CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Ronde Maaszaal 21 november 2024

Raad 12 december 2024, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Vaststellen van de notulen (107)5.594 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notulen van de Ronde Maaszaal op donderdag 21 november 2024 1.1 Raadvoorstel Zuid-Limburgs Beleidsplan Preventie en Handhaving Jeugd & Middelen 20252028 Tijdstip:

19.00 – 19.45 uur

Aanwezig de voorzitter de griffier

P. Brouwers A. Cortlever

de leden

gob: M.P.A. Dormans CDA: J.H. Smeets GroenLinks/PvdA: A.E.H. Wielders Stadspartij: C.H.H. Klingestijn PVV: afgemeld D66: P.R. Pi Van de Venne SPA: P.W.M. Winteraeken-Bruls Lokaal Sittard-Geleen-Born: M.C.M.H. Schumans VVD: H. Harzi Forum voor Democratie: afgemeld PIT: afgemeld

portefeuillehouder:

I. Tillie

ambtelijke ondersteuning:

mevrouw Drenthe en de heer Dols

notulen:

L. Jansen

De voorzitter meldt dat voor deze Ronde afmeldingen zijn ontvangen van de fracties PIT, PVV en Forum voor Democratie. De voorzitter merkt op dat het voorstel in twee termijnen besproken kan worden. Mevrouw Harzi (VVD) zegt dat de fractie de ambitie om middelengebruik bij jongeren te voorkomen en overmatig gebruik terug te dringen onderschrijft. Ze vraagt hoe snel er gehandeld ka worden bij verslaving onder jongeren. Ze benadrukt het belang van snelle interventies bij verslaving en vraagt hoe snel er gehandeld kan worden als een verslaving bij jongeren wordt gesignaleerd. Ook informeert ze wanneer er een uitvoeringsplan met concrete stappen, middelen en een tijdslijn kan worden verwacht. Daarnaast vraagt zij aandacht voor jongeren van 18 jaar en ouder, met name hoe de overgang naar volwassenhulpverlening naadloos kan verlopen. Ze wijst erop dat preventie handhaving en het gedoogbeleid tegenstrijdig kan overkomen en vraagt hoe handhaving effectief kan worden ingezet zonder het vertrouwen in de overheid te schaden. De Heer Dormans (gob) merkt op dat de doelstellingen van het vorige plan niet zijn gehaald. Hij is desalniettemin positief over dit beleidsplan en benadrukt het belang van brede samenwerking en actieve betrokkenheid van alle partijen. Hij pleit voor extra aandacht voor de jongerenadviesraad Jong, die

1

positief heeft geadviseerd, maar ook aandachtspunten aandraagt, zoals het inzetten van ervaringsdeskundigen bij preventieactiviteiten. Hij vraagt hoe sportverenigingen betrokken worden bij het uitvoeringsplan en of dit plan aan de raad wordt voorgelegd ter besluitvorming. De heer Klingestijn (stadspartij) zegt dat de fractie het beleidsplan steunt en is positief over de aandacht voor de omgeving van jongeren. Hij vraagt om een duidelijke strategie om sociale normverandering binnen gezinnen te bevorderen, specifiek rondom alcoholgebruik. Ook wil hij weten of er voldoende rekening wordt gehouden met de risico’s van nieuwe middelen, zoals vapen. Regelmatige evaluatie van het plan is volgens hem essentieel om het aan te laten sluiten bij ontwikkelingen. De heer Smeets (CDA) zegt dat de fractie instemt met het beleidsplan, maar uit zorgen over de handhaafbaarheid ervan. De heer Pi Van de Venne (D66) raagt naar de uitvoering van rookvrije zones, zoals genoemd op pagina 27 van het plan. Hij vraagt aandacht voor plekken als Zuid Hogeschool in Sittard dat aan de openbare weg ligt en waar veel mensen roken. Mevrouw Winteraeken-Bruls (SPA) complimenteert het beleidsplan vanwege de helderheid, maar mist een duidelijke verdeling tussen lokaal en centraal uit te voeren maatregelen.

Ze benadrukt het belang van een goede begeleiding van jongeren tot 18 jaar en vraagt wat er na de leeftijd van 18 jaar gebeurt. Ze is benieuwd naar de halfjaarlijkse monitoring. De voorzitter sluit de eerste termijn. Wethouder Tillie waardeert de brede steun voor het plan en legt uit dat veel partijen en professionals betrokken zijn bij de totstandkoming ervan. Het vervolgtraject bestaat uit een uitvoeringsprogramma, waarin lessen uit lopende programma’s worden meegenomen. Nieuwe trends, zoals vapen, worden continu geëvalueerd en aangepast. De wethouder verklaart dat het beleid zich voorlopig richt op jongeren tot 18 jaar. Voor de leeftijdsgroep 18-23 jaar wordt in een later stadium beleid ontwikkeld. Het uitvoeringsplan is te informatie voor de raad. JONG is een belangrijke partner en er wordt gekeken hoe ervaringsdeskundigen, het liefst leeftijdsgenoten, een rol kunnen spelen. Wat betreft sportverenigingen wordt gekeken hoe ze beter kunnen bijdragen aan preventie en handhaving van de regelgeving. Er wordt ook gekeken hoe de omgeving een rol kan spelen. Bij ouders ligt een uitdaging: zij moeten beter betrokken worden bij preventie. Er wordt in het uitvoeringsplan gekeken hoe ouders betrokken kunnen worden. Signaleren is een uitdaging, zeker voor middelen waarbij je het niet gelijk merkt. Als alle partijen betrokken zijn, kunnen we eerder signalen opvangen.

