Notulen Ronde Raadzaal 13 oktober 2022
Tekst van het document
Notulen van de Ronde in Raadzaal op donderdag 13 oktober 2022 2.1 Verordening Nadeelcompensatie Tijdstip:
19.00-20.00 uur
Aanwezig de voorzitter: de griffier:
D. Pfoster A. Lamers
de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: Forum voor Democratie: PIT:
F. Kuburić N.I.M. Kaufmann W.P.H. Paauwe T. Baars P.R. Pi Van de Venne J.M.H. Joosten M.H.J. Klaassen J.J. Renet P. Vola M.M.J.T. Schenk-Hermans
het college ambtenaren
wethouder Geilen mevrouw Stekhuizen
notulen
M. Migo (Notuleerservice Nederland)
De voorzitter opent de vergadering en heet alle aanwezigen welkom. Tijdens deze ronde staan twee punten op de agenda. Allereerst de Verordening Nadeelcompensatie. Gevraagd wordt om advies te geven aan de gemeenteraad omtrent het vaststellen van de Verordening Nadeelcompensatie. De voorzitter heet wethouder Geilen en mevrouw Stekhuizen hartelijk welkom. Eerste termijn Mevrouw Kaufmann (CDA) geeft aan dat dit voor het CDA in principe een hamerstuk is. Ze wijst erop dat in de stukken staat dat vooralsnog, gemotiveerd, wordt afgeweken van het voorstel van VNG, waardoor voorlopig de oude Planschadeverordening blijft gelden. Mevrouw Kaufmann wil graag van de wethouder weten: • Is de wethouder van plan in de toekomst wel de oude Planschadeverordening in te trekken? Waar zou dat afhankelijk van zijn? • Hoe kan voorkomen worden dat er onnodig veel geld gaat naar juridisch onderzoek bij planschadeclaims? • Hoe gaat de wethouder bij de handhaving van de oude planschaderegeling ervoor zorgen dat dit bij eventuele volgende zaken niet onnodig jarenlang juridisch procederen gaat kosten? De heer Klaassen (PVV) wil graag vijf punten aanstippen:
1
• • • •
•
De noodzaak van de nieuwe verordening, in het kader van de nieuwe Omgevingswet, is voor de PVV volstrekt helder. Als in de Omgevingswet zelf de termijnen al staan opgenomen, hoeven die dan niet in de verordening te komen? De heer Klaassen vindt dat dit in het raadsvoorstel wel vermeld had moeten worden, de afhandelingstermijnen van aanvragen, omdat dit belangrijk is voor de aanvragers om te weten. Over de keuze af te wijken van de modelverordening van VNG: de PVV merkt op dat er straks twee regelingen naast elkaar gaan lopen. Kunnen die strijdig met elkaar zijn bij een bepaalde aanvraag? Is het mogelijk het juridisch advies dat daarover is gevraagd te ontvangen? De nieuwe regeling biedt mogelijkheden om zonder dure externe adviseurs te gaan werken. De adviseurs borgen echter wel onafhankelijkheid jegens de gemeente. Hoe wordt geborgd dat de slager straks zijn eigen vlees op een eerlijke manier gaat keuren, als geen adviescommissie meer wordt gebruikt? De PVV heeft niet de indruk dat er heel veel planschadekwesties in de gemeente spelen. Kan de wethouder een beeld schetsen van het actuele aantal of het gemiddelde aantal over de afgelopen jaren? Is nadeelcompensatie of planschade de komende jaren nog wel aan de orde?
De heer Kuburić (GOB) geeft aan dat de vaststelling van de verordening wat het GOB betreft een prima plan is. Wel heeft hij nog een aantal vragen aan de wethouder: • Is er zicht op de hoeveelheid besluiten die mogelijk nog onder het oude recht vallen en waarvoor de oude verordening uit 2008 in stand blijft? • GOB vraagt zich af waarom de VNG heeft geadviseerd de oude verordening te schrappen? Is dat om de rechtszekerheid te dienen en geen onduidelijkheid te creëren over de geldende regels omtrent nadeelcompensatie? Kan er straks geen twijfel ontstaan over welke verordening aangehouden moet worden? • Er is voor gekozen geen percentage of minimumbedrag voor compensatie te noemen in de verordening voor het instellen van een adviescommissie. Gelet op de kosten en de enorm lange doorlooptijd van de procedure vindt het GOB een kostenminimum of percentage wenselijk. De heer Kuburić pleit ervoor dat dit nog eens bekeken wordt. De heer Vola (Lokaal SGB) heeft een aantal vragen. • Hij wijst erop dat in het voorstel staat dat verwacht wordt dat op 1 januari 2023 de Omgevingswet in werking zal treden. Heeft eventueel uitstel daarvan nadelige gevolgen voor wat nu voorligt? • De nadeelcompensatie heeft als doel om schade die is ontstaan door rechtmatig overheidsoptreden te compenseren.
