Notulen Ronde Raadzaal 21 november 2024
Tekst van het document
Notulen van de Ronde in Raadzaal op donderdag 21 november 2024
1.1 Raadsvoorstel inzake de periodieke wijziging APV Sittard-Geleen (23ste wijziging) Tijdstip:
19.10-19.35 uur
Aanwezig de voorzitter: de griffier:
M.J.M. De Loo A.J.C. Lamers-Beckers
de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: FvD: PIT:
F. Kuburic H.L.J. Kamps L.J.A. Weermann-Schepers L. Bezemer B. Bonten J.M.H. Joosten P.L.M. Heijlands S.A.J. Klein E.V.P. Talpe
het college:
burgemeester J.Th.C.M. Verheijen en wethouder L.G.A.J. Geilen
ambtenaar:
de heer Boesten
notulen:
M. Migo (Notuleerservice Nederland)
De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen hartelijk welkom. Het eerste agendapunt betreft het raadsvoorstel inzake de periodieke wijziging van de APV Sittard-Geleen (23ste wijziging). Gevraagd wordt om de gemeenteraad te adviseren over het vaststellen van de 23ste gewijzigde APV en daarmee de 22ste wijziging van de APV in te trekken. De voorzitter heet burgemeester Verheijen, wethouder Geilen en de ambtelijke ondersteuning in de persoon van de heer Boesten hartelijk welkom. Eerste termijn Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan dat de VVD van mening is dat de voorgestelde APV-wijzigingen zorgvuldig zijn onderbouwd. De VVD kan daarmee instemmen.. Wel heeft de VVD enkele vragen bij artikel 2:50A over messen en andere voorwerpen als steekwapens: • Wat wordt in dat artikel bedoeld met ‘voldoende ingepakt’? • Hoe wordt in de praktijk bepaald of daarvan sprake is? En hoe wordt ervoor gezorgd dat daar consistent en eerlijk mee wordt omgegaan? De VVD begrijpt de achtergrond van het artikel zeer goed: de zorgwekkende toename van incidenten met steekwapens. Maar hoe wordt ervoor gezorgd dat de handhaving zich richt op risicovolle situaties en dat mensen die geen kwaad in de zin hebben hier niet onnodig door in de problemen komen? Welke instructies krijgen handhavers om een onderscheid te maken tussen beroepsmatig gebruik en potentieel
1
gevaarlijk gedrag? En hoe wordt er omgegaan met beroepsgroepen die een mes bij zich dragen? Worden zij actief uitgesloten van het verbod? En zo ja, hoe wordt dat in de praktijk geregeld? De heer Talpe (PIT) geeft aan dat de technische vragen die van tevoren waren gesteld naar tevredenheid zijn beantwoord. Hij spreekt daar zijn dank voor uit. De PIT-fractie kan instemmen met het voorstel. Wat PIT betreft mag het een hamerstuk zijn. Mevrouw Weermann-Schepers (Stadspartij) kan melden dat ook de Stadspartij zich kan vinden in de voorgestelde wijzigingen. Het is een goed stuk. De heer Heijlands (SPA) heeft een vraag over de gebiedsontzeggingen. De woorden ‘bevel geven’ worden gewijzigd door ‘een tijdelijk verbod opleggen’. Een bevel is niet hetzelfde als een verbod. Hij leest de betreffende passage voor en vraagt: stel dat mij verboden wordt om mij ergens niet op te houden, moet ik me daar dan juist wel ophouden? De heer Kuburic (GOB) meldt dat de GOB-fractie instemt met deze wijziging van de APV. De heer Bezemer (GroenLinks/PvdA) zou graag een aanvulling willen plaatsen, bij artikel 1:8. Daarin staan de algemene weigeringsgronden voor de vergunningen en ontheffingen. In lid 1 sub d wordt de bescherming van het milieu genoemd. Die term is te beperkt. Er dient ‘en de natuur’ aan te worden toegevoegd. De heer Bezemer legt uit waarom.
Graag verneemt hij hierop de reactie van de portefeuillehouder. De heer Bonten (D66) is over een aantal wijzigingen enkel verheugd. Dat geldt ook voor artikel 4:11. D66 vroeg zich daarbij wel af waarom de betreffende doelen daar in deze volgorde staan. Hij stelt voor erbij te zetten dat ze niet in volgorde van belangrijkheid staan. Daarnaast heeft hij een vraag over de uitzonderingen bij de vergunningplichtige gevallen. Deze berusten allemaal op artikel 15 lid 2 van de ‘vervallen Boswet’. Berust dit wel nog altijd op het bomenbeleid zoals dat in Sittard-Geleen geldt? Kunnen er nu allerlei aanpassingen worden gedaan omdat een aantal artikelen uit de Boswet vervallen is? De heer Kamps (CDA) dankt de ambtenaren voor het heldere overzicht. Het voorstel kan wat de CDAfractie betreft door als hamerstuk naar de raadsagenda. Burgemeester Verheijen geeft aan dat de door GroenLinks/PvdA voorgestelde toevoeging wat hem betreft geen beletsel is. De raad zou dat dan via een amendement in de raad moeten vaststellen. De vragen van mevrouw Joosten hebben betrekking op artikel 2:50A lid 2. Hij licht toe wat beoogd was duidelijk te maken in de toelichting. Een ‘deugdelijke verpakking’ houdt in dat het niet onmiddellijk kan worden gebruikt. Hij vindt de kwestie die mevrouw Joosten aan de orde stelt interessant en heeft daar op dit moment geen antwoord op. Dit zal uitgezocht moeten worden.
Wethouder Geilen meent begrepen te hebben dat de vraag van de heer Bonten luidde of het Bomenbeleidsplan de basis blijft en of bij dat plan de discussie gevoerd moet worden om iets te veranderen. Dat is inderdaad het geval. De heer Bonten (D66) is benieuwd naar het antwoord op zijn eerste vraag, over de volgorde van de doelen. Wethouder Geilen geeft aan dat de doelen bij 4:11 inderdaad in willekeurige volgorde staan. Ze komen uit de modelverordening van de VNG. Hij is er niet tegen om er expliciet bij te vermelden dat dat het geval is. Daar zal dan een amendement toe moeten worden ingediend. De heer Heijlands (SPA) heeft nog geen antwoord gekregen op zijn vraag. Burgemeester Verheijen licht toe dat geprobeerd is de tekst zo veel mogelijk op B1-niveau te formuleren. Vandaar de wijziging van ‘bevel’ in ‘verbod’.
2
De heer Heijlands (SPA) geeft aan dat het hem eigenlijk ging om het woord ‘niet’ dat is blijven staan. Nu wordt iemand verboden om zich ergens niet te bevinden. Burgemeester Verheijen geeft aan dat de tekst letterlijk uit de VNG-handreiking komt, maar vermoedt dat de heer Heijlands een punt heeft. Ook dit zal uitgezocht moeten worden. De burgemeester komt hier schriftelijk op terug. De voorzitter herhaalt deze toezegging van de burgemeester. Daarnaast is ten aanzien van de suggesties van GroenLinks/PvdA en D66 aangegeven dat het hen vrij staat om daar amendementen voor in te dienen. De voorzitter inventariseert of er behoefte is aan een tweede termijn. Dat is het geval. Tweede termijn Mevrouw Joosten (VVD) geeft richting GroenLinks/PvdA aan dat het voor haar niet duidelijk is waarom het woord ‘natuur’ zou moeten worden toegevoegd. De heer Bezemer (GroenLinks/PvdA) antwoordt dat hij dat in zijn bijdrage al een beetje had aangegeven. De term ‘milieu’ is te beperkt. In de praktijk vallen natuur en natuurwaarden daar niet automatisch onder. Om te bewerkstelligen dat die ook worden opgenomen, stelt GroenLinks/PvdA dus voor ‘natuur’ toe te voegen. Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan graag technisch te willen laten uitzoeken wat precies het verschil is.
