CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Ronde Maaszaal 25 november 2021

Raad 15 december 2021, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Vaststellen van de notulen (93)8.346 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notulen van de ronde in Maaszaal (digitaal) op donderdag 25 november 2021 3.1 Bestuurlijke en ambtelijke huisvesting en Vidar Tijdstip:

19.05-20.20 uur

Aanwezig de voorzitter de griffier

M.J.M. De Loo J. Vis

de leden GOB: C.G.M. Creemers CDA: J.P.G. Dols Stadspartij: B.A.J. Hoedemakers DNA: H. Wijnen GroenLinks: J.E. Janssen PvdA: D66: A.J.M. Kamphuis VVD: F.A. van Montfoort PVV: T.H.J. Klaassen SPA: P. Winteraeken 50PLUS: H.L.J. Kamps Fractie Fredrix: P. de Coninck Fractie Klein: het college ambtenaren

wethouder P. Meekels mevr. Van Melick, dhr. E. Eussen en dhr. J. Janssen

notulen

M. Migo (Notuleerservice Nederland)

De voorzitter opent de vergadering en heet zowel de deelnemers als de belangstellenden welkom. De vergadering vindt digitaal plaats. Er staan drie punten op de agenda. De vergadering start met het punt ‘Bestuurlijke en ambtelijke huisvesting Vidar’. De voorzitter verwijst hiervoor naar de stukken die via iBabs zijn te raadplegen. Hij deelt ter inleiding mee dat de raad eerder Geleen heeft aangewezen als plaats waar de bestuurlijke en ambtelijke huisvesting wordt gerealiseerd. Het college heeft een aantal scenario’s uitgewerkt. Deze zijn besproken in de ronde op 14 oktober. Nu stelt het college voor om te kiezen voor scenario 2A Hanenhof en Stadhuis Geleen en daarvoor een krediet van 31,1 miljoen euro beschikbaar te stellen. Daarnaast stelt het college voor om in te stemmen met de programmatische en financiële kaderstelling voor de toekomstige huisvesting van Vidar. Tijdens de opiniërende ronde is aangegeven het advies van de Ondernemingsraad in de afweging te willen betrekken. Het officiële advies is nog niet uitgebracht. Wel heeft de OR haar voorlopige overwegingen in een tussenbericht verwoord. Tot slot stelt de gemeente voor de gemeentelijke huisvesting aan te wijzen als ‘groot project’. Eerste termijn

1

Mevrouw Creemers (GOB) is verheugd dat er eindelijk een voorstel ligt voor de huisvesting van de ambtelijke en bestuurlijke organisatie. GOB denkt dat het in de geest van het eerste OR-advies is om de Hanenhof en het gemeentehuis te betrekken. Dit omdat het Veiligheidshuis een afdeling is die vrijwel ‘stand-alone’ werkt en goed kan functioneren in de Hanenhof. Mevrouw Creemers vraagt of het aantal vierkante meters voor de toekomst genoeg zal zijn. Ze wijst erop dat het belangrijk is dat de gemeente eerst eigen gebouwen benut. Leegstand daarvan kost de gemeente immers geld. Ten aanzien van Vidar vindt GOB dat het gebouw in de gemeente behoort te staan. Mevrouw Creemers roept namens haar fractie het college op zich hier voor 100 procent voor in te zetten. Over de financiën heeft GOB een kritische noot en wil weten: hoe worden die gemonitord? Hoe kan worden bijgestuurd? Ze is blij dat het college de huisvesting als ‘groot project’ wil aanwijzen. Ze gaat ervan uit dat de werkgroep Huisvesting regelmatig op de hoogte wordt gehouden om dit te kunnen monitoren. De heer Dols (CDA) geeft aan dat het voor het CDA geen verrassing is dat scenario 2A uit de bus is gekomen. Door Hanenhof te betrekken wordt weer wat leegstand in het centrum opgelost. Het OR-advies gaf aan dat men voorstander is van één locatie. Het CDA begrijpt de reactie van het college op het ORadvies.

Het CDA is benieuwd naar de reactie van de OR op de brief van het college. Het CDA vindt het wel vreemd dat bij de uitwerking van scenario 2A de 1500 vierkante meter nieuwbouw aan het stadhuis losgelaten wordt. Waarom wordt de factor van 0,5 nu ineens losgelaten? Ook de OR benoemt dit punt. Het CDA stelt: het mag niet zo zijn dat in de toekomst weer gezocht moet worden naar een aanvulling. Daarom wil het CDA dat goed gekeken wordt of de 1500 vierkante meter, oftewel negentig werkplekken toch aangevuld kunnen worden. Waarom is dit niet bij de presentatie meegenomen? Is dit wel goed onderzocht en verstandig? Daarnaast heeft het CDA nog een aantal vragen: • Hoe is het met het nog niet aangekochte pand in de horecastraat? Zijn er inmiddels vorderingen? • Ook in het kader van de horecastraat geeft het CDA aan dat het belangrijk is dat echt iets wordt gedaan aan de aanblik van de voor- en achterkant. De heer Dols ziet er niets over terug in het raadsstuk, ondanks dat de wethouder had aangegeven dit te zullen meenemen. • Ten aanzien van Vidar wil de heer Dols weten: is aan te geven hoeveel er geïnvesteerd gaat worden bij de verlenging van de huurovereenkomst om de maatregelen rond klimaatverandering aan te pakken op de Millenerweg? Het betreft hier de kortetermijnmaatregelen om de arbeidsomstandigheden ook de komende jaren te borgen.

• Het CDA heeft begrepen dat de gemeenteraad een besluit moet nemen over de toekomstige huisvesting. Wat is de rol van de gemeenten Beek en Stein dan in dezen? En hebben de ondernemingsraden in beide gemeenten daar ook nog iets in te betekenen? De heer Janssen (GroenLinks) meldt dat GroenLinks de ontwikkelingen in dit dossier op de voet volgt. Juist omdat het hier om een voorbeeldfunctie in verduurzaming van kantoorgebouwen gaat. Het bevreemdt GroenLinks dat in het raadsvoorstel wordt uitgegaan van een oplevering van de hele operatie eind 2025, terwijl voor kantoorgebouwen uiterlijk in januari 2025 een verplichting geldt voor energielabel C. Klopt het dat het stadskantoor aan de Schuttersstraat, de Walramstraat en de Steenstraat nu niet voldoen aan energielabel C? En kan de wethouder zijn zorgen wegnemen dat we qua tijdpad in de knel gaan komen? Daarnaast heeft GroenLinks nog een aantal vragen: • Aan de wethouder en de andere fracties vraagt GroenLinks waarom er niet meer ambities in het programma van eisen worden getoond dan energielabel A voor het nieuwe stadhuis, de Hanenhof en het Vidargebouw. Nu kan het nog.