Mevrouw Drenthe meldt dat in het eerste kwartaal van 2025 een uitvoeringsplan wordt opgesteld, waarin alle partners, inclusief jongerenadviesraad Jong, worden betrokken. De samenwerking met partners stopt niet bij de leeftijd van 18 jaar; zij blijven ook betrokken bij de overdracht van jongeren naar de hulpverlening voor volwassenen. Vanuit het jongerenloket wordt al gewerkt op het snijvlak van ondersteuning voor jongeren van 18 jaar en ouder. Wat betreft sportverenigingen geeft mevrouw Drenthe aan dat zowel Explore als JOG (Jongeren Op Gezond Gewicht) actief betrokken worden bij het uitvoeringsplan. Beide organisaties hebben goed contact met sportverenigingen. Het is echter onmogelijk om alle sportverenigingen direct te betrekken. Daarom wordt per regio gekeken welke vertegenwoordigers van sportverenigingen kunnen deelnemen aan gezamenlijke overleggen om uitdagingen te bespreken. Er zijn diverse pakketten beschikbaar, onder andere vanuit Mondriaan, binnen het reguliere aanbod voor verslavingspreventie. Deze pakketten kunnen worden ingezet om sportverenigingen te trainen in bijvoorbeeld signalering en preventie. Hiervoor is echter ook maatwerk nodig, omdat de behoeften van sportverenigingen verschillen. Er wordt onderzocht waarom handhaving bij sportverenigingen lastig is en hoe zij daarin beter ondersteund kunnen worden.

Op het gebied van communicatie is de ambitie dat de Zuid-Limburgse gemeenten gezamenlijk een heldere boodschap uitdragen. Het uitgangspunt is een social norm approach, waarbij de focus ligt op het benadrukken van de grote groep jongeren die geen middelen gebruikt, in plaats van de kleine groep die dat wel doet. Tot slot merkt mevrouw Drenthe op dat het uitvoeringsplan regelmatig geëvalueerd zal

2

worden, omdat tijdens de uitvoering nieuwe ontwikkelingen en uitdagingen kunnen ontstaan die om aanpassingen vragen. De heer Duls wijst erop dat jeugd-BOA’s hierin een belangrijke rol spelen. Door hun directe interactie met jongeren kunnen zij signalen van middelengebruik doorgeven. De heer Dormans (gob) stelt dat handhaving binnen sportverenigingen idealiter niet nodig zou moeten zijn en dat de focus vooral op preventie moet liggen. Hij erkent echter dat preventie een uitdaging is en vraagt hoe professionals dit effectief kunnen vormgeven. Volgens hem moet preventie voorop staan, pas daarna volgt handhaving. Daarnaast uit de heer Dormans kritiek op de benadering van ervaringsdeskundigen. Hij stelt dat het zoeken naar leeftijdsgenoten als ervaringsdeskundigen geen effectieve aanpak is, vooral niet bij druggerelateerde problemen. Jongeren zouden volgens hem beter geholpen worden door ervaringsdeskundigen, ongeacht hun leeftijd. Hij geeft aan dat leeftijd irrelevant is en dat het belangrijker is dat deze personen de ervaring en kennis hebben om jongeren te ondersteunen. Wethouder Tillie erkent dat preventie de eerste focus moet zijn binnen sportverenigingen. Het doel is om aan de voorkant zoveel mogelijk bewustzijn te creëren, zodat jongeren sterker in hun schoenen staan tegen groepsdruk.

Wat betreft ervaringsdeskundigen is de wethouder het eens dat de kwaliteit van de deskundige belangrijker is dan de leeftijd. Toch wijst zij erop dat jongere ervaringsdeskundigen een rol kunnen spelen als het gaat om weerbaarheid tegen groepsdruk. De heer Pi Van de Venne komt terug op zijn eerdere vraag over rookvrije zones bij de Zuid Hogeschool in Sittard. Hij vraagt concreet of er in het uitvoeringsplan wordt gekeken naar maatregelen om roken in openbare ruimtes nabij de school te verminderen, aangezien de grond rondom de school niet in eigendom is van de instelling zelf. Wethouder Tillie antwoordt dat de gemeente kan onderzoeken hoe openbare ruimtes op een slimme manier ingericht kunnen worden, zodat rokers ruimte hebben zonder overlast te veroorzaken voor anderen. Mevrouw Drenthe merkt op dat Mondriaan al mooie interventies heeft lopen op hogescholen. Hieruit kunnen lessen worden getrokken voor toekomstige plannen. Mevrouw Harzi (VVD) vraagt niet alleen hoe verslavingen tijdig gesignaleerd kunnen worden, maar vooral hoe snel daarna kan worden gereageerd. Ze maakt zich zorgen over de overgang naar hulpverlening na de leeftijd van 18 jaar, omdat dit vaak als zwaarder en ingewikkelder wordt ervaren. Ze vraagt ook om duidelijkheid over het gedoogbeleid dat jongeren soms verkeerd interpreteren.