De heer Klein (Lokaal SGB) is benieuwd wat de andere fracties ervan zouden vinden als voortaan uitsupporters bij voetbalwedstrijden standaard geweerd zouden worden. Ook is hij benieuwd of dat überhaupt kan. Hij is van mening dat de politie ontlast moet worden. Mevrouw Joosten (VVD) vindt het op zich een heel interessante discussie, maar ze vindt dat de fracties daar goed op voorbereid zouden moeten zijn. Ze is ertegen om de discussie nu uit de losse pols te voeren. De voorzitter kan zich hierin vinden en geeft aan de heer Klein de suggestie om het initiatief te nemen om daar in een volgende ronde een keer uitgebreider over te spreken. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft aan dat het volgens hem vooral van belang is de discussie te starten. Hij zou de griffier willen verzoeken het onderwerp te agenderen. De voorzitter geeft hierop aan dat de heer Klein weet welke weg hij moet volgen om een onderwerp te agenderen. De heer Bonten (D66) wil graag reageren op de vragen die de VVD stelde in de eerste termijn. Hij wijst op een aantal specifieke artikelen in de Wapenwet. Of het bijvoorbeeld geoorloofd is een hockeystick ergens mee naartoe te nemen zal altijd situatieafhankelijk blijven. Dat kun je nooit exact vastleggen in een wet of APV. Mevrouw Joosten (VVD) antwoordt dat ze veel afweet van de Wet wapens en munitie. Het laat onverlet dat een APV helemaal duidelijk moet zijn.
Mede afhankelijk van de beantwoording door de burgemeester wil ze beslissen of het voor de VVD een hamerstuk is. De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekpunt zal worden geagendeerd voor de gemeenteraadsvergadering vanwege de aangekondigde amendementen. Hij dankt de burgemeester, de wethouder en de ambtelijke ondersteuning.
3
Notulen van de Ronde in Raadzaal op donderdag 21 november 2024
1.2 Raadsvoorstel inzake het bestemmingsplan ‘Kasteel Limbricht e.o.’ Tijdstip:
19.40-22.40 uur
Aanwezig de voorzitter: de griffier:
M.J.M. De Loo A.J.C. Lamers-Beckers
de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: FvD: PIT:
F. Kuburic B.A.J. Hoedemakers W.P.H. Paauwe J.E. Janssen B. Bonten J.M.H. Joosten J.J. Renet S.A.J. Klein E.V.P. Talpe
het college:
wethouder L.G.A.J. Geilen
ambtenaar:
mevrouw Schumans
notulen:
M. Migo (Notuleerservice Nederland)
Aan de orde is de bespreking van het raadsvoorstel inzake het vaststellen van het bestemmingsplan ‘Kasteel Limbricht e.o.’ en de bijbehorende zienswijzen en wijzigingen. Er wordt voorgesteld om geen exploitatieplan vast te stellen, omdat het kostenverhaal anderzijds verzekerd is. Gevraag wordt om de gemeenteraad te adviseren over deze beslispunten. De voorzitter heet wethouder Geilen en de ambtelijke ondersteuning in de persoon van mevrouw Schumans hartelijk welkom. Er hebben zich 5 insprekers gemeld. De heren Arts en De Langen spreken in als omwonenden. De heer Schrijen spreekt als lid van het dorpsplatform. Daarnaast heeft de heer Jeurissen van hotel-restaurant Op de Vos zich gemeld en de heer Stel, exploitant van Kasteel Limbricht. De heer Arts licht toe waarom hij de reacties op de zienswijzen vrij technocratisch vindt. Ten tweede merkt hij ten aanzien van de bebouwing van duizend vierkante meter op dat het gebruik en de uitstraling heel anders worden dan in het oorspronkelijke plan stond. Ten derde geeft hij aan dat er vragen gesteld kunnen worden bij de redeneerlijn dat er nu meer kan, omdat er zaken beter structureel geregeld zijn. Ten slotte geeft hij aan dat er in het raadsvoorstel wat flauw wordt gedaan over de 459 ingediende pamfletten. Hij licht dit toe. De heer Schrijen roept op om in overleg te treden met de omwonenden van Kasteel Limbricht over de plannen.
De rust in Limbricht is namelijk ernstig verstoord en deze situatie dreigt te verergeren. Hij licht dit
4
toe. Het woongenot van de mensen die in de straten rond Kasteel Limbricht wonen gaat steeds verder achteruit. Hij roept de rondeleden met klem op om, voordat er beslissingen worden genomen, er nog eens goed over na te denken. Limbricht is meer dan alleen Landgoed Kasteel Limbricht. De heer Renet (SPA) heeft een vraag. De heer Schrijen gaf onder meer aan dat er borden en drempels gestolen zijn. Is door de gemeente aangegeven dat daardoor automatisch de functie van de weg is veranderd? De heer Schrijen geeft aan tijdens een bijeenkomst van het dorpsplatform te hebben gevraagd waar de borden gebleven zijn. Het antwoord daarop luidde: ze zijn gestolen. Mevrouw Joosten (VVD) vraagt of het juist is dat de verkeersoverlast die nu al ervaren wordt eigenlijk los staat van de plannen die er liggen. De heer Schrijen bevestigt dat. De weg was vroeger een B-weg en niet ingericht voor passerende bussen of vrachtwagens. De heer Klein (Lokaal SGB) vraagt of de bussen die er nu rijden naar Kasteel Limbricht rijden. De heer Schrijen bevestigt dat er op dit moment inderdaad al bussen rijden met gasten voor het kasteel. De heer Paauwe (Stadspartij) bedankt de heer Schrijen voor zijn pleidooi. Hij wil graag checken: zijn er 460 of 580 bezwaarschriften. De heer Schrijen antwoordt dat het er 460 zijn. De heer Bonten (D66) bedankt de heer Schrijen en de heer Arts voor hun bijdragen.
De heer Bonten liep onlangs langs de Allee op een pad. De wandelaars hoeven op dat stuk dus niet op de Allee te lopen. Ervaart de heer Schrijen dat pad wel als een vooruitgang? De heer Schrijen antwoordt dat er vroeger veel minder verkeersbewegingen waren. Tegenwoordig is de Allee sluipweg. Het paadje waar de heer Bonten op doelde helpt niet echt. De heer Hoedemakers (CDA) geeft aan het apart te vinden dat iemand drempels zou stelen. Stel dat er een verbod zou komen op vrachtverkeer, maar er wel bussen zouden worden toegestaan op de Allee, zou dat een goed idee zijn? De heer Schrijen geeft aan dat een moeilijke vraag te vinden waar hij niet meteen een antwoord op kan geven. De heer Hoedemakers (CDA) is benieuwd hoe het dorpsplatform aan zou kijken tegen de optie om een fiets- en voetpad aan te leggen naast de Allee. De heer Schrijen antwoordt niet te weten of dat mogelijk is. De heer De Langen benoemt hoe veel inwoners aankijken tegen de exploitant van Kasteel Limbricht. Men is niet tegen hem, maar tegen het proces dat plaatsvindt. Hij beschrijft vervolgens hoe dat proces tot nu toe is verlopen. De gemeente is daarbij volgens de heer De Langen vooral te veel volgend geweest. De ergernis over en het vertrouwen in de gemeente is daardoor gedaald. Door de nieuwe plannen is de grens voor de bewoners nu echt bereikt. Hij wijst op het enorm grote aantal protesten dat is ingediend.
Hij is het niet eens met de reactie van de burgemeester en licht dit toe. In de krant stond opgetekend dat de mensen in Limbricht niet zouden weten waar ze mee bezig zijn. Ook merkt hij op dat op dit moment heel veel mensen actief zijn in het gemeenschapshuis. Ondernemers en inwoners hebben het geweldig opgeknapt. Hij licht toe dat op dit moment gesproken wordt over het voor twintig jaar bestendig maken van het gemeenschapshuis in plaats van vijf jaar en welke financiële zaken hierbij spelen.
5
Ten slotte merkt hij op dat er veel verkeer komt vanaf de N276 en van de Allee. De plek waar beide samenkomen is een zeer gevaarlijk punt. Hij roept op de bewoners van Limbricht serieus te nemen en goed na te denken over wat er gezegd is. De heer Bonten (D66) bedankt de heer De Langen voor zijn betoog. Omdat er steeds verschillende aantallen worden genoemd, leest de heer Bonten voor uit het raadsvoorstel: er zijn 479 zienswijzen waarvan er 459 geclusterd zijn behandeld. Hij merkt op dat er 900 handtekeningen zijn geplaatst voor behoud van het gemeenschapshuis en 480 zienswijzen. Zijn dat allemaal andere personen dan de 900? De heer De Langen licht toe hoe dit gegaan is. Sommige mensen hebben een ‘standaardverhaal’ ingediend en de tekst daarvan dus niet zelf opgesteld, maar wel hun handtekening en adres erbij vermeld. Hij licht vervolgens toe hoe de planvorming ten aanzien van het gemeenschapshuis heeft plaatsgevonden. De heer Paauwe (Stadspartij) bedankt de heer De Langen voor zijn toelichting. Klopt het dat er bij de protesten van uitgegaan is dat het gemeenschapshuis zou worden verplaatst van de huidige locatie naar de Platte Zaal? Stel dat dat niet gespeeld zou hebben, zou dan het aantal protesten ook zo groot zijn geweest? De heer De Langen antwoordt dat dat moeilijk in te schatten is.