Geeft dat geen vrijbrief om minder verantwoorde besluiten te nemen? Wethouder Geilen wijst erop dat het signaal dat de Omgevingswet niet per 1 januari 2023 in werking zal treden wat prematuur is, maar het zou kunnen dat dit wel het geval zal zijn. Voor de regeling die nu voorligt zou dat geen nadelige gevolgen hebben. Echter, pas wanneer de nieuwe Omgevingswet gepubliceerd wordt, zal deze verordening van toepassing zijn. • In antwoord op de heer Vola geeft wethouder Geilen aan dat er geen vrijbrief wordt gegeven om minder verantwoorde besluiten te nemen. Het gaat namelijk wel over rechtmatig overheidsoptreden. • Ten aanzien van het in stand houden van de oude verordening naast de nieuwe verordening geeft wethouder Geilen aan, richting de heer Kuburić, dat op dit moment geen zicht is op het aantal gevallen. • Hij geeft, mede ook naar mevrouw Kaufmann, aan dat het college verwacht dat je de verordeningen voorlopig parallel moet aanhouden. VNG gaf aan dat het niet hoeft. Andere juristen zeggen dat het verstandig is er twee in stand te houden. Het college kiest het zekere voor het onzekere. De ene verordening is op basis van de Wet ruimtelijke ordening. De andere is op grond van de Omgevingswet. Dus het moment van aanvragen bepaalt onder welke wet het zal vallen. En de wet bepaalt vervolgens welke verordening van toepassing is.
• Het juridisch advies kan, zoals gevraagd door de heer Klaasen, beschikbaar gesteld worden. • Richting de heer Klaassen geeft de wethouder aan dat de termijnen inderdaad niet genoemd hoeven te worden in deze verordening, omdat de termijnen worden aangehouden die volgen uit de Algemene Wet Bestuursrecht.
2
• •
In antwoord op de vraag hoe voorkomen wordt dat de gemeente zijn eigen vlees moet keuren bij planschadeverzoeken, geeft de wethouder aan dat naar verwachting ook in de toekomst gekozen zal blijven worden voor een adviescommissie. Mevrouw Kaufmann vroeg ook nog hoe je voorkomt dat je juridische kosten maakt voor planschade. Dat is moeilijk, geeft de wethouder aan. Het is en blijft gewoon een recht voor mensen om dit aan te kaarten.
In antwoord op de vraag van de heer Kuburić over het opnemen van een percentage of minimumbedrag in de verordening voor het instellen van een adviescommissie wijst mevrouw Stekhuizen erop dat hierover overleg is geweest met de andere gemeentes in de regio. Ze geeft uitgebreid aan wat de vooren nadelen ervan zouden zijn. Omdat in artikel 4 van de verordening is opgenomen dat het bestuursorgaan sowieso kan kijken of een bezwaar wel of niet gegrond is, de adviescommissie gevraagd kan worden of het ook volstaat het zelf af te doen, is het eigenlijk al gewaarborgd. Dus dan hoeft er geen bedrag meer te worden opgenomen. Mevrouw Kaufmann (CDA) werpt de vraag op: als je een adviescommissie inschakelt, wanneer kies je er als gemeente dan voor om dat advies wel of niet te volgen? Wethouder Geilen merkt op dat dit een andere vraag is dan de vraag die de heer Kuburić stelde. In antwoord op mevrouw Kaufmann geeft hij aan: dat is uiteindelijk casusafhankelijk. Het blijft een advies, geen voorschrift. De heer Klaassen (PVV) geeft aan dat op dit moment de meeste planschade voortvloeit uit bestemmingsplanwijzigingen en buitenplanse afwijkingsbesluiten. Hij las in het raadsvoorstel dat volgens de nieuwe Omgevingswet straks ook binnenplanse afwijkingen kunnen leiden tot planschade.
