Bijlage 3 Nota van zienswijzen BP Burg Damenpark en Glanerbrook
Tekst van het document
Nota van zienswijzen en wijzigingen bestemmingsplan Burgemeester Damenpark en Glanerbrook
Vastgesteld door de gemeenteraad d.d. Inleiding In het kader van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening is het ontwerpbestemmingsplan ‘Bestemmingsplan Burgemeester Damenpark en Glanerbrook’ voor het indienen van zienswijzen ter visie gelegd. Het plan heeft vanaf 6 juli 2022 gedurende een periode van zes weken (tot 17 augustus 2022) voor eenieder in de Stadswinkel Geleen ter visie gelegen. Er zijn in totaal twee zienswijzen ingediend. Ook de Provincie Limburg heeft op het ontwerpbestemmingsplan gereageerd. In deze nota zijn de ingekomen zienswijzen samengevat. Aansluitend is de beantwoording van de zienswijzen opgenomen. 1. Provincie Limburg Het plan is beoordeeld op de adequate doorwerking van de provinciale belangen. Het overleg over het planvoornemen op grond van artikel 3.1.1 Bro, heeft niet geleid tot het maken van opmerkingen onzerzijds. Ook thans zien wij geen aanleiding om ten aanzien van het plan een zienswijze in te dienen. Gemeentelijk standpunt Voor kennisgeving aangenomen. Behandeling zienswijzen De ingediende zienswijzen zijn in deze antwoordnota samengevat weergegeven en beantwoord. In het overzicht wordt per indiener eerst de ingebrachte zienswijze weergegeven. Vervolgens wordt de reactie van de gemeente weergegeven. Per reactie wordt aangegeven of de betreffende zienswijze heeft geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan. 2.
Zienswijzen De inspraakreacties zijn tijdig ingekomen en voldoen aan de indieningsvereisten. Zienswijze 1 a. Indiener is van mening dat de maximale bouwhoogte op 67 meter boven NAP dient te worden vastgelegd. Bij de eerdere inspraak- en participatiebijeenkomsten is toegelicht dat de hoogte van de overkapping op 2 meter boven het bestaande
1
wandelpad zou liggen. De voorgestelde hoogte van 18 meter boven peil (+58 meter NAP) betekent dat over een lengte 120 meter een bouwwerk van 17 meter boven het straatpeil in het zicht komt te staan. Indiener vindt dit ruimtelijk niet aanvaardbaar. b. In de beantwoording van de inspraakreactie geeft het college aan dat de overkapping een positief effect zal hebben op de geluidsbelasting. Indiener ziet graag een onderbouwing met een berekening / modellering omdat verwacht wordt dat de geluidsbelasting voor de omwonenden in de Irenelaan en Hendriklaan juist erger zal worden. De huidige geluidsinstallatie geeft in de vrije buitenlucht al geruime geluidsoverlast. Als de toekomstige geluidsinstallatie onder een dak constructie wordt geplaatst zal het geluid zich dus nog sterker horizontaal verspreiden en door de galm onder het dak versterkt worden. De vaststelling dat de overlast in de toekomst verminderd zal door een berekening gestaafd moeten worden. c. Het gebruik van het parkeerterrein Glanerbrook als gratis overloopterrein voor het centrum van Geleen is in het mobiliteitsonderzoek niet meegenomen. Deze (enkele tot enkele tientallen) parkeerders zijn in de telling niet meegenomen. d. In de CROW systematiek wordt uitgegaan van genormeerde gestandaardiseerde aantallen voertuigen per bezoeker/activiteit, gebaseerd op lokaal of regionaal gebruik.