Ze benadrukt dat preventie belangrijk is, maar dat handhaving ook noodzakelijk blijft om de effecten van het gedoogbeleid te beperken. Wethouder Tillie geeft aan dat het gedoogbeleid een landelijke kwestie is en dat de gemeente hierop weinig invloed heeft. De gemeente begrijpt echter dat de tegenstrijdige signalen verwarrend kunnen zijn voor jongeren. Daarom wordt er vanuit een preventieve aanpak gewerkt om hen te informeren en te begeleiden. Met betrekking tot de leeftijdsgrens van 18 jaar legt de wethouder uit dat de focus momenteel ligt op jongeren tot 18 jaar om overbelasting van het beleid te voorkomen. Dit betekent echter niet dat er niets gebeurt voor jongeren ouder dan 18 jaar. Scholen en andere organisaties blijven ook na deze leeftijd in contact met jongeren. Zodra verslaving gesignaleerd wordt, is het doel om zo snel mogelijk in te grijpen. Het beleid is er mede op gericht om alle betrokken partijen hierin efficiënt samen te laten werken. Voorzitter concludeert dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De voorzitter meldt dat het College twee toezeggingen heeft gedaan. Het uitvoeringsplan wordt ter informatie met de raad gedeeld in Q1 van 2025. Er wordt ook bekeken hoe op openbare plekken, zoals Zuid Hogeschool, roken verboden kan worden. Conclusie: Het voorstel is voldoende besproken.

De Ronde adviseert dit voorstel als hamerstuk te agenderen voor de raadsvergadering van 12 december as.

3

1.2 Raadsvoorstel Verordening Wmo gemeente Sittard-Geleen 2025 Tijdstip:

19.45 – 20.05 uur

Aanwezig de voorzitter de griffier

P. Brouwers A. Cortlever

de leden

gob: M.P.A. Dormans CDA: T.A. Salvino GroenLinks/PvdA: A.E.H. Wielders Stadspartij: C.H.H. Klingestijn PVV: afgemeld D66: P.R. Pi Van de Venne SPA: P.W.M. Winteraeken-Bruls Lokaal Sittard-Geleen-Born: M.C.M.H Schumans VVD: H. Harzi Forum voor Democratie: afgemeld PIT: afgemeld

portefeuillehouder:

I. Tillie

ambtelijke ondersteuning:

mevrouw Crombag en mevrouw Roufs

notulen:

L. Jansen

De voorzitter merkt op dat het voorstel in twee termijnen besproken kan worden. De huidige verordening WMO dient gewijzigd te worden in verband met de recente rechtspraak van de centrale raad van beroep. De raad wordt voorgesteld om de verordening Wmo gemeente Sittard-Geleen 2025 vast te stellen en in te laten gaan op 1 januari 2025. Mevrouw Winteraeken-Bruls (SPA) zegt dat de fractie kan instemmen het voorstel. Mevrouw Harzi (VVD) spreekt haar waardering uit voor de positieve ontwikkelingen. Ze benadrukt dat het essentieel is dat voorzieningen laagdrempelig blijven, vooral voor kwetsbare groepen. Ze vraagt de wethouder om de toezegging dat periodiek geëvalueerd wordt of inwoners goed hun weg vinden in het systeem en dat eventuele knelpunten snel worden aangepakt. Ze uit zorgen over de beschikbaarheid van voldoende financiële middelen om kwalitatieve ondersteuning te kunnen blijven bieden. Ze vraagt het college hoe dit gewaarborgd kan worden, ook op de langere termijn. Ze vraagt of de jaarlijkse waardering voor mantelzorgers voldoende is en wat het college doet om te voorkomen dat mantelzorgers overbelast raken. Ze vraagt hier ervoor gezorgd wordt dat cliënten niet ontmoedigd raken door administratieve lasten. De fractie steunt uitgangspunten en benadrukt belang van periodieke evaluatie en bijsturing waar nodig.

De heer Salvino (CDA) zegt dat de fractie kan instemmen het voorstel en benadrukt het belang dat de adviezen WMO-raad worden meegenomen, waarbij duidelijk af te lezen is welke zaken zijn vervallen ten opzichte van de oude Verordening 2022. Hij vraag om duidelijk leesbare taal (B1) taal. De heer Klingestijn (stadspartij) zegt dat de fractie kan instemmen het voorstel. Wethouder Tillie zegt dat de gevolgen van de rechtspraak en de VNG-model verordening zijn meegenomen. Het is een technisch en juridisch verhaal, maar er komt een makkelijke publieksversie.

