CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Gemeentelijke aanpak Spreidingswet Sittard-Geleen

Raad 3 juni 2024, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Gemeentelijke aanpak Spreidingswet Sittard-Geleen (Geilen) (54)2.253 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente

_

Sittard-Geleen

Voorstel aan Gemeenteraad

Registratienummer: Z/24/549856

Onderwerp Gemeentelijke aanpak Spreidingswet Voorstel De gemeenteraad besluit: 1. Het college te verzoeken om actief aan de slag te gaan met haar bevoegdheid onder de Spreidingswet. Dit houdt in dat het college kan starten met het onderzoek naar potentiële locaties voor asielopvang. 2. De uitgangspunten als opgenomen in bijlage 1 als kader te hanteren voor het onderzoek naar potentiële opvanglocaties. 3. In te stemmen met de voorgestelde procesplanning in bijlage 2.

Inleiding Op grond van de Spreidingswet moeten gemeenten opvanglocaties beschikbaar stellen. De wetscyclus doorloopt een termijn van twee jaar van raming, overleg (vrijwillige inbreng opvangplekken), verdeelbesluit en realisatie. Momenteel zitten we in de fase van overleg. Tijdens deze fase ontwikkelen gemeenten en de Provinciale Regietafels samen regionale asielopvangplannen in lijn met de capaciteitsraming1 van het Rijk. De regionale plannen worden op uiterlijk 1 november aan de minister van Justitie en Veiligheid aangeboden. Op uiterlijk 31 december 2024 volgt het verdeelbesluit van de minister. Dit verdeelbesluit geeft het college van een aangewezen gemeente de taak om in medebewind een bepaald aantal plaatsen te realiseren. De raad heeft, gegeven dat bepaalde aantal, een taak daarvoor zo nodig (planologische) besluiten te nemen. Alhoewel het college in de huidige fase van overleg al bevoegd is om de wettelijke taak onder de Spreidingswet actief op te pakken, heeft de raad verzocht hierover een standpunt te kunnen innemen. Gezien de omvang en impact van deze opgave brengt het college de raad hiertoe in positie. Vroegtijdige inbreng van de raad op de aanpak en planvorming is van groot belang om tot een gedragen plan te komen.

Beoogd effect Met een gezamenlijke en gedragen visie van het college en de raad invulling geven aan de taak onder de Spreidingswet om tot een asielopvanglocatie te komen die minimaal voorziet in het aantal opvangplekken in de capaciteitsraming van het Rijk.

Gemeentesecretaris

J.A.M. Heesen i

Staatscourant 2024, 3320 I Overheid.nl > Officiële bekendmakingen (officielebekendmakinqen.nl)

Gemeente

Sittard-Geleen Argumenten

1.1

College en raad trekken gezamenlijk op in de uitvoering van de Spreidingswet De opgave is omvangrijk en kent de nodige verdeeldheid. Het college vindt het daarom belangrijk om van meet af aan een duidelijke en gezamenlijke visie uit te dragen. Op 11 april heeft daarom een opiniërende raadssessie plaatsgevonden over de Spreidingswet. Uitkomst was onder andere het verzoek van de raad om een formeel standpunt in te nemen over de rol van het college om in de wettelijke fase van overleg al actief aan de slag te gaan met haar taak onder de Spreidingswet om tot een asielopvanglocatie te komen.

1.2

We gaan actief aan de slag met de indicatieve opgave Gezien de omvang van de opgave en de voorspellingen op asielinstroom2 is niets doen geen optie. Zuid-Limburg komt op basis van de capaciteitsraming 1.310 structurele plekken te kort. Gemeenten hebben nog geen plannen gedeeld om hieraan te voldoen. Het is onwaarschijnlijk dat er zonder de inbreng van Sittard-Geleen wordt voldaan aan de capaciteitsraming. Dit omdat vergelijkbare gemeenten zoals Maastricht en Heerlen respectievelijk al 730 en 3803 structurele opvangplekken bieden. Het college stelt de raad daarom voor om als tweede grote gemeente in de regio haar maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen en actief aan de slag te gaan met het zoeken naar een asielopvanglocatie.