Willen we het nieuwe stadskantoor van Venlo naar de kroon steken? • Ten aanzien van het openbare gebied rondom de Markt in Geleen: wordt dit hele gebied onderdeel van de hele herhuisvestingsoperatie? En hoe wordt de inspraak hierin in het hele ontwikkelplan geregeld? Kan de wethouder daarvoor een tijdpad en communicatielijn schetsen? • Ook wil de heer Janssen weten wat hij zich moet voorstellen bij de innovatieve ontwikkelingen van Chemelot Campus die rond de Markt in Geleen in een ontwikkelpadcirculaire samenleving een plek kunnen krijgen? Oftewel: hoe wordt Chemelot betrokken bij deze operatie?

2

•

• •

Ten aanzien van de dekking van de verwachte kosten vraagt de heer Janssen of de raad ervan uit mag gaan dat het college alles uit de kast haalt om landelijke en Europese subsidies op te halen voor de hele herhuisvestingsoperatie? Ook vraagt hij zich af waarom in het overzicht niet staat dat ook de Provincie 2,4 miljoen euro bijdraagt aan de stedelijke ontwikkeling. Ten slotte wil de heer Janssen van de wethouder weten: is het, gelet op de ervaringen die zijn opgedaan met de accommodatie Glanerbrook niet verstandig om de herontwikkeling van Vidar, het nieuwe stadhuis en Hanenhof elk apart aan te besteden? En als allerlaatste wil hij nog weten hoe het staat met het Galfettigebouw.

De heer Klaassen (PVV) laat weten dat zijn fractie nog geen absolute voorkeur heeft voor een van de scenario’s. De PVV heeft kennisgenomen van de voorkeursvariant van het college. Daarover heeft hij drie vragen. Hij vond in het stuk geen duidelijke argumentatie voor de gemaakte keuze. • Er is geen programma van eisen vooraf door de raad vastgesteld. Kan de wethouder aangeven wanneer de criteria door de raad zijn bepaald? Waarom zijn die niet in een apart programma van eisen door de raad vastgesteld? • Kan de wethouder kort en duidelijk opsommen waarom de voorkeur van het college niet naar de opties 3A en 3B uitgaat? • Het advies van de OR is feitelijk contrair aan de voorkeursvariant van het college. Waarom redeneert het college naar een beeld toe dat het op een mysterieuze manier toch past binnen de OR-kaders terwijl er volgens de PVV gewoon essentiële verschillen zijn tussen de scenario’s 2 en 3? Het lijkt erop dat de gemeente het probleem van de Hanenhof op wil lossen door er een gemeentehuis van te maken. Volgens de heer Klaassen is het de vraag of dit de beste oplossing is voor het huisvestingsvraagstuk. Samenvattend geeft de heer Klaassen aan dat de PVV niet tegen scenario 2 is, maar zijn partij wil wel een meer transparante argumentatie om die beoordeling zorgvuldig te kunnen maken.

De heer Hoedemakers (Stadspartij) benadrukt dat zijn partij bij de opiniërende ronde al voorstander was van 2A en dat dit standpunt ongewijzigd is gebleven. Met dien verstande dat de Stadspartij ervan uitgaat dat het Veiligheidshuis in de Hanenhof komt en de overige ambtenaren in het voormalige stadhuis aan de Markt in Geleen. Hij vraagt zich af: is het aantal vierkante meters voldoende? Met klem wil hij benadrukken dat hij het belangrijk vindt van het personeel te vernemen hoe zij hiertegen aankijken, of zij in kunnen stemmen met de 0,5-norm en menen dat de vierkante meters voldoende zijn. Mocht uitbreiding toch nodig zijn, dan moet dat op een makkelijke manier kunnen. De Stadspartij is van mening dat het openbaar gebied ook een opfrisbeurt nodig heeft, zowel op de Markt als bij de Hanenhof. Tevens merkt de heer Hoedemakers op dat hij getriggerd werd door de vraag van de heer Janssen van GroenLinks over de aanbesteding. De heer Hoedemakers had daar niets over gezien in het stuk. Hij verneemt graag hoe dit aangepakt gaat worden. Ten aanzien van Vidar ziet de Stadspartij graag de vervolgstappen tegemoet. En de partij is het ermee eens dat deze projecten worden aangemerkt als grote projecten. De heer Kamphuis (D66) merkt op dat zijn partij in de opiniërende ronde een voorkeur had uitgesproken voor een unilocatie her- en nieuwbouw danwel nieuwbouw, de scenario’s 3A of 3B.

Maar D66 heeft begrip voor voorliggend voorstel en snapt dat het college het gevoel heeft tegemoet te komen aan het advies van de OR door zoveel mogelijk op een unilocatie in te zetten in het stadhuis aan de Markt en dat het Veiligheidshuis best op een andere plek kan zitten, in de buurt. D66 is daarom benieuwd naar de reactie van de OR. D66 sluit zich aan bij GroenLinks en wil een zo optimaal duurzaam mogelijk gebouw hebben. Ten aanzien van Vidar sluit D66 zich aan bij de oproep van de Stadspartij om te proberen een locatie te zoeken binnen Sittard-Geleen, omdat daar het meest gebruik wordt gemaakt van de voorzieningen. De heer Wijnen (DNA) meldt dat DNA in principe kan instemmen met voorstel 2A, maar geeft de voorkeur aan een unilocatie. Wel moet bij 2A nog 1500 vierkante meter moeten worden bijgebouwd, is de heer Wijnen van mening, vanwege het programma en vanuit stedenbouwkundig oogpunt. DNA kan zich vinden in het voorliggende programma voor Vidar en wil ook dat het gebouw in Sittard-Geleen komt. De heer Wijnen vindt dat de Huisvestingscommissie tijdig geïnformeerd moet worden.

3

De heer Van Montfoort (VVD) wil van de wethouder weten: stel dat de OR voorkeur heeft voor scenario 3, wat zijn dan de gevolgen voor de verdere verloop van het proces? De VVD kan instemmen met het raadsvoorstel over Vidar. De heer Kamps (50PLUS) kan zich vinden in het voorstel over de huisvesting, maar vindt wel dat het lang geduurd heeft. Ook 50PLUS kan zich vinden in scenario 2A. Een unilocatie zou ideaal zijn, maar vanwege de kosten en alle technische zaken heeft 50PLUS er begrip voor. Wat betreft Vidar kan 50PLUS instemmen met het voorstel. Ook is 50PLUS het eens dat het als ‘groot project’ wordt beschouwd. De heer De Coninck (Fractie Fredrix) heeft een drietal vragen. • Hij leidt zijn eerste vraag in met het citeren van de laatste alinea van pagina 3: ‘Om budgettaire argumenten alsmede signalen uit de opiniërende ronde gaan wij ervan uit dat we het aantal vierkante meters kunnen indikken om zo de benodigde 1500 à 1600 vierkante meter te besparen.’ Betekent dit dat de huisvesting uitsluitend in Hanenhof en het stadhuis plaatsvindt en er dus geen uitbreiding van het stadhuis of externe huisvesting nodig is? • Naar aanleiding van de beantwoording van het college op vraag 5 van de technische vragen van het CDA heeft de heer De Coninck nog een vraag.

