231031_Art. 38 (mondelinge) VR_Verweij_SGP-ChristenUnie_Proactief reageren van het college op recent aangenomen Tweede Kamer.pdf
Tekst van het document
GEMEENTERAAD SLIEDRECHT Mondelinge vragen raadsleden aan het college van B&W (artikel 38 vragen*) Het lid dat mondelinge vragen wil stellen meldt dit onder opgave van het onderwerp en de vragen schriftelijk via de griffier bij de voorzitter aan uiterlijk op de dag van de vergadering vóór 12.00 uur. Artikel 38a Antwoordgarantie Als aan de burgemeester of aan het college vragen worden gesteld op grond van artikel 38 en die vragen tenminste 24 uur voorafgaande aan het stellen van de vragen bij de voorzitter zijn gemeld, geldt een antwoordgarantie, zodat de vragen in de betreffende vergadering of bijeenkomst worden beantwoord. Datum: 30 oktober 2023 Aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeenteraad Sliedrecht, Steller vragen: J.P. Verweij Onderwerp: proactief reageren van het college op recent aangenomen Tweede Kamer moties m.b.t. Chemours. Toelichting: Op 26 oktober jongstleden zijn er meerdere moties ingediend door Tweede Kamerlid van der Graaf (ChristenUnie) m.b.t. Chemours, waarmee de gemeente Sliedrecht, en andere gemeenten in de regio, hun voordeel kunnen doen om de situatie van burgers te versterken. Het gaat o.a. om de moties 22343-380 en 22343-378 (ingediend door Lid van der Graaf) en motie 33118-276 (mede-ingediend door Lid van der Graaf).
Deze drie moties zijn als bijlagen bij deze vragen meegestuurd en hebben de volgende strekking: Moties 22343-380 heeft als strekking dat het rijk in gesprek gaat met GGD ZHZ om te komen tot gerichte ondersteuning richting de GGD, zodat deze beter in staat is om onderzoeken uit te voeren en vragen van inwoners te beantwoorden. Motie 22343-378 heeft als strekking omgevingsdiensten beter te ondersteunen met kennis, capaciteit en doorzettingsmacht, zodat zij beter in staat zijn hun taken op het gebied van Vergunningsverlening, Toezicht en Handhaving uit te voeren. Motie 33118-276 heeft als strekking dat het Rijk aan het RIVM de opdracht moet geven tot het uitvoeren van een uitgebreid onderzoek naar de gezondheidseffecten van Chemours op de gezondheid van omwonenden en werknemers. Naar aanleiding van deze drie moties aan het college de volgende vragen: Vraag 1: kent het college deze moties en de inhoud ervan en onderkent het college het belang van deze moties voor de Sliedrechtse samenleving? Vraag 2: onderkent het college dat de snelheid van onderzoek en advies, richting burgers en richting maatschappelijke organisaties, beter kan. En dat het, door schaal en omvang
van het PFAS-Chemours-probleem, terecht is dat het Rijk hierin bijspringt met capaciteit en financiële middelen? Ziet het college het ook zo dat het versterken van de GGD, de OZHZ en het RIVM, de samenwerkende gemeenten in deze regio zou helpen om hun burgers te bedienen met helder en duidelijk advies. Vraag 3: ziet het college het ook zo dat deze versterking beter eerder dan later kan worden ingericht, en ziet het college ook het risico dat door verkiezingen en formatie dit weleens uit beeld zou kunnen raken? Vraag 4: hoe kijkt het college er tegenaan om in het verband van de desbetreffende Gemeenschappelijke Regelingen (GR DGJ en GR OZHZ) met deze moties in de hand de gang te maken naar het Rijk om uitvoering van deze moties te bespoedigen? Vraag 5: zouden de portefeuillehouders die ons vertegenwoordigen in de genoemde Gemeenschappelijke Regelingen willen toezeggen dat zij deze gang naar het Rijk zullen voorstellen in het AB van deze GR?
Jan Pieter Verweij, 30-10-2023 *Art. 38 Reglement van Orde 1. Elk lid kan tijdens de oordeelsvormende of besluitvormende vergadering mondelinge vragen stellen aan het college over het door (een lid van) het college gevoerde bestuur met betrekking tot een actueel onderwerp. Voor wat betreft de besluitvormende vergadering komt dit recht uitsluitend toe aan een raadslid.