240416_Collegeinformatiebrief (CIB)_Ontwerp Water- en rioleringsprogramma (Wrp) 2024 - 2028.pdf
Tekst van het document
College informatiebrief Onderwerp
:
ontwerp Water- en rioleringsprogramma (Wrp) 2024-2028
Datum
:
16 april 2024
_________________________________________________________________________________ Portefeuille T.A. Spek In het ontwerp Water- en rioleringsprogramma (Wrp) wordt beschreven hoe we als gemeente omgaan met onze wettelijke (zorg)taken voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater (op basis van artikel 2.16 Omgevingswet). Daarbij gaan we ook in op klimaatadaptatie en de zorg voor het oppervlaktewater. Dit ontwerp Wrp omvat de periode 2024-2028 en is de opvolger van het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) Sliedrecht 2019-2023. De Omgevingswet schrijft voor dat een Wrp door het college van B&W wordt vastgesteld. Het college heeft ingestemd met het ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 voor Sliedrecht en het vrijgegeven voor terinzagelegging (gedurende 6 weken, van 18 april tot 30 mei). We gaan de komende jaren onderzoek doen, onderhoud uitvoeren aan het stelsel en slechte delen van de riolering vervangen of renoveren. Daarnaast zijn klimaatadaptatie en de baggeren van het watersysteem opgenomen in het ontwerp Wrp. De technische en economische afschrijvingstermijn (levensduur) heeft invloed op de hoogte van de rioolheffing. Het is daarom belangrijk de technische levensduur van de rioleringsobjecten zo goed mogelijk in te schatten. In de praktijk wordt hierbij gebruik gemaakt van inspectiegegevens en de gegevens uit de kennisbank Riolering.
De in het ontwerp WRP opgenomen technische en economische afschrijvingstermijnen verschillen hierdoor van de opgenomen termijnen in bijlage 1 van de financiële verordening. Gelet op de grote vervangingsopgave (o.b.v. reeds lopende projecten, inspectie en leeftijd) is in de komende planperiode van het ontwerp Wrp een investering van circa €19 miljoen voorzien. De huidige jaarlijkse storting (circa €1,4 miljoen) in de voorziening is onvoldoende om de kosten voor de vervangingsopgave te dekken. Wanneer de huidige dekkingsmethode (direct afschrijven) wordt doorgezet, dan stijgt het tarief fors. Dit loop op tot een jaarlijkse stijging van €150 per huishouden van 2025 t/m 2028, tot circa €900 in 2028. Om die reden is gekeken naar een andere methode van dekking, te weten lineair afschrijven. Lineair afschrijven van investeringen is een veelgebruikte werkwijze bij gemeenten en geadviseerd wordt om deze methode ook in Sliedrecht te gaan hanteren gezien de benodigde vervangingsinvesteringen. In de planperiode 2025- 2028 kan de rioolheffing bij deze methodiek gelijk blijven (wel moet deze jaarlijks worden geïndexeerd met de werkelijk opgetreden inflatie).
Bij de vaststelling van dit ontwerp Wrp wordt geen financieel kader vastgesteld. De investeringen die horen bij het ontwerp Wrp worden in het meerjareninvesteringsprogramma MIP van de Begroting 2025 opgenomen en daar financieel ter besluitvorming aan u voorgelegd. In diezelfde Begroting worden ook de exploitatiebudgetten aangepast aan het ontwerp Wrp. Benodigde aanpassingen voor 2024 worden verwerkt in de Winternota 2024. Tot slot worden de benodigde aanpassingen in de financiële verordening verwerkt. In het ontwerp Wrp wordt echter reeds voorgesorteerd, door het opnemen van budgetten voor klimaatadaptatie, de baggeropgave en het hanteren van de economische afschrijftermijn. Daarnaast is er ook op voorgesorteerd door in de berekening voor de dekking uit te gaan van lineair afschijven in plaats van direct activeren. Een uitgebreide toelichting over de inhoud van het ontwerp Wrp, de belangrijkste wijzigingen, de wijze van dekking en de besluitvormingsprocedure is opgenomen in de bijlage, behorende bij deze CIB. Daarnaast wordt u uitgenodigd voor de beeldvormende vergadering d.d. 21 mei 2024.
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Sliedrecht, De secretaris, De burgemeester,
N.H. Kuiper mca mcm
2
mr. drs. J.M. de Vries
BIJLAGE behorende bij CIB ontwerp Water- en rioleringsprogramma (Wrp) 2024-2028 Omgevingswet Het GRP was onder de Wet milieubeheer een verplicht plan voor gemeenten. Onder de Omgevingswet is het GRP niet langer verplicht en gemeenten kunnen nu zelf invulling geven aan de wijze waarop ze dit willen borgen. De gemeente Sliedrecht heeft er voor gekozen om een Water- en rioleringsprogramma (Wrp) op te stellen. De strategische aspecten en doelstellingen van de gemeentelijke watertaken horen thuis in de gemeentelijke Omgevingsvisie. In het ontwerp Wrp gaat het om de uitvoering van de gemeentelijke watertaken. Met de maatregelen in het ontwerp Wrp wordt beoogd de doelen en ambities uit de Omgevingsvisie te realiseren. Tot slot krijgen juridisch bindende regels over bijvoorbeeld het lozen in de riolering of het oppervlaktewater een plek in het omgevingsplan. De thema`s 'water en bodem sturend' en 'klimaatadaptieve gebiedsontwikkeling' komen beperkt aan bod in het programma, vanwege het sterk uitvoerende karakter van het ontwerp Wrp. Het doorontwikkelen van de landelijke, provinciale en regionale uitgangpunten vragen een gebiedspecifieke invulling voor Sliedrecht. Zo worden bijvoorbeeld in een lokale adaptatie strategie (LAS) en het masterplan Noord (beleids)keuzes hieromtrent gemaakt. Hier gaan we separaat de komende periode mee aan de slag.
In de figuur 1 is de ontvlechting van het GRP (links) in de gemeentelijke omgevingsvisie, het programma en het omgevingsplan weergegeven.
Figuur 1: Ontvlechting van het GRP (links) in de gemeentelijke omgevingsvisie, programma (water en riolering) en het omgevingsplan.
De Omgevingswet schrijft voor dat een ontwerp Wrp door het college van B&W wordt vastgesteld. De financiële doorvertaling van het ontwerp Wrp vindt plaats bij het vaststellen van de begroting en het besluit over de belastingverordening (rioolheffing). De Omgevingswet schrijft tevens voor dat een programma open staat voor inspraak en voorbereiding volgens afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dat betekent dat het ontwerp Wrp 6 weken ter inzage wordt gelegd en dat eenieder zienswijzen kan indienen. Vervolgens zullen de (eventuele) zienswijzen worden samengevat en van een beantwoording voorzien waarna de (eventuele) aanpassingen worden verwerkt in het Water- en
3
rioleringsprogramma. Vanwege het zelfbindende karakter van het ontwerp Wrp staat er geen beroep open tegen het besluit tot vaststelling van een programma. Inhoud ontwerp Water- en rioleringsprogramma Het stedelijk watersysteem is een samenhangend systeem, bestaande uit stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Ons stedelijk watersysteem beschermt de volksgezondheid en het milieu door stedelijk afvalwater (vuilwater) in te zamelen en af te voeren naar de rioolwaterzuivering (RWZI van het waterschap). Daarnaast is het systeem ingericht om wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen, maar ook genoeg hemelwater vast te houden voor de functies die hiervan afhankelijk zijn. Daarnaast streven we naar een zo natuurlijk mogelijk grondwaterniveau, zonder grondwateroverlast of -onderlast. We streven naar een water- en klimaatrobuust systeem, waarbij we zoveel mogelijk hemelwater kunnen verwerken in de openbare ruimte, zonder dat er wateroverlast en -schade ontstaat aan woningen en bedrijven.