De heer Bonten (D66) geeft aan dat de heer De Langen sprak over kunsthistorische aspecten die uit balans zijn. Kan hij daar een voorbeeld van geven? De heer De Langen wijst op een aantal unieke kunsthistorische eigenschappen van Kasteel Limbricht. Kasteel Limbricht is een parel in Limburg. Daar moet zorgzaam mee om worden gegaan. De heer Hoedemakers (CDA) vraagt of de aanpak van het verkeersknooppunt veel zorgen en overlast zou kunnen wegnemen. De heer De Langen denkt dat als het knelpunt N276-Allee wordt weggenomen dat het einde betekent van de Allee. De heer Jeurissen deelt zijn zorgen over de verkeerskundige gevolgen van het bestemmingsplan. Hij benadrukt: het gaat hem om de verkeerskundige effecten. Het college heeft toegezegd dat er onderzoek zal worden verricht naar de verkeersveiligheid van de Allee en de aansluiting op de N276. Dat beloofde onderzoek is voor zover hij weet echter nooit gekomen. Omdat die omissie heeft plaatsgevonden, voldoet het bestemmingsplan niet aan de zorgvuldigheidseisen en kan het niet worden vastgesteld. Hij licht dit nader toe. Hij wijst erop dat het volgens de Provincie noodzakelijk is om wijzigingen in de N276 door te voeren teneinde de veiligheid en de doorstroming te waarborgen. Hij roept op niet in te stemmen met het plan omdat er anders op het kruispunt N276-Allee levensgevaarlijke situaties ontstaan.
De heer Paauwe (Stadspartij) dankt de heer Jeurissen voor zijn toelichting. Als het verkeersprobleem bij de N276-Allee is opgelost, zou er wat de heer Jeurissen betreft dan wel ingestemd kunnen worden met dit plan? De heer Jeurissen geeft aan dat dat correct is. Hij is op zich absoluut niet tegen de plannen van de exploitant van Kasteel Limbricht. Hij pleit nogmaals voor een deugdelijk verkeersonderzoek. Het is het paard achter de wagen spannen als je eerst instemt en pas daarna een onderzoek instelt. Daar is de Raad van State ook zeer duidelijk over. Mevrouw Joosten (VVD) merkt op dat het probleem er nu ook al is. Ze hoort de heer Jeurissen eigenlijk zeggen: doe, los van de discussie, nu al iets aan de verkeersveiligheid. De heer Jeurissen geeft aan dat dat inderdaad zo is en licht dit nader toe.
6
De heer Renet (SPA) vraagt of naar de inschatting van de heer Jeurissen sinds het moment dat de drempels en borden zijn gestolen de verkeersonveiligheid is toegenomen. De heer Jeurissen heeft dat niet kunnen constateren. De heer Stel geeft aan het fijn te vinden rechtstreeks het woord te kunnen richten aan de ronde. Hij vertelt hoe Kasteel Limbricht zeven jaar geleden een niet te exploiteren horecazaak was. Niemand ervaarde overlast, want er gebeurde niets. Hij beschrijft de toestand. Zeven jaar later is de situatie geheel anders, omdat er zeer veel werk is verzet. Het Kasteel is toegankelijker dan ooit en de reacties van de bezoekers zijn zonder uitzondering positief. Bovendien verdienen veertig mensen uit de omgeving er hun brood. Hij legt uit welke volgende stap hij zou willen nemen. Hij besluit zijn bijdrage met een citaat van zijn grootmoeder: “Een mens lijdt het meest door het lijden dat hij vreest.” De heer Hoedemakers (CDA) vraagt wanneer, als het bestemmingsplan wordt goedgekeurd, de heer Stel wil starten met de bouw van het ‘Platte-Zaal-paviljoen’. De heer Stel antwoordt zo snel mogelijk te willen beginnen en dat te willen koppelen aan het aantal parkeerplaatsen dat is ingetekend. De heer Hoedemakers (CDA) checkt of de afbeelding waarop allerlei parkeervakken rondom de zaal staan getekend zijn einddoel is.
De heer Stel antwoordt dat de tekening gezien moet worden als een ‘vrije, creatieve ingave’. Daar zal de welstandscommissie zich over moeten buigen. Maar de parkeerplekken zijn onlosmakelijk verbonden met de Platte Zaal. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) dankt de heer Stel voor zijn betoog. Hoe kijkt de heer Stel zelf naar de verkeersveiligheid met betrekking tot de door hem geïnitieerde plannen? De heer Stel beschrijft de huidige verkeerssituatie. Die verschilt sterk per tijdstip. Maar het valt niet te ontkennen dat op een aantal momenten op de dag, met name als de jeugd ’s morgens naar school gaat en iedereen naar het werk gaat, het er enorm druk is, althans de verkeersomstandigheden wekken dan die indruk. In de avonden valt het ontzettend mee. De heer Bonten (D66) vermoedt dat een paar jaar geleden de verhouding tussen Kasteel Limbricht en een aantal dorpsbewoners is verslechterd. Is er nog sprake van dialoog? Is hij het ermee eens dat er niets met de belangen van de inwoners wordt gedaan? En worden de inwoners van het kampje aan de overkant van de Platte Zaal ook meegenomen? De heer Stel geeft aan dat daar heel aardige mensen wonen. Het contact met hen is prima. Hij gaat met hen om zoals buren met elkaar om horen te gaan. Dat geldt ook voor de mensen in de straat om het Kasteel heen. Hij licht dit toe.
Vervolgens legt hij uit waar volgens hem de oorsprong ligt van de onvrede bij sommige omwonenden. Die komt uit de coronaperiode. Hij legt uit hoe dat zit. De heer Renet (SPA) vraagt zich af of alle ontwikkelingen in de afgelopen zeven jaren wel conform de juiste procedures zijn gegaan. Kan de heer Stel daar iets over vertellen? De heer Stel geeft aan de ruimtes op te zoeken, maar niet naïef te zijn. Toen er bijvoorbeeld gegraven werd, was dat op dat moment een legale activiteit. Het was niet vergunningplichtig, anders had hij een vergunning aangevraagd. De heer Renet (SPA) vraagt of naderhand ook gebleken is dat dat correct was. De heer Stel antwoordt dat dat volgens hem het geval is.
7
De heer Klein (Lokaal SGB) dankt de heer Stel voor zijn verhaal. Hij hoorde de heer Stel zeggen dat de grote meerderheid zwijgt. Dat gaf hij eerder ook aan via zijn sociale media. Klopt het dat hij daar nog steeds achter staat? De heer Stel denkt dat er veel ontwikkelingen zijn waarvan mensen met gezond boerenverstand vinden dat die ontzettend goed zijn, ondanks dat daartegen geprotesteerd en geageerd wordt. De heer Klein (Lokaal SGB) benoemt dat de heer Stel aangaf dat het zeven jaar geleden nog niet veel voorstelde. Hij heeft er twintig jaar geleden gewerkt en kijkt er anders naar. Wist de heer Stel zeven jaar geleden wat de exploitatiemogelijkheden waren? De heer Stel antwoordt bevestigend. De heer Klein (Lokaal SGB) vraagt of de heer Stel snapt dat de heer Klein het vreemd vindt dat de voorganger van de heer Stel er niets mocht en de heer Stel wel. De heer Stel is het daar niet mee eens. Hij kan zich herinneren dat zijn voorganger bijvoorbeeld grote tentfeesten heeft georganiseerd met Marco Borsato en Ilse de Lange en helikoptervluchten. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft aan dat de voorganger van de heer Stel maar een beperkt aantal evenementen mocht organiseren, onder meer vanwege zorgen van bewoners. Klopt het dat er ook evenementen worden georganiseerd zonder vergunningen? De heer Stel vraagt of de heer Klein een concreet voorbeeld kan geven.