Op welke boekhoudkundige posten zijn deze dan wel geboekt? • Ten slotte wijst de heer De Coninck erop dat een belangrijk uitgangspunt van deze herhuisvesting was het geven van een belangrijke impuls aan het centrum van Geleen. Kan de wethouder aangeven wat hier nog van over is gebleven na de herziening van de oorspronkelijke plannen? Met betrekking tot Vidar kan de Fractie Fredrix zich vinden in het voorstel. Wethouder Meekels dankt alle sprekers voor hun bijdragen. Hij ziet dat iedereen overtuigd is van de noodzaak deze stappen te zetten en dat dat op een goede en zorgvuldige manier moet worden gedaan. Hij gaat in op een aantal thema’s en vragen dat in de bijdragen aan de orde kwam. • Verschillende fracties spraken over de 1500 vierkante meter. Het college was geschrokken van de financiële consequenties en wilde nagaan: wat zijn op korte termijn mogelijkheden om oplossingen te vinden en maatregelen te treffen? Het college denkt dat het mogelijk moet zijn om de meters nog verder terug te brengen dan de volwaardige eenheden van 30. Dat is een concept waar nog nadere uitwerking aan moet worden gegeven. De wethouder wijst erop dat dit wel inhoudt dat we met elkaar heel alert moeten zijn.

Richting de heer Klaassen geeft hij aan dat de uitwerking van het programma van eisen het moment zal zijn om te bekijken of die erin kunnen en of de ambtenaren als zodanig uitgaande van factor 0,5 gepositioneerd kunnen worden in de totale ruimte van 9000 vierkante meter. Het college gaat ervan uit dat het lukt. Hij vindt het goed dat de raadswerkgroep in positie wordt gebracht. • Ook over het horecastraatje zijn diverse vragen gesteld. Er is daar nu sprake van leegstaande ruimtes. Op dit moment kijkt het college allereerst naar de eigen leegstaande panden, omdat die ook drukken op de begroting, dus probeert ze die eerst te vullen. In Hanenhof was GGD huurder. Maar in het algemeen is er geen vraag naar dit soort grote ruimtes. Daardoor komen de exploitatiekosten voor rekening van de gemeente. Daardoor is het horecastraatje niet nodig. De gemeente gaat in het horecastraatje wel verder met het verwerven van de totale panden, geeft de wethouder in antwoord op de vraag van de heer Dols aan. De Stadslabs krijgen de gelegenheid initiatieven verder te ontplooien, de koppeling te leggen met Campusontwikkelingen, zodat er nieuwe activiteiten ontstaan die kunnen leiden tot startups of scale-ups voor het centrum van Geleen. Afgelopen week is er gesproken met de eigenaar van het pand dat nog niet verworven is.

De wethouder meldt tevens nog dat ook de voorkant van het horecastraatje zal worden aangepakt. De achterkant zal apart worden bekeken. • De wethouder constateert dat alle fracties akkoord zijn met de uitgangspunten voor Vidar. Wethouder Meekels heeft begrepen dat er wel een indicatie is genoemd voor de kosten die eventueel gedragen moeten worden voor het aanpassen van de gebouwen aan de Millenerweg in de tijdelijke situatie. Het college zal proberen die kosten te drukken. Het college zal zich inspannen om de huisvesting te realiseren in Sittard-Geleen, maar ook Stein en Beek kunnen een aanbod doen als ze dat willen, maar wel binnen de uitgangspunten.

4

•

• •

•

•

•

•

Verschillende sprekers hebben het thema duurzaamheid genoemd. In het raadsvoorstel staan de huidige uitgangspunten. Het college onderzoekt wat verder nog mogelijk is en is graag bereid dat verder in beeld te brengen. De heer Janssen heeft gevraagd wat de innovatieve ontwikkelingen betekenen bij Chemelot, bij de Campus. De Campus is bezig met materiaalontwikkeling. Bekeken zal worden hoe de Campus betrokken kan worden bij dit project, zeker omdat het de bedoeling is koppelingen te leggen met de Campus bij het horecastraatje. Wat betreft de 2,4 miljoen zou je kunnen zeggen: je kunt 2,4 miljoen bruto bijschrijven op de investeringen en 2,4 miljoen aftrekken bij de subsidies. Het college is ervan uitgegaan dat dat onderdeel uitmaakt van de ‘bijdrage onrendabele gedeelte’. Er zal door de subsidieadviseur van de gemeente bekeken worden of er überhaupt mogelijkheden zijn om op dit project subsidies te verwerven. Richting de heer Klaassen geeft de wethouder aan dat het programma van eisen wordt uitgewerkt. Er is gekeken naar de ruimtelijke kaders. In antwoord op de opmerking van de Stadspartij over de aanbesteding geeft de wethouder aan: er is in elk geval een inschrijver bij het huis aan de Markt. De gemeente gaat de marktsituatie goed bekijken, voordat de aanbesteding plaatsvindt en of er een gesplitste of een integrale aanbesteding moet komen.

Er is ook een aantal opmerkingen gemaakt over het openbaar gebied. Over de Markt in Geleen geeft wethouder Meekels aan dat op dit moment wordt gewerkt aan de voorbereiding, met alle stakeholders, om een plan voor te bereiden dat zal worden ingediend in het kader van de ‘Mona Keijzer-middelen’. In reactie op de vragen over het OR-advies geeft de wethouder aan dat de OR een adviesrecht heeft. Uiteraard zal zo veel mogelijk rekening worden gehouden met het advies. Het college wil zich houden aan centrale huisvesting, met dien verstande dat het Veiligheidshuis separaat kan functioneren. Dan kunnen ook de afspraken met de GGD worden nagekomen. Richting DNA geeft de wethouder aan dat hij bij de laatste raadswerkgroep heeft aangegeven dat DNA een terecht punt heeft. De raad zal tijdig geïnformeerd worden, want het college wil samen met de raadswerkgroep de stappen zetten die nodig zijn om de huisvesting tot een goed einde te brengen. Richting de Fractie Fredrix wil de wethouder aangeven dat hij van mening is dat wel degelijk een impuls aan het centrum van Geleen wordt gegeven en dat hij heel veel verwacht van de huisvesting door het plan dat wordt uitgewerkt met de ‘Mona Keijzer-middelen’ en door de afspraken met de Campus.

De heer Janssen wil twee vragen aan de wethouder stellen: • De eerste vraag gaat over de eis van energielabel C voor kantoorgebouwen. Dat geldt per 1 januari 2023. De oplevering van de hele herhuisvesting wordt voorzien eind 2025. Hoe moet dit bezien worden? • De heer Janssen hoorde de wethouder zeggen dat de innovatieve betrokkenheid van Chemelot gaat over de materialen. Gaat dat over materialen voor het nieuwe stadhuis? En hoe zit het met de technische installaties? Gaat Chemelot nog een duit in het zakje doen? Of is dat allemaal nog onderdeel van het gesprek? De heer Klaassen heeft nog twee vragen voor de wethouder: • Hij wil weten waarom, als het gaat om de ruimtelijke aspecten, het college scenario 2 geschikter vindt dan scenario 3. • Ook vraagt hij zich af: is de wethouder niet al uitgegaan van een bepaald duurzaamheidsniveau en waarom doet hij alsof dat nog kan worden aangepast? De derde interruptie is van de heer Dols. Hij ziet dat in scenario 2A toch de 1500 vierkante meter staat genoemd. Komt dat in de raadswerkgroep nog een keer ter sprake, of de 1500 vierkante meter wordt aangebouwd of niet?

