realiseren. Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden allereerst de ontwikkelingen en opgaven geschetst. Dat wordt gedaan aan de hand van de kernopgaven en de randvoorwaarden zoals we deze in de afgelopen periode gehanteerd hebben in de P&C-cyclus. Vervolgens staan we in hoofdstuk 3 stil bij het financieel meerjarenperspectief 2027-2030 en in hoofdstuk 4 bij de financiële uitgangspunten voor de begroting. Dit document wordt afgesloten door in hoofdstuk 5 inzicht te geven in het verwachte verloop van de incidentele middelen in de reserve koers 2030.

5

2. Ontwikkelingen en opgaven Kernopgave 1: Werk maken van ruimtelijke vernieuwing Ontwikkelingen Het woningtekort in Nederland blijft toenemen door kleinere huishoudens, stagnerende bouw, stijgende kosten, stikstofbeperkingen en de beperkte fysieke ruimte. Hierdoor lopen wachttijden op in zowel de sociale huur- als koopsector, terwijl de betaalbaarheid van woningen afneemt voor starters, senioren en lagere inkomensgroepen. De demografische ontwikkelingen en maatschappelijke veranderingen, zoals vergrijzing, groei van aandachtsgroepen en de overgang van een zorgende overheid naar een participatiesamenleving, vergroten de behoefte aan diverse passende woonvormen, inclusief de integratie van wonen en zorg. In de fysieke ruimte groeit de behoefte aan kwalitatief hoogwaardige, toegankelijke en toekomstbestendige groene voorzieningen. Landelijke en provinciale beleidskaders veranderen tegelijkertijd in hoog tempo. De (1) aankomende Nota Ruimte, (2) de Zuid-Hollandse Ruimtelijke Koers en (3) het Omgevingsbeleid 2025 vragen om doorwerking in het lokale ruimtelijke beleid. Deze kaders leggen onder meer sterkere nadruk op bodem en water als sturend principe, integrale gebiedsontwikkeling en regionale afstemming.

Ook regionale inspanningen waarmee invulling wordt gegeven aan de ruimtelijke strategie en die leiden tot hogere brede welvaart voor onze inwoners vraagt om samenwerking en keuzes. In een concept regionale investeringsagenda zijn opgaven gedefinieerd waarbij intensieve samenwerking leidt tot betere bereikbaarheid, meer woningen, een sterkere economie, betrouwbare energievoorziening en een gezondere leefomgeving. Ook de klimaat- en energietransitie speelt een grote rol. De ambitie om als Nederland in 2050 klimaatneutraal, aardgasvrij en klimaatbestendig te zijn heeft grote gevolgen voor de ruimtelijke inrichting. Gemeenten hebben zich gecommitteerd om Nederland zo goed mogelijk klimaatbestendig en waterrobuust te hebben ingericht in 2050. Sliedrecht heeft daarbij specifieke uitdagingen door de lokale bodemstructuur. Infrastructuur en mobiliteit staan onder druk: toenemende regionale mobiliteit - met name autoverkeer - leidt tot congestie in en buiten het dorp, parkeerdruk en een negatieve impact op de openbare ruimte. Opgaven Sliedrecht staat voor de opgave om meer passende, betaalbare en toegankelijke woningen te realiseren, zodat inwoners in elke levensfase prettig, zelfstandig en veilig kunnen wonen. Ook sociale woningbouw valt hieronder.

In gebiedsontwikkelingsprojecten (waaronder het programma Ruimtelijke Vernieuwing) sturen we op beschikbaarheid en variatie van het woningaanbod. Bij alle woningbouwontwikkelingen is er aandacht voor starters, senioren, gezinnen en inwoners met een zorg- of ondersteuningsvraag. Gelijktijdig hebben we ons bij verbouw en nieuwbouw te verhouden tot en rekening te houden met de beperkingen gerelateerd aan stikstof en PFAS-vervuiling, maar ook ruimtelijke zaken zoals parkeerdruk. In het algemeen is het voorzieningenniveau toereikend om de beoogde groei in woningen en inwoners op te vangen. Dit geldt echter niet voor zorg en onderwijs en functionaliteiten als de gemeentewerf en de begraafplaats. Daarnaast ligt er een duidelijke opgave om de toekomstbestendigheid en functionaliteit van de fysieke leefomgeving te versterken. Het Burgemeester Feitsmapark is een voorbeeld van de noodzaak om te komen tot een breed gedragen toekomstvisie voor de buitenruimte. Deze opgave geldt voor heel Sliedrecht en vraagt om keuzes in de openbare ruimte met behoud van kwaliteit. Bijvoorbeeld door de herinrichting van parken, pleinen en wijkgroen uitnodigend en veilig vorm te geven, waarin de inwoner centraal staat. 6

De veranderingen in rijks- en provinciaal ruimtelijk beleid brengen de opgave met zich mee om het lokale Omgevingsbeleid, zoals de Sliedrechtse Omgevingsvisie, programma’s en Omgevingsplannen hierop tijdig aan te passen. Dit vraagt lokale keuzes en strategische positionering, zodat Sliedrecht kan meebewegen én invloed kan uitoefenen op regionale en landelijke kaders. De klimaat- en energietransitie hebben continu onze aandacht. Sliedrecht heeft mooie stappen gezet de afgelopen jaren en zal nu moeten intensiveren richting een klimaatbestendige, waterrobuuste en energiezuinige leefomgeving, met aandacht voor wateroverlast, funderingsproblematiek, droogte en extreem weer. Dit vraagt een integrale ruimtelijke benadering op basis van het principe water en bodem sturend. Ook de manier van afvalaanbieding en -inzameling draagt bij aan de klimaatdoelen. Wettelijke kaders en de stijgende kosten vragen om een geactualiseerd grondstoffenbeleid. De druk op wegen en infrastructuur belemmert bereikbaarheid en leefkwaliteit en vraagt om sturing op een bereikbaar dorp met een goede doorstroming, diverse vervoersmogelijkheden en een openbare ruimte ingericht volgens het STOMP-principe.

Dit is bijvoorbeeld zichtbaar in Sliedrecht Noord, waar de MerwedeLingelijn kansen biedt om bereikbaarheid, duurzame mobiliteit en kwaliteit van leven te versterken door betere OV-ontsluiting te combineren met een aantrekkelijke, veilige en leefbare openbare ruimte.