Klopt het dat er bij de gemeente intern nog niet voldoende expertise is om dan te kunnen beoordelen of er planschade is? Wat is nu de beleidslijn van dit college? Wil het college in principe wel altijd advies inwinnen? In artikel 4 las hij namelijk dat slechts advies wordt ingewonnen voor zover dat naar het oordeel van B&W noodzakelijk is. Wethouder Geilen geeft aan dit een goede vraag te vinden. Er is sprake van een samenvoeging van een planschaderegeling en een reguliere nadeelcompensatieregeling. Omdat ze zijn samengepakt in één artikel betekent dit dat het artikel voor alles geldt. Bij ruimtelijke procedures zegt het college: daar moet je eigenlijk altijd een deskundig advies bij halen, omdat de gemeente niet kan beslissen of iets wel of niet in waarde daalt. Dus als sprake is van mogelijke waardedaling bij ruimtelijke procedures is de lijn van het college: advies inwinnen. Bij overige nadeelcompensatie kan ervoor worden gekozen om een adviescommissie in te schakelen. De heer Klaassen (PVV) begrijpt dat dit de beleving is van de wethouder van hoe de verordening straks toegepast zal worden, maar hij wijst erop dat dit in de praktijk straks anders zou kunnen gaan. Het belangrijkste is wat hem betreft dat de burger, de aanvrager, gewoon recht heeft op een onafhankelijk oordeel over zijn schade. Zo zou het wat hem betreft in de verordening moeten staan.
De heer Renet (SPA) spreekt zijn steun uit voor de heer Klaassen op dit punt. Mevrouw Joosten (VVD) heeft een vraag over de uitbetaling van de nadeelcompensatie. Aangegeven is dat de keuze is gemaakt die periode met twee weken te verlengen. Ze wil weten: is het gebruikelijk dat bij alle verordeningen twee weken extra gevraagd wordt? Mevrouw Stekhuizen antwoordt dat de reguliere termijn, als je niet naar een adviescommissie gaat, acht weken is. Op het moment dat een adviescommissie om advies wordt gevraagd, is sprake van zes maanden. Die periode is ook echt nodig. Vandaar ook dat die adviescommissie bij de verordening moet worden ingesteld, omdat je op die manier die termijn langer kunt krijgen. Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan dat ze een vraag stelde over de uitbetaling van de nadeelcompensatie. Ze herhaalt haar vraag.
3
Mevrouw Stekhuizen antwoordt dat ze niet weet of dit gebruikelijk is. In de modelverordening van VNG stond de termijn niet opgenomen, maar op het moment dat je in de verordening opneemt dat direct bij het onherroepelijk worden betaald moet worden, dan is de kans heel groot dat je al te laat bent. Als iemand op de laatste dag nog een bezwaar of beroep indient, dan zou je het geld weer terug moeten vorderen en dat kan bij heel grote bedragen weleens problematisch zijn. Om dat te voorkomen is de termijn van twee weken ingevoerd. De voorzitter inventariseert of er behoefte is aan een tweede termijn. De heer Renet (SPA) wil weten of de wethouder datgene wat de heer Klaassen voorstelde gaat aanpassen in de verordening, om de burger meer zekerheid te geven. De voorzitter merkt op dat deze vraag in de eerste termijn gesteld had moeten worden en bemerkt dat het college geen behoefte heeft erop te reageren. Hij concludeert dat het voorstel als hamerstuk geagendeerd kan worden voor de aankomende raadsvergadering. Hij sluit het agendapunt en schorst de vergadering tot 20.00 uur voor het volgende agendapunt.
4
Notulen van de Ronde in Raadzaal op donderdag 13 oktober 2022 2.2 Mobiliteitsaanpak Sittard-Geleen Tijdstip:
20.00-21.00 uur
Aanwezig de voorzitter: de griffier:
D. Pfoster A. Lamers
de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: Forum voor Democratie: PIT:
G.R. Klee P.T.H.M. Henssen W.P.H. Paauwe J.E. Janssen P.R. Pi Van de Venne J.M.H. Joosten P. Winteraeken P. Vola L. Wakrim
het college ambtenaren
wethouder Geilen mevrouw Koelstra
notulen
M. Migo (Notuleerservice Nederland)
De voorzitter heropent de vergadering. Aan de orde is de Mobiliteitsaanpak Sittard-Geleen. Dit voorstel is al aan de orde geweest in de ronde van 8 september jongstleden. Toen werden echter met name technische vragen gesteld over het voorstel. Vervolgens bleek het voor fracties lastig te behandelen als niet eerst de technische vragen beantwoord zouden zijn. Daarom is toen besloten de vragen schriftelijk in te dienen. Deze zijn op 30 september beantwoord. Het voorstel is nu opnieuw geagendeerd voor een inhoudelijke bespreking. Gevraagd wordt om advies te geven aan de gemeenteraad met betrekking tot het vaststellen van de Mobiliteitsaanpak Sittard-Geleen en het aanmerken van deze aanpak als bouwsteen voor de later nog vast te stellen Omgevingsvisie Sittard-Geleen 2023. De voorzitter heet wethouder Geilen en mevrouw Koelstra van harte welkom. De heer Vola (Lokaal SGB) meldt dat na de beantwoording van de vele technische vragen het stuk voor zijn fractie akkoord is. Het is wat hem betreft een hamerstuk. Mevrouw Joosten (VVD) dankt de wethouder en de ambtenaren voor het beantwoorden van alle vragen. Ze heeft nog twee vragen: • Van de deelfietsstations wordt aangegeven dat de gemeente en Arriva ermee bezig zijn en dat deze er voor het eind van het jaar zullen zijn.