5

De wethouder antwoordt de heer Dols: hij heeft volstrekt gelijk. Er had in elk geval een nuance moeten staan. Het college gaat er nu van uit dat de 1500 vierkante meter niet nodig is. De raadswerkgroep zal intensief worden meegenomen in de voortgang. In antwoord op de heer Klaassen geeft de wethouder aan dat hij niks suggereert over de duurzaamheidseisen. Er wordt uitgegaan van wat wettelijk noodzakelijk is, van BENG. De wethouder had in de opiniërende ronde al toegezegd dat gekeken wordt wat nog meer kan worden gedaan. Buiten wat de wethouder al heeft gezegd, heeft hij geen andere ruimtelijke argumenten gekregen voor de keuze voor scenario 2A. Mochten ze onvoldoende duidelijk zijn dan is de wethouder bereid ze nog even op een rij te zetten. Richting de heer Janssen geeft de wethouder aan dat in het stuk staat dat er problemen voorzien zijn tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025. Daar zou het bevoegd gezag mogelijk een boete voor kunnen verstrekken, op het moment dat niet voldaan wordt aan de regelgeving. De wethouder benadrukt dat hij niet over Chemelot, maar over de Campus heeft gesproken. Die zal kennis inbrengen bij de bouw en verbouw van de panden. Als de mogelijkheden er zijn binnen de Campus ook bij te staan met technische aspecten dan wil het college die zeker gebruiken.

De voorzitter concludeert dat de interrupties naar tevredenheid van de vragenstellers zijn beantwoord. Hij stelt ook vast dat de heer Kubben en de heer Klein zich nog niet gemeld hebben. Tweede termijn De heer Klaassen heeft twee vragen richting andere partijen. • Hij hoorde mevrouw Creemers zeggen: onze ambtenaren verdienen het om een goede werkplek te krijgen. Hij wil weten: stel dat de OR vasthoudt aan de voorkeur voor scenario 3A of 3B, hoe zwaar weegt dat voor het GOB? Het kan toch niet zo zijn dat vijf collegeleden de wens van achthonderd ambtenaren aan de kant schuiven? • Zijn tweede vraag is voor D66 en GroenLinks. Zij hameren volgens de heer Klaassen op een zo energieneutraal mogelijk gebouw. Stel dat bij scenario 2A of 2B een energiegebouw helemaal niet mogelijk is, omdat dat te duur wordt om te bereiken, geven D66 en GroenLinks dan nog steeds steun aan die scenario’s? Mevrouw Creemers antwoordt dat een OR-advies heel belangrijk is en zal hun argumenten zeker meewegen. Maar er moeten ook zaken tegen elkaar afgewogen worden. Er is volgens haar ook sprake van een veilige werkplek als het Veiligheidshuis in de Hanenhof zit en de rest van de ambtenaren in het gemeentehuis. De heer Klaassen geeft aan dat hij daarover te spreken is, dat GOB het opnieuw in beraad zal nemen als de omstandigheid zich voordoet dat de OR dat advies geeft.

De heer Janssen is blij dat de heer Klaassen zijn vraag stelde. Het gaat hier om een investering voor zeker vijftig jaar. Het zou volgens de heer Janssen een gemiste kans zijn als in het programma van eisen niet wordt opgenomen wat we maatschappelijk met zijn allen zouden moeten willen. Het gaat hier om een voorbeeldfunctie voor de stad. De heer Klaassen geeft aan dat dat slechts een deel van de vraag was. Hij vraagt de heer Janssen: neigt hij er niet naar om zijn voorkeur te verschuiven van scenario 2A naar 3? Hij is benieuwd waar bij GroenLinks het omslagpunt ligt voor nieuwbouw in plaats van hergebruik van de twee bestaande panden. De heer Janssen vindt dat hiermee voor de muziek wordt uitgelopen, want we beschikken nog niet over de cijfers in die varianten. Hij geeft nogmaals aan: als er aan de voorkant meer investeringen worden gedaan dan is dat eigenlijk gewoon vanzelfsprekend, maar die worden later terugverdiend. De heer Klaassen benadrukt dat de PVV de duurzaamheidsfactor niet het allerbelangrijkste vindt. Hij had graag de informatie aan de voorkant al gehad.

6

De heer Kamphuis geeft in antwoord op de heer Klaassen aan dat het voor D66 gaat om de balans, om de totaalafweging. Het gaat om betaalbaarheid en duurzaamheid. D66 wil graag het maximum haalbare realiseren qua duurzaamheid. De voorzitter sluit de beraadslagingen op dit agendapunt af. Hij concludeert dat het stuk voldoende behandeld is en bespreekwaardig geacht wordt voor de raadsvergadering. Wethouder Meekels heeft drie toezeggingen gedaan: • Hij heeft gemeld dat hij op aangeven van de heer Dols tot de conclusie is gekomen dat het raadsvoorstel ten aanzien van de 1500 vierkante meter nog een nuancering nodig heeft. De voorzitter veronderstelt daarmee dat het raadsvoorstel nog een aanpassing krijgt. • Ook heeft de wethouder toegezegd dat het duurzaamheidsaspect ook via de werkgroep Ambtelijke en bestuurlijke huisvesting verdere aandacht gaat krijgen. • Ook heeft de wethouder toegezegd dat er wat betreft de ruimtelijke argumenten nog een nadere uitwerking volgt. De heer Klaassen merkt nog op dat in de discussie een aantal keer gezegd werd dat het Veiligheidshuis in de Hanenhof gevestigd kan worden. De heer Klaassen heeft behoefte aan een uitspraak van de veiligheidsdienst zelf, dat zij zelf die voorkeur hebben uitgesproken. Dat wordt namelijk als belangrijk argument aangegeven door het college.

De wethouder antwoordt dat hij in deze fase niet een verklaring kan overleggen waarin het Veiligheidshuis gevraagd heeft om Hanenhof te mogen zitten. Zoals hij gemeld heeft in de opiniërende ronde heeft hij een check gedaan hoe ze daar tegenover zouden staan. De leiding heeft daarop aangegeven dat het bespreekbaar is. Hij stelt voor dit punt te koppelen aan de advisering door de Ondernemingsraad. Dit lijkt de voorzitter een redelijk voorstel. Hiermee sluit hij dit agendapunt af. Hij dankt allen voor hun bijdragen en deelnamen aan het debat en de wethouder voor zijn uitvoerige toelichting.