7

Kernopgave 2: Werk maken van een veilige en inclusieve samenleving Ontwikkelingen De ontwikkelingen in Sliedrecht sluiten aan bij wat landelijke trends laten zien. Er is sprake van een toenemende druk op wonen, zorg, veiligheid en sociale samenhang. De demografie van Sliedrecht is in beweging: vergrijzing, een groei van het aantal kwetsbare huishoudens en toenemende individualisering leiden tot meer afhankelijkheid van ondersteuning. Tegelijkertijd staat de kwaliteit van de zorg onder druk als gevolg van personele schaarste, een dreigend tekort aan huisartsen op de langere termijn en vragen we meer van de samenleving. Jongeren ervaren meer mentale problemen en er is sprake van steeds complexere casuïstiek, wat leidt tot verdere druk op jeugdhulp en het onderwijs. In de volwassenenzorg zorgt het beleid van langer thuis wonen voor complexere zorgbehoeften, terwijl sociale netwerken juist lijken te verzwakken. Hierdoor groeit de afhankelijkheid van het sociaal domein en de dienstverlening vanuit het Bonkelaarhuis, terwijl de beschikbare middelen en capaciteit onder druk staan. Ook de sociaaleconomische positie van onze inwoners staat onder spanning. Inwoners in Sliedrecht hebben vaker te kampen met financiële problemen. Hierdoor kunnen zij te maken krijgen met stress en schuldenproblematiek en zullen zij mogelijk vaker terugvallen op gemeentelijke hulp en ondersteuning.

De landelijke akkoorden Integraal Zorg Akkoord (IZA) en Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) vragen van gemeenten een verdere verschuiving van zorg naar preventie. IZA en GALA worden opgenomen in het Aanvullende Zorg –en Welzijnsakkoord (AZWA). Het doel hiervan is de zorg toegankelijk en betaalbaar houden voor iedereen en het arbeidsmarkttekort in zorg en welzijn terug te dringen. Het AZWA vraagt van de gemeenten dat zij nauwer samenwerken met zorg- en welzijnsorganisaties om de toegankelijkheid van zorg te waarborgen ondanks personeelstekorten. Het akkoord benadrukt dat gemeenten preventie en het sociaal domein sterker moeten verbinden met de zorg, en actief moeten deelnemen aan regionale afspraken over arbeidsmarkt, innovatie en administratieve lastenvermindering. Hierdoor wordt de gemeentelijke rol in het organiseren van een toekomstbestendige, uitvoerbare zorgketen steeds belangrijker. Niet alleen het sociale aspect kent zijn ontwikkelingen, ook het thema veiligheid vraagt aandacht. Digitale criminaliteit neemt toe, ondermijning manifesteert zich in vormen als uitbuiting en misbruik van voorzieningen. Ook ervaren inwoners in verschillende wijken jeugdoverlast, variërend van samenscholingen en geluidshinder, tot intimidatie en vernielingen.

Hoewel een groot deel van de Sliedrechtse jeugd zich positief ontwikkelt en een waardevolle bijdrage levert aan onze samenleving, vraagt een kleinere groep om gerichte aandacht. De behoefte aan zichtbaarheid van toezicht en handhaving op straat blijft groot. Daarnaast worden gemeenten en inwoners geconfronteerd met bredere dreigingen zoals geopolitieke instabiliteit, digitale kwetsbaarheden en verstoringen in de vitale infrastructuur. In onze gemeente zien we een toename van zorgaanbieders die zich richten op doelgroepen met complexe problematiek, zoals mensen met ernstige gedragsstoornissen, verslavingsproblematiek of een combinatie van zorg- en veiligheidsrisico’s. Hoewel deze zorginstellingen een belangrijke maatschappelijke functie vervullen, leidt hun komst regelmatig tot zorgen in de buurt, bijvoorbeeld over leefbaarheid, veiligheidsincidenten en de draagkracht van kwetsbare wijken. Voor gemeenten bestaan er beperkte mogelijkheden om de vestiging van dergelijke instellingen te reguleren of tegen te houden, omdat de wettelijke afwijzingsgronden beperkt zijn en veel voorzieningen binnen de kaders van het omgevingsrecht of de zorgwetgeving passen.

8

Daardoor is het vaak niet mogelijk om op voorhand te sturen op locatiekeuze of spreiding, ook wanneer de impact op de omgeving aanzienlijk is. Juist daarom is het van belang om als gemeente stevig in te zetten op vroegtijdige afstemming met aanbieders, goede informatie-uitwisseling en het monitoren van de effecten op de leefbaarheid en veiligheid. Daarnaast is samenwerking met het Bonkelaarhuis, zorgpartners, politie en Veilig Thuis noodzakelijk om risico’s tijdig te signaleren en passende maatregelen te treffen. Opgaven Binnen het sociaal domein liggen de grootste opgaven voor de lange termijn in het versterken van de sociale, maatschappelijke-, en economische draagkracht en weerbaarheid van onze inwoners. Op de korte termijn vraagt dit om een aanpak waarbij ingezet wordt op een veilige leefomgeving, preventie, onderwijs en een sterke sociale basis. Er ligt een grote opgave om het sociale- en veiligheidsdomein te versterken en toekomstbestendig te organiseren. Dat betekent het structureel borgen van preventie en tijdige signalering, het bieden van passende ondersteuning en het verbeteren van de aansluitingen tussen verschillende initiatieven, zorgtrajecten en maatschappelijke partners met daarbij als belangrijke basis het Bonkelaarhuis.

Op deze manier ontstaat er één samenhangende sociale infrastructuur waarin alle doelgroepen kunnen rekenen op tijdige, effectieve en passende ondersteuning en waarin de samenleving als geheel mentaal veerkrachtiger, veiliger en toekomstbestendig wordt. Op het gebied van participatie en bestaanszekerheid is de opgave om inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt beter te ondersteunen in het meedoen naar vermogen. Dit vraagt om een sociaal stabiele omgeving waarin vertrouwen centraal staat, de sociale infrastructuur stevig is en inwoners de ruimte krijgen hun zelfstandigheid te versterken. Daarbij hoort ook het verstevigen van financiële bestaanszekerheid en het versterken van de sociale cohesie in de wijken. We zien een groeiende kloof tussen inwoners met financiële zekerheid en inwoners in kwetsbare posities. De veiligheidsopgaven richten zich op het creëren van een veilige leefomgeving met voldoende toezicht, een integrale aanpak van jeugdoverlast en ondermijning en het vergroten van de zichtbaarheid en effectiviteit van handhaving en samenwerking met partners. Hierbij hoort ook het versterken van vroegtijdige signalering in wijken en het bieden van handelingsperspectief aan inwoners die ondersteuning nodig hebben. Tot slot zal Sliedrecht moeten investeren in maatschappelijke en fysieke weerbaarheid.

De opgave is om inwoners, organisaties en vitale processen beter te beschermen tegen verstoringen door digitale incidenten, geopolitieke spanningen en klimaatgerelateerde risico’s. Dit vraagt om een robuust lokaal stelsel van crisisbestendigheid en een gemeenschap die in staat is elkaar te ondersteunen en verbonden te blijven wanneer het erop aankomt.