1.3

We benutten de beschikbare tijd optimaal Door in deze fase van de wetscyclus aan de slag te gaan met het onderzoek naar potentiële locaties laten we ons niet overvallen door het verdeelbesluit van de minister (of staatssecretaris) van Justitie en Veiligheid en hebben we effectief 8 maanden meer tijd om tot een geschikte locatie te komen. Gaan we pas aan de slag na bekendmaking van het verdeelbesluit dan hebben we maar 6 maanden de tijd om tot een locatie te komen die op 1 juli in gebruik moet worden genomen. Dit gaat ten koste van de zorgvuldigheid.

2.1

We leveren een bijdrage passend bij de omvang van onze gemeente Dit doen we door vroegtijdig te anticiperen op de gestelde opgave. Op basis van de signalen uit de raad koersen we minimaal op een variant van 434 plekken als opgenomen in de capaciteitsraming.

2.2

Asielopvang organiseren we in samenhang met de keten Om tot een goede aanpak te komen zijn we afhankelijk van de expertise en bevoegdheden van andere organisaties waaronder het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) en de Provinciale Limburgse Regietafel. Daarom trekken we gezamenlijk op en stemmen we af over de diverse aspecten van opvang: leefbaarheid, veiligheid, maatschappelijke functies (o.a. onderwijs, zorg, begeleiding), participatie en werk.

2.3

Een eventuele bonusuitkering is vrij besteedbaar voor gemeenten Een asielopvanglocatie heeft ruimtelijke en maatschappelijke impact op de directe omgeving. Vanuit dit besef kan een eventuele bonusuitkering voor asielopvang gebruikt worden ten gunste van de openbare ruimte in de wijk waar zo’n locatie landt.

2 Aantal asielzoekers in 2024 in lijn met eerdere verwachting I Nieuwsbericht I Riiksoverheid.nl

3 COA - Locatiezoeker | www.coa.nl Voorstel aan Gemeenteraad

pagina 2 van 5

■■

Gemeente

Sittard-Geleen born 2.4

We regelen een ‘duurzame opvanglocatie’ Op een dergelijke locatie wonen asielzoekers met perspectief op verblijf. Dit heeft in de regel een positieve uitwerking op het woon- en leefklimaat op een dergelijke locatie. Daarnaast maakt dit het mogelijk om in een vroeg stadium in te zetten op participatie en integratie. Daarbij opgemerkt dat de rechten en plichten voor asielzoekers essentieel anders zijn dan die voor statushouders. Het grote verschil is dat asielzoekers nog in procedure zijn voor hun recht op verblijf in Nederland. Zij vallen onder de verantwoording van het COA en kunnen naar een andere regio worden uitgeplaatst. Statushouders hebben deze procedure doorlopen en het recht op verblijf is voor hen een feit. Zij vallen onder de verantwoording van een aangewezen gemeente.

2.5

Een opvanglocatie realiseren we voor minimaal 3 jaar, een eindtermijn wordt niet gesteld Op deze manier borgen we een structurele plek als gevraagd in de Spreidingswet. Daarnaast pinnen we ons niet vast op een eindtermijn die praktisch gezien niet realistisch blijkt. Bijv, door de aanhoudende vraag naar opvangplekken en/ of woningen (zie 2.6).

2.6

De locatie organiseren met inachtneming van optimale flexibiliteit in bewoning Het landelijke streven is om asielopvang robuust en flexibel vorm te geven. Het is de bedoeling dat locaties kunnen groeien en slinken naar gelang de wisselende behoefte. In het onderzoek naar de realisatie van opvangplekken bezien we de optie om op termijn bewoning door andere doelgroepen (o.a. starters, statushouders, urgent woningzoekenden, studenten, ouderen) mogelijk te maken. Ook bezien we in hoeverre een locatie tussentijds (bijv, vanwege afgenomen opvangbehoefte) geschikt te maken is voor bewoning door een mix van doelgroepen. In deze verkenning is nadrukkelijk aandacht voor de leefbaarheid op locatie en in de omgeving.