Figuur 2: Stedelijk watersysteem
Het stedelijk watersysteem is daarmee een belangrijk onderdeel van de leefomgeving, waarbij er een directe relatie is met andere disciplines in de boven- en ondergrondse openbare ruimte. Samenvattend is het doel van ons stedelijk watersysteem: •
het beschermen van de volksgezondheid;
•
het beschermen van het milieu;
•
het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte.
Deze doelen zijn ook verwerkt en opgenomen in de Omgevingsvisie, waar het stedelijk watersysteem een aantal keer genoemd wordt: “ We streven naar een duurzame en doelmatige
invulling van onze zorg voor het rioleringsstelsel. Daarbij moeten de bescherming van de volksgezondheid, de kwaliteit van de leefomgeving, het behoud van droge voeten en de bescherming van bodem en grond- en oppervlaktewater gewaarborgd zijn.” We hebben in Sliedrecht een uitgebreid rioolstelsel dat bestaat uit 160 km vrijvervalriolering, 24 km pers- en drukleiding, 110 grote en kleine gemalen, bijna 10.000 straat- en trottoirkolken en 44,5 km watergangen. De gemeentelijke riolering vertegenwoordigt een vervangingswaarde waarde van ca. €179 miljoen euro. We gaan de komende jaren onderzoek doen, onderhoud uitvoeren aan het stelsel en slechte delen van de riolering vervangen of renoveren. Daarnaast vervangen en verbeteren we riolering die niet meer voldoet, bijvoorbeeld in de Vogelbuurt, Nijverwaard-West en Professorenbuurt-Oost. Het uitgangspunt is: daar waar we aan de slag gaan, richten we de omgeving klimaatadaptief in, bijvoorbeeld door hemelwater af te koppelen en lokaal te verwerken. 4
In het ontwerp Wrp zijn een aantal wijzingen ten opzichte van het GRP 2019-2023 aangebracht: •
Inzetten op inzicht in de toestand van het systeem: In het GRP 2019-2023 was de strategie om vooral in te zetten op het voldoende reinigen van riolen en het maar beperkt inspecteren van de riolering. Daardoor was beperkt inzicht in de toestand van de riolering. De afgelopen jaren zijn we gestart met het inspecteren van de riolering en zijn de daarbij behorende (kleinschalige) herstelwerkzaamheden uitgevoerd. In het voorliggende ontwerp Wrp zetten we deze werkwijze van structurele inspecties en onderhoud door.
•
Baggeropgave: Het oppervlaktewatersysteem is essentieel voor de afvoer van hemelwater (watertaak). Baggeren van de sloten en watergangen is noodzakelijk voor de doorstroming en het afvoeren van (afstromend hemel)water. Het baggeren van het watersysteem op korte termijn is noodzakelijk. De baggerkosten hebben een meer dan zijdelings verband met de riolering en daarom kan de gemeente deze in de rioolheffing betrekken.
•
Klimaatadaptatie: In de Koers 2030, de Omgevingsvisie en de Regionale Adaptatiestrategie onderschrijven we het belang van een water- en klimaatrobuust systeem. Vanwege dit belang is het noodzakelijk de komende jaren in te zetten op klimaatadaptatie. In het ontwerp Wrp is klimaatadaptatie integraal onderdeel van projecten, maar is ook (financiële) ruimte voor alternatieve initiatieven en maatregelen.
Door het verankeren van deze taken in het Wrp maken deze onderdeel uit van de beheer- en uitvoeringscyclus. Kosten voor de watertaken Om alle kosten te dekken heffen we een rioolheffing. In de berekening van het tarief voor de rioolheffing nemen we de kosten mee die vallen binnen de wettelijke zorgplichten van de gemeente. De kosten voor het in stand houden van het stedelijk watersysteem zijn te splitsen in: •
Exploitatie: dagelijkse werkzaamheden die zorgen dat het systeem goed blijft functioneren, zoals kosten voor beheer, onderhoud en personeel.
•
Onderzoekskosten: activiteiten om het inzicht in de toestand en werking van het stedelijk watersysteem te vergroten.
•
Investeringen: grote renovatie- en vervangingsopgaven.
De rioolheffing komt voort uit de Gemeentewet. De invoering van de Omgevingswet heeft geen consequenties voor het bestaan van de gemeentelijke rioolheffing. Gemeenten blijven dan ook (jaarlijks) een aparte belastingverordening voor de rioolheffing vaststellen. Het onderdeel kostendekking uit het rioleringsprogramma kan hiervoor als onderbouwing gelden. Vervangingsopgave / investeringen In Sliedrecht wordt een theoretische levensduur van riolering gehanteerd van 60 jaar. Alle riolering ouder dan 1973 bereikt deze planperiode de theoretische levensduur. De verwachting is dat deze theoretische levensduur niet verlengd kan worden als gevolg van de zettingsgevoelige ondergrond. Op basis van de technische staat gaat een riool soms langer of korter mee dan de standaardlevensduur. 5
In de volgende grafiek is de opbouw van het stelsel met aanlegjaar weergegeven. De tijdschaal is ingedeeld in 10 jaar, met uitzondering van 2020-2023.
Figuur 3: Opbouw van het vrijvervalrioolstelsel per tijdsperiode
In het gemeentelijk rioleringsplan 2019-2023 was de strategie om vooral in te zetten op het voldoende reinigen van riolen en het maar beperkt inspecteren van de riolering. Daardoor was er beperkt inzicht in de toestand van de vrijvalriolering. Sinds 2020 is gestart met het uitvoeren van inspecties en onderzoeken. Het inspecteren van de riolen wordt sindsdien planmatig opgepakt. Als uit de inspecties naar voren komt dat op sommige plekken de riolen in slechte staat zijn, worden opgenomen in het meerjareninvesteringsprogramma. Er zijn op dit moment een aantal projecten in uitvoering, waaronder de Vogelbuurt en de Elzenhof. Daarnaast zijn een aantal projecten voorzien in het meerjareninvesteringsprogramma (MIP 20242027), zoals de P.A. de Genestetstraat, Professorenbuurt Oost en Baaneweer, Koningsweer en Locksweer. Tot slot zijn op basis van inspecties, kwaliteit en leeftijd een aantal nieuwe projecten voorzien, waaronder relinen (levensduur verlengende maatregel), rioolvervanging van Goghstraat en het verder vervangen van de bestaande drukriolering in de dijkzone. Gelet op de grote vervangingsopgave (o.b.v. reeds lopende projecten, inspectie en leeftijd) is in de komende planperiode van het Wrp een investering van circa €19 miljoen voorzien.