9

Kernopgave 3: Werk maken van een ondernemend en betrokken Sliedrecht Ontwikkelingen De economische context van Sliedrecht is de afgelopen jaren sterk veranderd. Ontwikkelingen in de wereld laten zien dat economie niet langer draait om alleen groei en vestigingsklimaat. De beschikbaarheid van energie, netcapaciteit en menselijk kapitaal is steeds meer een randvoorwaarde geworden voor economische ontwikkeling. Dat geldt ook voor de beschikbaarheid van passende huisvesting voor arbeidskrachten, waaronder arbeidsmigranten. Voor Sliedrecht betekent dit dat economische ontwikkeling nadrukkelijker verbonden moet worden met ruimtelijke keuzes, infrastructuur, energievoorziening, mobiliteit, wonen en onderwijs. Zonder investeringen in deze randvoorwaarden komt ook het toekomstig verdienvermogen onder druk te staan. Sliedrecht geeft jaarlijks ruimte aan verschillende evenementen. Wie een evenement wil organiseren krijgt te maken met steeds meer aspecten waar rekening mee gehouden dient te worden. Landelijke regelgeving rondom duurzaamheid en circulariteit, aandacht voor de beperking van stikstofuitstoot, maar ook de druk op veiligheid vragen meer van evenementenorganisatoren. Binnen het maatschappelijk vastgoed speelt ook verduurzaming een grotere rol dan voorheen.

Door stijgende kosten, veranderende gebruiksvragen en een scherpere focus op kerntaken groeit de noodzaak om doelmatiger om te gaan met gebouwen. De gemeente is verantwoordelijk om de scholen in Sliedrecht te voorzien van schoolgebouwen. Om te zorgen dat alle scholen passende, veilige en toekomstbestendige gebouwen hebben, is in 2025 het Integraal Huisvestingsplan (IHP) opgesteld. Dit plan is samen met de schoolbesturen opgesteld en kijkt naar de korte en lange termijn. Ook in sport en cultuur vinden verschuivingen plaats. Sportdeelname verandert door een toename van informeel en individueel bewegen, terwijl sportverenigingen belangrijk blijven voor sociale cohesie. Het mogelijk vervallen van middelen in het kader van het Sportakkoord in 2027, zorgt voor het onder druk komen te staan van financiering voor activiteiten, bijeenkomsten en ondersteuning voor sportaanbieders. In cultuurparticipatie doen vooral jongeren en hoger opgeleiden actief mee, terwijl lagere inkomensgroepen achterblijven. We werken aan de doorontwikkeling van het lokaal cultuuraanbod, waaronder een toekomstbestendig poppodium. Opgaven Sliedrecht staat voor de opgave de lokale economie veerkrachtig en toekomstbestendig te versterken.

In een context van schaarse ruimte, beperkte energiecapaciteit en krapte op de arbeidsmarkt vraagt dit om scherpe ruimtelijke keuzes, innovatie, regionale samenwerking, ondersteuning van ondernemers in hun transities en het behouden en ontwikkelen van passende werkgelegenheid. Tegelijkertijd is gerichte inzet nodig op randvoorwaarden als energie-infrastructuur, onderwijs, mobiliteit en een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Tijdige actie is noodzakelijk om het economische verdienvermogen te behouden en economische kansen niet mis te lopen. De vastgoedportefeuille vraagt aandacht en intensivering om deze toekomstbestendig te maken, passend bij de maatschappelijke behoeften in Sliedrecht. Het creëren van overzicht om vervolgens gerichte keuzes te maken in het al dan niet behouden, afstoten of anders inzetten ons vastgoed kan bijdragen aan deze toekomstbestendigheid.

10

Ook de uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs vraagt om aandacht en intensivering om dit zorgvuldig en voortvarend op te kunnen pakken. Immers moeten we voldoen aan de wettelijke eisen die ervoor staan en dienen we voor een aantal scholen op korte termijn uitbreiding of vervangende huisvesting te realiseren. De ontwikkelingen in de evenementensector vragen een andere gedachtegang van zowel organisatoren als gemeente. Samen toewerken naar haalbare en uitvoerbare vergunningsprocessen waarbij kwaliteit en veiligheid geborgd zijn, zonder onnodige belemmeringen voor de organisatie, zorgt ervoor dat Sliedrecht een dorp met waardevolle en toegankelijke initiatieven en evenementen blijft. Voor sport en bewegen ligt er een opgave om een toekomstbestendig, samenhangend beleid te ontwikkelen dat inspeelt op veranderende sportbehoeften, de onzekerheid van het wegvallen van Rijksmiddelen, grote ruimtelijke ontwikkelingen en de druk op bestaande sportaccommodaties. Ook de Rekenkamer Sliedrecht heeft geconcludeerd dat scherper beleid en beter onderbouwde keuzes noodzakelijk zijn, zodat beleid beter aansluit op daadwerkelijke behoeften. Dit in een context waarin samenwerking tussen lokale en regionale partners essentieel blijft.

Voor cultuur ligt er een opgave voor het versterken van het huidige cultuuraanbod en meer samenhang aan te brengen tussen de verschillende cultuurvormen. Het recent opgerichte lokaal cultuurplatform kan hier een belangrijke rol in vervullen. Investeren in de doorontwikkeling van het lokale cultuuraanbod, waaronder een toekomstbesteding poppodium en een gemoderniseerd Baggermuseum, kan bijdragen aan het versterken van verschillende cultuurvormen en de verbinding ervan met elkaar. Samenwerking met culturele partners, maatschappelijke organisaties en het onderwijs is essentieel om een toegankelijk en divers aanbod voor alle inwoners te kunnen realiseren. Sport, bewegen en cultuur staan niet los van elkaar en vormen een samenhangende opgave, welke vraagt om integraliteit en zorgvuldigheid.

11

Randvoorwaarde voor de kernopgaven: Een slagvaardige organisatie Ontwikkelingen De samenleving verandert in hoog tempo en daarmee ook de context waarbinnen een gemeentelijke organisatie functioneert. Inwoners zijn meer betrokken, beter geïnformeerd en verwachten transparante, snelle en begrijpelijke dienstverlening. Tegelijkertijd wordt klantgerichtheid binnen de organisatie verschillend ingevuld, wat leidt tot versnippering, langere doorlooptijden en een grotere belasting van zowel inwoners als individuele medewerkers. Ook groeit het wantrouwen richting de overheid door negatieve mediaberichtgeving, polarisatie en onduidelijke communicatie. Tegelijkertijd verandert de democratische dynamiek. Publieke meningsvorming is gedigitaliseerd en gedemocratiseerd, waardoor inwoners meer invloed willen en verwachten. Besluitvorming moet sneller, transparanter en inclusiever, in een steeds meer diverse samenleving waar verschillen in taal, cultuur en digitale vaardigheden toenemen. Door afnemend vertrouwen in de overheid is de behoefte aan duidelijke en tijdige participatie groter dan ooit. Daarnaast nemen de maatschappelijke opgaven in omvang en complexiteit toe, terwijl de financiële ruimte onder druk staat.