4

Het advies WMO-raad wordt meegenomen. De wethouder benadrukt dat de toegang tot de WMO laagdrempelig blijft. Er is altijd onafhankelijke cliëntondersteuning beschikbaar om inwoners te helpen bij het vinden van de juiste zorg en ondersteuning. Hij erkent de financiële druk op het WMO-budget. Hoewel er weinig ruimte is om hierin zelf keuzes te maken, geeft hij aan dat er extra budget is vrijgemaakt voor innovatieprojecten. Deze subsidies zijn bedoeld om organisaties uit te dagen oplossingen te vinden die kosten verlagen en het personeelstekort aanpakken. Er zijn al veel initiatieven zijn om mantelzorgers te ondersteunen. Op de gemeentelijke website staat bijvoorbeeld een mantelzorgtest waarmee mantelzorgers hun werkdruk kunnen meten. Op basis van deze test worden suggesties gedaan voor oplossingen en wordt verwezen naar partijen die kunnen helpen. Mevrouw Crombug licht toe dat meldingen op verschillende manieren kunnen worden gedaan, zoals telefonisch of schriftelijk. Zodra een melding binnenkomt, wordt deze opgepakt en wordt een traject gestart. Tijdens dit traject worden gesprekken gevoerd waarvan verslagen worden gemaakt. Deze verslagen worden naar de cliënt gestuurd voor akkoord. Met een ondertekend verslag kan de officiële aanvraag worden ingediend en wordt de procedure voortgezet.

Bij het bespreken van PGB-houderschap wordt met de inwoner gekeken wat dit inhoudt en welke verantwoordelijkheden het met zich meebrengt. Het verdere proces wordt via de Sociale Verzekeringsbank geregeld om het voor inwoners zo eenvoudig mogelijk te maken. Mevrouw Roufs vult aan dat de procedure verkort kan worden als er al een ondertekend aanvraagformulier beschikbaar is. Met betrekking tot het PGB benadrukte zij het belang van bescherming van de cliënt. Het blijft essentieel om streng te toetsen of mensen PGB-vaardig zijn. Een extra toetsing helpt om ervoor te zorgen dat zij daadwerkelijk de zorg ontvangen die zij nodig hebben. Mevrouw Harzi (VVD) vraagt of cliënten zelf een cliëntondersteuner meenemen? Wordt er gebruikgemaakt van de tolktelefoon? Ouderen en mensen met een taalbarrière lopen soms vast omdat zij hun situatie niet goed duidelijk kunnen maken. Hoe wordt hiermee omgegaan? Wethouder Tillie begrijpt de zorg. Bij een keukentafelgesprek kan een familielid of onafhankelijk clientondersteuner aansluiten. Ze zijn vrij om te kiezen. Er is ook een tolk beschikbaar. Conclusie: De Ronde adviseert dit voorstel als hamerstuk te agenderen voor de raadsagenda van 12 december. Er is toezegging gedaan dat er nog een aantal technische vragen komen om schriftelijk te beantwoorden.

5

1.3 Raadsvoorstel Instemmingsrecht van het college van B&W over buitenplanse omgevingsvergunning Trierveld Tijdstip:

20.10 – 21.00 uur

Aanwezig de voorzitter de griffier

P. Brouwers A. Cortlever

de leden

gob: G.R. Klee CDA: H.L.J. Kamps GroenLinks/PvdA: J.G.H. Slippens Stadspartij: J.W. Coumans PVV: afgemeld D66: P.R. Pi Van de Venne SPA: P.L.M. Heijlands Lokaal Sittard-Geleen-Born: P.P.H. Vola VVD: H. Harzi Forum voor Democratie: afgemeld PIT: afgemeld

portefeuillehouder:

I. Tillie

ambtelijke ondersteuning:

mevrouw Koonen

notulen:

L. Jansen

De voorzitter heet de publieke tribune welkom en dankt hun voor de aanwezigheid. Mevrouw Mohr-Klomp heeft zich als inspreker gemeld en krijgt het woord. Mevrouw Mohr-Klomp deelt namens de bewoners van Schipperskerk en Illikhoven haar zorgen over de aantasting van leefbaarheid en gezondheid door de extra ontgrindingen van het consortium grensmaas. Het consortium is gisteren gestart met het verwijderen van de geluidswallen. Dit is illegaal, omdat de vergunning pas in december wordt versterkt. De omwonenden zullen 3 tot 4 maanden zonder geluidswallen geconfronteerd worden met de activiteiten. Het gevolg: geluidoverlast en stofbelasting. De grond is vervuild en de leefbaarheid en gezondheid staan daardoor zwaar onder druk. Bewoners hebben een enquête gehouden waar 84% in Schipperskerk en 94% in Illikhoven zich uitgesproken heeft tegen de extra ontgrindingen zo kort bij de woningen. Ze roept het college en de raad op om hen te ondersteunen in het handhavingsverzoek wat inmiddels naar de provincie is gegaan en het niet toekennen van een BOPA-vergunning. De heer Klee (gob) vraagt of de vervuilde grond bewezen kan worden. Mevrouw Mohr-Klomp zegt dat het gaat over bepaalden normen die zijn vastgelegd in de vergunningen. De heer Klee (gob) vraagt of ergens staat dat er grond gestort wordt die buiten de vergunning valt. Zwaarder vervuilt dan toegestaan.

Mevrouw Mohr-klomp kan dat niet bewijzen, maar heeft vernomen dat er zwaar vervuilde grond uit de haven van Antwerpen is gestort in Trierveld. De provincie heeft gehandhaafd, maar er is wel besloten om de gestorte grond er niet uit te halen.

