CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Ronde Maaszaal 15 mei 2025

Raad 5 juni 2025, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Vaststellen van de notulen7.413 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notulen van de Ronde in Maaszaal op donderdag 15 mei 2025 Tijdstip:

19.00-20.15 uur

2.1 Reconstructie Tempelplein (Geilen) Aanwezig de voorzitter: de griffier:

D.D.W. Pfoster N. Bisschoff

de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: Forum voor Democratie: PIT:

P.G.J.M. Boonen J.H. Smeets W.P.H. Paauwe J.E. Janssen P.R. Pi Van de Venne H. Harzi M.H.J. Klaassen J.J. Renet E.V.P. Talpe

het college: ambtenaar:

Wethouder L.G.A.J. Geilen R. Curvers, R. Rosenboom

notulen:

R. Künne (Notuleerservice Nederland)

De voorzitter heet iedereen welkom en opent de rondevergadering. Vervolgens legt hij de spelregels uit. De voorzitter leidt het eerste agendapunt in, de reconstructie van het Tempelplein. Voorgesteld wordt om in afwijking op het Masterplan Openbare Ruimte Binnenstad Sittard bovengronds parkeren voor auto's te faciliteren op het nieuwe Tempelplein. De fracties GroenLinks, PvdA, VVD, PIT en Stadspartij hebben technische vragen gesteld over dit onderwerp. Deze vragen en hun beantwoording zijn in iBabs terug te vinden. Inspreker mevrouw Bornkamp-Gijsen is de derde generatie binnen een familiebedrijf dat al ruim zeventig jaar gevestigd is in Sittard. Zij spreekt mede in namens andere ondernemers. De komende jaren worden gekenmerkt door flinke overlast door grootschalige werkzaamheden, waardoor de binnenstad slechter bereikbaar wordt. Zij vindt het onbegrijpelijk hoe er met parkeerplaatsen, die essentieel zijn voor de detailhandel, wordt omgegaan. Ook zet zij vraagtekens bij de deelname van ondernemers aan het parkeerpanel, terwijl besluiten al genomen lijken te zijn. Inspreekster is van mening dat de gemeente niet beschikt over een parkeerbeleid en geen duidelijke toetsingskaders hanteert, zodat grote projecten vaak slordig en zonder vooronderzoek worden uitgevoerd. Dit maakt het ondernemen in de binnenstad van Sittard moeilijk en minder interessant.

1

Eerste termijn

De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) schetst de context van het voorliggende ontwerp. In september 2024 presenteerde het college vijf ontwikkelconcepten voor het Tempelplein. De groene voorkeursvariant zonder ruimte voor parkeren werd door de GroenLinks/PvdA-fractie omarmd. Het Tempelplein in zijn huidige staat is volgens de heer Janssen rommelig, chaotisch en lelijk. Het voorliggende schetsontwerp voor verbetering en noodzakelijke reconstructie wordt door de fractie deels ondersteund, met name op gebied van fietsparkeerplaatsen, groenstructuur en terugkeer van de Molenbeek. Echter, het afwijken van het Masterplan had eerst in de raad besproken moeten worden. Bovendien ziet de fractie geen noodzaak voor 43 extra parkeerplaatsen. De heer Janssen pleit voor groene rustpunten in het winkelgebied, die de verblijfskwaliteit verbeteren en de consumentenbestedingen aantoonbaar verhogen. Hij vraagt waarom het opknappen van de parkeergarage aan het Hub Dassenplein en de ABC parkeergarage niet wordt meegenomen in de totale gebiedsreconstructie. Ook wil hij graag weten of het voorliggende ontwerp kan rekenen op één miljoen subsidie van de provincie en of er inmiddels overleg is geweest met de werkgroep Integrale Toegankelijkheid. De heer Renet (SPA) brengt in dat zijn fractie in eerste instantie gecharmeerd was van het ontwerp.

Hij zegt dat het centrum van Sittard het moeilijk heeft en vindt dan ook dat er voldoende parkeerplaatsen op het Tempelplein moeten blijven. De komst van Berden zou bovendien een aanzuigende werking kunnen hebben, waardoor het creëren van meer parkeerplaatsen de voorkeur heeft boven groen in het kader van het voortbestaan van de ondernemers. De heer Boonen (gob) schetst een voorbeeld van zijn eigen winkel- en parkeergedrag. Hij is het met GroenLinks/PvdA eens dat het Tempelplein rommelig en lelijk is, maar denkt wel dat het de drukste parkeerplaats van de stad is. De gob-fractie kan daarom hartgrondig instemmen met het faciliteren van bovengronds parkeren op het Tempelplein. Verder heeft de heer Boonen een aantal technische vragen. Wat gaat er gedaan worden om de bereikbaarheid en de bewegwijzering naar de parkeergarage te verbeteren? Bovendien verzoekt hij dat dit tijdig gebeurt in de aanloop naar de werkzaamheden. Wat gebeurt er tijdens de werkzaamheden met het fietsparkeren? Verder pleit zijn fractie voor het behoud van de vier grote bomen aan de rand van het Tempelplein en vraagt hij waarom onderzoek heeft uitgewezen dat dit niet mogelijk zou zijn. Is een alternatief wellicht het verleggen van het fietspad en/of het trottoir? Voorts vraagt de heer Boonen welke maatregelen er worden genomen om problemen van overlast van water, geur en ongedierte te voorkomen.

Met betrekking tot het aantal parkeerplaatsen wil hij graag weten hoe het algehele parkeerbeleid is, of er in de berekening rekening is gehouden met een toename van het verkeer en of er bij het Huis aan de Markt extra parkeergelegenheid voorzien is. Tot slot uit hij zijn zorgen over de aantrekkelijkheid van het centrum en de leegstand. Groen is belangrijk, maar het hebben van winkelend publiek belangrijker. Worden er extra initiatieven en budgetten vrijgemaakt om bezoekers ook tijdens de werkzaamheden naar het centrum te trekken en zo ja, worden de ondernemers daarbij betrokken? De heer Paauwe (Stadspartij) dankt de inspreekster. De fractie is van mening dat het voorliggende voorstel niet behandelrijp is. In de afgelopen drie jaar is al ruim 892 duizend euro aan het gebied uitgegeven. De fractie weet niet waar de aanvullende 3,8 miljoen, waarvan de verwachting is dat 1 miljoen door de provincie wordt gesubsidieerd, aan de vooravond van het ravijnjaar 2026 vandaan moet komen. De ontwikkelingen en ingrijpende werkzaamheden tonen daarnaast weinig respect naar de ondernemers. Bovendien wordt het Tempelplein ook gebruikt door ouderen en mindervaliden. Ondernemers en omwonenden voelen zich niet gehoord.