Een kleine organisatie als Sliedrecht heeft niet altijd voldoende capaciteit, expertise of samenwerkingskracht om opgaven het hoofd te kunnen bieden of een constructieve gesprekspartner te zijn in regionale en maatschappelijke samenwerkingen. De arbeidsmarkt blijft structureel krap. Nieuwe generaties medewerkers verwachten flexibiliteit, ontwikkelmogelijkheden en zingeving, terwijl tegelijkertijd ziekteverzuim en personeelsverloop hoog zijn. Doorstroommogelijkheden in een kleine organisatie zijn beperkt, wat het behouden van talent niet altijd vergemakkelijkt. Digitalisering en internationalisering leiden tot nieuwe kwetsbaarheden, zoals digitale criminaliteit en afhankelijkheid van vitale digitale systemen. Kunstmatige intelligentie (AI) ontwikkelt zich razendsnel en kan worden ingezet als hulpmiddel. Dit gebeurt echter vaak ongecoördineerd en zonder duidelijke richtlijnen, terwijl de impact op werkprocessen en kwaliteit van dienstverlening groot is. Opgaven De organisatie staat voor de opgave om de in 2025 vastgestelde visie op dienstverlening verder in te bedden in ons DNA. Een uniforme, integrale, samenhangende en klantgerichte manier van werken, waar medewerkers samenwerken met een open blik en versnippering en verkokering wordt tegengegaan. Een werkwijze waarbij de inwoner centraal staat.

Daarnaast is het noodzakelijk om te werken als een transparante overheid die vroegtijdig en vanuit verbinding samenwerkt met inwoners en partners. Dat betekent heldere, tijdige en begrijpelijke communicatie, open besluitvorming en het actief betrekken van inwoners bij keuzes. Ook het herstel en versterken van vertrouwen hoort hierbij, evenals het bieden van betrouwbare en neutrale gemeentelijke informatie. De regionale samenwerking vraagt om verdere professionalisering: de organisatie moet een volwaardige en invloedrijke gesprekspartner zijn om complexe opgaven in de regio effectief op te pakken. Deze samenwerking vindt plaats op verschillende niveaus en in verschillende samenstellingen. Samenwerking draagt bij aan het vergroten van het lerend vermogen en de slagkracht van de organisatie. Daarnaast vragen de opgaven ook een vergroting van het strategisch vermogen en professionalisering van de organisatie. Tegelijkertijd ligt er voor de organisatie een opgave om een aantrekkelijke werkgever te zijn en blijven in een krappe arbeidsmarkt. Dit betekent een organisatie die medewerkers ontwikkelmogelijkheden, betekenisvol werk en een moderne manier van werken biedt, zodat talent wordt aangetrokken én behouden. Ook hier kan regionale samenwerking kansen bieden.

12

Ook vraagt de toekomst om een meer opgavegerichte manier van werken, over teams en domeinen heen. Als kleine organisatie zal hierin geïnvesteerd moeten worden om dit écht van de grond te krijgen. We hebben ervaren dat we nog niet in staat zijn om deze manier van werken in te bedden in organisatie. Expertise en capaciteit moeten flexibel kunnen worden gebundeld rondom urgente maatschappelijke opgaven, in plaats van strak binnen teams of functieprofielen te blijven. Naast investeren in weerbaarheid van de samenleving, zal ook de organisatie haar weerbaarheid moeten vergroten. We moeten beter voorbereid zijn op crises. Dit omvat het kunnen blijven functioneren bij uitval van cruciale infrastructuur, het verminderen van kwetsbaarheden en het waarborgen van continuïteit voor inwoners en partners. Ten slotte staat de organisatie voor de opgave om kunstmatige intelligentie verantwoord, veilig en organisatiebreed in te zetten. AI biedt kansen voor betere communicatie, snellere processen en hoger werkcomfort voor medewerkers, maar vraagt om duidelijke kaders, vaardigheden en een bewuste implementatie.

13

3. Financieel meerjarenperspectief De mate waarin het mogelijk is voor Sliedrecht haar doelen te realiseren is mede afhankelijk van haar actuele financiële situatie. Het startpunt hierin is de vastgestelde begroting 2026 – 2029 inclusief bezuinigingsmaatregelen. De begroting 2026 is structureel sluitend. Het financiële perspectief voor gemeenten blijft echter onzeker. Het ravijnjaar lijkt voorlopig gedempt maar dan wel met incidentele middelen van het Rijk en de kosten voor bijvoorbeeld de jeugdzorg en de vergoedingen hiervoor door het Rijk blijft een structureel financieel risico. Het financieel meerjarenperspectief in deze kaderbrief is vanuit de begroting 2026 geactualiseerd en is verrijkt met de verschillende factoren. Deze factoren zijn de genomen raadsbesluiten met een financiële impact na het vaststellen van de begroting 2026, de geïnventariseerde onontkoombare knelpunten, de verwerking van het juiste prijspeil (lonen en indexatie), de actualisatie van de bijdragen aan onze verbonden partijen en de verwachting van de Voorjaarsnota van het Rijk. Samenvattend leidt dit tot het volgende financieel meerjarenperspectief: Bedragen x € 1.000

Financieel beeld Kaderbrief 2027

2027

Incidenteel saldo begroting 2026

2028 -

Incidentele baten, lasten en reservemutaties

2029 -

N

2030

62

N

92

V 1.869

V

812

V

396

V

396

Structureel saldo begroting 2026

V 1.869

V

812

V

334

V

304

A. Genomen besluiten in de raad B. Knelpunten C. Indexatie D. Bijdragen aan verbonden partijen E. Verwachting voorjaarsnota Rijk F. Structureel effect voorjaarsnota 2026

N N N N V N

280 230 490 930 250 215

N 390 N 150 N 400 N 1.110 V 400 V 4

N 420 N 120 N 370 N 1.420 V 200 V 22

N 240 N 120 N 370 N 1.690 V 300 V 22

Totaal verwachte mutaties

N 1.895

N 1.646

N 2.108

N 2.098

Totaal structureel saldo kaderbrief 2027

N

N

N 1.774

N 1.794

26

834

Hieruit blijkt dat het verwachte structurele begrotingssaldo voor 2027 (nagenoeg) sluitend is. Vanaf 2028 daalt het structurele begrotingssaldo, wat resulteert in tekorten in de jaren 2028 – 2030. In 2024 en 2025 is een intensief traject doorlopen om bezuinigingsmaatregelen te inventariseren. Hierbij heeft het college meer bezuinigingsmaatregelen geïnventariseerd en met de raad besproken dan nodig waren om de begroting van vorig jaar sluitend te krijgen. Al deze maatregelen hebben een maatschappelijke impact. Voor een specificatie van de geïnventariseerde bezuinigingsmaatregelen wordt verwezen naar bijlage 1 van deze kaderbrief 2027. Hierbij geldt dat de gepresenteerde financiële effecten van de maatregelen niet geactualiseerd zijn ten opzichte van de begroting 2026 en dus kunnen afwijken bij realisatie. Bedragen x € 1.000

