Notulen Ronde Maaszaal d.d. 30 juni 2022
Tekst van het document
Notulen van de Ronde Maaszaal op donderdag 30 juni 2022 Tijdstip:
19.00-19.45 uur
Aanwezig de voorzitter de griffier
dhr. M. Schipper mw. N. Bisschof
de leden
GOB: F. Kuburic CDA: J.H. Smeets GroenLinks/PvdA: T. Baars PVV: M.H.J. Klaassen Stadspartij: W.P.H. Paauwe D66: P.R. Pi Van de Venne PvdA: P.H.J. Kubben VVD: G. Peeters Lokaal SGB: S.A.J. Klein SPA: P. Winteraeken-Bruls PIT: E. Talpe
namens college
dhr. A. Houtakkers
ambtenaren:
dhr. R. Friesen
overige aanwezigen: notulen:
Lisette Holwerda (Notuleerservice Nederland)
Agendapunt:
Verzoek tot herziening van het bestemmingsplan handelsterrein Bergerweg
De voorzitter licht, voor een aantal nieuwe aanwezigen, kort het proces en de gang van zaken in de ronde toe. De voorzitter zegt dat namens de eigenaren van een aantal winkelpanden aan de Bergerweg is verzocht om de beperkingen van het huidige bestemmingsplan handelsterrein Bergerweg op te heffen. Op dit moment staat het bestemmingsplan maar een beperkte detailhandel toe. Verzocht wordt deze beperking op te heffen en het zo mogelijk te maken alle branches toe te laten in het betreffende gebied. Het College adviseert om het verzoek te weigeren om verdere winkelleegstand in beide stads- en winkelcentra te voorkomen. Advies over het voorstel van het College aan de Raad wordt gevraagd. Eerste termijn De heer Klein stelt dat de fractie vindt dat Sittard/Geleen geen vriendelijk vestigingsklimaat voor ondernemers heeft. De dichtgetimmerde bestemmingsplannen kosten de gemeente veel ondernemers. De fractie vraagt of de retail-adviescommissie hier een advies over gegeven? De heer Paauwe zegt dat de Stadspartij met verbazing naar de case heeft gekeken. Het pand staat al geruime tijd leeg en is niet oogstrelend. Daarnaast roept de looptijd van vraag richting beantwoording vraagtekens op. Kan de wethouder aangeven waarom een verzoek van 28 juni 2021 eerst naar ingebrekestelling beantwoord wordt op 13 januari 2022? Een verzoek kan sneller worden opgepakt, zodat
1
een gang naar de Raad van State wordt vermeden. Er wordt ook te vaak gegrepen naar argumenten om leegstand in centra te voorkomen. De afgelopen periode (corona red.) vraagt om andere inzichten. De heer Klaassen noemt het een vrij technisch dossier dat procedureel hier en daar wat scheurtjes heeft veroorzaakt. Gevraagd wordt om opheldering van het proces van Het College. Ook wordt er gevraagd of het retailbeleid meer vrijheid gaat geven op het gebied van branchering. De heer geeft aan dat de Raad een juridisch sluitend besluit moet nemen, waar in elk geval een onderbouwing in moet staan aan de hand van een analyse met specifieke gegevens dat de brancheringsregels evenredig zijn. Welke tekst uit de stukken vormt die onderbouwing om te voldoen aan de jurisprudentie? De heer Baars geeft aan dat fractie GroenLinks/PvdA instemt met weigering, maar stelt ook vragen aan de portefeuillehouder over het verloop van het proces en het tijdsbestek. Het retailbeleid moet zo spoedig mogelijk geëvalueerd worden en haast maken met eventuele aanpassingen. Waarom wachten we zo lang op een nieuw retailbeleid? De heer Smeets zegt dat CDA het voorstel steunt om niet te herzien en niet uit te breiden. Hoe en waarom is duidelijk toegelegd; wildgroei en detailhandel op die leegstand centra veroorzaken moet voorkomen worden.