De fractie roept het college op vooralsnog af te zien van de reconstructie van het Tempelplein en pas naar de raad terug te komen als de werkzaamheden rondom het Huis aan de Markt zijn afgerond. De Stadspartij overweegt een motie als het voorstel niet wordt ingetrokken. De heer Smeets (CDA) dankt voor de beantwoording van de technische vragen, die meer duidelijkheid gaf. Het CDA vindt het belangrijk dat historische elementen te zien zijn in de binnenstad van Sittard en is

2

blij dat het voorstel hiertoe ruimte biedt. De heer Smeets vraagt of de geplande acht mindervalidenparkeerplaatsen binnen het totaal van 54 vallen. Met twee suboptimaal benutte parkeergarages op kleine afstand van het Tempelplein, vindt de fractie de vermindering van 72 naar 54 parkeerplaatsen op het plein passend in de omgeving. Welke invloed kan het nieuwe parkeerbeleid nog hebben? Voorts stelt de heer Smeets een verplaatsing van de fietsenstalling voor om meer plek voor auto’s op het plein te creëren. Hij hoopt dat de kosten binnen de geraamde 3,8 miljoen blijven. Zijn fractie vindt het tevens belangrijk dat er rekening wordt gehouden met handhaving van daklozen en hangjongeren en dat overlast voor de ondernemers zo veel mogelijk wordt beperkt. De heer Klaassen (PVV) dankt de inspreekster. De beantwoording van de technische vragen heeft duidelijkheid geschapen. De fractie is blij dat het plan een kwalitatieve opwaardering van het Tempelplein laat zien en vindt het nieuwe aantal parkeerplaatsen gepast en nodig om de winkeliers te ondersteunen. De heer Klaassen vraagt waar de kostenstijging van de eerdergenoemde 1,6 miljoen naar nu 3,8 miljoen in zit. Ook wil hij graag weten of er qua parkeerbalans rekening is gehouden met het geplande Huis aan de Markt. Daarnaast vraagt hij naar het verlichtingsplan, zodat ’s avonds en ’s nachts het Tempelplein ook veilig is.

Tot slot stelt de heer Klaassen voor, de beeldkwaliteit van het omliggende vastgoed te verbeteren; hij zal daartoe een voorstel naar het college sturen. De heer Pi Van de Venne (D66) brengt in herinnering dat voor zijn fractie de volledig groene reconstructie van het Tempelplein de voorkeur verdient, maar kan zich vinden in de voorliggende variant, een compromis dat goed uitlegbaar is. Het kappen van de bestaande groenstructuren stuit echter op weerstand en de fractie vraagt hoe zoveel mogelijk bomen behouden kunnen blijven. Over het terugbrengen van historische elementen is de D66 zeer te spreken. Dit, in combinatie met de aanleg van nieuw groen, zou wellicht zelfs Europese subsidiegelden mogelijk maken. De heer Talpe (PIT) dankt voor de beantwoording van de technische vragen. Hij vraagt hoe de wethouder aankijkt tegen het feit dat de werkzaamheden gestart gaan worden, terwijl er nog geen parkeerbeleid is vastgesteld. De fractie vraagt om aanvulling van het schetsontwerp met besparingsopties. Een invulling van de eerder door de fractie genoemde Shop & Go ziet PIT graag in het algehele parkeerbeleid terug. Gelet op de geraamde kosten en onzekerheden in verband met het nog niet aanwezige parkeerbeleid, stelt de fractie voor de werkzaamheden voorlopig te parkeren. Mevrouw Harzi (VVD) dankt voor de uitgebreide beantwoording van de technische vragen.

Ook dankt zij de inspreekster voor haar duidelijke verhaal. De fractie is van mening dat publiek geld niet mag worden ingezet voor het voorliggende herinrichtingsplan van het Tempelplein. Voorafgaand aan het ravijnjaar 2026 getuigt het voorstel niet van financiële voorzichtigheid of bestuurlijke prioriteiten en de fractie vindt het voorstel op meerdere fronten onverstandig. Er is geen directe aanleiding of acute problematiek, er zijn geen functionele of veiligheids-technische gebreken. Daarnaast is de meerwaarde van dit grootschalige project voor de stad en de ondernemers niet aangetoond en zet de fractie vraagtekens bij het verdwijnen van parkeerplekken, waarmee de lokale economie niet geholpen is. Ook ziet haar fractie gevaren en ongemakken bij de geplande open waterpartijen. De VVD is van mening dat dit niet het moment is voor een luxeproject als dit, maar dat prioriteiten elders liggen en steunt derhalve het voorstel niet. Wethouder Geilen brengt in herinnering dat de bespreking in de ronde van september heeft geleid tot het voorstel dat voorligt, waarin tegemoetgekomen wordt aan alle destijdse inbreng. Nu lijkt opnieuw een fundamentele discussie gevoerd te worden, waarbij, volgens de wethouder, diverse gelegenheidsargumenten genoemd worden. De hoofddiscussie lijkt te gaan om het aantal parkeerplaatsen; de nevendiscussie over groen en water in de openbare ruimte.

Deze laatste punten werden bij andere projecten door de raad juist omarmd en er werd geld voor uitgetrokken. De huidige argumenten lijken dus in te druisen tegen eerder door de raad genomen besluiten en tegen de recent vastgestelde omgevingsvisie. De wethouder benadrukt dat de middelen voor de reconstructie van het Tempelplein begroot zijn en er niet om extra gelden wordt gevraagd. Volgens hem is de enige vraag of er nu bovengronds op het Tempelplein mag worden geparkeerd, omdat zo’n twintig jaar geleden anders is besloten.

3

Mevrouw Harzi (VVD) kan zich niet herinneren dat haar fractie voor alle waterpartijen heeft voorgestemd. Daarnaast is haar fractie nooit voor minder parkeergelegenheid. Hoewel gelden gebudgetteerd zijn, roept mevrouw Harzi op voorzichtig te zijn met het oog op problemen in het ravijnjaar. Wethouder Geilen doelde niet op individuele stemmingen, maar op besluiten van de raad in zijn geheel. Bovendien licht hij verhelderend toe dat de allocatie van gelden voor het onderhavige plan voor het Tempelplein door de provincie is goedgekeurd en deze, bij wijziging van het plan, niet ineens anders kunnen worden besteed. De wethouder legt vervolgens uit waarom het college van mening is dat de parkeersituatie op het Tempelplein niet hoeft te wachten op een stadsparkeerbeleid. Uit metingen blijkt namelijk dat op het drukste moment in de omgeving van het Tempelplein de parkeerdruk in de garages maar zestig procent is. Verder zegt hij dat het raadsbesluit van 2005 om parkeren op het Tempelplein te beëindigen, genomen is in een tijd van andere economische omstandigheden. De wethouder is niet voor het uitstellen van werkzaamheden, maar juist voor het combineren ervan om redenen van efficiëntie. Alle werkzaamheden worden in het overkoepelende project Binnenstad Sittard Bereikbaar samengenomen.