Voor de periode 2024 t/m 2028 zijn in het ontwerp Wrp de onderzoeken, activiteiten en maatregelen in detail per jaarschijf geagendeerd en gebudgetteerd. Voor de lange termijn (tot 2083) geeft het ontwerp Wrp een doorkijk. De uitgaven voor de jaren 2024-2028 zijn gebaseerd op het meerjareninvesteringsprogramma (MIP) en nieuw aangedragen noodzakelijke vervangingsprojecten. De vervangingsopgave en uitgaven voor de jaren daarna zijn bepaald aan de hand van het aanlegjaar en de verwachte levensduur van de objecten. De verdeling van de uitgaven in de tijd is weergegeven in figuur 4:
6
Figuur 4: Uitgaven lange termijn
Wijze van dekking De huidige jaarlijkse storting (circa €1,4 miljoen) in de voorziening is onvoldoende om de kosten voor de vervangingsopgave te dekken. Er kan worden gekozen om de opgave aan te passen aan het beschikbare budget. Dit betekent dat er minder riolering vervangen kan worden of dat de vervanging ervan wordt doorgeschoven in de tijd. Vanwege de nut en noodzaak voor een goede werkend systeem wordt geadviseerd hier niet voor te kiezen. Wanneer de huidige dekkingsmethode (direct afschrijven) wordt doorgezet, dan stijgt het tarief fors. Dit loop op tot een jaarlijkse stijging van €150 per huishouden van 2025 t/m 2028, tot circa €900 in 2028. Daarnaast kan de verhoging niet voorkomen dat de voorziening in de eerste jaren direct negatief wordt, wat niet is toegestaan. Duidelijk is daarmee dat de huidige wijze van afschrijven met dit uitgavenpatroon niet houdbaar is. Figuur 5 geeft dit scenario weer.
Figuur 5: Kostendekkingsscenario direct investeren
7
Om die reden is gekeken naar een andere methode van dekking, te weten lineair afschrijven. Lineair afschrijven van investeringen is een veelgebruikte werkwijze bij gemeenten en geadviseerd wordt om deze methode ook in Sliedrecht te gaan hanteren gezien de benodigde vervangingsinvesteringen. Bij lineair afschrijven activeren we de investering en stijgt de heffing geleidelijk. In de planperiode 2025- 2028 kan de rioolheffing gelijk blijven (wel moet deze jaarlijks worden geïndexeerd met de werkelijk opgetreden inflatie). Vanaf 2029 (tot 2074) is een jaarlijkse stijging van €4,50 per jaar (exclusief inflatiecorrectie) nodig. Ten opzichte van de huidige werkwijze ontstaan er binnen de heffing rentelasten, die moeten worden opgevangen binnen de heffing. De voorgestelde stelselwijziging betekent concreet dat de lasten van een riool dat 'vandaag' wordt aangelegd niet meer volledig drukt op 'vandaag'. De lasten van de aanleg worden verdeeld over de totale periode waarin het riool functioneert.
Figuur 6: kostendekkingsscenario direct investeren
In onderstaande tabel zijn de verschillen tussen de beide werkwijzen weergegeven: Tabel 1: Verschillen werkwijzen
Rentelasten Noodzakelijke stijging (2025-2028 excl. inflatie) Voorziening negatief Rentelasten Wanneer neem je de lasten van een investering? Kostendekkendheid
8
Direct afschrijven Nee 4 x €150
Lineair afschrijven Ja €0
Ja Nee Lasten in het jaar van investeren 100%
Nee Ja Lasten verdelen over de jaren dat het riool functioneert 100%
Programmabegroting en rioolheffing De jaarlijkse programmabegroting geeft inzicht in de totale inkomsten uit de rioolheffing en de kosten die daaruit gedekt worden (P&C-cyclus). Het ontwerp Wrp geeft specifieker inzicht in de verdeling van de budgetten en de verwachte meerjarige kostenontwikkeling en de gevolgen daarvan voor de rioolheffing. Daarom bevat het ontwerp Wrp ook een overzicht van de belangrijkste rioolvervangingsprojecten voor de komende jaren. De geraamde kosten en kostendekkende tarieven in het ontwerp Wrp zijn richtinggevend. De daadwerkelijke budgetten en het tarief voor de rioolheffing worden elk jaar voor het daaropvolgende jaar door de raad vastgesteld als onderdeel van de programmabegroting. Besluitvormingstraject Zoals eerder toegelicht schrijft de Omgevingswet voor dat een programma door het college van B&W wordt vastgesteld. Bij de vaststelling van dit ontwerp Wrp wordt geen financieel kader vastgesteld, dit is onderdeel van een ander besluitvormingstraject, namelijk bij de programmabegroting en het tariefvoorstel voor de rioleringsheffing. In het ontwerp Wrp wordt wel reeds voorgesorteerd op een andere wijze van dekking (oftewel lineair afschijven in plaats van direct activeren), om op deze wijze een financieel neutraal programma te realiseren.
De gemeenteraad is het bevoegd gezag voor de vaststelling van de financiële kaders en consequenties voortvloeiend uit het ontwerp Wrp, oftewel het vaststellen van het MIP en het tariefvoorstel voor de rioleringsheffing. Om die reden wordt de raad ter voorbereiding op dit besluitvormingstraject geïnformeerd door middel van de toezending van het ontwerp Wrp, een bijbehorende CIB en worden de raadsleden uitgenodigd voor de beeldvormende vergadering d.d. 21 mei 2024.
9
ONTWERP Water- en rioleringsprogramma Sliedrecht 2024 - 2028 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Maart, 2024
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Colofon Gemeente Sliedrecht Industrieweg 11 3361 HJ Sliedrecht Informatie: Tel. : 14 0184 e-mail: gemeente@sliedrecht.nl www.sliedrecht.nl Opgesteld in nauwe samenwerking met: Sweco (projectnummer 51004303, referentienummer NL24-648800269-70642)
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Samenvatting Waarom een Water- en rioleringsprogramma? Goede riolering is nodig voor de bescherming van de volksgezondheid, het milieu en het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte. Ook willen we voldoende, schoon en veilig water in onze gemeente hebben. Deze doelen hebben gevolgen voor de leefomgeving en alle andere vakgebieden die in de leefomgeving werken. Als gemeente hebben we de wettelijke taak om voor de riolering en het stedelijk water te zorgen. We hebben zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Dit Wrp geeft aan hoe wij deze gemeentelijke watertaken uitvoeren. Hierbij is er een nauwe relatie met de taken van waterschap Rivierenland: zuivering van afvalwater, waterkwaliteits- en kwantiteitsbeheer. Ook klimaatadaptatie valt deels onder deze watertaken. We zorgen ervoor dat onze leefomgeving beter bestand is tegen een veranderend klimaat met meer hevige neerslag en langere periodes van droogte.
Waarom een Water- en rioleringsprogramma? Goede riolering is nodig voor de bescherming van de volksgezondheid, het milieu en het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte. Ook willen we voldoende, schoon en veilig water in onze gemeente hebben. Deze doelen hebben gevolgen voor de leefomgeving en alle andere vakgebieden die in de leefomgeving werken. Als gemeente hebben we de wettelijke taak om voor de riolering en het stedelijk water te zorgen. We hebben zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Dit Wrp geeft aan hoe wij deze gemeentelijke watertaken uitvoeren. Hierbij is er een nauwe relatie met de taken van waterschap Rivierenland: zuivering van afvalwater, waterkwaliteits- en kwantiteitsbeheer. Ook klimaatadaptatie valt deels onder deze watertaken. We zorgen ervoor dat onze leefomgeving beter bestand is tegen een veranderend klimaat met meer en intensievere neerslag en langere periodes van droogte.
Wat ging er vooraf? De afgelopen periode is een deel van de voorgenomen maatregelen uit het GRP 2019-2023 uitgevoerd en daarnaast zijn er extra projecten uitgevoerd. Ook zijn er de afgelopen jaren, aanvullend op het GRP, riolen geïnspecteerd. Bij de vervanging van riolen is aangesloten op projecten die zijn geïnitieerd vanuit andere disciplines van de gemeente. Rondom stedelijk water en riolering is de behoefte ontstaan aan duidelijke beleidskaders, een goede beheerstrategie en flexibiliteit om met ontwikkelingen om te gaan. Daarnaast vraagt de verbreding van het vakgebied, van de ondergrond naar de bovengrond, meer aandacht. Het draait niet alleen om de ondergrondse riolen, maar ook om het water in de leefomgeving. Daarom vervangen we het huidige gemeentelijke rioleringsplan voor het Water- en rioleringsprogramma.