De heer Pi zegt dat D66 de verkiezingen ingegaan is om de ondernemers te laten ondernemen. Het risico dat zij nemen zou wat D66 betreft klein worden gemaakt om de ondernemers te faciliteren en ondersteunen. Hoe kijkt het College naar vasthouden aan retailbeleid uit 2008, terwijl er inmiddels zo veel veranderd is; vinden ze dat succesvol? Klopt het dat Sittard-Geleen haar retailbeleid en bestemmingsplannen nog moet toetsen aan de Europese dienstwet? Zo ja, waarom en waarom is dit nog niet gebeurd? Waarom heeft Het College zo lang gewacht om tot De Raad te komen? De heer Talpe splitst namens de fractie dit verzoek in twee delen. Enerzijds is er de ruimtelijke onderbouwing op basis van detailhandelsvisie. De wijziging is ongewenst en dus afgewezen om winkelleegstand te voorkomen. Anderzijds de gang van zaken rondom dit verzoek. Waarom is het proces niet sneller gegaan, toen duidelijk werd dat het retailbeleid langer op zich liet wachten? PIT vraagt naar het contact met de initiatiefnemer over de te verwachten beslistermijn en naar de gezette stappen toen bleek dat het retailbeleid in 2021 nog niet gereed zou zijn? Welke verbeterpunten ziet Het College en welke stappen zijn hiervoor reeds gezet? De heer Talpe vraagt of de portefeuillehouder nog iets kan zeggen over de verbeterpunten van de gang van zaken en eventuele stappen die op dat punt al gezet zin.
Kan er kort aangegeven worden welke stappen richting de initiatiefnemers zijn gezet toen bleek dat het retailbeleid later gereed zou zijn. De heer Kuburic stelt dat de GOB fractie zich afvraagt of de verzoeknemer het invullen van zijn pand volgens het bestemmingsplan niet heeft onderschat. Verder stelt de heer dat elke afwijking in het huidige beleid consequenties zal hebben; GOB verzoekt niet op de zaken vooruit te lopen, maar wel om snelheid te maken en creatief mee te denken. Mevrouw Winteraeken noemt dat het niet om retailbeleid gaat, maar over bestemmingsplan. Jammer dat dat niet meteen bij de eigenaar bekend was. SPA is het eens met het College dat er voldoende mogelijkheden zijn om bedrijven te vestigen en dat er anders te veel concurrentie zal ontstaan. De heer Peeters begrijpt wat Het College wil bereiken, maar de praktijk werkt zo niet. Aangenomen wordt dat ondernemers zich naar de centra zullen verplaatsen, maar feitelijk raken we ze kwijt aan andere gemeenten. Hoe kan College op stoel van ondernemer gaan zitten? Het VVD begrijpt wat er gepoogd wordt, maar ziet een verkeerde uitvoering. Er moet gestimuleerd worden, maar niet beperkt. De heer Houtakkers geeft aan de technische vragen niet te kunnen beantwoorden. In het dossier speelt het retailbeleid 2008 een belangrijke rol, dat is het huidige beleid.
Dat geeft aan dat getracht moet worden de centra levendig te houden. Er is wel een duidelijk kader. Dat wordt getoetst door Appingedam-arrest. De wethouder beaamt dat het dossier inderdaad een lang, onfraai traject is met een financieel gevolg.
2
Het retailbeleid is inderdaad verouderd, het concept van het nieuwe beleid dat in 2021 zou komen is inmiddels af. Het feit dat het zo lang duurt geeft aan dat het een moeilijk proces is. Vanavond is er vanuit de fracties op tafel gekomen om de ondernemer de vrije hand te geven als hij daar fietsen wil verkopen. Ongelukkigerwijs is de termijn waarbinnen de gemeente had moeten reageren verlopen en is de door de ondernemer gewenste omgevingsvergunning van rechtswege verleend. De heer Baars begrijpt dat gemeente de ondernemer op een andere manier heeft geholpen. Waarom heeft de ondernemer dan toch de procedure doorgezet tot de Raad? Houtakkers heeft begrepen dat de ondernemer breder wil dan alleen de branchering voor zijn sector. Hij wenst dat het hele Handelsterrein vrij is. Het is hoe dan ook een dossier waar een zware last op zit met allerlei ongelukkige situaties. We zitten nog met het huidige retailbeleid. Het gaat puur sec over het bestemmingsplan. We moeten rekenschap geven aan de opmerkingen over het proces. Retailcommissie gaat iets van vinden over branchering, het concept is er dus dat komt richting de Ronde en de Raad. De heer Klein geeft aan te hebben aangegeven dat een bestemmingsplan nu laat zien wat er niet mag, maar dat er beter een plan kan worden gemaakt met wat er wel mag.