Er is een eerste bereikbaarheidsplan gemaakt in samenspraak met bewoners en ondernemers met onder andere aandacht voor routes en bewegwijzering. Ook wordt er gekeken naar een betere aanduiding van de parkeergarages na afloop van de werkzaamheden. De wethouder laat weten dat nieuwe woningbouw eigen parkeernormen heeft. Ook na het reduceren van de parkeerplaatsen op het Tempelplein is nog altijd voldoende parkeerruimte beschikbaar. Fietsparkeren bij het Huis aan de Markt is voorzien; tezamen met Tempelplein zo’n zeshonderd plaatsen. De zekerheid voor het verkrijgen van subsidies is er pas als de beschikking er ligt. De aangestipte één miljoen is derhalve nog niet toegezegd; er zal uiteraard ook gekeken worden naar mogelijkheden van Europese subsidies. Met betrekking tot het sparen van bomen refereert de wethouder aan de discussie in september 2024, waarin is aangegeven dat groen alleen bespaard kan worden bij minder parkeergelegenheden. Bij kort parkeren wordt een bepaalde intensiteit aan verkeer verwacht, die in het kader van de veiligheid met verkeersregelinstallaties met een voorsorteervak voor linksaf moet worden afgewikkeld. Dit vergt ruimte. Het verleggen van het fietspad lijkt praktisch niet wenselijk. Mogelijk kunnen drie bomen herplant worden. De wethouder geeft vervolgens aan dat de werkgroep Integrale Toegankelijkheid intensief bij het plan betrokken worden.

Het door de Stadspartij genoemde bedrag betreft niet het gebied waarover nu gesproken wordt; het is dus geen weggegooid geld. De heer Paauwe corrigeert de wethouder dat hij niet het woord ‘weggegooid’ genoemd heeft, maar ‘vertimmerd’, wat een andere betekenis heeft. De wethouder zegt dat desondanks die kosten niets met het Tempelpleinplan te maken hebben. De wethouder weerspreekt tot slot dat het college zou doen waar het zelf zin in heeft. Het luistert bij participatie nadrukkelijk naar de inwoners en de input van de raad. De heer Paauwe geeft aan dat zijn opmerking een letterlijke reactie van omwonenden en ondernemers op het Tempelplein is. De wethouder laat hierop weten dat meningen en verwachtingen kunnen verschillen en deze niet allemaal in acht genomen kunnen worden bij het nemen van beslissingen. De wethouder bevestigt dat de acht mindervalidenparkeerplaatsen onderdeel zijn van het totaal van 51 – niet 54, zoals de heer Smeets zei. Afsluitend zegt de wethouder dat het college hoopt dat het voorliggende plan en de geplande werkzaamheden uiteindelijk het kwaliteitsbeeld verhogen en een bijdrage leveren aan de verdere noodzakelijke opstuwing van de binnenstad. De heer Boonen (gob) vraagt nogmaals naar wat er tijdens de werkzaamheden met de fietsparkeerplaatsen gebeurt.

Wethouder Geilen antwoordt dat er met de parkeerplaatsen geschoven zal gaan worden en er een tijdelijke inrichting komt, zoveel mogelijk in dezelfde omgeving en op een veilige manier. De aannemer werkt dit concreet uit. Mevrouw Harzi (VVD) vraagt naar de samenspraak met het Huis aan de Markt. Wethouder Geilen herhaalt dat in het Huis aan de Markt zelf bepaalde parkeercapaciteit zit en een deel in de openbare garages voorzien is. Op piekmomenten is daar namelijk slechts zestig procent van de capaciteit in

4

gebruik, zodat bij meer bezoek er nog steeds voldoende capaciteit is. Een en ander staat in de stukken van het Huis aan de Markt, die in juni in de raad aan de orde komen.

Tweede termijn

De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) dankt de wethouder en zijn ondersteuning voor de goede beantwoording van de vragen. In zijn ogen zijn er twee discussies gaande: de nut en noodzaak van de kwalitatieve verbetering enerzijds en het aantal parkeerplaatsen anderzijds. Ondanks dat hij voelt in dezen alleen te staan, wil de heer Janssen toch nogmaals op een aantal dingen wijzen. Ten eerste het masterplan, waarin staat niet meer bovengronds te parkeren. Ten tweede de omgevingsvisie, die pleit voor vergroening van de binnensteden. De heer Janssen snapt dat de aangekondigde vermindering van het aantal parkeerplaatsen bij omwonenden en ondernemers onzekerheid oproept. Hij pleit echter voor een wow-gevoel voor de entree van de binnenstad, die door vergroening mogelijk gemaakt kan worden. De leegstand in de binnenstad loopt op en er moet iets gebeuren. De heer Boonen (gob) vindt dat de heer Janssen met zijn aanname om te vergroenen, zodat er meer ondernemers komen, een grote gok neemt. De heer Boonen is een voorstander van het behouden van wat er is en verder ‘inleveren’ te voorkomen, in plaats van te speculeren op wat mogelijk zo gaat zijn. De heer Paauwe (Stadspartij) sluit zich volledig aan bij de uitspraak van de heer Boonen. Hij vindt het verder belangrijk dat de ondernemers rust hebben en er weer mensen de binnenstad in gaan.

De fractie is niet per se tegen het plan, maar wel tegen uitvoering op dit moment. De uitwerkingen van het Huis aan de Markt zijn te onduidelijk. Daarnaast staat het creëren van meer parkeerplaatsen in Geleen op wens van de ondernemers in schril contrast met het verminderen van parkeerplaatsen in Sittard. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) brengt in dat uiteindelijk zijn fractie en die van gob en Stadspartij hetzelfde doel nastreven: meer mensen naar de binnenstad brengen. Het verschil van mening zit in de manier waarop. De heer Janssen vindt dat de verblijfskwaliteit in de binnenstad met meer groen en meer water wordt verhoogd. Parkeren ‘aan de deur’ is niet meer van deze tijd. De heer Paauwe (Stadspartij) is zeker voorstander van groen, maar herhaalt dat de ondernemers rust nodig hebben en de binnenstad volle parkeerplaatsen. Mevrouw Harzi (VVD) sluit zich aan bij de uitspraak van de heer Paauwe en noemt voorbeelden van parkeergelegenheden buiten de gemeente die geen groen hebben. Zij pleit voor voldoende parkeerplaatsen voor winkelend publiek en voor een luisterend oor voor bewoners en winkeliers. De heer Boonen (gob) vraagt aan de heer Paauwe (Stadspartij) wat de door hem aangekondigde motie precies inhoudt. Paauwe antwoordt dat hij een modus wil vinden om het voorstel tijdelijk te aan te houden tot na voltooiing van het Huis aan de Markt.