Omschrijving

2027

2028

2029

2030

Geïnventariseerde bezuinigingsmaatregelen

3.320

3.590

4.060

4.060

14

A. Genomen besluiten in de raad De gemeenteraad heeft over de volgende onderwerpen besloten met een financieel effect op het meerjarenperspectief zoals vastgesteld in de begroting 2026: Bedragen x € 1.000

Genomen besluiten na begroting 2026 Kleedkamers voetbalvereniging Sliedrecht (14-10-2025) Septembercirculaire (8-11-2025) Uitbreiding capaciteit BOA's (18-11-2025) Budgetaanvraag uitbreiding Bonkelaarhuis (16-12-2025) Winternota 2025 (16-12-2025) Totaal mutaties na begroting 2026

2027 N 70 V 40 N 120 N 80 N 50 N 280

2028 N 70 N 70 N 120 N 80 N 50 N 390

2029 N 70 N 100 N 120 N 80 N 50 N 420

2030 N 70 V 80 N 120 N 80 N 50 N 240

B. Onontkoombare knelpunten Omdat ten tijde van het schrijven van deze kaderbrief de gemeenteraadsverkiezingen net hebben plaatsgevonden, zijn alleen onontkoombare knelpunten geïnventariseerd. Hierbij is het uitgangspunt gehanteerd dat er sprake is van een knelpunt als het onontkoombaar, niet-beïnvloedbaar, niet uit te stellen en niet te dekken is. De volgende knelpunten zijn geïnventariseerd: Bedragen x € 1.000

Nr. Knelpunten 1 Indexatie subsidies 2 Leges omgevingsvergunningen Totaal knelpunten

2027 2028 2029 N 120 N 120 N 120 N 110 N 30 N 230 N 150 N 120

2030 N 120 N 120

1. Indexatie subsidies De gemeente hanteert momenteel een generieke indexering van 2,3%, terwijl cao-lonen in de relevante sectoren rond de 5% stijgen. Hierdoor ontstaat jaarlijks een structureel tekort van circa 2– 3%, vooral bij organisaties waar loonkosten het grootste deel van de uitgaven vormen. Dit zet de continuïteit van voorzieningen in het sociaal domein onder druk. Deze onder indexatie stapelt zich op en kan binnen enkele jaren oplopen tot 10–15% tekort. Landelijke ontwikkelingen bevestigen dit beeld, waardoor steeds meer gemeenten overstappen op gedifferentieerde indexering, waarbij loon- en prijsontwikkelingen apart worden gevolgd. Ook wordt landelijk geadviseerd om tarieven te baseren op reële prijsindexen. Zonder aanpassing dreigen financiële knelpunten bij instellingen, meer incidentele financieringsverzoeken en risico’s voor basisvoorzieningen. Daarnaast ontstaat een groeiende spanning met wettelijke eisen rond kostprijs. Het probleem is structureel, omdat loonstijgingen extern worden bepaald en de effecten zich jaarlijks opstapelen. 2. Leges omgevingsvergunningen De geraamde legesinkomsten in de begroting zijn gebaseerd op het gemiddelde van de afgelopen drie jaar. In de jaren 2023 tot en met 2025 zien we echter een dalende trend op de geïnde leges. Hierdoor vallen de inkomsten lager uit dan verwacht.

Dit betekent dat wij de raming voor 2027 en verder naar beneden hebben bijgesteld rekening houdend met de maatregelen ravijnjaar waarin we toegroeien naar volledige kostendekkendheid.

15

C. Indexatie

Jaarlijks wordt de begroting naar het juiste prijspeil (2027) gebracht. In onderstaande tabel is het financiële effect van de voorgestelde indexatie weergegeven: Bedragen x € 1.000

Nr. Indexatie 1 Lonen 2 Inkoop 3 Verbonden partijen 4 Subsidies 5 Onroerende zaakbelasting 6 Inzet stelpost indexatie Totaal indexatie

2027 2028 2029 N 640 N 640 N 640 N 210 N 210 N 220 N 1.460 N 1.380 N 1.350 N 250 N 250 N 250 V 140 V 150 V 160 V 1.930 V 1.930 V 1.930 N 490 N 400 N 370

2030 N 640 N 220 N 1.350 N 250 V 160 V 1.930 N 370

1. Lonen Voor gemeenten ligt er een CAO met een looptijd tot en met 31 maart 2027 waarbij in vier stappen het loon met 6,7% wordt verhoogd. In deze kaderbrief is rekening gehouden met de loonstijging voor 2027, waarna deze gelijk wordt gehouden. Met het opgenomen bedrag kan er in totaal een verhoging van 4,2% afgedekt worden. Hiervan is nog 2,6% beschikbaar voor de nog niet afgesloten CAO. 2. Verbonden partijen De budgetten voor de verbonden partijen zijn geïndexeerd met een percentage van 3,7%. Dit percentage is afkomstig uit het Centraal Economisch Plan 2026, het betreft een combinatie van het percentage voor inflatie (nationale consumentenprijsindex, cpi) en lonen. Aangezien elke verbonden partij een unieke kostenstructuur heeft, wijkt de daadwerkelijk benodigde indexatie af. Onder de verbonden partijen wordt een eventuele afwijking toegelicht. 3. Subsidies De budgetten voor subsidies zijn geïndexeerd met een percentage van 2,3%. 4. Inkoop De inkoopbudgetten zijn geïndexeerd met een percentage van 2,3%. 5. Onroerende zaakbelasting De Onroerende zaakbelasting is geïndexeerd met een percentage van 2,3%. 6. Inzet stelpost indexatie In de meerjarenbegroting is een stelpost aanwezig om de budgetten in de programma’s te kunnen indexeren. Deze stelpost wordt gevoed vanuit het deel van het accres binnen het gemeentefonds dat wordt toegekend vanwege inflatie.

Het totaal van de begroting is daarmee begroot in lopende prijzen. Het beschikbare bedrag voor indexatie in 2027 wordt volledig ingezet.