Gaat dat ook gebeuren? • De gemeente gaf aan geen mandaat te hebben voor fluorvestjes voor de jeugd die naar school fietst. Dat begrijpt de VVD. Maar zou de wethouder bereid zijn hiermee een pilot te gaan doen?
5
Mevrouw Wakrim (PIT) dankt eveneens de wethouder en de ambtelijke ondersteuning voor de beantwoording van de vele technische vragen. Ze heeft nog een aantal vragen voor de wethouder. • Vanuit de visie wordt uitgegaan van diversiteit en inclusie, maar in de missie komt dit nergens terug. Is de wethouder het met PIT eens dat als je het aan de voorkant niet SMART regelt je het aan de achterkant ook niet SMART kunt evalueren? • Kan er een extra voetnoot of addendum komen waarin er wordt verwezen naar de Lokale Inclusieagenda 2020-2024? De heer Pi Van de Venne (D66) dankt de wethouder voor het verzorgen van deze tweede ronde en de beantwoording van de technische vragen. Mobiliteit is voor D66 een belangrijk aandachtspunt. Het draagt in belangrijke mate bij aan het toekomstbestendig maken van Sittard-Geleen en het oplossen van uitdagingen, het helpt voorzieningen voor de inwoners bereikbaar te houden. Het is ook een belangrijke sleutel voor het oplossen van het klimaatprobleem. D66 is blij met de prominente plek in de Mobiliteitsaanpak voor de fiets en dat wordt ingezet op gedragsverandering. • D66 mist het euregionale perspectief in de Mobiliteitsaanpak. De gemeente kan via een sterke lobby richting de Provincie en het Rijk een heel verschil maken, ook waar het gaat om de promotie van bestaande grensoverschrijdende lijnen.
D66 is dan ook voornemens een amendement in te dienen inzake de lobby van Sittard-Geleen op deze thema’s. • D66 mist bij de prioritering de eis klimaatneutraal of duurzaam in het afwegingskader ten aanzien van projecten. Ook hier kondigt de heer Pi Van de Venne een amendement voor aan. De heer Pi Van de Venne heeft tevens nog een tweetal vragen aan de wethouder: • Het college geeft aan dat het deelfietsensysteem wordt opgepakt met Arriva. Gaat het college het gebruik van de glimble-app onder de aandacht brengen in Sittard-Geleen? • Hoe kijkt het college aan tegen autovrije zones binnen Sittard-Geleen? Waar ziet het college hier ruimte voor? De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) dankt de wethouder voor de beantwoording van de vele technische vragen. Hij dankt de wethouder ook voor zijn toezegging om de raad structureel op de hoogte te houden over de staat van het onderhoud van de wegen. Hij geeft aan uit te gaan van een- en hopelijk tweemaal per jaar. Hij wil graag een aantal vragen stellen aan de wethouder: • Een van de landelijke langetermijndoelen voor duurzaam vervoer is dat er vanaf 2035 geen nieuwe diesel- en benzinevoertuigen meer verkocht worden.
Kan de wethouder toezeggen dat in de gemeente Sittard-Geleen tegen die tijd de laadpaleninfrastructuur volledig op orde is? • Hebben dan ook alle middelgrote en grote bedrijven en instellingen in Sittard-Geleen een mobiliteitsplan dat daarop aansluit? • Heeft de gemeente zelf een mobiliteitsplan voor haar medewerkers en wagenpark? Welke acties gaat de gemeente inzetten de komende tien jaar? • Komt er in Sittard-Geleen ook een zero-emissiezone voor goederenvervoer? En zo nee, waarom niet? • Het kabinet heeft 7,5 miljard euro beschikbaar gesteld voor het bereikbaar maken van nieuwe woningbouwlocaties. Wat betekent dit voor de nieuwe wijken van Sittard-Geleen? • Op welke twaalf locaties komen de deelfietsen en hoe gaat dat werken? • Waarom moet er eerst een tracéstudie plaatsvinden naar twee doorfietsroutes? Waarom wordt niet gewoon begonnen? Kan de wethouder dit meenemen in zijn overleg met de partners van ZuidLimburg Bereikbaar? • Oud-wethouder Meekels had toegezegd met ProRail te spreken over nachttreinen. Naar aanleiding van de plannen van de DSM-torens.