De voorzitter benoemt dat er vanuit wethouder Geilen een toezegging is gedaan tot schriftelijke reactie op technische vragen. Op navraag van de heer Boonen (gob) zegt de wethouder dat er in het kader van het bereikbaarheidsplan met ondernemers over mogelijke acties meegedacht wordt, maar dat het initiatief voor de uitvoering bij de ondernemers zelf ligt. De voorzitter stelt vast dat de fracties PVV, D66, PIT en CDA van dit voorstel een hamerstuk willen maken. De overige fracties wensen het voorstel in de raad te bespreken met aangekondigde motie van Stadspartij. De voorzitter besluit het voorstel voor de raadsvergadering van 5 juni als bespreekstuk te laten agenderen. Hierna sluit hij dit agendapunt en schorst hij de vergadering.

5

Notulen van de Ronde in Maaszaal op donderdag 15 mei 2025 Tijdstip:

20.15-21.15 uur

2.2 Kadernota vaste activa 2025-2028 (Bühler) 2.3 Actualisatie financiële verordening art. 212 (Bühler) Aanwezig de voorzitter: de griffier:

D.D.W. Pfoster N. Bisschoff

de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: Forum voor Democratie: PIT:

M.W.C. Claessens J.E.E.A. Schlössels L.J.A. Weermann-Schepers P.H.J. Kubben H. Harzi P.W.M. Winteraeken-Bruls E.V.P. Talpe

het college: ambtenaar:

Wethouder mevrouw J.G.M.L. Bühler J. Conraads, W. Kerkhof

notulen:

R. Künne (Notuleerservice Nederland)

De voorzitter heropent de rondevergadering en leidt het tweede agendapunt in. Voorgesteld wordt om akkoord te gaan met de geactualiseerde kadernota vaste activa 2025-2028, waarbij de kadernota 20202023 ingetrokken wordt en de kadernota 2025-2028 met terugwerkende kracht op 1 januari 2025 in werking treedt. De commissie B en V heeft op 24 april 2025 de kadernota besproken en daarbij geen bijzonderheden geconstateerd. De PIT-fractie heeft technische vragen gesteld; vragen met hun beantwoording zijn in iBabs terug te vinden.

Eerste termijn

De heer Talpe (PIT) laat weten dat de technische vragen duidelijk beantwoord zijn, zodat wat hem betreft het voorstel als hamerstuk naar de raad kan. Mevrouw Winteraeken-Bruls (SPA) geeft aan het voorstel te steunen.

6

De heer Kubben (GroenLinks/PvdA) struikelt over het ophogen van het bedrag voor het rapporteren van afwijkingen en vraagt waarom die grens opgerekt moet worden van vijftigduizend naar tweehonderdduizend euro, wat 300 procent betekent. De heer Kubben heeft hierover al met de wethouder gesproken maar de motivatie ‘dan lopen we in de pas met andere gemeenten’ vindt hij wat mager. De ruime verhoging leidt er bijvoorbeeld toe dat bepaalde posten in de rapportagesamenvatting niet meer verschijnen. Hij stelt voor om het bedrag te verlagen. De heer Schlössels (CDA) laat weten dat zijn fractie akkoord gaat met het voorstel en dat het als hamerstuk doorgeleid mag worden. De heer Claessens (gob) dankt voor de duidelijke toelichting in de commissie B en V. Hij vindt het cruciaal dat de impact van de veranderingen goed begrepen wordt. Ten eerste: het verhogen van de investeringsdrempel naar vijftigduizend euro. Dit heeft enerzijds als voordeel dat kleinere investeringen minder bureaucratie vergen, wat de flexibiliteit en de snelheid van de besluitvorming kan verbeteren. Claessens vraagt zich echter af of de verhoging tot vermindering van transparantie leidt en wat de gevolgen voor de controleerbaarheid zijn voor projecten onder genoemde drempel.

En hoe zorgt de gemeente ervoor dat er nog steeds adequaat toezicht is? Ten tweede: de verhoging van de significantie van afwijkingen in de kapitaallasten van investeringskredieten naar tweehonderdduizend euro. Kan de verantwoordingsplicht van het college ten opzichte van de raad worden beïnvloed hierdoor en leidt de verhoging niet tot minder scherpte in de controle van de financiële processen? Hoe waarborgt de gemeente dat afrekeningen nog steeds op een transparante wijze worden gerapporteerd en besproken met de raad? Mevrouw Harzi (VVD) kan zich vinden in het voorstel. Wethouder mevrouw Bühler stelt dat de vragen betrekking hebben op zowel de kadernota vaste activa 2025-2028 als het volgende agendapunt, de financiële verordening artikel 212. De ronde heeft geen bezwaar deze twee agendapunten gezamenlijk te behandelen. Over de vijftigduizend euro investeringsgrens zegt wethouder mevrouw Bühler dat aankopen boven dit bedrag gelden als investering en dus geactiveerd worden, terwijl aankopen onder deze grens direct ten laste van de lopende rekening worden gebracht. De heer Kerkhof deelt mee dat in de financiële verordening wordt gerekend met genoemde grens van vijftigduizend euro voor afwijkingen.

De rapportagegrens met betrekking tot de rechtmatigheidsverantwoording, of met name dan het begrotingscriterium, is in het controleprotocol eind 2024 op tweehonderdduizend vastgesteld op basis van de omvang van de gemeente. Daarmee is gezocht naar een consistente lijn in alle P&C producten, maar ook in alle financieel technische documenten. Afwijkingen blijven echter aan de raad voorgelegd worden voor besluitvorming. Wethouder mevrouw Bühler benadrukt dat afwijkingen ten opzichte van het budgetrecht van de raad, ook lager dan tweehonderdduizend euro, duidelijk in de documenten genoemd staan. De wethouder maakt daarbij duidelijk dat deze grens slechts een half promille van de totale begroting van 470 miljoen betreft. Daarbij stelt zij de raad gerust, dat overschrijdingen waarvan het college het noodzakelijk acht deze te melden, gemeld zullen blijven worden en dat de grenshoogte puur pragmatisch gekozen is. De heer Kubben (GroenLinks/PvdA) is blij dat bedragen in de programma’s zichtbaar blijven, maar vindt het jammer dat ze niet meer in de samenvatting verschijnen. Wethouder mevrouw Bühler bevestigt dat op geen enkele wijze getornd zal worden aan het budgetrecht van de raad. De heer Claessens (gob) is verheugd dat nu duidelijk is wat straks zichtbaar is in rapportages en de P&C documenten.