Wat willen we bereiken? Stedelijk afvalwater (vuil water) zamelen we in en transporteren we naar de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI). We streven naar een waterrobuust systeem, waarbij we zoveel mogelijk hemelwater kunnen verwerken in de openbare ruimte zonder dat er wateroverlast en schade ontstaat in woningen en bedrijven. We willen zo min mogelijk schoon water naar de rioolwaterzuiveringsinrichting verplaatsen. Daarvoor is het vasthouden en bergen van hemelwater belangrijk, door bijvoorbeeld afkoppelen. In de uitvoering werken we zo veel mogelijk integraal samen met de andere vakdisciplines binnen de gemeente. Andere overheden en perceeleigenaren hebben allen eigen verantwoordelijkheden voor het omgaan met water en riolering. We verwachten dat onze inwoners het riool verstandig gebruiken.
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Wat hebben we? We hebben in Sliedrecht een uitgebreid rioolstelsel dat bestaat uit 160 km vrijvervalriolering, 24 km pers- en drukleiding, 110 grote en kleine gemalen, bijna 10.000 straat- en trottoirkolken en 44,5 km watergang. Door objecten periodiek te inspecteren krijgen we steeds beter zicht in de staat van de objecten. Daarnaast hebben we beter inzicht in het functioneren van het rioolstelsel, omdat dit in 2022 hydraulisch en milieutechnisch is doorgerekend.
Wat gaan we doen in de komende planperiode? We gaan de komende planperiode onderzoek uitvoeren om kennis en inzicht te vergroten. Daarnaast onderhouden we onze riolering en het stedelijk watersysteem. Tot slot vervangen of relinen we slechte delen van de riolering. We vervangen en verbeteren riolering die niet meer aan de eisen voldoet, bijvoorbeeld in de Vogelbuurt, Nijverwaard-West en Professorenbuurt-Oost. Ook vernieuwen we onze drukrioolunits. Het uitgangspunt is om daar waar we aan de slag gaan de omgeving klimaatadaptief wordt ingericht, bijvoorbeeld door hemelwater af te koppelen en lokaal te verwerken.
Wat hebben we hiervoor nodig? Om onze ambities waar te kunnen maken en om al onze geplande werkzaamheden uit te voeren is een minimale personele bezetting benodigd. De afgelopen jaren is de personele capaciteit voor de gemeentelijke watertaken uitgebreid, vanwege het bredere pakket van watertaken. De ervaring is echter dat de bezetting nog (te) krap is. Ontwikkelingen in het ruimtelijk domein en verschuiving van taken zorgen ervoor dat uitbreiding van de formatie nodig is. Bijvoorbeeld door extra werkzaamheden rondom de grote vervangingsopgave, areaaluitbreiding, invoering van de Omgevingswet (incl. participatie), urgentie voor klimaatadaptatie en het programma Ruimtelijke Vernieuwing. Ook zijn er voldoende financiële middelen nodig om onderzoek en maatregelen uit te kunnen voeren. De gemeentelijke riolering vertegenwoordigt een waarde van ca. € 179 miljoen euro. Dat is een groot kapitaal waar we verantwoord mee om moeten gaan. Om alle kosten te dekken heffen we een rioolheffing. Deze bestaat uit een eigenarendeel en een gebruikersdeel op basis van waterverbruik. Een gemiddeld gezin betaalt in 2024 € 305,03 aan rioolheffing. Er zijn twee kostendekkingsscenario’s uitgewerkt, in scenario 1 worden investeringen direct afgeschreven en in scenario 2 worden investeringen lineair afgeschreven.
Het hoge investeringsvolume van de komende jaren zorgt er in scenario 1 voor dat de rioolheffing zeer fors zou moeten stijgen om de uitgaven te kunnen dekken. Zelfs een stijging van de rioolheffing met € 150 euro per jaar is niet genoeg om de financiële voorziening de komende jaren positief te houden. In scenario 2 kan de rioolheffing in de planperiode 2024-2028 gelijk blijven (wel moet deze jaarlijks worden geïndexeerd met de werkelijk opgetreden inflatie), en is daarna een jaarlijkse stijging van €4,50 per jaar (exclusief inflatiecorrectie) nodig.
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Inhoud Inleiding................................................................................................................................. 2 1.1
Doel water- en rioleringsprogramma ..............................................................................................2
1.2
De zorgplichten ...........................................................................................................................2
1.3
Proces ........................................................................................................................................3
1.4
Leeswijzer ...................................................................................................................................3
Evaluatie ................................................................................................................................ 4 2.1
Terugblik beleidskeuzes en werkwijze ............................................................................................4
2.2
Geplande en uitgevoerde werkzaamheden .....................................................................................5
2.3
Ontwikkeling van de rioolheffing....................................................................................................6
Wat willen we? ....................................................................................................................... 9 3.1
De Sliedrechtse Koers...................................................................................................................9
3.2
Ontwikkelingen .......................................................................................................................... 10
3.3
Beleid Stedelijk afvalwater .......................................................................................................... 12
3.4
Beleid Hemelwater ..................................................................................................................... 12
3.5
Beleid Grondwater ..................................................................................................................... 14
3.6
Beleid Oppervlaktewater ............................................................................................................. 15
Wie doet wat? .......................................................................................................................18 4.1
Zorgplichten .............................................................................................................................. 18
4.2
Hoe werken we samen binnen en buiten de gemeente .................................................................. 18
4.3
Wat verwachten wij van onze inwoners en bedrijven ..................................................................... 19
4.4
Zorgplicht lozers (burgers en bedrijven) ....................................................................................... 19
4.5
Vergunningen en verordeningen .................................................................................................. 20
Waar staan we nu? ................................................................................................................22 5.1
Totaal overzicht aanwezige voorzieningen .................................................................................... 22
5.2
Huidige situatie: Stedelijk afvalwater en hemelwater ..................................................................... 23
5.3
Huidige situatie: Grondwater ....................................................................................................... 25
5.4
Huidige situatie: Oppervlaktewater .............................................................................................. 26
Wat gaan we doen.................................................................................................................27 6.1
Opgave: Ruimtelijke ontwikkeling en woningbouw ........................................................................ 27
6.2
Opgave: Stedelijk afvalwater en hemelwater ................................................................................ 27
6.3
Opgave: Grondwater .................................................................................................................. 30
6.4
Opgave: Oppervlaktewater ......................................................................................................... 30
6.5
Risico’s van buitenaf................................................................................................................... 31
Middelen en kostendekking ....................................................................................................33 7.1
Personele capaciteit ................................................................................................................... 33
7.2
Kosten en kostendekking ............................................................................................................ 33
Bijlagen.................................................................................................................................39
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Algemeen
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 1
Inleiding In dit Water- en rioleringsprogramma (Wrp) wordt beschreven hoe we als gemeente omgaan met onze wettelijke zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Daarbij gaan we ook in op klimaatadaptatie en de zorg voor het oppervlaktewater. Dit Wrp omvat de periode 2024-2028 en is de opvolger van het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) Sliedrecht 2019-2023.