De gemeente streeft er echter naar om met Glanerbrook meer bovenregionale en internationale bezoekers aan te trekken. Deze zullen, gezien de afstand en het ontbreken van goed grensoverschrijdend openbaar vervoer veel vaker met de auto komen dan in de gestandaardiseerde CROW normering is aangegeven. Mocht u het daar niet mee eens zijn, dan zie ik graag een onderbouwing van de berekeningen met een uitgewerkte schatting van lokale, regionale en bovenregionale bezoekers ten opzichte van het aantal geplande parkeerplaatsen om parkeeroverlast voor de omliggende straten en wijk te voorkomen. Gemeentelijk standpunt a. De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit (ARK) is door middel van een uitgebreide presentatie de visie op de ruimtelijke, bouwkundige en landschappelijke opzet van de nieuwe complexinrichting van Glanerbrook geïnformeerd. Daarbij is ingezoomd op de grote lijnen van de parkinrichting, routing en de relaties tussen de diverse gebouwen en de ondersteunende functies zoals entree, horeca en verkeerroutes. Ook is een doorkijk getoond van de gevelopzet, constructieopzet en materialen en inrichting. De commissie heeft haar waardering uitgesproken voor de planopzet en de open en vriendelijke uitstraling van het complex.
Daarnaast worden de inventieve oplossingen in het bouwkundige en het landschappelijke ontwerp om het complex tot een multifunctioneel sportcentrum te maken met open verbindingen tussen de diverse sportdisciplines met tevens voldoende mogelijkheden om iedere discipline apart te laten functioneren en gebruiken gewaardeerd. De ARK heeft ten aanzien van de hoogte van de overkapping geen opmerkingen gemaakt. Het standpunt van indiener dat de bouwhoogte ruimtelijk niet aanvaardbaar zou zijn, wordt door de ARK niet onderschreven. b. Bij de beantwoording van de inspraakreactie is opgemerkt dat een positieve invloed van de overkapping op de geluiduitstraling wordt verwacht. Het sportcomplex Glanerbrook dient voor onder andere de geluidsaspecten te voldoen aan het activiteitenbesluit. Daarin zijn geluidnormen opgenomen, deze gelden ook voor het gebruik van de geluidsinstallatie. Dit gebruik wordt middels een vergunning gereguleerd. Uit een akoestisch onderzoek zal moeten blijken dat aan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit wordt voldaan. Het ontwerp van nieuwe gebouwen, de overkapping van de buitenbaan en de nieuw te plaatsen
2
gebouwinstallaties moet rekening houden met de emissie naar de omgeving, zodanig dat aan wet- en regelgeving wordt voldaan. Dit zal in het ontwerp van de installaties en gebouwen worden geborgd. c. Het is correct dat deze parkeerders niet zijn meegenomen in de tellingen. Zoals omschreven in de door RHDHV opgestelde rapportage (zie cursief) is het gebruik (als overloopterrein) slechts marginaal en wordt het (als het parkeerterrein niet is afgesloten) slechts door enkele parkeerders gebruikt. In de reguliere situatie (“gewone dagen zonder een topwedstrijd met veel publiek) zijn er (nu maar dus ook in de toekomst) nog steeds ruim voldoende parkeerplaatsen, ook indien er enkele parkeerders voor het centrum Geleen zouden staan. In de situatie met evenementen (zie de paragrafen parkeren en verkeer bij evenementen) dient er wel degelijk rekening gehouden te worden met de combinatie van parkeren. Het is derhalve bijvoorbeeld niet wenselijk het parkeerterrein voor bijv. kermis (stalling stacaravans kermishouders) én een top-ijshockeywedstrijd gelijktijdig te laten plaatsvinden (zoals in het rapport is beschreven). Naast dit parkeerterrein is een groot overloop parkeerterrein met een iets minder duidelijk gebruik. Er staat op borden aangegeven dat het parkeerterrein alleen “open is bij evenementen” en “op zaterdag van 9 tot 18 uur”(en dat het sluit op zaterdag om 18.30 uur).