Tweede termijn [geen behoefte]

7

De voorzitter concludeert dat zowel de kadernota vaste activa 2025-2028 als de actualisatie financiële verordening art. 212 als hamerstuk naar de raad kunnen worden doorgeleid. Hierna sluit de voorzitter beide agendapunten en schorst de vergadering.

8

Notulen van de Ronde in Maaszaal op donderdag 15 mei 2025 Tijdstip:

21.15-21.45 uur

2.4 Begroting 2026 en jaarrekening 2024 GR Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) (Bühler) Aanwezig de voorzitter: de griffier:

D.D.W. Pfoster N. Bisschoff

de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: Forum voor Democratie: PIT:

M.W.C. Claessens J.E.E.A. Schlössels L.J.A. Weermann-Schepers P.H.J. Kubben H. Harzi E.V.P. Talpe

het college: ambtenaar:

Wethouder mevrouw J.G.M.L. Bühler W. Kerkhof

notulen:

R. Künne (Notuleerservice Nederland)

De voorzitter heropent de vergadering en leidt het vierde agendapunt in. De P&C stukken van de gemeenschappelijke rekening BsGW liggen voor. Verzocht wordt om kennis te nemen van de jaarstukken 2024 en voorgesteld wordt om niet in te stemmen met de ontwerpbegroting 2026, maar om op deze ontwerpbegroting zienswijzen in te dienen. De PIT-fractie heeft technische vragen gesteld; deze vragen en hun beantwoording zijn beschikbaar in iBabs.

Eerste termijn

Mevrouw Weermann-Schepers (Stadspartij) laat weten geen mening te kunnen vormen over de ontwerpbegroting zonder definitieve jaarrekening. Haar fractie kan zich wel vinden in de voorliggende stukken. Verder verzoekt zij het innen van gemeentelijke belastingen van februari tot en met november te doen, gezien de decembermaand voor veel inwoners een dure maand is. Er zijn zelfs gemeenten in Nederland die betaling in twaalf termijnen mogelijk maken.

9

De heer Claessens (gob) juicht het toe dat de gemeenschappelijke regelingen niet allemaal meer op één avond worden besproken, wat de zorgvuldigheid van de besluitvorming ten goede komt. Claessens merkt op dat het voorlopige resultaat van de jaarrekening positief lijkt, maar dat het wachten is op de gecontroleerde jaarrekening. Voor wat betreft de ontwerpbegroting van 2026 wil de gob-fractie graag weten of de voorgestelde zienswijzen zijn afgestemd met de overige deelnemers aan deze GR en hoe zij hebben gereageerd. Claessens benoemt alle zienswijzen inhoudelijk en laat weten ze alle te steunen. Hij wil graag van de portefeuillehouder weten hoe de proceskosten zich in de voorgaande jaren hebben ontwikkeld. Afsluitend wil de gob-fractie benadrukken dat een goede samenwerking met de BsGW van groot belang is en pleit voor een begroting van de GR BsGW die zowel financieel gezond als realistisch is voor de komende jaren. De heer Schlössels (CDA) stelt dat uit de stukken van de kadernota 2026 en de meerjarenraming 20272030 op te maken valt, dat de BsGW de komende jaren voor een aantal grote uitdagingen staat als gevolg van onder andere de arbeidskrapte in met name de ICT-afdeling en de natuurlijke uitstroom als gevolg van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Samenwerkingsvormen als bijvoorbeeld de Samenwerkende Objectenregistratie (SOR) lijken uitkomst te bieden.

Met de door het college aangereikte zienswijzen op de ontwerpbegroting kan de CDA-fractie akkoord gaan. De heer Kubben (GroenLinks/PvdA) steunt dit voorstel. Hij vindt het goed dat de gemeente in eerste instantie een eigenstandige mening vormt van de begroting. Kubben vraagt of andere bij de BsGW aangesloten gemeenten deze zienswijzen delen. De heer Talpe (PIT) vraagt wanneer de definitieve jaarrekening kan worden verwacht. Daarnaast wil hij graag weten of het fenomeen Samen Grip Op Verbonden Partijen (SGOVP) ook binnen andere gemeenschappelijke regelingen voorkomt. Mevrouw Harzi (VVD) is tevreden over de zorgvuldige analyse en haar fractie onderschrijft de meeste punten. Ze plaatst één kritische kanttekening bij de proceskostenvergoeding. De melding dat de raming ‘te ruim en te voorzichtig’ is, lijkt tegenstrijdig en mevrouw Harzi vraagt het college hoe deze passage te verstaan valt. Wethouder mevrouw Bühler brengt in dat de ruime inschatting betekent dat de BsGW de gemeenten vraagt ruim geld naar haar over te maken, waarmee zij zeker weet genoeg geld te hebben om uitgaven te doen. Dit is dus een voorzichtige benadering. De wethouder bevestigt dat op het moment van indienen van dit stuk er weliswaar een jaarrekening was, maar deze nog geen accountantsverklaring had. Deze is inmiddels verstuurd, zodat alle stukken beschikbaar zijn.

De proceskosten 2024 zijn afgenomen; een aanpassing wordt misschien nog doorgevoerd. Het initiatief om met andere gemeenten gezamenlijk zienswijzen te formuleren, is niet echt van de grond gekomen en de wethouder vindt het ook belangrijk dat gemeenteraden afzonderlijk hun zienswijzen kunnen afgeven. Ambtelijke afstemming vindt wel plaats. De heer Claessens vraagt of er in bestuurlijke overleggremia ten aanzien van BsGW mogelijke zienswijzen aan de orde komen. Wethouder mevrouw Bühler antwoordt dat het gaat om zienswijzen van de raad. Mevrouw Weermann-Schepers (Stadspartij) merkt op dat op 25 april 2025 een conceptaccountantsverklaring is ontvangen, nog geen officiële. Hierop laat wethouder mevrouw Bühler weten dat een accountantsverklaring in het DB moet worden vastgesteld. Mevrouw Weermann-Schepers zegt vervolgens dat haar fractie akkoord gaat met de zienswijze.