1.1
Doel water- en rioleringsprogramma
Het stedelijk watersysteem is een samenhangend systeem, bestaande uit stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Ons stedelijk watersysteem beschermt de volksgezondheid en het milieu door vuil water af te voeren naar de rioolwaterzuivering. Daarnaast is het systeem ingericht om wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen, maar ook genoeg hemelwater vast te houden voor de functies die hiervan afhankelijk zijn. Ook streven we naar een zo natuurlijk mogelijk grondwaterniveau, zonder grondwateroverlast of -onderlast. Het stedelijk watersysteem is daarmee een belangrijk onderdeel van de leefomgeving, waarbij er een directe relatie is met andere disciplines in de boven- en ondergrondse openbare ruimte. Figuur 1-1 Het stedelijk watersysteem Samenvattend is het doel van ons stedelijk watersysteem: • het beschermen van de volksgezondheid; • het beschermen van het milieu; • het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte.
Dit Wrp geeft aan hoe we deze doelen willen bereiken in Sliedrecht.
1.2
De zorgplichten
Vanuit de wet- en regelgeving hebben we zorgplichten ten aanzien van het stedelijk watersysteem. In dit Wrp geven we aan hoe we deze invullen. Hieronder gaan we per onderdeel kort in op de verschillende zorgplichten: •
Stedelijk afvalwater: Op grond van de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1a-3 is elke gemeente verantwoordelijk voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de in de gemeente gelegen percelen. Alle percelen binnen de bebouwde kom zijn daarom aangesloten op (vrijverval)riolering. Buiten de bebouwde kom zijn alle percelen aangesloten op vrijvervalriolering, mechanische riolering of een geoorloofd alternatief. Het waterschap
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 2
•
•
• •
heeft op grond van de Omgevingswet artikel 2.17 lid 1a-2 de verplichting om het afvalwater te zuiveren (of te laten zuiveren door een andere partij). Hemelwater: Vanuit de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a1 zijn gemeenten verplicht om zorg te dragen voor een doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater, maar alleen als degene die zich ervan wil ontdoen niet redelijkerwijs het water zelf kan verwerken op het eigen perceel, door het in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen Grondwater: In de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a2, is bepaald dat de gemeente de zorg heeft om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Dit doet de gemeente door maatregelen te treffen in het openbaar gemeentelijke gebied voor zover deze doelmatig zijn en niet tot de zorg van de (grondwater)beheerder of de provincie behoort. Drinkwater: De gemeente draagt samen met Rijk, provincie en waterschap zorg voor een duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening (Drinkwaterwet, artikel 2).
Besluit kwaliteit leefomgeving: Ook volgt uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (artikel 3.16) dat de gemeente er zorg voor draagt dat een openbaar vuilwaterriool zo wordt ontworpen, gebouwd en onderhouden dat: 1) het zoveel mogelijk berekend is op de eigenschappen, samenstelling en hoeveelheid van het afvalwater, 2) lekkage zoveel mogelijk wordt voorkomen, en 3) het aantal overstortingen zo beperkt is als voor een doelmatig beheer van afvalwater mogelijk is
1.3
Proces
Dit Wrp is tot stand gekomen in samenwerking tussen gemeente, waterschap Rivierenland, Rijkswaterstaat en ingenieursbureau Sweco.
1.4
Leeswijzer
In de figuur hieronder staat de opbouw van dit Wrp. Het programma bevat de uitwerking van de Omgevingsvisie op het gebied van onze watertaken. In de Omgevingsvisie is het beleid op hoofdlijnen aangegeven, in dit programma is het verder uitgewerkt. De primaire onderverdeling (Visie, Plan, Programma) sluit aan bij het instrumentarium van de Omgevingswet.
H1: Inleiding Algemeen H2: Evaluatie
Visie & beleid
H3: Wat willen we
Strategie
H4: Wie doet wat
Structuur Wrp
H5: Waar staan we nu
Programma
H6: Wat gaan we doen
H7: Wat kost het Figuur 1-2 Opbouw van het Wrp
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 3
Evaluatie We evalueren het huidige gemeentelijk rioleringsplan 2019-2023 en de werkzaamheden die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd. Vanuit de evaluatie leren we op welke punten het beleid geactualiseerd moet worden en of werkzaamheden volgens plan zijn uitgevoerd.
2.1
Terugblik beleidskeuzes en werkwijze
De ervaringen met het gemeentelijke rioleringsplan, het beheer en de uitvoering van onderzoeken en maatregelen zijn opgehaald. Hieronder bespreken we de belangrijkste punten: Beleidskeuzes Het GRP wordt gebruikt als leidraad bij de dagelijkse werkzaamheden, maar doordat enkele beleidskeuzes onvoldoende concreet zijn uitgewerkt ontstaat onduidelijkheid in de uitgangspunten. Bijvoorbeeld bij nieuwbouw als het gaat om het verwerken van hemelwater op eigen terrein en in de verantwoordelijkheden bij verstoppingen en rioolaansluitingen. Binnen de gemeente zijn de lokale ambities en uitgangspunten voor klimaatadaptatie onvoldoende concreet gemaakt, waardoor onvoldoende meekoppelkansen benut worden. De les die we hieruit trekken is dat we in de beleidskeuzes en de uitwerking daarvan meer richting moeten geven, zodat ze de handvatten vormen voor het dagelijks beheer. Dit krijgt meer vorm in de Wrp. Verbreding van de waterketen Het GRP is met name gericht op de riolering, oftewel de ondergrondse infrastructuur. Het vakgebied riolering wordt steeds breder en omvat het gehele stedelijk watersysteem. De bovengrondse ruimte is steeds meer nodig om overtollig hemelwater af te voeren naar oppervlaktewater, dat onderdeel is van ons hemelwaterstelsel.
In dit nieuwe programma zoeken we de verbreding op door het opstellen van een water- en rioleringsprogramma, in plaats van een gemeentelijk rioleringsplan. Hierin krijgen de bovengrondse voorzieningen en het oppervlaktewater een nadrukkelijke plek, omdat ze een belangrijk onderdeel zijn van ons stedelijk watersysteem. Beheer van de objecten In het gemeentelijk rioleringsplan 2019-2023 was de strategie om vooral in te zetten op het voldoende reinigen van riolen en het maar beperkt inspecteren van de riolering. Daardoor was er beperkt inzicht in de toestand van de riolering. Naar aanleiding van een tweetal instortingen zijn we vanaf 2020 gestart met het inspecteren van de riolering. In het Wrp nemen we budget op om de riolering structureel te inspecteren om inzicht te krijgen in de toestand. Ook is er budget nodig voor reparaties van geconstateerde gebreken vanuit deze inspecties en budget voor het uitvoeren van groot onderhoud aan het stelsel. Daarmee verminderen we de kans op calamiteiten fors. Flexibiliteit om in te spelen op ontwikkelingen De opgenomen projecten en onderzoeken vormen de leidraad voor de te nemen maatregelen tijdens de planperiode. Daarnaast is er behoefte om ook flexibel te zijn in het oppakken van projecten. Soms komt er een kans, ontwikkeling of onderzoeksvraag langs, die niet voorzien was maar bijdraagt aan een toekomstbestendige waterketen.
Daarom is in het Wrp budget opgenomen om onvoorziene werkzaamheden rondom klimaatadaptatie op te kunnen pakken. Samenwerken in de waterketen De afgelopen jaren is de samenwerking met het waterschap intensiever geworden. Ook in het opstellen van dit Wrp en de uitvoering daarvan in de periode 2024-2028 betrekken we het waterschap intensief.