7

Notulen van de ronde in Maaszaal (digitaal) op donderdag 25 november 2021 3.2 Huis aan de Markt Tijdstip:

20.25-21.00 uur

Aanwezig de voorzitter de griffier

M.J.M. De Loo J. Vis

de leden GOB: C.G.M. Creemers CDA: G.M.M. den Rooijen Stadspartij: B.A.J. Hoedemakers DNA: H. Wijnen GroenLinks: J.E. Janssen PvdA: P.H.J. Kubben D66: A.J.M. Kamphuis VVD: F.A. van Montfoort PVV: A.P.C. Roest SPA: P. Winteraeken 50PLUS: H.L.J. Kamps Fractie Fredrix: P. de Coninck Fractie Klein: het college ambtenaren

wethouder P. Meekels mevr. Van Melick, dhr. E. Eussen en dhr. J. Janssen

notulen

M. Migo (Notuleerservice Nederland)

De voorzitter heropent de vergadering en heet alle aanwezigen welkom. Aan de orde is het agendapunt Huis aan de Markt. De raad heeft op 24 juni jl. besloten om op de locatie van het V&D-gebouw een huis met woningen te bouwen. Het nu voorliggende voorstel schept het juridisch, planologisch kader om dit besluit uit te kunnen voeren. Voor het saneren van de detailhandelsfunctie is separaat een veegplan in procedure gebracht. In het raadsvoorstel wordt ingegaan op de uitgangspunten van het Huis aan de Markt. Vorige week hebben inwoners de plannen voor nieuwbouw kunnen inzien en becommentariëren. Dit alles is geen onderdeel van het voorliggende besluit. Het gaat in deze vergadering voornamelijk om het bestemmingsplan. Mevrouw Creemers (GOB) geeft aan dat dit punt, wat het GOB betreft, een hamerstuk is. Het gaat namelijk enkel om het ongewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan, omdat er één zienswijze is ingediend die ongegrond is verklaard. Het GOB is verheugd dat er zeer veel reacties zijn gekomen op het voorontwerp van de architect. De heer Den Rooijen (CDA) heeft gezien dat belangrijke elementen die het CDA aangaf op 24 juni worden opgenomen. Het CDA vindt het positief dat zoveel inwoners kennis hebben willen nemen van wat er staat te gebeuren. De heer Den Rooijen heeft twee vragen voor het college:

8

•

Hij vraagt het college om, zodra het gebundelde advies van de Adviescommissie Binnenstad er is, dat door te leiden naar de raad. • Ook wil hij weten hoe ervoor wordt gezorgd dat de bezorgde inwoners in het hele traject ook een plek krijgen zodat men zich gehoord voelt? De CDA-fractie kan instemmen met alle drie de beslispunten en vindt het een hamerstuk. De heer Janssen (GroenLinks) is ook blij dat het project leeft in de Sittardse gemeenschap. Wel heeft GroenLinks een aantal vragen: • Kan de wethouder iets meer duidelijkheid verschaffen over de aard van de reacties? • Over de ‘geoogste materialen’ uit de circulaire sloop wil GroenLinks weten: hoe en waar worden die verhandeld? • In hoeverre is het mogelijk om groene gevels aan de Marktzijde te verwezenlijken, zoals in de randvoorwaarden is aangegeven? • De heer Janssen verneemt ook graag van het college of inderdaad een semipermanente expositie van het nieuwe gebouw wordt voorzien van alle ontwerpen die zijn aangedragen en films en foto’s van het huidige V&D-gebouw en het vroegere stadhuis van Weber. • Is er überhaupt ruimte voor permanente expositie voorzien als zodanig of maakt dat deel uit van het Visit Experience Center straks? • GroenLinks is blij dat de global goals als toetssteen gebruikt worden bij de herontwikkeling en vraagt naar de relatie daarmee in het ontwikkelplan.

En hoe wordt de raad bij die ambities betrokken? • Worden de 28 nieuwbouwwoningen een mix van duurdere koop en huur? En waarom wordt de realisatie hiervan niet opgenomen in de boekhouding van de grond- en vastgoedontwikkeling zoals dit nu in het financiële overzicht staat? De heer Roest (PVV) is het eens met het bestemmingsplan, maar wil graag aanhaken op de woorden van de heer Janssen over de woningen. De wethouder gaf eerder aan dat het niet mogelijk is daar goedkopere woningen te realiseren. De heer Roest hoort graag wat het standpunt van de wethouder op dit moment is ten aanzien van de woningen. Eerder is besproken dat er een subsidie zou komen als er met de sloop begonnen zou worden. Er zou een non-openbare Europese aanbesteding op 25 december afgerond moeten zijn. De raad heeft daar niets van vernomen. De heer Roest hoort van de wethouder graag de status hiervan. Ten slotte wil de heer Roest graag weten waarom de zienswijze ongegrond is verklaard. De heer Hoedemakers (Stadspartij) geeft aan dat ook zijn partij in kan stemmen met de bestemmingsplanwijziging en de voorliggende beslispunten in het stuk. Ook de Stadspartij is positief over hoe dit thema leeft binnen de gemeenschap. Hij vraagt de wethouder of hij al iets kan zeggen over hoe het college hier invulling aan wil geven. Hij roept op: betrek ook de openbare ruimte bij dit project.

De Markt in Sittard kan wat de heer Hoedemakers betreft wel een opfrisbeurt gebruiken, zodat er niet alleen een Huis aan de Markt wordt gerealiseerd, maar ook een Markt aan dat Huis. De heer Kamphuis (D66) kondigt aan dat ook D66 zal instemmen met voorliggend raadsvoorstel. Ook D66 is verheugd dat er veel mensen bij betrokken zijn geweest, niet alleen de raadswerkgroep Ambtelijke en bestuurlijke huisvesting, maar ook de inwoners. D66 is benieuwd welke aanpassingen daaruit nog voort zullen komen. D66 wil dat niet enkel volstaan wordt met het hof en de binnenzijde tussen het Huis aan de Markt en de woningen, maar ook wordt gekeken naar de vergroening van de gevels. D66 wil het college nog meegeven het realiseren van voldoende laadpalen voor elektrische voertuigen meteen mee te nemen in de kelder. Hij realiseert zich dat dit nog niet aan de orde is bij dit raadsvoorstel. De heer Wijnen (DNA) geeft aan dat ook zijn partij het eens is met het bestemmingsplan. De andere punten die nu aan de orde zijn gesteld door andere fracties liggen op dit moment niet voor, dat komt in het vervolgtraject wel. De heer Van Montfoort (VVD) vindt het ook geweldig dat meer dan duizend reacties van bewoners zijn gegeven. De VVD ziet een heel aantal positieve punten in het voorstel. Wel ontbreekt wat de VVD betreft een aantal noodzakelijke elementen.