Tweede termijn [geen behoefte]

De voorzitter concludeert dat dit voorstel als hamerstuk kan worden doorgeleid naar de raadsvergadering van 4 juni 2025. Hij schorst de vergadering.

10

Notulen van de Ronde in Maaszaal op donderdag 15 mei 2025 Tijdstip:

21.45-23.00 uur

2.5 Strategische verwerving gronden Graetheide en De Lexhy (Salvino) Aanwezig de voorzitter: de griffier:

D.D.W. Pfoster N. Bisschoff

de leden GOB: CDA: Stadspartij: GroenLinks/PvdA: D66: VVD: PVV: SPA: Lokaal Sittard-Geleen-Born: Forum voor Democratie: PIT:

C. Verjans J.E.E.A. Schlössels A.C.M. Raven J.E. Janssen P.R. Pi Van de Venne H. Harzi M.H.J. Klaassen J.J. Renet E.V.P. Talpe

het college: ambtenaar:

Wethouder mevrouw Y.G. Salvino-Meijer R. Ubachs

notulen:

R. Künne (Notuleerservice Nederland)

De voorzitter heropent de vergadering en leidt het laatste agendapunt in. Het college is voornemens om vanwege strategische redenen de gronden Graetheide en De Lexhy te verwerven. Er wordt voorgesteld hierover geen wensen en bedenkingen te uiten en toestemming te geven voor de aankoop. Ook wordt voorgesteld om ten behoeve van het gemeentelijke aandeel in die aankoop en de bijkomende kosten van een investeringskrediet van 13,53 miljoen euro, om een bestemmingsreserve van 1,2 miljoen euro in te stellen ten behoeve van onvoorziene saneringskosten, eventuele afkoop van pachtinvesteringen en overige onvoorziene kosten. In de themasessie van 24 april 2025 is in voorbereiding op deze ronde een toelichting gegeven over de voorgenomen strategische verwerving. De fractie PIT heeft technische vragen gesteld over dit onderwerp en een amendement aangekondigd. Vragen en beantwoording zijn in iBabs terug te vinden.

Eerste termijn

Mevrouw Harzi (VVD) heeft het voorstel grondig bestudeerd en stelt helder dat haar fractie tegen grindwinning op Graetheide is. Mevrouw Harzi ziet met de aankoop een kans om meer invloed te krijgen

11

op cruciale ontwikkelingen in de regio, zoals bijvoorbeeld de aanleg van het 380 kV hoogspanningsstation. Die aanleg steunt zij vanwege de bijdrage aan de energiezekerheid en de duurzame groei van Zuid-Limburg. Tegelijkertijd wil de fractie natuur behouden waar dat kan. De heer Talpe (PIT) dankt voor de beantwoording van de technische vragen. In het voorstel ontbreekt volgens hem de borging om geen grindwinning te doen in het gebied. Qua financiering is de fractie van mening dat de dekking voor 2026 moet worden gevonden in de reguliere begroting. Talpe zet vraagtekens bij het feit dat de saneringskosten slechts tot een bedrag van 250 duizend euro worden gedekt voor de verkopende partij en ziet dit als risico. Hij kondigt aan bij de raadsvergadering een amendement in te dienen, dat als voorwaarde voor instemming stelt om expliciet te benoemen dat er geen grindwinning zal plaatsvinden. Ook zal een motie worden ingediend om de financiering voor 2026 en verder, niet uit de post ‘robuuste begroting’ te halen, maar uit de reguliere begroting. De heer Pi Van de Venne (D66) hecht er veel waarde aan dat de gemeente strategisch optreedt in haar grondbeleid.

In de voorliggende casus geldt voor de fractie dat publiek grondeigendom een belangrijk instrument is om diverse publieke doelen te realiseren – milieu-, natuur- en klimaatdoelstellingen, maar ook behoud van bedrijvigheid en de daarmee samenhangende werkgelegenheid in de regio. D66 wil graag weten hoe een goede uitvoering van de gezamenlijke governance-afspraken tussen provincie en gemeente wordt geborgd en wat er gebeurt, wanneer zich in de toekomst verschillen van inzicht voordoen. Wie is leidend bij toekomstige ruimtelijke besluitvorming, de provincie of de gemeente? De heer Klaassen (PVV) laat weten dat zijn fractie akkoord gaat met het voorstel. Hij benoemt dat wensen en bedenkingen al zijn geformuleerd in het eerder aangenomen raadsamendement. Tot slot brengt hij in dat toestemming voor de aankoop niet door de raad wordt gegeven, maar door het college van B en W. Klaassen stelt voor dit in de tekst van besluitpunt 1 aan te passen. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) is van mening de aankoop alleen maar te kunnen steunen, omdat daarmee ook versnelling mogelijk is in verschillende ruimtelijke-ordeningsprojecten met een maatschappelijke opgave. Op papier is de deal mooi, aangezien de gemeente een lage prijs per vierkante meter betaalt.

Janssen is benieuwd naar de governance-structuur; hoe verhoudt zich de provincie ten opzichte van de gemeente in de besluitvorming? Ook wil hij graag weten wat het gesprek met gedeputeerde Satijn heeft opgeleverd t.a.v. het amendement over grindwinning. Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen of met instemming tot de aankoop, uitbreiding van het Natuur Netwerk Limburg rechtgedaan kan worden. En waarom moet er met urgentie een besluit genomen worden, terwijl er nog veel onduidelijkheden zijn en er informatie incompleet is? B.v. de uitkomsten van het bodemonderzoek, de uitkomsten van de fiscale overeenkomst en de overeenkomst zelf. Volgens de heer Schlössels (CDA) is zijn fractie verheugd met het voornemen van het college om het Graetheideplateau en het De Lexhygebied samen met de provincie op fifty-fifty basis aan te kopen. Het lijkt er bovendien op dat het college van Sittard-Geleen meer invloed gaat krijgen over de inrichting en bestemming van beide gebieden voor de toekomst. De ambitieuze plannen moeten wel afgezet worden tegen een aantal ontwikkelingen, zoals de mogelijke uitbreiding van de Chemelotcampus. De ontgronding op het Graetheideplateau, waarover de provincie het laatste woord heeft, baart de CDA-fractie zorgen. Onder de inwoners is immers geen draagvlak voor grindwinning.