De heer Klein (Lokaal SGB) wijst erop dat er een keer handhavers hebben geconstateerd dat er geen vergunning was voor een bepaald evenement. De heer Stel antwoordt het op prijs te stellen als de heer Klein man en paard noemt. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft aan dat de vragen daarover op papier staan. Die komen eraan. Het ging hem erom dat hij geen vergunning had en dat hij die een paar dagen later alsnog wel kreeg. Snapt de heer Stel dat hij daarmee de ambtenaren en het college in een moeilijk pakket brengt? En dat dit redelijk respectloos is richting de buurt? Een vergunning is er immers om de buurt te beschermen. Mevrouw Joosten (VVD) vindt het niet juist dat op deze toon vragen worden gesteld aan een inspreker. De voorzitter is het daarmee eens. De laatste vraag is wat hem betreft buiten de orde. De heer Klein geeft aan te begrijpen dat de heer Stel dus ontkent evenementen te hebben georganiseerd zonder vergunning. Mevrouw Joosten (VVD) heeft een vraag over de Platte Zaal. Inwoners zijn bezorgd over hoe die rendabel gemaakt kan worden zonder dat dat te veel overlast geeft. Kan de heer Stel daarop reageren? Ten tweede is ze benieuwd of de heer Stel een effect gezien heeft qua verkeersintensiteit door de toegenomen sportactiviteiten naast het Kasteel.
De heer Stel licht toe dat de Platte Zaal vooral zal worden benut voor aanvragen die niet goed passen in het Kasteel, bijvoorbeeld iets grootschaliger vergaderingen. De meeste activiteiten daar – vergaderen, rouwen en trouwen – zullen niet plaatsvinden rond de spitstijden. De toegenomen sportactiviteiten hebben uiteraard effect op het aantal verkeersbewegingen. De heer Paauwe (Stadspartij) dankt de heer Stel voor zijn toelichting. Stel dat de kwestie rond het gemeenschapshuis niet zou spelen, zou er dan sprake zijn van een andere lading?
8
De heer Stel denkt dat dat zo is. Zijn poort staat open om met elkaar de dialoog aan te gaan. Hij hoopt dat het lukt om er samen uit te komen. De voorzitter bedankt alle insprekers voor hun bijdragen. Eerste termijn De heer Kuburic (GOB) bedankt de insprekers. GOB ziet dat het plan kansen biedt voor recreatie, cultuur en economische versterking in de gemeente, maar begrijpt ook dat er zorgen leven bij omwonenden. • Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat er een plan komt dat recht doet aan ieders belangen, dat die balans bewaakt wordt in de uitvoering? • Hoe wordt geborgd dat de strakkere kaders van het nieuwe bestemmingsplan ook daadwerkelijk effect hebben in de praktijk? En hoe ziet de wethouder erop toe dat de regels goed worden nageleefd? • Door onvoldoende heldere communicatie kan de indruk gewekt zijn dat er impliciete besluitvorming plaatsvindt over het gemeenschapshuis. GOB pleit voor volledige transparantie richting de betrokkenen. Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat dit nadrukkelijker wordt uitgelegd en dat dergelijke misverstanden in de toekomst worden voorkomen? • GOB vindt het goed dat er ten aanzien van geluidsoverlast verder is gekeken dan de standaardnormen.
Wordt die aanpak ook standaard gehanteerd bij andere projecten? En hoe wordt ervoor gezorgd dat deze inzichten daadwerkelijk worden gebruikt om de leefbaarheid te verbeteren? • Uit het onderzoek blijkt dat de Allee de verkeersafwikkeling aankan, maar de aansluiting met de N276 blijft een aandachtspunt. Hoe gaat de wethouder dat aanpakken? Wordt de verkeersveiligheid hier structureel verbeterd? • Hoe zorgt de wethouder ervoor dat er, als het gaat om het parkeren, tijdens piekdrukte geen hinder wordt ondervonden door omwonenden? De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) bedankt alle insprekers. De GroenLinks/PvdA-fractie kan zich prima vinden in het voorliggende bestemmingsplan. Op alle fronten maakt het een hogere ruimtelijke kwaliteit mogelijk. Hij beschrijft een aantal positieve ontwikkelingen dat nu reeds in gang is gezet. • Hij geeft wel een kleine kanttekening. Daarbij citeert hij het college uit antwoorden op Artikel.43 vragen van de PVV. “Wij stellen vast dat de exploitant van het Kasteel regelmatig de grens opzoekt als het aankomt op het doorlopen van de juiste procedures om bepaalde ontwikkelingen mogelijk te maken.” Alle nieuwe initiatieven na vaststelling van dit bestemmingsplan moeten wat GroenLinks/PvdA betreft kritisch worden bekeken. • GroenLinks/PvdA maakt zich echt zorgen over de verkeersveiligheid op de Allee en de aansluiting op de N276.
Hij motiveert waarom dat het geval is. Hij vindt het onbegrijpelijk dat het rapport over de verkeersproblematiek op de Allee en de aansluiting op de N276 pas begin 2025 verwacht wordt. • Kan de wethouder aangeven of een fietspad en wellicht een voetpad langs de Allee tot de mogelijkheden behoort? Desnoods ten koste van de bomen. Al heeft dat natuurlijk niet de voorkeur. Afhankelijk van het antwoord hierop dient GroenLinks/PvdA mogelijk een motie of amendement in. De heer Bonten (D66) sluit zich in grote lijnen aan bij de heer Janssen. Het bestemmingsplan dat voorligt biedt alleen maar kansen voor Sittard-Geleen en een verbetering voor de omwonenden. • Hij ziet dat een aantal zorgen van de bewoners al is weggenomen in het bestemmingsplan. Hij geeft daarvan enkele voorbeelden. • De aansluiting van de N276 op de Allee is nu al een probleem. Het staat buiten kijf dat dat belangrijk is. Daarover moet overleg plaatsvinden met de Provincie. • Het wandelpad naast de Allee zou uitgebreid kunnen worden. Misschien kan er ook een fietspad komen. Maar de bomen moeten wel blijven staan, wat D66 betreft. De heer Hoedemakers (CDA) legt uit dat het bestemmingsplan is opgesteld om tegemoet te komen aan de wensen van de initiatiefnemer en tegelijk duidelijke kaders te scheppen. Er moeten hierbij meerdere belangen tegen elkaar worden afgewogen.
9
•
• •
•
•
• •
Er leven veel zorgen bij omwonenden, ondernemers en inwoners. Hij vindt het opvallend dat in bijlage B22 de handtekeningen worden uitgesplitst naar 303 huisadressen van de 1211 huisadressen in Limbricht. Die aanpak roept bij het CDA vragen op over hoe wordt omgegaan met participatie en zienswijzen. Hoe is het college tot deze aanpak gekomen? Welk beleid ligt daaraan ten grondslag? En wordt deze werkwijze standaard toegepast bij plannen met zienswijzen? En welke procedure wordt er gehanteerd bij het indienen van een zienswijze? Opvallend is dat de Platte Zaal in het tuingebied onder de bestemming ‘groen’ geschaard wordt. Wat is de onderbouwing daarvan? De heer Hoedemakers wijst op een aantal evenementen dat zowel in het Kasteel als op het tuinperceel plaats kan vinden. Kunnen deze evenementen niet meer geconcentreerd worden op het Kasteel zelf, zodat de overlast voor de omgeving verminderd kan worden? Kan er misschien een differentiatie plaatsvinden: een x-aantal evenementen binnen de kasteelmuren en een x-aantal erbuiten? Het Winterfestijn mag 31 dagen duren. Dat lijkt het CDA een lange periode die mogelijk kan drukken op de leefbaarheid. Wat is de onderbouwing voor die periode? En wat gaat er bij dat evenement precies gebeuren? Het CDA stelt voor dit soort activiteiten te beperken tot de binnenplaats van het Kasteel.
De verkeersafwikkeling op en rond de Allee blijft een grote bron van zorg. Wat is de status van het onderzoek waarnaar verwezen werd in vragen die de heer Hoedemakers hierover stelde in februari? Een oplossing zou wat het CDA een vrijliggend fiets- en voetpad kunnen zijn, met een passende oplossing bij Op de Vos. Het CDA pleit ervoor daarbij de bomen indien mogelijk te laten staan. Kan de wethouder een toelichting geven over de gestolen borden en drempels? Waarom zijn er geen nieuwe borden geplaatst? Het bestemmingsplan voorziet in een horecabestemming voor de Platte Zaal. In het verleden is gesproken over een mogelijke ruimte voor een gemeenschapshuis. Wat het CDA betreft is er met dit bestemmingsplan geen sprake van impliciete besluitvorming over het verplaatsen van het gemeenschapshuis. Het CDA is tegen zo’n mogelijke verplaatsing.
Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan dat de VVD van mening is dat dit bestemmingsplan een belangrijke stap zet in de ontwikkeling en instandhouding van het Kasteel en het omliggende landgoed. De ondernemer heeft laten zien dat hij de belangen van de omgeving serieus neemt. Niettemin begrijpt de VVD de zorgen die bij een deel van de omwonenden leven. De VVD benoemt een aantal punten dat voor hen van groot belang is. • De VVD begrijpt de angst voor verkeersdrukte en geluidsoverlast bij evenementen goed. Er spelen echter nu ook al verkeers- en parkeerproblemen. De VVD roept het college op om met de bewoners van de betreffende straten in gesprek te gaan en samen tot verkeersveilige oplossingen te komen. • De VVD is van mening dat het gemeenschapshuis in het dorp moet blijven waar het nu is. Ze licht dit kort toe. • De VVD roept het college op om de signalen uit de omgeving serieus te blijven nemen. Mevrouw Joosten pleit voor een zorgvuldige monitoring van de effecten, zoals de verkeersstromen, geluidsbelasting en het gebruik van nieuwe functies. • Ten slotte is ze zeer benieuwd hoe drempels gestolen kunnen worden. De voorzitter wijst erop dat er koppelingen worden gelegd naar het gemeenschapshuis. Als we sec naar het raadsvoorstel kijken, is dat nu niet aan de orde. De heer Renet (SPA) is het daar niet mee eens.
Wanneer zaken invloed kunnen hebben op een voorstel moeten die wel degelijk meegenomen kunnen worden. De heer Talpe (PIT) spreekt zijn dank uit richting de insprekers. Er is al zeer veel over dit onderwerp gesproken. PIT wil zich nu vooral richten op datgene dat voorligt en daarbij de vraag beantwoorden of het bestemmingsplan een gewenste ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt.
10
•
• •
De inwoners geven het signaal af dat de huidige parkeer- en verkeerssituatie niet op orde is. Omdat het verkeersonderzoek nog niet is afgerond, kan nu nog niet vastgesteld worden of de verkeerssituatie al dan niet op orde is. PIT stelt voor de conclusies van het onderzoek te agenderen voor een rondebespreking in het eerste kwartaal van 2025. Kan de wethouder dat toezeggen? Is het college bereid om na ongeveer een jaar met een evaluatie te komen ten aanzien van de afgegeven evenementenvergunningen en de effecten daarvan? Eventuele andere discussies zoals het al dan niet verplaatsen van het gemeenschapshuis dienen wat de PIT-fractie betreft op een ander moment gevoerd te worden.
De heer Klein (Lokaal SGB) bedankt alle insprekers. Het verkeersaspect is een hot item en is vanavond al vele malen benoemd. Hij kan zich helemaal vinden in de oproep van de heer Talpe om eerst het onderzoek af te ronden en er daarna over te spreken. Het voorstel is nog niet rijp voor behandeling. Er is geen noodzaak om het perse al op 12 december te agenderen. • Hij wil graag van de wethouder weten waarom er gedaan wordt alsof er parkeerplaatsen worden aangelegd bij een padelbaan, terwijl die in de praktijk niet nodig zijn. • Bewoners vrezen dat het qua geluidsoverlast de spuigaten uitloopt. Hij noemt een recent voorbeeld van overlast die nu al ervaren wordt. Daarbij stelt hij de vraag: kun je een dorp afsluiten op een moment dat iemand een evenement wil houden? En hoe vaak is dat acceptabel? De heer Klein verneemt graag een reactie van de wethouder op deze vragen. • Bij de vorige eigenaar leek er veel minder mogelijk te zijn. Hoe kan het dat er nu meer mag, terwijl het tegelijk juist alleen maar drukker is geworden? • Lokaal SGB heeft moeite met hoe het plan is gelanceerd. De heer Klein licht dit toe. De zorgen over het gemeenschapshuis blijven hierdoor bestaan. Het wordt alleen maar onoverzichtelijker. • De heer Klein vermoedt dat uit het verkeersonderzoek opnieuw zal blijken dat sprake is van een overbelasting van het gebied.
• Lokaal SGB vond het niet goed dat een collegelid aan een burger heeft gevraagd om de klachten in te trekken. Voor de inwoners voelt dat niet prettig. De ondertoon in het raadsvoorstel is wat de heer Klein betreft allesbehalve verbindend. • De heer Klein sprak met ambtenaren. Die gaven hem aan dat ze het niet prettig vonden dat ze werden overruled door het college om maar te zorgen voor een vergunning. Het is niet de taak van het college om de ambtenaren te overrulen. Heeft zich een ambtenaar ziekgemeld door dit dossier? Is er een ambtenaar vertrokken door dit dossier? Zijn er anderszins intern conflicten ontstaan door dit dossier? De heer Paauwe (Stadspartij) bedankt alle insprekers en alle organisatoren van de diverse bijeenkomsten in aanloop naar de besluitvorming van 12 december. • Op bladzijde 3 van het raadsvoorstel staat dat er indieners van zienswijzen waren die zich niet bewust waren van wat zij ondertekenden. Kan de wethouder daar een toelichting op geven, zonder op de technische details in te gaan? • Het Kasteel is iets om te koesteren. Een uithangbord zonder activiteiten is iets wat we niet zouden moeten willen, geeft de heer Paauwe aan. • De Stadspartij vindt dat ondernemers vooral moeten kunnen ondernemen binnen met elkaar afgesproken spelregels. Maar ook de zorgen van burgers en ondernemers neemt de Stadspartij zeer serieus.
• De verkeersveiligheid moet zo veel mogelijk gegarandeerd zijn. De Stadspartij ziet mogelijkheden om het gebied vanaf de Platz richting het dorp autoluw te maken, behoudens bestemmingsverkeer en hulpdiensten. Kan dit meegenomen worden? • De heer Paauwe beschrijft uitgebreid de door de Stadspartij gewenste verkeerssituatie op de Allee. • De Stadspartij vindt het eveneens belangrijk dat er voldoende parkeerplekken zijn bij het Kasteel. • De door de Stadspartij geschetste situatie inclusief een veilige in- en uitrijmogelijkheid naar de N276 is iets wat door de Provincie Limburg zou moeten worden gerealiseerd. Het tijdpad hiervoor mag geen stagnerende werking hebben op de plannen van de ondernemer. • Verdere bouw en afbouw van het gemeenschapshuis Limbricht moet losstaan van deze aanvraag. De heer Paauwe licht dit toe. Hoe ziet de toekomst van het straks gerenoveerde gemeenschapshuis Limbricht er volgens de wethouder uit?
11
•
Kan de wethouder kijken naar de mogelijkheden van eventueel eenrichtingsverkeer op de Allee?
De heer Renet (SPA) geeft aan dat de cruciale vraag is: wat is draagvlak? En hoe belangrijk is draagvlak onder de bevolking? Welk belang telt zwaarder: het belang van de bevolking of het belang van een ondernemer? Welke waarde wordt er aan de bevolking gegeven als er aan zo’n groot aantal bezwaren voorbijgegaan wordt? Ook SPA wil, net als het CDA, weten wat het beleid is ten aanzien van het beoordelen van zienswijzen en ingediende bezwaren. • Tevens wil hij meer weten over hetgeen de heer Klein aanroerde: het benaderen van mensen die een bezwaar hadden ingediend door een collegelid. • Waarom wordt er niet gehandhaafd op de Allee? En waarom wordt datgene dat gestolen is niet hersteld? Hij neemt aan dat de functie van de weg niet veranderd is door de diefstal. Wat heeft de gemeente gedaan om de dieven te achterhalen? En wat heeft de gemeente gedaan om het functioneren van de weg te herstellen? • De heer Renet is het eens met de heer Jeurissen: de kruising N276-Allee is nu al een probleem. Dat zal verergeren als het nieuwe bestemmingsplan van kracht wordt. • Het verkeer op de Allee loopt vaak vast. Elke keer als er een tegenligger passeert is het echt zaak om goed op te letten. Daarom twijfelt de heer Renet aan de veiligheid en de capaciteit van deze weg. • Omdat het rapport over de verkeersveiligheid er nog niet is, is het voorstel nog niet behandelrijp.