Kan wethouder Geilen dit in elk geval bespreken met de gedeputeerde en de partners van Zuid-Limburg Bereikbaar? • Hoe wordt de prioritering van de Mobiliteitsaanpak bepaald de komende tien jaar? Hoe wordt de raad ook meegenomen bij de realisatie van duurzame mobiliteitsprojecten? De heer Henssen (CDA) heeft een verhelderingsvraag voor de heer Janssen. Hij hoort hem deels hetzelfde zeggen als de heer Pi Van de Venne. Is het niet mogelijk dat zij daarom een gezamenlijk amendement maken?
6
De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) antwoordt dat het in de lijn der verwachtingen ligt om inderdaad gezamenlijk een amendement in te dienen. De heer Klee (GOB) dankt eveneens de wethouder voor de beantwoording van de vragen. • Ten aanzien van de beantwoording over Chemelot ziet GOB een onvolledigheid. Is er een datum voor het Omgevingsplan Chemelot? Dat in samenhang met de campagne Samen veilig rond Chemelot. Die campagne is deze week gestart. • Klopt het dat de laadpalen eerder worden geplaatst dan voorzien? Of is er een andere reden dat inmiddels al een laadpaal is geplaatst in Grevenbicht? De heer Paauwe (Stadspartij) bedankt de wethouder en de ambtenaren voor de antwoorden op de technische vragen. De Stadspartij kan zich vinden in de opzet en ontwikkelvisie. • De Stadspartij wil dat er aandacht blijft voor met name de kwetsbare groepen en schoolgaande jeugd, zeker waar het de veiligheid betreft. • De heer Paauwe roept op nog eens te kijken naar de mogelijkheden van gratis openbaar vervoer voor oudere inwoners tijdens daluren. • Hij geeft aan in de daluren vaak bussen te zien rijden waar maar een paar personen in zitten. Daar zou iets op gevonden moeten kunnen worden. • Een goede doorstroming door de stad blijft ook een prioriteit voor de Stadspartij. De heer Paauwe concludeert dat het wat zijn fractie betreft een hamerstuk mag worden.
De heer Henssen (CDA) pleit namens zijn fractie voor innovatief, duurzaam openbaar vervoer. Ook wil het CDA de bestaande euregionale bus- en treinverbindingen uitbreiden. Hij dankt de ambtenaren voor de beantwoording van alle technische vragen. Hij wil graag nog enkele punten aan de orde stellen. • De heer Henssen wil graag expliciet aandacht vragen voor het vrachtwagenparkeren. Betere voorzieningen voor chauffeurs zijn nodig evenals een betere beeldvorming voor de omgeving. Naar aanleiding van een recente gasexplosie vraagt het CDA zich af wat de geldende regels zijn voor koken in en om vrachtwagens in Sittard-Geleen. • Hoe kunnen verkeersinfarcten - zoals op de Dr. Nolenslaan - voorkomen worden? • Welke ambitie heeft de gemeente Sittard-Geleen als het gaat om elektrische laadpalen? Verder kan het CDA instemmen met het kaderdocument. Wethouder Geilen dankt de sprekers voor alle gestelde vragen. • In antwoord op de vraag van onder meer mevrouw Joosten over de deelfietsstations geeft de wethouder aan dat het nog altijd de inschatting is dat dit gaat lukken voor het eind van het jaar. Richting de heer Janssen geeft de wethouder aan dat de exacte locaties van deze stations bekend worden gemaakt zodra dat kan. De raad zal hier dus nog over worden geïnformeerd. • Het idee van een pilot voor de fluorvestjes vindt de wethouder een sympathiek idee.
Hij zal nagaan of er een school bereid is om hieraan mee te doen. • Mevrouw Wakrim gaf aan inclusie te weinig terug te zien. De wethouder verwijst naar de Lokale Inclusieagenda die is vastgesteld door de raad. Dat is eigenlijk op al het beleid van toepassing. Daarom is daar nu niet expliciet naar verwezen, maar dat zou in theorie wel kunnen en daar is de wethouder op zich ook niet tegen. In de inclusieparagraaf in het raadsvoorstel staat ook dat het belangrijk is dat iedereen ‘gebruik kan maken van’. Er kan ook in de Mobiliteitsaanpak zelf nog een verwijzing naar worden opgenomen, maar dan moet even bekeken worden hoe dat technisch geregeld kan worden. • Richting de heer Pi Van de Venne geeft de wethouder aan dat de grensoverschrijdende samenwerking nadrukkelijk een plek heeft in de gezamenlijke Limburgse en Zuid-Limburgse aanpak. Dat speelt met name op het gebied van openbaar vervoer en dat ligt iets meer bij de competentie van de Provincie. Daarom heeft het in de Mobiliteitsaanpak van de gemeente een iets minder dominante plek gekregen. • De glimble-app is opgenomen in het communicatieplan van Arriva en kan dus ook gepromoot gaan worden.