2.7

Opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers is bespreekbaar Deze doelgroep is onderdeel van de capaciteitsraming onder de Spreidingswet. Voor SittardGeleen is het aantal op 37 gesteld. Deze vorm van opvang is kleinschalig georganiseerd en NIDOS als voogdijinstelling is naast het COA medeverantwoordelijk voor de opvang aan deze doelgroep. De huidige realisatie in Zuid-Limburg is in lijn met de opgave, voor geheel Limburg is de realisatie nog niet op peil. Als nodig dan houden we deze optie open voor onderzoek.

Kanttekeningen 1.1 Afwachten kan ook, de opgave is immers indicatief Het woord indicatief betekent dat de wet gemeenten de ruimte biedt om in de periode van 1 februari tot 1 november 2024 tot een voorstel te komen dat recht doet aan de lokale en provinciale autonomie en invulling geeft aan de provinciale opgave. Provinciale regietafels en gemeenten zijn hierover in overleg. De Provinciale Limburgse Regietafel heeft aan onze gemeente aangegeven dat een opvanglocatie van minimaal de gestelde indicatieve opgave (liefst nog meer plekken) nodig is. De provincie moet immers nog 1.310 structurele plekken realiseren. Vooralsnog hebben de Zuid-Limburgse gemeenten nog niet voldoende structurele asielopvangplekken aangeboden om aan de taakstelling onder de Spreidingswet te voldoen. Sittard-Geleen heeft nog geen structurele opvanglocatie. In dat licht en in relatie tot het aantal benodigde structurele opvangplekken in de regio is afwachten geen optie.

1.2

We hoeven nog geen voorstel te doen en kunnen toch al met voorbereidingen aan de slag Deze aanpak staat haaks op de visie van de Limburgse gemeenten om met elkaar tot een oplossing te komen. Het college voelt zich verantwoordelijk om bij te dragen aan deze opgave en is solidair met de regio. We willen tot oplossingen komen en als we die zien dan delen we deze.

Voorstel aan Gemeenteraad

pagina 3 van 5

Sittard-Geleen Torn 2.1

Het risico bestaat dat de uitgangspunten niet uitvoerbaar blijken voor het COA Het college heeft een aantal algemene uitgangspunten voor het onderzoek naar locaties geformuleerd. Het risico bestaat dat deze niet in lijn zijn met de voorwaarden die het COA aan een opvanglocatie stelt. Uit informeel overleg met het COA blijkt dat het raadzaam is om uitgangspunten aan de voorkant algemeen te formuleren. Dit omdat de situering van de locatie bepalend is voor de benodigde faciliteiten op de locaties. Het college vindt het belangrijk om heldere uitgangspunten mee te geven voor het onderzoek. En aan de voorkant duidelijk te maken welke elementen extra aandacht behoeven. Denk aan veiligheid en de leefbaarheid op de locatie.

3.1

De planning is te ambitieus De wettelijke doorlooptijden van voorbereiding tot aan realisatie zijn krap. Met enig voorbehoud is een overall procesplanning gemaakt die toewerkt naar de deadline van 1 juli 2025 voor ingebruikname van een locatie. Direct na besluitvorming van de raad start een aparte projectorganisatie, zo nodig met inzet van externe expertise.

Inclusie Het huidige asielsysteem is onvoldoende toegerust op de vraag naar opvangplekken. Het college voelt de urgentie om een actieve bijdrage te leveren aan deze maatschappelijke opgave en ambieert met een ‘duurzame opvanglocatie’ minimaal te voldoen aan de gestelde indicatieve opgave van 434 asielopvangplekken. Een locatie moet ruimtelijk en maatschappelijk voldoen aan de door het Rijk gestelde kwalitatieve randvoorwaarden. Aanvullende voorwaarden, onder andere over de situering van de locatie en hoe deze bijdraagt aan integratie en meedoen in onze maatschappij zijn een pré. Afhankelijk van de situering van de beschikbare locatie(s) kan hier in meer of mindere mate aan worden voldaan. Vanuit het besef dat de locaties niet voor het oprapen liggen stellen we de ‘nabijheid van voorzieningen’ niet direct als een harde eis. Wel nemen we deze voorwaarde op in het toetsingskader voor het onderzoek naar locaties (zie bijlage 1). Als er duidelijkheid is over een locatie, dan wordt in het vervolgonderzoek bezien hoe het voorzieningenniveau zo optimaal mogelijk wordt georganiseerd.