In de praktijk lijkt het echter altijd open te zijn, maar omdat er hier normaliter geen parkeertekort is, word het niet of nauwelijks gebruikt. Dit overloopterrein biedt ruimte voor circa 309 personenauto´s. Vanuit dit terrein is een toegang naar de Parklaan, welke is afgesloten voor gemotoriseerd verkeer, maar waar wel een toegang is voor voetgangers. De looproute naar het centrum (via de toegang Parklaan) is ook met een verkeersbord weergegeven. Navraag leert dat het hek aan de Parklaan (voor gemotoriseerd verkeer) altijd gesloten is, ook tijdens evenementen. Dit houdt in dat ook tijdens drukke (sport)evenementen alle auto´s via de Kummenaedestraat in- en uitrijden. Voor de overlast in de wijk (Parklaan, Op de Vey, Beekhoverstraat) is dit ook in de toekomst zeker aan te raden. d. In het onderzoek is uitgegaan van bovenregionale- / internationale aantrekkingskracht van Glanerbrook en de te organiseren activiteiten. Zie onderstaande passage (cursief) uit het RHDHV rapport. Indien we ervan uitgaan dat Eaters Geleen op een hoog niveau blijft ijshockeyen en het stadion ook na capaciteitsuitbreiding regelmatig “vol” zit, dan betreft dat de drukste periode van de week. Daarbij zijn we uitgegaan van de volgende uitgangspunten.
We hanteren niet de “minimale” maar de “gemiddelde” parkeernorm voor een stadion (omdat IJshockey niet alleen een lokale functie heeft, maar een meer regionale functie (en er naar verwachting dan ook een substantieel aandeel van de bezoekers van buiten Geleen zal komen) die verhoudingsgewijs vaker de auto zullen gebruiken voor het voor- en natransport. In de directe omgeving van Geleen zijn geen andere IJshockeyclubs aanwezig. Deze (gemiddelde) norm gaat uit van 0,12 parkeerplaats per reguliere (zit)plaats. Voor een (top) ijshockeywedstrijd is derhalve (gezien het bovenregionale karakter) een hogere parkeernorm gehanteerd (dan in de reguliere situatie) welke passend geacht wordt bij het daadwerkelijke parkeergebruik. Er is geen inzage in de afkomst (zoals woonplaats) van de huidige of de toekomstige bezoekers van bijv. een ijshockeywedstrijd. Conclusie De ingediende zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
3
Zienswijze 2 a. Volgens indiener zorgt de voorgenomen herinrichting van het park, waarbij een fiets/wandelpad is ontworpen achter pal achter de tuinen van omwonenden aan de Beekhoverstraat, Op de Vey en de Parklaan, voor een toename van overlast. Momenteel wordt er al veelvuldig door jeugd op diverse, uit het zicht gelegen, plekken o.a. gedeald. Gevreesd wordt dat dit alleen nog maar toe zal nemen met de aanleg van het voorgenomen pad. De veiligheid komt hiermee in het geding en wordt er gevreesd voor overlast in de avond en nacht. b. Indiener heeft bedenkingen bij het enorme bedrag dat met de vernieuwbouw van Glanerbrook gemoeid is en waarvan geen evenredige meerwaarde voor de fysieke leefomgeving van de gemeente verwacht wordt. Gemeentelijk standpunt a. In het bestemmingsplan is voor dit gebied de bestemming ‘Groen’ opgenomen. Binnen deze bestemming zijn onder meer groenvoorzieningen en voet- en fietspaden mogelijk. In de fase van het definitief ontwerp van het landschapspark, wordt deze hoek nog verder uitgewerkt. Het uitgangspunt is dat er vanaf de straat en de parkeerplaats zicht is op dit pad, zodat mensen met een veilig gevoel over dit pad kunnen lopen en het geen plek wordt voor hangjongeren. b. Deze zienswijze heeft geen ruimtelijke relevantie. Het is aan de gemeenteraad om de afweging te maken om budget voor de vernieuwbouw beschikbaar te stellen.
Conclusie De ingediende zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Ambtshalve wijziging Op basis van het bouwkundig ontwerp van de overkapping, wordt de toegestane bouwhoogte verlaagd naar 15 meter (+peil). De overkapping is dan op het hoogste punt 73 meter.
4