7
• •
• •
•
• •
• • •
• •
•
In de Mobiliteitsaanpak staat nog niets over autovrije zones. Het college heeft hier op dit moment nog geen standpunt over ingenomen. Het lijkt hem verstandig hier goed over na te denken, in samenhang met de Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie is de langetermijnverankering. Wethouder Geilen geeft, richting de heer Janssen, aan dat we ervan uit zouden moeten gaan dat de laadpalen over tien jaar op orde zijn. Er is een spreidingsschema voor de plaatsing van de laadpalen. De wethouder zal zijn collega, wethouder Tillie, vragen schriftelijk te antwoorden welke ambitie het college daarbij precies heeft. Het wagenpark van de gemeente voor de medewerkers is elektrisch. De transitie naar de fiets zal nog meer gemaakt moeten gaan worden. In antwoord op de vraag van de heer Janssen over de zero emissie stadslogistiek geeft wethouder Geilen aan dat Sittard-Geleen nu nog niet bij de deelnemende gemeenten zit. In Zuid-Limburg Bereikbaar-verband wordt hier echter al wel over gesproken. Om zero emissie stadslogistiek te realiseren heb je een bepaald schaalniveau nodig. De wens is er wel. Wethouder Geilen noemt het een interessante vraag waarom niet gewoon begonnen wordt met de snelfietsroutes. Om snelfietsroutes te realiseren, moet je o.a. aanhaken op andere infrastructuur, ook met het oog op de veiligheid. Het klinkt wat eenvoudiger dan het is.
Er wordt hard gewerkt aan de implementering van de snelfietsroutes. Inmiddels is vrij duidelijk hoe de route ‘Beek-Stein-Chemelot’ eruit moet gaan zien. Wethouder Geilen is, in antwoord op de heer Janssen, altijd bereid in overleg te gaan met de Provincie over de nachttreinen. Ook spreekt hij regelmatig met ProRail. Hij zegt toe de raad hierover op een later moment te informeren. Richting de heer Klee geeft de wethouder aan dat het omgevingsplandeel Chemelot in principe is voorzien voor het eerste kwartaal van 2023, dan komt het richting de raad. Wel kan het zijn dat hier een MER (milieueffectrapportage) voor moet worden opgesteld. Als dat inderdaad nodig is, zal het pas eind 2023 worden. Binnenkort wordt een brief met nadere informatie naar de raad gestuurd. De heer Klee begreep uit de beantwoording van de technische vragen dat de plaatsing van de laadpalen begin volgend jaar zou starten, maar er worden nu ook al laadpalen geplaatst. Dit geschiedt in tranches. De heer Paauwe vraagt, naar de mening van de wethouder, terecht aandacht voor de veiligheid bij o.a. middelbare scholen. Het heeft permanent de aandacht, maar het blijft complex, ook omdat de leerlingen zich moeilijk laten sturen. De wens van de Stadspartij om tot gratis openbaar vervoer te komen voor senioren in de daluren is bekend. De uitvoerbaarheid is echter complex.
Als je dit op stedelijk niveau zou willen regelen, moet je daar ook middelen voor vrij maken. Het college heeft daarvoor geen ruimte gevonden in de begroting. De wethouder is het eens met de Stadspartij waar het gaat om het benadrukken van het belang van een goede doorstroming. Een deel van de voorgestelde maatregelen voorziet hierin. Het vrachtwagenparkeren vindt ook de wethouder een belangrijk thema, maar heeft minder te maken met mobiliteit. Dat betekent niet dat de gemeente geen aandacht heeft voor de problematiek. Er wordt gewerkt aan een voorstel om te kijken welke oplossingen er mogelijk zijn. De wethouder heeft hierover ook al overleg gehad met Chemelot en de Provincie. Het lijkt erop dat het Rijk, waar het om deze problematiek gaat, mogelijk wat lichte beweging gaat maken om er iets meer verantwoordelijkheid voor te gaan nemen. De wethouder begrijpt de vraag van de heer Henssen over het koken in en om vrachtwagens. Het antwoord is complex, omdat het overnachten in vrachtwagens is toegestaan. Dat ze in hun eigen maaltijden voorzien is gebruikelijk. Het is maar de vraag of je daar beleid op kunt maken. Dat is een technische vraag die de wethouder zou moeten laten uitzoeken. Hij stelt voor dat mee te nemen in de uitwerking van wat in de uitvoeringsafspraken staat.