Er zullen goede keuzes gemaakt moeten worden tussen natuurbehoud en economische ontwikkeling of een combinatie daarvan. Schlössels wil tot slot graag weten in hoeverre het college, naast het reeds bestaande adviesrecht, beslissingsbevoegdheid heeft of krijgt over de toekomst van beide aan te kopen locaties. De heer Verjans (gob) meldt dat zijn fractie positief gestemd is over de aankoop van de gronden, wat een unieke kans biedt om meer regie te krijgen over het gebied. Verjans wil graag weten of de eventuele inkomsten uit bijvoorbeeld pacht een positief effect kunnen hebben op de exploitatie en dus ook op de kosten waarmee de begroting belast wordt. Eventuele verkoop van de gronden heeft positieve uitwerkingen op de kapitaallasten; welk bedrag is hiermee gemoeid? Hoe wordt er in de toekomst omgegaan met afwaardering van gronden als er natuurontwikkeling plaatsvindt? De gob-fractie staat achter het standpunt van geen grindwinning op Graetheide. Wordt met het aannemen van het

12

amendement van PIT de aankoop in gevaar gebracht? De provincie heeft immers nog geen standpunt ingenomen over mogelijke grindwinning. Tot slot verzoekt de heer Verjans om extra zorgvuldigheid bij de start van de nieuwe relatie tussen gemeente en provincie, waarbij het belangrijk is om goede afspraken te maken over de rolverdeling. De heer Renet (SPA) vindt de grondprijs goed. Ontgrinding is voor de fractie onaanvaardbaar; de provincie moet hier de toezegging doen, dat dit niet gaat gebeuren. Een dergelijke garantie is voor SPA heel belangrijk. Ook wil de heer Renet graag weten hoe in de toekomst de beslissingsbevoegdheid over de gronden geregeld is; blijft de gemeente zeggenschap over het bestemmingsplan behouden? De locatie van het 380 kv-station moet opnieuw bekeken worden. Tot slot wenst Renet alle stukken rondom de aankoop van het gebied te ontvangen. De heer Raven (Stadspartij) dankt voor de geleverde informatie tot dusver over dit dossier. Aankoop van de gronden betekent ook zeggenschap over die gronden. Het zelf kunnen besluiten over het Lexhybos en Graetheide ziet de heer Raven als wenselijk. Raven wil van de wethouder graag weten hoe een werkbare situatie tussen gemeente en provincie kan worden gecreëerd, met name in geval van meningsverschillen bij de fifty-fifty verhouding.

Hij vindt dat naar de toekomst toe het moeilijker moet worden om een andere bestemming aan de gronden te geven. Hij stelt voor om de gronden voor een hogere waarde in de boeken op te nemen dan de aankoopwaarde, zodat ontwikkelingsideeën voor andere bestemmingen dan groen worden ontmoedigd. Raven roept het college op hier onderzoek naar te doen. Wethouder mevrouw Salvino-Meijer benoemt dat zij veel ideeën over het gebied en ook zorgen vanuit de Ronde gehoord heeft. Ter discussie staat vanavond echter puur het kopen van de grond. De geuite zorgen tonen wel aan dat de gemeente regie en invloed wil hebben. Dit kan door middel van medeeigenaarschap. Voor de behandeling in de raad zal ontbrekende informatie nog worden aangevuld. Het betreft hier een unieke kans, dat een belangrijk stuk grond van 354 hectare gekocht kan worden, waarbij drie partijen de neus in dezelfde richting hebben. Over de ontgrinding zegt de wethouder dat die nu niet ter discussie staat. In 2024 is een motie tegen ontgrinding in de raad aangenomen en ook is er een amendement aangenomen bij het vaststellen van de omgevingsvisie. Ook de gemeente Stein is tegen ontgrinding. Ontgrinding is meermaals besproken in de stuurgroep van Chemelot en ook met gedeputeerden Satijn en Theuns. Duidelijkheid is er op dit moment echter nog niet, maar ingeval van eigendom van de grond is er tenminste invloed en regie.

In geval van provinciaal belang kan de gemeente slechts advies geven. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) vraagt de wethouder naar het gewicht van draagvlak bij provinciaal belang. De wethouder verwijst naar de eerdere motie en het eerdere amendement, het is meermaals besproken met de provincie. Mevrouw Harzi (VVD) vraagt naar hoe sterk de gemeente staat bij vijftig procent eigenaarschap in geval van verschil van mening of verschil van interesses. Welke garantie bestaat er? Wethouder mevrouw Salvino-Meijer geeft opnieuw aan dat wensen van de fracties op het gebied van ontgrinding en natuurbehoud eigenlijk al eerder duidelijk zijn geworden bij het vaststellen van de omgevingsvisie door de raad. In 2021 is door de raad ook de gebiedsvisie Chemelot vastgesteld, die uitbreiding van de campus naar het De Lexhygebied mogelijk maakt. Nieuw is het bouwen van een 380 kV-station. Dit is urgent voor de verduurzaming van Chemelot en Zuid-Limburg. Mevrouw Harzi (VVD) voegt toe dat haar fractie volledig tevreden is met het voorstel, maar dat zij alleen tegen ontgrinding is. De wethouder geeft aan dat de drie kopende partijen – de provincie, gemeente Sittard/Geleen en DSMFirminich – een onderhandelingsakkoord hebben. Het aannemen van het aangekondigde amendement van PIT zou een inbreuk zijn op dit akkoord.

Mevrouw Salvino geeft daarbij echter aan, dat het amendement niet nodig is, omdat er op dit moment alleen sprake is van het kopen van de grond.

13

De heer Talpe (PIT) brengt in dat de omgevingsvisie alleen bindend is voor het orgaan dat deze heeft vastgesteld en dus niet voor de provincie. Hij stelt verder voor de uitkomst van de gesprekken met de gedeputeerden in het voorstel op te nemen. Wethouder Salvino informeert de ronde dat DSM-Firminich aanvankelijk niet openstond voor verkoop. Nu zij dat wel zijn, zouden in principe ook andere partijen met minder gunstige ontwikkelingsideeën de grond kunnen aankopen. Het onderhandelingsakkoord met de provincie en de gemeente is als uiterst positief te betrachten. Zou het thema ontgrinding hierin opgenomen moeten worden, moeten partijen opnieuw naar de onderhandelingstafel, wat ook tot een aanpassing van bijvoorbeeld de verkoopprijs zou kunnen leiden. De heer Talpe (PIT) vraagt op welk moment de bindende voorwaarde van de grindwinning aan de onderhandelingstafel is gesneuveld. De heer Ubachs meldt dat in eerste instantie aan de onderhandelingstafel is besproken onder welke voorwaarden partijen bereid waren dit traject te starten. Als er overdracht van gronden in beeld komt, wordt vastgehouden aan wat partijen daarover samen afgesproken hebben: de gebiedsopgave Graetheideplateau en de gebiedsopgave Lexhy. Het onderwerp ontgrinding is niet ingebracht en niet aan de orde geweest, omdat dit geen kaderstelling is geweest.