6

De heer Pi Van de Venne (D66) vraagt aan mevrouw Mohr-Klomp om de stukken die ze mee heeft te delen. Mevrouw Mohr-klomp heeft de stukken geanonimiseerd en deelt deze met de raadsgriffie. De voorzitter opent de eerste termijn. De heer Kamps (CDA) geeft aan dat er volgens het voorstel is gesproken met omwonenden en dat hun opmerkingen zijn meegenomen, wat de indruk wekt van een positief advies. Toch stelt hij vragen naar aanleiding van recente gebeurtenissen. Hij vraagt de portefeuillehouder of hij bekend is met het feit dat het consortium gisteren is gestart met het verwijderen van de geluidswallen. De heer Heijlands (SPA) benadrukt de zorgen die omwonenden uiten. Hoewel deze zorgen volgens het voorstel op papier worden ontkracht, stelt hij dat het draagvlak ontbreekt. Hij vindt dat de belangen en zorgen van de omwonenden doorslaggevend moeten zijn. Daarnaast uit hij zorgen over de waterhuishouding. Hoewel het voorstel stelt dat vanuit geohydrologisch oogpunt geen negatieve effecten op omliggende woningen worden verwacht, vindt hij dat verwachtingen geen garanties bieden. Hij vraagt het college daarom of omwonenden schadeloos worden gesteld als er toch negatieve gevolgen optreden. Mevrouw Slippens (GL/PvdA) geeft aan dat de fractie niet instemt met het voorstel. Volgens haar ontbreekt draagvlak en komt dit niet overeen met wat in het voorstel staat.

Ook stelt ze dat het nut en de noodzaak van ontgrinding niet worden onderbouwd met cijfers, waardoor het lijkt te draaien om een winstoogmerk. Ze wijst erop dat omwonenden melden dat het consortium al is begonnen met de werkzaamheden voordat de vergunning is verleend, en vraagt om een reactie van het college. Ze benadrukt dat bewoners niet de dupe mogen worden van deze situatie. De heer Pi Van de Venne (D66) benadrukt dat natuurontwikkeling belangrijk is en waardeert de bijdrage van de inspreker. Hij stelt dat draagvlak essentieel is en geeft aan dat de ontvangen informatie wordt meegenomen in de besluitvorming. De heer Vola (Lokaal SGB) vraagt de wethouder naar het zwaarwegende argument om deze vergunning af te geven. Hij uit zorgen dat de vergunning vooral lijkt te zijn gericht op economische belangen en vraagt wat de maatschappelijke meerwaarde van het project is. Ook wil hij weten in hoeverre aspecten zoals milieueffecten, leefbaarheid en het draagvlak onder omwonenden zijn meegewogen. De heer Coumans (Stadspartij) wijst op kritiek van omwonenden tijdens een informatieavond. Zij ervaren eenrichtingsverkeer in de communicatie en vinden dat ze te weinig inspraak hebben. Hij vraagt waarom er geen ruimte lijkt te zijn voor wederzijdse dialoog en wie zal opkomen voor eventuele schade aan eigendommen van omwonenden als gevolg van de ontgrindingen.

De heer Klee (gob) benoemt enkele zorgpunten. Hij wijst op de verlenging van het totale project en de bijstelling van gemaakte afspraken, waaronder de situatie rondom de geluidswallen. Hoewel het consortium stelt dat er geen reden tot zorgen is, vindt hij het zorgelijk dat de werkzaamheden al zijn gestart zonder vergunning. Hij geeft aan dat gob in principe positief zal adviseren, maar hij overweegt een motie in te dienen om het afgraven van de geluidswallen per direct te stoppen tot de vergunning is verleend. Ook stelt hij voor om het leefbaarheidsfonds een impuls te geven zodat de omgeving beter wordt gecompenseerd voor de overlast. Wethouder Tillie reageert door te verduidelijken dat de werkgroep Kingbeek op pagina 3 van de stukken een neutrale houding heeft aangegeven in plaats van een positieve. Hij legt uit dat er uitgebreid is gesproken met het consortium Grensmaas over de plannen rondom de Kingbeek en dat dit is opgenomen in een brief aan de provincie, waarin de gemeente een positieve grondhouding heeft over een eventuele vergunningaanvraag. Hij erkent de zorgen van inwoners en licht toe dat de vergunningaanvraag bij de provincie ligt. Hoewel het geen provinciaal belang betreft, is instemmingsrecht van het college noodzakelijk, samen met het advies van de raad.