De heer Henssen (CDA) geeft aan dat deze vragen mede opkwamen door schrikreacties van omwonenden en omliggende bedrijven. Hij wil weten waar zij met hun vragen terecht kunnen om gemoedsrust te krijgen. Wethouder Geilen vindt de zorg helder. Hij denkt echter dat dit niet thuishoort bij de Mobiliteitsaanpak. Hij stelt voor nu goed te kijken hoe tot een gedegen oplossing kan worden gekomen.
8
•
•
Ten aanzien van de Dr. Nolenslaan, de onderdoorgang bij de spoorweg, wil het college voor de korte termijn een aantal extra hoogtebeperkende maatregelen nemen. ProRail heeft gevraagd aanvullende maatregelen te nemen. Daar kijkt het college nu naar. Voor de lange termijn heeft ProRail ook gevraagd: kan gezorgd worden dat daar geen vrachtwagens meer kunnen rijden? Dan zou de N297 volledig aangesloten moeten worden. Dat zou complex zijn, ook omdat dit geen prioriteit is van de Provincie. De wethouder heeft dit toch besproken in het Regionaal Mobiliteitsoverleg. Ook met EchtSusteren. Afgesproken is hierover door te praten. De Provincie is nog terughoudend. De ambitie is er dat de laadpalen voor iedereen bruikbaar en bereikbaar zijn.
Mevrouw Joosten (VVD) heeft nog een vraag over de carpoolplekken. Worden die ook meegenomen in het plan? Dat is niet het geval, geeft de wethouder aan. Rijkswaterstaat kijkt nu naar mogelijke carpoolplekken in relatie tot de uitbreiding van de A2, of je daar het carpoolen kunt bevorderen in het kader van de ‘minder hinder’-aanpak. Dat is echter geen structurele oplossing. Het is nu de lijn van het ministerie dat zij daar, waar het gaat om die structurele oplossing, geen verantwoordelijkheid in neemt. Dus zal dit meer regionaal geregeld moeten worden. Daarover is kort al wel gesproken in het eerdergenoemde Regionaal Mobiliteitsoverleg. De wethouder zegt toe op dit punt schriftelijk nog terug te komen. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) heeft nog een verduidelijkingsvraag over de prioritering in relatie tot de verkeersveiligheid. Hij wijst op het fenomeen black spots: plekken waar vaak verkeersongevallen plaatsvinden. Wordt dat bijgehouden? En wordt daar ook in de planning rekening mee gehouden? Wethouder Geilen antwoordt: de zwaardere verkeersongevallen worden bijgehouden. Het is niet zo dat de black spots nu leidend zijn voor de aanpak, omdat ook gekeken wordt naar de risico’s die op een weg zitten. De heer Paauwe (Stadspartij) heeft ook nog een verduidelijkingsvraag.
Vorige week vond de presentatie plaats over de toekomstige huisvesting van Vidar en de gemeentewerken, dat gaat naar het Mauritspark. Is daar in het Mobiliteitsplan al rekening mee gehouden? Het wordt namelijk erg druk in dat gebied. Wethouder Geilen antwoordt dat daar nu in het Mobiliteitsplan nog geen rekening mee is gehouden, want deze Mobiliteitsaanpak vloeit voort uit allerlei andere visies die in circa de afgelopen anderhalf jaar zijn opgesteld. In deze specifieke huisvestingsplannen wordt echter wel gekeken naar wat het betekent voor de verkeerssituatie ter plekke en of dus maatregelen op de Mijnweg genomen zullen moeten worden. De heer Klee (GOB) wijst op het Verkeerscirculatieplan bij calamiteiten Chemelot. Hij stelt voor daar één geheel van te maken met de campagne Samen veilig rondom Chemelot en het omgevingsplan, zodat er een goed onderbouwd plan komt. De wethouder vindt het goed dat de heer Klee hier aandacht voor vraagt. De communicatie van Samen veilig rondom Chemelot is echter al gestart. Daar zit het calamiteitenplan nog niet in. Over het Verkeerscirculatieplan bij calamiteiten Chemelot vindt op dit moment nog het gesprek plaats met Chemelot. De voorzitter inventariseert of er behoefte is aan een tweede termijn. Dat is het geval. Tweede termijn Mevrouw Joosten (VVD) heeft een vraag aan D66. De heer Pi Van de Venne pleitte voor autovrije zones.