De heer Renet (SPA) begrijpt niet waarom bij het bespreken van niet-ontgrinden Chemelot betrokken zou moeten worden. Er zou een addendum tussen provincie en gemeente kunnen worden opgemaakt. Wethouder mevrouw Salvino-Meijer benadrukt dat voor wat betreft ontgrinding niet vooruitgelopen moet worden op een beslissing die nog niet genomen is. De raad heeft op twee eerdere momenten duidelijk aangegeven tegen ontgrinding te zijn. Maar op dit moment staat alleen de aankoop van de grond ter discussie. Wensen voor het gebied, zoals groenontwikkeling, zijn alleen mogelijk als de grond van de gemeente is en dus regie kan uitvoeren. De heer Talpe (PIT) vraagt of bevestigt kan worden dat de vastgestelde omgevingsvisie Sittard/Geleen pertinent geen onderdeel is van het onderhandelingsresultaat. De heer Ubachs bevestigt dit. Hij geeft tevens mee dat als er nieuwe voorwaarden worden gesteld, er een nieuwe situatie ontstaat, die niet meer voldoet aan al datgene wat in de Termsheet staat en de deal derhalve onder druk komt te staan. De wethouder vervolgt de beantwoording van de vragen. Bij een unieke kans als deze en indien er sprake is van cofinanciering, komt volgens de spelregels de robuuste begroting hiervoor in aanmerking. Mochten de kosten voor het bodemonderzoek de genoemde 250 duizend euro dreigen te overschrijden, dient hierover discussie te worden gevoerd.

Om de samenwerking tussen provincie en gemeente goed te regelen, wordt gewerkt aan een samenwerkingsovereenkomst, waarin ook de governance-structuur naar voren komt. Over de voorgestelde tekstuele aanpassing van Beslispunt 1 zal de wethouder ruggespraak houden. De heer Klaassen (PVV) telt voor om de emoties over ontgrinding als wensen en bedenkingen aan de samenwerkingspartners mee te geven. Daarmee is een en ander weliswaar niet formeel in de overeenkomst verankerd, maar wordt wel consequent een signaal afgegeven. De wethouder neemt deze verbindende suggestie mee en komt erop terug. De heer Pi Van de Venne zet vraagtekens bij de meerwaarde van het aangeven van wensen en bedenkingen, terwijl de raad al twee keer zich duidelijk uitgesproken heeft. De wethouder komt hierop schriftelijk terug. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) twijfelt over bodemverontreinigingsrisico’s en fiscale consequenties en het fiscaal-juridische onderzoek. Hij wijst op het gemis van een samenwerkingsovereenkomst. Ambtelijk wordt toegelicht dat in het raadsvoorstel is uitgegaan van de maximaal fiscale schaal van de gemeente. De gemeente gaat veel onroerend goed verwerven, dat zit in de vrijstelling, er zit geen BTW op, ook voor de overdrachtsbelasting is vrijstelling. Er is een stuk grond voor het 380Kv station wat

14

fiscaal gezien bouwgrond is. Bij aankoop daarvan komt daar BTW bij. Doordat de grond nu BTW vrij geëxploiteerd wordt kan die BTW niet verrekend worden. Met de belastingdienst wordt bezien of de BTW claim niet geldt. Er is een optie omdat er eigenlijk een onderneming van DSM wordt gekocht. Dan geldt er geen BTW afdracht. Het mogelijke risico van €250.000 is echter al in de kredietvotering meegenomen. De wethouder antwoordt dat informatie over de risico’s volgt voor de raadsvergadering. De heer Renet (SPA) is van mening wensen en bedenkingen nogmaals kenbaar te maken. De heer Janssen (GroenLinks/PvdA) wenst dat de resultaten van de onderzoeken voor de raadvergadering bekend zijn. De wethouder geeft aan dat voor de waardering van de gronden in de boekhouding de landelijke spelregels worden aangehouden. Financiering kan plaatsvinden hetzij als projectfinanciering, hetzij als totaalfinanciering, waarbij het rentepercentage lager zou zijn. De heer Verjans (gob) vraagt om verduidelijking of het amendement haalbaar zou zijn. De wethouder herhaalt dat dit niet haalbaar is, omdat dat de voorwaarden van de aankoop zouden veranderen en de overeenkomst in gevaar komt. Wethouder mevrouw Salvino-Meijer zegt transparant geweest te zijn, maar zal bekijken of eventuele stukken nog ontbreken, welke dan aan iBabs zullen worden toegevoegd.

De heer Renet (SPA) herhaalt zijn vraag of bij mede-eigenaarschap de gemeente invloed blijft houden over het bestemmingsplan. De wethouder komt hier schriftelijk op terug. De heer Renet vraagt vervolgens waarom de raad niet eerder bij het onderhandelingsproces is betrokken. De wethouder geeft aan dat DSM-Firmenich een beursgenoteerd bedrijf is en dat openheid van zaken is gegeven zodra dat kon. Over de samenwerking, met name over beheer en onderhoud, zegt de heer Ubachs dat afspraken zullen worden gemaakt. Tot aan het passeren van de aktes gelden de huidige afspraken; daarna zal worden bekeken hoe partijen zich onderling gaan verhouden als gemeenschappelijke grondeigenaren van een onverdeeld stuk grond. Hoe omgegaan gaat worden met meningsverschillen zal daarvan onderdeel uitmaken.

Tweede termijn

De heer Klaassen (PVV) maakt nog een opmerking in het kader van het amendement. In het Windmillarrest, waarin staat dat overheden geen privaat- en publiekrecht met elkaar mogen vermengen. Wellicht kan het college hierin een aanknopingspunt vinden om te zeggen dat het amendement vernietigbaar is, mocht het als harde voorwaarde in een raadsbesluit worden opgenomen. De heer Talpe (PIT) vraagt hoe de heer Klaassen vindt dat wensen en bedenkingen meegegeven kunnen worden, als dat niet per amendement zou zijn. De heer Klaassen (PVV) heeft zelf geen wensen en bedenkingen, dus laat hij het graag aan fracties die deze wel hebben over om de vorm te kiezen. De voorzitter vat de toezeggingen van de wethouder samen. De heer Ubachs voegt op navraag van de heer Verjans (gob) toe dat voor de raadsvergadering inzicht zal worden gegeven in welke punten in de samenwerkingsovereenkomst aan bod gaan komen. De ronde besluit dat dit agendapunt als bespreekstuk naar de raadsvergadering zal worden doorgeleid. Hierna sluit de voorzitter de vergadering.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=0b9a3361-4281-487d-b0f1-0fbb87484001