9

•

De VVD zou graag zien dat de steensoorten die gebruikt worden reeds benut worden op de Markt en dat de historisch ogende gevel als voorwaarde wordt opgenomen. Het is voor de VVD van groot belang dat het Huis aan de Markt past binnen de Markt. Het Huis aan de Markt mag geen vreemde eend in de bijt worden. • Ook vindt de VVD het noodzakelijk dat er een balkon gerealiseerd wordt voor ceremoniële aangelegenheden. • De VVD begrijpt de wens van een groot venster en de achterliggende gedachte van de transparantie, maar het venster moet wel passend zijn bij de Markt. Als verankerd wordt dat het Huis aan de Markt een historische uitstraling moet krijgen en een balkon vereist wordt, kan de VVD instemmen met de voorliggende randvoorwaarden. In dat geval kan het hamerstuk worden. De heer Kamps (50PLUS) meldt dat 50PLUS kan instemmen met de beslispunten inzake het bestemmingsplan. Het ontwerp voldoet helemaal aan de doelstelling. Voor 50PLUS is het ook een hamerstuk. De heer Kubben (PvdA) kijkt met een positieve grondhouding naar deze plannen. De PvdA wil op korte termijn een goed gesprek voeren over wat er allemaal naar voren is gekomen uit de meer dan duizend reacties van bewoners over het ontwerp. Van de wethouder wil hij weten wanneer dit zal gebeuren. Eigenlijk zou dit, wat de PvdA betreft, nog voor de raadsvergadering moeten plaatsvinden.

De heer De Coninck (Fractie Fredrix) sluit zich volledig aan bij de opmerking van de heer Wijnen van DNA. Het agendapunt is hier enkel de wijziging van het bestemmingsplan, verder niks. Hij is akkoord met de wijziging van het bestemmingsplan. En ook akkoord met het veegplan. Tevens is de Fractie Fredrix akkoord dat het een hamerstuk wordt. Wethouder Meekels wijst erop dat het nu alleen gaat over het vaststellen van het bestemmingsplan inclusief het feit dat geen exploitatieplan hoeft te worden vastgesteld en dat de zienswijze ongegrond is verklaard. Hij begrijpt wel dat de raad nieuwsgierig is naar hoe het verder gaat. Hij constateert dat het bestemmingsplan door iedereen gedragen wordt en als hamerstuk kan worden aangemerkt. De wethouder licht toe dat de zienswijzen van de inwoners, meer dan 1100 inmiddels, onderdeel uitmaken van de beoordelingscriteria die de adviescommissie meeneemt. Ook is afgesproken dat de belangrijkste opmerkingen bij elkaar worden gebracht. Die zullen met de raad worden gedeeld. De wethouder weet nog niet wanneer dit mogelijk is. Ook de architect krijgt de opmerkingen met het verzoek daar rekening mee te houden. Het college wil de inwoners laten zien wat er gebeurt met hun opmerkingen. Dat zit allemaal nog in de fase van het voorlopig ontwerp.

De VVD had een paar opmerkingen, over de steensoort en de wijze waarop het pand bij het historisch karakter van de Markt gaat horen. Dat komt terug in het ontwerp. De wethouder kan alvast zeggen dat in het ontwerp ook een balkon zit. De volgende stappen zullen ‘kort tegen de raadswerkgroep aan worden gehouden’. Zo snel mogelijk zal de raad in positie worden gebracht. De voorzitter vraagt de woordvoerders in het vervolg van de bespreking echt te kijken naar het raadsvoorstel zelf. Via de raadswerkgroep kan later nog verder over de inhoud worden gesproken. De heer Kamphuis heeft nog een vraag aan de wethouder over de ontwikkeling van het Huis aan de Markt. Hij had begrepen dat de griffie een plek in het Huis aan de Markt zal krijgen. Die vraag kan misschien gekoppeld worden aan het vorige agendapunt, dat er werkruimte vrijkomt in Geleen. Hij vraagt de wethouder daar kort op te reageren. De heer Janssen merkt op dat er nog een vraag openstaat over de expositieruimte in het gebouw. Dat heeft ook betrekking op het bestemmingsplan. Het is voor hem onduidelijk of die ruimte in het bestemmingsplan is opgenomen. De heer Van Montfoort is verheugd dat de wethouder een goed antwoord gaf op wat hij had voorgesteld. Daardoor is het ook voor de VVD een hamerstuk geworden.

10

Wethouder Meekels vindt het compliment van de heer Van Montfoort vermeldenswaardig. Richting de heer Janssen geeft de wethouder aan dat er geen aparte expositieruimte is voorzien, maar wel ruimte om te exposeren. Daarmee wordt dus aansluiting gezocht bij ruimtes die er zijn. In antwoord op de heer Kamphuis geeft de wethouder aan dat het niet de bedoeling is dat de griffie daar haar werklocatie krijgt, maar wel tijdens de raadsvergaderingen aanwezig is. Dat vindt de heer Kamphuis wel jammer. Natuurlijk is het belangrijk dat de griffie aanwezig is voor en tijdens de raadsvergaderingen en bij andere zaken, maar heel vaak zal het zo zijn dat raadsfracties die bij elkaar komen in het Huis aan de Markt ook te rade gaan bij de griffie. D66 zou hier graag nog eens over spreken, maar vindt het geen belemmering om voor dit voorstel te stemmen. D66 beschouwt dit ook als een hamerstuk. De voorzitter concludeert dat dit raadsvoorstel beschouwd kan worden als een hamerstuk. Hij bedankt de sprekers voor hun bijdragen en bedankt de wethouder voor de beantwoording. De voorzitter sluit het agendapunt af.

11

Notulen van de ronde in Maaszaal (digitaal) op donderdag 25 november 2021 3.3 Aanpassing winkeltijdenverordening Tijdstip:

21.05 – 21.50 uur

Aanwezig De voorzitter De griffier

M.J.M. De Loo J. Vis

de leden GOB: I.A.M.H. Tillie CDA: E. Tummers Stadspartij: B.A.J. Hoedemakers DNA: H. Wijnen GroenLinks: F. Crutzen PvdA: P.H.J. Kubben D66: A.J.M. Kamphuis VVD: F.A. van Montfoort PVV: A.P.C. Roest SPA: 50PLUS: H.L.J. Kamps Fractie Fredrix: P. de Coninck Fractie Klein: het college ambtenaren

wethouder. P. Meekels mevr. Van Melick, dhr. E. Eussen en dhr. J. Janssen

notulen

M. Migo (Notuleerservice Nederland)

Voor de PVV voert de heer Roest het woord in plaats van de heer Coumans. De voorzitter leidt het agendapunt ‘Aanpassing Winkelverordening’ in. Het voorstel voorziet in de uitbreiding van winkeltijden op de zondagen, waarbij het niet meer noodzakelijk is vooraf een ontheffing aan te vragen. Dit voorgenomen besluit geldt niet voor het stadsdeel Centrum Geleen aangezien het voorstel gepaard gaat met betaald parkeren op de zondag. Winkeliers in Centrum Geleen zullen wel een ontheffing moeten aanvragen indien zij op zondag open willen zijn. Vandaag is er een correctie op de Winkeltijdenverordening ontvangen in Art. 6, dat handelt in individuele ontheffingen Avondopenstellingen. Er staat een fout in het tweede lid: ‘De winkel dient gesloten te zijn vanaf zaterdag 24.00 uur tot zondag 24.00 uur om de zondagsrust te waarborgen.’ Dit moet zijn: ‘… tot zondag 12.00 uur’. De betreffende memo staat in iBabs. De heer De Coninck (Fractie Fredrix) heeft geconstateerd dat er een uitvoerige inspraak heeft plaatsgevonden. Hij vindt het logisch dat het nu aan de deskundigen wordt overgelaten, de beide centrum-managements en gaat akkoord met het voorstel, zij het met een toevoeging.