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 4
2.2
Geplande en uitgevoerde werkzaamheden
In het GRP 2019-2023 zijn een aantal projecten genoemd. In tabel 2-1 zijn deze weergegeven en is aangegeven of en hoe deze zijn uitgevoerd. Tabel 2-1 Projecten in periode 2019-2023 (GRP)
Projecten Relinen riolering Gantel
Uitgevoerd? Ja
Verplaatsen gemaal Burgemeester Winklerplein Vervanging drukriolering op diverse plaatsen
Nee
Realiseren van 2,3 ha waterberging i.s.m. WSRL Vervanging persleidingen
Ja
Vervangen riolering Staatsliedenbuurt Vervangen riolering Vogelbuurt
Ja
Vervangen riolering Professorenbuurt
Nee
Vervangen riolering Baanhoek oost / Molendijk west Vervangen riolering Rivierenbuurt Zuid Vervangen riolering P.A. de Genestraat
Ja
Afkoppelen Inspecteren riolering Rivierenbuurt Noord
Deels Ja
Ja
Nee
Deels
Ja Nee
Toelichting Uitgevoerd. Minder budget benodigd dan voorzien, omdat het riool in de Gantelweg deels van voldoende kwaliteit bleek te zijn na inspectie. Nog niet uitgevoerd. Door vertraging binnen het project aan het Burgemeester Winklerplein is het gemaal nog niet verplaatst. De werkzaamheden zijn uitgevoerd. Langs de Molendijk en Baanhoek is de communicatie van drukgemalen aangepast en onderdelen vervangen. In dit Wrp geven we een vervolg aan het vervangen van de drukriolering, onder andere langs de Rivierdijk. Uitgevoerd. De kosten zijn lager uitgevallen door de locatiekeuze en cofinanciering. Niet uitgevoerd, vanwege onvoldoende noodzaak. De komende planperiode is een onderzoek naar de staat van de oudere persleidingen wenselijk. Uitgevoerd. De werkzaamheden zijn in 2021 afgerond. Het project is deels uitgevoerd. In Vogelbuurt Noord zijn de werkzaamheden t.a.v. riolering grotendeels afgerond. In de voorbereiding van de werkzaamheden is de scope van het project uitgebreid. In Vogelbuurt Zuid hebben de werkzaamheden vertraging opgelopen. Het geraamde budget is onvoldoende om de werkzaamheden uit te voeren. Dit wordt meegenomen in dit Wrp. Niet uitgevoerd. De vervanging van deze riolen stond als meekoppelkans met de aanleg van een warmtenet op de agenda. De riolen zijn in 2022 geïnspecteerd en hieruit blijkt dat het vervangen van de riolen noodzakelijk is.
Ook is de samenhang met de Vogelbuurt Zuid van invloed op de scope van dit project. Uitgevoerd. De werkzaamheden zijn volgens plan gerealiseerd. Uitgevoerd. De kosten voor de werkzaamheden zijn hoger uitgevallen dan voorzien o.a. door een scopewijziging. Niet uitgevoerd. In 2022 is het riool geïnspecteerd en hieruit blijkt dat ook het gemengde riool moet worden vervangen. Het project is doorgeschoven naar 2025 en het benodigde budget is herzien. Dit is deels uitgevoerd op diverse locaties In 2022 is de riolering in de Rivierenbuurt Noord geïnspecteerd en hieruit blijkt dat het vervangen van de riolering op korte termijn niet noodzakelijk is. Er kan worden volstaan met klein onderhoud.
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 5
Naast de geplande projecten zijn er ook een aantal projecten uitgevoerd die niet beschreven zijn in het GRP 2019-2023: Tabel 2-2 Extra uitgevoerde projecten in periode 2019-2023
Project Herstelwerkzaamheden Rembrandtlaan
Beschrijving Op verschillende locaties is het riool ingestort. Herstelwerkzaamheden hebben plaatsgevonden. Een deel van het riool is vervangen en een deel gerelined.
Rioolvervanging ThorbeckelaanVogelenzang
Dit is als aanvulling op het project in de Vogelbuurt Noord uitgevoerd.
Rioolvervanging Elzenhof
Vanuit de discipline infra is groot onderhoud noodzakelijk aan de wegen in de Elzenhof. Vanwege de leeftijd van de riolering vervangen we de riolering gelijktijdig. Uitvoering van het project is voorzien begin 2024.
Rioolvervanging Baaneweer, Koningsweer, Locksweer
Vanuit de discipline infra is groot onderhoud noodzakelijk aan de wegen in de Baaneweer, Koningsweer en Locksweer. Er vindt een rioolinspectie en beoordeling plaats om te bepalen of vervanging van de riolering nodig is.
Hemelwaterriolering Stormrand e.o.
Vanuit de discipline infra is groot onderhoud noodzakelijk aan de wegen in de Stormrand. Vanuit riolering is meegekoppeld door een hemelwaterriool aan te leggen naast het bestaande gemengde stelsel.
Reconstructie riolering Nijverwaard
In 2021 is de riolering in de Nijverwaard West geïnspecteerd. Uit de beoordeling van de inspectie bleek vervanging noodzakelijk. Het project bestaat uit twee fases, waarbij het gemaal en een deel van het riool (slechtste delen) worden vervangen. Daarna wordt de riolering in o.a. de Leeghwaterstraat en Beijerinckstraat vervangen.
Regionale klimaatstresstest en basisrioleringsplan
We hebben we de afgelopen jaren meer inzicht gekregen in het wateren rioolsysteem en de daarbij behorende knelpunten, door middel van de regionale klimaatstresstest en het basisrioleringsplan (2022). Waar het inzicht ontbreekt doen we nader onderzoek.
2.3
Ontwikkeling van de rioolheffing
De kosten voor de gemeentelijke watertaken worden gedekt door de rioolheffing. In grafiek 2-1 is het verloop van de rioolheffing weergegeven tijdens de periode 2019-2023. De grijze lijn geeft het werkelijke verloop van de rioolheffing weer. Na 2020 is de rioolheffing sterker gestegen dan in het GRP 2019-2023 (blauwe lijn) was aangegeven. Dit komt onder meer door de gevolgen van de instortingen die zich hebben voorgedaan, de benodigde budgetten voor onderzoeken aan de riolering en de extra projecten die zijn uitgevoerd zoals beschreven in paragraaf 2.2.
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 6
De oranje lijn geeft de geïndexeerde rioolheffing aan, zoals opgenomen in het GRP 2019-2023,op basis van de CBS cijfers.
Figuur 2-1: Ontwikkeling rioolheffing gemiddeld huishouden
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 7
Visie & beleid Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 8
Wat willen we We onderscheiden binnen het stedelijk watersysteem verschillende waterstromen waar we verschillend mee om gaan: stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Dit
hoofdstuk beschrijft de Sliedrechtse visie voor de omgang met deze waterstromen. We gaan in op de Sliedrechtse koers. Daarna behandelen we de ontwikkelingen en speerpunten, zoals klimaatadaptatie en assetmanagement. Tot slot beschrijven we de uitgangspunten voor het beleid van de watertaken.
3.1
De Sliedrechtse Koers
De visie en koers voor Sliedrecht is in een aantal stappen vormgegeven. Allereerst is de Koers 2030 uitgestippeld, vervolgens is een Omgevingsvisie opgesteld en tot slot zijn de doelen concreter uitgewerkt in het collegewerkprogramma. In dit hoofdstuk lichten we toe welke richting is uitgezet in de bovengenoemde documenten voor water, riolering en klimaatadaptatie.
Figuur 3-1 Visies gemeente Sliedrecht
3.1.1
Koers 2030
Sliedrecht heeft een Koers 2030 opgesteld, waarin aan de hand van drie kernopgaven de koers is uitgestippeld (zie ook figuur 3-2): 1. Werk maken van ruimtelijke vernieuwing; 2. Werk maken van een veilige en inclusieve samenleving; 3. Werk aan een ondernemend en betrokken Sliedrecht.