De termijn voor ontgrinding wordt niet verlengd; het consortium heeft tot 2026 de tijd om de werkzaamheden af te ronden en het gebied

7

gebruiksklaar te maken. Wat betreft de geluidswallen legt hij uit dat het verwijderen hiervan vergunningsvrij is, omdat er nog onderzoek moet plaatsvinden voordat de ontgrinding kan starten. De geluidswallen worden na de ontgrinding teruggeplaatst. De wethouder benadrukt dat deze werkzaamheden noodzakelijk zijn om de deadline van 2026 te halen en stelt dat er geen sprake is van oneigenlijk handelen. Over de maatschappelijke meerwaarde meldt de wethouder dat er een klankbordgroep is met omwonenden en dat een aantal zorgen, zoals het verlengen van de schaderegeling van vijf naar tien jaar, zijn meegenomen in de plannen. Het consortium is verantwoordelijk voor deze regeling. Hij benadrukt dat hoewel er overlast is, de situatie niet te vergelijken is met de mijnbouwschade in Groningen. De gemeente blijft erop toezien dat de gemaakte afspraken worden nagekomen en dat omwonenden betrokken blijven bij de plannen voor de ontwikkeling van het gebied na de ontgrinding. Hoewel er tegenstanders zijn, zijn er volgens hem ook mensen die het project niet afwijzen. Hij sluit af met de opmerking dat de werkzaamheden onder de geluidswallen niet tot schade aan omwonenden zullen leiden. De heer Heijlands (SPA) wil antwoord op zijn vraag over de grondwaterstand. Wethouder Tillie heeft daar geen antwoord op en moet het uitzoeken.

Mevrouw Koonen zegt dat het een provincie bevoegdheid is en de provincie zich laat adviseren door de RUD. De heer Heijlands (SPA) vraagt of bewoners schadeloosgesteld kunnen worden als er in toekomst schade ontstaat. Wethouder Tillie zegt dat de provincie bevoegd gezag heeft. Als bewezen kan worden dat het door ontgrinden komt, dan wordt consortium verantwoordelijk gesteld. Mevrouw Slippens (GL/PvdA) vraagt of alle andere ontgrindingsactiviteiten met vergunning nu gestaakt zijn. Wethouder Tillie zegt dat in de brief van het consortium staat dat ze daar niet verder ontgrinden. De heer Vola (Lokaal SGB) vraagt antwoord op de vraag over de maatschappelijk meerwaarde. Wethouder Tillie zegt dat dit in het stuk staat. De heer Vola (Lokaal SGB) constateert dat de economische belangen voor gaan. De heer Klee (gob) vraagt wat betreft het tijdspad over de afgraven geluidswal hoe het proces tot nu toe is gegaan en hoe het verder zal gaan? Wethouder Tillie zegt dat er geen contact is geweest en dat dit ook niet hoeft, omdat het vergunningsvrij is. Hij merkt op dat contact wel wenselijk is en vindt de klachten van omwonenden over de overlast voldoende reden om het consortium daarop aan te spreken. De heer Heijlands (SPA) vraagt wat de waarde van het draagvlak is. Wethouder Tillie geeft aan hier geen eenduidig antwoord op te hebben.

Hij heeft positieve geluiden en kritische geluiden gehoord. Er komt natuurontwikkeling voor terug en daar staan inwoners positief tegenover. De voorzitter geeft aan dat de werkgroep Kingbeek een neutrale houding heeft aangenomen, en deze nuance zal worden aangepast in de stukken. Wethouder Tillie voegt toe dat de Kingbeek is meegenomen in de positieve grondhouding van de gemeente. Natuurmonumenten, die een groot deel van het eigendom in handen heeft, heeft inspraak in

8

de ontwikkeling van het gebied. Zij richten zich vooral op natuurontwikkeling en staan daar positief tegenover. Conclusie: De Ronde adviseert het voorstel door te verwijzen als bespreekstuk naar de raadsvergadering van 12 december 2024. Er is een toezegging gedaan dat de inspreker stukken doorstuurt naar de raadsgriffie. De gob fractie heeft een motie aangekondigd. De vraag van heer Heijlands (SPA) over de grondwaterstand wordt beantwoord door het college. Wethouder Tillie gaat het consortium aanspreken met betrekking tot de zorgen van de omwonenden en stuurt een wijzigingsvoorstel naar de raad ten aanzien van het standpunt van de werkgroep Kingbeek.

9

1.4 Rondevoorstel Concept-routekaart Energietransitie Tijdstip:

21.10 – 22.00 uur

Aanwezig de voorzitter de griffier

P. Brouwers A. Cortlever

de leden

gob: G.R. Klee CDA: H.L.J. Kamps GroenLinks/PvdA: J.G.H. Slippens Stadspartij: J.W. Coumans PVV: afgemeld D66: P.R. Pi Van de Venne SPA:afgemeld Lokaal Sittard-Geleen-Born: P.P.H. Vola VVD: H. Harzi Forum voor Democratie: afgemeld PIT: afgemeld

portefeuillehouder:

I. Tillie

ambtelijke ondersteuning:

mevrouw Kuipers en de heer Pathuis (Stantec)

notulen:

L. Jansen

De voorzitter merkt op dat er voor de bespreking van het voorstel alleen een eerste termijn is. In deze ronde gaan we met de portefeuillehouder in gesprek over de concept-routekaart, zodat de input meegenomen kan worden in de definitieve routekaart die begin 2025 aan de raad wordt voorgelegd. Wethouder Tillie geeft aan dat ze willen kijken hoe ze de doelen van de RES kunnen bereiken. Het is de bedoeling om samen in gesprek te gaan. Er wordt verwacht dat er in 2027 een evaluatie plaatsvindt, waarna in 2028 mogelijk andere accenten worden gelegd. De heer Klee (gob) is onder de indruk van de concept-routekaart, maar mist concreetheid over sturende, stimulerende en ondersteunende maatregelen voor inwoners en bedrijven binnen de energietransitie. Hij vraagt om een uitgewerkte visie op warmte- en energieopslag. Ook vraagt hij zich af of de gemeente eenzijdig een andere verrekening voor een warmtenet kan aanbieden, aangezien de wetgeving rondom warmtenetten nog niet is aangepast. Verder noemt hij de verzwaring van het elektriciteitsnet, waarbij 580 trafostations gebouwd moeten worden, en vraagt hoe we ervoor zorgen dat dit zo min mogelijk overlast voor inwoners veroorzaakt. Hij vraagt ook hoe evenementen energie-neutraal georganiseerd kunnen worden en wat de visie is op de plannen voor energiehubs.

Tot slot mist hij in de routekaart de koppeling van energiebesparing van gemeentelijk vastgoed met het mobiliteitsnetwerk. De heer Coumans (Stadspartij) steunt de routekaart, maar vraagt hoe het zit met de betaalbaarheid voor inwoners. Hij vraagt ook naar de voortgang van het gebruik van waterstof, een onderwerp dat eerder is besproken. De heer Pi Van de Venne (D66) kijkt positief naar de routekaart. Hij is blij met de plannen voor een smart energiehub en vindt het goed dat er ruimte is voor windenergie in de toekomst. Ook is hij positief over de regelmatige herziening van de routekaart. Hij geeft een aantal punten mee, zoals de mogelijkheid om te experimenteren met kleine waterkrachtcentrales. Kijkend naar waar is zonne-energie op water mogelijk is, overwegen de fractie een motie of amendement in te dienen. Op pagina 4 staat dat de regelgeving van

10

de provincie zon op land bemoeilijkt. Hij vraagt waarom de gemeente niet met een zienswijze is gekomen. Verder vraagt hij waarom d moeilijke doelen voor 2040 en 2050 niet eerder uitgevoerd worden. Wat betreft de lijdende principes en het rekening houden met de wensen van de inwoners, stel hij voor om de doelen meer SMART te formuleren. Mevrouw Harzi (VVD) vraagt naar de huidige stand van zaken met betrekking tot netcongestie en welke stappen er ondernomen worden om dit aan te pakken. Ze benadrukt dat de gemeente een faciliterende rol moet aannemen bij inwonersinitiatieven. Ze wijst erop dat de lasten eerlijk verdeeld moeten worden en dat de inwoners betrokken moeten zijn bij het proces. Een specifiek aandachtspunt is de situatie in Limbrichterveld, waar de wijk nog niet van het aardgas af is. Ze vraagt naar de huidige plannen en waarom dit nog niet is gerealiseerd, en hoopt dat het college in het eerste kwartaal van 2025 met een gedegen onderbouwing komt, en actief in gesprek gaat met de provincie, omliggende gemeenten en netwerkbeheerders. Mevrouw Slippens (GL/PvdA) bedankt voor de concept-routekaart, maar merkt op dat het bij de vorige ronde al duidelijk werd dat de RES-doelen niet op tempo worden gehaald. Ze vraagt waarom het niet lukt om initiatieven van de grond te krijgen.

Ze merkt op dat in onderdeel 6 van de routekaart staat dat we wachten op verbetering van het elektriciteitsnet voordat we verdergaan met grootschalige zonnepanelen, en vindt dat er meer winst te behalen is met windturbines. Ze geeft aan dat het merendeel van de inwoners voor uitbreiding van windmolens en zonneparken is. Ze hoopt dat de routekaart het makkelijker maakt om dit soort projecten van de grond te krijgen. Verder vraagt ze naar de groene bonnen actie en of het college deze actie op lange termijn wil voortzetten. De heer Kamps (CDA) vindt het goed dat in 2027 opnieuw wordt gekeken naar de routekaart. Nieuwe technieken kunnen dan mogelijk worden meegenomen. Hij is blij om te horen dat de routekaart dynamisch is, omdat dit ook kan zorgen voor draagvlak bij de bevolking. Wethouder Tillie zegt dat ze graag willen, maar dat er veel beperkingen zijn. Het kabinet heeft aangegeven geen windturbines meer op land te willen, dus we kijken in de routekaart naar wat er wel mogelijk is. Wat betreft netcongestie ligt er veel stil, omdat er geen stroom is. Er is alleen ruimte als het leidt tot een verlaging van de netcongestie. Grote daken van distributiecentra zijn vaak geen eigendom van de gemeente. Bij bedrijven ligt er ook potentie, maar de eigenaren moeten zelf willen investeren. Er moet ook budget zijn om ze over de streep te trekken, en dat hebben we niet altijd zelf.