De heer Houtakkers geeft aan dat Het College heeft afgeweken, omdat er van rechtswege een vergunning is verleend. Retailbeleid is recent aan de Europese dienstenwet getoetst, dit komt op korte termijn op tafel. De analyse ten tijde van het schrijven van het concept nog niet was gedaan. Het concept is vorige week aangeboden en zal deel zijn van de evaluatie van het retailbeleid en dienen ter onderbouwing van het Raadsbesluit. Hij stelt dat gedacht wordt dat de huidige onderbouwing op het verzoek om alle vormen detailhandel toe te staan is voldoende. Ook zonder cijfermatige onderbouwing zal voor de Raad van State duidelijk zijn dat dit zal zorgen voor leegstand in centra. Toch zal dit wel een deel uit gaan maken van onderbouwing van het Raadsbesluit. Contact met initiatiefnemer geweest is voor eerste keer bij Raad van State. Communicatie vindt nu plaats via de adviseur van de ondernemer. Bekend is de Raad twaalf juli het besluit neemt. Technische vragen zullen worden beantwoord, maar niet nu. De gemeente is op de stoel van de ondernemer gaan zitten in het kader van het beleid dat gezamenlijk is afgesproken. Aangeven wat niet mag vindt de wethouder een goede optie. Er wordt niet uitgesloten dat na vaststelling van het retailbeleid ook het bestemmingsplanregels op die manier kunnen opzetten.
De wethouder merkt nog op dat het retailbeleid eigenlijk van 2017 is, toen het nog een keer bevestigd is middels een Raadsbesluit. De heer Talpe vraagt of de portefeuillehouder iets kan zeggen over verbeterpunten naar aanleiding van de gang van zaken en de stappen die al gezet zijn op dat gebied? Wat is er gedaan toen duidelijk dat het retailbeleid later gereed was en de stappen die daarna zijn gezet richting initiatiefnemer? De heer Houtakkers – niet verstaanbaar (geluid is weggevallen) De heer Klein reageert over het bestemmingsplan, dat al een jaar of 10 oud is. Hij vindt het fijn dat daar een inhaalslag wordt genomen. Hij vraagt nogmaals of de Retailcommissie een advies heeft gegeven. En hoe zit het met de leegloop van de centra? Sittard heeft funshoppen als doel. Een fiets is geen impulsaankoop, consumenten gaan daar gericht heen en meteen weer naar huis. Hij is het niet eens dat dit soort winkels schadelijk zouden zijn voor centra. Graag een reactie daarop. De heer Houtakkers – onverstaanbaar. Tweede termijn: De heer Paauwe vindt dat er vooral over de procedures gepraat wordt. Zo zijn er nog meer politieke discussies die naar zijn gevoel bewust over de verkiezingen zijn getild. Waarom is de Raad niet eerder geïnformeerd aan de voorkant? Hij merkt ook op dat ondernemers in Sittard/Geleen eerder worden weggeduwd dan aangetrokken.
De heer Klaassen benoemt dat dit over een individueel bestemmingsplan gaat. Er moet niet over de rug van deze ondernemer een discussie worden aangewakkerd. Er is wel behoefte aan actualisatie, die binnenkort volgt. Voorgesteld wordt deze zaak juridisch af te wikkelen zoals het hoort.
