230914_ANTW_TECH.VR_Ippel, S.C.M._SGP-ChristenUnie_Nota van uitgangspunten.pdf
Tekst van het document
MEMO Voor
: Gemeenteraad, Fractie SGP-ChristenUnie t.a.v. de heer Ippel
Van
: Wethouder Bijderwieden
Datum
: 14 september 2023
Betreft
: Technische vragen Nota van uitgangspunten omgevingsplan 1.0
Geachte heer Ippel, Op maandag 11 september jl. heeft u de volgende vragen gesteld over de Nota van uitgangspunten omgevingsplan 1.0: In de nota van uitgangspunten op pagina 29 onder de kop uitgangspunten staat de volgende zin: “Gebiedsgericht maatwerkbeleid voor de woningbouwopgave op basis van het standstill principe dat hergebruik van PFAS grond, die volgens het regionale beleid niet kan worden toegepast, toch mogelijk maakt. Daarbij is een veilige en gezonde fysieke leefomgeving uitgangspunt.” Vraag 1: Hoe moeten wij dit uitgangspunt precies duiden? Vraag 2: Kan u een voorbeeld geven hoe dit in de praktijk zal werken? Vraag 3: Kunnen wij als gemeente zonder gevolgen afwijken van het regionale beleid? Vraag 4: Wat is de visie van het college op dit punt? BEANTWOORDING: Ter verduidelijking; het doel van de Nota van Uitgangspunten (NvU) is het vaststellen van de uitgangspunten die we als gemeente hanteren voor de eerste wijziging van het omgevingsplan, het omgevingsplan 1.0 (hierna: OP 1.0). Met deze uitgangspunten is een keuze gemaakt in: - De thema's en welk gebied (het centrumgebied) we nu al meenemen in deze wijziging; - De thema's die we meenemen als hier voldoende tijd en capaciteit voor is (OP 1.0+); - De thema's en gebieden die pas in volgende wijzigingen mee worden genomen. Het belangrijkste uitgangspunt is dat het OP 1.0 beleidsneutraal wordt opgesteld.
De geformuleerde uitgangspunten zijn daarnaast gebaseerd op kennis en ervaringen, ambtelijke werksessies en woordvoerdersoverleggen met de gemeenteraad. Bestaand en vastgesteld beleid wordt met dit OP 1.0 niet aangepast. De NvU geeft alleen aan welke beleidsstukken en beleidsregels in deze eerste wijziging al omgezet worden naar het OP 1.0. Onderwerpen waarvoor nog geen beleid of beleidsregels zijn vastgesteld (uit de 1.0+ lijst, blz. 10 en 11 van de NvU) kunnen dus pas meegenomen worden op het moment dat de gemeenteraad hierover heeft besloten. Want ook onder de Omgevingswet is de gemeenteraad het bevoegd gezag om beleid vaststellen. 1. Hoe moeten wij dit uitgangspunt precies duiden? Het benoemde citaat komt uit bijlage C van de Nota van Uitgangspunten (NvU) voor het OP 1.0. Bijlage C bevat een opsomming op hoofdlijnen van de doelen en uitgangspunten uit vastgesteld gemeentelijk beleid. Op bladzijde 29 worden o.a. de doelen en uitgangspunten benoemd uit de Omgevingsvisie die door uw raad in 2021 zijn vastgesteld. De uitgangspunten worden met de vaststelling van de NvU dus niet aangepast.
-2-
Zoals u weet is de bodem van ons gebied vervuild met PFAS, dit uitgangspunt is destijds om die reden opgenomen in de omgevingsvisie. Als goed in beeld is wat de exacte vervuiling in een gebied is, en wat de risico's daarvan zijn, kan er gebiedsgericht maatwerkbeleid worden opgesteld. Van belang is daarbij het standstill principe, wat betekent dat de toe te passen grond nooit een hoger vervuilingspercentage mag hebben dan de ontvangende bodem. Bij grondverplaatsingen mag de situatie dus niet verslechteren. Met maatwerkbeleid kan worden afgeweken van regulier landelijk en regionaal beleid. Leidend bij het afwijken van het reguliere beleid is dat er geen vergrotende risico's voor mens en milieu mogen zijn.
2. Kan u een voorbeeld geven hoe dit in de praktijk zal werken? Er wordt een weg aangelegd waarbij grond vrijkomt met een gehalte van 40 microgram per kilogram PFOA. Deze grond wordt toegepast op een andere plek binnen de gemeente waar ook een weg wordt aangelegd, of waar een industrieterrein wordt ontwikkeld, en waar de grond een gehalte heeft van 50 microgram/kilogram PFOA. Het gehalte aan PFOA ligt onder de INEV (algemeen indicatief risiconiveau van het Rijk, 60 microgram per kilogram PFOA) maar is in strijd met het regionale bodembeleid waaruit volgt dat grond met een waarde hoger dan 10 microgram/kilogram niet verplaatst mag worden. Middels een maatwerkbesluit kan de grond nog steeds worden toegepast zonder dat het extra risico's oplevert voor mens en milieu. NB: RIVM heeft berekend dat voor infrastructuur, waar dus geen gewasteelt plaatsvindt en ook geen kinderen spelen, voor PFOA een indicatief risiconiveau geldt van 930 microgram/kilogram.
3. Kunnen wij als gemeente zonder gevolgen afwijken van het regionale beleid? Het regionale beleid is door iedere gemeenteraad in Zuid-Holland Zuid afzonderlijk vastgesteld en wordt gezien als eigen beleid. Het college kan afwijken van eigen beleid middels een maatwerkbesluit. Dit kan het college echter alleen doen als risico's voor mens en milieu niet in het geding zijn. Ook in het landelijke beleid is aangegeven dat individuele gemeenten in dit soort gevallen een eigen koers mogen varen.
4. Wat is de visie van het college op dit punt? PFAS is een vervuiling waar we in onze gemeente iedere dag mee te maken hebben. Wij vinden het belangrijk dat onze inwoners in een gezonde en veilige leefomgeving kunnen wonen. Afwijken van beleid zal het college dan ook alleen op het moment doen wanneer dit geen risico's oplevert voor mens en milieu. Ondanks de vervuiling willen we er voor zorgen dat ook onze toekomstige generaties fijn en veilig kunnen wonen en werken in Sliedrecht.