• Ook het sluipverkeer door Limbricht is SPA een doorn in het oog. • Waarom wordt er niet gezocht naar een parkeerplaats op enige afstand van het Kasteel, zodat de Allee geen te drukke weg wordt? • Door de verdubbelde omvang van het aantal parkeerplaatsen en de bouw tegenover het Kasteel verandert het aanzien van het Kasteel als geheel. Bovendien zal de rust verdwijnen door de toename van grote aantallen bezoekers. SPA vraagt zich af of dat wenselijk is voor de huidige bewoners. • SPA roept de andere partijen op om zich goed te realiseren wat hier gebeurt. Wethouder Geilen wijst erop dat er allerlei vragen zijn gesteld over het voorstel dat voorligt, maar dat er ook allerlei andere vragen zijn gesteld en opmerkingen gemaakt over zaken die niet over het bestemmingsplan gaan. Het bestemmingsplan gaat niet over het algemene onderzoek naar de verkeersveiligheid op de Allee. Hij benoemt wat de aanleiding was voor dat onderzoek. • Bij de stukken zit in bijlage 13 het verkeersonderzoek dat wel over het bestemmingsplan gaat. Daarin staat dat de verkeersbelasting die gegenereerd wordt als gevolg van de wijziging van het bestemmingsplan heel goed afgewikkeld kan worden op het bestaande wegennet. • De heer Talpe vroeg of het algemene onderzoek geagendeerd kan worden als het gereed is. Daar is de wethouder toe bereid. Wel wil hij een slag om de arm houden wat betreft de termijn.
• Het knelpunt N276-Allee is bekend. Het wordt bij elke gelegenheid onder de aandacht gebracht van de Provincie. Begin volgend jaar vindt er een bestuurlijk overleg over plaats. • Het bestemmingsplan gaat ook niet over de locatie van het gemeenschapshuis. Er is ook geen sprake van impliciete besluitvorming. • De B-weg bestaat niet meer sinds het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990. In 1966 was er een RVV waarin de B-weg bestond. Dat is afgeschaft in 1990. Dat zou zomaar de reden kunnen zijn dat dat bord er niet meer staat. Er hebben losse borden gestaan met daarop een asdrukbeperking, een breedtebeperking en een tonnagebeperking. Ze zijn weggehaald in de loop der jaren, omdat het moeilijk handhaafbaar was en omdat er ook landbouwverkeer overheen moest om percelen te kunnen bereiken. Dat laatste is een wettelijke plicht. De borden zijn dus niet gestolen, maar bewust weggehaald. De drempels liggen er nog altijd. • Vanwege de complexiteit van de materie is ervoor gekozen om zelf als gemeente in januari tijdens de inspraakperiode een informatieavond te houden, om uit te leggen wat er nu in het bestemmingsplan staat en niet om het standpunt van het college kenbaar te maken. Vervolgens kwam er onder meer een gezamenlijke zienswijze binnen van 459 personen. Ze variëren een klein beetje. Naar al die mensen is een ontvangstbevestiging gestuurd.
Sommige mensen gaven aan dat die niet duidelijk was. Daarop is er een aangepaste brief verstuurd. Daarop ontving de gemeente reacties van mensen die aangaven zich niet te realiseren dat ze een officiële zienswijze hadden ingediend en in een officiële procedure terecht waren gekomen.
12
• •
Normaal gesproken worden er op ruimtelijke procedures minder zienswijzen ontvangen. Vaak zijn ze afkomstig van de directe omgeving. Dat lag nu anders. Geprobeerd is om dat inzichtelijk te maken. De 459 personen hebben opnieuw een brief gekregen waarin is gecommuniceerd dat het bestemmingsplan vanavond in deze rondevergadering wordt besproken, dat ze daarbij aanwezig kunnen zijn en gebruik kunnen maken van het spreekrecht.
De heer Klein (Lokaal SGB) vindt dat de wethouder mist creëert door te stellen dat de zienswijzen niet zo bedoeld zijn als ze zijn ingediend. Hij vindt dat nogal wat. Wethouder Geilen vindt dat andersom eveneens van de heer Klein. Het is goed om duidelijkheid te creëren. Hij heeft geprobeerd om uit te leggen waarom een bepaalde zinsnede op deze manier in het raadsvoorstel stond. Vastgesteld werd dat niet iedereen zich ervan bewust was dat hij door het tekenen van een formulier dat huis-aan-huis verspreid was daarmee een formele zienswijze tegen het bestemmingsplan had ingediend. De heer Klein (Lokaal SGB) vindt dat de wethouder daarmee suggereert dat de zienswijzen met een korreltje zout moeten worden genomen. Wethouder Geilen licht vervolgens toe wat de reactie van het college is geweest op de zienswijzen. • Een van de zaken die vaker naar voren kwam in de zienswijzen, is geluid. In het nieuwe bestemmingsplan worden er strengere eisen gesteld qua geluid rond evenementen. Hij licht dit nader toe. • Ook nu is ten aanzien van de kasteeltuin gezegd: de hoofdbestemming blijft ‘groen’. Daarbinnen ligt een bouwvak. Dat was er al en blijft er. Daar kan een horecafunctie gaan ontstaan. Het moet wel passen in de omgeving. De heer Hoedemakers (CDA) vraagt of hij hieruit mag opmaken dat het gebouw min of meer ondergeschikt is gemaakt aan de groenfunctie.
Wethouder Geilen antwoordt: niet als dat betekent dat het gebouw ten dienste moet staan van groen. Er is immers wel een functieaanduiding op gelegd. Er mag gewoon horeca in. De heer Hoedemakers (CDA) geeft aan dat het enige verwarring op kan wekken, maar hij begrijpt de uitleg van de wethouder. Het was duidelijker geweest als dat bouwvak gewoon een andere kleur had gekregen. Wethouder Geilen begrijpt wat de heer Hoedemakers bedoelt. Maar je zou omgekeerd moeten redeneren: zolang er geen gebouw is, is de bestemming groen. Pas als er een gebouw staat, mag er horeca plaatsvinden. • In het nieuwe bestemmingsplan is aan de parkeerplekken de feitelijke functie van parkeren toegekend. Die zijn er niet meer alleen ten dienste van de sportfunctie, omdat ze inmiddels breder gebruikt worden. • Een aantal sprekers gaf aan dat het bestemmingsplan probeert om de kaders goed neer te zetten. De heer Kuburic vroeg hoe er vervolgens gehandhaafd zal worden. Het zal uiteraard een thema worden en als er verzoeken komen om te handhaven zal daar uiteraard op worden gereageerd. • De heer Janssen maakte een aantal positieve opmerkingen over het bestemmingsplan. • De raad heeft vaker opgeroepen om goed te luisteren naar wat er gezegd wordt bij de inspraak en de participatie. Geprobeerd is dat te doen. Dat heeft geleid tot een aantal aanpassingen in het bestemmingsplan.
• De heer Hoedemakers vroeg of categorie-2- en -3-evenementen geconcentreerd kunnen worden op het Kasteel en het Winterfestijn ingekort kan worden tot een kortere periode. De ondernemer heeft een bestemmingsplanvoorstel ingediend om daarmee zijn activiteiten mogelijk te maken en zijn wensen en ideeën kenbaar te maken. Het college heeft deze zaken getoetst aan de geldende wet- en regelgeving en geconstateerd dat het daarbinnen past. Daarmee is er geen aanleiding om hier nog
13
verdere differentiatie in te vragen. Maar uiteindelijk beslist de raad om het bestemmingsplan al dan niet vast te stellen. De heer Hoedemakers (CDA) geeft aan dat het Winterfestijn nu zowel op het Kasteel als in de tuin mag plaatsvinden. 31 dagen aan een stuk is nogal wat. Kan niet aangegeven worden dat dat binnen de gracht moet worden gedaan? Wethouder Geilen antwoordt dat op zich alles kan. Alles kan veranderd worden, want het wordt nu wel of niet vastgesteld. De raad heeft altijd het recht om zaken aan te passen. Alleen is de vraag dan wel wat daar de weerslag van is. Misschien zou daarover ook eerst het gesprek aangegaan moeten worden met de exploitant. Het bestemmingsplan maakt alleen de functie mogelijk. Vervolgens moet er nog wel een evenementenvergunning worden aangevraagd. Ook daarin worden zaken geregeld over geluid, parkeren e.d. Dus je kunt daar nog allemaal aanvullende zaken in opnemen. • De heer Talpe stelde voor om de evenementenvergunning na een jaar te evalueren. Dat lijkt hem een heel verstandig voorstel. • Mevrouw Joosten riep de wethouder op om in gesprek te blijven met het dorp over de verkeersproblematiek. Dat hangt weer samen met het bredere onderzoek. Soms ontstaat er ook overlast door andere activiteiten in het dorp. Er gebeurt meer in het dorp dat verkeer aantrekt. Het lijkt hem goed om daar de dialoog over te blijven voeren.