Waar denkt hij daarbij aan? En hoe kijkt hij daarbij naar de belangen van omwonenden? De heer Pi Van de Venne (D66) antwoordt dat waar en wanneer ze moeten komen op een later moment moet worden bekeken. Vanwege het klimaat lijkt het hem echter verstandig om al wel te kijken welke mogelijkheden er zijn om autovrije zones in te stellen.
9
Mevrouw Joosten (VVD) geeft aan dat het openbaar vervoer in Sittard-Geleen nog niet zo goed is geregeld. Ze vraagt zich af wat de wenselijkheid en de effecten zijn die bereikt kunnen worden. De heer Pi Van de Venne (D66) ziet dat D66 en VVD op dit punt van mening verschillen. VVD-leider Rutte zei: de VVD is een autopartij. D66 is meer een ov-partij. Er wordt nu geïnvesteerd in ov. Daarom zijn autovrije zones wat hem betreft nu wel mogelijkheden om mee te nemen. Vanuit inwoners zijn er volgens hem zeker wensen om eens te kijken welke mogelijkheden er zijn ten aanzien van autovrije zones. Mevrouw Joosten (VVD) denkt dat het goed is dat te onderzoeken. Ze benadrukt: ik ben niet voor meer meer meer auto’s, maar voor schonere auto’s. De VVD is er niet voor om alle auto’s zomaar even weg te halen. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) vraagt zich af: zijn wij hierover in the lead? Of moet gewoon aan de mensen gevraagd worden wat zij vinden van autovrije zones? Hij is het met D66 eens dat een transformatie nodig is naar een klimaat-adaptieve stad en dat beter moet worden omgegaan met CO2uitstoot en fijnstof dan nu het geval is. Het begint ermee de mensen te vragen wat zij zelf willen. Als mevrouw Joosten dat anders ziet dan hoort hij dat graag. Mevrouw Joosten (VVD) benadrukt dat de dialoog met inwoners, ondernemers en gebruikers altijd belangrijk is.
Ze vindt het jammer als in een discussie alleen maar gekeken wordt naar minder, terwijl ook gekeken kan worden naar nieuwe manieren waarbij veel CO2-problemen ook opgelost kunnen worden. Ze stelt voor meer naar het brede pallet te kijken. Ze pleit voor slimmer en schoner in plaats van alleen maar minder. De heer Paauwe (Stadspartij) geeft aan dat de Stadspartij al heel blij zou zijn als in de binnenstad van Sittard, en dan met name op de Markt, er weinig tot geen gemotoriseerd verkeer meer zou zijn. Hij denkt daarmee al een beetje aan te sluiten bij D66. De heer Pi Van de Venne (D66) vindt het fijn dat de Stadspartij en D66 het eens zijn. Hij meent echter dat de Markt in Sittard nu al is ingesteld als een voetgangerszone. De heer Paauwe (Stadspartij) benadrukt dat de heer Pi Van de Venne het juist zei: ‘ingesteld als’. Hij wijst erop dat er weinig tot geen sprake is van handhaving. Mevrouw Joosten (VVD) vindt dat de heer Paauwe hier een belangrijk punt maakt. Dat is ook wat ondernemers aangeven: er wordt niet gehandhaafd. En daar zou dus naar gekeken moeten worden. De voorzitter concludeert dat het agendapunt voldoende is besproken. D66 heeft aangegeven twee amendementen te gaan indienen, een over de ontwikkelingen van de euregionale aspecten in de Mobiliteitsaanpak en een amendement inzake de prioriteringseisen met betrekking tot de duurzaamheid.
Hij herhaalt de toezeggingen die zijn gedaan door de wethouder: • Er komt een addendum bij het voorstel waarin een plek wordt gegeven aan de Lokale Inclusieagenda. • Onderzocht wordt of er een school is die wil meedoen aan een pilot inzake de veiligheidsvestjes. • De vraag over het het plaatsen van de laadpalen zal nog schriftelijk worden beantwoord. • De wethouder zal over de nachttreinen in overleg gaan met ProRail en de Provincie en de raad daar op een later moment over informeren. • In de uitwerking van de uitvoeringsafspraken zal worden meegenomen of en hoe de veiligheidsregels kunnen worden toegepast bij het vrachtwagenparkeren. • Ook wordt schriftelijk geïnformeerd over wie de verantwoordelijkheid heeft voor het aanleggen van carpoolplaatsen. De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekpunt kan worden geagendeerd voor de eerstvolgende gemeenteraadsvergadering. De voorzitter bedankt alle deelnemers aan de ronde en sluit de vergadering.
10