12

De heer Kamps (50PLUS) deelt mee dat zijn fractie akkoord gaat met het voorstel en de wijze waarop dit tot stand is gekomen. De heer Van Montfoort (VVD) stemt in met het voorstel en sluit zich aan bij de vorige sprekers. De heer Wijnen (DNA) sluit zich aan bij de vorige sprekers en gaat akkoord met het voorstel. De heer Kubben (PvdA) heeft er begrip voor dat de individuele ondernemer met dit voorstel kan instemmen, zodat hij zelf kan bepalen of hij op zondag wel of niet opengaat. Echter de PvdA vraagt zich af wat het effect zal zijn op de gehele binnenstad en wie er voordeel van heeft. Het kan leiden tot verrommeling van het straatbeeld als er winkels wel open zijn en andere weer niet. Ook maakt de PvdA zich zorgen over de kleine bedrijven waarbij de eigenaar zelf de winkel bemant en geen personeel in dienst heeft. De heer Kubben verzoekt de wethouder hierop te reageren en ook aan te geven of hierover met de verschillende ondernemers gesproken is. De heer Kamphuis (D66) geeft aan dat D66 al in november 2016 een verandering in koopgedrag signaleerde, een combinatie van recreatie, shoppen en uitgaan. D66 was toen de enige fractie die voor de motie stemde, die uiteindelijk werd verworpen. Nu komt men erachter dat het wel een meerwaarde heeft om de ondernemers de mogelijkheid te bieden om ’s zondags open te gaan.

De heer Kamphuis betreurt het dat het management van Centrum Geleen heeft moeten constateren dat er te weinig draagvlak was voor een openstelling op de zondagen, want hij vreest dat de ondernemers daar tekort wordt gedaan op het gebied van de concurrentiestrijd als Sittard en andere steden wel open zijn op de zondagen. In het stuk staat dat er een breed draagvlak is voor algehele vrijstelling en daarmee kunnen de ondernemers zelf kiezen. Namens zijn fractie deelt de heer Kamphuis mee dat hij voor dit raadsvoorstel stemt. De heer Hoedemakers (Stadspartij) stemt namens zijn fractie in met het voorliggende voorstel. Hij sluit zich aan bij de positieve woorden van de voorgaande sprekers. De heer Roest (PVV) is van mening dat de gemeente de welwillende ondernemers in Centrum Geleen de gelegenheid moet bieden van de zondagsopening gebruik te maken en de vergunning te verlenen zonder dat er extra leges betaald zouden moeten worden. Hij pleit voor gelijke behandeling van alle ondernemers, want dit is bevorderlijk voor de gemeente en de ondernemers. Ook oppert hij het herzien van de parkeertarieven, zodat Centrum Geleen toch mee wil werken. De PVV komt hierover met een voorstel in de raadsvergadering van december. Mevrouw Crutzen (GroenLinks) bedankt allereerst de wethouder voor het beantwoorden van de vragen die zij kort geleden heeft gesteld.

Zij is verheugd dat de winkeliersvereniging op voorhand inspraak heeft gekregen. Evenals de PvdA vreest GroenLinks dat de kleine ondernemers een onnodige druk kunnen ervaren om open te gaan op zondagen, terwijl ze toch al veel openingsuren kennen en het hoofd moeilijk boven water kunnen houden. Voorts geeft zij aan dat zij een aantal vragen heeft gesteld over de individuele ontheffing van de avondopenstelling. Hier heeft zij antwoord op gekregen, maar zij heeft alsnog een verdiepende vraag over de weigeringsgrond. Zij is van mening dat de tienjarige geldigheid van de ontheffing te lang is. De ontheffing is maar voor een aantal winkels beschikbaar, maar er zullen meer winkels zijn die deze ontheffing willen. Ook staat in het voorstel dat er ook weigeringsgronden zijn voor het verlenen van de vergunning. Zij vraagt de wethouder om nadere uitleg hierover, aangezien zij het inwinnen van advies bij de politie niet krachtig genoeg vindt geformuleerd in het stuk bij ondermijning. De heer Tummers (CDA) betoogt dat na bestudering van het voorstel en de beantwoording van de technische vragen die zij stelde, de fractie instemt met de verordening Winkeltijden. Het CDA vraagt de wethouder hoe de zondagsopening wordt gecommuniceerd nu er verschillen zijn in de regio. In Centrum Sittard mogen de winkels op zondag open zijn, maar sommige winkels zullen standaard op zondag

13

gesloten blijven. Is de wethouder bereid om met het management van Centrum Sittard in gesprek te gaan om een zo groot mogelijk publiek de kans te geven om winkels te bezoeken en de aantrekkelijkheid te vergroten om te winkelen in Sittard-Geleen? De heer Tillie (GOB) geeft aan dat deze verordening gebaseerd is op de Winkeltijdenwet uit 2013 en de belangrijkste wijziging is het openstellen van de winkels op zondag in de centra. GOB ziet de zondagopenstelling als een kans voor ondernemers om het hoofd boven water te houden. GOB vindt het goed dat de winkels op feestdagen wel gesloten blijven. Voor GOB is het belangrijk dat er voor de zondagopenstelling een breed draagvlak onder ondernemers bestaat. Graag horen zij hoe de communicatie naar buiten toe plaatsvindt, waarbij duidelijk is welke winkels wel en welke niet open zijn. GOB pleit ervoor om over een jaar te evalueren. De heer Tillie verzoekt de wethouder een toezegging te doen om deze evaluatie eind 2022 aan de raad te presenteren. In aansluiting op de woorden van de heer Kubben geeft de heer Tillie aan dat de afkorting MKB gaat over bedrijven en niet alleen over winkels. Maar ook GOB erkent dat het onduidelijk is of de kleine ondernemers hieraan mee kunnen doen en hier profijt van hebben. In dit kader heeft GOB begrip voor de keuze van het management Centrum Geleen om er niet aan mee te doen.

Hij vraagt de wethouder welke eventuele oplossingen er zijn voor de kleine ondernemer in Sittard. Wethouder Meekels concludeert dat er een breed draagvlak is voor de nieuwe Verordening. Ook merkt hij dat de verordening spanning kan geven voor winkeliers zonder personeel. Hij attendeert de leden erop dat er in Sittard op dit moment ook al iedere zondag openstelling is. Er is in overleg met de ondernemers besloten om hier niet breed over te communiceren, maar dat iedere winkel vrij is om dit met de eigen klantenkring te communiceren. Deze lijn wil de wethouder handhaven. Zo is er eerder ook gecommuniceerd via de media welke winkels wel en welke niet open zijn op zondag. Wanneer de winkels op zondag slechts gedeeltelijk open zijn, kan dit een negatief effect hebben op de aantrekkelijkheid van het winkelen. Bij de pilot in 2021 heeft de wethouder geprobeerd de ondernemers te overtuigen van de noodzaak om gezamenlijk op te trekken. Er waren echter enkele ondernemers die geen personeel hebben, of het voldoende vinden om zes dagen per week open te zijn. Het Centrummanagement Sittard heeft de gemeente om ondersteuning gevraagd. En hoewel de wethouder graag met de ondernemers gaat praten, heeft hij ook respect voor de eigen opvatting van een ondernemer. De wethouder heeft geprobeerd het management van Centrum Geleen te overtuigen, maar bij haar leden is geen draagvlak.