Het lijkt hem verstandig dat te doen op het moment dat er meer duidelijk is over de Allee, dus als het algemene onderzoek er ligt. Mevrouw Joosten (VVD) is heel blij met deze toezegging. Ze bedankt de wethouder voor het beantwoorden van een aantal vragen die misschien niet direct bij het plan hoorden. Er is veel reuring omdat er veel door elkaar wordt gegooid. Door deze punten nu goed benoemd te hebben, denkt ze dat voor een heleboel inwoners de kou uit de lucht is gehaald. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft aan dat het onderzoek dat volgend jaar verschijnt over de Allee niets te maken heeft met het bestemmingsplan en dat de huidige situatie voldoet aan het toekomstige bestemmingsplan. Kan de wethouder dat onderbouwen? In de praktijk loopt het namelijk wel vast, vorige week vrijdag nog. Toen was er chaos in het dorp. Wethouder Geilen geeft aan verwezen te hebben naar het verkeerskundig onderzoek, in bijlage 13. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft aan dat wat er op papier staat dan dus iets anders is dan wat de mensen ervaren. Hij vraagt nogmaals om een onderbouwing. Wethouder Geilen geeft aan dat zojuist gedaan te hebben. Bijlage 13 is de verkeerskundige onderbouwing. Hij licht dit toe. De heer Klein (Lokaal SGB) stelt dat het een heel slechte onderbouwing is. De burgers ervaren namelijk wel overlast.
De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) geeft aan dat in bijlage 13 ook staat dat er voor meer inzicht in de verkeersafwikkeling op deze locatie nader onderzoek gewenst is. Ook staat er eigenlijk dat de aansluiting op de N276 sowieso een kritisch punt is. Is de wethouder bereid om toe te zeggen dat er aanpassingen gaan komen op de Allee en op de aansluiting met de N276? Wethouder Geilen antwoordt dat uiteraard niet te kunnen doen. Ten eerste omdat eerst moet worden vastgesteld wat de beste oplossing is. En ten tweede moet eerst duidelijk zijn wat dat financieel betekent. Nu gaat het om de ruimtelijke afweging. De ruimtelijke afweging die hier aan de orde is op het gebied van verkeersveiligheid staat in bijlage 13. Het voldoet, maar de afwikkeling rond de N276 is inderdaad soms problematisch. De heer Renet (SPA) geeft aan dat het er feitelijk om gaat hoe een en ander veiliger gemaakt moet worden. Op voorhand kan nu niet gegarandeerd worden dat het veiliger gemaakt kan worden. Het lijkt
14
hem dan ook verstandiger om toch eerst het onderzoek af te wachten. Het verhaal speelt nu zeven jaar. Een paar maanden wachten zou dan moeten kunnen. Wethouder Geilen antwoordt dat er niet al zeven jaar gewerkt wordt aan dit plan. De exploitant gaf aan inmiddels zeven jaar ondernemer te zijn op deze plek. Dit plan loopt korter. Op het moment dat je een bestemmingsplan voorlegt, hoort daar een ruimtelijke onderbouwing bij en in dit geval een verkeerskundig onderzoek. Dat is gedaan. Het verkeerskundig onderzoek geeft aan dat de functie waarom gevraagd wordt kan. Er zijn inderdaad kanttekeningen te maken, zoals de heer Janssen deed, maar daar gaat de ruimtelijke procedure niet over. • In de nota van zienswijzen staat het antwoord op de vraag van de heer Klein, over waarom er geen dierenhulpcentrum kon komen en het college in dit geval wel positief reageerde. • De heer Talpe vroeg om twee toezeggingen. Dat heeft hij – met enige nuance – gedaan. • De opmerking dat een wethouder gevraagd zou hebben om bezwaren in te trekken kan hij niet plaatsen. Hij heeft weinig behoefte om op insinuaties te reageren. De heer Klein (Lokaal SGB) licht toe dat het hem gaat om het punt dat een wethouder de ambtenaren overrulede. Wethouder Geilen wil daar graag in algemene termen op reageren. Ambtenaren staan ten dienste van het college en zijn adviseurs van het college.
De besluitvorming vindt plaats door het college. Hij licht dit nader toe. Het kan soms zijn dat een ambtelijk advies A is en dat het college daar gemotiveerd van afwijkt en voor B kiest. Hij is het eens met de constatering van de heer Paauwe dat de verkeerssituatie aangekaart moet blijven worden bij de Provincie. De heer Renet (SPA) geeft aan behoorlijk wat te hebben gezegd over draagvlak onder de bevolking. Daar heeft hij de wethouder weinig over gehoord, behalve dan dat hij de zienswijzen nuanceerde. Hij vindt dat de wethouder dat niet had moeten doen. Hoe kijkt de wethouder ertegenaan dat zoveel mensen hebben aangegeven bezwaar te hebben? Wethouder Geilen licht toe dat mensen in een zienswijze kunnen aangeven hoe ze ergens naar kijken. Vervolgens is het aan het college om daarop te reageren. Hij licht toe tot welke wijzigingen dat in dit geval wel en niet heeft geleid en geeft hier enkele voorbeelden bij. De heer Renet (SPA) pleit ervoor dat mensen eigenlijk in de gelegenheid zouden moeten worden gesteld om te reageren op hoe het college met hun zienswijzen is omgegaan. Wethouder Geilen licht toe hoe de procedure eruit dient te zien, conform de Wet ruimtelijke ordening. Eerst is het nu aan de raad om de reacties op de zienswijzen te wegen. Als de raad het bestemmingsplan ten slotte heeft vastgesteld, is er nog de mogelijkheid dat mensen daartegen in beroep gaan.
De voorzitter inventariseert of er behoefte is aan een tweede termijn. Dat is het geval. Tweede termijn Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan verrast te zijn door de uitspraak van GroenLinks/PvdA dat er bomen gekapt mogen worden ten dienste van de verkeersveiligheid. Dat geluid hoort ze niet vaak van hen. Is hiermee een nieuwe lijn ingezet? De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) legt uit dat de fractie deze afweging op een goede manier heeft willen maken. GroenLinks/PvdA staat voor groen, maar vindt veiligheid zeker zo belangrijk. Hij licht dit nader toe. Hij benadrukt ook: als er bomen moeten verdwijnen dan moeten er andere voor in de plaats komen.
15
Mevrouw Joosten (VVD) reageert hierop. Er zijn in Sittard-Geleen heel veel verkeerssituaties waar tegen dit soort problemen aangelopen wordt. Mag de VVD op steun van GroenLinks/PvdA rekenen als het voorstelt bomen te kappen bij de school in Grevenbicht? De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) antwoordt dat zijn fractie al die situaties per geval zal moeten beoordelen. De heer Bonten (D66) geeft mevrouw Joosten gelijk als ze denkt voor de bescherming van bomen bij een andere partij te moeten zijn dan GroenLinks/PvdA. Hij wijst wel op een van de zojuist besproken APVwijzigingen. Een van de argumenten voor bomenkap is veiligheid. De heer Renet (SPA) vindt het onbegrijpelijk dat een aantal partijen een Allee zonder bomen kennelijk acceptabel vindt. • Hij constateert dat de gemeente een aantal borden en drempels heeft weggehaald. Dat heeft ertoe geleid dat de weg beter bereikbaar is geworden voor vrachtwagens en bussen, hetgeen niet ten goede is gekomen aan de veiligheid. • Hij verzoekt het college om aangaande de zienswijzen in de toekomst niet-relevante opmerkingen niet meer in het raadsvoorstel op te nemen of mondeling te maken. Hij roept de andere fracties op zich daarvan bewust te zijn. • Ook al kúnnen er bepaalde zaken worden toegelaten, dat wil nog niet zeggen dat het ook moet worden gedaan, vanwege bijvoorbeeld het leefgenot van de bewoners.