Duurzaamheid Het college zet in op een duurzame locatie voor asielopvang. In het afwegingskader van het onderzoek wordt bezien hoe een locatie past binnen de toepasselijke herontwikkelingsplannen en projecten. In de volgende fase van het onderzoek wordt dit uitgewerkt.

Financiën Dit voorstel heeft vooralsnog geen financiële consequenties.

Als de raad besluit het college opdracht te geven om actief aan de slag te gaan met de taken onder Spreidingswet dan worden de kosten voor personele inzet/ de projectorganisatie in kaart gebracht. Voor de kosten ter voorbereiding op de Spreidingswet heeft het Rijk aangekondigd via één van de circulaires in 2024 in totaal € 15,1 mln. beschikbaar te stellen aan gemeenten. Het aandeel per gemeente is nog niet bekend.

Voorstel aan Gemeenteraad

pagina 4 van 5

G«metnt«

Sittard-Geleen Torn Communicatie en Participatie Dit thema vraagt een duidelijke en zorgvuldige communicatieaanpak. We communiceren via twee lijnen: actief informeren (meeweten) en meedenken waar dat kan. De lijn van het ‘meeweten’ organiseren we gemeentebreed. De lijn van het ‘meedenken’ organiseren we voor de omgeving van een potentiële locatie. Onderstaande uitgangspunten stellen we per communicatielijn:

Meeweten Duidelijk en begrijpelijk informeren over de Spreidingswet, wat deze voor onze gemeente (en regio) betekent, welk standpunt we hierover innemen en wat we doen om hier (verkennend) invulling aan te geven. Proactief en open informeren over alle proces- en besluitvormingsstappen die we doorlopen (college, raad, ambtelijk, in de samenwerking met partners). De media proactief meenemen in alle stappen die we doorlopen en regelmatig (informeel) bestuurlijk bijpraten over proces en inhoud. Steevast informeren via enkele vaste communicatiekanalen, zodat altijd duidelijk is waar informatie te vinden is. Waar nodig passen we maatwerk toe. Meedenken • De omgeving betrekken waar dat kan. Maar ook benoemen waar dat niet kan en we dus enkel zorgvuldig en tijdig informeren (verwachtingsmanagement). We volgen hierbij de kaders van de participatieverordening. • De in de opiniërende raadssessie gedane suggestie voor het houden van een omgevingspeiling/enquête wordt onderzocht. Goed verwachtingsmanagement is hierbij cruciaal. Wat verwachten we van een peiling, wat doen we met de uitkomsten? En wat mogen deelnemers van ons verwachten, waar zit de ruimte om mee te denken (en wat zijn de kaders waar we sowieso al mee werken), hoe laten we zien wat we met de uitkomsten doen.

We maken hierbij een zorgvuldige afweging of het belang van participatie opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving. • Opteren voor de inzet van een stevige omgevingsmanager voor een open en transparante dialoog met de omgeving. De omgevingsmanager vervult ook een regierol bij een eventuele omgevingspeiling en informatiebijeenkomsten (zodra locatie(s) bekend is/zijn.

Vervolg Zie procesplanning in bijlage 2. Bijlagen 1. Uitgangspunten uitvoering taakstelling Spreidingswet Sittard-Geleen 2. Procesplanning uitvoering taakstelling Spreidingswet Sittard-Geleen

Voorstel aan Gemeenteraad

Steller: E-mail: Team:

Reg. nummer Ruimtelijke Ontwikkeling

Portefeuillehouder: LG.A.J. Geilen

Voorstel aan Gemeenteraad

Reg. datum Reg.nummer(s) bijlagen

29 april 2024

pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=7c3eba1d-caac-46bd-a472-43aca3205e39