Figuur 3-2 Schematische weergave Koers 2030 Sliedrecht
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 9
De relevante speerpunten voor het stedelijk watersysteem en riolering kunnen worden vertaald naar het toevoegen van kwaliteit aan de openbare ruimte en borgen dat we dit ook zo houden. Dir doen we door in te zetten op een meer groenblauwe, klimaatadaptieve inrichting van de buitenruimte en op het actief beheer van de 'assets' in de openbare ruimte.
3.1.2
Omgevingsvisie
Deze drie kernopgaven zijn verder uitgewerkt in de Omgevingsvisie (2021). Vanuit stedelijk water dragen we vooral bij aan kernopgaven 1 en 2. In de Omgevingsvisie wordt water en riolering een aantal keer genoemd.
“We streven naar een duurzame en doelmatige invulling van onze zorg voor het rioleringsstelsel. Daarbij moeten de bescherming van de volksgezondheid, de kwaliteit van de leefomgeving, het behoud van droge voeten en de bescherming van bodem en grond- en oppervlaktewater gewaarborgd zijn.” Deze visie leidt tot de volgende ambities: • •
We hebben (onze taken voor) de waterhuishouding op orde. Dat betekent dat we droge voeten hebben en houden en dat ons water biologisch gezond is. Onze fysieke leefomgeving wordt groener en klimaatbestendiger. Hiervoor bouwen we onze groenblauwe structuren verder uit en verbinden we ze onderling. Verder koppelen we de structuren aan onze andere maatschappelijke opgaven.
De doelen en uitgangspunten die we nastreven in relatie tot het stedelijk watersysteem zijn: • • •
3.2
We treffen doelmatig maatregelen om structurele nadelige gevolgen van te lage grondwaterstanden te voorkomen of te beperken. We behouden en ontwikkelen de kwaliteit en diversiteit van water, landschappelijke waarden en ecologie. We vergroten de ruimte voor waterberging.
Ontwikkelingen
Er zijn een aantal (landelijke) ontwikkelingen van invloed op de ambities en werkwijze ten aanzien van het stedelijk watersysteem van Sliedrecht.
3.2.1
Ruimtelijke (klimaat)adaptatie
Het klimaat verandert. De gemiddelde temperatuur stijgt, de jaarlijkse hoeveelheid neerslag neemt toe, buien worden heviger, lange perioden van droogte komen vaker voor en piekafvoeren van de rivieren worden hoger. De kans op wateroverlast, overstromingen, droogte en hittestress nemen toe. Dit brengt risico’s mee voor onze leefomgeving. Om te zorgen dat deze veranderende omstandigheden niet of zo min mogelijk tot overlast en schade leiden, passen we onze leefomgeving aan. Dit noemen we klimaatadaptatie. In Sliedrecht hebben we de gevolgen van weersextremen ervaren. Wateroverlast, droogte en hitte hebben voor materiële en immateriële schade gezorgd. Met regelmaat zien we de gevolgen van deze weersextremen terugkomen en toenemen. De afgelopen jaren hebben we te maken gehad met hevige neerslag in korte tijd en perioden met langdurige neerslag. Daarnaast hebben we in de afgelopen jaren in de zomer ook perioden van langdurige droogte meegemaakt.
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 10
De gevolgen van klimaatverandering houden zich niet aan nationale, regionale of gemeentelijke grenzen. Op alle niveaus zijn er initiatieven om klimaatadaptatie te implementeren en stimuleren. Op nationaal niveau heeft het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) als doel dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht. Het DPRA heeft de hier naast gevisualiseerde 7 ambities. Op regionaal niveau wordt samengewerkt tussen gemeenten, waterschap en provincies om dit voor elkaar te krijgen. Sliedrecht is onderdeel van de werkregio Alblasserwaard-Vijfheerenlanden. Op regionaal niveau zijn in 2019 stresstesten uitgevoerd om de kwetsbaarheden voor wateroverlast, droogte, hitte en overstromingen in beeld te brengen. In de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) is vervolgens uitgewerkt welke Figuur 3-3 ambities DPRA regionale doelstellingen, ambities en strategielijnen worden nagestreefd. Een lokale doorvertaling van dit regionale plan wordt de komende jaren uitgewerkt. In Sliedrecht wordt vanuit diverse beleidsterreinen gewerkt aan een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting. In dit Wrp richten we ons op de thema’s wateroverlast en droogte, omdat deze direct samenhangen met onze zorgplichten.
3.2.2 Integrale kijk op de afvalwaterketen De afvalwaterketen is de laatste jaren complexer geworden, onder andere omdat grond- en hemelwater een grote rol zijn gaan spelen. Ondertussen willen we werkzaamheden gebiedsgericht, in samenhang en integraal uitvoeren. Daarvoor is regelmatig overleg nodig met andere disciplines binnen en buiten de eigen organisatie. Grootschalige vervanging van riolering voeren we altijd in samenhang met weg- en wijkvernieuwing uit. Betrokkenheid (participatie) van alle betrokkenen is daarbij steeds belangrijker.
3.3.3 Assetmanagement Het beheer van stedelijk water en riolering wordt in Nederland sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw volgens de principes uit de Nederlandse Praktijkrichtlijn Buitenriolering Beheer uitgevoerd. Het gedachtengoed van ‘Doen we de goede dingen en doen we de goede dingen goed’ voert daarbij de boventoon. Dat kan gezien worden als de voorloper van wat tegenwoordig assetmanagement wordt genoemd. De komende jaren willen we in Sliedrecht ook het beheer van riolering en stedelijk water verder professionaliseren. Daarnaast gaan we meer werken volgens de plan-do-checkact cirkel. Deze planperiode onderzoeken we op welke wijze we assetmanagement principes verder kunnen doorvoeren. Figuur 3-4: De plan-do-check-act-cirkel
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 11
3.3
Beleid Stedelijk afvalwater
Stedelijk afvalwater is huishoudelijk afvalwater of een mengsel van huishoudelijk afvalwater met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. We hebben de wettelijke zorgplicht voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater. Inzameling en transport We beschermen de volksgezondheid en zorgen voor een aantrekkelijke leefomgeving door stedelijk afvalwater in te zamelen en af te voeren. Het stedelijk afvalwater brengen we naar het eindgemaal en de rioolwaterzuiveringsinrichting (RWZI) van waterschap Rivierenland waar het gezuiverd wordt, voordat het teruggebracht wordt in het milieu. In het stedelijk gebied zamelen we afvalwater in en transporteren we dit met vrijvervalriolering. Buiten de bebouwde kom en in delen van het buitendijkse gebied doen we dit met drukriolering. De riolering heeft een maximale capaciteit om afvalwater te bergen en af te voeren. Om te voorkomen dat bij een zware regenbui geen huishoudelijk afvalwater meer kan worden afgevoerd en in huizen en andere gebouwen terecht komt, zijn er riooloverstorten aangelegd (in bijlage 4 is een overzicht van de overstorten opgenomen). Hierdoor wordt het rioolwater in het oppervlaktewater geloosd als de capaciteit van het riool niet meer voldoende is. Dit geeft wel een slechtere oppervlaktewaterkwaliteit, daarom willen we dat zoveel mogelijk voorkomen.
Nieuwbouw en gebiedsontwikkeling Bij nieuwbouw zamelen we huishoudelijk- of bedrijfsafvalwater en afvloeiend hemelwater gescheiden in. Daarom moet dit gescheiden aan de perceelgrens worden aangeleverd. Het huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater zamelen we in en voeren we middels de riolering af richting de RWZI. In een aantal gevallen is het lokaal zuiveren van het vuil water noodzakelijk. De effecten op het milieu en de kosten zijn bepalend voor de afweging wat de meest doelmatige optie is, binnen de wet- en regelgeving.