Gesprekken met ondernemers worden gevoerd. Wat betreft zonneweides laat het afwegingskader het niet toe om ze te realiseren. We kijken nu naar wat realistisch is. Wat we wel kunnen doen is energie besparen, al blijft het moeilijk om mensen te overtuigen van de voordelen. Wat betreft Limbrichterveld wordt er gekeken naar hoe we inwoners kunnen helpen om van het aardgas af te komen. Er wordt samengewerkt met een partij die aandelen heeft in HGN, die nu niet meer wil investeren. Er wordt gekeken hoe we de woningbouwvereniging kunnen stimuleren en hoe we de bewoners tegemoet kunnen komen. Om de twee jaar wordt het document geëvalueerd en herijkt. De wethouder is voorstander van innovatieve windenergieoplossingen en kijkt nu naar wat ze daar kunnen doen. Waterstofopwekking is voor de industrie interessant, maar voor huishoudens is het te kostbaar. Wat betreft de groene bonnen zegt de wethouder dat er verschillende acties lopen rondom energiebesparing. De groene bonnen zijn voor mensen met een laag inkomen, zodat zij witgoed kunnen kopen met lage energiebelasting. De voortgang van de groene bonnen zal in een raadinformatiebrief worden toegelicht. Mevrouw Kuipers noemt als voorbeeld dat in Echt Susteren vijf zonneparken ontwikkeld zijn, maar dat er geen zoekgebied was aangewezen. De hele gemeente werd als zoekgebied gezien.

Er waren wel spelregels meegenomen in een tender, en deze zijn aan de voorkant van het proces duidelijk gemaakt. Een onafhankelijke commissie heeft de plannen beoordeeld. De vijf zonneparken zijn gerealiseerd toen landbouwgronden nog mogelijk waren, dat is nu niet meer het geval. Deze aanpak willen ze ook gebruiken bij de herijking van het afwegingskader, al zal het niet via een tender gaan, maar met spelregels die voor het hele zoekgebied gelden. De heer Pathuis zegt dat er een visie op warmte is in de transitievisie warmte, die in 2026 wordt herijkt. Er wordt ook gekeken naar wijken die van het aardgas af gaan. De visie op energieopslag heeft geen

11

prioriteit, maar het wordt wel meegenomen in projecten. De wetgeving voor warmtenetten komt eraan en zal de prijs bepalen, maar dit is geen gemeentelijke taak. Wat betreft trafostations onderzoekt de gemeente momenteel samen met Enexis hoe ze de overlast voor inwoners kunnen minimaliseren. Wethouder Tillie zegt dat er zorgvuldig wordt afgewogen bij de opzet van trafostations, omdat er een kans bestaat dat er in de toekomst wijken zonder stroom komen te zitten. Er wordt geprobeerd om bij Enexis vooraan te staan om de opzet van trafostations te versnellen. De heer Pathuis merkt op dat experimenten met kleine waterkrachtcentrales moeilijk zijn, omdat de impact zeer beperkt is. Hij vindt innovatie belangrijk, maar het is verstandig om één of twee innovaties te kiezen. Zonne-energie op water kan worden meegenomen in de herijking van het afwegingskader voor grootschalige opwekking, maar zon op land is kosteneffectiever. De heer Pi Van de Venne (D66) benadrukt de waterkrachtcentrales ter suggestie zijn. Mevrouw Harzi (VVD) vraagt naar de relatie tussen de groene bonnen en de routekaart. Wethouder Tillie legt uit dat de groene bonnen invloed hebben op energiebesparing. Ze zijn bedoeld voor mensen met een laag inkomen, zodat ze witgoed kunnen kopen met lage energiebelasting. Dat is de link met de routekaart.

Kernenergie is bewust niet opgenomen in de routekaart, omdat dit iets voor de lange termijn is. De gemeente kijkt naar wat nu mogelijk is. De heer Klee (gob) vraagt hoe de woningbouwcorporatie kan worden aangespoord om zo veel mogelijk te isoleren. Ook vraagt hij of er gesprekken zijn geweest met fabrieken zoals VDA Nedcar, die veel energie vragen maar momenteel 0 energie gebruiken. Wethouder Tillie zegt dat VDA Nedcar inderdaad een grote aansluiting heeft, maar ze willen deze niet verliezen. Als het bedrijf vertrekt, moet een nieuw bedrijf nieuwe energie aanvragen, maar krijgt dan geen aansluiting. Enexis pakt de overcapaciteit van bedrijven die minder gebruiken dan ze hebben. De gemeente heeft hier verder geen invloed op. Wat betreft woningbouwcorporaties, zij zijn verplicht om nieuwbouw energieneutraal te maken. Ze zitten in de stuurgroep van het warmtenet Zuid-Limburg om zo snel mogelijk op het warmtenet aan te sluiten, en er zijn prestatieafspraken met hen gemaakt. Bij isolatie van woningen lopen ze tegen problemen aan, bijvoorbeeld doordat er beschermde diersoorten in spouwmuren kunnen zitten. Er wordt gekeken naar een plan waarmee ze wel kunnen isoleren. De heer Pathuis zegt dat woningbouwcorporaties verplicht zijn vanuit het Rijk om woningen met lage energielabels te verbeteren en daar stappen in te zetten.

Conclusie: De concept-routekaart is voldoende behandeld en fracties hebben hun input meegegeven. Het definitieve stuk zal terugkomen naar de raad in maart 2025. Er volgt nog een raadsinformatiebrief over de Groene Bonnen.

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=57aa9663-3450-4440-9a64-37ae8ad5064f