3
De heer Klein proeft weinig animo om te verruimen, wat hem verbaast. Er wordt al jaren aan het getobd met lege centra, Sittard/Geleen is de strengste gemeente voor ondernemers. Hoe kijken andere partijen aan tegen de mogelijkheid om het bestemmingsplan in te richten naar wat er niet mag. Ander puntje is ook het vriendjespolitiekgehalte. De oud-voorzitter van de ondernemersvereniging, met een zaak op de Bergerweg, is nog niet een jaar weg. Voorzichtigheid met dit soort inmengingen is geboden. Als de voorzitter ingrijpt, geeft de heer Klein aan dat de bewoording van vriendjespolitiek niet als belediging was bedoeld. Dit is wel het grootste probleem van de ondernemers, wat niet besproken mag worden. De heer Pi stelt voor deze discussie af te kappen en bij het onderwerp, het bestemmingsplan, te blijven. De heer Baars stelt dat hij de wethouder juist heeft horen zeggen dat de gemeente de ondernemer aan een omgevingsvergunning heeft geholpen. De heer Klein benoemt dat dit is gebeurd door in gebreke te blijven, wat niet de gewenst weg is. De heer Kuburic vraagt aan de heer Klein waarom hij leegstand in de centra door een fietswinkel op het handelsterrein betwist? Wat zouden andere winkeliers doen als zij ook naar Handelsterrein kunnen? De heer Klein stelt dat het om een elektrische fietsenzaak gaat, dat heeft de toekomst en een veel groter bereik dan alleen Sittard en Geleen.
Iedere ondernemer onderzoekt waar zijn bedrijf kans van slagen heeft. Concurrentie is geen probleem, dat is de markt. Er is ook geen bewijs dat centra ineens floreren. De heer Peeters vroeg of het niet beter is om expliciet te melden wat er niet mag in plaats van wat er wel mag. De wethouder gaf aan hier naar te zullen kijken. Wat is de visie van de andere fracties hierop? De heer Houtakkers geeft aan dat dat een algemene, procedurele vraag is over hoe bestemmingsplannen in te richten, waarin kaders gesteld worden en waarin benoemd wordt wat wel en niet gedaan wordt. Dit is een fundamentele discussie, die een gedegen voorbereiding vraagt. De heer Pi vraagt aan de GOB fractie, die zei dat de eigenaar de panden in een ver verleden heeft gekocht en wist waar hij aan toe was. Maar de wereld verandert, bijvoorbeeld met internetshoppen, hoe ziet de GOB fractie dat? Kun je je als gemeente flexibeler kunnen opstellen omdat de markt verandert ten aanzien van de regelgeving toen hij het pand kocht? De heer Kuburic geeft aan de evaluatie af te wachten en dan te kijken wat het beste is. Kort gezegd; GOB is partij van de ondernemers en vinden dat er gekeken moet worden naar wat er mogelijk is, maar wel binnen de geldende regels binnen het bestemmingsplan. De heer Klaassen reageert op Kuburic en stelt dat het GOB van regeltjes houdt.
Daarom moet het toch een doorn in het oog zijn dat Het College heeft verzuimd de komst van de fietsenwinkel tegen te houden? De heer Kuburic vindt dat fietsen prima in het straatje past, op basis waarvan GOB denkt dat ze op basis daarvan de weg hebben gekozen die ze hebben gekozen om dat van rechtswege in te laten gaan. De heer Talpe geeft aan dat het verzoek tot wijzigen bestemmingsplan wat PIT fractie betreft gedegen onderbouwing heeft, daar kunnen zij zich in vinden. Dat het niet vlekkeloos is verlopen, daar is het nodige over gezegd en daar moet nog eens kritisch naar gekeken worden. PIT kan instemmen met voorliggende voorstel. Gevraagd wordt of het stuk op de agenda van de komende raadsvergadering wordt toegevoegd als hamerstuk of bespreekstuk. De heer Klein vindt het een bespreekstuk. De overige fracties vinden dat het voorstel als hamerstuk kan worden afgehandeld in de gemeenteraad. De voorzitter stelt dat het een hamerstuk wordt waarbij de fractie Lokaal SGB een stemverklaring kan geven. In het Reglement van Orde van de gemeenteraad is bepaald dat als maar één fractie een voorstel wil bespreken in de gemeenteraad er alleen een stemverklaring mogelijk is. De voorzitter dankt de aanwezigen en sluit de zitting.
4