Mevrouw Joosten (VVD) heeft een interruptie. Een tweede termijn moet erop gericht zijn met elkaar de discussie aan te gaan. Ze hoort de heer Renet nu alleen maar politieke statements maken. De voorzitter begrijpt de opmerking, maar kan als voorzitter niet beletten dat er in de tweede termijn ook deels betogen kunnen worden gegeven. De heer Renet (SPA) geeft aan dat hij juist hoopt dat mensen willen reageren op hetgeen hij stelt. Hij nodigt iedereen uit te reageren op zijn mening. Hij herhaalt dat het verkeerskundige onderzoek dat in 2025 verschijnt eerst afgewacht zal moeten worden. Ook roept hij de raad op om serieus te kijken naar andere mogelijkheden om de bezoekers te faciliteren naar hun bestemming te gaan, voordat er besluitvorming plaatsvindt. Hij verneemt hierover graag de meningen van de andere fracties. De heer Talpe (PIT) herhaalt wat PIT hierover gezegd heeft. Het is belangrijk om te beoordelen wat wel onder het bestemmingsplan valt en wat binnen het eigen beleid. De heer Bonten (D66) wijst erop dat de verkeersdruk op de Allee en vooral bij de aansluiting op de N276 toeneemt als dit bestemmingsplan wordt goedgekeurd. Tegelijk wordt echter aangegeven dat de verkeersdruk daar nu ook al een probleem is. Het kan zijn dat deze wijziging van het bestemmingsplan ertoe bijdraagt dat daar nu eindelijk eens een oplossing voor gevonden wordt.
De voorzitter geeft aan daar geen vraag in te hebben gehoord. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft richting de heer Bonten aan het raar te vinden eerst het bestemmingsplan te wijzigen en dan te kijken of je de verkeersdruk wel of niet kunt veranderen. Dan kun je in onwenselijke situaties belanden en kan het te laat zijn. De heer Bonten (D66) geeft aan dat in het verkeersonderzoek dat er ligt staat: dit kan. De aansluiting op de N276 ligt buiten het bestemmingsplan. De heer Klein (Lokaal SGB) is van mening dat hier het probleem zit. In de praktijk blijkt dat mensen toch veel overlast ervaren. Dat roept de vraag op hoe goed het is bekeken. Hij pleit daarom voor een second opinion.
16
De heer Kuburic (GOB) wijst erop dat de heer Klein doelt op een bijzondere situatie na een feest, om één uur ‘s nachts. Hij verwacht overdag geen extra verkeersdruk. De heer Klein (Lokaal SGB) denkt niet dat de ondernemer 31 dagen een evenement zal organiseren voor honderd bezoekers per dag. Dat zullen er dit jaar duizend moeten worden en over vijf jaar vijfduizend. Daar zit ook de zorg van de bewoners. De heer Bonten (D66) geeft aan dat de heer Klein hiermee de suggestie wekt dat de ondernemer kwantiteit boven kwaliteit zal verkiezen. Hij heeft de ondernemer dat niet horen zeggen. De suggestie van vijfduizend bezoekers per dag is uit de lucht gegrepen. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) wil daarop aanvullend benadrukken dat dat nu juist de reden is om dit bestemmingsplan vast te stellen, om een plafond in te kunnen stellen. We staan er met z’n allen voor om de zorgen weg te halen. De heer Klein (Lokaal SGB) wijst erop dat de ondernemer zelf en de buurt hebben aangegeven dat de ondernemer de randjes opzoekt. Daarnaast vermoedt hij dat niemand straks auto’s zal gaan tellen op de Allee en zal ingrijpen als het er te veel zijn. Dan is de buurt de dupe. Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan met verschillende mensen in Limbricht te hebben gesproken. Ze hoort ook heel veel positieve geluiden. Er zijn ook mensen die het geweldig vinden dat er reuring is.
Er zijn zorgen over de verkeersveiligheid. Die zijn geadresseerd en daar wordt naar gekeken. De discussie die op dit moment gevoerd wordt, vindt ze beneden alle peil. De voorzitter concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. De VVD, PIT, GOB, GroenLinks/PvdA, D66 en de Stadspartij beschouwen het als hamerstuk. Hij roept de overige fracties op bij de griffie kenbaar te maken welke elementen nog aandacht behoeven. De heer Klein (Lokaal SGB) wil graag nu alvast aankondigen waar hij over wil spreken tijdens de bespreking in de raadsvergadering. Hij wil het dan hebben over de inmenging van het GOB, de rol van de voorzitter van de Stichting Kasteel Limbricht, het minihotel en de subsidies. De voorzitter geeft aan dit erg vreemd te vinden. Al deze punten had hij in deze vergadering, die is bedoeld als voorbereiding voor de raadsvergadering, kunnen inbrengen. De heer Klein (Lokaal SGB) geeft aan niet te willen spreken over mensen die nu niet aanwezig zijn. De voorzitter herhaalt de toezeggingen die de wethouder heeft gedaan: • De resultaten van het verkeersonderzoek naar de verkeersproblematiek op de Allee, in aansluiting op de N276, worden in 2025 in een ronde besproken. • Na een nog nader te bepalen periode wordt geëvalueerd in hoeverre de gehouden evenementen overlast veroorzaken en of het verlenen van evenementenvergunningen daartoe aanpassing behoeft.
• Met de omwonenden blijft de dialoog bestaan over de inrichting van de Allee en alle verdere verkeersproblematiek, nadat de resultaten van het onderzoek bekend zijn geworden.
17
Notulen van de Ronde in Raadzaal op donderdag 21 november 2024
1.3 Raadsvoorstel inzake het onttrekken van een gedeelte van de weg Mauritspark aan het openbaar verkeer Tijdstip:
22.45-23.00 uur
Aanwezig de voorzitter: de griffier:
M.J.M. De Loo A.J.C. Lamers-Beckers
de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: FvD: PIT:
F. Kuburic P.T.H.M. Henssen W.P.H. Paauwe L. Bezemer J.M.H. Joosten J.J. Renet E.V.P. Talpe
het college:
wethouder L.G.A.J. Geilen
ambtenaar:
de heer Nijsten
notulen:
M. Migo (Notuleerservice Nederland)
Aan de orde is het raadsvoorstel inzake het onttrekken van een gedeelte van de weg Mauritspark aan het openbaar verkeer. Gevraagd wordt de gemeenteraad te adviseren over een instemming met het ontwerpbesluit, dit ontwerpbesluit vervolgens ter inzage te leggen en het nemen van het definitieve besluit te delegeren aan het college. De voorzitter heet wethouder Geilen wederom hartelijk welkom, evenals de ambtelijke ondersteuning in de persoon van de heer Nijsten. Eerste termijn De heer Henssen (CDA) wijst erop dat aangegeven is dat de aanleg van een nieuw aan te leggen weg reeds is vergund, terwijl de aankoop nog niet is gerealiseerd. Is dit wel de juiste formele weg? De heer Bezemer (GroenLinks/PvdA) kan instemmen met het raadsvoorstel. Voor GroenLinks/PvdA is het een hamerstuk. De heer Kuburic (GOB) kan eveneens instemmen met het raadsvoorstel.
18
De heer Renet (SPA) heeft een opmerking over de weg die aan de achterzijde ligt. Die is aangelegd in 1927. Op 15 juli liep Koningin Wilhelmina daarover naar de staatsmijn Maurits. Het is echt een stuk weg met historie. Daarom zou moeten worden nagegaan het te behouden. De heer Paauwe (Stadspartij) merkt op dat er de afgelopen jaren veel woningen zijn gesloopt in het Mauritspark in Geleen. Aan de mooie historie herinnert nu enkel nog de Loonhal. Onlangs is de laatste boerderij gesloopt aan de Ringovenstraat. • De sloop van het Mauritspark heeft Sittard-Geleen veel geld gekost. Aanvankelijk was het doel van de sloop de realisatie van een rangeerstation voor Chemelot mogelijk te maken. Gelukkig wordt er nu gekozen voor een mooie en nieuwe invulling. • Op bladzijde 3 staat als argument dat hiermee ook afvaldumping kan worden voorkomen. Misschien is het goed om dit mee te nemen naar andere wensen omtrent het voorkomen van afvaldumping in Sittard-Geleen. • Wat de Stadspartij betreft, betreft het een hamerstuk. De heer Talpe (PIT) geeft aan dat de technische vraag van PIT naar tevredenheid is beantwoord. Voor PIT is het een hamerstuk. Mevrouw Joosten (VVD) staat positief tegenover de voorgestelde procedure en vindt de plannen noodzakelijk voor de toekomst van het gebied.