16

D. Bijdrage aan de verbonden Partijen

Op basis van de uitgangspuntennotities en kadernota’s (onder voorbehoud van zienswijze en definitieve vaststelling) van onze verbonden partijen ziet de bijstelling van onze bijdrage aan de verbonden partijen er naar verwachting als volgt uit: Bedragen x € 1.000

Nr. Verbonden partijen 1 GR Sociaal 2 DG&J 3 Overige verbonden partijen Totaal verbonden partijen

2027 2028 2029 2030 N 860 N 1.110 N 1.420 N 1.690 N 70 N 930 N 1.110 N 1.420 N 1.690

1. GR Sociaal Deze bijstelling komt grotendeels door het niet realiseren van de ombuigingen zoals in de uitwerking van de eerdere bestuurlijke opdracht is aangegeven. De komende tijd wordt regionaal een voorstel uitgewerkt voor een ombuiging/bezuiniging van € 6,5 mln. voor alle deelnemende gemeenten totaal. De hoogte en effecten voor Sliedrecht zijn nog niet volledig in beeld en zijn nog niet verwerkt in het financiële beeld. Daarnaast ontstaan er in 2027 voor Sliedrecht binnen de GR Sociaal structureel stijgende kosten die worden veroorzaakt door groei van het aantal klanten en contractuele prijsindexeringen binnen de Wmo. De financiële beschikbare middelen uit hoofde van de BUIG (Bundeling van Uitkeringen Inkomensvoorzieningen) laten weliswaar een forse stijging zien, dit is echter niet voldoende om de stijgende kosten volledig te dekken. De vraag naar zorg en ondersteuning blijft toenemen en wordt complexer. Deze kostenstijging werkt door in alle taakvelden: van Samenkracht en burgerparticipatie, waar minder ruimte ontstaat voor preventie en sociale basis, tot inkomensregelingen waar het beroep groeit bij dalende rijksbijdragen. Ook binnen WSW, beschut werk en arbeidsparticipatie stijgen de uitvoeringskosten door arbeidsmarktkrapte en complexere ondersteuningsvragen.

Binnen de Wmo nemen de uitgaven toe voor maatwerkvoorzieningen, hulp bij het huishouden, begeleiding, dagbesteding en PGB’s, mede door vergrijzing, hogere tarieven en zwaardere zorgbehoeften. Deze ontwikkelingen zijn onontkoombaar en wettelijk verplicht, waardoor Sliedrecht de oplopende kosten binnen de GR Sociaal in 2027 niet kan uitstellen, niet kan beïnvloeden en niet binnen de bestaande middelen kan opvangen. 2. DG&J De financiële druk binnen de GR DG&J neemt structureel toe door wettelijke verplichtingen, maatschappelijke ontwikkelingen en externe kostenstijgingen buiten gemeentelijke invloed. Twee eerder incidentele posten (OGGZ en Veilig Thuis) worden op verzoek van de provincie structureel gemaakt. 3. Overige verbonden partijen Voor de overige verbonden partijen bestaat de verwachting dat we de benodigde bijstelling kunnen financieren uit onze daarvoor reeds in de begroting 2026 meerjarig gereserveerde bedragen voor indexatie.

17

E.

Verwachting voorjaarnota Rijk

De Voorjaarsnota 2026 van het Rijk vormt een actualisatie van de rijksbegroting en geeft richting aan het financiële en beleidsmatige kader voor de komende jaren. Voor gemeenten betekent de Voorjaarsnota dat er extra middelen beschikbaar komen, onder andere voor loon- en prijsstijgingen en voor taken binnen het sociaal domein, zoals de Wmo en beschermd wonen. Daar staan echter ook nadelen en onzekerheden tegenover, zoals een lagere groei van het Btw-compensatiefonds en onduidelijkheid over de structurele financiering na 2027. Een voorzichtige inschatting van het effect van de Voorjaarsnota Rijk is in onderstaande tabel opgenomen. Bedragen x € 1.000

Nr. Voorjaarsnota Rijk - inschatting 1 Accres Totaal Voorjaarsnota Rijk - inschatting

F.

2027 V 250 V 250

2028 V 400 V 400

2029 V 200 V 200

2030 V 300 V 300

Effect voorjaarsnota 2026 Bedragen x € 1.000

Nr. Effect voorjaarsnota 2026 Sliedrecht 1 Decembercirculaire 2 Wegenbeheerplan 3 Smart Delta Drechtsteden Overige mutaties Totaal voorjaarsnota 2026 Sliedrecht

2027 N 201 N 90 V 95 N 23 N 215

2028 N V N V

2029 70 95 25 4

N V N V

50 95 26 22

2030 N V N V

50 95 26 22

Ten tijde van het opstellen van deze kaderbrief 2027 is er ook een voorjaarsnota 2026 ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad. Het meerjarig effect uit deze voorjaarsnota is in deze kaderbrief opgenomen. Dit betreft het financiële effect van de decembercirculaire 2025 (1) zoals opgenomen in de hiervoor aangeboden CIB van 19 januari 2026, het financiële effect van de actualisatie van het wegenbeheerplan (2) en het financiële effect van de bezuinigingen in de begroting van de Smart Delta Drechtsteden (3).

18

4. Financiële uitgangspunten begroting 2027 De uitgangspunten waarbinnen de begroting 2027 zal worden opgebouwd zijn als volgt:

Nr Onderwerp 1 Loonstijging Prijsontwikkeling Huurstijging gemeentewoningen, woonwagens en woonwagenstandplaatsen Huurprijzen van sportvelden, gymnastieklokalen en welzijnsaccommodaties Stijging van overige inkomsten Geraamde opbrengst Onroerend-zaakbelasting (OZB) Precariorechten Hondenbelasting 2 Omslagrente (ook van toepassing voor de grondexploitaties) 3 Algemene uitkering 4 Verbonden partijen 5

Afvalstoffenheffing Reinigingsrecht Rioolheffing Leges bouwvergunningen Havengelden Begrafenisrechten Rechten en tarieven (legesverordening)

Uitgangspunt 4,2% 2,3% 2,3% 2,3% 2,3% 2,3% 2,3% 2,3% 0,01% Meicirculaire 2026 Op basis van vastgestelde begroting 2027 van de verbonden partijen 100% Kostendekkend 100% Kostendekkend 100% Kostendekkend 100% Kostendekkend 100% Kostendekkend 100% Kostendekkend Max. 100% Kostendekkend

1. Loonstijging en prijsontwikkeling Het percentage voor de verwachte loonstijging van 4,2% en het percentage voor de prijsontwikkeling van 2,3% is gebaseerd op de loon- en inflatieverwachting van het Central Planbureau welke medio maart 2026 in het Centraal Economisch Plan (CEP) 2026 is gepubliceerd. Met dit percentage verhogen we de loonkosten respectievelijke onze inflatiegevoelige uitgaven en inkomsten. 2. Omslagrente Om rente uniform toe te rekenen aan activa (bijvoorbeeld grondexploitaties) en investeringen is een wettelijk voorgeschreven methode bepaald: de zogenaamde omslagrente. Op basis van de voorlopige berekening voor 2027 komt deze uit op 0,01%. Bij het opstellen van de begroting 2027 wordt dit opnieuw berekend en zo nodig aangepast. 3. Algemene uitkering De financieel grootste inkomstenbron van de gemeente is de algemene uitkering. De hoogte van de algemene uitkering wordt een aantal keer per jaar door het Rijk geactualiseerd. Hierbij is de zogenaamde meicirculaire de 'hoofdcirculaire' van het jaar waarbij de algemene uitkering door het Rijk wordt geactualiseerd met de meest actuele accresramingen, de voorjaarsnota van het Rijk zelf en de structurele bijstellingen van de maatstaven.