3.4
Beleid Hemelwater
Hemelwater is relatief schoon water, wat we graag gescheiden willen houden van de vuilwater stromen. We hebben de verplichting om afvloeiend hemelwater in te zamelen en te verwerken, zolang een perceeleigenaar dat redelijkerwijs niet zelf kan. Schoonhouden-scheiden-zuiveren Hemelwater is ’schoon’ water en houden we zoveel mogelijk schoon. We zamelen bij voorkeur hemelwater gescheiden in van huishoudelijk of bedrijfsafvalwater. Wanneer het gemengde stelsel aan vervanging toe is, leggen we een gescheiden rioolstelsel terug. Het hemelwater brengen we naar bergings- en infiltratievoorzieningen of naar oppervlaktewater. We voorkomen verontreiniging door zo min mogelijk uitlogende materialen toe te passen (zoals lood en zink). Bij afstroming van hemelwater van verontreinigde oppervlakken treffen we maatregelen, voordat we het water infiltreren of lozen op oppervlaktewater. Hiermee beperken we een negatief effect op de (grond)water- en bodemkwaliteit. Als dit niet haalbaar of doelmatig is, voeren we het water af naar de RWZI. Vasthouden-bergen-afvoeren Voor de verwerking van hemelwater volgen we de trits ’vasthouden-bergen-afvoeren’, dit geldt zowel voor de openbare ruimte als voor particulier terrein. We verwerken het hemelwater zoveel mogelijk in het gebied waar het gevallen is, om zo wateroverlast in nabijgelegen gebieden te verminderen.
Daarnaast is dit van belang water vast te houden om droogte tegen te gaan. De volgorde hiervoor is: 1) vasthouden en verwerken op eigen terrein, 2) bovengronds af voeren naar lokaal oppervlaktewater of groen, 3) ondergronds afvoeren naar lokaal oppervlaktewater of groen via
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 12
een hemelwaterstelsel. Als eerdere opties niet mogelijk zijn voeren we het hemelwater af naar de RWZI, samen met het huishoudelijke en bedrijfsafvalwater. Buiten de bebouwde kom verwachten we dat particulieren het hemelwater verwerken dat op hun eigen perceel valt. Dat geldt ook voor buitendijkse gebieden die grenzen aan de rivier en voor grote percelen. Hier is voldoende ruimte om het water op eigen perceel te verwerken of af te voeren naar oppervlaktewater. Het is niet toegestaan om hemelwater aan te sluiten op de drukriolering. Dimensionering van voorzieningen We hebben voorzieningen om ervoor te zorgen dat het hemelwater niet tot overlast en schade leidt. Hemelwatervoorzieningen (of gemengde riolering) in bestaand gebied zijn in het verleden gedimensioneerd op bui08 uit de Kennisbank Stedelijk Water (dit is een bui van 19,8 mm per uur). In nieuwe situaties dimensioneren we hemelwatervoorzieningen op bui09 uit de Kennisbank Stedelijk Water (29,4 mm per uur) en richten we de bovengrond zo in dat ook een bui 10 (35,7 mm) niet tot overlast en schade leidt. Hinder-overlast-schade Er kunnen altijd zwaardere regenbuien vallen dan waar onze voorzieningen op zijn gedimensioneerd. In dat geval kan hinder, overlast of schade door water onstaan. Er zijn laaggelegen locaties met een verhoogde kans op schade, zoals woningen met een vloerpeil lager dan het wegniveau.
Het regenwater verzamelt zich immers op lager gelegen locaties. In geval van hinder worden geen maatregelen getroffen. Water op straat gaat steeds vaker voorkomen en moeten we dan ook accepteren. Om overlast te beperken worden, waar mogelijk en doelmatig, structurele verbetermaatregelen genomen. In het geval van schade wordt er een onderzoek gestart naar mogelijke oorzaken en kostenefficiënte maatregelen om dit te beperken. Hinder - Kortdurende periode (max. 2 uur) van water op straat; - Plassen van één tot enkele centimeters, waarbij verkeer nog mogelijk is; - Herhalingstijd van eens of twee keer per jaar. Overlast - Langer durende periodes (meer dan 2 uur) van water op straat; - Er is geen sprake van plassen op straat, maar van ondergelopen straten; - Verkeer is niet meer overal mogelijk (ondergelopen tunnels, hoge waterstand op straat); - Herhalingstijd van eens in de vijf tot tien jaar. Waterschade - Grote economische schade; - Gezondheidsschade (ziekten of letsels die direct te relateren zijn aan water op straat); - Water in panden met schade tot gevolg; - Verkeer is in een groot gebied niet meer mogelijk (ondergelopen tunnels, hoge waterstand op straat). Nieuwbouw en gebiedsontwikkeling Nieuwbouw en herontwikkelingen moeten aan de voorwaarden van gemeente en waterschap voldoen. Dit houdt in dat hemelwater zoveel mogelijk lokaal verwerkt moet worden.
Nieuwbouwplannen en gebiedsontwikkelingen worden onderworpen aan de watertoets (onder Omgevingswet heet dit ‘de
Ontwerp Water- en rioleringsprogramma 2024-2028 Invulling van de zorgplichten voor het stedelijk watersysteem
Pagina | 13
weging van het waterbelang’), waarbij wordt bepaald of voldoende maatregelen zijn getroffen om het hemelwater adequaat binnen het plangebied te verwerken. Provincie Zuid-Holland heeft een convenant klimaatadaptief bouwen opgesteld, met de uitgangspunten om te bouwen op een manier die past bij de veranderende klimaatomstandigheden. In dit convenant zijn concretere eisen voor o.a. hemelwaterberging opgenomen. Binnen de gemeente Sliedrecht hanteren we deze eisen vooralsnog als richtlijn bij nieuwe ontwikkelingen. We willen voorkomen dat hevige neerslag tot wateroverlast- en schade leidt en daarom is het belangrijk dat water een plek heeft in de openbare ruimte. We willen binnen herinrichtingsprojecten meer ruimte maken voor het bergen en vasthouden van water door het beperken van verharding, aanbrengen van meer groenvlakken en ondergrondse voorzieningen zoals lavapakketten onder wegen.
3.5
Beleid Grondwater
Grondwater is al het water dat zich in de bodem bevindt. Het grondwater wordt met name gevoed met hemelwater, maar ook vanuit het oppervlaktewater en door kwelstromen. In dit Wrp richten we ons op het ondiepe grondwater in het stedelijk gebied. Grondwater is lokaal lastig te beïnvloeden, maar kan grote invloed hebben op de functie van een locatie. Er is altijd sprake van een bepaalde mate van fluctuatie. Maar bij langdurige droogte kan het grondwater wegzakken en bij langdurig natte perioden kan het grondwaterpeil stijgen. Grondwaterover- en onderlast De zorgplicht voor grondwater ligt in eerste instantie bij de perceeleigenaar zelf. De perceeleigenaar is primair verantwoordelijk voor het treffen van maatregelen tegen grondwaterover- en onderlast, voor zover deze problemen niet worden veroorzaakt door onrechtmatig handelen of nalaten van een buur (overheid of private partij). Als gemeente hebben wij de zorgplicht om (onder voorwaarden) in de openbare ruimte maatregelen te treffen tegen structurele nadelige gevolgen van de grondwaterstand, hierbij volgen we het schema in figuur 3-5.