Hierbij is ook het betaald parkeren van invloed, vooral bij de horeca aldaar. Er is afgesproken om het debat over parkeren te voeren In het kader van de evaluatie van de Structuurvisie Economie Zuid-Limburg. Er kan dan een vergelijking worden gemaakt met andere winkelcentra. In Geleen kunnen in elk geval individuele ondernemers gebruikmaken van de twaalf koopzondagen per jaar. Indien een ondernemer vaker open wil, kan hij zich richten tot de gemeente. De wethouder kan verder niet ingaan op de kwestie van extra leges. Bij avondopenstelling wordt de politie geraadpleegd vanwege eventuele mogelijkheden van ondermijning en andere aspecten die om strafrechtelijke redenen zich kunnen voordoen. Daarom wordt de politie in het proces betrokken voordat de gemeente overgaat tot het verstrekken van een vergunning. De evaluatie wil de wethouder op langere termijn doen. Komen er eerder signalen, dat kan er terugkoppeling komen naar de gemeenteraad. Mevrouw Crutzen (GroenLinks) verwijst naar haar eerdere vraag over de termijn van tien jaar voor de vergunning op de avondwinkels. Wethouder Meekels vindt deze termijn niet te lang. Dit heeft te maken met investeringen die mensen moeten doen wanneer ze een avondwinkel starten, hetgeen eigenlijk geldt voor retail in het algemeen.

Ook dit wordt altijd in overleg met de politie bekeken en dit geeft de mogelijkheid om eerder in te grijpen als er iets mis is. Hiermee sluit de voorzitter de eerste termijn af.

14

Tweede termijn De heer Kubben vraagt de heer Tillie wat hij bedoelt als hij beweert dat de heer Kubben zo eng naar het MKB kijkt. De heer Kubben wilde namens de PvdA-fractie slechts aangeven dat er zorgen zijn over hoe de winkelstraten erbij liggen met de bestaande differentiatie. De heer Tillie verwijst naar een eerder debat in september waarbij 3,6 miljoen voor het MKB-fonds besproken werd. Ook toen beperkte de heer Kubben zich tot de ondernemers in het centrum. Maar het MKB is meer, dat zijn heel veel bedrijven, ook op bedrijventerreinen. De heer Kubben geeft aan dat zijn fractie in september geen andere visie had op het MKB, maar een andere visie op waar het geld voor bestemd moest worden. Hiermee probeert hij de eventuele indruk te ontkrachten dat de PvdA niet op de hoogte zou zijn van de betekenis van de afkorting MKB of dat de PvdA bedrijven onheus zou bejegenen. Volgens de heer Tillie noemde de heer Kubben het MKB, terwijl het alleen over winkeliers ging. Nu begrijpt hij dat hij het verkeerd heeft begrepen en dat het voor de heer Kubben ook duidelijk is dat MKB meer is dan alleen de ondernemers in het centrum. De heer Kamps benadrukt een voordeel van de kleine ondernemer, namelijk dat deze vaak sneller kan handelen dan een grote ondernemer met personeel. De kleine ondernemer kan afwegingen maken wanneer het voor hem het meest lonend is om open te zijn.

Hierdoor hoeft de werkdruk niet onaanvaardbaar hoog te worden. De heer Kubben deelt dit standpunt volledig. In ieder geval in het centrum van Sittard kunnen ondernemers hun eigen plan trekken. Hij erkent dat de zorgen over de kleine ondernemer niet groot hoeven te zijn. De zorgen over hoe de situatie in de binnenstad zal zijn met winkels open en winkels gesloten blijven aanwezig bij de PvdA. De heer De Coninck geeft aan dat de structuur van beide centra verschillend is, zowel qua eigendomsverhouding als detailhandel. Sittard heeft heel veel kleine ondernemers, terwijl in Centrum Geleen een hele grote eigenaar overheerst. Dit leidt ook tot vermindering van het draagvlak en dat is niet gemakkelijk op te lossen. Mevrouw Crutzen vraagt zich af of de evaluatie over twee jaar niet breder getrokken kan worden. Er zijn nu enkele tendenzen, zoals het digitale winkelen, veel winkeliers die het moeilijk hebben, de avondwinkel. Bij de evaluatie kan dan de invloed hiervan op de leefbaarheid in de stad betrokken worden. Zij vraagt de aanwezige collega’s om bepaalde criteria te benoemen die meegenomen kunnen worden in de evaluatie. De heer Wijnen geeft aan dat dit een onderwerp is dat te maken heeft met de leefbaarheid in de stad. Hij beschrijft dat het centrum van de stad niet alleen uit winkels bestaat, maar dat er ook gewoond wordt.

Op dit moment staat meer dan de helft van de bovenwoningen in het centrum van Sittard leeg. Hij pleit ervoor om hierover te spreken als het gaat om de leefbaarheid in de stad. Hij erkent dat zijn reactie niet aansluit op het onderwerp van dit agendapunt. Mevrouw Crutzen geeft toe dat deze discussie voorbijgaat aan het raadsvoorstel, maar dat zij reageerde op de toezegging van de wethouder om de evaluatie over twee jaar te doen. Wat haar betreft laat je iets liggen als je in de evaluatie alleen kijkt naar de openingstijden op zondag, en niet bespreekt hoe het gaat in de binnenstad. De voorzitter geeft de heer Tillie het woord, maar wijst erop dat de toezegging die de wethouder deed vooral in relatie is tot de verordening die voorligt. Het staat de raad vrij om elk onderwerp dat besproken moet worden te agenderen, maar hierbij gaat het om het voorstel dat voorligt.

15

De heer Tillie verwijst naar een andere opmerking van de wethouder, dat de Structuurvisie Economie ook weer in de raad komt, daar zou dit onderdeel in meegenomen kunnen worden. Het zal zeker nog een keer aan bod komen. De voorzitter stelt mevrouw Crutzen gerust dat het door haar aangeleverde debat wellicht op een later moment gevoerd kan worden. Hiermee beëindigt de voorzitter de beraadslaging op dit agendapunt. De voorzitter concludeert dat het een hamerstuk wordt voor de raad. Vervolgens bevestigt de voorzitter de toezegging van de wethouder om de verordening over twee jaar te evalueren. Voor de bredere invulling hiervan roept hij de raad op hiervoor het initiatief te nemen. Wethouder Meekels bevestigt de toezegging. De voorzitter bedankt alle aanwezigen voor hun bijdragen en de wethouder voor de beantwoording. Hierna sluit hij de vergadering.

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=bcd5d8b5-69b1-49b0-a4a6-70659ff5d180