19

4. Verbonden partijen Voor de verbonden partijen geldt dat Sliedrecht haar financiële bijdragen aan deze verbonden partijen dient te baseren op de vastgestelde begrotingen van de verbonden partijen. 5. Lokale heffingen Voor de lokale heffingen wordt het uitgangspunt van 100% kostendekkend gehanteerd. Dit is het maximale percentage die de wet toelaat. De rechten en tarieven vanuit de legesverordening worden voor onderdelen landelijk bepaald. Daarom is daar het uitgangspunt 'maximaal 100% kostendekkend' opgenomen.

20

5. Reserve Koers 2030 Sliedrecht beschikt sinds 2022 over haar reserve Koers 2030 (daarvoor reserve Eneco gelden). Deze reserve heeft als doel de incidentele middelen te leveren voor de realisatie van de doelen uit de Koers 2030. De voeding van de reserve (storting) vindt plaats conform begroting en de vrije ruimte in de algemene reserve wordt in principe toegevoegd aan deze reserve. Waar mogelijk functioneert de reserve ook als fonds. Dit door verwachte resultaten van projecten toe te voegen en / of te onttrekken. Per 31 december 2025 is er een bedrag van € 33,6 mln. aanwezig in de reserve Koers 2030. Bij de jaarrekening 2025 is voorgesteld om € 4 mln. toe te voegen aan de reserve Koers 2030. Wanneer conform dat voorstel wordt besloten dan stijgt de omvang van de reserve Koers 2030 met de geplande storting uit de vastgestelde begroting 2026 naar € 39,5 mln. per 31 december 2026. De reserve dient hierbij te worden gesplitst in verdeelde en niet-verdeelde middelen. Aan de verdeelde middelen liggen specifieke projecten, bestemmingen en besluitvorming in de gemeenteraad ten grondslag. Deze kaderbrief 2027 bevat geen voorstellen die de verdeling of de inzet wijzigen. Het verwachte financiële verloop van de reserve Koers 2030 is als volgt:

Reserve Koers 2030 Nog niet verdeelde middelen

40.000

Verdeelde middelen

35.000

25.000

20.000

Bedrag x € 1.000

30.000

15.000

10.000

21.893

21.893

21.893

9.018

10.976

11.477

11.477

2026

2027

2028

2029

30.493

5.000

0

Jaar

21

De specificatie van de verdeelde middelen per 31 december 2026 is als volgt: Bedragen x € 1.000

Project / onderdeel

1 Sliedrecht Buiten 2 Raadhuis / gemeentekantoor 3 Burgemeester Winklerplein 4 De Driehoek 5 Sliedrechters schuldenvrij en actief 6 IKC Valkweg 7a Programma Ruimtelijke Vernieuwing - Programmakosten 7b Programma Ruimtelijke Vernieuwing - Zwembad 7c Programma Ruimtelijke Vernieuwing - Noord 7d Programma Ruimtelijke Vernieuwing - Noord-Zuid verbinding 7e Programma Ruimtelijke Vernieuwing - Boekwaarde Lockhorst 7f Programma Ruimtelijke Vernieuwing - BHS Totaal verdeelde middelen

2026 10.056 4.000 2.247 350 141 365 14 450 3.045 4.625 4.500 700 30.493

1. Sliedrecht Buiten Als onderdeel van het raadsbesluit over het krediet voor de realisatie van Sliedrecht Buiten is ter dekking hiervan afgerond € 10 miljoen gereserveerd. 2 Raadhuis / gemeentekantoor Als onderdeel van de raadsbesluiten over de kredieten voor het raadhuis en het gemeentekantoor is ter dekking hiervan incidenteel € 4 mln. gereserveerd. 3. Burgemeester Winklerplein Voor de bekostiging van de aanpak en hernieuwde inrichting van het Burgmeester Winklerplein is incidenteel afgerond € 2,2 mln. gereserveerd. 4. De Driehoek De gebiedsvisie voor de Driehoek is vastgesteld. Er is een grondexploitatie in voorbereiding. Om het verwachte incidentele tekort in deze grondexploitatie te dekken is hiervoor € 350.000 gereserveerd. 5. Sliedrechters schuldenvrij en actief Er zijn middelen beschikbaar gesteld voor het programma Sliedrechters schuldenvrij en actief. Naar verwachting zijn deze begin 2027 volledig ingezet. 6. IKC Valkweg Als onderdeel van het raadsbesluit waarin het krediet beschikbaar is gesteld voor het Integraal Kindcentrum Valkweg is € 365.000 gereserveerd voor het afboeken van de resterende boekwaarde van de bestaande panden.

22

7. Programma Ruimtelijke vernieuwing Ten behoeve van het Programma Ruimtelijke vernieuwing zijn diverse reserveringen gemaakt. Dit betreft de volgende (deel)projecten: a. Programmakosten Er worden algemene kosten gemaakt ten behoeve van het programma Ruimtelijke Vernieuwing waarvoor incidentele middelen zijn gereserveerd. b. Zwembad Als onderdeel van het raadsbesluit waarin het voorbereidingskrediet beschikbaar is gesteld voor een nieuw zwembad, is ter dekking hiervan € 450.000 gereserveerd. c. Noord Als onderdeel van de raadsbesluit waarin het voorbereidingskrediet beschikbaar is gesteld, is ter dekking hiervan € 3,0 miljoen gereserveerd. d. Noord-zuid verbinding Als onderdeel van het raadsbesluiten waarin het voorbereidingskrediet beschikbaar is gesteld en de hoofdstructuur is vastgesteld, is ter dekking hiervan afgerond 4,6 mln. gereserveerd. e. Boekwaarde Lockhorst Als onderdeel van het raadsbesluit waarin een voorbereidingskrediet beschikbaar is gesteld voor de Noord-Zuid verbindingen, is er ter dekking van het afboeken van de boekwaarde van de Lockhorst een reservering gemaakt van € 4,5 mln. f. BHS Als onderdeel van het raadsbesluit waarin de Stedenbouwkundige Visie Binnenstedelijke Herstructurering Sliedrecht is vastgesteld, is ter dekking van onder andere de voorbereidingskredieten voor de Maaslaan en Valkweg € 0,7 mln. gereserveerd.

23

Bijlage 1: Geïnventariseerde bezuinigingsmaatregelen In de begroting 2026 is er door de raad besloten over de noodzakelijke bezuinigingsmaatregelen. In het traject om te komen tot deze bezuinigingsmaatregelen zijn aanzienlijk meer maatregelen geïnventariseerd dan noodzakelijk was voor het financieel meerjarenperspectief in de begroting 2026. Dit maakt dat er in potentie nog de volgende bezuinigingsmaatregelen mogelijk zijn binnen Sliedrecht: PRIORITERING MAATREGELEN MET MAATSCHAPPELIJKE IMPACT

Nr

Omschrijving maatregel

2027

2028

2029

2030

Besloten maatregelen (08-11-2025): 5.1 Kostendekkendheid leges (scenario 2) 5.8 Kostentoerekening afval en riool (scenario 2) 7.2 OZB NIET-woningen naar regionaal gemiddelde (scenario 3) 7.4 OZB Niet woningen gebruikers bij leegstand 5.14 Havengeld verhogen, meer dan indexering 5.2 Regie op arbeidsmigratie 4.2 IHP - afschrijvingstermijn verlengen

250.000 -

330.000 170.000 670.000 35.000 10.000 250.000 -

440.000 255.000 890.000 35.000 20.000 250.000 95.000

440.000 340.000 890.000 35.000 20.000 250.000 95.000

Totaal besloten maatregelen

250.000

1.465.000

1.985.000

2.070.000

20.000 25.000 60.000 65.000 10.000 60.000 25.000 360.000 50.000 60.000 25.000 20.000 10.000 30.000 35.000 40.000 20.000 100.000 50.000 60.000 40.000 20.000 30.000 65.000 200.000 60.000 30.000 25.000 100.000 10.000 20.000 45.000 10.000 200.000 20.000 45.000 70.000 50.000 60.000 70.000 105.000 115.000 85.000 150.000 240.000 15.000 35.000 90.000 30.000 145.000 15.000

20.000 25.000 60.000 65.000 10.000 60.000 25.000 540.000 50.000 60.000 25.000 20.000 10.000 30.000 40.000 40.000 20.000 100.000 50.000 60.000 40.000 20.000 30.000 105.000 200.000 60.000 30.000 25.000 100.000 10.000 20.000 45.000 10.000 200.000 65.000 45.000 70.000 50.000 60.000 70.000 105.000 115.000 85.000 150.000 240.000 15.000 35.000 90.000 30.000 145.000 15.000

20.000 25.000 60.000 65.000 10.000 60.000 25.000 720.000 50.000 60.000 25.000 20.000 10.000 30.000 45.000 40.000 20.000 100.000 50.000 60.000 40.000 20.000 30.000 105.000 200.000 60.000 30.000 25.000 100.000 10.000 20.000 45.000 10.000 200.000 105.000 45.000 250.000 70.000 50.000 60.000 70.000 105.000 115.000 85.000 150.000 240.000 15.000 35.000 90.000 30.000 145.000 15.000

20.000 25.000 60.000 65.000 10.000 60.000 25.000 720.000 50.000 60.000 25.000 20.000 10.000 30.000 45.000 40.000 20.000 100.000 50.000 60.000 40.000 20.000 30.000 105.000 200.000 60.000 30.000 25.000 100.000 10.000 20.000 45.000 10.000 200.000 105.000 45.000 250.000 70.000 50.000 60.000 70.000 105.000 115.000 85.000 150.000 240.000 15.000 35.000 90.000 30.000 145.000 15.000

3.320.000

3.590.000

4.065.000

4.065.000

Geinventariseerde maatregelen: 1 3.16 Regionale radio 2 3.14 Maaltijdvoorziening 3 5.9 Gemeentewerf doorbelasten in afvalstoffenheffing 4 3.5 GGZ professionals 5 7.3 Hondenbelasting 6 3.7 Samenvoeging Welzijnswerk en nieuwe Stichting 7 3.20 Organisatie urgentieregeling aangepaste woningen - deal woningcorporatie 8 7.1 Onroerende zaakbelasting woningen naar landelijke gemiddelde (scenario 2) 9 3.9 Buurtgezinnen 10 3.6 Maatschappelijk Werk 11 3.15 Suswachten (scenario 2) 12 5.18 Intentieverklaring bij projecten 13 6.6 Stedenband Sliedrecht - Orastie 14 5.12 Nacalculatie in anterieure overeenkomsten 15 5.10 Vastgoed - Huren 16 5.17 Precariobelasting 17 6.3 Kosten organisatie 18 5.15 Vastgoed - De Reling 19 3.8 Wijk en buurtagenda's 20 3.21 Beleid Drechthopper 21 5.11 Grofvuil ophalen tegen betaling 22 6.5 Bekendmakingen en nieuwsberichten 23 4.5 Doorbelasting gemeentelijke inzet bij evenementen en festivals 24 3.20 Individuele begeleiding 25 5.5 Betaald parkeren 26 4.3 Reclamepalen 27 5.13 Sale en lease back wagenpark 28 3.12 Automaatje 29 5.7 Waterbus en ponton 30 5.16 Vastgoed - Kwaliteitsniveau 31 6.4 Dienstverlening Drechtsteden 32 3.10 Communicatie Bonkelaarhuis 33 3.18 Stichting Halt 34 5.4 Inzet duurzaamheidsgelden 35 3.22 Beschikkingsvrije dagbesteding 36 4.4 Gymzaal 't Crayenest 37 6.1 Organisatieontwikkeling 38 6.2 Opleidingsbudget 39 4.1 Meervoudig lokale samenwerking

(scenario 2) 40 4.9 Baatbelasting 41 4.7 Openingstijden Bibliotheek 42 3.2 Minimabeleid – Collectieve zorgverzekering en coulance medische kosten 43 3.3 Minimabeleid – Collectieve zorgverzekering - inkomensgrens 44 4.8 Zwembad (scenario 2) 45 3.4 Organisatie jongerenwerkers 46 5.6 Kwaliteit buitenruimte 47 5.3 Kinderboerderij, Woeste weide en NME centrum 48 4.6 Sportsubsidies 49 3.11 Inloop Yulius 50 4.10 Smart Delta Drechtsteden 51 3.12 Odensehuis 52 3.1 Minimabeleid - SMS Kinderfonds 53 3.17 Jong JGZ Maatwerkondersteuning Totaal geinventariseerde maatregelen met maatschappelijke impact

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/1145/documents/14942